EUR-Lex Access to European Union law

Back to EUR-Lex homepage

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Document 32021H0119

Aanbeveling (EU) 2021/119 van de Raad van 1 februari 2021 tot wijziging van Aanbeveling (EU) 2020/1475 betreffende een gecoördineerde aanpak van de beperking van het vrije verkeer in reactie op de COVID-19-pandemie (Voor de EER relevante tekst)

OJ L 36I , 2.2.2021, p. 1–6 (BG, ES, CS, DA, DE, ET, EL, EN, FR, HR, IT, LV, LT, HU, MT, NL, PL, PT, RO, SK, SL, FI, SV)

ELI: http://data.europa.eu/eli/reco/2021/119/oj

2.2.2021   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

LI 36/1


AANBEVELING (EU) 2021/119 VAN DE RAAD

van 1 februari 2021

tot wijziging van Aanbeveling (EU) 2020/1475 betreffende een gecoördineerde aanpak van de beperking van het vrije verkeer in reactie op de COVID-19-pandemie

(Voor de EER relevante tekst)

DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, en met name artikel 21, lid 2, artikel 168, lid 6, en artikel 292, eerste en tweede zin,

Gezien het voorstel van de Europese Commissie,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Op 13 oktober 2020 heeft de Raad Aanbeveling (EU) 2020/1475 van de Raad betreffende een gecoördineerde aanpak van de beperking van het vrije verkeer in reactie op de COVID-19-pandemie (1) vastgesteld. De aanbeveling voorzag in een gecoördineerde aanpak ten aanzien van de volgende kernpunten: de toepassing van gemeenschappelijke criteria en drempelwaarden bij beslissingen over het al dan niet instellen van beperkingen van het vrije verkeer, het in kaart brengen van het risico op COVID-19-overdracht met een afgesproken kleurcode, en een gecoördineerde aanpak van eventuele maatregelen die geschikt zijn voor personen die tussen gebieden reizen, afhankelijk van het risico op overdracht in die gebieden.

(2)

Op basis van de in die aanbeveling vastgestelde criteria en drempelwaarden publiceert het Europees Centrum voor ziektepreventie en -bestrijding (ECDC) eenmaal per week een kaart van de lidstaten, onderverdeeld in regio’s, ter onderbouwing van de besluitvorming door de lidstaten (2).

(3)

Overeenkomstig overweging 15 van die aanbeveling zou de Commissie, met de steun van het ECDC, in het licht van de evolutie van de epidemiologische situatie, regelmatig de in deze aanbeveling geschetste criteria, databehoeften en drempelwaarden moeten beoordelen, en daarbij moeten nagaan of andere criteria moeten worden overwogen en of de drempelwaarden moeten worden aangepast. Zij zou haar bevindingen ter overweging moeten voorleggen aan de Raad, samen met een voorstel om de aanbeveling te wijzigen.

(4)

Twee factoren zijn van invloed op de huidige ontwikkeling van de pandemie. Enerzijds wordt er sinds begin 2021 op grote schaal gevaccineerd, waardoor er inmiddels miljoenen Europeanen tegen COVID-19 zijn gevaccineerd. Anderzijds is het, zoals is opgemerkt in de mededeling van de Commissie aan het Europees Parlement, de Europese Raad en de Raad over een eengemaakt front tegen COVID-19 (3), zolang het aantal besmettingen nog toeneemt en nog niet genoeg mensen gevaccineerd zijn om het tij van de pandemie te keren, zaak waakzaam te blijven en vast te houden aan de inperkingsmaatregelen en volksgezondheidscontroles. De EU en de lidstaten moeten met name actie ondernemen om het risico van een potentieel agressievere volgende golf van besmettingen — met reeds in Europa aanwezige, sneller overdraagbare nieuwe varianten van het SARS-CoV-2-virus — in te dammen.

(5)

De recente opkomst van nieuwe varianten van het virus is bijzonder zorgwekkend. Deze varianten zouden volgens de huidige aanwijzingen geen ernstiger ziekteverloop veroorzaken, maar blijken wel 50 tot 70 % gemakkelijker overdraagbaar te zijn (4). Dit betekent dat het virus zich gemakkelijker en sneller kan verspreiden, waardoor de druk op de overbelaste zorgstelsels toeneemt. Dit is waarschijnlijk een oorzaak van de aanzienlijke stijging van het aantal gevallen in de meeste lidstaten de afgelopen weken.

