Accept Refuse

EUR-Lex Access to European Union law

Back to EUR-Lex homepage

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Document 32011D0008(01)

2011/397/EU: Besluit van de Europese Centrale Bank van 21 juni 2011 inzake de procedures t.a.v. milieuaccreditatie en gezondheids- en veiligheidsaccreditatie voor de productie van eurobankbiljetten (ECB/2011/8)

OJ L 176, 5.7.2011, p. 52–58 (BG, ES, CS, DA, DE, ET, EL, EN, FR, IT, LV, LT, HU, MT, NL, PL, PT, RO, SK, SL, FI, SV)
Special edition in Croatian: Chapter 15 Volume 028 P. 129 - 135

No longer in force, Date of end of validity: 26/02/2015; opgeheven door 32013D0054(01)

ELI: http://data.europa.eu/eli/dec/2011/397/oj

5.7.2011   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 176/52


BESLUIT VAN DE EUROPESE CENTRALE BANK

van 21 juni 2011

inzake de procedures t.a.v. milieuaccreditatie en gezondheids- en veiligheidsaccreditatie voor de productie van eurobankbiljetten

(ECB/2011/8)

(2011/397/EU)

DE RAAD VAN BESTUUR VAN DE EUROPESE CENTRALE BANK,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, inzonderheid artikel 128, lid 1,

Gezien de Statuten van het Europees Stelsel van centrale banken en van de Europese Centrale Bank, inzonderheid artikel 16,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Artikel 128, lid 1 van het Verdrag en artikel 16 van de Statuten van het Europees Stelsel van centrale banken en van de Europese Centrale Bank (hierna de „ESCB-statuten”) bepalen dat de Europese Centrale Bank (ECB) het alleenrecht heeft machtiging te geven tot de uitgifte van eurobankbiljetten binnen de Unie. Dit recht omvat de bevoegdheid tot het nemen van maatregelen ter bescherming van de integriteit van eurobankbiljetten als betaalmiddel.

(2)

Het milieubeleid van de Unie is gebaseerd op het beginsel van milieu-integratie, zoals neergelegd in artikel 11 van het Verdrag, dat zegt dat de eisen inzake milieubescherming moeten worden geïntegreerd in de omschrijving en uitvoering van het beleid en het optreden van de Unie, in het bijzonder met het oog op het bevorderen van duurzame ontwikkeling. Met inachtneming van dit beginsel bevordert het Eurosysteem goed milieubeheer op basis van de ISO 14000 normenreeksen.

(3)

Volgens artikel 9 van het Verdrag houdt de Unie bij de bepaling en de uitvoering van haar beleid en optreden onder andere rekening met de eisen in verband met de bescherming van de volksgezondheid. Met inachtneming van dit beginsel is het vermijden en minimaliseren van risico’s voor de gezondheid en veiligheid van het grote publiek en van de bij de productie van eurobankbiljetten of van grondstoffen voor eurobankbiljetten betrokken werknemers van het grootste belang voor het Eurosysteem. Het Eurosysteem ondersteunt een goed gezondheids- en veiligheidsbeheer overeenkomstig het beleid van het Europees Agentschap voor de veiligheid en de gezondheid op het werk (1) en de OHSAS 18000 normenreeksen.

(4)

Om deze redenen dienen procedures te worden opgezet voor milieuaccreditatie en gezondheids- en veiligheidsaccreditatie om te verzekeren dat alleen producenten die voldoen aan minimale milieu- en gezondheids- en veiligheidsvereisten worden geaccrediteerd om een productieactiviteit t.a.v. eurobankbiljetten uit te voeren.

