Choose the experimental features you want to try

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Niet voor menselijke consumptie bestemde dierlijke bijproducten

SAMENVATTING VAN:

Verordening (EG) nr. 1069/2009 tot vaststelling van gezondheidsvoorschriften inzake niet voor menselijke consumptie bestemde dierlijke bijproducten en afgeleide producten

WAT IS HET DOEL VAN DE VERORDENING?

  • In deze verordening worden volksgezondheidsvoorschriften en veterinairrechtelijke voorschriften voor dierlijke bijproducten1 en afgeleide producten2 in de Europese Unie (EU).
  • Deze voorschriften dienen om risico’s voor de volksgezondheid en de diergezondheid te voorkomen en tot een minimum te beperken, en om de veiligheid van de voedsel- en voederketen te waarborgen.

KERNPUNTEN

  • De wetgeving is van toepassing op:
    • dierlijke bijproducten en afgeleide producten, die volgens de wet niet voor menselijke consumptie mogen worden gebruikt;
    • producten van dierlijke oorsprong, die voor menselijke consumptie mogen worden gebruikt, maar in plaats daarvan voor andere doeleinden worden gebruikt;
    • grondstoffen van dierlijke oorsprong voor de productie van producten van dierlijke oorsprong die niet voor menselijke consumptie bestemd zijn.
  • Producenten van dierlijke bijproducten en afgeleide producten dienen ervoor te zorgen dat ze van het begin tot het eind van de productieketen aan de wetgeving voldoen.
    • Ze dienen een administratie bij te houden van de producten die ze verzenden, vervoeren of ontvangen, en van de vereiste bijbehorende documentatie.
    • Ze dienen de nationale autoriteiten in te lichten over de producten en locaties die gedurende de productieketen worden gebruikt. De locaties dienen te voldoen aan bepaalde hygiënevoorschriften en moeten formeel worden erkend.
  • EU-lidstaten voeren officiële controles uit om ervoor te zorgen dat producenten dierlijke bijproducten onverwijld verzamelen, identificeren en vervoeren, en deze behandelen, gebruiken of verwijderen overeenkomstig de regels.
  • Afgeleide producten, zoals cosmetische producten, medische hulpmiddelen en geneesmiddelen voor diergeneeskundig gebruik, die voldoen aan andere onderdelen van de EU-wetgeving (respectievelijk Verordening (EG) nr. 1223/2009, Verordening (EU) 2017/745 en Verordening (EU) 2019/6), mogen te koop worden aangeboden wanneer ze het eind van de productieketen bereiken.
  • Dierlijke bijproducten zijn in drie categorieën onderverdeeld, op basis van het risiconiveau voor de volksgezondheid of de diergezondheid. Deze categorieën bepalen hoe de producten moeten worden verwijderd of nuttig moeten worden toegepast.
  • Voor het gebruik van dierlijke bijproducten en afgeleide producten bestaan beperkingen. Ze mogen bijvoorbeeld niet worden gebruikt om dieren of gekweekte vissen van dezelfde soort te voederen.
  • De invoer van zowel dierlijke bijproducten als afgeleide producten moet voldoen aan de EU-normen.
  • Er is een verbod op de uitvoer van zowel dierlijke bijproducten als afgeleide producten die bestemd zijn om te worden verbrand of gestort, of naar landen die geen lid zijn van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling voor gebruik in een biogas- of composteerinstallatie.
  • De definities in de verordening zijn afgestemd op de definities die worden gebruikt in Verordening (EU) 2017/625 (de “officiële controleverordening”), waarin de regels voor controles in de agrolevensmiddelenketen zijn vastgelegd. Verordening (EU) 2017/625 waarborgt ook dat dierlijke bijproducten en afgeleide producten, waarop de wetgeving van de EU inzake officiële controles voorheen niet van toepassing was, nu onder haar toepassingsgebied vallen.
  • Dankzij een wijziging die is ingevoerd in het kader van Verordening (EU) 2019/1009, waarin EU-voorschriften inzake meststoffen worden vastgesteld, kunnen afgeleide producten die geen significante risico’s voor de diergezondheid meer inhouden, als bemestingsproducten worden toegelaten tot het vrije verkeer op de EU-markt.
  • Een verdere wijziging, een gedelegeerd besluit aangenomen door de Europese Commissie, is een aanvulling op Verordening (EG) nr. 1069/2009: Gedelegeerde Verordening (EU) 2023/1605. De wet bepaalt de eindpunten in de productieketen voor in de EU vervaardigde organische meststoffen en bodemverbeteraars waarboven zij niet langer onderworpen zijn aan de voorschriften van Verordening (EG) nr. 1069/2009, mits zij worden gebruikt als bestanddelen in EU-meststoffen overeenkomstig Verordening (EU) 2019/1009.

Uitvoeringshandeling

Een uitvoeringshandeling, Verordening (EU) nr. 142/2011, bevat uitvoeringsmaatregelen met betrekking tot Verordening (EG) nr. 1069/2009. Deze is herhaaldelijk gewijzigd en bevat gedetailleerde regels voor de verwijdering en het gebruik van dierlijke bijproducten en afgeleide producten.

VANAF WANNEER IS DE VERORDENING VAN TOEPASSING?

Verordening (EC) nr. 1069/2009 is sinds van toepassing.

De bij Wijzigingsverordening (EU) 2019/1009 ingevoerde wijzigingen zijn van toepassing sinds .

De bij Wijzigingsverordening (EU) 2023/1605 ingevoerde wijzigingen zijn van toepassing sinds .

ACHTERGROND

Kijk voor meer informatie op:

KERNBEGRIPPEN

  1. Dierlijke bijproducten. Dode dieren of delen van dieren die niet voor menselijke consumptie bestemd zijn.
  2. Afgeleide producten. Producten die zijn verkregen door het verwerken van dierlijke bijproducten.

BELANGRIJKSTE DOCUMENT

Verordening (EG) nr. 1069/2009 van het Europees Parlement en de Raad van tot vaststelling van gezondheidsvoorschriften inzake niet voor menselijke consumptie bestemde dierlijke bijproducten en afgeleide producten en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1774/2002 (verordening dierlijke bijproducten) (PB L 300 van , blz. 1-33)

De achtereenvolgende wijzigingen in Verordening (EG) nr. 1069/2009 werden in de basistekst opgenomen. Deze geconsolideerde versie is enkel van documentaire waarde.

laatste bijwerking

Top