EUR-Lex Access to European Union law

Back to EUR-Lex homepage

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Behoud van de vogelstand

Behoud van de vogelstand

 

SAMENVATTING VAN:

Richtlijn 2009/147/EG inzake het behoud van de vogelstand

WAT IS HET DOEL VAN DE RICHTLIJN?

  • Met deze richtlijn wordt ernaar gestreefd alle in het wild levende vogels in de EU te beschermen door regels uiteen te zetten voor hun bescherming, instandhouding, beheer en regulering.
  • De richtlijn is van toepassing op vogels, hun eieren, hun nesten en hun leefgebieden.
  • De oorspronkelijk in 1979 aangenomen wetgeving (Richtlijn 79/409/EEG) wordt ermee gecodificeerd.
  • Richtlijn 2009/147/EG is in 2019 gewijzigd met Verordening (EU) 2019/1010, waarmee de verslagleggingsverplichtingen op het gebied van de milieuwetgeving op elkaar worden afgestemd en gestroomlijnd.

KERNPUNTEN

Maatregelen voor bedreigde soorten

EU-landen moeten actie ondernemen om de populaties van vogelsoorten op een niveau te houden of te brengen dat in lijn is met ecologische, wetenschappelijke en culturele eisen, waarbij zij tevens rekening moeten houden met economische en recreatieve eisen.

Maatregelen voor alle vogelsoorten

Er moeten maatregelen worden getroffen om voor alle vogelsoorten een voldoende gevarieerdheid van leefgebieden* en een voldoende omvang ervan te beschermen, in stand te houden of te herstellen.

Deze maatregelen omvatten voornamelijk:

  • de instelling van beschermingszones;
  • het onderhoud en de ruimtelijke ordening van leefgebieden binnen en buiten de beschermingszones; en
  • het herstel of weer aanleggen van vernietigde biotopen*, en de aanleg van biotopen.

Speciale maatregelen

  • Voor bepaalde in bijlage I genoemde soorten en voor geregeld voorkomende, niet in bijlage I genoemde trekvogels moeten speciale maatregelen ten aanzien van het leefgebied worden getroffen om hun voortbestaan en voortplanting in het verspreidingsgebied veilig te stellen.
  • EU-landen moeten de naar aantal en oppervlakte voor de instandhouding van deze soorten meest geschikte gebieden aanwijzen als speciale beschermingszones in de zee- en landzone waar deze richtlijn van toepassing is. Bijzondere aandacht moet worden besteed aan de bescherming van watergebieden. De speciale beschermingszones maken deel uit van het Natura 2000-netwerk van beschermde gebieden, samen met de speciale beschermingszones die zijn aangewezen in het kader van de habitatrichtlijn.
  • EU-landen moeten passende maatregelen nemen om het volgende te voorkomen:
    • de vervuiling en verslechtering van de leefgebieden van de soorten; en
    • de verstoring van de soorten waarvoor de speciale beschermingszones zijn aangewezen, wanneer een dergelijke verstoring de doelstellingen van de richtlijn wezenlijk zou kunnen aantasten.
  • EU-landen hoeven pas met plannen of projecten in te stemmen als zij er zeker van zijn dat deze geen schadelijke effecten hebben voor de betrokken speciale beschermingszones, op basis van een passende beoordeling van de eventuele gevolgen voor de instandhoudingsdoelstellingen van de gebieden.

Algemene beschermingsmaatregelen

  • Deze Richtlijn voorziet ook in algemene bescherming voor alle in het wild levende vogelsoorten in de EU. Deze maatregelen omvatten met name de volgende verbodsbepalingen:
    • een verbod om opzettelijk in het wild levende vogels te doden of te vangen;
    • een verbod om opzettelijk nesten en eieren te beschadigen;
    • een verbod om eieren te rapen en deze in bezit te hebben;
    • een verbod om deze vogels opzettelijk te storen, wat hun instandhouding kan bedreigen; en
    • een verbod om vogels te houden die niet mogen worden bejaagd;
  • uitzonderingen op bovenstaande regels zijn onder bepaalde voorwaarden mogelijk.

