Choose the experimental features you want to try

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Document C2011/349/07

Oproep tot het indienen van voorstellen — EACEA/38/11 — ICI-Samenwerkingsprogramma op het gebied van onderwijs — Samenwerking op het gebied van hoger onderwijs en opleiding tussen de Europese Unie en Australië en de Europese Unie en de republiek Korea — Oproep tot het indienen van voorstellen 2011 voor gezamenlijke mobiliteitsprojecten en projecten voor gezamenlijke graden

PB C 349 van 30.11.2011, pp. 11–14 (BG, ES, CS, DA, DE, ET, EL, EN, FR, IT, LV, LT, HU, MT, NL, PL, PT, RO, SK, SL, FI, SV)

30.11.2011   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

C 349/11


OPROEP TOT HET INDIENEN VAN VOORSTELLEN — EACEA/38/11

ICI-Samenwerkingsprogramma op het gebied van onderwijs

Samenwerking op het gebied van hoger onderwijs en opleiding tussen de Europese Unie en Australië en de Europese Unie en de republiek Korea

Oproep tot het indienen van voorstellen 2011 voor gezamenlijke mobiliteitsprojecten en projecten voor gezamenlijke graden

2011/C 349/07

1.   Doelstellingen en beschrijving

De algemene doelstelling is het begrip en de onderlinge verstandhouding tussen de volkeren van de EU en de partnerlanden te verbeteren, kennis van elkaars talen, culturen en instellingen te verspreiden en de kwaliteit van het hoger onderwijs en beroepsopleiding te stimuleren door middel van evenwichtige partnerschappen tussen instellingen voor hoger onderwijs en beroepsopleiding in Europa en de partnerlanden.

2.   Subsidiabele aanvragen

Subsidieaanvragen kunnen worden ingediend door consortia van instellingen voor hoger onderwijs en/of beroepsopleiding.

Voor subsidie komen alleen aanvragers in aanmerking die gevestigd zijn in een van de partnerlanden en in een van de 27 lidstaten van de Europese Unie.

3.   Subsidiabele acties

Er zijn twee typen acties die in het kader van deze oproep voor subsidiëring in aanmerking komen, te weten gezamenlijke mobiliteitsprojecten en projecten voor gezamenlijke graden.

Gezamenlijke mobiliteitsprojecten worden gesteund om consortia van instellingen voor hogere beroepsopleiding in de EU en in partnerlanden in staat te stellen gezamenlijke studie- en opleidingsprogramma’s uit te voeren en de uitwisseling van studenten en universitair docenten te bevorderen. De steun omvat een eenmalige beheersubsidie alsook beurzen voor studenten en leden van het wetenschappelijk en administratief personeel. Een consortium dat een aanvraag indient voor een ICI-ECP gezamenlijk mobiliteitsproject, moet ten minste bestaan uit 3 instellingen voor hogere beroepsopleiding uit 3 verschillende EU-lidstaten en ten minste 2 dergelijke instellingen uit het partnerland. De duur van gezamenlijke mobiliteitsprojecten bedraagt ten hoogste 36 maanden. Er zal speciale aandacht worden gegeven aan projecten die stages omvatten.

Projecten voor gezamenlijke graden worden gesteund om programma’s voor het behalen van tweeledige/dubbele of gezamenlijke graden op te zetten en uit te voeren. De steun omvat een eenmalige subsidie voor ontwikkeling en beheer alsook beurzen voor studenten en leden van het wetenschappelijk en administratief personeel. Een consortium dat een aanvraag indient voor een ICI-ECP project voor gezamenlijke graden, moet ten minste bestaan uit 2 instellingen voor hoger onderwijs uit 2 verschillende EU-lidstaten en ten minste 2 instellingen uit het partnerland. De duur van projecten voor gezamenlijke graden bedraagt ten hoogste 48 maanden. Er zal speciale aandacht worden gegeven aan aanvragen voor projecten voor gezamenlijke graden.

De activiteiten moeten in oktober 2012 van start gaan.

4.   Gunningscriteria

A.   Het belang van het project voor de betrekkingen van de EU met de partnerlanden en de bijdrage aan kwaliteit en uitmuntendheid (20 %)

wordt bepaald door:

a)   de relevantie van het voorstel in het licht van de doelstellingen van de oproep en de betrekkingen van de EU met het partnerland

De relevantie van het voorstel in het licht van de doelstellingen van de oproep en in het bijzonder de onderscheidende toegevoegde waarde van het studieprogramma in de discipline en het beroep van het voorstel, vanuit het perspectief van de betrekkingen van de EU met het partnerland.

b)   de bijdrage van het project aan kwaliteit, uitmuntendheid en vernieuwing van onderwijs op het betrokken terrein

De verwachte bijdrage van het project aan kwaliteit, uitmuntendheid en vernieuwing van onderwijs, waaronder verbetering van onderwijsmethoden en de verdere studie- en beroepsmogelijkheden van de studenten, evenals de omschrijving van een efficiënt controlesysteem voor academische kwaliteit.

B.   De kwaliteit van de opzet van het project (80 %)

wordt bepaald door:

a)   partnerschapsbeheer en samenwerking tussen partners

De mate waarin samenwerkingsmechanismen en de bestuurlijke structuur een goed functionerend partnerschap weerspiegelen.

Het sluiten door de partners van een uitgebreide partnerschapsovereenkomst en/of een memorandum van overeenstemming bij aanvang van het mobiliteitsproject.

