EUR-Lex Access to European Union law

Back to EUR-Lex homepage

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Document 32015D2177

Uitvoeringsbesluit (EU) 2015/2177 van de Commissie van 20 november 2015 tot vrijstelling van de exploratie naar aardolie en aardgas in Portugal van de toepassing van Richtlijn 2004/17/EG van het Europees Parlement en de Raad houdende coördinatie van de procedures voor het plaatsen van opdrachten in de sectoren water- en energievoorziening, vervoer en postdiensten (Kennisgeving geschied onder nummer C(2015) 8043) (Voor de EER relevante tekst)

OJ L 307, 25.11.2015, p. 27–30 (BG, ES, CS, DA, DE, ET, EL, EN, FR, HR, IT, LV, LT, HU, MT, NL, PL, PT, RO, SK, SL, FI, SV)

In force

ELI: http://data.europa.eu/eli/dec_impl/2015/2177/oj

25.11.2015   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 307/27


UITVOERINGSBESLUIT (EU) 2015/2177 VAN DE COMMISSIE

van 20 november 2015

tot vrijstelling van de exploratie naar aardolie en aardgas in Portugal van de toepassing van Richtlijn 2004/17/EG van het Europees Parlement en de Raad houdende coördinatie van de procedures voor het plaatsen van opdrachten in de sectoren water- en energievoorziening, vervoer en postdiensten

(Kennisgeving geschied onder nummer C(2015) 8043)

(Slechts de tekst in de Portugese taal is authentiek)

(Voor de EER relevante tekst)

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Richtlijn 2004/17/EG van het Europees Parlement en de Raad van 31 maart 2004 houdende coördinatie van de procedures voor het plaatsen van opdrachten in de sectoren water- en energievoorziening, vervoer en postdiensten (1), en met name artikel 30, lid 4,

Gezien het verzoek dat ENI PORTUGAL bv op 28 juli 2015 per e-mail heeft ingediend,

Overwegende hetgeen volgt:

I.   FEITEN

(1)

Op 28 juli 2015 heeft ENI PORTUGAL bv (hierna „de aanvrager” genoemd) per e-mail bij de Commissie een verzoek ingediend op basis van artikel 35, lid 1, van Richtlijn 2014/25/EU van het Europees Parlement en de Raad (2). Het verzoek was vergezeld van een door de Portugese mededingingsautoriteit goedgekeurd gemotiveerd standpunt van 16 juli 2015. Ingevolge dit verzoek werd de Commissie verzocht vast te stellen dat de bepalingen van Richtlijn 2004/17/EG en de aanbestedingsprocedures waarin die richtlijn voorziet, niet van toepassing zijn op de exploratie naar aardolie en aardgas in Portugal.

II.   RECHTSKADER

(2)

Totdat Richtlijn 2004/17/EG wordt ingetrokken, is deze van toepassing op de plaatsing van opdrachten voor de exploratie naar aardolie en aardgas, tenzij deze activiteit is vrijgesteld op grond van artikel 30 van die richtlijn. Uit procedureel oogpunt evenwel zijn de bepalingen van Richtlijn 2014/25/EU van toepassing op verzoeken tot vrijstelling, aangezien de materiële voorwaarden voor de toekenning van een vrijstelling inhoudelijk ongewijzigd blijven.

(3)

Bij artikel 30 van Richtlijn 2004/17/EG is bepaald dat deze richtlijn niet van toepassing is op de opdrachten voor de in de artikelen 3 tot en met 7 bedoelde activiteiten indien de activiteit in de lidstaat waar zij wordt uitgeoefend rechtstreeks aan mededinging blootstaat op marktgebieden tot welke de toegang niet beperkt is. De rechtstreekse blootstelling aan mededinging wordt getoetst aan de hand van objectieve criteria, waarbij rekening wordt gehouden met de specifieke kenmerken van de betrokken sector. De toegang tot een markt wordt als niet-beperkt beschouwd indien de lidstaat de wetgeving van de Unie ten uitvoer heeft gelegd en heeft toegepast met betrekking tot de opening van een bepaalde markt, zoals uiteengezet in bijlage XI bij Richtlijn 2004/17/EG. Volgens punt G van die bijlage XI vormt Richtlijn 94/22/EG van het Europees Parlement en de Raad (3) een relevante wetgeving van de Unie met betrekking tot de openstelling van de markt voor de exploratie naar en de winning van aardolie of aardgas.

