Accept Refuse

EUR-Lex Access to European Union law

Back to EUR-Lex homepage

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Document 61987CJ0058

Arrest van het Hof (Vijfde kamer) van 29 juni 1988.
Josef Rebmann tegen Bundesversicherungsanstalt für Angestellte.
Verzoek om een prejudiciële beslissing: Bundessozialgericht - Duitsland.
Grensarbeiders - Werkloosheidsuitkeringen - Pensioenverzekering.
Zaak 58/87.

European Court Reports 1988 -03467

ECLI identifier: ECLI:EU:C:1988:344

61987J0058

ARREST VAN HET HOF (VIJFDE KAMER) VAN 29 JUNI 1988. - JOSEF REBMANN TEGEN BUNDESVERSICHERUNGSANSTALT FUER ANGESTELLTE. - VERZOEK OM EEN PREJUDICIELE BESLISSING, INGEDIEND DOOR HET BUNDESSOZIALGERICHT. - GRENSARBEIDERS - WERKLOOSHEIDSUITKERINGEN - PENSIOENVERZEKERING. - ZAAK 58/87.

Jurisprudentie 1988 bladzijde 03467


Samenvatting
Partijen
Overwegingen van het arrest
Beslissing inzake de kosten
Dictum

Trefwoorden


++++

SOCIALE ZEKERHEID VAN MIGRERENDE WERKNEMERS - WERKLOOSHEID - VOLLEDIG WERKLOZE GRENSARBEIDER - INAANMERKINGNEMING VAN WERKLOOSHEIDSTIJDVAKKEN BIJ PENSIOENBEREKENING - BEVOEGDE LID-STAAT - STAAT VAN LAATSTE TEWERKSTELLING VOOR WERKLOOSHEID

( EEG-VERDRAG, ARTIKEL 51; VERORDENING NR . 1408/71 VAN DE RAAD, ARTIKELEN 13, LID 2, SUB A, EN 71, LID 1, SUB A-II )

Samenvatting


VERORDENING NR . 1408/71 MOET ALDUS WORDEN UITGELEGD, DAT TIJDVAKKEN VAN VOLLEDIGE WERKLOOSHEID DIE ZIJN VERVULD DOOR EEN GRENSARBEIDER DIE OVEREENKOMSTIG ARTIKEL 71, LID 1, SUB A-II, VAN VERORDENING NR . 1408/71 WERKLOOSHEIDSUITKERINGEN HEEFT ONTVANGEN VOLGENS DE WETTELIJKE REGELING VAN DE LID-STAAT OP HET GRONDGEBIED WAARVAN HIJ WOONDE, GELET OP DE ALGEMENE AANKNOPINGSREGEL VAN ARTIKEL 13, LID 2, SUB A, EN BIJ GEBREKE VAN EEN IN DE COMMUNAUTAIRE REGELING VOORZIENE OF VOOR DE VERWEZENLIJKING DAARVAN NOODZAKELIJKE AFWIJKING, VOOR DE BEREKENING VAN PENSIOENRECHTEN IN AANMERKING MOETEN WORDEN GENOMEN VOLGENS DE WETTELIJKE REGELING VAN DE LID-STAAT WAAR DE BETROKKENE VOOR HET INTREDEN VAN ZIJN WERKLOOSHEID HET LAATST HEEFT GEWERKT .