(6)

In zijn meest recente risicobeoordeling over de verspreiding van de nieuwe zorgwekkende SARS-CoV-2-varianten in de EU/EER (5) verklaart het ECDC dat het risico in verband met de introductie en de lokale verspreiding van zorgwekkende varianten is toegenomen tot hoog/zeer hoog.

(7)

Om de invoer en verspreiding van de nieuwe zorgwekkende SARS-CoV-2-varianten te vertragen, heeft het ECDC als een van de responsopties in verband met dit risico aanbevolen niet-essentiële reizen te vermijden. Naast aanbevelingen tegen niet-essentiële reizen en reisbeperkingen voor besmette personen zouden reismaatregelen zoals het testen en in quarantaine houden van reizigers moeten worden gehandhaafd, met name voor reizigers uit gebieden waar de nieuwe varianten vaker voorkomen. Als sequentieanalyses nog niet volstaan om uit te sluiten dat de nieuwe varianten vaker kunnen voorkomen, zouden volgens de richtsnoeren van het ECDC inzake genoomsequentieanalyse evenredige reismaatregelen ook moeten worden overwogen ten aanzien van reizigers uit gebieden waar het niveau van lokale overdracht aanhoudend hoog is.

(8)

Gezien de aanbevelingen van het ECDC moet Aanbeveling (EU) 2020/1475 dienovereenkomstig worden gewijzigd.

(9)

Om rekening te houden met het zeer hoge niveau van lokale overdracht, mogelijk in verband met de toegenomen overdraagbaarheid van de nieuwe zorgwekkende varianten, zou een nieuwe kleur, donkerrood, moeten worden toegevoegd aan de kaart die wekelijks door het ECDC wordt gepubliceerd. Deze kleur moet aangeven in welke gebieden het virus zeer snel circuleert, ook vanwege de aanwezigheid van meer besmettelijke zorgwekkende varianten.

(10)

De lidstaten zouden ook rekening moeten houden met de prevalentie van nieuwe zorgwekkende SARS-CoV-2-varianten, en met het niveau van genoomsequentieanalyse in andere lidstaten. In de mededeling van de Commissie aan het Europees Parlement, de Europese Raad en de Raad over een eengemaakt front tegen COVID-19 wordt benadrukt dat de lidstaten het percentage genoomsequentieanalyses dringend tot 5-10 % van de positieve testresultaten moeten verhogen – zo nodig door gebruik te maken van de capaciteit van het ECDC – om de voortgang van de varianten vast te stellen of nieuwe te detecteren.

(11)

Het hoge niveau van lokale overdracht in de meeste lidstaten betekent dat reizen een bijzondere uitdaging zal blijven. Alle niet-essentiële reizen, met name naar en vanuit hoogrisicogebieden, zou sterk moeten worden ontmoedigd totdat de epidemiologische situatie aanzienlijk is verbeterd, met name in het licht van de uitbraak van nieuwe varianten. Aangezien het risico van besmetting of overdracht vergelijkbaar is voor binnenlandse en grensoverschrijdende reizen, zouden de lidstaten moeten zorgen voor samenhang tussen de maatregelen die op beide soorten niet-essentiële reizen worden toegepast.

(12)

In de mondelinge conclusies van de videoconferentie met de leden van de Europese Raad van 21 januari 2021 (6) heeft de voorzitter van de Europese Raad erop gewezen dat de grenzen open moeten blijven voor het functioneren van de eengemaakte markt, waaronder het leveren van essentiële goederen en diensten. Er zouden geen willekeurige reisverboden mogen worden opgelegd. Wel kunnen maatregelen om niet-essentiële reizen in de EU te beperken nodig zijn om de verspreiding van het virus tegen te gaan. In verband met de risico’s van de nieuwe virusvarianten zal de Raad mogelijk — zonder zijn beginselen uit het oog te verliezen — de aanbevelingen over reizen binnen de EU en niet-essentiële reizen naar de EU moeten herzien.

