This document is an excerpt from the EUR-Lex website
Document 32004D0314
2004/314/EC: Commission Decision of 17 September 2003 on the State aid which Italy is planning to implement for Aquafil Technopolymers SpA (Text with EEA relevance) (notified under document number C(2003) 3240)
2004/314/EG: Beschikking van de Commissie van 17 september 2003 betreffende de steunmaatregel die Italië voornemens is ten uitvoer te leggen ten behoeve van Aquafil Technopolymers SpA (Voor de EER relevante tekst) (kennisgeving geschied onder nummer C(2003) 3240)
2004/314/EG: Beschikking van de Commissie van 17 september 2003 betreffende de steunmaatregel die Italië voornemens is ten uitvoer te leggen ten behoeve van Aquafil Technopolymers SpA (Voor de EER relevante tekst) (kennisgeving geschied onder nummer C(2003) 3240)
PB L 100 van 6.4.2004, pp. 40–42
(ES, DA, DE, EL, EN, FR, IT, NL, PT, FI, SV)
In force
2004/314/EG: Beschikking van de Commissie van 17 september 2003 betreffende de steunmaatregel die Italië voornemens is ten uitvoer te leggen ten behoeve van Aquafil Technopolymers SpA (Voor de EER relevante tekst) (kennisgeving geschied onder nummer C(2003) 3240)
Publicatieblad Nr. L 100 van 06/04/2004 blz. 0040 - 0042
Beschikking van de Commissie van 17 september 2003 betreffende de steunmaatregel die Italië voornemens is ten uitvoer te leggen ten behoeve van Aquafil Technopolymers SpA (kennisgeving geschied onder nummer C(2003) 3240) (Slechts de tekst in de Italiaanse taal is authentiek) (Voor de EER relevante tekst) (2004/314/EG) DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN, Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, inzonderheid op artikel 88, lid 2, eerste alinea, Gelet op de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte, en met name op artikel 62, lid 1, onder a), Na de belanghebbenden overeenkomstig de genoemde artikelen(1) te hebben aangemaand hun opmerkingen te maken, en gezien deze opmerkingen, Overwegende hetgeen volgt: I. PROCEDURE (1) Bij brief van 28 februari 2002 deden de Italiaanse autoriteiten aanmelding van het voornemen investeringssteun te verlenen aan Aquafil Technopolymers SpA, een producent van polymeren, een chemisch product dat wordt gebruikt voor de vervaardiging van synthetische vezels. (2) Bij schrijven van 5 juni 2002 heeft de Commissie Italië in kennis gesteld van haar besluit om de procedure van artikel 88, lid 2, van het Verdrag in te leiden ten aanzien van de betrokken steunmaatregel. (3) Het besluit van de Commissie om de procedure in te leiden is bekendgemaakt in het Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen(2). De Commissie heeft belanghebbenden verzocht hun opmerkingen over de betrokken steunmaatregel mee te delen. (4) De Commissie heeft in dit verband opmerkingen van belanghebbenden ontvangen. Deze opmerkingen werden meegedeeld aan de Italiaanse autoriteiten, die de gelegenheid hebben gehad erop te reageren. II. GEDETAILLEERDE BESCHRIJVING VAN DE STEUNMAATREGEL (5) Aquafil Technopolymers SpA is een 100 % dochteronderneming van Aquafil SpA, die op haar beurt deel uitmaakt van de Gruppo Bonazzi SpA, de holdingmaatschappij van de familie Bonazzi. Onlangs heeft dit concern, dat een belangrijke producent van synthetische vezels is, de productieketen verticaal geïntegreerd en daarbij nieuwe bedrijven opgezet voor de productie van de verschillende chemische grondstoffen die het voor zijn intern gebruik nodig heeft. (6) De nieuwe investering maakt deel uit van deze strategie. Aquafil Technopolymers SpA, die onlangs is opgericht, brengt de activiteiten op het gebied van het bereiden van chemische verbindingen en de vervaardiging van gecombineerde basispolymeren samen. De nieuwe fabriek zal in hoofdzaak twee soorten producten vervaardigen: "masterbatch" (basismengsel), dat in een eerste fase uitsluitend zal worden geproduceerd voor intern gebruik, en polyamidemengsel 6,66 en 12, hoofdzakelijk bestemd voor externe markten, namelijk 60 % voor de Italiaanse nationale markt en de rest voor de Europese markt. De investeringskosten bestaan uit de aankoop van een bestaand industrieel gebouw (6,2 miljoen