This document is an excerpt from the EUR-Lex website
Document 62022TA0186
Case T-186/22: Judgment of the General Court of 5 June 2024 – BNP Paribas v ECB (Economic and monetary policy – Supervision of credit institutions – Specific supervisory tasks conferred on the ECB – Setting of prudential requirements – Irrevocable payment commitments – Force of res judicata – Misuse of powers – Manifest error of assessment – Principle of sound administration – Proportionality)
Zaak T-186/22: Arrest van het Gerecht van 5 juni 2024 – BNP Paribas/ECB („Economisch en monetair beleid – Toezicht op kredietinstellingen – Specifieke aan de ECB opgedragen toezichthoudende taken – Vaststelling van prudentiële vereisten – Onherroepelijke betalingstoezeggingen – Gezag van gewijsde – Bevoegdheidsoverschrijding – Kennelijke beoordelingsfout – Beginsel van behoorlijk bestuur – Evenredigheid”)
Zaak T-186/22: Arrest van het Gerecht van 5 juni 2024 – BNP Paribas/ECB („Economisch en monetair beleid – Toezicht op kredietinstellingen – Specifieke aan de ECB opgedragen toezichthoudende taken – Vaststelling van prudentiële vereisten – Onherroepelijke betalingstoezeggingen – Gezag van gewijsde – Bevoegdheidsoverschrijding – Kennelijke beoordelingsfout – Beginsel van behoorlijk bestuur – Evenredigheid”)
PB C, C/2024/4462, 22.7.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2024/4462/oj (BG, ES, CS, DA, DE, ET, EL, EN, FR, GA, HR, IT, LV, LT, HU, MT, NL, PL, PT, RO, SK, SL, FI, SV)
|
Publicatieblad |
NL C-serie |
|
C/2024/4462 |
22.7.2024 |
Arrest van het Gerecht van 5 juni 2024 – BNP Paribas/ECB
(Zaak T-186/22) (1)
(Economisch en monetair beleid - Toezicht op kredietinstellingen - Specifieke aan de ECB opgedragen toezichthoudende taken - Vaststelling van prudentiële vereisten - Onherroepelijke betalingstoezeggingen - Gezag van gewijsde - Bevoegdheidsoverschrijding - Kennelijke beoordelingsfout - Beginsel van behoorlijk bestuur - Evenredigheid)
(C/2024/4462)
Procestaal: Frans
Partijen
Verzoekende partij: BNP Paribas (Parijs, Frankrijk) (vertegenwoordigers: A. Gosset-Grainville en M. Trabucchi, advocaten)
Verwerende partij: Europese Centrale Bank (vertegenwoordigers: E. Yoo, D. Segoin en F. Bonnard, gemachtigden)
Voorwerp
Met haar beroep krachtens artikel 263 VWEU vordert verzoekster, BNP Paribas, nietigverklaring van, ten eerste, punt 1.10 en de punten 3.10.1 tot en met 3.10.8 van besluit ECB-SSM-2022-FRBNP-7 van de Europese Centrale Bank (ECB) van 2 februari 2022 (hierna: „besluit van 2 februari 2022 ”), met inbegrip van de bijlagen daarbij, voor zover het maatregelen voorschrijft die moeten worden genomen met betrekking tot de onherroepelijke betalingstoezeggingen (hierna: „OBT”) voor de depositogarantiestelsels of de afwikkelingsfondsen en, ten tweede, punt 1.10 en de punten 3.9.1 tot en met 3.9.8 van besluit ECB-SSM-2022-FRBNP-86 van de ECB van 21 december 2022, met inbegrip van de bijlagen daarbij, voor zover het maatregelen voorschrijft die moeten worden genomen met betrekking tot de OBT voor de depositogarantiestelsels of de afwikkelingsfondsen.
Dictum
|
1) |
Het beroep wordt verworpen. |
|
2) |
BNP Paribas wordt verwezen in de kosten. |
ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2024/4462/oj
ISSN 1977-0995 (electronic edition)