(5)

Teneinde de milieuprestaties en de prestaties t.a.v. gezondheid en veiligheid van de geaccrediteerde producenten van eurobankbiljetten en grondstoffen voor eurobankbiljetten zo goed mogelijk te monitoren, dient de ECB van die producenten regelmatig gegevens te verzamelen betreffende het effect van hun productie van eurobankbiljetten en grondstoffen voor eurobankbiljetten op het milieu en op de gezondheid en veiligheid,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

HOOFDSTUK I

ALGEMENE BEPALINGEN

Artikel 1

Definities

Voor de toepassing van dit besluit gelden de volgende definities:

a)   „NCB”: de nationale centrale bank van een lidstaat die de euro als munt heeft;

b)   „grondstoffen voor eurobankbiljetten”: papier, inkt, folie en draad voor de productie van eurobankbiljetten;

c)   „productielocatie”: gebouwen die een producent gebruikt, dan wel voornemens is te gebruiken voor een productieactiviteit t.a.v. eurobankbiljetten of grondstoffen voor eurobankbiljetten;

d)   „producent”: een entiteit die betrokken is bij een productieactiviteit t.a.v. eurobankbiljetten, of daarbij betrokken wenst te worden;

e)   „milieuaccreditatie”: de door de ECB aan een producent verleende status waarvan de reikwijdte wordt uiteengezet in artikel 3, die bevestigt dat zijn productieactiviteit t.a.v. eurobankbiljetten voldoet aan de in hoofdstuk II uiteengezette vereisten;

f)   „gezondheids- en veiligheidsaccreditatie”: de door de ECB aan een producent verleende status waarvan de reikwijdte wordt uiteengezet in artikel 4, die bevestigt dat zijn productieactiviteit t.a.v. eurobankbiljetten voldoet aan de in hoofdstuk III uiteengezette vereisten;

g)   „geaccrediteerde producent”: een producent aan wie milieuaccreditatie en gezondheids- en veiligheidsaccreditatie zijn verleend;

h)   „certificeringsautoriteit”: een onafhankelijke certificeringsautoriteit die de milieuzorgsystemen of gezondheids- en veiligheidsbeheersystemen van de producenten beoordeelt en geaccrediteerd is te verklaren dat een producent voldoet aan de vereisten van de ISO 14000 of OHSAS 18000 normenreeksen;

i)   „productieactiviteit t.a.v. eurobankbiljetten”: de productie van eurobankbiljetten of grondstoffen voor eurobankbiljetten;

j)   „ECB-werkdag”: een dag van maandag tot vrijdag, met uitzondering van officiële ECB-feestdagen;

k)   „drukplaatvervaardiging”: het maken van drukplaten voor offset- of plaatdruktechnologieën die gebruikt worden voor de productie van eurobankbiljetten;

l)   „individuele productie”: productie bestaande uit meerdere partijen gemaakt van dezelfde grondstoffen van dezelfde leveranciers, waarbij de samenstelling in alle opzichten homogeen is, en geen nieuwe stoffen worden geïntroduceerd, noch dezelfde stoffen in concentratievariaties boven de apart door de ECB aangegeven grenswaarden.

Artikel 2

Algemene beginselen

1.   Een producent mag een productieactiviteit t.a.v. eurobankbiljetten alleen uitvoeren indien de ECB hem milieuaccreditatie en gezondheids- en veiligheidsaccreditatie voor die activiteit verleent.

2.   De vereisten van de ECB voor milieuaccreditatie en gezondheids- en veiligheidsaccreditatie zijn minimumvereisten. Producenten kunnen strengere milieu- en/of gezondheids- en veiligheidsnormen vaststellen en toepassen, maar de ECB beoordeelt alleen of de producent voldoet aan de in dit besluit neergelegde vereisten.

3.   De directie is bevoegd alle besluiten te nemen met betrekking tot de milieuaccreditatie en gezondheids- en veiligheidsaccreditatie van een producent, rekening houdend met het standpunt van het Comité Bankbiljetten, en stelt de Raad van bestuur daarvan in kennis.

4.   Een geaccrediteerde producent mag alleen een productieactiviteit t.a.v. eurobankbiljetten uitvoeren op productielocaties waarvoor: a) milieuaccreditatie; en b) gezondheids- en veiligheidsaccreditatie zijn verleend, niettegenstaande een andere krachtens een andere rechtshandeling van de ECB verleende accreditatie.

5.   De producent draagt alle in verband met de toepassing van dit besluit gemaakte kosten en daarmee verband houdende verliezen.

6.   Technische details van de vereisten waaraan producenten moeten voldoen om milieuaccreditatie en gezondheids- en veiligheidsaccreditatie te verkrijgen, worden door de ECB apart vastgelegd.