EUR) en het daarin installeren van de benodigde uitrusting (1,3 miljoen EUR). (7) De belangrijkste concurrenten van Aquafil op Europees niveau zijn Nyltech, Radici Novacips, Lati, Basf, Bayer, Dupont General Electronics, Ems en Huels. (8) De aangemelde steun bestaat uit een subsidie van 10 % van de investeringskosten ten belope van 7457000,30 EUR die door Aquafil Technopolymers SpA zal worden gedaan. Deze subsidie wordt door de autonome provincie Trento verleend uit hoofde van de "Legge Provinciale 13 Dicembre 1999, No 6", hierna "wet nr. 6/1999" genoemd, een wet waarin alle steun die door de provincie aan bedrijven wordt verleend, is geregeld. (9) De Italiaanse autoriteiten baseren hun aanmelding op twee bepalingen in wet nr. 6/1999. Artikel 2, lid 3, bepaalt dat grote ondernemingen voor de in die wet bedoelde steun in aanmerking komen als het gaat om maatregelen waarmee geen doelstellingen van horizontale aard worden nagestreefd en mits het concrete geval vooraf is aangemeld en door de Commissie is goedgekeurd. Dit is het geval wanneer de steun noodzakelijk blijkt te zijn om de onderneming onder concurrerende voorwaarden te handhaven op de markt of om arbeidsplaatsen te behouden. Artikel 9, lid 4, van de wet schrijft voor dat, ingeval in een vervangende activiteit wordt voorzien, de investeringssteun kan worden verhoogd met 10 % ten opzichte van de steunintensiteit die in de communautaire regelgeving is vastgelegd. Het begrip vervangende activiteit wordt in de wet omschreven als het opzetten of de uitbreiding van een bedrijf dat een aanzienlijk deel van de arbeidsplaatsen die eerder waren geschrapt, weer opneemt. (10) De Italiaanse autoriteiten zijn van mening dat de door Aquafil Technopolymers SpA voorgenomen investering nodig is om arbeidsplaatsen te behouden en als een vervangende activiteit kan worden beschouwd. Die redenering zou verantwoord zijn door het feit dat het gebouw dat met deze investering is aangekocht en waar de nieuwe installaties worden ondergebracht eigendom was van Komarek SpA, een in liquidatie verkerend bedrijf, waarvan Aquafil Technopolymers SpA ook een deel van het personeel zal overnemen. Aquafil Technopolymers SpA heeft zich ertoe verbonden ten minste negen van de 20 arbeidsplaatsen die in de nieuwe fabriek zullen worden gecreëerd, voor vroegere werknemers van Komarek SpA te reserveren. III. REDENEN VOOR HET INLEIDEN VAN DE PROCEDURE (11) In haar besluit tot inleiding van de procedure heeft de Commissie twijfels geuit over de toepasselijkheid van de uitzonderingsbepalingen van artikel 87 op de aangemelde steunmaatregel. De steun kon immers niet worden beschouwd als een steunmaatregel ten behoeve van de handhaving van de onderneming op de markt of met het oog op het behoud van arbeidsplaatsen, d.w.z. als reddings- en herstructureringssteun. De Commissie merkte op dat de investering geen deel uitmaakte van een herstructurering - integendeel: de investering wordt gedaan met het oog op de expansie/consolidatie in de markt van het bedrijf en van het concern waartoe het behoort. De Italiaanse autoriteiten hebben geen enkel herstructureringsplan ingediend; evenmin hebben zij beweerd dat de investering deel uitmaakte van een plan tot herstructurering van het bedrijf. Daarenboven heeft Aquafil Technopolymers SpA haar statutaire zetel in Arco, in de provincie Trento, dat geen gebied is dat voor regionale investeringssteun in aanmerking komt. IV. OPMERKINGEN VAN DE BELANGHEBBENDEN (12) De enige belanghebbende die opmerkingen heeft ingediend, is de begunstigde onderneming. Aquafil stelt dat zij de investering heeft verricht omdat zij erop vertrouwde dat zij de in wet nr. 6/1999 bedoelde steun zou ontvangen. Voorts houdt de onderneming staande dat het niet gaat om reddings- of herstructureringssteun, maar om een steunmaatregel met het oog op de totstandbrenging van een vervangende activiteit in de zin van wet nr. 6/1999. Zij voert aan dat het personeelsbestand gehandhaafd is, omdat zij een deel van het personeel van Komarek heeft overgenomen en nog enkele personeelsleden extra in dienst heeft genomen, zodat het werkgelegenheidsniveau