EUR-Lex Access to European Union law

Back to EUR-Lex homepage

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Document 31992L0029

Richtlijn 92/29/EEG van de Raad van 31 maart 1992 betreffende de minimumvoorschriften inzake veiligheid en gezondheid ter bevordering van een betere medische hulpverlening aan boord van schepen

OJ L 113, 30.4.1992, p. 19–36 (ES, DA, DE, EL, EN, FR, IT, NL, PT)
Special edition in Finnish: Chapter 05 Volume 005 P. 106 - 123
Special edition in Swedish: Chapter 05 Volume 005 P. 106 - 123
Special edition in Czech: Chapter 05 Volume 002 P. 21 - 40
Special edition in Estonian: Chapter 05 Volume 002 P. 21 - 40
Special edition in Latvian: Chapter 05 Volume 002 P. 21 - 40
Special edition in Lithuanian: Chapter 05 Volume 002 P. 21 - 40
Special edition in Hungarian Chapter 05 Volume 002 P. 21 - 40
Special edition in Maltese: Chapter 05 Volume 002 P. 21 - 40
Special edition in Polish: Chapter 05 Volume 002 P. 21 - 40
Special edition in Slovak: Chapter 05 Volume 002 P. 21 - 40
Special edition in Slovene: Chapter 05 Volume 002 P. 21 - 40
Special edition in Bulgarian: Chapter 05 Volume 002 P. 192 - 211
Special edition in Romanian: Chapter 05 Volume 002 P. 192 - 211
Special edition in Croatian: Chapter 05 Volume 006 P. 3 - 20

In force: This act has been changed. Current consolidated version: 20/11/2019

ELI: http://data.europa.eu/eli/dir/1992/29/oj

31992L0029

Richtlijn 92/29/EEG van de Raad van 31 maart 1992 betreffende de minimumvoorschriften inzake veiligheid en gezondheid ter bevordering van een betere medische hulpverlening aan boord van schepen

Publicatieblad Nr. L 113 van 30/04/1992 blz. 0019 - 0036
Bijzondere uitgave in het Fins: Hoofdstuk 5 Deel 5 blz. 0106
Bijzondere uitgave in het Zweeds: Hoofdstuk 5 Deel 5 blz. 0106


RICHTLIJN 92/29/EEG VAN DE RAAD van 31 maart 1992 betreffende de minimumvoorschriften inzake veiligheid en gezondheid ter bevordering van een betere medische hulpverlening aan boord van schepen

DE RAAD VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap, inzonderheid op artikel 118 A,

Gezien het na raadpleging van het Raadgevend Comité voor de veiligheid, de hygiëne en de gezondheidsbescherming op de arbeidsplaats opgestelde voorstel van de Commissie(1) ,

In samenwerking met het Europese Parlement(2) ,

Gezien het advies van het Economisch en Sociaal Comité(3) ,

Overwegende dat in de mededeling van de Commissie over haar programma inzake de veiligheid, de hygiëne en de gezondheid op het werk(4) maatregelen in het vooruitzicht worden gesteld om voor een adequate medische hulpverlening op zee zorg te dragen;

Overwegende dat de veiligheid en de gezondheid van werknemers aan boord van schepen bijzondere aandacht vereisen wegens de grootschalige risico's, onder anderen eventueel rekening houdend met de geografische geisoleerde situaties, die inherent zijn aan de werkplek;

Overwegende dat schepen dienen te beschikken over een adequate, goed onderhouden en regelmatig gecontroleerde medische uitrusting, zodat de werknemers op zee de nodige medische hulpverlening kunnen krijgen;

Overwegende dat met het oog op een passende medische hulpverlening op zee de opleiding en de voorlichting van zeelieden, voor wat betreft het beheer van de medische uitrusting, dienen te worden bevorderd;

Overwegende dat het gebruik van de middelen voor medisch advies op afstand een doeltreffende methode is om bij te dragen aan de bescherming van de veiligheid en de gezondheid van de werknemers,

HEEFT DE VOLGENDE RICHTLIJN VASTGESTELD:

Artikel 1

Definities

In de zin van deze richtlijn wordt verstaan onder:

a) schip: elk schip in staats- of particulier eigendom dat onder de vlag van een Lid-Staat vaart of onder de volledige rechtsmacht van een Lid-Staat geregistreerd is, en bestemd is voor de vaart ter zee of waarmede in estuaria wordt gevist, met uitzondering van:

- rivierschepen,

- oorlogsschepen,

- voor niet-commerciële doeleinden gebruikte pleziervaartuigen zonder professionele bemanning, en

- sleepboten die in havengebieden varen.

De schepen zijn ingedeeld in drie categorieën volgens bijlage I;

b) werknemer: iedere persoon die een beroepsactiviteit uitoefent aan boord van een schip, alsmede stagiairs en leerlingen, met uitzondering van havenloodsen en walpersoneel dat werkzaamheden aan boord van een schip aan de kade verricht;

c) reder: de geregistreerde eigenaar van een schip, behalve wanneer het een bare-boat charter betreft of indien het schip, op grond van een beheersovereenkomst, geheel of gedeeltelijk beheerd wordt door een andere natuurlijke of rechtspersoon dan de geregistreerde eigenaar; eventueel wordt de bare-boat-bevrachter of de natuurlijke of rechtspersoon die het schip beheert als de reder beschouwd;

d) medische uitrusting: de geneesmiddelen, verplegingsartikelen en antidota waarvan in bijlage II een niet-limitatieve lijst is opgenomen;

e) antidotum: een stof, gebruikt ter voorkoming of behandeling van de directe of indirecte schadelijke effecten die teweeg worden gebracht door een of meer van de op de lijst in bijlage III voorkomende gevaarlijke stoffen.