(13)

Een gecoördineerde aanpak heeft tot doel de herinvoering van controles aan de binnengrenzen te voorkomen. Grenssluitingen of algemene reisverboden, alsook de opschorting van lucht-, land- of watervervoer zijn niet gerechtvaardigd, aangezien gerichtere maatregelen, zoals verplichte quarantaine of tests, voldoende effectief en bovendien minder verstorend zijn. Het systeem van “green lanes” (7) moet de vervoersstromen in beweging houden, met name om het vrije verkeer van goederen en diensten te waarborgen en verstoringen van de toeleveringsketen te voorkomen.

(14)

Alle beperkingen van het vrije verkeer van personen moeten verder worden toegepast met inachtneming van de algemene beginselen van het Unierecht, met name evenredigheid en non-discriminatie, onder meer op grond van nationaliteit. Maatregelen die worden genomen, zouden dus niet verder mogen gaan dan hetgeen strikt noodzakelijk is om de volksgezondheid te beschermen. Duidelijke, snelle en omvattende informatie voor het publiek blijft van cruciaal belang om de voorspelbaarheid, rechtszekerheid en naleving door de burgers te garanderen. De beperkingen moeten adequaat worden gehandhaafd en eventuele sancties moeten doeltreffend en evenredig zijn.

(15)

Op 11 januari 2021 heeft het Gezondheidsbeveiligingscomité een akkoord bereikt over aanbevelingen voor een gemeenschappelijke EU-aanpak met betrekking tot isolatiemaatregelen voor COVID-19-patiënten en quarantainemaatregelen voor contacten en reizigers. Lidstaten die voor reizen quarantaine opleggen, zouden daarbij de aanbevelingen van het Gezondheidsbeveiligingscomité (8) met betrekking tot quarantainemaatregelen voor reizigers moeten toepassen. Met name wanneer voor reizigers uit hoogrisicogebieden een quarantaineplicht geldt, zou moeten worden overwogen de vereiste quarantaineperiode in te korten indien de reiziger 5 tot 7 dagen na binnenkomst negatief test, tenzij hij symptomen ontwikkelt.

(16)

Gezien de toename van de testcapaciteit voor COVID-19 zou Aanbeveling (EU) 2020/1475 moeten worden gewijzigd om de lidstaten de mogelijkheid te bieden om reizigers uit andere dan “groen” ingekleurde gebieden te verplichten zich vóór vertrek te laten testen.

(17)

Gezien het hoge niveau van lokale overdracht in “donkerrood” ingekleurde gebieden zouden personen die voor niet-essentiële doeleinden vanuit dergelijke gebieden reizen, moeten worden verplicht zich vóór vertrek te laten testen en, overeenkomstig de aanbevelingen van het Gezondheidsbeveiligingscomité, na aankomst op hun bestemming in quarantaine te gaan. Wanneer reizigers niet in quarantaine gaan in hun verblijfplaats, zou moeten worden voorzien in passende fysieke omstandigheden voor quarantaineruimten en in de bescherming van en zorg voor kinderen in quarantaine overeenkomstig de richtsnoeren van de WHO (9).

(18)

Personen die naar hun lidstaat van verblijf terugkeren en zich vóór vertrek niet konden laten testen, zou moeten worden toegestaan zich na aankomst te laten testen, zodat wordt voorkomen dat zij niet naar hun woonplaats kunnen terugkeren.

(19)

Gezien het hoge besmettingsniveau in “donkerrood” ingekleurde gebieden zouden essentiële reizigers ook moeten worden verplicht een COVID-19-test te laten afnemen en in quarantaine te gaan, mits dit geen onevenredige gevolgen heeft voor de uitoefening van hun essentiële functie of behoefte, bijvoorbeeld omdat de blootstelling van de reiziger aan de algemene bevolking op de plaats van bestemming zeer beperkt is. Wanneer een lidstaat, rekening houdend met de specifieke epidemiologische situatie, toch een testplicht voor transportwerkers en vervoeraanbieders oplegt, mag dit niet tot verstoringen van het vervoer leiden (10). Om de toeleveringsketens in stand te houden, mogen quarantainevoorschriften niet van toepassing zijn op vervoerspersoneel tijdens de uitoefening van deze essentiële functie.

