EUR-Lex Access to European Union law

Back to EUR-Lex homepage

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Document 32011R0969

Verordening (EU) nr. 969/2011 van de Commissie van 29 september 2011 tot opening van een nieuw onderzoek ten aanzien van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 400/2010 van de Raad (tot uitbreiding van het bij Verordening (EG) nr. 1858/2005 ingestelde definitieve antidumpingrecht op stalen kabels van oorsprong uit onder meer de Volksrepubliek China tot stalen kabels verzonden vanuit de Republiek Korea, al dan niet aangegeven als van oorsprong uit de Republiek Korea) met het oog op de vaststelling of een Koreaanse exporteur van die maatregelen kan worden vrijgesteld, of het antidumpingrecht ten aanzien van de invoer afkomstig van die exporteur kan worden ingetrokken en of die invoer moet worden geregistreerd

OJ L 254, 30.9.2011, p. 7–9 (BG, ES, CS, DA, DE, ET, EL, EN, FR, IT, LV, LT, HU, MT, NL, PL, PT, RO, SK, SL, FI, SV)
Special edition in Croatian: Chapter 11 Volume 118 P. 47 - 49

In force

ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2011/969/oj

30.9.2011   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 254/7


VERORDENING (EU) Nr. 969/2011 VAN DE COMMISSIE

van 29 september 2011

tot opening van een nieuw onderzoek ten aanzien van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 400/2010 van de Raad (tot uitbreiding van het bij Verordening (EG) nr. 1858/2005 ingestelde definitieve antidumpingrecht op stalen kabels van oorsprong uit onder meer de Volksrepubliek China tot stalen kabels verzonden vanuit de Republiek Korea, al dan niet aangegeven als van oorsprong uit de Republiek Korea) met het oog op de vaststelling of een Koreaanse exporteur van die maatregelen kan worden vrijgesteld, of het antidumpingrecht ten aanzien van de invoer afkomstig van die exporteur kan worden ingetrokken en of die invoer moet worden geregistreerd

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Verordening (EG) nr. 1225/2009 van de Raad van 30 november 2009 betreffende beschermende maatregelen tegen invoer met dumping uit landen die geen lid zijn van de Europese Gemeenschap (1) ("de antidumpingbasisverordening"), en met name artikel 11, lid 4, artikel 13, lid 4, en artikel 14, lid 5,

Na raadpleging van het Raadgevend Comité,

Overwegende hetgeen volgt:

A.   BESTAANDE MAATREGELEN

(1)

De Raad heeft bij Verordening (EG) nr. 1858/2005 (2) antidumpingmaatregelen ingesteld op stalen kabels van oorsprong uit onder meer de Volksrepubliek China ("de oorspronkelijke maatregelen"). Bij Verordening (EG) nr. 400/2010 (3) heeft de Raad deze maatregelen uitgebreid tot stalen kabels verzonden vanuit de Republiek Korea ("de uitgebreide maatregelen"), met uitzondering van de invoer verzonden door bepaalde, specifiek genoemde ondernemingen.

(2)

In november 2010 heeft de Commissie een bericht van opening (4) van een nieuw onderzoek bij het vervallen van de antidumpingmaatregelen die van toepassing zijn op de invoer van stalen kabels van oorsprong uit onder meer de Volksrepubliek China gepubliceerd. Zolang dit nieuwe onderzoek niet is afgesloten, blijven de maatregelen van kracht.

B.   VERZOEK OM EEN NIEUW ONDERZOEK

(3)

De Commissie heeft op grond van artikel 11, lid 4, en artikel 13, lid 4, van de antidumpingbasisverordening een verzoek ontvangen om vrijstelling van de antidumpingmaatregelen die waren uitgebreid tot stalen kabels verzonden vanuit de Republiek Korea. Het verzoek is ingediend door SEIL Wire and Cable ("de indiener van het verzoek"), een producent in de Republiek Korea ("het betrokken land").