Jacht op vogels

  • Wanneer hun aantallen het toelaten, mag op sommige in bijlage II vermelde soorten worden gejaagd indien een aantal principes in acht wordt genomen:
    • het aantal weggenomen vogels mag geen bedreiging vormen voor een bevredigend populatieniveau en er wordt gezorgd voor een verstandig gebruik;
    • de soorten mogen niet worden bejaagd tijdens broedperioden;
    • trekvogels mogen niet worden bejaagd tijdens hun terugkeer naar hun nestplaatsen; en
    • methoden voor het massale of niet-selectieve doden zijn niet geoorloofd;
  • uitzonderingen op bovenstaande regels zijn onder bepaalde voorwaarden mogelijk.

Onderzoek

EU-landen moeten onderzoek bevorderen ten behoeve van het beheer, de bescherming en de verstandige exploitatie (bijvoorbeeld voor de opstelling van nationale lijsten van met uitroeiing bedreigde of speciaal gevaar lopende soorten) van in het wild levende vogels in Europa.

Verslaglegging

  • Op grond van Verordening (EU) 2019/1010, die sinds 26 juni 2019 van toepassing is, moeten EU-landen om de zes jaar een verslag indienen bij de Europese Commissie over de toepassing van de maatregelen die in het kader van Richtlijn 2009/147/EG zijn getroffen en over de belangrijkste effecten van die maatregelen.
  • Dat verslag moet toegankelijk worden gemaakt voor het publiek en moet met name het volgende bevatten:
    • informatie over de staat en de ontwikkelingen van in het wild levende vogelsoorten die door deze richtlijn worden beschermd;
    • de bedreigingen en druk op die vogelsoorten;
    • de voor hen genomen instandhoudingsmaatregelen; en
    • de bijdrage van het netwerk van speciale beschermingszones aan de doelstellingen van de richtlijn.
  • De Commissie stelt door middel van uitvoeringshandelingen een format vast voor het verslag.
  • Om de zes jaar wordt door de Commissie, bijgestaan door het Europees Milieuagentschap, aan de hand van de gegevens die zij van de EU-landen heeft ontvangen, een samenvattend verslag opgesteld en openbaar gemaakt.

VANAF WANNEER IS DEZE RICHTLIJN VAN TOEPASSING?

De richtlijn is sinds 15 februari 2010 van toepassing. Met Richtlijn 2009/147/EG worden Richtlijn 79/409/EEG en latere wijzigingen daaraan gecodificeerd en vervangen.

ACHTERGROND

Voor meer informatie zie:

KERNBEGRIPPEN

Leefgebied: een natuurlijke omgeving of soort milieu waar een bepaalde dier- of plantsoort normaal leeft.
Biotoop: een gebied met homogene omgevingsomstandigheden waar een bepaalde combinatie van dieren en planten voorkomt.

BELANGRIJKSTE DOCUMENT

Richtlijn 2009/147/EG van het Europees Parlement en de Raad van 30 november 2009 inzake het behoud van de vogelstand (gecodificeerde versie) (PB L 20 van 26.1.2010, blz. 7-25)

Achtereenvolgende wijzigingen aan Richtlijn 2009/147/EG zijn opgenomen in de oorspronkelijke tekst. Deze geconsolideerde versie heeft slechts informatieve waarde.

GERELATEERDE DOCUMENTEN

Verordening (EU) 2019/1010 van het Europees Parlement en de Raad van 5 juni 2019 betreffende de onderlinge afstemming van de verslagleggingsverplichtingen op het gebied van de milieuwetgeving, en tot wijziging van Verordeningen (EG) nr. 166/2006 en (EU) nr. 995/2010 van het Europees Parlement en de Raad, Richtlijnen 2002/49/EG, 2004/35/EG, 2007/2/EG, 2009/147/EG en 2010/63/EU van het Europees Parlement en de Raad, Verordeningen (EG) nr. 338/97 en (EG) nr. 2173/2005 van de Raad, en Richtlijn 86/278/EEG van de Raad (PB L 170 van 25.6.2019, blz. 115-127)

Laatste bijwerking 28.05.2020

Top