(4)

Portugal heeft Richtlijn 94/22/EG omgezet (4) en toegepast. Daarom wordt de toegang tot de markt voor de exploratie naar en de winning van aardolie of aardgas geacht niet beperkt te zijn in overeenstemming met de eerste alinea van artikel 30, lid 3, van Richtlijn 2004/17/EG.

(5)

Wanneer wordt beoordeeld of de relevante activiteiten rechtstreeks aan mededinging blootstaan op de markten waarop dit besluit betrekking heeft, moet rekening worden gehouden met het marktaandeel van de voornaamste spelers en de concentratiegraad van de markten in kwestie.

(6)

Dit besluit laat de toepassing van de mededingingsregels onverlet.

III.   BEOORDELING

(7)

De aanvrager is een aanbestedende dienst in de zin van artikel 2, lid 2, onder b), van Richtlijn 2004/17/EG. De aanvrager kan niet worden aangemerkt als een openbaar bedrijf of aanbestedende dienst. Hij verricht de exploratie naar olie en gas als bedoeld in artikel 7 van Richtlijn 2004/17/EG. Bovendien opereert hij op basis van bijzondere rechten die op 18 december 2014 werden verworven. Deze bijzondere rechten omvatten concessieovereenkomsten voor de door de aanvrager verworven blokken „Santola”, „Lavagante” en „Gamba”. De oorspronkelijke concessieovereenkomsten werden op 1 februari 2007 ondertekend tussen de Portugese staat enerzijds en ondernemingen Harman Resources Ltd (80 %), Petróleos de Portugal — Petrogal, SA (Galp) (10 %) en Partex Oil and Gas (Holdings) Corporation (10 %) anderzijds. Op 25 maart 2010 werden de concessieovereenkomsten toegekend aan Petrobas International Baspetro bv (50 %) en Petróleos de Portugal — Petrogal SA (Galp) (50 %). Ten slotte werden deze contractuele posities middels een amendement op 18 december 2014 aan ENI bv (70 %) en Petróleos de Portugal — Petrogal SA (Galp) (30 %) toegekend.

(8)

Het verzoek is beperkt tot de exploratie naar aardolie en aardgas. ENI Portugal bv en Petróleos de Portugal — Petrogal SA (Galp) vormen samen een joint venture waarin de aanvrager als projectuitvoerder belast is met de exploratie, beoordeling, ontwikkeling, productie en buitengebruikstelling. De aanvrager is verantwoordelijk voor alle aanbestedingen die noodzakelijk zijn voor de ontwikkeling van de exploratie en de productie.

(9)

Overeenkomstig de gevestigde praktijk van de Commissie (5) vormt de exploratie naar aardolie en aardgas één relevante productmarkt, aangezien het van tevoren onmogelijk is te bepalen of de exploratie zal resulteren in het vinden van aardolie, dan wel aardgas. Overeenkomstig diezelfde gevestigde praktijk moet de relevante geografische markt bovendien worden geacht mondiaal te zijn. Aangezien er geen aanwijzingen zijn dat het geografisch bereik van de markt in dit geval anders zou zijn, blijft dit gelden voor de doeleinden van dit besluit.

(10)

Het marktaandeel van de partijen die op exploratiegebied actief zijn kan op drie manieren worden gemeten, namelijk aan de hand van de kapitaaluitgaven, de bewezen reserves of de verwachte productie.

