Accept Refuse

EUR-Lex Access to European Union law

Back to EUR-Lex homepage

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Document 62015TN0743

Zaak T-743/15: Beroep ingesteld op 21 december 2015 — Vinnolit/Commissie

OJ C 59, 15.2.2016, p. 44–45 (BG, ES, CS, DA, DE, ET, EL, EN, FR, HR, IT, LV, LT, HU, MT, NL, PL, PT, RO, SK, SL, FI, SV)

15.2.2016   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

C 59/44


Beroep ingesteld op 21 december 2015 — Vinnolit/Commissie

(Zaak T-743/15)

(2016/C 059/51)

Procestaal: Duits

Partijen

Verzoekende partij: Vinnolit GmbH & Co. KG (Ismaning, Duitsland) (vertegenwoordiger: M. Geipel, advocaat)

Verwerende partij: Europese Commissie

Conclusies

nietigverklaring van besluit (EU) 2015/1585 van de Europese Commissie van 25 november 2014 betreffende de steunmaatregel SA.33995 (2013/C) (ex 2013/NN) (ten uitvoer gelegd door Duitsland inzake steun voor hernieuwbare elektriciteit en voor energie-intensieve ondernemingen), met name van de kwalificatie van de in het EEG 2012 (Erneuerbare-Energien-Gesetz 2012) neergelegde bijzondere compensatieregeling als steunmaatregel en van de vaststelling dat deze regeling onverenigbaar is met de interne markt, die zijn vervat in de artikelen 1 en 3, alsook van de verplichting om de in 2013 en 2014 aan de begunstigde ondernemingen verleende steun gedeeltelijk terug te vorderen, die is vervat in de artikelen 2, 6 en 7;

verwijzing van verweerster in de kosten.

Middelen en voornaamste argumenten

Ter ondersteuning van haar beroep voert verzoekster vier middelen aan.

1.

Eerste middel: geen steun in de zin van artikel 107 VWEU

Verzoekster voert aan dat de voor energie-intensieve ondernemingen geldende beperking van de EEG-heffing (hernieuwbare-energieheffing) waarin het Gesetz für den Vorrang erneuerbarer Energien (wet betreffende de voorrang van hernieuwbare energiebronnen; hierna: „EEG”) voorziet, een variant op een privaatrechtelijk compensatiemechanisme vormt. Er wordt geen voordeel toegekend dat wordt bekostigd met staatsmiddelen of door de staat gecontroleerde middelen.

2.

Tweede middel: in elk geval geen nieuwe steun

Verzoekster voert voorts aan dat de beperking van de EEG-heffing voor energie-intensieve ondernemingen geen nieuwe steun in de zin van artikel 108 VWEU vormt, aangezien het financieringsmechanisme voor de ondersteuning van hernieuwbare energiebronnen in de Bondsrepubliek Duitsland in het verleden door de Commissie is aangemerkt als verenigbaar met de regels over staatssteun en tot dusver geen belangrijke wijzigingen heeft ondergaan.

3.

Derde middel: schending van het vertrouwensbeginsel

Met dit middel betoogt verzoekster dat de Commissie met haar besluit het gewettigde vertrouwen van de betrokken ondernemingen heeft geschonden, aangezien het financieringsmechanisme voor de ondersteuning van hernieuwbare energiebronnen in de Bondsrepubliek Duitsland in het verleden door de Commissie is aangemerkt als verenigbaar met de regels over staatssteun en sindsdien geen belangrijke wijzigingen heeft ondergaan.

4.

Vierde middel: onbevoegdheid van verweerster

Ten slotte voert verzoekster aan dat de Commissie met haar besluit de haar toegekende bevoegdheid heeft overschreden, doordat zij op ontoelaatbare wijze afbreuk heeft gedaan aan de discretionaire bevoegdheden waarover de Bondsrepubliek Duitsland krachtens het primaire en het afgeleide recht beschikt bij de keuze van de wijze waarop hernieuwbare energiebronnen worden ondersteund.


Top