Partijen


IN ZAAK 58/87,

BETREFFENDE EEN VERZOEK AAN HET HOF KRACHTENS ARTIKEL 177 EEG-VERDRAG VAN HET BUNDESSOZIALGERICHT, IN HET ALDAAR AANHANGIG GEDING TUSSEN

JOSEF REBMANN, GEPENSIONEERDE, WONENDE TE KLEINBLITTERSDORF ( BONDSREPUBLIEK DUITSLAND ),

EN

BUNDESVERSICHERUNGSANSTALT FOER ANGESTELLTE, TE BERLIJN,

OM EEN PREJUDICIELE BESLISSING OVER DE UITLEGGING VAN ARTIKEL 71 VAN VERORDENING NR . 1408/71 VAN DE RAAD VAN 14 JUNI 1971 BETREFFENDE DE TOEPASSING VAN DE SOCIALE ZEKERHEIDSREGELINGEN OP WERKNEMERS EN ZELFSTANDIGEN, ALSMEDE OP HUN GEZINSLEDEN, DIE ZICH BINNEN DE GEMEENSCHAP VERPLAATSEN, ZOALS GEWIJZIGD ( PB 1983, L 230, BLZ . 8 ),

WIJST

HET HOF VAN JUSTITIE ( VIJFDE KAMER ),

SAMENGESTELD ALS VOLGT : G . BOSCO, KAMERPRESIDENT, U . EVERLING, Y . GALMOT, R . JOLIET EN F . SCHOCKWEILER, RECHTERS,

ADVOCAAT-GENERAAL : G . F . MANCINI

GRIFFIER : H . A . ROEHL, HOOFDADMINISTRATEUR

GELET OP DE OPMERKINGEN INGEDIEND DOOR :

- DE BUNDESVERSICHERUNGSANSTALT FOER ANGESTELLTE, VERWEERSTER IN HET HOOFDGEDING, VERTEGENWOORDIGD DOOR T . HERRMANN,

- DE ITALIAANSE REGERING, VERTEGENWOORDIGD DOOR P . G . FERRI,

- DE NEDERLANDSE REGERING, VERTEGENWOORDIGD DOOR E . F . JACOBS,

- DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN, VERTEGENWOORDIGD DOOR J . GRUNWALD,

GEZIEN HET RAPPORT TER TERECHTZITTING EN TEN VERVOLGE OP DE MONDELINGE BEHANDELING OP 10 FEBRUARI 1988,

GEHOORD DE CONCLUSIE VAN DE ADVOCAAT-GENERAAL TER TERECHTZITTING VAN 5 MEI 1988,

HET NAVOLGENDE

ARREST

Overwegingen van het arrest


1 BIJ BESCHIKKING VAN 21 JANUARI 1987, INGEKOMEN TEN HOVE OP 25 FEBRUARI DAARAANVOLGEND, HEEFT HET BUNDESSOZIALGERICHT KRACHTENS ARTIKEL 177 EEG-VERDRAG EEN PREJUDICIELE VRAAG GESTELD OVER DE UITLEGGING VAN ARTIKEL 71, LID 1, SUB A-II, VAN VERORDENING NR . 1408/71 VAN DE RAAD VAN 14 JUNI 1971 BETREFFENDE DE TOEPASSING VAN DE SOCIALE ZEKERHEIDSREGELINGEN OP WERKNEMERS EN ZELFSTANDIGEN, ALSMEDE OP HUN GEZINSLEDEN, DIE ZICH BINNEN DE GEMEENSCHAP VERPLAATSEN, ZOALS GEWIJZIGD ( PB 1983, L 230, BLZ . 8 ), TEN EINDE TE KUNNEN BEPALEN WELK ORGAAN VOOR DE PENSIOENBEREKENING DE TIJDVAKKEN VAN VOLLEDIGE WERKLOOSHEID VAN EEN GRENSARBEIDER IN AANMERKING MOET NEMEN .

