Geconsolideerde versie van het Verdrag betreffende de Europese Unie - TITEL V: ALGEMENE BEPALINGEN INZAKE HET EXTERN OPTREDEN VAN DE UNIE EN SPECIFIEKE BEPALINGEN BETREFFENDE HET GEMEENSCHAPPELIJK BUITENLANDS EN VEILIGHEIDSBELEID - Hoofdstuk 2: Specifieke bepalingen betreffende het gemeenschappelijk uitenlands en veiligheidsbeleid - Afdeling 1: Gemeenschappelijke bepalingen - Artikel 30 (oud artikel 22 VEU)
Publicatieblad Nr. 115 van 09/05/2008 blz. 0033 - 0033
Artikel 30 (oud artikel 22 VEU) 1. Iedere lidstaat, de hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid, of de hoge vertegenwoordiger met de steun van de Commissie, kan ieder vraagstuk in verband met het gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid aan de Raad voorleggen en bij de Raad voorstellen indienen respectievelijk initiatieven voorleggen. 2. In gevallen waarin snelle besluitvorming is vereist, roept de hoge vertegenwoordiger, hetzij eigener beweging, hetzij op verzoek van een lidstaat binnen achtenveertig uur of, in geval van absolute noodzaak, op kortere termijn een buitengewone zitting van de Raad bijeen. --------------------------------------------------