Artikel 3

Milieuaccreditatie

1.   De in hoofdstuk II uiteengezette procedure is van toepassing op accreditatie op basis van de ISO 14000 normenreeksen betreffende milieuzorgsystemen. Een producent mag alleen een productieactiviteit t.a.v. eurobankbiljetten uitvoeren, indien de ECB hem voor die activiteit milieuaccreditatie heeft verleend.

2.   Een producent kan milieuaccreditatie worden verleend voor een productieactiviteit t.a.v. eurobankbiljetten mits hij voldoet aan alle volgende voorwaarden:

a)

de producent voldoet aan de ISO 14001 norm op een specifieke productielocatie voor een specifieke productieactiviteit t.a.v. eurobankbiljetten en de certificeringsautoriteit heeft een daartoe strekkend certificaat afgegeven;

b)

de productielocatie bevindt zich in een lidstaat, indien de producent een drukkerij is;

c)

de productielocatie bevindt zich in een lidstaat, of in een lidstaat van de Europese Vrijhandelsassociatie, indien de producent geen drukkerij is.

3.   De directie kan van geval tot geval vrijstelling verlenen van het locatievereiste in lid 2, onder b) en c), rekening houdend met het standpunt van het Comité Bankbiljetten. De Raad van bestuur wordt van een dergelijk besluit onverwijld in kennis gesteld. De directie houdt zich aan elk besluit van de Raad van bestuur in dit verband.

4.   Milieuaccreditatie wordt aan een producent voor drie jaar verleend, behoudens een besluit krachtens artikel 13 of 14.

5.   Voorafgaande schriftelijke toestemming van de ECB is vereist indien een milieugeaccrediteerde producent de productie van eurobankbiljetten of grondstoffen voor eurobankbiljetten naar een andere productielocatie wil verleggen of aan een derde wil uitbesteden, waaronder dochter- en zusterondernemingen van de producent.

Artikel 4

Gezondheids- en veiligheidsaccreditatie

1.   De in hoofdstuk III uiteengezette procedure is van toepassing op accreditatie op basis van de OHSAS 18001 norm betreffende gezondheids- en veiligheidsbeheersystemen. Een producent mag alleen een productieactiviteit t.a.v. eurobankbiljetten uitvoeren indien de ECB hem voor die activiteit gezondheids- en veiligheidsaccreditatie heeft verleend.

2.   Een producent kan gezondheids- en veiligheidsaccreditatie worden verleend voor een productieactiviteit t.a.v. eurobankbiljetten mits hij voldoet aan alle volgende voorwaarden:

a)

de producent voldoet aan de OHSAS 18001 norm op een specifieke productielocatie voor een specifieke productieactiviteit t.a.v. eurobankbiljetten en de certificeringsautoriteit heeft een daartoe strekkend certificaat afgegeven;

b)

de productielocatie bevindt zich in een lidstaat, indien de producent een drukkerij is;

c)

de productielocatie bevindt zich in een lidstaat, of in een lidstaat van de Europese Vrijhandelsassociatie, indien de producent geen drukkerij is.

3.   De directie kan van geval tot geval vrijstelling verlenen van het locatievereiste in lid 2, onder b) en c), rekening houdend met het standpunt van het Comité Bankbiljetten. De Raad van bestuur wordt van dergelijke besluiten onverwijld in kennis gesteld. De directie houdt zich aan elk besluit van de Raad van bestuur in dit verband.

4.   Gezondheids- en veiligheidsaccreditatie wordt aan een producent voor drie jaar verleend, behoudens een besluit krachtens artikel 13 of 14.

5.   Voorafgaande schriftelijke toestemming van de ECB is vereist indien een producent met gezondheids- en veiligheidsaccreditatie de productie van eurobankbiljetten of grondstoffen voor eurobankbiljetten naar een andere productielocatie wil verleggen of aan een derde wil uitbesteden, waaronder dochter- en zusterondernemingen van de producent.

