Accept Refuse

EUR-Lex Access to European Union law

Back to EUR-Lex homepage

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Document 62019CN0096

Zaak C-96/19: Verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door het LandesverwaltungsgerichtNiederösterreich(Oostenrijk) op 8 februari 2019 — VO/Bezirkshauptmannschaft Tulln

OJ C 172, 20.5.2019, p. 8–9 (BG, ES, CS, DA, DE, ET, EL, EN, FR, HR, IT, LV, LT, HU, MT, NL, PL, PT, RO, SK, SL, FI, SV)

20.5.2019   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

C 172/8


Verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door het LandesverwaltungsgerichtNiederösterreich (Oostenrijk) op 8 februari 2019 — VO/Bezirkshauptmannschaft Tulln

(Zaak C-96/19)

(2019/C 172/10)

Procestaal: Duits

Verwijzende rechter

Landesverwaltungsgericht Niederösterreich

Partijen in het hoofdgeding

Verzoekende partij: VO

Verwerende partij: BezirkshauptmannschaftTulln

Prejudiciële vragen

1)

Moet verordening (EU) nr. 165/2014 (1), met name artikel 34, lid 3, laatste volzin, en artikel 36,lid 2, ervan, aldus worden uitgelegd dat zij in de weg staat aan eennationale regeling volgens welke bestuurders van motorvoertuigen diemet een digitale tachograaf in de zin van artikel 2, lid 2, onderh), van verordening (EU) nr. 165/2014 zijn uitgerust, in het gevaldat op de bestuurderskaart [artikel 2, lid 2, onder f), van de aangehaaldeverordening] verschillende werkdagen ontbreken waarvoor ook geen registratiebladenaan boord van het voertuig zijn meegenomen, op deze dagen betrekkinghebbende schriftelijke bevestigingen van de werkgever — die moetenvoldoen aan de minimumeisen voor het formulier dat door de Commissieovereenkomstig artikel 11, lid 3, van richtlijn 2006/22/EG (2) is vastgesteld — aan boord van het voertuig moeten meenemenen in geval van controle moeten overleggen?

2)

Indien de eerste prejudiciële vraag ontkennend wordt beantwoord:

Is het formulier dat door de Commissie bij besluit 2009/959/EU (3) is vastgesteld, geheel of gedeeltelijk ongeldig?


(1)  Verordening (EU) nr. 165/2014 van het Europees Parlement en vande Raad van 4 februari 2014 betreffendetachografen in het wegvervoer, tot intrekking van verordening (EEG)nr. 3821/85 van de Raad betreffende het controleapparaat in het wegvervoeren tot wijziging van verordening (EG) nr. 561/2006 van het EuropeesParlement en de Raad tot harmonisatie van bepaalde voorschriften vansociale aard voor het wegvervoer (PB 2014, L 60, blz. 1).

(2)  Richtlijn 2006/22/EG van het Europees Parlement en de Raad van 15 maart 2006 inzake minimumvoorwaarden voorde uitvoering van de verordeningen (EEG) nr. 3820/85 en (EEG) nr.3821/85 van de Raad betreffende voorschriften van sociale aard voorhet wegvervoer en tot intrekking van richtlijn 88/599/EEG van de Raad(PB 2006, L 102, blz. 35).

(3)  Besluit van de Commissie van 14 december 2009 tot wijziging van beschikking 2007/230/EG tot vaststelling van eenformulier in het kader van de sociale wetgeving met betrekking tothet wegvervoer [Kennisgeving geschied onder nummer C(2009) 9895] (PB 2009, L 330,blz. 80).


Top