This document is an excerpt from the EUR-Lex website
Document 62021CN0670
Case C-670/21: Request for a preliminary ruling from the Finanzgericht Köln (Germany) lodged on 9 November 2021 — BA v Finanzamt X
Zaak C-670/21: Verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door het Finanzgericht Köln (Duitsland) op 9 november 2021 — BA / Finanzamt X
Zaak C-670/21: Verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door het Finanzgericht Köln (Duitsland) op 9 november 2021 — BA / Finanzamt X
PB C 64 van 7.2.2022, p. 16–16
(BG, ES, CS, DA, DE, ET, EL, EN, FR, HR, IT, LV, LT, HU, MT, NL, PL, PT, RO, SK, SL, FI, SV)
|
7.2.2022 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 64/16 |
Verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door het Finanzgericht Köln (Duitsland) op 9 november 2021 — BA / Finanzamt X
(Zaak C-670/21)
(2022/C 64/25)
Procestaal: Duits
Verwijzende rechter
Finanzgericht Köln
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partij: BA
Verwerende partij: Finanzamt X
Prejudiciële vraag
Moeten artikel 63, lid 1, en de artikelen 64 en 65 VWEU aldus worden uitgelegd dat zij in de weg staan aan een nationale regeling van een lidstaat over de heffing van erfbelasting die met betrekking tot de berekening van de erfbelasting bepaalt dat een tot het privévermogen behorend bebouwd perceel dat in een derde land (in casu Canada) is gelegen en voor woondoeleinden wordt verhuurd, wordt gewaardeerd tegen de volledige waarde ervan, terwijl een tot het privévermogen behorend perceel dat in het binnenland, in een lidstaat van de Europese Unie of in een staat van de Europese Economische Ruimte is gelegen en voor woondoeleinden wordt verhuurd, bij de berekening van de erfbelasting slechts voor 90 % van de waarde ervan in aanmerking wordt genomen?