C.   PRODUCT

(4)

Het verzoek heeft betrekking op stalen kabels, gesloten kabels daaronder begrepen, met uitzondering van roestvrijstalen kabels, met een grootste afmeting van de dwarsdoorsnede van meer dan 3 mm, verzonden vanuit de Republiek Korea ("het betrokken product"), momenteel ingedeeld onder de GN-codes ex 7312 10 81, ex 7312 10 83, ex 7312 10 85, ex 7312 10 89 en ex 7312 10 98.

D.   MOTIVERING VAN HET NIEUWE ONDERZOEK

(5)

De indiener van het verzoek heeft aangevoerd dat hij het betrokken product in het onderzoektijdvak van het onderzoek dat tot de uitbreiding van de maatregelen heeft geleid, namelijk de periode van 1 juli 2008 tot en met 30 juni 2009, niet naar de Europese Unie heeft uitgevoerd.

(6)

Bovendien is hij naar eigen zeggen niet verbonden met de producenten-exporteurs op wie de maatregelen van toepassing zijn en heeft hij de maatregelen ten aanzien van stalen kabels van oorsprong uit China niet ontweken.

(7)

Voorts beweert hij eerst na afloop van het onderzoektijdvak van het onderzoek dat tot de uitbreiding van de maatregelen heeft geleid, met de uitvoer van het betrokken product naar de Unie te zijn begonnen.

E.   PROCEDURE

(8)

De bekende betrokken producenten in de Unie zijn van het bovenstaande verzoek in kennis gesteld en hebben daarop kunnen reageren.

(9)

Na onderzoek van het beschikbare bewijsmateriaal is de Commissie tot de conclusie gekomen dat dit voldoende is om een onderzoek te openen op grond van artikel 11, lid 4, en artikel 13, lid 4, van de antidumpingbasisverordening teneinde vast te stellen of de indiener van het verzoek van de uitgebreide maatregelen kan worden vrijgesteld.

(a)   Vragenlijsten

Om de inlichtingen te verkrijgen die zij voor het onderzoek nodig acht, zal de Commissie de indiener van het verzoek een vragenlijst toezenden.

(b)   Schriftelijk en mondeling verstrekken van informatie

Belanghebbenden wordt verzocht hun standpunt schriftelijk uiteen te zetten en bewijsmateriaal te verstrekken. Bovendien kan de Commissie belanghebbenden horen die hierom schriftelijk verzoeken en die kunnen aantonen dat er bijzondere redenen zijn om hen te horen.

F.   INTREKKING VAN HET GELDENDE ANTIDUMPINGRECHT EN REGISTRATIE VAN DE INVOER

(10)

Ingevolge artikel 11, lid 4, van de antidumpingbasisverordening moet het antidumpingrecht dat van toepassing is op de invoer van het betrokken product dat door de indiener van het verzoek wordt geproduceerd en met het oog op uitvoer naar de Europese Unie wordt verkocht, worden ingetrokken.

(11)

Tevens moet de invoer van dit product overeenkomstig artikel 14, lid 5, van de antidumpingbasisverordening worden geregistreerd om te verzekeren dat de antidumpingrechten met terugwerkende kracht vanaf de datum van opening van dit onderzoek kunnen worden geheven, wanneer bij het onderzoek blijkt dat de indiener van het verzoek deze ontwijkt. In dit stadium kan geen raming worden gemaakt van het bedrag dat de indiener van het verzoek in de toekomst eventueel verschuldigd zal zijn.

G.   TERMIJNEN

(12)

Met het oog op een behoorlijk bestuur moeten termijnen worden vastgesteld waarbinnen:

belanghebbenden zich bij de Commissie kenbaar kunnen maken, hun standpunt schriftelijk kunnen uiteenzetten en hun antwoorden op de in overweging 9, onder a), van deze verordening genoemde vragenlijst alsmede alle andere gegevens waarmee bij het onderzoek rekening moet worden gehouden, kunnen inzenden,

belanghebbenden schriftelijk kunnen verzoeken door de Commissie te worden gehoord.