Artikel 2

Geneesmiddelen en verplegingsartikelen - Ruimte voor medische verzorging - Arts

Elke Lid-Staat neemt de nodige maatregelen om ervoor te zorgen dat:

1. a) elk schip dat zijn vlag voert of onder zijn volledige rechtsmacht geregistreerd is, permanent een medische uitrusting aan boord heeft die voor de scheepscategorie waartoe het behoort, kwalitatief ten minste overeenstemt met het bepaalde in bijlage II, afdelingen I en II;

b) bij de vaststelling van de aan boord mee te nemen hoeveelheden geneesmiddelen en verplegingsartikelen rekening wordt gehouden met de kenmerken van de reis - met name: aanlegplaatsen, bestemming, duur -, met het soort activiteit(en) dat tijdens deze reis moet worden verricht, met de kenmerken van de lading, en met het aantal werknemers;

c) van de in de medische uitrusting opgenomen geneesmiddelen en verplegingsartikelen een overzicht wordt gegeven op een checklist die ten minste voldoet aan het in bijlage IV, delen A, B en C, punten II.1 en II.2, vastgestelde algemene kader;

2. a) elk schip dat zijn vlag voert of onder zijn volledige rechtsmacht geregistreerd is, voor alle vlotten en reddingsboten beschikt over een waterdichte medicijnkist waarvan de inhoud ten minste overeenstemt met de in bijlage II, afdelingen I en II, vastgestelde medische uitrusting voor de schepen van categorie C;

b) de inhoud van de medicijnkisten eveneens wordt gespecificeerd op de checklist als bedoeld in punt 1, onder c);

3. elk schip van meer dan 500 brt met een bemanning van 15 werknemers of meer, dat zijn vlag voert of onder zijn volledige rechtsmacht geregistreerd is en dat een reis maakt van meer dan drie dagen, over een ruimte beschikt voor medische verzorging onder bevredigende materiële en hygiënische omstandigheden;

4. elk schip met een bemanning van 100 werknemers of meer, dat zijn vlag voert en dat op een internationaal traject van meer dan drie dagen vaart, een arts aan boord heeft.

Artikel 3

Antidota

Elke Lid-Staat neemt de nodige maatregelen om ervoor te zorgen dat:

1. elk schip dat zijn vlag voert of onder zijn volledige rechtsmacht geregistreerd is en een of meer van de in bijlage III genoemde gevaarlijke stoffen vervoert, over de medische uitrusting beschikt die ten minste de in bijlage II, afdeling III, genoemde antidota omvatten;

2. schepen van het type veerboot die zijn vlag voeren of onder zijn volledige rechtsmacht geregistreerd zijn en waarbij als gevolg van de exploitatievoorwaarden de aard van de vervoerde gevaarlijke stoffen niet altijd tijdig van tevoren bekend kan zijn, in de medische uitrusting steeds ten minste alle in bijlage II, afdeling III, genoemde antidota aan boord hebben.

Bij overtochten op een lijnverbinding met een duur van minder dan twee uur mag evenwel worden volstaan met de antidota die in zeer dringende gevallen moeten worden toegediend en wel binnen een termijn die de normale duur van de overtocht niet overschrijdt;

3. de inhoud van de medische uitrusting, voor wat betreft de antidota, wordt opgenomen in een controledocument dat minstens voldoet aan de in bijlage IV, delen A, B en C, punt II.3, bedoelde algemene checklist.

Artikel 4

Verantwoordelijkheid

Elke Lid-Staat neemt de nodige maatregelen om ervoor te zorgen dat:

1. a) de levering en de vernieuwing van de medische uitrusting van de schepen die zijn vlag voeren of onder zijn volledige rechtsmacht geregistreerd zijn, uitsluitend onder verantwoordelijkheid van de reder geschiedt, zonder kosten voor de werknemers;

b) het beheer van de medische uitrusting onder de verantwoordelijkheid van de kapitein wordt geplaatst. Deze kan het gebruik en het onderhoud van de medische uitrusting, onverminderd zijn verantwoordelijkheid, aan een of meer met name genoemde en op grond van hun bevoegdheid aangewezen werknemers delegeren;

2. de medische uitrusting in goede staat verkeert en wordt aangevuld en/of vernieuwd zodra dat mogelijk is en in ieder geval bij voorrang tijdens de normale bevoorradingsprocedures;

3. wanneer de kapitein, na naar beste vermogen medisch advies te hebben ingewonnen, constateert dat er sprake is van een medisch spoedgeval, de noodzakelijke maar niet aan boord aanwezige geneesmiddelen, verplegingsartikelen en antidota zo snel mogelijk ter beschikking worden gesteld.

