Accept Refuse

EUR-Lex Access to European Union law

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Summaries of EU Legislation

De energieprestatie van gebouwen

Go to the summaries’ table of contents

SURVEY: Tell us what you think about the summaries!

De energieprestatie van gebouwen

 

SAMENVATTING VAN:

Richtlijn 2010/31/EU betreffende de energieprestatie van gebouwen

WAT IS HET DOEL VAN DE RICHTLIJN?

  • De richtlijn heeft tot doel de energieprestatie van gebouwen in de EU te verbeteren, waarbij rekening wordt gehouden met diverse klimatologische en plaatselijke omstandigheden.
  • In de richtlijn worden minimumeisen en een gemeenschappelijk kader vastgesteld voor het berekenen van de energieprestatie.
  • Richtlijn 2010/31/EU is, na een beoordeling van de tenuitvoerlegging van die richtlijn, in 2018 gewijzigd bij Richtlijn (EU) 2018/844. Het voornaamste doel was het versnellen van de kosteneffectieve renovatie van bestaande gebouwen en het bevorderen van slimme technologieën in gebouwen. Als onderdeel van het pakket schone energie vormt de herziene richtlijn een aanvulling van de wetgeving inzake energie-efficiëntie.

KERNPUNTEN

  • De EU-landen moeten optimale minimumenergieprestatie-eisen vaststellen. Deze dienen om de vijf jaar te worden herzien. Ze moeten betrekking hebben op het gebouw, de bestanddelen ervan en de energie die wordt gebruikt voor:
    • het verwarmen van ruimten;
    • het koelen van ruimten;
    • huishoudelijke warmwatervoorziening;
    • ventilatie;
    • ingebouwde verlichting;
    • andere technische bouwsystemen*.
  • De Europese Commissie heeft een vergelijkend methodologisch kader vastgesteld voor de berekening van de kostenoptimale niveaus van de energieprestatie-eisen.
  • Nieuwe gebouwen moeten aan de minimumnormen voldoen. Gebouwen waarin overheidsinstanties zijn gehuisvest die eigenaar zijn van deze gebouwen, moeten bijna-energieneutraal* zijn na 31 december 2018 en andere nieuwe gebouwen moeten dit na 31 december 2020 zijn.
  • Wanneer bestaande gebouwen een ingrijpende renovatie ondergaan, moet de energieprestatie ervan worden verbeterd om aan de toepasselijke eisen te voldoen.
  • De EU-landen moeten over een systeem voor energieprestatiecertificering beschikken. Het certificaat:
    • bevat informatie voor de toekomstige eigenaar of huurder over de energieprestatie van een gebouw;
    • bevat aanbevelingen voor kosteneffectieve verbeteringen;
    • moet in alle commerciële media worden vermeld wanneer een gebouw te koop of te huur wordt aangeboden.
  • De nationale autoriteiten van de EU-landen moeten ervoor zorgen dat er regelingen zijn voor de keuring van verwarmings- en airconditioningsystemen.

Wijzigingen van de oorspronkelijke richtlijn

  • Op grond van Richtlijn (EU) 2018/844 moeten de EU-landen langeremijnrenovatiestrategieën vaststellen om ertoe bij te dragen dat vóór het einde van 2050 het bestand van al dan niet voor bewoning bestemde gebouwen tot een in hoge mate energie-efficiënt en koolstofvrij gebouwenbestand is gerenoveerd. Deze strategieën moeten een stappenplan met maatregelen en meetbare voortgangsindicatoren bevatten met het oog op de langetermijndoelstelling voor 2050 van de EU om de broeikasgasemissies in vergelijking met 1990 met 80 tot 95 % te verminderen. In het stappenplan worden indicatieve mijlpalen voor 2030, 2040 en 2050 opgenomen en wordt nader bepaald hoe deze bijdragen tot de verwezenlijking van de energie-efficiëntiedoelstellingen van de EU overeenkomstig Richtlijn 2012/27/EU betreffende energie-efficiëntie.
  • Daarnaast voorziet de herziene richtlijn in:
    • de uitbreiding van het toepassingsgebied van de huidige inspectieregeling voor verwarmings- en airconditioningsystemen tot gecombineerde systemen (met ventilatie), en om rekening te houden met de prestatie van de systemen onder normale bedrijfsomstandigheden;
    • de bevordering van de toepassing van informatie- en communicatietechnologie en slimme automatiserings- en controletechnologieën in gebouwen;
    • de ondersteuning van de uitrol van de infrastructuur voor het opladen van elektrische voertuigen op parkeerterreinen van gebouwen door te verplichten tot de installatie van infrastructuur voor leidingen en oplaadpunten;
    • de invoering van een „indicator van gereedheid voor slimme toepassingen” ter beoordeling van de mogelijkheid om de werking van een gebouw aan te passen aan de behoeften van de gebruiker en aan het net, en om de werking te optimaliseren.