HOOFDSTUK II

PROCEDURE VOOR MILIEUACCREDITATIE

Artikel 5

Inleidend verzoek

1.   Een producent die een productieactiviteit t.a.v. eurobankbiljetten wil uitvoeren, dient een schriftelijk verzoek in bij de ECB om de procedure voor milieuaccreditatie te starten. Het inleidend verzoek gaat vergezeld van:

a)

een specificatie van de productielocatie en waar die zich bevindt;

b)

een kopie van het ISO 14001 certificaat voor de aangegeven locatie;

c)

een samenvatting in het Engels van het meest recente jaarlijkse, door de certificeringsautoriteit afgegeven auditrapport;

d)

een jaarverslag in het Engels dat de prestaties beschrijft van het interne milieuzorgsysteem van de producent, middels een door de ECB verstrekt modelformulier.

2.   De ECB controleert of de door de producent in het inleidende verzoek verstrekte documentatie volledig is. Ze stelt de producent binnen 30 ECB-werkdagen na ontvangst van het inleidende verzoek in kennis van het beoordelingsresultaat. De ECB kan deze tijdslimiet één keer verlengen, waarvan zij de producent schriftelijk in kennis stelt. In de beoordelingsfase kan de ECB de producent met betrekking tot de in lid 1 opgesomde vereisten om aanvullende informatie verzoeken. Indien de ECB om aanvullende informatie verzoekt, stelt zij de producent binnen 20 ECB-werkdagen na ontvangst van de aanvullende informatie in kennis van het beoordelingsresultaat.

3.   De ECB wijst het inleidende verzoek af en stelt de producent binnen de in lid 2 aangegeven termijnen schriftelijk in kennis van haar besluit daartoe onder vermelding van de redenen, indien een van de volgende omstandigheden van toepassing is:

a)

de producent heeft de in lid 1 vereiste informatie niet verstrekt;

b)

de producent heeft de door de ECB overeenkomstig lid 2 verzochte informatie niet binnen een overeen te komen redelijke periode verstrekt;

c)

de milieuaccreditatie van de producent is ingetrokken en de in het intrekkingsbesluit vermelde periode waarin het verboden is een nieuwe aanvraag in te dienen, is niet verstreken;

d)

de plaats waar de productielocatie zich bevindt, voldoet niet aan de in artikel 3, lid 2, onder b) of c), vastgelegde vereisten.

Artikel 6

Milieuaccreditatie

1.   Indien de beoordeling door de ECB van het inleidende verzoek op grond van artikel 5, lid 2, positief is, wordt de producent milieuaccreditatie verleend.

2.   Het besluit van de ECB waarbij de producent milieuaccreditatie wordt verleend, vermeldt duidelijk:

a)

de naam van de producent;

b)

de productielocatie waarvoor milieuaccreditatie wordt verleend en het precieze adres;

c)

de einddatum van de milieuaccreditatie;

d)

eventuele specifieke voorwaarden inzake de punten b) en c).

3.   Milieuaccreditatie wordt een producent verleend voor een vernieuwbare periode van drie jaar. Indien de milieugeaccrediteerde producent een hernieuwde aanvraag voor milieuaccreditatie indient vóór de einddatum van een dergelijke accreditatie, blijft zijn milieuaccreditatie geldig tot de ECB een besluit heeft genomen op grond van lid 1.

4.   Indien de ECB het verzoek om milieuaccreditatie verwerpt, kan de producent de in artikel 15 vastgelegde beroepsprocedure starten.

HOOFDSTUK III

PROCEDURE VOOR GEZONDHEIDS- EN VEILIGHEIDSACCREDITATIE

Artikel 7

Inleidend verzoek

1.   Een producent die een productieactiviteit t.a.v. eurobankbiljetten wil uitvoeren, dient een schriftelijk verzoek in bij de ECB om de procedure voor gezondheids- en veiligheidsaccreditatie te starten. Dit inleidend verzoek gaat vergezeld van:

a)

een specificatie van de productielocatie en waar die zich bevindt;

b)

een kopie van het OHSAS 18001 certificaat voor de aangegeven locatie;

c)

een samenvatting in het Engels van het meest recente jaarlijkse, door de certificeringsautoriteit afgegeven auditrapport;

d)

een jaarverslag in het Engels dat de prestaties beschrijft van het interne gezondheids- en veiligheidsbeheersysteem van de producent, middels een door de ECB verstrekt modelformulier.

