|
23.8.2018 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 215/10 |
BESLUIT VAN HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER
Nr. 222/2016
van 2 december 2016
tot wijziging van bijlage I (Veterinaire en fytosanitaire aangelegenheden) bij de EER-overeenkomst [2018/1160]
HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER,
Gezien de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte (hierna „de EER-overeenkomst” genoemd), en met name artikel 98,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Uitvoeringsverordening (EU) 2016/972 van de Commissie van 17 juni 2016 tot verlening van een vergunning voor L-arginine geproduceerd door Corynebacterium glutamicum KCTC 10423BP als toevoegingsmiddel voor diervoeding voor alle diersoorten (1) moet in de EER-overeenkomst worden opgenomen. |
|
(2) |
Uitvoeringsverordening (EU) 2016/973 van de Commissie van 17 juni 2016 tot verlening van een vergunning voor zinkbislysinaat als toevoegingsmiddel voor diervoeding voor alle diersoorten (2) moet in de EER-overeenkomst worden opgenomen. |
|
(3) |
Uitvoeringsverordening (EU) 2016/997 van de Commissie van 21 juni 2016 tot verlening van een vergunning voor endo-1,4-bèta-xylanase EC 3.2.1.8 geproduceerd door Trichoderma reesei (ATCC PTA 5588) en endo-1,3(4)-bèta-glucanase EC 3.2.1.6 geproduceerd door Trichoderma reesei (ATCC SD 2106) als toevoegingsmiddel voor diervoeding voor zogende zeugen en kleine varkenssoorten (vergunninghouder Danisco (UK) Ltd) (3) moet in de EER-overeenkomst worden opgenomen. |
|
(4) |
Uitvoeringsverordening (EU) 2016/1007 van de Commissie van 22 juni 2016 tot verlening van een vergunning voor ammoniumchloride als toevoegingsmiddel voor diervoeding voor honden, katten en andere herkauwers dan mestlammeren (vergunninghouder Latochema Co Ltd) (4) moet in de EER-overeenkomst worden opgenomen. |
|
(5) |
Dit besluit heeft betrekking op wetgeving inzake diervoeding. Wetgeving inzake diervoeding is niet van toepassing op Liechtenstein zolang de Overeenkomst tussen de Europese Gemeenschap en de Zwitserse Bondsstaat inzake de handel in landbouwproducten van toepassing blijft in Liechtenstein, zoals bepaald in de sectorale aanpassingen bij bijlage I bij de EER-overeenkomst. Dit besluit is derhalve niet van toepassing op Liechtenstein. |
|
(6) |
Bijlage I bij de EER-overeenkomst moet derhalve dienovereenkomstig worden gewijzigd, |
HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:
Artikel 1
In hoofdstuk II van bijlage I bij de EER-overeenkomst worden na punt 168 (Uitvoeringsverordening (EU) 2016/900 van de Commissie) de volgende punten ingevoegd:
|
„169. |
32016 R 0972: Uitvoeringsverordening (EU) 2016/972 van de Commissie van 17 juni 2016 tot verlening van een vergunning voor L-arginine geproduceerd door Corynebacterium glutamicum KCTC 10423BP als toevoegingsmiddel voor diervoeding voor alle diersoorten (PB L 161 van 18.6.2016, blz. 18). |
|
170. |
32016 R 0973: Uitvoeringsverordening (EU) 2016/973 van de Commissie van 17 juni 2016 tot verlening van een vergunning voor zinkbislysinaat als toevoegingsmiddel voor diervoeding voor alle diersoorten (PB L 161 van 18.6.2016, blz. 21). |
|
171. |
32016 R 0997: Uitvoeringsverordening (EU) 2016/997 van de Commissie van 21 juni 2016 tot verlening van een vergunning voor endo-1,4-bèta-xylanase EC 3.2.1.8 geproduceerd door Trichoderma reesei (ATCC PTA 5588) en endo-1,3(4)-bèta-glucanase EC 3.2.1.6 geproduceerd door Trichoderma reesei (ATCC SD 2106) als toevoegingsmiddel voor diervoeding voor zogende zeugen en kleine varkenssoorten (vergunninghouder Danisco (UK) Ltd) (PB L 164 van 22.6.2016, blz. 4). |
|
172. |
32016 R 1007: Uitvoeringsverordening (EU) 2016/1007 van de Commissie van 22 juni 2016 tot verlening van een vergunning voor ammoniumchloride als toevoegingsmiddel voor diervoeding voor honden, katten en andere herkauwers dan mestlammeren (vergunninghouder Latochema Co Ltd) (PB L 165 van 23.6.2016, blz. 10).”. |
Artikel 2
De in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie bekend te maken teksten in de IJslandse en de Noorse taal van de Uitvoeringsverordeningen (EU) 2016/972, (EU) 2016/973, (EU) 2016/997 en (EU) 2016/1007 zijn authentiek.
Artikel 3
Dit besluit treedt in werking op 3 december 2016, op voorwaarde dat alle in artikel 103, lid 1, van de EER-overeenkomst bedoelde kennisgevingen hebben plaatsgevonden (*1).
Artikel 4
Dit besluit wordt bekendgemaakt in het EER-gedeelte van en in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie.
Gedaan te Brussel, 2 december 2016.
Voor het Gemengd Comité van de EER
De voorzitter
Bergdís ELLERTSDÓTTIR
(1) PB L 161 van 18.6.2016, blz. 18.
(2) PB L 161 van 18.6.2016, blz. 21.
(3) PB L 164 van 22.6.2016, blz. 4.
(4) PB L 165 van 23.6.2016, blz. 10.
(*1) Geen grondwettelijke vereisten aangegeven.