Accept Refuse

EUR-Lex Access to European Union law

Back to EUR-Lex homepage

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Document 62018CN0298

Zaak C-298/18: Verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door het Arbeitsgericht Cottbus — Kammern Senftenberg (Duitsland) op 2 mei 2018 — Reiner Grafe en Jürgen Pohle/Südbrandenburger Nahverkehrs GmbH en OSL Bus GmbH

OJ C 276, 6.8.2018, p. 19–20 (BG, ES, CS, DA, DE, ET, EL, EN, FR, HR, IT, LV, LT, HU, MT, NL, PL, PT, RO, SK, SL, FI, SV)

201807200342013162018/C 276/272982018CJC27620180806NL01NLINFO_JUDICIAL20180502192022

Zaak C-298/18: Verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door het Arbeitsgericht Cottbus — Kammern Senftenberg (Duitsland) op 2 mei 2018 — Reiner Grafe en Jürgen Pohle/Südbrandenburger Nahverkehrs GmbH en OSL Bus GmbH

Top

C2762018NL1920120180502NL0027192202

Verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door het Arbeitsgericht Cottbus — Kammern Senftenberg (Duitsland) op 2 mei 2018 — Reiner Grafe en Jürgen Pohle/Südbrandenburger Nahverkehrs GmbH en OSL Bus GmbH

(Zaak C-298/18)

2018/C 276/27Procestaal: Duits

Verwijzende rechter

Arbeitsgericht Cottbus — Kammern Senftenberg

Partijen in het hoofdgeding

Verzoekende partijen: Reiner Grafe, Jürgen Pohle

Verwerende partijen: Südbrandenburger Nahverkehrs GmbH, OSL Bus GmbH

Prejudiciële vragen

1)

Is er sprake van een overgang van onderneming in de zin van artikel 1, lid 1, van richtlijn 77/187/EEG ( 1 ) wanneer de exploitatie van autobuslijnen van de ene vervoersonderneming op een andere overgaat na een aanbestedingsprocedure overeenkomstig richtlijn 92/50/EEG betreffende het plaatsen van overheidsopdrachten voor dienstverlening ( 2 ), ook al worden daarbij geen wezenlijke bedrijfsmiddelen, inzonderheid geen bussen, tussen die twee ondernemingen overgedragen?

2)

Is op grond van de aanname dat de bussen bij de gunning van een tijdelijk dienstencontract in het kader van een redelijke bedrijfseconomische beoordeling vanwege hun ouderdom en de strengere technische vereisten (emissiewaarden, lage instap) geacht moeten worden niet meer van wezenlijk belang te zijn voor de waarde van de onderneming, een afwijking van het arrest van het Hof van Justitie van de Europese Unie van 25 januari 2001 (zaak C-172/99) gerechtvaardigd, zodat richtlijn 77/187/EEG onder dergelijke omstandigheden ook van toepassing kan zijn in het geval van de overname van een wezenlijk deel van het personeel?


( 1 ) Richtlijn 77/187/EEG van de Raad van 14 februari 1977 inzake de onderlinge aanpassing van de wetgevingen der lidstaten betreffende het behoud van de rechten van de werknemers bij overgang van ondernemingen, vestigingen of onderdelen daarvan (PB 1977, L 61, blz. 26).

( 2 ) Richtlijn 92/50/EEG van de Raad van 18 juni 1992 betreffende de coördinatie van de procedures voor het plaatsen van overheidsopdrachten voor dienstverlening (PB 1992, L 209, blz. 1).

Top