Accept Refuse

EUR-Lex Access to European Union law

Back to EUR-Lex homepage

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Document 62018TN0658

Zaak T-658/18: Beroep ingesteld op 31 oktober 2018 — Hästens Sängar/EUIPO (Weergave van een patroon van vierkanten)

OJ C 25, 21.1.2019, p. 46–46 (BG, ES, CS, DA, DE, ET, EL, EN, FR, HR, IT, LV, LT, HU, MT, NL, PL, PT, RO, SK, SL, FI, SV)

21.1.2019   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

C 25/46


Beroep ingesteld op 31 oktober 2018 — Hästens Sängar/EUIPO (Weergave van een patroon van vierkanten)

(Zaak T-658/18)

(2019/C 25/59)

Procestaal: Engels

Partijen

Verzoekende partij: Hästens Sängar AB (Köping, Zweden) (vertegenwoordigers: M. Johansson en R. Wessman, advocaten)

Verwerende partij: Bureau voor intellectuele eigendom van de Europese Unie (EUIPO)

Gegevens betreffende de procedure voor het EUIPO

Betrokken merk: internationale inschrijving, met aanduiding van de Europese Unie, van het beeldmerk in de kleuren blauw en wit (Weergave van een patroon van vierkanten) — inschrijvingsaanvraag nr. 1 340 047

Bestreden beslissing: beslissing van de tweede kamer van beroep van het EUIPO van 8 augustus 2018 in zaak R 442/2018-2

Conclusies

vernietiging van de bestreden beslissing;

verwijzing van het EUIPO in de kosten.

Aangevoerde middelen

schending van de artikelen 94 en 7, lid 1, onder b), van verordening (EU) 2017/1001 van het Europees Parlement en de Raad, op grond dat de kamer van beroep niet is overgegaan tot een grondig onderzoek en/of verzuimd heeft om haar beslissing te motiveren ten aanzien van de verschillende waren en diensten waarvoor om inschrijving werd verzocht;

schending van de artikelen 94, 95 en 7, lid 1, onder b), van verordening (EU) 2017/1001 van het Europees Parlement en de Raad, op grond dat het litigieuze merk geen herhaald patroon of driedimensionaal merk is;

onjuiste beoordeling van het aan artikel 7, lid 1, onder b), van verordening (EU) 2017/1001 van het Europees Parlement en de Raad ten grondslag liggende algemeen belang;

schending van artikel 7, lid 1, onder b), van verordening (EU) 2017/1001 van het Europees Parlement en de Raad, aangezien de kamer van beroep het inherent onderscheidend vermogen onjuist heeft beoordeeld.


Top