Accept Refuse

EUR-Lex Access to European Union law

Back to EUR-Lex homepage

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Document 32002R1080

Verordening (EG) nr. 1080/2002 van de Commissie van 21 juni 2002 inzake de opening van een permanente openbare inschrijving voor de uitvoer van rogge die in het bezit is van het Duitse interventiebureau naar bepaalde derde landen

OJ L 164, 22.6.2002, p. 11–15 (ES, DA, DE, EL, EN, FR, IT, NL, PT, FI, SV)

No longer in force, Date of end of validity: 19/05/2003; opgeheven door 32003R0864

ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2002/1080/oj

32002R1080

Verordening (EG) nr. 1080/2002 van de Commissie van 21 juni 2002 inzake de opening van een permanente openbare inschrijving voor de uitvoer van rogge die in het bezit is van het Duitse interventiebureau naar bepaalde derde landen

Publicatieblad Nr. L 164 van 22/06/2002 blz. 0011 - 0015


Verordening (EG) nr. 1080/2002 van de Commissie

van 21 juni 2002

inzake de opening van een permanente openbare inschrijving voor de uitvoer van rogge die in het bezit is van het Duitse interventiebureau naar bepaalde derde landen

DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,

Gelet op Verordening (EEG) nr. 1766/92 van de Raad van 30 juni 1992 houdende een gemeenschappelijke ordening der markten in de sector granen(1), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 1666/2000(2), en met name op artikel 5,

Overwegende hetgeen volgt:

(1) In Verordening (EEG) nr. 2131/93 van de Commissie(3), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 1630/2000(4), zijn de procedures en de voorwaarden voor de verkoop van graan door de interventiebureaus vastgesteld.

(2) Het is bij de huidige marktsituatie dienstig een permanente inschrijving te openen voor de uitvoer van 1000000 ton rogge die in het bezit is van het Duitse interventiebureau naar alle derde landen, met uitzondering van deze die zijn vermeld in zone VII als omschreven in de bijlage bij Verordening (EEG) nr. 2145/92 van de Commissie(5), gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 3304/94(6), en met uitzondering van Estland, Litouwen, Letland, Polen, Tsjechische Republiek, Slowaakse Republiek, Hongarije, Noorwegen, Faeröer, IJsland, Rusland, Wit-Rusland, Bosnië-Herzegovina, Kroatië, Slovenië, gebied van voormalig Joegoslavië met uitzondering van Slovenië, Kroatië en Bosnië-Herzegovina, Albanië, Roemenië, Bulgarije, Armenië, Georgië, Azerbeidzjan, Moldavië, Oekraïne, Kazakstan, Kirgizië, Oezbekistan, Tadzjikistan en Turkmenistan.

(3) Voor een regelmatig verloop van de transacties en de controles daarop moeten speciale bepalingen worden vastgesteld. Het is dienstig daartoe een zekerheidsregeling vast te stellen waarmee de beoogde doelstellingen worden bereikt zonder dat dit voor de betrokken handelaren overdreven hoge kosten meebrengt. Bijgevolg moet worden afgeweken van sommige voorschriften, met name van Verordening (EEG) nr. 2131/93.

(4) Wanneer door omstandigheden die aan het interventiebureau zijn toe te schrijven, het afhalen van de rogge meer dan vijf dagen wordt vertraagd of het vrijgeven van een van de verlangde zekerheden wordt uitgesteld, zal de betrokken lidstaat een schadeloosstelling moeten betalen.

(5) De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Comité van beheer voor granen,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

Onverminderd andersluidende bepalingen in deze verordening houdt het Duitse interventiebureau onder de bij Verordening (EEG) nr. 2131/93 vastgestelde voorwaarden een permanente openbare inschrijving voor de uitvoer van rogge die in zijn bezit is.

Artikel 2

1. De inschrijving heeft betrekking op een hoeveelheid van ten hoogste 1000000 ton rogge voor de uitvoer naar alle derde landen, met uitzondering van deze die zijn vermeld in zone VII als omschreven in de bijlage bij Verordening (EEG) nr. 2145/92, en met uitzondering van Estland, Litouwen, Letland, Polen, Tsjechische Republiek, Slowaakse Republiek, Hongarije, Noorwegen, Faeröer, IJsland, Rusland, Wit-Rusland, Bosnië-Herzegovina, Kroatië, Slovenië, gebied van voormalig Joegoslavië met uitzondering van Slovenië, Kroatië en Bosnië-Herzegovina, Albanië, Roemenië, Bulgarije, Armenië, Georgië, Azerbeidzjan, Moldavië, Oekraïne, Kazakstan, Kirgizië, Oezbekistan, Tadzjikistan en Turkmenistan.