VANAF WANNEER IS DE RICHTLIJN VAN TOEPASSING?

Richtlijn 2010/31/EU is van toepassing sinds 8 juli 2010 en moest vóór 9 juli 2012 in de EU-landen zijn omgezet in nationale wetgeving.

Richtlijn (EU) 2018/844 is van toepassing sinds 9 juli 2018 en moet vóór 10 maart 2020 in de EU-landen worden omgezet in nationale wetgeving.

ACHTERGROND

De bouwsector in de EU absorbeert 40 % van de energie en is daarmee de grootste energieverbruiker in Europa, en ongeveer 75 % van de gebouwen is energie-inefficiënt. Vanwege deze slechte energie-efficiëntie is het koolstofarmer maken van het gebouwenbestand een van de langetermijndoelstellingen van de EU. Deze richtlijn is een belangrijk instrument om gebouwen efficiënter te maken.

Zie voor meer informatie:

KERNBEGRIPPEN

Technisch bouwsysteem: technische uitrusting voor het verwarmen van ruimten, het koelen van ruimten, ventilatie, huishoudelijke warmwatervoorziening, ingebouwde verlichting, automatisering en controle van gebouwen, het ter plaatse opwekken van energie, of een combinatie daarvan, met inbegrip van de systemen die energie uit hernieuwbare bronnen gebruiken, van een gebouw of gebouwunit.
Bijna-energieneutraal gebouw: een gebouw met een zeer hoge energieprestatie. De zeer lage hoeveelheid energie die is vereist, dient in zeer aanzienlijke mate te worden geleverd uit hernieuwbare bronnen, en dient energie die ter plaatse of dichtbij uit hernieuwbare bronnen wordt geproduceerd te bevatten.

BELANGRIJKSTE DOCUMENT

Richtlijn 2010/31/EU van het Europees Parlement en de Raad van 19 mei 2010 betreffende de energieprestatie van gebouwen (herschikking) (PB L 153 van 18.6.2010, blz. 13-35)

Achtereenvolgende wijzigingen aan Richtlijn 2010/31/EU zijn opgenomen in de originele tekst. Deze geconsolideerde versie is enkel van documentaire waarde.

GERELATEERDE DOCUMENTEN

Aanbeveling (EU) 2016/1318 van de Commissie van 29 juli 2016 betreffende richtsnoeren voor de bevordering van bijna-energieneutrale gebouwen en beste praktijken om te waarborgen dat in 2020 alle nieuwe gebouwen bijna-energieneutrale gebouwen zijn (PB L 208 van 2.8.2016, blz. 46-57)

Verslag van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad Vooruitgang van de lidstaten op weg naar bijna-energieneutrale gebouwen (COM(2013) 483 final/2 van 28 juni 2013)

Verslag van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad Financiële steun voor energie-efficiëntie in gebouwen (COM(2013) 225 final van 18 april 2013)

Richtlijn 2012/27/EU van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2012 betreffende energie-efficiëntie, tot wijziging van Richtlijnen 2009/125/EG en 2010/30/EU en houdende intrekking van de Richtlijnen 2004/8/EG en 2006/32/EG (PB L 315 van 14.11.2012, blz. 1-56)

Zie de geconsolideerde versie.

Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 244/2012 van de Commissie van 16 januari 2012 tot aanvulling van Richtlijn 2010/31/EU van het Europees Parlement en de Raad betreffende de energieprestatie van gebouwen middels het vaststellen van een vergelijkend methodologisch kader voor het berekenen van kostenoptimale niveaus van minimumenergieprestatie-eisen voor gebouwen en onderdelen van gebouwen (PB L 81 van 21.3.2012, blz. 18-36)

Zie de geconsolideerde versie.

Laatste bijwerking 08.08.2018

Top