(11)

Gezien de grote verschillen tussen de vereiste investeringsniveaus in de onderscheiden geografische gebieden is men evenwel tot de conclusie gekomen dat de kapitaaluitgaven geen geschikte parameter zijn om het marktaandeel van de desbetreffende partijen te meten. Gewoonlijk worden de twee andere parameters gebruikt om het marktaandeel van de marktdeelnemers binnen deze sector te evalueren (6), namelijk hun aandeel in de bewezen reserves en in de verwachte productie.

(12)

In 2014 bedroegen de mondiale aangetoonde en vermoede olie- en gasreserves 209 934 817 170 standaard kubieke meters olie-equivalent (7). In Portugal waren er in 2014 in totaal twaalf exploratievergunningen toegekend (8) en werden er geen proefboringen uitgevoerd. Er zijn momenteel geen bewezen olie- en gasreserves in Portugal.

(13)

De aanvrager heeft in de afgelopen drie boekjaren helemaal geen aardolie of aardgas in Portugal of enig ander land geproduceerd; toch wordt geschat dat de exploratie kan leiden tot een mogelijke ontdekking van koolwaterstoffen van ongeveer [… standaard kubieke meter] in de Portugese gebieden van diepwaterexploratie waarvoor vergunningen werden toegekend (9). In 2014 had de moedermaatschappij ENI S.p.A. een marktaandeel van 0,9 % in de mondiale markt voor aangetoonde en vermoede reserves voor de exploratie van olie en gas (10).

(14)

De exploratiemarkt is weinig geconcentreerd. De markt wordt gekenmerkt door de aanwezigheid van staatsbedrijven, alsmede grote spelers zoals ExxonMobil, Chevron, Shell, BP en Total. In 2014 hadden de grote spelers een aandeel van respectievelijk 2,8 % (ExxonMobil), 2,1 % (Chevron), 1,9 % (Shell), 1,4 % (BP), 1,4 % (Total) van de mondiale markt voor de exploratie van aardolie en aardgas. De respectieve aandelen van de staatsbedrijven in de mondiale markt voor de exploratie van aardolie en aardgas zijn 13,6 % (Saudi Aramco), 7,4 % (Gazprom), 4,8 % (Qatar Petroleum), 4,7 % (National Iranian Oil Company) (11). ENI S.p.A. heeft een marktaandeel van 0,9 % van de mondiale aangetoonde en vermoede olie- en aardgasreserves. Binnen het gebied van de EU heeft ENI S.p.A. een marktaandeel van 4 % van de aangetoonde en vermoede olie- en aardgasreserves (12). Deze elementen wijzen op rechtstreekse blootstelling aan mededinging.

IV.   CONCLUSIE

(15)

Op basis van hetgeen in de overwegingen 1 tot en met 14 is uiteengezet, moet de voorwaarde van rechtstreekse blootstelling aan mededinging van artikel 30, lid 1, van Richtlijn 2004/17/EG in Portugal worden geacht te zijn vervuld.

(16)

Aangezien de voorwaarde van niet-beperkte toegang tot de markt als vervuld kan worden beschouwd, is Richtlijn 2004/17/EG niet van toepassing wanneer aanbestedende diensten opdrachten gunnen die bedoeld zijn om de exploratie naar aardolie en aardgas in Portugal mogelijk te maken en evenmin wanneer prijsvragen worden georganiseerd voor de uitvoering van dergelijke activiteiten in dat geografische gebied.

(17)

Dit besluit is gebaseerd op de juridische en feitelijke situatie van 29 juli tot 11 september 2015 zoals deze blijkt uit de door de aanvrager verstrekte informatie. Het kan worden herzien wanneer de juridische of feitelijke situatie zodanig verandert dat niet meer wordt voldaan aan de voorwaarden waaronder artikel 30, lid 1, van Richtlijn 2004/17/EG van toepassing is.