2.   De ECB controleert of de door de producent in het inleidende verzoek verstrekte documentatie volledig is. Ze stelt de producent binnen 30 ECB-werkdagen na ontvangst van het inleidende verzoek in kennis van het beoordelingsresultaat. De ECB kan deze tijdslimiet één keer verlengen, waarvan zij de producent schriftelijk in kennis stelt. In de beoordelingsfase kan de ECB de producent met betrekking tot de in lid 1 opgesomde vereisten om aanvullende informatie verzoeken. Indien de ECB om aanvullende informatie verzoekt, stelt zij de producent binnen 20 ECB-werkdagen na ontvangst van de aanvullende informatie in kennis van het beoordelingsresultaat.

3.   De ECB wijst het inleidende verzoek af en stelt de producent binnen de in lid 2 aangegeven termijnen schriftelijk in kennis van haar besluit daartoe onder vermelding van de redenen, indien een van de volgende omstandigheden van toepassing is:

a)

de producent heeft de in lid 1 vereiste informatie niet verstrekt;

b)

de producent heeft de door de ECB overeenkomstig lid 2 verzochte informatie niet binnen een overeen te komen redelijke periode verstrekt;

c)

de gezondheids- en veiligheidsaccreditatie van de producent is ingetrokken en de in het intrekkingsbesluit vermelde periode waarin het verboden is een nieuwe aanvraag in te dienen, is niet verstreken;

d)

de plaats waar de productielocatie zich bevindt, voldoet niet aan de in artikel 4, lid 2, onder b) of c), vastgelegde vereisten.

Artikel 8

Gezondheids- en veiligheidsaccreditatie

1.   Indien de beoordeling door de ECB van het inleidende verzoek op grond van artikel 7, lid 2, positief is, wordt de producent gezondheids- en veiligheidsaccreditatie verleend.

2.   Het besluit van de ECB waarbij de producent gezondheids- en veiligheidsaccreditatie wordt verleend, vermeldt duidelijk:

a)

de naam van de producent;

b)

de productielocatie waarvoor gezondheids- en veiligheidsaccreditatie wordt verleend en het precieze adres;

c)

de einddatum van de gezondheids- en veiligheidsaccreditatie;

d)

eventuele specifieke voorwaarden inzake de punten b) en c).

3.   Gezondheids- en veiligheidsaccreditatie wordt een producent verleend voor een vernieuwbare periode van drie jaar. Indien de producent met gezondheids- en veiligheidsaccreditatie een hernieuwde aanvraag voor gezondheids- en veiligheidsaccreditatie indient vóór de einddatum van een dergelijke accreditatie, blijft zijn gezondheids- en veiligheidsaccreditatie geldig tot de ECB een besluit heeft genomen op grond van lid 1.

4.   Indien de ECB het verzoek om gezondheids- en veiligheidsaccreditatie verwerpt, kan de producent de in artikel 15 vastgelegde beroepsprocedure starten.

HOOFDSTUK IV

DOORLOPENDE VERPLICHTINGEN

Artikel 9

Doorlopende verplichtingen van geaccrediteerde producenten

1.   Een geaccrediteerde producent informeert de ECB schriftelijk en onverwijld inzake het volgende:

a)

het starten van een procedure voor de liquidatie of reorganisatie van de producent of een overeenkomstige procedure;

b)

de benoeming van een vereffenaar, curator, bewindvoerder of soortgelijke functionaris in verband met de producent;

c)

enig voornemen om een productieactiviteit t.a.v. eurobankbiljetten waarvoor de producent milieuaccreditatie en gezondheids- en veiligheidsaccreditatie heeft, uit te besteden of daarbij derden te betrekken;

d)

elke verandering die optreedt nadat milieuaccreditatie en gezondheids- en veiligheidsaccreditatie zijn verleend, en die de naleving van de vereisten voor milieuaccreditatie en gezondheids- en veiligheidsaccreditatie beïnvloedt of kan beïnvloeden;

e)

een wijziging in de zeggenschap over de geaccrediteerde producent ingevolge een wijziging in de eigendomsstructuur of anderszins.