2. De gebieden waar de 1000000 ton rogge is opgeslagen, zijn vermeld in bijlage I.

Artikel 3

1. In afwijking van het bepaalde in artikel 16, derde alinea, van Verordening (EEG) nr. 2131/93 is de bij uitvoer te betalen prijs die welke in het bod is vermeld

2. Voor uitvoer in het kader van deze verordening worden noch uitvoerrestituties, noch uitvoerbelastingen, noch maandelijkse verhogingen toegepast.

3. Artikel 8, lid 2, van Verordening (EEG) nr. 2131/93 is niet van toepassing.

Artikel 4

1. De uitvoercertificaten zijn geldig vanaf de datum van afgifte in de zin van artikel 9 van Verordening (EEG) nr. 2131/93 tot en met het einde van de vierde daaropvolgende maand.

2. De offertes die in het kader van deze openbare inschrijving worden ingediend, mogen niet vergezeld gaan van aanvragen voor uitvoercertificaten in het kader van artikel 49 van Verordening (EG) nr. 1291/2000 van de Commissie(7), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 2299/2001(8).

Artikel 5

1. In afwijking van het bepaalde in artikel 7, lid 1, van Verordening (EEG) nr. 2131/93 verstrijkt de termijn voor de indiening van de offertes voor de eerste deelinschrijving op 27 juni 2002 om 9.00 uur (tijd van Brussel).

2. De termijn voor de indiening van de offertes voor volgende deelinschrijvingen verstrijkt telkens op donderdag om 9.00 uur (tijd van Brussel).

3. De laatste deelinschrijving verstrijkt op 22 mei 2003 om 9.00 uur (tijd van Brussel).

4. De offertes moeten worden ingediend bij het Duitse interventiebureau.

Artikel 6

1. Naar keuze van de koper vóór of bij de uitslag uit de opslagplaats gaan het interventiebureau, de opslaghouder en de koper, indien deze laatste dit wenst, in onderlinge overeenstemming over tot het nemen van contradictoire monsters met een frequentie van ten minste één monsterneming voor elke 500 ton en tot de analyse van deze monsters. Het interventiebureau kan zich laten vertegenwoordigen door een gemachtigde, die evenwel niet de opslaghouder mag zijn.

In geval van betwisting worden de resultaten van de analyses aan de Commissie medegedeeld.

De contradictoire monsters worden genomen en geanalyseerd binnen een termijn van zeven werkdagen te rekenen vanaf de datum van het verzoek van de koper of binnen een termijn van drie werkdagen indien de monsters bij de uitslag uit de opslagplaats worden genomen. Wanneer het eindresultaat van de analyses van de monsters op een kwaliteit duidt die:

a) beter is dan de in het bericht van inschrijving vermelde kwaliteit, moet de koper de partij als zodanig aanvaarden;

b) beter is dan de voor interventie geldende minimumkenmerken, maar minder dan de in het bericht van inschrijving beschreven kwaliteit, waarbij het verschil ten opzichte van deze laatste kwaliteit niet groter is dan:

- 1 kg/hl voor het soortelijk gewicht, dat evenwel niet lager mag zijn dan 68 kg/hl,

- 1 procentpunt voor het vochtgehalte,

- 0,5 procentpunt voor de in punt B.2, respectievelijk punt B.4 van de bijlage bij Verordening (EG) nr. 824/2000 van de Commissie(9) bedoelde onzuiverheden en,

- 0,5 procentpunt voor de in punt B.5 van de bijlage bij Verordening (EG) nr. 824/2000 bedoelde onzuiverheden, waarbij evenwel de voor schadelijke korrels en voor moederkoren toegestane percentages ongewijzigd blijven,

moet de koper de partij als zodanig aanvaarden;

c) beter is dan de voor interventie geldende minimumkenmerken, maar minder dan de in het bericht van inschrijving beschreven kwaliteit, waarbij het verschil ten opzichte van deze laatste kwaliteit groter is dan het onder b) bedoelde verschil, kan de koper:

- hetzij de partij als zodanig aanvaarden;