2 DEZE VRAAG IS GEREZEN IN EEN GEDING TUSSEN JOSEF REBMANN EN DE BUNDESVERSICHERUNGSANSTALT FOER ANGESTELLTE .

3 IN HET HOOFDGEDING GAAT HET OM DE VRAAG, HOE EEN TIJDVAK VAN VOLLEDIGE WERKLOOSHEID VAN EEN GRENSARBEIDER IN AANMERKING MOETEN WORDEN GENOMEN BIJ DE PENSIOENBEREKENING . VERZOEKER IN HET HOOFDGEDING ( HIERNA : VERZOEKER ), GEBOREN IN 1920 EN WONENDE TE KLEINBLITTERSDORF ( BONDSREPUBLIEK DUITSLAND ), BEZIT DE DUITSE NATIONALITEIT EN HEEFT STEEDS IN DUITSLAND GEWOOND . VAN 1 AUGUSTUS 1959 TOT 30 JUNI 1972 WAS HIJ ALS GRENSARBEIDER WERKZAAM IN FRANKRIJK, WAAR HIJ GEDURENDE DIT TIJDVAK BIJDRAGEN AAN DE FRANSE SOCIALE ZEKERHEID BETAALDE . DAAROP WERD HIJ VOLLEDIG WERKLOOS . DE FRANSE DIENST VOOR ARBEIDSBEMIDDELING WAAR HIJ ZICH HAD AANGEMELD, VERWEES HEM NAAR HET ARBEIDSBUREAU TE SAARBROECKEN, DAT HEM VAN 13 JULI 1972 TOT EN MET 31 JULI 1974 EEN UITKERING KRACHTENS HET ARBEITSFOERDERUNGSGESETZ TOEKENDE . NADIEN WAS VERZOEKER NAAR DUITS RECHT VERPLICHT VERZEKERD, OMDAT HIJ IN DUITSLAND EEN BAAN HAD GEVONDEN .

4 SEDERT 1980 ONTVANGT VERZOEKER EEN PENSIOEN KRACHTENS DE FRANSE SOCIALE ZEKERHEID . BIJ BESLUIT VAN 10 DECEMBER 1980 KENDE DE BUNDESVERSICHERUNGSANSTALT FOER ANGESTELLTE HEM EEN ARBEIDSONGESCHIKTHEIDSUITKERING TOE . BIJ DE BEREKENING DAARVAN WERD EVENWEL GEEN REKENING GEHOUDEN MET HET TIJDVAK JULI 1972 TOT JULI 1974, TOEN HIJ WERKLOOS WAS . VOLGENS DE VERWIJZINGSBESCHIKKING WERDEN VERZOEKERS BEZWAARSCHRIFT, BEROEP EN HOGER BEROEP TEGEN DIT BESLUIT VERWORPEN MET DE OVERWEGING, DAT EEN WERKLOOSHEIDSTIJDVAK SLECHTS ALS PREMIEVRIJ TIJDVAK IN DE ZIN VAN ARTIKEL 36, PARAGRAAF 1, ANGESTELLTENVERSICHERUNGSGESETZ ( HIERNA : AVG ) IS TE BESCHOUWEN, WANNEER DAARDOOR HET VERRICHTEN VAN NAAR DUITS RECHT VERZEKERINGSPLICHTIGE ARBEID IS ONDERBROKEN . DE PREMIEVRIJE TIJDVAKKEN ZOUDEN IN DERGELIJKE GEVALLEN IN DE PLAATS MOETEN KOMEN VAN HET DUITSE TIJDVAK VAN PREMIEBETALING, ZODAT ALLEEN VOOR DE ONDERBREKING VAN EEN DUITS TIJDVAK VAN PREMIEBETALING EEN PREMIEVRIJ TIJDVAK KAN WORDEN AANGEREKEND .