H.   NIET-MEDEWERKING

(13)

Indien een belanghebbende geen toegang verleent tot de nodige gegevens, deze niet binnen de vastgestelde termijn verstrekt dan wel het onderzoek aanmerkelijk belemmert, kunnen overeenkomstig artikel 18 van de antidumpingbasisverordening aan de hand van de beschikbare gegevens conclusies, zowel in positieve als in negatieve zin, worden getrokken.

(14)

Wanneer blijkt dat een belanghebbende onjuiste of misleidende informatie heeft verstrekt, wordt deze buiten beschouwing gelaten en kan overeenkomstig artikel 18 van de antidumpingbasisverordening gebruik worden gemaakt van de beschikbare gegevens. Indien een belanghebbende geen of slechts gedeeltelijk medewerking verleent, en de conclusies derhalve overeenkomstig artikel 18 van de antidumpingbasisverordening op de beschikbare gegevens worden gebaseerd, kunnen de resultaten voor hem minder gunstig zijn dan wanneer hij wel medewerking had verleend.

I.   VERWERKING VAN PERSOONSGEGEVENS

(15)

Persoonsgegevens die in het kader van dit onderzoek worden verzameld, zullen worden behandeld in overeenstemming met Verordening (EG) nr. 45/2001 van het Europees Parlement en de Raad betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens door de communautaire instellingen en organen en betreffende het vrije verkeer van die gegevens (5).

J.   VOOR DE HEARING BEVOEGDE AMBTENAAR

(16)

Indien belanghebbenden van mening zijn dat zij bij de uitoefening van hun recht van verweer moeilijkheden ondervinden, kunnen zij vragen dat de voor de hearing bevoegde ambtenaar van het directoraat-generaal Handel wordt ingeschakeld. Hij fungeert als tussenpersoon tussen de belanghebbenden en de diensten van de Commissie en kan zo nodig aanbieden te bemiddelen in procedurele kwesties aangaande de bescherming van hun belangen tijdens de procedure, met name voor kwesties inzake toegang tot het dossier, vertrouwelijkheid, verlenging van termijnen en behandeling van schriftelijke en/of mondelinge opmerkingen.

(17)

Belanghebbenden die contact willen opnemen, vinden de nodige gegevens en nadere informatie op de webpagina's van de voor de hearing bevoegde ambtenaar op de website van DG Handel: http://ec.europa.eu/trade/tackling-unfair-trade/hearing-officer/,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

Op grond van artikel 11, lid 4, en artikel 13, lid 4, van Verordening (EG) nr. 1225/2009 van de Raad wordt een nieuw onderzoek geopend ten aanzien van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 400/2010 van de Raad om vast te stellen of de invoer van stalen kabels, gesloten kabels daaronder begrepen, met uitzondering van roestvrijstalen kabels, met een grootste afmeting van de dwarsdoorsnede van meer dan 3 mm, momenteel ingedeeld onder de GN-codes ex 7312 10 81, ex 7312 10 83, ex 7312 10 85, ex 7312 10 89 en ex 7312 10 98 (TARIC-codes 7312108113, 7312108313, 7312108513, 7312108913 en 7312109813), verzonden vanuit de Republiek Korea en vervaardigd door SEIL Wire and Cable (aanvullende TARIC-code A994), moet worden onderworpen aan het antidumpingrecht dat is ingesteld bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 400/2010 van de Raad.

Artikel 2

Het bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 400/2010 van de Raad ingestelde antidumpingrecht wordt ingetrokken ten aanzien van het in artikel 1 van deze verordening omschreven product.

Artikel 3

Overeenkomstig artikel 14, lid 5, van Verordening (EG) nr. 1225/2009 van de Raad wordt de douaneautoriteiten opgedragen de nodige maatregelen te nemen om de invoer van het in artikel 1 van deze verordening omschreven product te registreren. De registratie wordt negen maanden na de datum van inwerkingtreding van deze verordening beëindigd.

