26.8.2004   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 277/26


BESLUIT VAN HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER

Nr. 55/2004

van 23 april 2004

tot wijziging van bijlage XXI (Statistiek) bij de EER-overeenkomst

HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER,

Gelet op de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte, aangepast bij het Protocol tot aanpassing van de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte, hierna „de Overeenkomst” genoemd, en met name op artikel 98,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Bijlage XXI bij de Overeenkomst werd gewijzigd bij Besluit nr. 33/2004 van het Gemengd Comité van de EER van 19 maart 2004 (1).

(2)

Verordening (EG) nr. 2150/2002 van het Europees Parlement en de Raad van 25 november 2002 betreffende afvalstoffenstatistieken (2) dient in de Overeenkomst te worden opgenomen,

BESLUIT:

Artikel 1

In bijlage XXI bij de Overeenkomst wordt na punt 26 (Richtlijn 90/377/EEG van de Raad) het volgende ingevoegd:

„MILIEUSTATISTIEKEN

27.

32002 R 2150: Verordening (EG) nr. 2150/2002 van het Europees Parlement en de Raad van 25 november 2002 betreffende afvalstoffenstatistieken (PB L 332 van 9.12.2002, blz. 1).

De bepalingen van de verordening worden voor de toepassing van deze Overeenkomst als volgt aangepast:

a)

Liechtenstein wordt vrijgesteld van het verstrekken van de op grond van bijlage II vereiste gegevens.

b)

Liechtenstein verstrekt voor het eerst gegevens in 2008 voor het referentiejaar 2006.”.

Artikel 2

De in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie bekend te maken teksten in de IJslandse en de Noorse taal van Verordening (EG) nr. 2150/2002 zijn authentiek.

Artikel 3

Dit besluit treedt in werking op 24 april 2004, op voorwaarde dat alle in artikel 103, lid 1, van de Overeenkomst bedoelde kennisgevingen aan het Gemengd Comité van de EER (3) hebben plaatsgevonden.

Artikel 4

Dit besluit wordt bekendgemaakt in het EER-gedeelte van en het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie.

Gedaan te Brussel, 23 april 2004.

Voor het Gemengd Comité van de EER

De voorzitter

P. WESTERLUND


(1)  PB L 127 van 29.4.2004, blz. 144.

(2)  PB L 332 van 9.12.2002, blz. 1.

(3)  Geen grondwettelijke vereisten aangegeven.