22001D0351

2001/351/EG: Besluit nr. 2/2001 van het ACS-EG-Comité voor douanesamenwerking van 20 april 2001 houdende afwijking van de definitie van het begrip "producten van oorsprong" in verband met de bijzondere situatie van Fiji wat de productie van bepaalde kledingartikelen en hoofddeksels betreft

Publicatieblad Nr. L 123 van 04/05/2001 blz. 0031 - 0034


Besluit nr. 2/2001 van het ACS-EG-Comité voor douanesamenwerking

van 20 april 2001

houdende afwijking van de definitie van het begrip "producten van oorsprong" in verband met de bijzondere situatie van Fiji wat de productie van bepaalde kledingartikelen en hoofddeksels betreft

(2001/351/EG)

HET ACS-EG-COMITÉ VOOR DOUANESAMENWERKING,

Gelet op de ACS-EG-partnerschapsovereenkomst, ondertekend in Cotonou op 23 juni 2000, inzonderheid op artikel 38 van Protocol nr. 1 bij bijlage V,

Overwegende hetgeen volgt:

(1) Besluit nr. 1/2000 van de ACS-EG-Raad van ministers van 27 juli 2000 betreffende overgangsmaatregelen die geldig zijn van 2 augustus 2000 tot de inwerkingtreding van de ACS-EG-partnerschapsovereenkomst(1) bepaalt in artikel 1 dat de handelsbepalingen van de ACS-EG-partnerschapsovereenkomst, met inbegrip van Protocol nr. 1 bij bijlage V betreffende de definitie van het begrip "producten van oorsprong" en methoden van administratieve samenwerking, van toepassing zijn met ingang van 2 augustus 2000.

(2) Overeenkomstig artikel 38, lid 1, van dit protocol kunnen afwijkingen van de regels van oorsprong worden toegestaan, wanneer zulks op grond van de ontwikkeling van bestaande industrieën of de vestiging van nieuwe industrieën gerechtvaardigd is.

(3) De ACS-staten in Afrika, het Caribisch gebied en de Stille Oceaan hebben op 31 oktober 2000 namens de regering van Fiji een verzoek ingediend om gedurende een periode van vijf jaar van de in het protocol vastgelegde oorsprongsregel te mogen afwijken voor bepaalde in dit land geproduceerde kledingartikelen en hoofddeksels.

(4) De afwijking wordt aangevraagd op grond van de relevante bepalingen van Protocol nr. 1 bij bijlage V, inzonderheid artikel 38, lid 5, dat betrekking heeft op insulaire ACS-staten en de economische en sociale gevolgen van het toestaan van deze afwijking voor Fiji.

(5) Er is sprake van een globale overcapaciteit voor de betrokken producten en de textielindustrie van de Gemeenschap ondervindt reeds sterke concurrentiedruk; in het bijzonder spelen de personeelskosten een fundamentele rol bij de totstandkoming van de prijzen.

(6) De meeste van de onder dit besluit vallende producten worden in het kader van het textielbeleid van de Gemeenschap als bijzonder gevoelig beschouwd en raken bij invoer in de Gemeenschap onder kwantitatieve beperkingen of een dubbel controlesysteem.

(7) De voor een bepaalde hoeveelheid geldende afwijking zal, gezien de omvang van de geplande invoer, geen ernstige schade toebrengen aan een in de Gemeenschap gevestigde bedrijfstak, mits bepaalde voorwaarden met betrekking tot de hoeveelheden, het toezicht en de looptijd worden gerespecteerd.

(8) Derhalve kan ingevolge artikel 38, lid 1, aan Fiji in de periode van 1 april 2001 tot en met 31 maart 2006 een afwijking worden verleend voor een vastgestelde hoeveelheid kledingartikelen en hoofddeksels,

BESLUIT:

Artikel 1

In afwijking van de bijzondere bepalingen van de lijst in bijlage II bij Protocol nr. 1 bij bijlage V bij de ACS-EG-partnerschapsovereenkomst worden bepaalde in de bijlage bij dit besluit opgenomen kledingartikelen en hoofddeksels, die in Fiji vervaardigd worden op basis van in dat land ingevoerde niet van oorsprong zijnde materialen, als van oorsprong uit Fiji beschouwd onder de in dit besluit vermelde voorwaarden.

Artikel 2

De in artikel 1 bedoelde afwijking geldt voor de in de bijlage bij dit besluit vermelde producten en hoeveelheden die in de periode van 1 april 2001 tot en met 31 maart 2006 uit Fiji in de Gemeenschap worden ingevoerd.

Artikel 3

De in de bijlage bedoelde hoeveelheden worden beheerd door de Commissie, die alle administratieve maatregelen kan nemen die voor een doeltreffend beheer noodzakelijk zijn.

Indien een importeur in een lidstaat een aangifte voor het vrije verkeer indient met het verzoek voor dit besluit in aanmerking te komen, en deze aangifte door de douaneautoriteiten wordt aanvaard, dan neemt de betrokken lidstaat, door middel van een kennisgeving aan de Commissie, een met zijn behoeften overeenstemmende hoeveelheid op.

De verzoeken tot opneming uit het contingent, met opgave van de datum waarop de aangiften zijn aanvaard, worden de Commissie zo spoedig mogelijk toegezonden.

Opnemingen worden door de Commissie toegestaan in volgorde van de data waarop de aangiften voor het vrije verkeer door de douaneautoriteiten van de betrokken lidstaat werden aanvaard, voorzover er nog hoeveelheden beschikbaar zijn.

Indien een lidstaat een opgenomen hoeveelheid niet gebruikt, wordt deze zo spoedig mogelijk in het contingent teruggestort.

Indien grotere hoeveelheden worden aangevraagd dan beschikbaar zijn, geschiedt de toewijzing in verhouding tot de aangevraagde hoeveelheden. De lidstaten worden door de Commissie van de opgenomen hoeveelheden in kennis gesteld.

De lidstaten zien erop toe dat de betrokken importeurs steeds op gelijke voet toegang hebben tot de contingenten zolang deze niet zijn uitgeput.

Artikel 4

De douaneautoriteiten van Fiji nemen de nodige maatregelen voor kwantitatieve controles op de uitvoer van de in artikel 1 bedoelde producten. Daartoe dient in alle op grond van dit besluit afgegeven certificaten naar dit besluit te worden verwezen. De bevoegde autoriteiten van Fiji doen de Commisise ieder kwartaal een overzicht toekomen van de hoeveelheden waarvoor op grond van dit besluit certificaten inzake goederenverkeer EUR.1 zijn afgegeven, inclusief de serienummers van de betrokken certificaten.

Artikel 5

In vak 7 van de certificaten inzake goederenverkeer EUR.1 die ingevolge dit besluit worden afgegeven, wordt de volgende aantekening aangebracht: "Afwijking - Besluit nr. 2/2001".

Artikel 6

De ACS-staten in Afrika, het Caribisch gebied en de Stille Oceaan en de Europese Gemeenschap nemen elk voor zich de nodige maatregelen ter uitvoering van dit besluit.

Artikel 7

Dit besluit treedt in werking op de dag waarop het wordt aangenomen.

Dit besluit is van toepassing met ingang van 1 april 2001.

Gedaan te Brussel, 20 april 2001.

Voor het ACS-EG-Comité voor douanesamenwerking

De voorzitters

Michel Vanden Abeele

Peter O. Ole Nkuraiyia

(1) PB L 195 van 1.8.2000, blz. 46.

BIJLAGE

Fiji

>RUIMTE VOOR DE TABEL>