Artikel 5

Voorlichting en opleiding

Elke Lid-Staat neemt de nodige maatregelen om ervoor te zorgen dat:

1. de medische uitrusting vergezeld gaat van een of meer handleidingen die ten minste een gebruiksaanwijzing voor de in bijlage II, afdeling III, bedoelde antidota bevat;

2. allen die een zeevaartopleiding volgen en zich op het werken aan boord van een schip voorbereiden, een basisopleiding hebben ontvangen ter zake van medische hulpverlenings- en levensreddende maatregelen die bij een ongeval of een ernstig medisch spoedgeval terstond moeten worden genomen;

3. de kapitein en de werknemer(s) aan wie hij overeenkomstig artikel 4, punt 1, onder b), het gebruik van de medische uitrusting van het schip eventueel heeft toevertrouwd, een speciale opleiding hebben ontvangen, met op gezette tijden, ten minste om de vijf jaar, een bijscholing, waarbij rekening wordt gehouden met de specifieke risico's en vereisten van de verschillende scheepscategorieën en de in bijlage V vervatte algemene richtsnoeren worden gevolgd.

Artikel 6

Radiomedisch consult

1. Ten einde te komen tot een betere spoedbehandeling van de werknemers, neemt elke Lid-Staat de nodige maatregelen om ervoor te zorgen dat:

a) een of meer centra worden aangewezen om de werknemers via de radio gratis medisch advies te verstrekken;

b) enkele van de artsen die hun diensten in het kader van deze radioadviescentra verlenen, vertrouwd zijn met de bijzondere omstandigheden aan boord van schepen.

2. In de betrokken centra kunnen eventueel, met instemming van de betrokken werknemers, persoonlijke medische gegevens worden opgeslagen ten einde bij het verstrekken van de adviezen een zo groot mogelijk efficiency te bereiken.

Het vertrouwelijke karakter van deze gegevens moet gewaarborgd zijn.

Artikel 7

Controle

1. Elke Lid-Staat neemt de maatregelen die nodig zijn om ervoor te zorgen dat een bevoegd persoon of bevoegde instantie zich er tijdens een jaarlijkse controle van de medische uitrusting aan boord van ieder schip dat zijn vlag voert van vergewist:

- dat de uitrusting in overeenstemming is met de minimumeisen van deze richtlijn;

- dat uit de in artikel 2, punt 1, onder c), bedoelde checklist blijkt dat de uitrusting in overeenstemming is met deze minimumeisen;

- dat de uitrusting op de juiste wijze wordt bewaard;

- dat eventuele uiterste gebruiksdata worden gerespecteerd.

2. De controle van de medische uitrusting op de reddingsvlotten wordt verricht tijdens het jaarlijkse onderhoud van de reddingsvlotten.

Bij wijze van uitzondering kan deze controle met ten hoogste vijf maanden worden uitgesteld.

Artikel 8

Comité

1. Met het oog op de strikt technische aanpassing van de bijlagen bij deze richtlijn aan de technische vooruitgang of aan de evolutie van de internationale voorschriften of specificaties en aan de laatste stand van de kennis, wordt de Commissie bijgestaan door een comité, bestaande uit vertegenwoordigers van de Lid-Staten en voorgezeten door de vertegenwoordiger van de Commissie.

2. De vertegenwoordiger van de Commissie legt aan het Comité een ontwerp voor van de te nemen maatregelen. Het Comité brengt advies uit over dit ontwerp binnen een termijn die de voorzitter kan vaststellen naar gelang van de urgentie van de materie. Het Comité spreekt zich uit met de meerderheid van stemmen die in artikel 148, lid 2, van het Verdrag is voorgeschreven voor de aanneming van de besluiten die de Raad op voorstel van de Commissie dient te nemen. Bij de stemming in het Comité worden de stemmen van de vertegenwoordigers van de Lid-Staten gewogen overeenkomstig genoemd artikel. Da voorzitter neemt niet aan de stemming deel.

3. De Commissie stelt de beoogde maatregelen vast wanneer zij in overeenstemming zijn met het advies van het Comité.

Wanneer de beoogde maatregelen niet in overeenstemming zijn met het advies van het Comité of indien geen advies is uitgebracht, dient de Commissie onverwijld bij de Raad een voorstel in betreffende de te nemen maatregelen. De Raad besluit met gekwalificeerde meerderheid van stemmen.

Indien de Raad na een termijn van drie maanden, gerekend vanaf de indiening van het voorstel bij de Raad, geen besluit heeft genomen, worden de beoogde maatregelen door de Commissie vastgesteld.

Artikel 9

Slotbepalingen

1. De Lid-Staten doen de nodige wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen in werking treden om uiterlijk op 31 december 1994 aan deze richtlijn te voldoen. Zij stellen de Commissie daarvan onverwijld in kennis.

Wanneer de Lid-Staten deze bepalingen aannemen, wordt in die bepalingen naar de onderhavige richtlijn verwezen of wordt hiernaar verwezen bij de officiële bekendmaking van die bepalingen. De regels voor deze verwijzing worden vastgesteld door de Lid-Staten.

2. De Lid-Staten delen de Commissie de tekst van de bepalingen van intern recht mede die zij op het onder deze richtlijn vallende gebied vaststellen of reeds hebben vastgesteld.

3. De Lid-Staten brengen om de vijf jaar aan de Commissie verslag uit over de tenuitvoerlegging van deze richtlijn, onder vermelding van de standpunten van de sociale partners.