(18)

De in dit besluit vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Raadgevend Comité inzake overheidsopdrachten,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

Richtlijn 2004/17/EG is niet van toepassing op opdrachten die door de aanbestedende diensten worden gegund om de exploratie naar aardolie en aardgas in Portugal mogelijk te maken.

Artikel 2

Dit besluit is gericht tot de Portugese Republiek.

Gedaan te Brussel, 20 november 2015.

Voor de Commissie

Elżbieta BIEŃKOWSKA

Lid van de Commissie


(1)  PB L 134 van 30.4.2004, blz. 1.

(2)  Richtlijn 2014/25/EU van het Europees Parlement en de Raad van 26 februari 2014 betreffende het plaatsen van opdrachten in de sectoren water- en energievoorziening, vervoer en postdiensten en houdende intrekking van Richtlijn 2004/17/EG (PB L 94 van 28.3.2014, blz. 243).

(3)  Richtlijn 94/22/EG van het Europees Parlement en de Raad van 30 mei 1994 betreffende de voorwaarden voor het verlenen en het gebruikmaken van vergunningen voor de prospectie, de exploratie en de productie van koolwaterstoffen (PB L 164 van 30.6.1994, blz. 3).

(4)  Wetsbesluit nr. 109/94 van 26 april (Decreto-Lei n.o 109/94 de 26 de Abril); Ministeriële Beschikking nr. 790/94 van 5 september (Portaria n.o 790/94 de 5 de Septembro);

(5)  Zie Beschikking 2004/284/EG van de Commissie van 29 september 1999 waarbij een concentratie verenigbaar met de gemeenschappelijke markt en de EER-overeenkomst wordt verklaard (zaak nr. IV/M.1383 — Exxon/Mobil) (PB L 103 van 7.4.2004, blz. 1); Beschikking 2001/45/EG van de Commissie van 29 september 1999 waarbij een concentratie verenigbaar met de gemeenschappelijke markt en de EER-overeenkomst wordt verklaard (zaak nr. IV/M.1532 — BP Amoco/Arco) (PB L 18 van 19.1.2001, blz. 1); Beschikking van de Commissie van 6 maart 2002 waarbij een concentratie verenigbaar met de gemeenschappelijke markt wordt verklaard (zaak COMP/M.2681 — Conoco/Philips Petroleum) (PB C 79 van 3.4.2002, blz. 12); Beschikking van de Commissie van 20 november 2003 waarbij een concentratie verenigbaar met de gemeenschappelijke markt wordt verklaard (zaak COMP/M.3294 — ExxonMobil/BEB) (PB C 8 van 13.1.2004, blz. 7); Beschikking van de Commissie van 3 mei 2007 waarbij een concentratie verenigbaar met de gemeenschappelijke markt wordt verklaard (zaak COMP/M.4545 — Statoil/Hydro) (PB C 130 van 12.6.2007, blz. 8); Beschikking van de Commissie van 19 november 2007 waarbij een concentratie verenigbaar met de gemeenschappelijke markt wordt verklaard (zaak COMP/M.4934 — Kazmunaigaz/Rompetrol) (PB C 31 van 5.2.2008, blz. 2).

(6)  Zie met name de overwegingen 25 en 27 van Beschikking 2004/284/EG, en daaropvolgende beschikkingen, onder meer zaak COMP/M.4545 — Statoil/Hydro).

(7)  Volgens Wood Mackenzie, zoals opgegeven door de aanvrager.

(8)  Deze omvatten de verre offshore blokken, de Barreiro-concessie en de blokken „Caranguejo” en „Sapateira” in het stroomgebied van de Algarve, die al zijn toegekend, maar waarvan de concessieovereenkomsten nog niet zijn ondertekend.

(9)  [… vertrouwelijke informatie].

(10)  Zie voetnoot 7.

(11)  Zie voetnoot 7.

(12)  Zie voetnoot 7.


Top