- hetzij weigeren de betrokken partij over te nemen. Hij is eerst van al zijn verplichtingen voor de betrokken partij, met inbegrip van die betreffende de zekerheden, ontslagen nadat hij de Commissie en het interventiebureau overeenkomstig bijlage II onverwijld op de hoogte heeft gebracht; indien hij echter het interventiebureau verzoekt hem zonder extra kosten een andere partij rogge uit de interventievoorraden van de in het vooruitzicht gestelde kwaliteit te leveren, wordt de zekerheid niet vrijgegeven. De partij moet binnen een termijn van ten hoogste drie dagen na het verzoek van de koper worden vervangen. De koper stelt de Commissie daarvan overeenkomstig bijlage II onverwijld in kennis;

d) minder is dan de voor interventie geldende minimumeisen, mag de koper de betrokken partij niet overnemen. Hij is eerst van al zijn verplichtingen voor de betrokken partij, met inbegrip van die betreffende de zekerheden, ontslagen nadat hij de Commissie en het interventiebureau onverwijld overeenkomstig bijlage II op de hoogte heeft gebracht; hij kan het interventiebureau echter verzoeken hem zonder extra kosten een andere partij rogge uit de interventievoorraden van de in het vooruitzicht gestelde kwaliteit te leveren. In dit geval wordt de zekerheid niet vrijgegeven. De partij moet binnen een termijn van ten hoogste drie dagen na het verzoek van de koper worden vervangen. De koper stelt de Commissie daarvan overeenkomstig bijlage II onverwijld in kennis.

2. Indien de rogge wordt uitgeslagen alvorens de resultaten van de analyses bekend zijn, zijn echter vanaf het tijdstip van de afhaling van de partij alle risico's voor rekening van de koper, onverminderd de rechtsmiddelen waarover de koper jegens de opslaghouder mocht beschikken.

3. Indien binnen een periode van ten hoogste één maand na de datum van het door de koper ingediende verzoek om vervanging de koper na achtereenvolgende vervangingen geen vervangende partij van de in het vooruitzicht gestelde kwaliteit heeft gekregen, is hij van al zijn verplichtingen, met inbegrip van die betreffende de zekerheden, ontslagen nadat hij de Commissie en het interventiebureau overeenkomstig bijlage II onverwijld op de hoogte heeft gebracht.

4. De kosten van monsternemingen en analyses als bedoeld in lid 1, met uitzondering van die waarbij het eindresultaat duidt op een mindere kwaliteit dan de voor interventie vereiste minimumkwaliteit, komen ten laste van het EOGFL voor maximaal één analyse per 500 ton, met uitzondering van de overslagkosten. Overslagkosten en eventuele aanvullende analyses op verzoek van de koper zijn voor diens rekening.

Artikel 7

In afwijking van artikel 12 van Verordening (EEG) nr. 3002/92 van de Commissie(10), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 770/96(11), moet in de documenten betreffende de verkoop van rogge overeenkomstig deze verordening, en met name in het uitvoercertificaat, het uitslagbewijs zoals bedoeld in artikel 3, lid 1, onder b), van Verordening (EEG) nr. 3002/92, de aangifte ten uitvoer en, in voorkomend geval, het exemplaar T 5, een van de volgende vermeldingen worden opgenomen:

- Centeno de intervención sin aplicación de restitución ni gravamen, Reglamento (CE) n° 1080/2002

- Rug fra intervention uden restitutionsydelse eller -afgift, forordning (EF) nr. 1080/2002

- Interventionsroggen ohne Anwendung von Ausfuhrerstattungen oder Ausfuhrabgaben, Verordnung (EG) Nr. 1080/2002

- Σίκαλη παρέμβασης χωρίς εφαρμογή επιστροφής ή φόρου, κανονισμός (ΕΚ) αριθ. 1080/2002

- Intervention rye without application of refund or tax, Regulation (EC) No 1080/2002

- Seigle d'intervention ne donnant pas lieu à restitution ni taxe, règlement (CE) n° 1080/2002

- Segala d'intervento senza applicazione di restituzione né di tassa, regolamento (CE) n. 1080/2002

- Rogge uit interventie, zonder toepassing van restitutie of belasting, Verordening (EG) nr. 1080/2002

- Centeio de intervenção sem aplicação de uma restituição ou imposição, Regulamento (CE) n.o 1080/2002

- Interventioruista, johon ei sovelleta vientitukea eikä vientimaksua, asetus (EY) N:o 1080/2002

- Interventionsråg, utan tillämpning av bidrag eller avgift, förordning (EG) nr 1080/2002.

