Accept Refuse

EUR-Lex Access to European Union law

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Document E1997P0009

Adviesaanvrage van Hérasdómur Reykjavíkur (rechtbank van Reykjavik), gedaan bij beschikking van die rechtbank van 12 november 1997 in de zaak Erla María Sveinbjörnsdóttir tegen regering van IJsland (Zaak E-9/97)

OJ C 84, 19.3.1998, p. 13–13 (ES, DA, DE, EL, EN, FR, IT, NL, PT, FI, SV)

E1997P0009

Adviesaanvrage van Hérasdómur Reykjavíkur (rechtbank van Reykjavik), gedaan bij beschikking van die rechtbank van 12 november 1997 in de zaak Erla María Sveinbjörnsdóttir tegen regering van IJsland (Zaak E-9/97)

Publicatieblad Nr. C 084 van 19/03/1998 blz. 0013 - 0013


Adviesaanvrage van Héra ssdómur Reykjavíkur (rechtbank van Reykjavik), gedaan bij beschikking van die rechtbank van 12 november 1997 in de zaak Erla María Sveinbjörnsdóttir tegen regering van IJsland (Zaak E-9/97) (98/C 84/05)

Ingevolge een beschikking van 12 november 1997 van Héra ssdómur Reykjavíkur (rechtbank van Reykjavik), IJsland, is een aanvraag bij het EVA-Hof ingediend, welke door de griffie van het Hof op 18 november 1997 werd ontvangen, om een advies in de zaak Erla María Sveinbjörnsdóttir tegen de regering van IJsland, in verband met de volgende vragen:

1. Moeten het besluit waarnaar in punt 24 van bijlage XVIII van de EER-Overeenkomst (Richtlijn 80/987/EEG van de Raad van 20 oktober 1980, zoals gewijzigd bij Richtlijn 87/164/EEG van de Raad van 2 maart 1987), inzonderheid artikel 1, lid 2, en artikel 10 van de richtlijn, aldus worden uitgelegd dat in de nationale wetgeving kan worden bepaald dat het loongarantiefonds van de staat kan weigeren het loon te betalen dat een werknemer van een failliete boedel vordert, op grond dat er een familierelatie bestaat met de eigenaar van 40 % van de aandelen in de insolvente vennootschap? De betrokken familierelatie is in dit geval verwantschap in de zijlijn, d.w.z. een van broers en/of zusters.

2. Indien het antwoord op vraag 1 inhoudt dat het loon dat een dergelijke werknemer vordert niet mag worden ingehouden, is de staat dan aansprakelijk ten opzichte van de werknemer wegens niet-aanpassing van de nationale wetgeving ten tijde van zijn toetreding tot de EER-Overeenkomst, zodat de werknemer een wettelijk recht heeft op voldoening van de

Top