EUR-Lex Access to European Union law

Back to EUR-Lex homepage

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Document 32023D1059

Besluit (EU) 2023/1059 van de Raad van 25 mei 2023 betreffende het standpunt dat namens de Europese Unie moet worden ingenomen in het Gespecialiseerd Comité voor coördinatie van de sociale zekerheid dat is opgericht bij de Handels- en samenwerkingsovereenkomst tussen de Europese Unie en de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie, enerzijds, en het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland, anderzijds, over de aanwijzing van de financiële instelling die als referentie zal dienen voor de bepaling van de moratoire rentevoet en de wisselkoers voor valutaomrekeningen, alsook van de peildatum voor de berekening van de valutaomrekeningskoersen

ST/9013/2023/INIT

PB L 142 van 1.6.2023, p. 29–33 (BG, ES, CS, DA, DE, ET, EL, EN, FR, GA, HR, IT, LV, LT, HU, MT, NL, PL, PT, RO, SK, SL, FI, SV)

Legal status of the document In force

ELI: http://data.europa.eu/eli/dec/2023/1059/oj

1.6.2023   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 142/29


BESLUIT (EU) 2023/1059 VAN DE RAAD

van 25 mei 2023

betreffende het standpunt dat namens de Europese Unie moet worden ingenomen in het Gespecialiseerd Comité voor coördinatie van de sociale zekerheid dat is opgericht bij de Handels- en samenwerkingsovereenkomst tussen de Europese Unie en de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie, enerzijds, en het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland, anderzijds, over de aanwijzing van de financiële instelling die als referentie zal dienen voor de bepaling van de moratoire rentevoet en de wisselkoers voor valutaomrekeningen, alsook van de peildatum voor de berekening van de valutaomrekeningskoersen

DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, en met name artikel 48, in samenhang met artikel 218, lid 9,

Gezien het voorstel van de Europese Commissie,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

De Handels- en samenwerkingsovereenkomst tussen de Europese Unie en de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie, enerzijds, en het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland, anderzijds (de “Handels- en samenwerkingsovereenkomst”) is door de Unie gesloten bij Besluit (EU) 2021/689 van de Raad (1) en is op 1 mei 2021 in werking getreden; zij wordt sinds 1 januari 2021 voorlopig toegepast.

(2)

Op grond van artikel 778, lid 1, van de Handels- en samenwerkingsovereenkomst maken de protocollen en bijlagen bij die overeenkomst er integrerend deel van uit. Overeenkomstig artikel 783, lid 3, van de Handels- en samenwerkingsovereenkomst worden — vanaf de datum waarop ze voorlopig wordt toegepast — verwijzingen naar de datum van inwerkingtreding ervan verstaan als verwijzingen naar de datum met ingang waarvan de overeenkomst voorlopig wordt toegepast.

(3)

Krachtens artikel 8, lid 4, punt c), van de Handels- en samenwerkingsovereenkomst is het Gespecialiseerd Comité voor coördinatie van de sociale zekerheid (het “Gespecialiseerd Comité”) bevoegd besluiten vast te stellen, met inbegrip van wijzigingen, en aanbevelingen te doen over alle aangelegenheden waarin die overeenkomst voorziet. Overeenkomstig artikel 10, lid 1, van de Handels- en samenwerkingsovereenkomst zijn de door een comité genomen besluiten bindend voor de partijen.

(4)

Op grond van artikel SSCI.53, lid 2, van het Protocol betreffende de coördinatie van de sociale zekerheid bij de Handels- en samenwerkingsovereenkomst (het “Protocol”) wordt de moratoire rente berekend op basis van de referentievoet die op haar belangrijkste herfinancieringsverrichtingen wordt toegepast door de financiële instelling die daartoe wordt aangewezen door het Gespecialiseerd Comité.

(5)

Een groot aantal bepalingen, zoals artikel SSC.6, punt a), artikel SSC.19, lid 1, de artikelen SSC.26, SSC.47 en SSC.64, artikel SSCI.22, leden 4 en 5, artikel SSCI.23, lid 7, en de artikelen SSCI.56, SSCI.57, SSCI.62 en SSCI.64 van het Protocol, betreffen situaties waarbij de wisselkoers moet worden bepaald voor de betaling, de berekening of de herberekening van uitkeringen of bijdragen, voor vergoedingen of voor verrekenings- of terugvorderingsprocedures.

(6)

Op grond van artikel SSCI.73 van het Protocol moet voor de toepassing van het Protocol en bijlage SSC-7 daarbij de wisselkoers tussen twee valuta’s de referentievoet zijn die wordt bekendgemaakt door de financiële instelling die daartoe wordt aangewezen door het Gespecialiseerd Comité. De peildatum voor de berekening van de wisselkoers moet worden vastgesteld door het Gespecialiseerd Comité.