Het Europese Parlement, de Raad, het Economisch en Sociaal Comité en het Raadgevend Comité voor de veiligheid, de hygiëne en de gezondheidsbescherming op de arbeidsplaats worden daarvan door de Commissie in kennis gesteld.

4. De Commissie legt ten minste eens in de vijf jaar aan het Europese Parlement, de Raad en het Economisch en Sociaal Comité een verslag voor over de tenuitvoerlegging van deze richtlijn, met inachtneming van de leden 1, 2 en 3.

Artikel 10

Deze richtlijn is gericht tot de Lid-Staten.

Gedaan te Brussel, 31 maart 1992.

Voor de Raad De Voorzitter Vitor MARTINS

(1) PB nr. C 183 van 24. 7. 1990, blz. 6, en PB nr. C 74 van 20. 3. 1991, blz. 11.

(2) PB nr. C 48 van 25. 2. 1991, blz. 154, en PB nr. C 326 van 16. 12. 1991, blz. 72.

(3) PB nr. C 332 van 31. 12. 1990, blz. 165.

(4) PB nr. C 28 van 3. 2. 1988, blz. 3.

BIJLAGE I

SCHEEPSCATEGORIEËN (Artikel 1, onder a))

A. Schepen voor de zeevaart of de zeevisserij, vaargebied onbeperkt.

B. Schepen voor de zeevaart of de zeevisserij, met een vaargebied tot minder dan 150 zeemijl van de dichtstbijzijnde haven met adequate medische voorzieningen(1) .

C. Schepen voor het havenverkeer, boten en vaartuigen die onder de kust blijven of boten met geen andere accommodatieruimten dan een stuurhut.

(1) Categorie B wordt uitgebreid tot schepen voor de zeevaart of de zeevisserij met een vaargebied tot minder dan 175 zeemijl van de dichtstbijzijnde haven met adequate medische voorzieningen die permanent binnen de actieradius van aan land gestationeerde reddingshelikopters blijven. Hiertoe wordt door iedere Lid-Staat bijgewerkte informatie verstrekt betreffende de zones en de omstandigheden waarin de reddingshelikopters systematisch beschikbaar zijn a) aan de andere Lid-Staten en aan de Commissie, en b) aan de kapiteins van schepen die zijn vlag voeren of onder zijn volledige rechtsmacht geregistreerd zijn en onder de eerste alinea van deze voetnoot vallen of kunnen vallen; de informatie wordt verstrekt op de meest adequate wijze, met name via radioconsultatiecentra, reddingscooerdinatiecentra of kustradiostations.

BIJLAGE II

MEDISCHE UITRUSTING (NIET-LIMITATIEVE LIJST) (Artikel 1, onder d))

I. GENEESMIDDELEN

(Scheepscategorieën)

1. Tegen hart- en vaatziekten

a) Hart- en bloedsomloopstimulerende middelen - sympathomimeticum××

b) Middelen tegen angina pectoris×××

c) Urineafdrijvende middelen××

d) Bloedstelpende middelen, inclusief bloedstelpend middel dat de tonus van de baarmoeder verhoogt (indien er vrouwen aan boord zijn)×××

e) Bloeddrukverlagend middel×

2. Geneesmiddelen voor het maag-darmkanaal

a) Geneesmiddelen tegen maag- en darmaandoeningen

- Middel tegen maagzweren met antagonistische werking op H2-receptoren×

- Maagzuurwerend middel ter bescherming van het slijmvlies××

b) Middel tegen braken×××

c) Laxeermiddel op basis van olie×

d) Middel tegen diarree×××

e) Middel tegen ingewandinfecties××

f) Middel tegen aambeien××

3. Pijnstillende en krampwerende middelen

a) Pijnstillend en koorts- en ontstekingswerend middel×××

b) Krachtig pijnstillend middel××

c) Middel tegen krampen××

4. Geneesmiddelen voor het zenuwstelsel

a) Angstbestrijdend middel××

b) Neurolepticum××

c) Middel tegen zeeziekte×××

d) Midddel tegen epilepsie×

5. Anti-allergische en anti-anafylactische middelen

a) Antihistaminicum H1××

b) Inspuitbare glucocorticosteroide××

6. Geneesmiddelen voor het ademhalingsstelsel

a) Geneesmiddel gebruikt bij bronchospasmus××

b) Hoestmiddel××

c) Geneesmiddel gebruikt bij rhinitis en sinusitis××

(Scheepscategorieën)

7. Infectiewerende middelen

a) Antibiotica (ten minste twee families)××

b) Bacteriedodende sulfamiden××

c) Desinfectans voor de urinewegen×

d) parasietendodend middel××

e) Darmontstekingswerend middel××

f) Vaccins en immunoglobulinen tegen tetanus××

8. Preparaten bestemd voor rehydratie en toevoer van calorieën en plasma-vervangingsmiddelen××

9. Geneesmiddelen voor uitwendig gebruik

a) Geneesmiddelen voor dermatologisch gebruik

- Antiseptische oplossing×××

- Antibiotische zalf××

- Ontstekingswerende en pijnstillende zalf××

- Antimycotische huidgel×

- Preparaat tegen brandwonden×××

b) Geneesmiddelen voor oftalmologisch gebruik

- Antibiotisch collyrium (oogwater)××

- Antibiotisch en ontstekingswerend collyrium××

- Anesthetisch collyrium××

- Oogdrukverlagend collyrium××

c) Geneesmiddelen voor otologisch gebruik

- Antibiotische oplossing××

- Anesthetische en ontstekingswerende oplossing××

d) Geneesmiddelen tegen mond- en keelaandoeningen

- Antibiotische of antiseptische gorgeldrank××

e) Lokale anesthetica

- Lokaal anestheticum via kryotherapie×

- Lokaal anestheticum, onderhuids inspuitbaar××

- Antiseptisch en anesthetisch mengsel voor tandheelkundig gebruik××

II. VERPLEGINGSARTIKELEN

(Scheepscategorieën)