Artikel 4

1.   Belanghebbenden die wensen dat bij het onderzoek met hun opmerkingen rekening wordt gehouden, moeten, tenzij anders vermeld, binnen 37 dagen na de inwerkingtreding van deze verordening contact met de Commissie opnemen, hun standpunt uiteenzetten en de antwoorden op de in overweging 9, onder a), genoemde vragenlijst en eventuele andere gegevens verstrekken. Er wordt op gewezen dat de meeste in Verordening (EG) nr. 1225/2009 van de Raad vermelde procedurele rechten slechts kunnen worden uitgeoefend indien de betrokkene zich binnen bovengenoemde termijn kenbaar maakt.

Verzoeken om door de Commissie te worden gehoord moeten schriftelijk binnen dezelfde termijn van 37 dagen worden ingediend.

2.   Alle schriftelijke opmerkingen, met inbegrip van de in deze verordening gevraagde informatie, antwoorden op de vragenlijst en correspondentie waarvoor om een vertrouwelijke behandeling wordt verzocht, moeten zijn voorzien van de vermelding "Limited" (6).

Belanghebbenden die informatie met de vermelding "Limited" verstrekken, moeten hiervan krachtens artikel 19, lid 2, van de basisverordening een niet-vertrouwelijke samenvatting indienen, voorzien van de vermelding "For inspection by interested parties". Deze samenvatting moet gedetailleerd genoeg zijn om een redelijk inzicht te verschaffen in de wezenlijke inhoud van de als vertrouwelijk verstrekte inlichtingen. Als een belanghebbende die vertrouwelijke inlichtingen verstrekt, geen niet-vertrouwelijke samenvatting daarvan indient met de vereiste vorm en inhoud, kan deze vertrouwelijke informatie buiten beschouwing worden gelaten.

Voor dit onderzoek zal de Commissie gebruikmaken van een elektronisch systeem voor het beheer van documenten. Belanghebbenden dienen alle opmerkingen en verzoeken elektronisch (niet-vertrouwelijke opmerkingen via e-mail, vertrouwelijke op cd-r/dvd) toe te zenden onder opgave van naam, adres, e-mailadres, telefoon- en faxnummer. Volmachten en ondertekende certificaten, die bij de antwoorden op de vragenlijst worden gevoegd, alsmede bijwerkingen daarvan moeten echter op papier, per post of in persoon, op onderstaand adres worden ingediend. Overeenkomstig artikel 18, lid 2, van de basisverordening moet een belanghebbende die zijn opmerkingen en verzoeken niet in elektronische vorm kan indienen, de Commissie daarvan onmiddellijk op de hoogte brengen. Nadere informatie over de correspondentie met de Commissie vinden belanghebbenden op de volgende pagina van de website van het directoraat-generaal Handel: http://ec.europa.eu/trade/tackling-unfair-trade/trade-defence/.

Correspondentieadres van de Commissie:

Europese Commissie

Directoraat-generaal Handel

Directoraat H

Kamer: N105 04/092

1049 Brussel

BELGIË

Fax +32 22956505

E-mail: TRADE-STEEL-ROPE-DUMPING@EC.EUROPA.EU

Artikel 5

Deze verordening treedt in werking op de dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel, 29 september 2011.

Voor de Commissie

De voorzitter

José Manuel BARROSO


(1)  PB L 343 van 22.12.2009, blz. 51.

(2)  PB L 299 van 16.11.2005, blz. 1.

(3)  PB L 117 van 11.05.2010, blz. 1.

(4)  PB C 309 van 13.11.2010, blz. 6.

(5)  PB L 8 van 12.1.2001, blz. 1.

(6)  Een "Limited"-document wordt als vertrouwelijk in de zin van artikel 19 van Verordening (EG) 1225/2009 van de Raad (PB L 343 van 22.12.2009, blz. 51) en artikel 6 van de WTO-overeenkomst betreffende de toepassing van artikel VI van de GATT 1994 (antidumpingovereenkomst) beschouwd. Het is ook een beschermd document krachtens artikel 4 van Verordening (EG) nr. 1049/2001 van het Europees Parlement en de Raad (PB L 145 van 31.5.2001, blz. 43).


Top