Accept Refuse

EUR-Lex Access to European Union law

Back to EUR-Lex homepage

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Document 52009IP0059

Guinee Resolutie van het Europees Parlement van 22 oktober 2009 over de situatie in Guinee

OJ C 265E , 30.9.2010, p. 23–25 (BG, ES, CS, DA, DE, ET, EL, EN, FR, IT, LV, LT, HU, MT, NL, PL, PT, RO, SK, SL, FI, SV)

30.9.2010   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

CE 265/23


Donderdag, 22 oktober 2009
Guinee

P7_TA(2009)0059

Resolutie van het Europees Parlement van 22 oktober 2009 over de situatie in Guinee

2010/C 265 E/05

Het Europees Parlement,

gezien het communiqué dat op 13 oktober 2009 door de internationale contactgroep voor Guinee is uitgevaardigd in Abuja (Nigeria),

gezien de onstabiele situatie die reeds lange tijd aanhoudt in de regio van de Manorivier, en waardoor de plaatselijke bevolking wordt getraumatiseerd,

onder verwijzing naar zijn eerdere resoluties over Guinee,

gezien de verklaring van het Voorzitterschap namens de Europese Unie van 29 september 2009, betreffende de geweldplegingen in Conakry (Republiek Guinee),

gezien het debat dat op 7 oktober 2009 werd gehouden in het Parlement,

gelet op artikel 122 van zijn Reglement,

A.

overwegende dat een militaire junta onder leiding van kapitein Moussa Dadis Camara op 23 december 2008 na het overlijden van president Lansane Conté de macht heeft gegrepen in Guinee,

B.

overwegende dat bij de onderdrukking van een vreedzame betoging van de oppositie, georganiseerd op 28 september 2009, de verjaardag van het referendum waardoor het land onafhankelijk is geworden, volgens verschillende bronnen tussen de honderd en tweehonderd doden zijn gevallen (militairen hebben talrijke lijken verwijderd om de telling ervan onmogelijk te maken, waardoor de families van de overledenen niet konden rouwen), en meer dan duizend personen gewond zijn geraakt, doordat ze werden geraakt door kogels of doordat ze met een bajonet werden opengereten, en dat er melding werd gemaakt van talrijke verkrachtingen,

C.

overwegende dat vertegenwoordigers van de oppositie werden geslagen, verwond en gearresteerd, dat journalisten die zich kritisch uitlaten over de machthebbers worden vervolgd, en dat er een reëel risico bestaat dat de junta het land doet afstevenen op een etnisch conflict,

D.

overwegende dat in afgrijselijke getuigenissen gewag wordt gemaakt van soldaten die de kolf en zelfs de bajonet van hun geweren gebruiken om vrouwen te verkrachten, terwijl andere vrouwen zouden zijn beroofd van hun kledij en hun waardigheid, alvorens publiekelijk te worden vernederd en verkracht door de veiligheidstroepen,

E.

overwegende dat de gewelddadigheden tegen vrouwen moeten worden beschouwd als oorlogsmisdaden en misdaden tegen de menselijkheid, en dat alle daders hiervan voor de rechter moeten worden gebracht, zodat een einde kan worden gemaakt aan de straffeloosheid,

F.

overwegende dat artikelen 8 en 9 van de Overeenkomst van Cotonou, die door Guinee is ondertekend, de eerbiediging van de mensenrechten en de democratie vereisen,

G.

overwegende dat op 27 juli 2009 een stappenplan om de overgang naar de democratie te organiseren is opgesteld, overeenkomstig artikel 96 van de Overeenkomst van Cotonou,

H.

overwegende dat de leden van de junta afkomstig van de Nationale Raad voor Democratie en Ontwikkeling zich ertoe hadden verbonden om zo snel mogelijk vrije verkiezingen te houden, zonder zichzelf hierbij kandidaat te stellen,

I.

overwegende dat de procureur van het Internationaal Strafhof een vooronderzoek heeft ingesteld naar de situatie in Guinee, om te bepalen of er misdaden zijn begaan die vallen onder de bevoegdheid van het Internationaal Strafhof,

J.

overwegende dat de militaire junta, door het onverantwoorde gebruik van de strijdkrachten om het volk te onderdrukken, zichzelf buitenspel heeft gezet om de overgang van het land naar de democratie te organiseren, door middel van vrije en eerlijke verkiezingen,

K.

overwegende dat de Economische Gemeenschap van West-Afrikaanse Staten en de Afrikaanse Unie een standpunt hebben ingenomen, en dat president Blaise Compaoré van Burkina Faso is benoemd tot „bemiddelaar”,

L.

overwegende dat de internationale contactgroep voor Guinee, bestaande uit diplomaten van de Economische Gemeenschap van West-Afrikaanse Staten, de Verenigde Naties, de Afrikaanse Unie en de Europese Unie, alsook uit vertegenwoordigers van de internationale organisaties die toezicht houden op het naleven van de mensenrechten, een bezoek heeft gebracht aan Guinee en hierover een verslag heeft opgesteld,

M.

overwegende dat de Europese Unie en Guinee een partnerschapsovereenkomst inzake visserij hebben ondertekend in december 2008 (1), enkele dagen voor de staatsgreep die kapitein Dadis Camara aan de macht heeft geholpen, in het kader waarvan de eerste betaling moet plaatsvinden op 30 november 2009,

N.