1. Reanimatiebenodigdheden

- Apparatuur voor manuele reanimatie××

- Zuurstofapparatuur met drukregelaar zodat de industriële zuurstof van het schip kan worden gebruikt, of zuurstofreservoir××(1)

- Mechanische zuigapparatuur om de bovenste luchtwegen vrij te maken××

- Mondstukken voor mond-op-mondbeademing×××

2. Verbandmiddelen en hechtingsmateriaal

- Apparaat voor het aanbrengen van metalen hechtingen voor eenmalig gebruik of hechtingsset met naalden××

- Zelfklevend elastisch verband×××

- Verbandgazen×

- Tunnelverband voor de vingers×

- Steriele gazen×××

- Hydrofiele watten××

- Steriel laken voor brandwonden××

- Driekante doek××

- Polyethyleenhandschoenen voor eenmalig gebruik×××

- Pleisterverband×××

- Steriele snelverbanden×××

- Hechtpleisters of zinkoxidepleisters×××

- Hechtingsdraden met naald, niet resorbeerbaar×

- Vette watten××

3. Instrumenten

- Scalpels voor eenmalig gebruik (operatiemessen)×

- Instrumentendoos van roestvrij staal××

- Scharen××

- Anatomische pincetten××

- Vaatklemmen××

- Naaldvoerders×

- Scheermessen voor eenmalig gebruik×

4. Materiaal voor onderzoek en medische controle

- Tongspatels voor eenmalig gebruik××

- Reactiestroken voor urineonderzoek×

- Temperatuurbladen×

- Medische kaart (in geval van evacuatie)××

- Stethoscoop××

- Aneroide bloeddrukmeter××

- Koortsthermometer××

- Thermometer voor hypothermie××

(1) Overeenkomstig de nationale wetgeving en/of gebruiken.

(Scheepscategorieën)

5. Materiaal voor injecties, perfusie, puncties en catheterisatie

- Set voor het draineren van de blaas×

- Druppelclysmaset voor rectaal gebruik×

- Perfusieset met filter voor eenmalig gebruik×

- Urinezak×

- Injectiespuiten en naalden voor eenmalig gebruik××

- Urinecatheter×

6. Verplegingsartikelen

- Ondersteek×

- Warmwaterkruik×

- Urinaal (glas tot opvangen van urine)×

- IJszak×

7. Immobilisatiemateriaal

- Vervormbare spalk voor vingers××

- Vervormbare spalk voor onderarm en hand××

- Opblaasbare spalken××

- Dijbeenspalk××

- Steunkraag voor immobilisatie van de hals××

- Ophijsbare beenspalk of vacuuemschelpmatras×

8. Desinfectie - insektenverdelging - bescherming

- Waterontsmetter×

- Vloeibaar insecticide×

- Insecticide in poedervorm×

III. ANTIDOTA 1. Geneesmiddelen

- Algemeen

- Middelen voor hart- en vaatziekten

- Middelen die op het maag-darmkanaal werken

- Middelen voor het zenuwstelsel

- Middelen voor het ademhalingsstelsel

- Infectiewerende middelen

- Middelen voor uitwendig gebruik

2. Apparatuur

- Zuurstofkoffer (met onderhoudsset)

Nota bene

Met het oog op een nauwkeurige toepassing van deze afdeling III kunnen de Lid-Staten zich baseren op de "Handleiding voor geneeskundige eerste hulp bij ongelukken met gevaarlijke stoffen", als opgenomen in de International Maritime Dangerous Goods Code van de IMO (geconsolideerde uitgave 1990).

Bij een eventuele aanpassing van deze afdeling III ter toepassing van artikel 8 kan met name rekening worden gehouden met de bijwerking(en) van voornoemde handleiding.

BIJLAGE III

GEVAARLIJKE STOFFEN (Artikel 1, onder e), artikel 3, punt 1) De stoffen in deze bijlage moeten in aanmerking worden genomen ongeacht de vorm waarin zij aan boord zijn gebracht, ook als het om afvalstoffen of residuen van de lading gaat.

- Explosieve stoffen en voorwerpen

- Samengeperste, vloeibaar gemaakte of onder druk opgeloste gassen

- Ontvlambare vloeistoffen

- Ontvlambare stoffen

- Stoffen die tot zelfontbranding kunnen overgaan

- Stoffen die in contact met water ontvlambare gassen ontwikkelen

- Oxydatieve stoffen

- Organische peroxiden

- Toxische stoffen

- Besmettelijke stoffen

- Radioactieve stoffen

- Corrosieve stoffen

- Diverse gevaarlijke stoffen, dat wil zeggen alle overige stoffen waarvan proefondervindelijk is of kan worden aangetoond dat zij een zodanig gevaar opleveren dat het bepaalde in artikel 3 erop van toepassing dient te zijn.

