|
22.1.2015 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 15/78 |
BESLUIT VAN HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER
Nr. 153/2014
van 9 juli 2014
tot wijziging van bijlage X (Algemene diensten) bij de EER-overeenkomst [2015/88]
HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER,
Gezien de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte (de „EER-overeenkomst”), en met name artikel 98,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Richtlijn 2011/24/EU van het Europees Parlement en de Raad van 9 maart 2011 betreffende de toepassing van de rechten van patiënten bij grensoverschrijdende gezondheidszorg (1), moet in de EER-overeenkomst worden opgenomen. |
|
(2) |
Uitvoeringsrichtlijn 2012/52/EU van de Commissie van 20 december 2012 tot vaststelling van maatregelen om de erkenning van in een andere lidstaat verstrekte medische recepten te vergemakkelijken (2), moet in de EER-overeenkomst worden opgenomen. |
|
(3) |
Bijlage X bij de EER-overeenkomst dient derhalve dienovereenkomstig te worden gewijzigd, |
HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:
Artikel 1
In bijlage X bij de EER-overeenkomst wordt na punt 1c (Besluit 2011/130/EU van de Commissie) het volgende toegevoegd:
|
„2. |
32011 L 0024: Richtlijn 2011/24/EU van het Europees Parlement en de Raad van 9 maart 2011 betreffende de toepassing van de rechten van patiënten bij grensoverschrijdende gezondheidszorg (PB L 88 van 4.4.2011, blz. 45). De bepalingen van de richtlijn worden voor de toepassing van deze overeenkomst als volgt gelezen: Onverminderd toekomstige maatregelen van het Gemengd Comité van de EER worden de navolgende besluiten niet in de EER-overeenkomst opgenomen:
Alle verwijzingen naar deze besluiten zijn derhalve niet van toepassing voor de EVA-staten. |
|
2a. |
32012 L 0052: Uitvoeringsrichtlijn 2012/52/EU van de Commissie van 20 december 2012 tot vaststelling van maatregelen om de erkenning van in een andere lidstaat verstrekte medische recepten te vergemakkelijken (PB L 356 van 22.12.2012, blz. 68).” |
Artikel 2
De in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie bekend te maken teksten in de IJslandse en de Noorse taal van Richtlijn 2011/24/EU en Uitvoeringsrichtlijn 2012/52/EU zijn authentiek.
Artikel 3
Dit besluit treedt in werking op 10 juli 2014, op voorwaarde dat alle in artikel 103, lid 1, van de EER-overeenkomst bedoelde kennisgevingen hebben plaatsgevonden (*1).
Artikel 4
Dit besluit wordt bekendgemaakt in het EER-gedeelte van en in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie.
Gedaan te Brussel, 9 juli 2014.
Voor het Gemengd Comité van de EER
De voorzitter
Kurt JÄGER
(1) PB L 88 van 4.4.2011, blz. 45.
(2) PB L 356 van 22.12.2012, blz. 68.
(*1) Grondwettelijke vereisten aangegeven.