Artikel 8

1. De overeenkomstig artikel 13, lid 4, van Verordening (EEG) nr. 2131/93 gestelde zekerheid moet worden vrijgegeven zodra de uitvoercertificaten zijn afgegeven aan degenen aan wie is toegewezen.

2. In afwijking van artikel 17 van Verordening (EEG) nr. 2131/93 wordt de naleving van de verplichting tot uitvoer gegarandeerd door een zekerheid waarvan het bedrag gelijk is aan het verschil tussen de op de toewijzingsdag geldende interventieprijs en de toewijzingsprijs en nooit kleiner mag zijn dan 70 EUR per ton. De helft van dit bedrag wordt bij de afgifte van het certificaat gesteld en het saldo vóór het afhalen van het graan.

In afwijking van artikel 15, lid 2, van Verordening (EEG) nr. 3002/92:

- moet het bij de afgifte van het certificaat gestelde gedeelte van dit zekerheidsbedrag worden vrijgegeven binnen 20 werkdagen na de datum waarop degene aan wie is toegewezen het bewijs levert dat het afgehaalde graan het douanegebied van de Gemeenschap heeft verlaten.

In afwijking van artikel 17, lid 3, van Verordening (EEG) nr. 2131/93:

- moet het resterende bedrag worden vrijgegeven binnen 15 werkdagen na de datum waarop degene aan wie is toegewezen de in artikel 16 van Verordening (EG) nr. 800/1999 van de Commissie(12), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 2299/2001, bedoelde bewijzen levert.

3. Behalve in naar behoren gemotiveerde uitzonderingsgevallen, en met name ingeval een administratief onderzoek wordt ingesteld, geeft vrijgave van de in dit artikel bedoelde zekerheden na het verstrijken van de in dit artikel bedoelde termijnen steeds aanleiding tot de betaling door de lidstaat van een schadeloosstelling die gelijk is aan 0,015 EUR/10 ton per dag vertraging.

Het Europees Oriëntatie- en Garantiefonds voor de Landbouw (EOGFL) neemt deze schadeloosstelling niet voor zijn rekening.

Artikel 9

Het Duitse interventiebureau stelt de Commissie uiterlijk twee uur na het verstrijken van de termijn voor het indienen van de offertes in kennis van de ontvangen inschrijvingen. Zij moeten worden doorgezonden overeenkomstig het schema van bijlage III en via de in bijlage IV vermelde oproepnummers.

Artikel 10

Deze verordening treedt in werking op de dag van haar bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel, 21 juni 2002.

Voor de Commissie

Franz Fischler

Lid van de Commissie

(1) PB L 181 van 1.7.1992, blz. 21.

(2) PB L 193 van 29.7.2000, blz. 1.

(3) PB L 191 van 31.7.1993, blz. 76.

(4) PB L 187 van 26.7.2000, blz. 24.

(5) PB L 214 van 30.7.1992, blz. 20.

(6) PB L 341 van 30.12.1994, blz. 48.

(7) PB L 152 van 24.6.2000, blz. 1.

(8) PB L 308 van 27.11.2001, blz. 19.

(9) PB L 100 van 20.4.2000, blz. 31.

(10) PB L 301 van 17.10.1992, blz. 17.

(11) PB L 104 van 27.4.1996, blz. 13.

(12) PB L 102 van 17.4.1999, blz. 11.

BIJLAGE I

>RUIMTE VOOR DE TABEL>

BIJLAGE II

MEDEDELING INZAKE WEIGERING VAN PARTIJEN DIE ZIJN TOEGEWEZEN IN HET KADER VAN DE PERMANENTE OPENBARE INSCHRIJVING VOOR DE UITVOER VAN ROGGE DIE IN HET BEZIT IS VAN HET DUITSE INTERVENTIEBUREAU NAAR BEPAALDE DERDE LANDEN

(artikel 6, lid 1, van Verordening (EG) nr. 1080/2002)

>PIC FILE= "L_2002164NL.001403.TIF">

BIJLAGE III

PERMANENTE OPENBARE INSCHRIJVING VOOR DE UITVOER VAN ROGGE DIE IN HET BEZIT IS VAN HET DUITSE INTERVENTIEBUREAU NAAR BEPAALDE DERDE LANDEN

(Verordening (EG) nr. 1080/2002)

>PIC FILE= "L_2002164NL.001502.TIF">

BIJLAGE IV

>RUIMTE VOOR DE TABEL>

Top