2.   Een geaccrediteerde producent verstrekt de ECB inzake de betrokken productielocatie het volgende:

a)

een afschrift van de certificaten inzake zijn milieuzorgsysteem en gezondheids- en veiligheidsbeheersysteem, telkens wanneer het certificaat bedoeld in artikel 3, lid 2, onder a), en artikel 4, lid 2, onder a), wordt vernieuwd;

b)

voor elk kalenderjaar en binnen vier maanden na het einde van het jaar, de in het Engels vertaalde samenvattingen van de meest recente externe controlerapporten inzake milieu en gezondheid en veiligheid afgegeven door de desbetreffende certificeringsautoriteiten;

c)

voor elk kalenderjaar en binnen vier maanden na het einde van het jaar, in het Engels opgestelde jaarverslagen betreffende de prestatie van zijn milieuzorgsysteem en gezondheids- en veiligheidsbeheersysteem middels de in artikel 5, lid 1, onder d), en artikel 7, lid 1, onder d), bedoelde modelformulieren;

d)

voor elk kalenderjaar en binnen vier maanden na het einde van het jaar, algemene informatie en milieugegevens betreffende jaarlijks verbruik en emissies door productieactiviteiten t.a.v. eurobankbiljetten zoals vastgesteld door de door de ECB verstrekte ECB-milieuvragenlijst.

3.   Indien de geaccrediteerde producent een drukkerij is, verricht hij tevens het volgende:

a)

hij laat analyses uitvoeren betreffende de chemische stoffen vermeld op de in artikel 10, lid 1, bedoelde lijst door de laboratoria aangegeven op de in artikel 10, lid 2, bedoelde lijst. Deze analyses worden uitgevoerd aan voltooide eurobankbiljetten volgens standaard werkprocedures die ten minste eenmaal voor elke individuele productie apart worden vastgelegd en daarnaast telkens wanneer de geaccrediteerde producent het aangewezen acht te controleren of aan de acceptatiegrenzen voor chemische stoffen wordt voldaan. De geaccrediteerde producent rapporteert over elke individuele monsteranalyse aan de ECB middels het door de ECB verstrekte modelformulier voor analyserapporten;

b)

hij rapporteert voor elk kalenderjaar en binnen vier maanden na het einde van het jaar over de prestaties van de laboratoria die de in punt a) bedoelde analyses hebben uitgevoerd middels het door de ECB verstrekte modelformulier voor prestatierapporten;

c)

hij sluit leveringscontracten met leveranciers van grondstoffen voor eurobankbiljetten, met daarin voor leveranciers van grondstoffen voor eurobankbiljetten de verplichting te garanderen dat eventuele chemische stoffen in door hen geproduceerde grondstoffen voor eurobankbiljetten, na de analyse van voltooide eurobankbiljetten op grond van lid 3, onder a), de in artikel 10, lid 1, bedoelde acceptatiegrenzen niet overschrijden. Om aan dit vereiste te voldoen, verschaft de geaccrediteerde producent alle relevante documenten aan de leveranciers van grondstoffen voor eurobankbiljetten. Leveranciers van grondstoffen voor eurobankbiljetten mogen de laboratoria vermeld op de in artikel 10, lid 2, bedoelde lijst, gebruiken om hun eigen analyses te laten uitvoeren;

d)

hij verzekert dat een bedrijf voor drukplaatvervaardiging waaraan de producent werk uitbesteedt, voor de betreffende productielocaties over geldige ISO 14001 en OHSAS 18001 certificaten beschikt.

4.   Een geaccrediteerde producent betracht vertrouwelijkheid ten aanzien van de technische details betreffende de milieu-, gezondheids- en veiligheidsvereisten bedoeld in artikel 2, lid 6.

Artikel 10

Voortdurende verplichtingen van de ECB

1.   De ECB stelt een lijst op van te analyseren chemische stoffen en hun acceptatiegrenzen. Onverminderd artikel 19, heeft overschrijding van deze acceptatiegrenzen, ook in de gevallen voorzien in artikel 9, lid 3, onder c), geen effect op de gezondheids- en veiligheidsaccreditatie van een producent.

2.   De ECB houdt een lijst van laboratoria bij die gebruikt kunnen worden om de aanwezigheid en concentratie van chemische stoffen op de in lid 1 bedoelde lijst te analyseren. De toe te passen analysemethodes worden apart vastgelegd.