5 IN REVISION BIJ HET BUNDESSOZIALGERICHT BEROEPT VERZOEKER ZICH THANS OP SCHENDING VAN ARTIKEL 36 AVG JUNCTO ARTIKEL 71, LID 1, SUB A-II, VAN VERORDENING NR . 1408/71 VAN DE RAAD . ZIJNS INZIENS IS ER GEEN REKENING MEE GEHOUDEN DAT HIJ, TOEN HIJ VOLLEDIG WERKLOOS WAS GEWORDEN, INGEVOLGE BEDOELDE COMMUNAUTAIRE BEPALING UITSLUITEND RECHT HAD OP UITKERINGEN VAN DE WOONSTAAT EN OOK ALDAAR TER BESCHIKKING VAN DE DIENST VOOR ARBEIDSBEMIDDELING MOEST BLIJVEN . DERHALVE ZOU OOK DE WOONSTAAT DE ALDAAR VERVULDE WERKLOOSHEIDSTIJDVAKKEN IN AANMERKING MOETEN NEMEN BIJ DE PENSIOENBEREKENING EN VERZOEKER MOETEN BEHANDELEN, ALSOF TIJDENS HET VERRICHTEN VAN ZIJN LAATSTE WERKZAAMHEDEN DE WETTELIJKE REGELING VAN DEZE STAAT OP HEM VAN TOEPASSING WAS GEWEEST . ANDERS ZOU HIJ IN ZIJN PENSIOENRECHTEN WORDEN BENADEELD, ENKEL OMDAT HIJ INGEVOLGE HET GEMEENSCHAPSRECHT DE TIJDVAKKEN VAN WERKLOOSHEID ALLEEN IN DE WOONSTAAT HEEFT KUNNEN VERVULLEN .

6 VAN OORDEEL DAT HET GESCHIL EEN VRAAG VAN UITLEGGING VAN DE COMMUNAUTAIRE BEPALINGEN DOET RIJZEN, HEEFT HET BUNDESSOCIALGERICHT HET HOF VERZOCHT OM EEN PREJUDICIELE BESLISSING OVER DE VOLGENDE VRAAG :

"WELK UITKERINGSORGAAN - DAT VAN DE WOONSTAAT OF DAT VAN DE STAAT VAN TEWERKSTELLING - DIENT BIJ DE TOEKENNING VAN EEN PENSIOEN OF RENTE DE TIJDVAKKEN VAN VOLLEDIGE WERKLOOSHEID IN AANMERKING TE NEMEN IN HET GEVAL VAN EEN GRENSARBEIDER DIE, NA VOLLEDIG WERKLOOS TE ZIJN GEWORDEN, INGEVOLGE ARTIKEL 71, LID 1, SUB A-II, VAN VERORDENING NR . 1408/71 ENKEL UITKERINGEN VAN DE WOONSTAAT KON ONTVANGEN EN ZICH TER BESCHIKKING VAN DE DIENSTEN VOOR ARBEIDSBEMIDDELING VAN DEZE STAAT MOEST HOUDEN?

MET NAME :

A ) VOLGT UIT ARTIKEL 71, LID 1, SUB A-II, VAN VERORDENING NR . 1408/71, DAT DE DOOR EEN GRENSARBEIDER IN DE WOONSTAAT VERVULDE TIJDVAKKEN VAN VOLLEDIGE WERKLOOSHEID VOLGENS DE SOCIALE-ZEKERHEIDSREGELING VAN DIE STAAT IN AANMERKING MOETEN WORDEN GENOMEN, ALSOF DIE REGELING GEDURENDE ZIJN LAATSTE DIENSTBETREKKING OP HEM VAN TOEPASSING WAS GEWEEST?

B ) OF MOETEN DE TIJDVAKKEN VAN VOLLEDIGE WERKLOOSHEID VAN EEN GRENSARBEIDER IN AANMERKING WORDEN GENOMEN OVEREENKOMSTIG DE SOCIALE-ZEKERHEIDSREGELING VAN DE STAAT WAAR HIJ HEEFT GEWERKT, ALSOF GEDURENDE ZIJN VOLLEDIGE WERKLOOSHEID DE REGELING VAN DIE LID-STAAT OP HEM VAN TOEPASSING WAS GEWEEST?

C ) OF KAN DE GRENSARBEIDER KIEZEN, OF HIJ ZICH TER ZAKE VAN DE MEETELLING BIJ EEN PENSIOEN OF RENTE VAN DE VERVULDE WERKLOOSHEIDSTIJDVAKKEN ZAL WENDEN TOT HET BEVOEGDE UITKERINGSORGAAN VAN DE STAAT WAAR HIJ WOONT DAN WEL TOT HET ORGAAN VAN DE STAAT WAAR HIJ HEEFT GEWERKT?"

