EUR-Lex Access to European Union law

Back to EUR-Lex homepage

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Strafrechtelijke sancties tegen valsemunterij

Strafrechtelijke sancties tegen valsemunterij

Volgens de Europese Centrale Bank heeft valsemunterij sinds de invoering van de euro in 2002 geleid tot een financiële schade van ten minste 500 miljoen EUR voor de economie van de Europese Unie. Er is een nieuwe wet aangenomen om de euro en andere munten te beschermen tegen valsemunterij.

BESLUIT

Richtlijn 2014/62/EU van het Europees Parlement en de Raad van 15 mei 2014 betreffende de strafrechtelijke bescherming van de euro en andere munten tegen valsemunterij en ter vervanging van Kaderbesluit 2000/383/JBZ van de Raad.

SAMENVATTING

De nieuwe richtlijn van de Europese Unie (EU) stelt minimumregels vast met betrekking tot de definitie van strafbare feiten en strafrechtelijke sancties ten aanzien van valsemunterij. De richtlijn introduceert gemeenschappelijke regels voor de bestrijding van valsemunterij, om onderzoek te verbeteren en om te zorgen voor een betere samenwerking tussen EU-lidstaten om valsemunterij te bestrijden.

Strafbare feiten

De lidstaten moeten maatregelen treffen om ervoor te zorgen dat elk opzettelijk bedrieglijk vervaardigen, ontvangen, zich verschaffen of in bezit hebben van werktuigen, voorwerpen, computerprogramma’s, alsook veiligheidskenmerken (zoals hologrammen of watermerken) strafbaar is gesteld.

Opzettelijke gedragingen moeten ook strafbaar zijn met betrekking tot bankbiljetten en muntstukken die nog niet uitgegeven zijn, maar die bestemd zijn om in omloop gebracht te worden als wettig betaalmiddel; hetzelfde geldt voor uitlokking van, hulp bij en aanzetting tot valsemunterij.

Sancties tegen personen (natuurlijke personen)

De ingestelde sancties dienen doeltreffend, evenredig en afschrikkend te zijn en moeten gevangenisstraf omvatten. De maximale gevangenisstraf (vijf en acht jaar, afhankelijk van het geval) moet ten minste van toepassing zijn op de ernstigste vormen van valsemunterij.

Hoewel het opzettelijk doorgeven van valsgeld dat te goeder trouw werd verkregen onderworpen kan worden aan straffen zoals boetes, dient er een bepaling ingesteld te worden voor een gevangenisstraf als een maximale sanctie in de nationale wetgeving van de lidstaten.

Aansprakelijkheid van en sancties tegen rechtspersonen

EU-lidstaten moeten ervoor zorgen dat rechtspersonen (bijvoorbeeld ondernemingen en verenigingen) aansprakelijk kunnen worden gesteld als een alternatief voor individuen (natuurlijke personen), en moeten doeltreffende, evenredige en afschrikkende sancties tegen rechtspersonen toepassen. Het stelsel van sancties moet gedefinieerd worden en moet maatregelen omvatten zoals uitsluiting van het voordeel van een gunstige regeling van de overheid of van overheidssteun, tijdelijk of permanent verbod op het uitoefenen van commerciële activiteiten en plaatsing onder toezicht van de rechter.

Analyse en opsporing van valse eurobiljetten en muntstukken

De lidstaten moeten ervoor zorgen dat het nationale analysecentrum en het nationale muntanalysecentrum eurobankbiljetten en euromunten kunnen testen op vervalsingen en beschikbaar zijn voor lopende gerechtelijke procedures met het doel verdere vervalsingen op te sporen.

Toepassing

Ierland heeft voor deze richtlijn gekozen. Denemarken en het Verenigd Koninkrijk (1) zijn echter niet aan deze richtlijn gebonden.

REFERENTIES

Besluit

Datum van inwerkingtreding

Uiterste datum voor omzetting in nationaal recht

Publicatieblad van de Europese Unie

Richtlijn 2014/62/EUvan het Europees Parlement en de Raad

22.5.2014

23.5.2016

PB L 151 van 21.5.2014

Laatste bijwerking 10.08.2014



(1) Vanaf 1 februari 2020 is het Verenigd Koninkrijk geen EU-lid meer.

Top