|
23.8.2018 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 215/42 |
BESLUIT VAN HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER
Nr. 245/2016
van 2 december 2016
tot wijziging van bijlage XIII (Vervoer) bij de EER-overeenkomst [2018/1181]
HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER,
Gezien de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte (hierna „de EER-overeenkomst” genoemd), en met name artikel 98,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Uitvoeringsverordening (EU) 2016/472 van de Commissie van 31 maart 2016 tot wijziging van Verordening (EU) nr. 72/2010 met betrekking tot de definitie van het begrip „inspecteur van de Commissie” (1) moet in de EER-overeenkomst worden opgenomen. |
|
(2) |
Bijlage XIII bij de EER-overeenkomst moet derhalve dienovereenkomstig worden gewijzigd, |
HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:
Artikel 1
In bijlage XIII bij de EER-overeenkomst wordt punt 66hc (Verordening (EU) nr. 72/2010 van de Commissie) als volgt gewijzigd:
|
1) |
Het volgende wordt toegevoegd: „, gewijzigd bij:
|
|
2) |
De tekst van aanpassing b) wordt vervangen door: „In artikel 6, lid 2, wordt het volgende toegevoegd: Bij haar inspecties kan de Toezichthoudende Autoriteit van de EVA een beroep doen op door de EU-lidstaten opgegeven nationale auditors, alsmede op inspecteurs die in dienst zijn bij de Commissie.”. |
Artikel 2
De in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie bekend te maken teksten in de IJslandse en de Noorse taal van Uitvoeringsverordening (EU) 2016/472 zijn authentiek.
Artikel 3
Dit besluit treedt in werking op 3 december 2016, op voorwaarde dat alle in artikel 103, lid 1, van de EER-overeenkomst bedoelde kennisgevingen hebben plaatsgevonden (*1).
Artikel 4
Dit besluit wordt bekendgemaakt in het EER-gedeelte van en in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie.
Gedaan te Brussel, 2 december 2016.
Voor het Gemengd Comité van de EER
De voorzitter
Bergdís ELLERTSDÓTTIR
(1) PB L 85 van 1.4.2016, blz. 28.
(*1) Geen grondwettelijke vereisten aangegeven.