Nota bene

Met het oog op een nauwkeurige toepassing van deze bijlage kunnen de Lid-Staten zich baseren op de International Maritime Dangerous Goods Code van de IMO (geconsolideerde uitgave 1990).

Bij een eventuele aanpassing van deze bijlage ter toepassing van artikel 8 kan met name rekening worden gehouden met de bijwerking(en) van de International Maritime Dangerous Goods Code van de IMO.

BIJLAGE IV

ALGEMENE CHECKLIST VOOR DE MEDISCHE UITRUSTING VAN SCHEPEN (Artikel 2, punt 1, onder c), artikel 3, punt 3)

DEEL A. SCHEPEN VAN CATEGORIE A

I. Gegevens van het schip

Naam: .

Vlag: .

Thuishaven: .

II. Medische uitrusting

1. GENEESMIDDELEN

1.1. Tegen hart- en vaatziekten

a) Hart- en bloedsomloopstimulerende middelen - sympathomimeticum000

b) Middelen tegen angina pectoris000

c) Urineafdrijvende middelen000

d) Bloedstelpende middelen, inclusief bloedstelpend middel dat de tonus van de baarmoeder verhoogt (indien er vrouwen aan boord zijn)000

e) Bloeddrukverlagend middel000

1.2. Geneesmiddelen voor het maag-darmkanaal

a) Geneesmiddelen tegen maag- en darmaandoeningen

- Middel tegen maagzweren met antagonistische werking op H2-receptoren000

- Maagzuurwerend middel ter bescherming van het slijmvlies000

b) Middel tegen braken000

c) Laxeermiddel op basis van olie000

d) Middel tegen diarree000

e) Middel tegen ingewandinfecties000

f) Middel tegen aambeien000

1.3. Pijnstillende en krampwerende middelen

a) Pijnstillend en koorts- en ontstekingswerend middel000

b) Krachtig pijnstillend middel000

c) Middel tegen krampen000

1.4. Geneesmiddelen voor het zenuwstelsel

a) Angstbestrijdend middel000

b) Neurolepticum000

c) Middel tegen zeeziekte000

d) Midddel tegen epilepsie000

1.5. Anti-allergische en anti-anafylactische middelen

a) Antihistaminicum H1000

b) Inspuitbare glucocorticosteroide000

1.6. Geneesmiddelen voor het ademhalingsstelsel

a) Geneesmiddel gebruikt bij bronchospasmus000

b) Hoestmiddel000

c) Geneesmiddel gebruikt bij rhinitis en sinusitis000

1.7. Infectiewerende middelen

a) Antibiotica (ten minste twee families)000

b) Bacteriedodende sulfamiden000

c) Desinfectans voor de urinewegen000

d) Parasietendodend middel000

e) Darmontstekingswerend middel000

f) Vaccins en immunoglobulinen tegen tetanus000

1.8. Preparaten bestemd voor rehydratie en toevoer van calorieën en plasma-vervangingsmiddelen000

1.9. Geneesmiddelen voor uitwendig gebruik

a) Geneesmiddelen voor dermatologisch gebruik

- Antiseptische oplossing000

- Antibiotische zalf000

- Ontstekingswerende en pijnstillende zalf000

- Antimycotische huidgel000

- Preparaat tegen brandwonden000

b) Geneesmiddelen voor oftalmologisch gebruik

- Antibiotisch collyrium (oogwater)000

- Antibiotisch en ontstekingswerend collyrium000

- Anesthetisch collyrium000

- Oogdrukverlagend collyrium000

c) Geneesmiddelen voor otologisch gebruik

- Antibiotische oplossing000

- Anesthetische en ontstekingswerende oplossing000

d) Geneesmiddelen tegen mond- en keelaandoeningen

- Antibiotische of antiseptische gorgeldrank000

e) Lokale anesthetica

- Lokaal anestheticum via kryotherapie000

- Lokaal anestheticum, onderhuids inspuitbaar000

- Antiseptisch en anesthetisch mengsel voor tandheelkundig gebruik000

2. VERPLEGINGSARTIKELEN

2.1. Reanimatiebenodigdheden

- Apparatuur voor manuele reanimatie000

- Zuurstofapparatuur met drukregelaar zodat de industriële zuurstof van het schip kan worden gebruikt, of zuurstofreservoir000

- Mechanische zuigapparatuur om de bovenste luchtwegen vrij te maken000

- Mondstukken voor mond-op-mondbeademing000

2.2. Verbandmiddelen en hechtingsmateriaal

- Apparaat voor het aanbrengen van metalen hechtingen voor eenmalig gebruik of hechtingsset met naalden000

