Accept Refuse

EUR-Lex Access to European Union law

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Document 32007D0172

2007/172/EG: Besluit van de Commissie van 19 maart 2007 tot oprichting van de Groep van coördinatoren voor de erkenning van beroepskwalificaties

OJ L 79, 20.3.2007, p. 38–39 (BG, ES, CS, DA, DE, ET, EL, EN, FR, IT, LV, LT, HU, NL, PL, PT, RO, SK, SL, FI, SV)
OJ L 219M , 24.8.2007, p. 367–368 (MT)
Special edition in Croatian: Chapter 01 Volume 016 P. 207 - 208

In force

ELI: http://data.europa.eu/eli/dec/2007/172/oj

20.3.2007   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 79/38


BESLUIT VAN DE COMMISSIE

van 19 maart 2007

tot oprichting van de Groep van coördinatoren voor de erkenning van beroepskwalificaties

(2007/172/EG)

DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Overeenkomstig artikel 3, lid 1, onder c), van het Verdrag hebben de Europese Gemeenschap en de lidstaten tot taak, de hinderpalen voor het vrije verkeer van personen en diensten af te schaffen. Voor de onderdanen van de lidstaten houdt vrij verkeer met name de mogelijkheid in om als zelfstandige of werknemer een beroep uit te oefenen in een andere lidstaat dan die waarin zij hun beroepskwalificaties hebben verworven. Daarnaast wordt met artikel 47 van het Verdrag beoogd, het vrije verkeer te garanderen van volledig gekwalificeerde beroepsbeoefenaren van wie het beroep gereglementeerd is wat de opleidingstitels betreft.

(2)

Richtlijn 2005/36/EG van het Europees Parlement en de Raad van 7 september 2005 betreffende de erkenning van beroepskwalificaties (1) is aangenomen om het vrije verkeer te garanderen van volledig gekwalificeerde beroepsbeoefenaren voor wie de toegang tot een beroep door de lidstaten gereglementeerd is wat de opleidingstitels betreft. Deze richtlijn consolideert 15 bestaande richtlijnen en is erop gericht om zowel de bestaande erkenningsregelingen te vereenvoudigen als het tijdelijk verrichten van diensten verder te vergemakkelijken. Met het oog op de tenuitvoerlegging van deze richtlijn en de ontwikkeling van een interne markt waarop beroepen gereglementeerd zijn wat de opleidingstitels betreft, kan de Commissie zich verplicht zien om een beroep te doen op de expertise van een adviesorgaan van deskundigen.

(3)

Daarom is het aangewezen om een groep van deskundigen op het gebied van de erkenning van beroepskwalificaties op te richten en de taken en de structuur daarvan vast te stellen.

(4)

De deskundigengroep moet bijdragen tot de ontwikkeling van de interne markt op het gebied van beroepen die gereglementeerd zijn wat de opleidingstitels betreft.

(5)

De groep van coördinatoren voor de erkenning van beroepskwalificaties moet samengesteld zijn uit de nationale coördinatoren, die volgens Richtlijn 2005/36/EG door de lidstaten zijn aangewezen. Overeenkomstig deze richtlijn hebben deze coördinatoren tot taak, een uniforme toepassing van genoemde richtlijn te bevorderen en alle informatie bijeen te brengen die voor de toepassing van de richtlijn van nut is.

(6)

Er moeten voorschriften inzake de openbaarmaking van informatie door de leden van de groep worden vastgesteld, onverminderd de veiligheidsvoorschriften van de Commissie zoals vastgelegd in de bijlage bij haar Besluit 2001/844/EG, EGKS, Euratom (2).

(7)

Alle persoonsgegevens over de leden van de groep moeten verwerkt worden overeenkomstig Verordening (EG) nr. 45/2001 van het Europees Parlement en de Raad van 18 december 2000 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens door de communautaire instellingen en organen en betreffende het vrije verkeer van die gegevens (3),

BESLUIT:

Artikel 1

Groep van coördinatoren voor de erkenning van beroepskwalificaties

De Groep van coördinatoren voor de erkenning van beroepskwalificaties, hierna „de groep” genoemd, wordt opgericht met ingang van de datum van bekendmaking van dit besluit in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Artikel 2

Taken

De groep heeft tot taak:

a)

samenwerking tussen de nationale autoriteiten en de Commissie tot stand te brengen met betrekking tot aangelegenheden in verband met de erkenning van beroepskwalificaties;

b)

de ontwikkeling te volgen van het beleid dat van invloed is op beroepen die gereglementeerd zijn wat de opleidingstitels betreft;

c)

de tenuitvoerlegging van Richtlijn 2005/36/EG te vergemakkelijken, met name door nuttige documenten, zoals richtsnoeren voor de interpretatie ervan, op te stellen;

d)

een uitwisseling van ervaring en optimale werkwijzen tot stand te brengen op de in de vorige punten genoemde terreinen.

