8.11.2012   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 309/23


BESLUIT VAN HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER

Nr. 140/2012

van 13 juli 2012

tot wijziging van Protocol nr. 31 bij de EER-overeenkomst betreffende samenwerking op specifieke gebieden buiten de vier vrijheden

HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER,

Gezien de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte, gewijzigd bij het Protocol tot aanpassing van de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte, hierna „de Overeenkomst” genoemd, en met name de artikelen 86 en 98,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Protocol nr. 31 bij de Overeenkomst werd gewijzigd bij Besluit nr. 122/2012 van het Gemengd Comité van de EER van 15 juni 2012 (1).

(2)

Het is wenselijk de samenwerking tussen de partijen bij de Overeenkomst uit te breiden tot Verordening (EG) nr. 401/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 23 april 2009 inzake het Europees Milieuagentschap en het Europees milieuobservatie- en -informatienetwerk (2).

(3)

Het is wenselijk om de samenwerking tussen de partijen bij de Overeenkomst uit te breiden naar de sport.

(4)

De in de Overeenkomst opgenomen Verordening (EEG) nr. 1210/90 van de Raad (3) wordt bij Verordening (EG) nr. 401/2009 ingetrokken en moet daarom uit de Overeenkomst worden geschrapt.

(5)

Protocol nr. 31 bij de Overeenkomst moet dus worden gewijzigd om de uitbreiding van de samenwerking mogelijk te maken,

BESLUIT:

Artikel 1

Protocol nr. 31 bij de Overeenkomst wordt als volgt gewijzigd:

1)

Lid 2 van artikel 3 van Protocol nr. 31 bij de Overeenkomst wordt vervangen door:

„a)

De EVA-staten nemen volledig deel aan de werkzaamheden van het Europees Milieuagentschap, hierna het „Agentschap” genoemd, en van het Europees milieuobservatie- en -informatienetwerk, die bij Verordening (EG) nr. 401/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 23 april 2009 inzake het Europees Milieuagentschap en het Europees milieuobservatie- en -informatienetwerk (*1) zijn opgericht.

b)

De EVA-staten dragen financieel aan de onder a) bedoelde werkzaamheden bij, overeenkomstig artikel 82, lid 1, van de Overeenkomst en Protocol nr. 32 bij dezelfde Overeenkomst.

c)

De EVA-staten nemen als gevolg van b) volledig deel, zonder stemrecht, aan de werkzaamheden van de raad van bestuur van het Agentschap en worden geassocieerd met de werkzaamheden van het wetenschappelijk comité van het Agentschap.

d)

De term „lidsta(a)t(en)” en andere termen die verwijzen naar hun overheidsorganen in de artikelen 4 en 5 van de verordening omvatten, naast hun betekenis in de verordening, ook de EVA-staten en hun overheidsorganen.

e)

De milieugegevens die het Agentschap ontvangt of meedeelt, kunnen openbaar worden gemaakt en zijn toegankelijk voor het publiek, op voorwaarde dat vertrouwelijke informatie binnen de EVA-staten dezelfde graad van bescherming krijgt als binnen de Gemeenschap.

f)

Het Agentschap bezit rechtspersoonlijkheid. Het geniet in alle lidstaten de ruimste handelingsbevoegdheid die door de nationale wetgevingen aan rechtspersonen wordt toegekend.

g)

De EVA-staten passen op het Agentschap het Protocol betreffende de voorrechten en immuniteiten van de Europese Gemeenschappen toe.

h)

In afwijking van artikel 12, lid 2, onder a), van de Regeling welke van toepassing is op de andere personeelsleden van de Europese Gemeenschappen, kunnen onderdanen van de EVA-staten die over hun volledige burgerrechten beschikken, op basis van een contract door de directeur van het Agentschap in dienst worden genomen.

i)

Op grond van artikel 79, lid 3, van de Overeenkomst is deel VII van de Overeenkomst (Bepalingen inzake de instellingen) van toepassing op dit lid.

j)

Verordening (EG) nr. 1049/2001 van het Europees Parlement en de Raad van 30 mei 2001 inzake de toegang van het publiek tot documenten van het Europees Parlement, de Raad en de Commissie is, voor de toepassing van Verordening (EG) nr. 401/2009, eveneens van toepassing voor alle documenten van het Agentschap betreffende de EVA-staten.

(*1)   PB L 126 van 21.5.2009, blz. 13.”."

2)

De titel van artikel 4 (Onderwijs, opleiding en jeugdzaken) wordt vervangen door:

„Onderwijs, opleiding, jeugdzaken en sport”.

Artikel 2

Dit besluit treedt in werking op de dag na die van de laatste kennisgeving ervan aan het Gemengd Comité van de EER zoals bedoeld in artikel 103, lid 1, van de Overeenkomst (*2).

Artikel 3

Dit besluit wordt bekendgemaakt in het EER-gedeelte van en in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie.

Gedaan te Brussel, 13 juli 2012.

Voor het Gemengd Comité van de EER

De voorzitter

Atle LEIKVOLL


(1)   PB L 270 van 4.10.2012, blz. 46.

(2)   PB L 126 van 21.5.2009, blz. 13.

(3)   PB L 120 van 11.5.1990, blz. 1.

(*2)  Geen grondwettelijke vereisten aangegeven.