(20)

Beperkingen in verband met grensoverschrijdende reizen zijn bijzonder verstorend voor personen die de grens dagelijks of vaak oversteken om naar het werk of naar school te gaan, om naaste familie te bezoeken, om medische zorg te krijgen of om voor hun dierbaren te zorgen. Personen die voor dergelijke essentiële doeleinden de grens oversteken, zouden niet verplicht mogen worden om in quarantaine te gaan, aangezien dit een ernstig verstorend effect heeft op hun leven en hun inkomen en op de economie als geheel. Zolang de epidemiologische situatie aan weerszijden van de grens vergelijkbaar is, lijkt het onnodig dergelijke personen te verplichten zich frequent te laten testen louter en alleen omdat zij een grens oversteken. Nauwe coördinatie tussen lidstaten en grensoverschrijdende regio’s blijft van bijzonder belang.

(21)

Gezien de evolutie van de epidemiologische situatie zou de Commissie, met de steun van het ECDC, regelmatig de in deze aanbeveling geschetste criteria, databehoeften en drempelwaarden moeten blijven beoordelen, en daarbij moeten nagaan of andere criteria moeten worden overwogen en of de drempelwaarden moeten worden aangepast. Zij zou haar bevindingen ter overweging moeten voorleggen aan de Raad, in voorkomend geval samen met een voorstel om de aanbeveling te wijzigen,

HEEFT DE VOLGENDE AANBEVELING VASTGESTELD:

Aanbeveling (EU) 2020/1475 van de Raad betreffende een gecoördineerde aanpak van de beperking van het vrije verkeer in reactie op de COVID-19-pandemie wordt als volgt gewijzigd.

1)

In punt 10 wordt punt c) vervangen door:

“c)

rood: indien het totale aantal COVID-19-meldingen over een periode van 14 dagen 50 tot 150 bedraagt en het percentage positieve tests voor COVID-19-besmetting 4 % of meer is, dan wel indien het totale aantal COVID-19-meldingen over een periode van 14 dagen meer dan 150 maar minder dan 500 bedraagt,”.

2)

In punt 10 wordt het volgende punt c bis) ingevoegd:

“c

bis) donkerrood: indien het totale aantal COVID-19-meldingen over een periode van 14 dagen 500 of meer bedraagt;”.

3)

In punt 13 wordt punt a) vervangen door:

“a)

zouden de lidstaten de verschillen op het vlak van de epidemiologische situatie tussen “oranje”, “rood” of “donkerrood” ingekleurde gebieden moeten respecteren en proportioneel moeten handelen;”.

4)

In punt 13 wordt punt d) vervangen door:

“d)

zouden de lidstaten rekening moeten houden met teststrategieën en bijzondere aandacht moeten besteden aan de situatie van gebieden met hoge testaantallen;”.

5)

In punt 13 wordt het volgende punt e) toegevoegd:

“e)

zouden de lidstaten rekening moeten houden met de prevalentie van zorgwekkende SARS-CoV-2-varianten, vooral varianten die gemakkelijker overdraagbaar en dodelijker zijn, en met het niveau van de uitgevoerde genoomsequentieanalyse, ongeacht hoe het betrokken gebied is ingekleurd.”.

6)

Na de titel “Gemeenschappelijk raamwerk voor mogelijke maatregelen ten aanzien van reizigers uit gebieden met een groter risico” wordt het volgende punt 16 bis ingevoegd:

“16

bis De lidstaten zouden alle niet-essentiële reizen naar en vanuit overeenkomstig punt 10 “donkerrood” ingekleurde gebieden sterk moeten ontmoedigen en zouden alle niet-essentiële reizen naar en vanuit overeenkomstig punt 10 “rood” ingekleurde gebieden moeten ontmoedigen.

Tegelijkertijd zouden de lidstaten ernaar moeten streven verstoringen van essentiële reizen te voorkomen, de vervoersstromen volgens het systeem van “green lanes” in beweging te houden en verstoringen van de toeleveringsketens en van het verkeer van werknemers en zelfstandigen die om professionele of zakelijke redenen reizen, te voorkomen.”.

7)

In punt 17 worden de punten a) en b) vervangen door:

“a)

in quarantaine/zelfisolatie gaan, zoals aanbevolen door het Gezondheidsbeveiligingscomité (11), en/of

b)

zich vóór en/of na aankomst op COVID-19-besmetting laten testen. Het kan gaan om een RT-PCR-test of een snelle antigeentest als opgenomen in de gemeenschappelijke en bijgewerkte lijst van snelle COVID-19-antigeentests die is opgesteld op basis van de Aanbeveling van de Raad van 21 januari 2021 betreffende een gemeenschappelijk kader voor het gebruik en de validering van snelle antigeentests en de wederzijdse erkenning van COVID-19-testresultaten in de EU (12), zoals bepaald door de nationale volksgezondheidsinstanties.”.