Artikel 3

Raadpleging

De Commissie kan de groep raadplegen over om het even welk onderwerp in verband met de toepassing van Richtlijn 2005/36/EG, alsook, in het algemeen, over aangelegenheden in verband met de ontwikkeling van de interne markt op het gebied van beroepen die gereglementeerd zijn wat de opleidingstitels betreft.

Artikel 4

Samenstelling — benoeming

1.   De leden van de groep zijn de coördinatoren die overeenkomstig artikel 56, lid 4, van Richtlijn 2005/36/EG door de lidstaten zijn aangewezen.

Door de lidstaten wordt een gelijk aantal plaatsvervangende leden benoemd. Plaatsvervangende leden nemen van rechtswege de plaats van gewone leden in wanneer dezen afwezig zijn.

2.   De leden en plaatsvervangende leden van de groep blijven in functie totdat zij worden vervangen.

3.   De namen van de leden worden verzameld, verwerkt en bekendgemaakt overeenkomstig Verordening (EG) nr. 45/2001.

Artikel 5

Werking

1.   De groep wordt voorgezeten door de Commissie.

2.   Mits de Commissie daarmee instemt, mag de groep subgroepen oprichten om specifieke kwesties te onderzoeken op basis van een door de groep opgesteld mandaat. Deze subgroepen worden ontbonden zodra hun mandaat is uitgevoerd.

3.   Indien zulks volgens de Commissie nuttig of nodig is, kan de vertegenwoordiger van de Commissie deskundigen of waarnemers met een bijzondere kwalificatie op het gebied van een geagendeerd onderwerp uitnodigen om aan de werkzaamheden van de groep of aan de beraadslagingen of werkzaamheden van een subgroep deel te nemen.

Met name vertegenwoordigers van de lidstaten van de Europese Economische Ruimte en van Zwitserland kunnen als waarnemers worden uitgenodigd.

4.   De in het kader van de deelneming aan de beraadslagingen of werkzaamheden van de groep of een subgroep verkregen informatie mag niet openbaar worden gemaakt wanneer deze volgens de Commissie op vertrouwelijke aangelegenheden betrekking heeft.

5.   De groep en de subgroepen vergaderen normaliter ten kantore van de Commissie op de wijze en volgens het tijdschema die door de Commissie worden bepaald. De Commissie neemt het secretariaat waar.

Andere betrokken ambtenaren van de Commissie mogen de vergaderingen van de groep en de subgroepen bijwonen.

6.   De groep stelt haar huishoudelijk reglement vast op basis van het door de Commissie vastgestelde standaard huishoudelijk reglement.

7.   De Commissie mag conclusies, samenvattingen, delen van conclusies of werkdocumenten van de groep publiceren of op internet plaatsen in de oorspronkelijke taal van het document in kwestie.

Artikel 6

Kostenvergoeding

Voor slechts één lid of plaatsvervangend lid per lidstaat worden de reiskosten die in het kader van de werkzaamheden van de groep worden gemaakt, door de Commissie vergoed overeenkomstig de interne regels voor de vergoeding van kosten van externe deskundigen.

De leden/plaatsvervangende leden, deskundigen en waarnemers ontvangen geen bezoldiging.

Vergaderkosten worden vergoed voor zover de middelen die volgens de jaarlijkse toewijzingsprocedure door de verantwoordelijke diensten van de Commissie aan de groep zijn toegekend, hiervoor volstaan.

Gedaan te Brussel, 19 maart 2007.

Voor de Commissie

Charlie McCREEVY

Lid van de Commissie


(1)  PB L 255 van 30.9.2005, blz. 22. Richtlijn gewijzigd bij Richtlijn 2006/100/EG van de Raad (PB L 363 van 20.12.2006, blz. 141).

(2)  PB L 317 van 3.12.2001, blz. 1. Besluit laatstelijk gewijzigd bij Besluit 2006/548/EG, Euratom (PB L 215 van 5.8.2006, blz. 38).

(3)  PB L 8 van 12.1.2001, blz. 1.


Top