De mate waarin de partnerinstellingen zich hebben verbonden tot het project.

b)   het mobiliteitsprogramma voor studenten

De integratie van het studentenmobiliteitsprogramma in de verschillende partnerinstituten (d.w.z. de spreiding van de activiteiten voor studentenmobiliteit over de partners en de evenwichtige deelname van de partnerinstellingen aan de actie).

Voldoen aan de eisen in termen van aantallen en soorten mobiliteitsactiviteiten en de evenwichtige verhouding tussen de voorgestelde mobiliteitsstromen.

De ontwikkeling van goede mechanismen voor de selectie van studenten op basis van de beginselen van transparantie, gelijkheid en verdienste die gelden voor alle partnerinstellingen in het kader van het voorgestelde project.

De beschrijving van door het partnerschap vastgestelde gezamenlijke criteria voor gemeenschappelijke aanvraag-, selectie-, toelating- en examenprocedure.

c)   regelingen voor overdracht en erkenning van studiebezoeken

De degelijkheid en duidelijkheid van de regelingen voor studiebezoeken en de overdracht daarvan, waaronder, indien van toepassing, de mate waarin ETS-mechanismen als partnerschappen en andere, met ECTS compatibele, mechanismen voor studieaanvragen zullen worden gebruikt.

Het gebruik van een diplomasupplement (een document dat namens het partnerschap gezamenlijk wordt uitgereikt aan iedere succesvolle student die gegevens verstrekt over de aard, het niveau, de context, de inhoud en de status van de studies die hij/zij met succes heeft afgerond).

d)   de opvang van studenten en docenten, dienstverlening aan studenten, voorzieningen voor het leren van de taal en kennismaking met de cultuur

De kwaliteit van de aanwezige middelen voor de opvang van buitenlandse studenten en docenten (met name bewustmakingsactiviteiten, hulp bij het verkrijgen van een visum, een verblijfsvergunning en verzekeringen, taalkundige bijstand, enz.).

De kwaliteit van het programma om uitwisselingsstudenten een nieuwe taal te leren en kennis te laten maken met de cultuur.

e)   het mobiliteitsprogramma voor universitair docenten

Het mobiliteitsprogramma voor universitair docenten en de evenwichtige verhouding van de mobiliteitsstromen tussen de partnerinstellingen. De activiteiten die deelnemende universitair docenten en medewerkers moeten gaan uitvoeren. De relatie van de activiteit met het project en de manier waarop deze activiteit zal worden geregistreerd.

f)   het beoordelingsplan

De ontwikkeling van een doorlopend controlesysteem, de kwaliteit van het beoordelingsplan en de betrokkenheid van studenten bij de zelfbeoordeling van het project.

g)   het verspreidingsplan

De kwaliteit van de verspreidingsactiviteiten en het effect hiervan in termen van zichtbaarheid en bekendheid van de samenwerking tussen de EU en de partnerlanden.

h)   het duurzaamheidsplan

De kwaliteit van het duurzaamheidsplan (binnen de beoogde contractperiode en daarna) en de waarschijnlijkheid dat het project duurzaam zal zijn in termen van effect op institutioneel niveau (inclusief erkenning van studies onder partners, ontwikkeling van internationale samenwerking, enz.).

5.   Begroting

Het beschikbare budget bedraagt ongeveer 2,3 miljoen EUR. De partnerlanden zullen vergelijkbare subsidies verstrekken overeenkomstig de regels die voor elk afzonderlijk land gelden.

De maximale subsidie van de EU zal 350 000 EUR bedragen voor een vierjarig programma voor gezamenlijke graden met twee of meer instellingen in de EU, en 262 500 EUR voor een driejarig gezamenlijk mobiliteitsproject met drie of meer instellingen uit de EU.

6.   Uiterste datum van Indiening

De aanvragen moeten worden ingediend bij zowel de EU als de uitvoerende instellingen in Australië (Australian Department of Education — DEEWR) en de Republiek Korea (National Research Foundation of Korea — NRF).

De aanvragen namens de projectleider in de EU moeten uiterlijk op 30 maart 2012 worden gezonden naar het Uitvoerend Agentschap onderwijs, audiovisuele media en cultuur. Aanvragen waarvan de poststempel na deze datum valt, worden niet in behandeling genomen. Aanvragen moeten naar het volgende adres worden gezonden:

Uitvoerend Agentschap onderwijs, audiovisuele media en cultuur

EU-ICI ECP Call for Proposals 2011

Bourgetlaan 1

BOUR 02/17

1140 Brussel

BELGIË

Aanvragen namens de projectleider in de EU moeten worden ingediend met behulp van het daartoe bestemde formulier, volledig ingevuld en gedateerd, en ondertekend door de door de aanvragende organisatie gemachtigde persoon.

Australische aanvragen en bewijsstukken moeten aangetekend worden gezonden naar:

The Director International Engagement Section (C50MA10)

International Group

Department of Education, Employment and Workplace Relations

GPO Box 9880

Canberra ACT 2601

AUSTRALIA

Koreaanse aanvragen en bewijsstukken moeten persoonlijk of via een koeriersdienst worden afgeleverd bij:

ICI Education Co-operation Programme

Team of European & American Cooperation Programme

Division of International Affairs

National Research Foundation of Korea

25, Heolleungno, Seocho-gu, Seoul

REPUBLIC OF KOREA 137-748

7.   Meer informatie

De desbetreffende richtsnoeren en aanvraagformulieren zijn beschikbaar op de volgende website:

http://eacea.ec.europa.eu/bilateral_cooperation/eu_ici_ecp/index_en.php

De aanvragen moeten met behulp van het verstrekte formulier worden ingediend en moeten vergezeld gaan van alle vereiste bijlagen en informatie.


Top