8)

In punt 17 wordt de volgende alinea geschrapt:

“De lidstaten kunnen reizigers de optie bieden om, in plaats van de in punt b) vermelde test te ondergaan, zich vóór aankomst te laten testen op COVID-19-besmetting.”.

9)

In punt 17 wordt de volgende alinea toegevoegd:

“De lidstaten zouden voldoende testcapaciteit moeten aanbieden en digitale testcertificaten moeten aanvaarden, waarbij zij er tegelijkertijd voor moeten zorgen dat dit geen afbreuk doet aan de verlening van essentiële gezondheidsdiensten, met name wat de laboratoriumcapaciteit betreft.”.

10)

Het volgende punt 17 bis wordt ingevoegd:

“17

bis De lidstaten zouden personen die vanuit een overeenkomstig punt 10, onder c bis), “donkerrood” ingekleurd gebied reizen, moeten verplichten om zowel vóór aankomst een COVID-19-test te laten afnemen als in quarantaine/zelfisolatie te gaan zoals aanbevolen door het Gezondheidsbeveiligingscomité. Soortgelijke maatregelen zouden kunnen worden toegepast voor gebieden met een hoge prevalentie van zorgwekkende varianten.

De lidstaten zouden niet-farmaceutische interventies moeten invoeren, handhaven of versterken, met name in “donkerrood” ingekleurde gebieden, de inspanningen op het gebied van testen en contactopsporing moeten versterken en het niveau van bewaking en sequentieanalyse van een representatieve steekproef van binnen een gemeenschap geconstateerde COVID-19-gevallen moeten verhogen, teneinde de verspreiding en de impact van opkomende, gemakkelijker overdraagbare SARS-CoV-2-varianten onder controle te houden.”.

11)

Het volgende punt 17 ter wordt ingevoegd:

“17

ter De lidstaten zouden personen die op hun grondgebied verblijven, de mogelijkheid moeten bieden om zich, in aanvulling op de eventuele toepasselijke quarantaine-/zelfisolatievoorschriften, na aankomst op COVID-19-besmetting te laten testen in plaats van vóór aankomst een test als bedoeld in punt 17, onder b), en punt 17 bis te ondergaan.”.

12)

Het volgende punt 19 bis wordt ingevoegd:

“19

bis Overeenkomstig punt 17 bis zouden reizigers met een essentiële functie of behoefte die vanuit een “donkerrood” ingekleurd gebied reizen, aan de testvoorschriften moeten voldoen en in quarantaine/zelfisolatie moeten gaan, mits dit geen onevenredige gevolgen heeft voor de uitoefening van hun functie of behoefte.

Bij wijze van afwijking zouden transportwerkers en vervoeraanbieders op grond van punt 19, onder b), in beginsel niet mogen worden verplicht zich op COVID-19-besmetting te laten testen overeenkomstig punt 17, onder b), en punt 17 bis. Wanneer een lidstaat van transportwerkers en vervoeraanbieders eist dat zij zich op COVID-19-besmetting laten testen, zouden daarvoor snelle antigeentests moeten worden gebruikt en zou dit niet tot verstoringen van het vervoer mogen leiden. Indien zich verstoringen van het vervoer of van de toeleveringsketen voordoen, zouden de lidstaten dergelijke systematische testvoorschriften onmiddellijk moeten opheffen of intrekken zodat de “green lanes” kunnen blijven functioneren. Transportwerkers en vervoeraanbieders zouden niet mogen worden verplicht om bij de uitoefening van deze essentiële functie in quarantaine te gaan overeenkomstig punt 17, onder a), en punt 17 bis.”.