- Zelfklevend elastisch verband000

- Verbandgazen000

- Tunnelverband voor de vingers000

- Steriele gazen000

- Hydrofiele watten000

- Steriel laken voor brandwonden000

- Driekante doek000

- Polyethyleenhandschoenen voor eenmalig gebruik000

- Pleisterverband000

- Steriele snelverbanden000

- Hechtpleisters of zinkoxidepleisters000

- Hechtingsdraden met naald, niet resorbeerbaar000

- Vette watten000

2.3. Instrumenten

- Scalpels voor eenmalig gebruik (operatiemessen)000

- Instrumentendoos van roestvrij staal000

- Scharen000

- Anatomische pincetten000

- Vaatklemmen000

- Naaldvoerders000

- Scheermessen voor eenmalig gebruik000

2.4. Materiaal voor onderzoek en medische controle

- Tongspatels voor eenmalig gebruik000

- Reactiestroken voor urineonderzoek000

- Temperatuurbladen000

- Medische kaart (in geval van evacuatie)000

- Stethoscoop000

- Aneroide bloeddrukmeter000

- Koortsthermometer000

- Thermometer voor hypothermie000

2.5. Materiaal voor injecties, perfusie, puncties en catheterisatie

- Set voor het draineren van de blaas000

- Druppelclysmaset voor rectaal gebruik000

- Perfusieset met filter voor eenmalig gebruik000

- Urinezak000

- Injectiespuiten en naalden voor eenmalig gebruik000

- Urinecatheter000

2.6. Verplegingsartikelen

- Ondersteek000

- Warmwaterkruik000

- Urinaal (glas tot opvangen van urine)000

- IJszak000

2.7. Immobilisatiemateriaal

- Vervormbare spalk voor vingers000

- Vervormbare spalk voor onderarm en hand000

- Opblaasbare spalken000

- Dijbeenspalk000

- Steunkraag voor immobilisatie van de hals000

- Ophijsbare beenspalk of vacuuemschelpmatras000

2.8. Desinfectie - insektenverdeling - bescherming

- Waterontsmetter000

- Vloeibaar insecticide000

- Insecticide in poedervorm000

3. ANTIDOTA

3.1. Algemene000

3.2. Middelen voor hart- en vaatziekten000

3.3. Middelen die op het maag-darmkanaal werken000

3.4. Middelen voor het zenuwstelsel000

3.5. Middelen voor het ademhalingsstelsel000

3.6. Infectiewerende middelen000

3.7. Middelen voor uitwendig gebruik000

3.8. Andere000

3.9. Zuurstofkoffer000

Plaats en datum: .

Handtekening van de kapitein: .

Visum van de bevoegde persoon of instantie: .

DEEL B. SCHEPEN VAN CATEGORIE B

I. Gegevens van het schip

Naam: .

Vlag: .

Thuishaven: .

II. Medische uitrusting

1. GENEESMIDDELEN

1.1. Tegen hart- en vaatziekten

a) Hart- en bloedsomloopstimulerende middelen - sympathomimeticum000

b) Middelen tegen angina pectoris000

c) Urineafdrijvende middelen000

d) Bloedstelpende middelen, inclusief bloedstelpend middel dat de tonus van de baarmoeder verhoogt (indien er vrouwen aan boord zijn)000

1.2. Geneesmiddelen voor het maag-darmkanaal

a) Geneesmiddelen tegen maag- en darmaandoeningen

- Maagzuurwerend middel ter bescherming van het slijmvlies000

b) Middel tegen braken000

c) Middel tegen diarree000

d) Middel tegen ingewandinfecties000

e) Middel tegen aambeien000

1.3. Pijnstillende en krampwerende middelen

a) Pijnstillend en koorts- en ontstekingswerend middel000

b) Krachtig pijnstillend middel00

c) Middel tegen krampen000

1.4. Geneesmiddelen voor het zenuwstelsel

a) Angstbestrijdend middel000

b) Neurolepticum000

c) Middel tegen zeeziekte000

1.5. Anti-allergische en anti-anafylactische middelen

a) Antihistaminicum H1000

b) Inspuitbare glucocorticosteroide000

1.6. Geneesmiddelen voor het ademhalingsstelsel

a) Geneesmiddel gebruikt bij bronchospasmus000

b) Hoestmiddel000

c) Geneesmiddel gebruikt bij rhinitis en sinusitis000

1.7. Infectiewerende middelen

a) Antibiotica (ten minste twee families)000

b) Bacteriedodende sulfamiden000

c) Parasietendodend middel000

d) Darmontstekingswerend middel000

e) Vaccins en immunoglobulinen tegen tetanus000

1.8. Preparaten bestemd voor rehydratie en toevoer van calorieën en plasma-vervangingsmiddelen000

1.9. Geneesmiddelen voor uitwendig gebruik

a) Geneesmiddelen voor dermatologisch gebruik

- Antiseptische oplossing000

- Antibiotische zalf000

- Ontstekingswerende en pijnstillende zalf000

- Preparaat tegen brandwonden000

b) Geneesmiddelen voor oftalmologisch gebruik

- Antibiotisch collyrium (oogwater)000

- Antibiotisch en ontstekingswerend collyrium000

- Anesthetisch collyrium000

- Oogdrukverlagend collyrium000

c) Geneesmiddelen voor otologisch gebruik

- Antibiotische oplossing000

- Anesthetische en ontstekingswerende oplossing000

d) Geneesmiddelen tegen mond- en keelaandoeningen

- Antibiotische of antiseptische gorgeldrank000

e) Lokale anesthetica

- Lokaal anestheticum, onderhuids inspuitbaar000

- Antiseptisch en anesthetisch mengsel voor tandheelkundig gebruik000

2. VERPLEGINGSARTIKELEN

2.1. Reanimatiebenodigdheden

- Apparatuur voor manuele reanimatie000

- Zuurstofapparatuur met drukregelaar zodat de industriële zuurstof van het schip kan worden gebruikt, of zuurstofreservoir000