3.   De ECB informeert geaccrediteerde producenten van herzieningen van de in lid 1 en 2 bedoelde lijsten.

HOOFDSTUK V

GEVOLGEN VAN NON-CONFORMITEIT

Artikel 11

Non-conformiteit

Indien de geaccrediteerde producent niet voldoet aan een van de in artikel 9 vastgelegde verplichtingen of indien de aan de ECB volgens artikel 9, lid 2, onder b), c) en d), en artikel 9, lid 3, onder a) en b), verschafte informatie onvolledig is, vormt dat een geval van non-conformiteit door de producent met de vereisten voor milieuaccreditatie of gezondheids- en veiligheidsaccreditatie.

Artikel 12

Schriftelijke constatering

1.   In een geval van non-conformiteit zoals bedoeld in artikel 11, stuurt de ECB een schriftelijke constatering aan de betrokken geaccrediteerde producent, waarbij een uiterste termijn wordt vastgesteld ter bijsturing van de non-conformiteit.

2.   De schriftelijke constatering vermeldt dat: a) indien de non-conformiteit niet is bijgestuurd binnen de in lid 1 bedoelde uiterste termijn; of b) indien er een tweede geval van non-conformiteit optreedt binnen de in lid 1 bedoelde uiterste termijn, de ECB een besluit neemt uit hoofde van artikel 13.

Artikel 13

Opschorting van de milieuaccreditatie of gezondheids- en veiligheidsaccreditatie met betrekking tot nieuwe opdrachten

1.   Indien binnen de in artikel 12, lid 1, bedoelde uiterste termijn hetzij de non-conformiteit niet is bijgestuurd of een tweede geval van non-conformiteit optreedt, maar de geaccrediteerde producent redelijkerwijs aannemelijk kan maken dat de non-conformiteit bijgestuurd kan worden, besluit de ECB als volgt:

a)

in overleg met de geaccrediteerde producent wordt voor de geaccrediteerde producent een uiterste termijn vastgesteld ter bijsturing van de non-conformiteit;

b)

de accreditatie van de geaccrediteerde producent wordt opgeschort wat betreft het aanvaarden van nieuwe opdrachten voor de betreffende productieactiviteit t.a.v. eurobankbiljetten, waaronder deelname aan inschrijvingsprocedures met betrekking tot een productieactiviteit t.a.v. eurobankbiljetten, totdat de onder a) bedoelde uiterste termijn is verstreken of, indien de non-conformiteit binnen deze uiterste termijn is bijgestuurd, tot de non-conformiteit is bijgestuurd.

2.   Echter, indien de geaccrediteerde producent niet redelijkerwijs aannemelijk kan maken dat de in lid 1 bedoelde non-conformiteit kan worden bijgestuurd, neemt de ECB een besluit uit hoofde van artikel 14.

Artikel 14

Intrekking van de milieuaccreditatie of gezondheids- en veiligheidsaccreditatie

1.   De ECB trekt de milieuaccreditatie of gezondheids- en veiligheidsaccreditatie van een geaccrediteerde producent in: a) indien de geaccrediteerde producent niet in staat is de non-conformiteit binnen de in artikel 13, lid 1, onder a) bedoelde uiterste termijn bij te sturen; of b) uit hoofde van artikel 13, lid 2.

2.   In het intrekkingsbesluit vermeldt de ECB de datum vanaf wanneer de producent opnieuw accreditatie kan aanvragen.

Artikel 15

Beroepsprocedure

1.   Indien de ECB een van de volgende besluiten neemt:

a)

afwijzing van een verzoek tot opstarten van de procedure inzake de milieuaccreditatie of gezondheids- en veiligheidsaccreditatie;

b)

weigering van milieuaccreditatie of gezondheids- en veiligheidsaccreditatie;

c)

een besluit ingevolge de artikelen 12 tot en met 14,

kan de producent of geaccrediteerde producent binnen 30 ECB-werkdagen na van een dergelijk besluit in kennis te zijn gesteld, een schriftelijk verzoek indienen bij de Raad van bestuur om het besluit te herzien. De producent of geaccrediteerde producent onderbouwt zijn verzoek en voegt alle aanvullende informatie bij.