in grote lijnen onveranderd is gebleven. Tenslotte wijst Aquafil erop dat de investering ook positieve gevolgen heeft voor het milieu (vermindering van de afvalstroom doordat de fabriek restproducten gebruikt van grondstoffen die in een andere fabriek worden vervaardigd; beperking van het transport doordat de fabriek gevestigd wordt in de buurt van een andere fabriek die haar eindproduct zal gebruiken; aanpassing van het dak van het gebouw om de uitstoot van asbeststof in de lucht te voorkomen). V. OPMERKINGEN VAN ITALIË (13) De Italiaanse autoriteiten beweren dat de steunmaatregel niet mag worden beschouwd als reddings- of herstructureringssteun. Het gaat om een verhoging met 10 % van het toegestane niveau van steunintensiteit voor investeringen ten behoeve van een vervangende activiteit die de mogelijkheid schept personeel over te nemen van een andere onderneming die haar werkzaamheden heeft stopgezet, zoals bedoeld in artikel 9 van de regionale wet, die door de Commissie is goedgekeurd. Italië verzoekt de Commissie de bepalingen van wet nr. 6/1999 niet opnieuw ter discussie te stellen bij de beoordeling van afzonderlijke aan te melden projecten en de voorgenomen steunmaatregel ten behoeve van Aquafil te beoordelen door, voorzover nodig, aan te geven aan welke voorwaarden moet worden voldaan. VI. BEOORDELING VAN DE STEUN (14) Volgens artikel 87, lid 1, van het EG-Verdrag zijn steunmaatregelen van de staten of in welke vorm ook met staatsmiddelen bekostigd, die de mededinging door begunstiging van bepaalde ondernemingen of bepaalde producties vervalsen of dreigen te vervalsen, onverenigbaar met de gemeenschappelijke markt, voorzover deze steun het handelsverkeer tussen de lidstaten ongunstig beïnvloedt. (15) De voorgenomen steun aan Aquafil Technopolymers SpA bestaat uit een rechtstreekse subsidie die met overheidsmiddelen van de autonome provincie Trento zal worden gefinancierd. De producten van Aquafil Technopolymers SpA met name en van Aquafil meer in het algemeen worden op grote schaal in geheel Europa verhandeld. De voorgenomen subsidie ten behoeve van Aquafil Technopolymers SpA is derhalve een steunmaatregel in de zin van artikel 87, lid 1, van het Verdrag. (16) De aanmelding heeft plaatsgevonden op grond van artikel 2, lid 3, van de regionale wet, die bepaalt dat - behalve voor "de minimis"-steun, voor milieusteun en voor O& O-steun - grote ondernemingen uitsluitend voor de door de wet ingestelde vormen van steun in aanmerking komen wanneer de tegemoetkoming noodzakelijk blijkt te zijn om de onderneming op de markt te handhaven of om arbeidsplaatsen te behouden en mits het concrete geval vooraf is aangemeld en door de Commissie is goedgekeurd. (17) De aangemelde steun ten behoeve van Aquafil Technopolymers SpA kan niet worden beschouwd als een steunmaatregel ten behoeve van de handhaving van de onderneming op de markt of met het oog op het behoud van arbeidsplaatsen, d.w.z. als reddings- en herstructureringssteun. De onderneming is niet in moeilijkheden en de betrokken investering maakt geen deel uit van een herstructurering - integendeel: de investering wordt gedaan met het oog op de expansie/consolidatie in de markt van het bedrijf en van het concern waartoe het behoort, het concern Bonazzi SpA. Het concern - een van de belangrijkste in Italië in de sector synthetische vezels - heeft de laatste jaren een strategie van verticale integratie gevolgd. De Italiaanse autoriteiten hebben geen enkel herstructureringsplan ingediend; evenmin hebben zij beweerd dat de investering deel uitmaakt van een plan tot herstructurering van het bedrijf; de begunstigde onderneming heeft evenmin verklaringen in die zin afgelegd. (18) De voorgenomen steun kan niet worden beschouwd als een steunmaatregel ten behoeve van het behoud van arbeidsplaatsen. Volgens artikel 9, lid 5, van Verordening (EG) nr. 2204/2002 van de Commissie van 12 december 2002 betreffende de toepassing van de artikelen 87 en 88 van het EG-Verdrag op werkgelegenheidssteun(3) (hierna de "verordening inzake werkgelegenheidssteun"genoemd) wordt onder steun voor het behoud van arbeidsplaatsen