13)

Het volgende punt 19 ter wordt ingevoegd:

“19

ter In aanvulling op de vrijstellingen in punt 19 bis zouden de lidstaten personen die in grensregio’s wonen en dagelijks of vaak de grens oversteken voor werk, zaken, onderwijs, familie, medische zorg of mantelzorg, niet mogen verplichten zich te laten testen of in quarantaine/zelfisolatie te gaan, en met name geen personen die kritieke functies vervullen of van essentieel belang zijn voor kritieke infrastructuur. Indien in deze regio’s een testplicht voor grensoverschrijdende reizen wordt ingevoerd, zou de frequentie van de tests op dergelijke personen evenredig moeten zijn. Indien de epidemiologische situatie aan weerszijden van de grens vergelijkbaar is, zou er voor reizen geen testplicht mogen worden opgelegd. Personen die beweren dat hun situatie onder dit punt valt, kunnen worden verplicht bewijsstukken of een verklaring in die zin over te leggen.”.

14)

Punt 21 wordt vervangen door:

“21.

Maatregelen die worden toegepast op personen die aankomen uit gebieden die overeenkomstig punt 10 “donkerrood”, “rood”, “oranje” of “grijs” zijn ingekleurd, mogen niet discriminerend zijn, d.w.z. deze moeten evenzeer gelden voor onderdanen van de betrokken lidstaat die terugkeren.”.

Gedaan te Brussel, 1 februari 2021.

Voor de Raad

De voorzitter

A.P. ZACARIAS


(1)  PB L 337 van 14.10.2020, blz. 3.

(2)  Beschikbaar op: https://www.ecdc.europa.eu/en/covid-19/situation-updates/weekly-maps-coordinated-restriction-free-movement

(3)  COM(2021) 35 final.

(4)  ECDC Risk Assessment: Risk related to spread of new SARS-CoV-2 variants of concern in the EU/EEA”, beschikbaar via: https://www.ecdc.europa.eu/en/publications-data/covid-19-risk-assessment-spread-new-sars-cov-2-variants-eueea

(5)  Europees Centrum voor ziektepreventie en -bestrijding. Risk related to spread of new SARS-CoV-2 variants of concern in the EU/EEA, first update — 21 januari 2021. ECDC: Stockholm; 2021. Beschikbaar via: https://www.ecdc.europa.eu/sites/default/files/documents/COVID-19-risk-related-to-spread-of-new-SARS-CoV-2-variants-EU-EEA-first-update.pdf

(6)  Mondelinge conclusies van voorzitter Charles Michel na de videoconferentie met de leden van de Europese Raad van 21 januari 2021, beschikbaar op: https://www.consilium.europa.eu/nl/press/press-releases/2021/01/21/oral-conclusions-by-president-charles-michel-following-the-video-conference-of-the-members-of-the-european-council-on-21-january-2021/

(7)  Zie Mededeling van de Commissie “De green lanes versterken om de economie tijdens de COVID-19-pandemie op gang te houden” (COM(2020) 685 final) en Aanbeveling (EU) 2020/2243 van de Commissie van 22 december 2020 over een gecoördineerde aanpak van reizen en vervoer in reactie op de in het Verenigd Koninkrijk waargenomen variant van SARS-CoV-2 (PB L 436 van 28.12.2020, blz. 72).

(8)  Door het Gezondheidsbeveiligingscomité op 11 januari 2021 aangenomen aanbevelingen voor een gemeenschappelijke EU-aanpak met betrekking tot isolatie voor COVID-19-patiënten en quarantaine voor contacten en reizigers, https://ec.europa.eu/health/sites/health/files/preparedness_response/docs/hsc_quarantine-isolation_recomm_en.pdf

(9)  WHO-referentie: WHO/2019-nCoV/IHR_Quarantine/2020.3. Beschikbaar op: https://www.who.int/publications/i/item/considerations-for-quarantine-of-individuals-in-the-context-of-containment-for-coronavirus-disease-(covid-19)

(10)  Zie Aanbeveling (EU) 2020/2243 van de Commissie van 22 december 2020 over een gecoördineerde aanpak van reizen en vervoer in reactie op de in het Verenigd Koninkrijk waargenomen variant van SARS-CoV-2 (PB L 436 van 28.12.2020, blz. 72).

(11)  Door het Gezondheidsbeveiligingscomité op 11 januari 2021 aangenomen aanbevelingen voor een gemeenschappelijke EU-aanpak met betrekking tot isolatie voor COVID-19-patiënten en quarantaine voor contacten en reizigers, https://ec.europa.eu/health/sites/health/files/preparedness_response/docs/hsc_quarantine-isolation_recomm_en.pdf

(12)  https://data.consilium.europa.eu/doc/document/ST-5451-2021-INIT/nl/pdf


Top