overwegende dat het ultimatum dat de Afrikaanse Unie had gesteld aan kapitein Dadis Camara, om opnieuw te bevestigen dat hij geen kandidaat zal zijn bij de volgende presidentsverkiezingen, is verlopen,

O.

overwegende dat de Economische Gemeenschap van West-Afrikaanse Staten de internationale gemeenschap heeft opgeroepen een neutrale troepenmacht te ontplooien in Guinee om de bevolking en de oppositie te beschermen, en overwegende dat de „internationale contactgroep voor Guinee” heeft opgeroepen een embargo in te stellen voor alle wapens met Guinee als bestemming,

P.

overwegende dat er ontwikkelingsmogelijkheden zijn in Guinee, gelet op de aanzienlijke delfstoffenrijkdom waarover het land beschikt; overwegende dat Guinee door Transparency International wordt ingedeeld bij de meest corrupte landen in Afrika,

1.

veroordeelt de bloederige en dodelijke onderdrukking van de ongewapende betogers en betuigt zijn deelneming aan de familieleden van de slachtoffers;

2.

veroordeelt alle uitingen van seksueel geweld tegen vrouwen en meisjes en vraagt om de oprichting van een dienst voor medische en psychologische bijstand voor de slachtoffers van verkrachting; vraagt de Commissie met spoed specifieke programma's op te starten voor de rehabilitatie van vrouwen die het slachtoffer zijn van geweld in Guinee;

3.

is verheugd over het communiqué dat door de internationale contactgroep voor Guinee is uitgevaardigd naar aanleiding van haar vergadering van 12 oktober 2009 in Abuja over de crisis in Guinee, en waarin ze de militaire junta oproept „alle personen die willekeurig worden vastgehouden vrij te laten, en met name de personen die worden vastgehouden in verband met de gebeurtenissen van 28 september 2009 in Conakry”, en waarin de junta eveneens wordt opgedragen om er vóór zaterdag 17 oktober voor te zorgen dat de nodige maatregelen zijn getroffen opdat leden van de junta niet kunnen deelnemen aan de presidentsverkiezingen die gepland zijn voor januari 2010;

4.

is verheugd over de oprichting door de Verenigde naties van een internationale en onafhankelijke onderzoekscommissie belast met het aanduiden van de verantwoordelijken van dit bloedbad, en over het instellen van een vooronderzoek door het Internationaal Strafhof, om ervoor te zorgen dat een eind wordt gemaakt aan de straffeloosheid;

5.

vraagt dat al het mogelijke wordt gedaan om de veiligheid te waarborgen van de getuigen en van de families van de slachtoffers die door de internationale onderzoekscommissie zullen worden gehoord;

6.

dringt bij de aan de macht zijnde junta aan op eerbiediging van het recht op een vrije mening, de vrijheid van meningsuiting en vereniging, waaronder het recht van vreedzame vergadering, zoals neergelegd in de Universele verklaring inzake de rechten van de mens;

7.

is van mening dat enkel een door middel van vrije en eerlijke verkiezingen verkozen regering wettelijk is en in staat is om op lange termijn de belangen van het land te behartigen;

8.

vraagt om de instelling van een overgangsregering, waarin de belangrijkste oppositie-partijen zijn vertegenwoordigd, met als opdracht de parlements- en presidentsverkiezingen voor te bereiden;

9.

vraagt aan de Raad om de „passende maatregelen” te nemen waarin artikel 96 van de Overeenkomst van Cotonou voorziet en om de mogelijkheden te onderzoeken om te reageren op de vraag van de Economische Gemeenschap van West-Afrikaanse Staten door een missie ter ondersteuning van een Afrikaanse troepenmacht voor de bescherming van de bevolking te organiseren, om deze troepenmacht de nodige middelen te verlenen om haar missie succesvol uit te voeren, alsook om een civiele missie op langere termijn te organiseren om bij te dragen aan de organisatie van de veiligheidstroepen;

10.

vraagt de Afrikaanse Unie om, in samenwerking met de Economische Gemeenschap van West-Afrikaanse Staten, zware sancties op te leggen aan de medewerkers van de militaire junta en om tegelijkertijd een nationale dialoog op te starten in het kader van een „waarheids- en verzoeningscommissie”;

11.

vraagt alle staten de levering van wapens en munitie aan het leger en de politiediensten op te schorten, alsook van alle andere voorzieningen die kunnen worden gebruikt door de Guinese veiligheidstroepen om de mensenrechten te schenden, overeenkomstig het standpunt van de internationale contactgroep voor Guinee;

12.

betreurt het feit dat zowel Chinese staatsbedrijven als privébedrijven die in Guinee investeren bijna onverschillig staan tegenover de mensenrechten van de burgers van dit land;

13.

verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Raad, de Commissie, de regeringen en de parlementen van de lidstaten, de secretaris-generaal van de Verenigde Naties, de instellingen van de Afrikaanse Unie en van de Economische Gemeenschap van West-Afrikaanse Staten, alsook aan de in de Republiek Guinee aan de macht zijnde junta.


(1)  Protocol tot vaststelling, voor de periode van 1 januari 2009 tot en met 31 december 2012, van de vangstmogelijkheden en de financiële tegenprestatie waarin is voorzien bij de Overeenkomst tussen de Europese Gemeenschap en de Republiek Guinee inzake de visserij voor de kust van Guinee (PB L 156 van 19.6.2009, blz. 40).


Top