2.   Indien de producent of geaccrediteerde producent dit expliciet, met opgaaf van redenen, verzoekt, kan de Raad van bestuur de toepassing van het te herziene besluit opschorten.

3.   De Raad van bestuur herziet het besluit en stelt de producent of geaccrediteerde producent binnen twee maanden na ontvangst van het verzoek schriftelijk in kennis van zijn met redenen omkleed besluit.

4.   De toepassing van de leden 1 tot en met 3 doet geen afbreuk aan eventuele rechten op grond van de artikelen 263 en 265 van het Verdrag.

HOOFDSTUK VI

MILIEUPRESTATIES

Artikel 16

Informatie betreffende de milieuprestaties van de geaccrediteerde producent

Om de milieuprestaties van geaccrediteerde producenten beter te kunnen beoordelen, kan de ECB specifieke informatie of verduidelijking van geaccrediteerde producenten verlangen met betrekking tot de in artikel 9, lid 2, onder d), bedoelde ECB-milieuvragenlijst verschafte gegevens. Indien nodig, kan de ECB een bijeenkomst verlangen met de geaccrediteerde producent in de gebouwen van de ECB. Met de toestemming van de geaccrediteerde producent en conform alle ten aanzien van de geaccrediteerde producent van kracht zijnde veiligheidsvereisten, kan de ECB ook besluiten een bezoek aan de locatie te brengen. De geaccrediteerde producent kan de ECB ook uitnodigen voor een bezoek aan de locatie om de in de ECB-milieuvragenlijst verstrekte gegevens te verduidelijken.

HOOFDSTUK VII

SLOTBEPALINGEN

Artikel 17

ECB-accreditatieregister

1.   De ECB houdt een register bij van milieuaccreditaties en gezondheids- en veiligheidsaccreditaties:

a)

dat een lijst bevat van de producenten aan wie milieuaccreditatie en gezondheids- en veiligheidsaccreditatie zijn verleend en van de desbetreffende productielocaties;

b)

dat met betrekking tot elke productielocatie de productieactiviteit t.a.v. eurobankbiljetten vermeldt waarvoor milieuaccreditatie en gezondheids- en veiligheidsaccreditatie zijn verleend;

c)

waarin het aflopen van milieuaccreditaties en gezondheids- en veiligheidsaccreditaties wordt aangetekend.

2.   Indien de ECB een besluit neemt op grond van artikel 13, wordt de duur van de opschorting geregistreerd.

3.   Indien de ECB een besluit neemt op grond van artikel 14, wordt de naam van de producent uit het register geschrapt.

4.   De ECB stelt een lijst van in het register opgenomen geaccrediteerde producenten en bijwerkingen daarvan beschikbaar aan NCB’s en geaccrediteerde producenten.

Artikel 18

Jaarverslag

1.   Op basis van de door de geaccrediteerde producenten verschafte informatie, stelt de ECB een jaarverslag samen betreffende het milieueffect van de productieactiviteit t.a.v. eurobankbiljetten en de effecten ervan op gezondheid en veiligheid.

2.   De ECB maakt aan het publiek informatie bekend betreffende de algemene effecten op milieu en gezondheid en veiligheid van productieactiviteiten t.a.v. eurobankbiljetten overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1367/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 6 september 2006 betreffende de toepassing van de bepalingen van het Verdrag van Aarhus betreffende toegang tot informatie, inspraak bij besluitvorming en toegang tot de rechter inzake milieuaangelegenheden op de communautaire instellingen en organen (2).

Artikel 19

Overgangsbepaling

Met ingang van de productie van eurobankbiljetten in 2016, verklaren NCB’s gedrukte eurobankbiljetten met chemische stoffen die de in artikel 10, lid 1, bedoelde acceptatiegrenzen overschrijden, niet langer geldig.

Artikel 20

Inwerkingtreding

Dit besluit treedt in werking op de dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Het is van toepassing vanaf de productie van eurobankbiljetten in 2013.

Gedaan te Frankfurt am Main, 21 juni 2011.

De president van de ECB

Jean-Claude TRICHET


(1)  Beschikbaar op http://osha.europa.eu.

(2)  PB L 264 van 25.9.2006, blz. 13.


Top