(7)

Het Gespecialiseerd Comité merkt op dat — hoewel de regels inzake de coördinatie van de sociale zekerheid in het Akkoord inzake de terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland uit de Europese Unie en de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie (2), dat door de Unie is gesloten bij Besluit (EU) 2020/135 van de Raad (3) juridisch losstaan van de in de Handels- en samenwerkingsovereenkomst vastgestelde regels — het de voorkeur zou verdienen voor beide overeenkomsten dezelfde financiële instelling te gebruiken en dezelfde vaste peildatum voor de berekening van de wisselkoers te hanteren, aangezien dat complicaties zou vermijden voor de socialezekerheidsinstellingen die die overeenkomsten uitvoeren, en het risico op fouten zou beperken.

(8)

Het is wenselijk om het standpunt te bepalen dat namens de Unie in het Gespecialiseerd Comité moet worden ingenomen over de aanwijzing van de financiële instelling die als referentie zal dienen voor de bepaling van de moratoire rentevoet en de wisselkoers voor valutaomrekeningen, alsook van de peildatum voor de berekening van de valutaomrekeningskoersen, aangezien het beoogde besluit voor de Unie bindend zal zijn,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

Het standpunt dat namens de Europese Unie moet worden ingenomen in het bij artikel 8, lid 1, punt p), van de Handels- en samenwerkingsovereenkomst opgericht Gespecialiseerd Comité voor coördinatie van de sociale zekerheid, over de aanwijzing van de financiële instelling die als referentie zal dienen voor de bepaling van de moratoire rentevoet en de wisselkoers voor valutaomrekeningen, alsook van de peildatum voor de berekening van de valutaomrekeningskoersen, is opgenomen in het aan dit besluit gehechte ontwerpbesluit van het Gespecialiseerd Comité.

Artikel 2

Dit besluit treedt in werking op de datum van de vaststelling ervan.

Gedaan te Brussel, 25 mei 2023.

Voor de Raad

De voorzitter

J. FORSSELL


(1)  Besluit (EU) 2021/689 van de Raad van 29 april 2021 betreffende de sluiting, namens de Unie, van de Handels- en samenwerkingsovereenkomst tussen de Europese Unie en de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie, enerzijds, en het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland, anderzijds, en van de Overeenkomst tussen de Europese Unie en het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland inzake beveiligingsprocedures voor de uitwisseling en bescherming van gerubriceerde gegevens (PB L 149 van 30.4.2021, blz. 2).

(2)  PB L 29 van 31.1.2020, blz. 7.

(3)  Besluit (EU) 2020/135 van de Raad van 30 januari 2020 betreffende de sluiting van het Akkoord inzake de terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland uit de Europese Unie en de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie (PB L 29 van 31.1.2020, blz. 1).


ONTWERP

BESLUIT Nr. …/2023 VAN HET GESPECIALISEERD COMITÉ VOOR COÖRDINATIE VAN DE SOCIALE ZEKERHEID DAT IS OPGERICHT BIJ ARTIKEL 8, LID 1, PUNT p), VAN DE HANDELS- EN SAMENWERKINGSOVEREENKOMST TUSSEN DE EUROPESE UNIE EN DE EUROPESE GEMEENSCHAP VOOR ATOOMENERGIE, ENERZIJDS, EN HET VERENIGD KONINKRIJK VAN GROOT-BRITTANNIË EN NOORD-IERLAND, ANDERZIJDS,

van …

betreffende de aanwijzing van de financiële instelling die als referentie zal dienen voor de bepaling van de moratoire rentevoet en de wisselkoers voor valutaomrekeningen, alsook van de peildatum voor de berekening van de valutaomrekeningskoersen

HET GESPECIALISEERD COMITÉ VOOR COÖRDINATIE VAN DE SOCIALE ZEKERHEID,

Gezien de Handels- en samenwerkingsovereenkomst tussen de Europese Unie en de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie, enerzijds, en het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland, anderzijds (1), en met name artikel SSCI.53, lid 2, en artikel SSCI.73 van het Protocol betreffende de coördinatie van de sociale zekerheid bij die Handels- en samenwerkingsovereenkomst,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Op grond van artikel SSCI.53, lid 2, van het Protocol betreffende de coördinatie van de sociale zekerheid (het “Protocol”) bij de Handels- en samenwerkingsovereenkomst tussen de Europese Unie en de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie, enerzijds, en het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland, anderzijds (de “Handels- en samenwerkingsovereenkomst”) wordt de moratoire rente berekend op basis van de referentievoet die op haar belangrijkste herfinancieringsverrichtingen wordt toegepast door de financiële instelling die daartoe wordt aangewezen door het Gespecialiseerd Comité voor coördinatie van de sociale zekerheid (het “Gespecialiseerd Comité”).