verstaan: financiële steun aan een onderneming om werknemers in dienst te houden die anders zouden worden ontslagen. In het onderhavige geval stelt de Commissie evenwel vast dat het een investering met het oog op de expansie/consolidatie in de markt van het bedrijf is, die aanleiding heeft gegeven tot het scheppen van arbeidsplaatsen. (19) De Commissie is bijgevolg van oordeel dat de betrokken steun niet onder de goedgekeurde regeling valt en dat de bepalingen van artikel 9, lid 4, van wet nr. 6/1999 derhalve niet van toepassing zijn. (20) Onder die omstandigheden moet de Commissie onderzoeken of de steunmaatregel in het licht van de bepalingen van artikel 87, lid 3, onder a) of c), van het Verdrag als verenigbaar met de gemeenschappelijke markt kan worden beschouwd. (21) Op voorstel van de lidstaten heeft de Commissie bepaald welke regio's in elke lidstaat in aanmerking komen voor de daarin opgenomen geografische afwijking; die regio's komen voor op de zogeheten "regionalesteunkaarten". Aquafil Technopolymers SpA heeft haar zetel in Arco, Trento. Volgens de regionalesteunkaart van Italië(4) komt Trento niet voor regionale investeringssteun in aanmerking. De Commissie is dan ook van mening dat de voorgenomen steun niet in aanmerking kan komen voor de regionale afwijking van het algemene verbod in artikel 87, lid 1. (22) Voorts heeft de Commissie door middel van mededelingen, richtsnoeren en verordeningen de normen bekendgemaakt die zij toepast bij de beoordeling en de goedkeuring van steunmaatregelen van de staten met doelstellingen van horizontale aard die toelaatbaar zijn op grond van de uitzondering in de eerste zinsnede van artikel 87, lid 3, onder c). Voorbeelden daarvan zijn maatregelen op het gebied van milieusteun, O& O-steun, werkgelegenheidssteun en opleidingssteun. (23) De Commissie merkt op dat krachtens artikel 4, lid 2, van de verordening inzake werkgelegenheidssteun grote ondernemingen die gevestigd zijn in regio's en die actief zijn in sectoren die niet in aanmerking komen voor regionale steun, niet kunnen worden toegelaten tot steunmaatregelen met het oog op het scheppen van werkgelegenheid. Daarenboven kunnen ondernemingen die gevestigd zijn buiten de regio's die in aanmerking komen voor de uitzondering van artikel 87, lid 3, onder a), krachtens artikel 9, lid 5, van de verordening inzake werkgelegenheidssteun niet in aanmerking komen voor steun met het oog op het behoud van arbeidsplaatsen. Overigens stelt de Commissie vast dat de Italiaanse autoriteiten blijkbaar niet van oordeel waren dat de investering in aanmerking zou kunnen komen voor milieusteun en derhalve geen informatie hebben verstrekt aan de hand waarvan de Commissie ze zou kunnen toetsen aan de communautaire kaderregeling inzake staatssteun ten behoeve van het milieu(5). (24) Om die redenen is de Commissie van mening dat de aangemelde steun niet in aanmerking kan komen voor de afwijking waarin de eerste volzin van artikel 87, lid 3, onder c), voorziet. VII. CONCLUSIES (25) Op grond van de bovenstaande overwegingen komt de Commissie tot de conclusie dat de staatssteun die Italië voornemens is aan de onderneming Aquafil te verlenen, onverenigbaar is met de gemeenschappelijke markt, HEEFT DE VOLGENDE BESCHIKKING GEGEVEN: Artikel 1 De steunmaatregel die de Italiaanse Republiek voornemens is ten uitvoer te leggen ten behoeve van de onderneming Aquafil Technopolymers SpA, ten bedrage van 745700 EUR, is onverenigbaar met de gemeenschappelijke markt. Deze steunmaatregel mag bijgevolg niet ten uitvoer worden gelegd. Artikel 2 Italië deelt de Commissie binnen twee maanden vanaf de kennisgeving van deze beschikking mee welke maatregelen het heeft genomen om hieraan te voldoen. Artikel 3 Deze beschikking is gericht tot de Italiaanse Republiek. Gedaan te Brussel, 17 september 2003. Voor de Commissie Mario Monti Lid van de Commissie (1) PB C 170 van 16.7.2002, blz. 7. (2) Zie voetnoot 1. (3) PB L 337 van 13.12.2002, blz. 3. (4) Door de Commissie goedgekeurd op 1 maart 2000 (PB C 175 van 24.6.2000) en op 20 juni 2001 (brief SG 2001 D/289334). (5) PB C 37 van 3.2.2001, blz. 3.