- Mechanische zuigapparatuur om de bovenste luchtwegen vrij te maken000

- Mondstukken voor mond-op-mondbeademing000

2.2. Verbandmiddelen en hechtingsmateriaal

- Apparaat voor het aanbrengen van metalen hechtingen voor eenmalig gebruik of hechtingsset met naalden000

- Zelfklevend elastisch verband000

- Steriele gazen000

- Hydrofiele watten000

- Steriel laken voor brandwonden000

- Driekante doek000

- Polyethyleenhandschoenen voor eenmalig gebruik000

- Pleisterverband000

- Steriele snelverbanden000

- Hechtpleisters of zinkoxidepleisters000

- Vette watten000

2.3. Instrumenten

- Instrumentendoos van roestvrij staal000

- Scharen000

- Anatomische pincetten000

- Vaatklemmen000

2.4. Materiaal voor onderzoek en medische controle

- Tongspatels voor eenmalig gebruik000

- Medische kaart (in geval van evacuatie)000

- Stethoscoop000

- Aneroide bloeddrukmeter000

- Koortsthermometer000

- Thermometer voor hypothermie000

2.5. Materiaal voor injecties, perfusie, puncties en catheterisatie

- Injectiespuiten en naalden voor eenmalig gebruik000

2.6. Immobilisatiemateriaal

- Vervormbare spalk voor vingers000

- Vervormbare spalk voor onderarm en hand000

- Opblaasbare spalken000

- Dijbeenspalk000

- Steunkraag voor immobilisatie van de hals000

3. ANTIDOTA

3.1. Algemeen000

3.2. Middelen voor hart- en vaatziekten000

3.3. Middelen die op het maag-darmkanaal werken000

3.4. Middelen voor het zenuwstelsel000

3.5. Middelen voor het ademhalingsstelsel000

3.6. Infectiewerende middelen000

3.7. Middelen voor uitwendig gebruik000

3.8. Andere000

3.9. Zuurstofkoffer000

Plaats en datum: .

Handtekening van de kapitein: .

Visum van de bevoegde persoon of instantie: .

DEEL C. SCHEPEN VAN CATEGORIE C

I. Gegevens van het schip

Naam: .

Vlag: .

Thuishaven: .

II. Medische uitrusting

1. GENEESMIDDELEN

1.1. Tegen hart- en vaatziekten

a) Middelen tegen angina pectoris000

b) Bloedstelpende middelen, inclusief bloedstelpend middel dat de tonus van de baarmoeder verhoogt (indien er vrouwen aan boord zijn)000

1.2. Geneesmiddelen voor het maag-darmkanaal

a) Middel tegen braken000

b) Middel tegen diarree000

1.3. Pijnstillende en krampwerende middelen

- Pijnstillend en koorts- en ontstekingswerend middel000

1.4. Geneesmiddelen voor het zenuwstelsel

- Middel tegen zeeziekte000

1.5. Geneesmiddelen voor uitwendig gebruik

- Geneesmiddelen voor dermatologisch gebruik

- Antiseptische oplossing000

- Preparaat tegen brandwonden000

2. VERPLEGINGSARTIKELEN

2.1. Reanimatiebenodigdheden

- Mondstukken voor mond-op-mondbeademing000

2.2. Verbandmiddelen en hechtingsmateriaal

- Zelfklevend elastisch verband000

- Steriele gazen000

- Polyethyleenhandschoenen voor eenmalig gebruik000

- Pleisterverband000

- Steriele snelverbanden000

- Hechtpleisters of zinkoxidepleisters000

3. ANTIDOTA

3.1. Algemeen000

3.2. Middelen voor hart- en vaatziekten000

3.3. Middelen die op het maag-darmkanaal werken000

3.4. Middelen voor het zenuwstelsel000

3.5. Middelen voor het ademhalingsstelsel000

3.6. Infectiewerende middelen000

3.7. Middelen voor uitwendig gebruik000

3.8. Andere000

3.9. Zuurstofkoffer000

Plaats en datum: .

Handtekening van de kapitein: .

Visum van de bevoegde persoon of instantie: .

BIJLAGE V

MEDISCHE OPLEIDING VAN DE KAPITEIN EN DE AANGEWEZEN WERKNEMERS (Artikel 5, punt 3)

I. 1. Verwerving van de beginselen van de fysiologie, kennis van de ziekteverschijnselen en therapie.

2. Verwerving van elementaire kennis op het gebied van de preventieve gezondheidszorg, met name inzake individuele en collectieve hygiëne, en van elementaire kennis van eventuele profylactische maatregelen.

3. Verwerving van praktische kennis van elementaire medische handelingen en de wijze van evacuatie van patiënten.

Het personeel verantwoordelijk voor de medische zorg aan boord van schepen van categorie A moet de praktijkopleiding, indien mogelijk, in een ziekenhuis hebben gevolgd.

4. Verwerving van een goede kennis van de wijze waarop de middelen voor medische consultatie op afstand moeten worden gebruikt.

II. Bij de medische opleiding dient rekening te worden gehouden met de in de algemeen erkende recente internationale teksten vastgestelde programma's.

Top