(2)

Een groot aantal bepalingen, zoals artikel SSC.6, punt a), artikel SSC.19, lid 1, de artikelen SSC.26, SSC.47 en SSC.64, artikel SSCI.22, leden 4 en 5, artikel SSCI.23, lid 7, en de artikelen SSCI.56, SSCI.57, SSCI.62 en SSCI.64 van het Protocol, betreffen situaties waarbij de wisselkoers moet worden bepaald voor de betaling, de berekening of de herberekening van uitkeringen of bijdragen, voor vergoedingen of voor verrekenings- of terugvorderingsprocedures.

(3)

Op grond van artikel SSCI.73 van het Protocol moet voor de toepassing van het Protocol en bijlage SSC-7 daarbij de wisselkoers tussen twee valuta’s de referentievoet zijn die wordt bekendgemaakt door de financiële instelling die daartoe wordt aangewezen door het Gespecialiseerd Comité. De peildatum voor de berekening van de wisselkoers moet worden vastgesteld door het Gespecialiseerd Comité.

(4)

Het Gespecialiseerd Comité merkt op dat — hoewel de regels inzake de coördinatie van de sociale zekerheid in het Akkoord inzake de terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland uit de Europese Unie en de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie (2) juridisch losstaan van de in de Handels- en samenwerkingsovereenkomst vastgestelde regels — het de voorkeur zou verdienen voor beide overeenkomsten dezelfde financiële instelling te gebruiken en dezelfde vaste peildatum voor de berekening van de wisselkoers te hanteren, aangezien dat complicaties zou vermijden voor de socialezekerheidsinstellingen die die overeenkomsten uitvoeren, en het risico op fouten zou beperken,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

De Europese Centrale Bank is de financiële instelling die wordt aangewezen voor de toepassing van artikel SSCI.53, lid 2, en artikel SSCI.73.

Artikel 2

Voor de toepassing van dit besluit wordt onder omrekeningskoers de dagelijks door de Europese Centrale Bank bekendgemaakte omrekeningskoers verstaan.

Artikel 3

Tenzij in dit besluit anders wordt vermeld, is de omrekeningskoers de koers die is bekendgemaakt op de dag waarop de verrichting wordt uitgevoerd.

Artikel 4

Een orgaan van een staat dat voor het vaststellen van rechten en voor de eerste berekening van een uitkering een bedrag moet omrekenen, hanteert:

a)

wanneer het orgaan — overeenkomstig de nationale wetgeving of het Protocol — rekening houdt met bedragen, zoals inkomsten uit arbeid of uitkeringen, gedurende een bepaalde periode vóór de datum waarvoor de uitkering wordt berekend, de op de laatste dag van die periode bekendgemaakte omrekeningskoers;

b)

wanneer het orgaan — overeenkomstig de nationale wetgeving of het Protocol — voor de berekening van de uitkering rekening houdt met één bedrag, de omrekeningskoers die is bekendgemaakt op de eerste dag van de maand die onmiddellijk voorafgaat aan de maand waarin de bepaling moet worden toegepast.

Artikel 5

Artikel 4 is van overeenkomstige toepassing wanneer een orgaan van een staat een bedrag moet omrekenen voor de herberekening van een uitkering als gevolg van veranderingen van de feitelijke of juridische situatie van de betrokkene.

Artikel 6

Een orgaan van een staat dat een uitkering uitbetaalt die overeenkomstig de nationale wetgeving regelmatig geïndexeerd wordt en waarbij de bedragen in een andere valuta van invloed zijn op die uitkering, hanteert bij de herberekening van die uitkering de omrekeningskoers die is bekendgemaakt op de eerste dag van de maand die voorafgaat aan de maand waarin de indexering moet plaatsvinden, tenzij de nationale wetgeving anders bepaalt.

Artikel 7

Voor de toepassing van artikel SSCI.73 van het Protocol is de peildatum voor de berekening van de toepasselijke wisselkoers tussen twee valuta’s:

a)

bij een verzoek om verrekening met achterstallige of lopende betalingen: de werkdag onmiddellijk voorafgaand aan de dag waarop de verzoekende partij het definitieve verzoek om verrekening met achterstallige of lopende betalingen heeft ingediend; of

b)

bij een verzoek tot terug- of invordering: de werkdag onmiddellijk voorafgaand aan de dag waarop de verzoekende partij het eerste verzoek tot terug- of invordering heeft ingediend.

Voor de toepassing van dit artikel wordt onder “werkdag” een werkdag van de Europese Centrale Bank verstaan waarop zij een dagelijkse referentiewisselkoers bekendmaakt.

Artikel 8

Dit besluit treedt in werking op de datum van de vaststelling ervan.

Gedaan te …, …

Voor het Gespecialiseerd Comité voor coördinatie van de sociale zekerheid

De medevoorzitters


(1)  PB EU L 149 van 30.4.2021, blz. 10.

(2)  PB EU L 29 van 31.1.2020, blz. 7.


Top