7 VOOR EEN NADERE UITEENZETTING VAN DE FEITEN, HET PROCESVERLOOP EN DE KRACHTENS ARTIKEL 20 VAN 'S HOFS STATUUT-EEG INGEDIENDE OPMERKINGEN WORDT VERWEZEN NAAR HET RAPPORT TER TERECHTZITTING . DEZE ELEMENTEN VAN HET DOSSIER WORDEN HIERNA SLECHTS WEERGEGEVEN VOOR ZOVER DAT NOODZAKELIJK IS VOOR DE REDENERING VAN HET HOF .

8 MET DE GESTELDE VRAAG WENST DE NATIONALE RECHTER IN HOOFDZAAK TE VERNEMEN, OF DE TIJDVAKKEN VAN VOLLEDIGE WERKLOOSHEID VAN EEN GRENSARBEIDER VOOR DE BEREKENING VAN PENSIOENRECHTEN IN AANMERKING MOETEN WORDEN GENOMEN VOLGENS DE PENSIOENWETGEVING VAN DE WOONSTAAT OF VOLGENS DIE VAN DE STAAT VAN TEWERKSTELLING, DAN WEL OF DE GRENSARBEIDER DE KEUZE HEEFT TUSSEN BEIDE .

9 EEN KEUZERECHT IS UITGESLOTEN . GELIJK HET HOF OVERWOOG IN HET ARREST VAN 12 JUNI 1986 ( ZAAK 1/85, MIETHE, JURISPR . 1986, BLZ . 1837 ), ZOU VERLENING VAN EEN DERGELIJK RECHT IN STRIJD ZIJN MET DE STREKKING VAN VERORDENING NR . 1408/71, DIE LUIDENS DE VIJFDE OVERWEGING IS GERICHT OP DE COOERDINATIE VAN DE NATIONALE WETGEVINGEN INZAKE DE SOCIALE ZEKERHEID IN HET KADER VAN HET VRIJE VERKEER VAN WERKNEMERS DIE ONDERDAAN ZIJN VAN EEN LID-STAAT . IN HET KADER VAN DIE COOERDINATIE, BEDOELD OM DE CRITERIA VOOR AANKNOPING BIJ DE DIVERSE NATIONALE WETGEVINGEN TE BEPALEN EN DE LASTEN OVER DE DIVERSE NATIONALE STELSELS TE VERDELEN, KAN BEDOELDE AANKNOPING NIET AFHANKELIJK ZIJN VAN DE KEUZE VAN DE RECHTHEBBENDE .

10 VOOR HET ANTWOORD OP DE VRAAG MOET IN DE EERSTE PLAATS WORDEN VASTGESTELD DAT VERORDENING NR . 1408/71, GELIJK ALLE PROCESPARTIJEN ERKENNEN, GEEN BEPALING BEVAT DIE UITDRUKKELIJK AANGEEFT, VOLGENS WELKE NATIONALE WETGEVING EN DOOR HET BEVOEGDE ORGAAN VAN WELKE LID-STAAT DE DOOR EEN GRENSARBEIDER VERVULDE TIJDVAKKEN VAN VOLLEDIGE WERKLOOSHEID IN AANMERKING MOETEN WORDEN GENOMEN BIJ DE PENSIOENBEREKENING .

11 BIJ GEBREKE VAN EEN SPECIFIEKE BEPALING IN VERORDENING NR . 1408/71 MOET DE OPLOSSING WORDEN GEZOCHT IN DE DOELSTELLING EN DE ALGEMENE STREKKING VAN DE VERORDENING, DAAR DEZE EEN UITPUTTENDE REGELING BEOOGT TE GEVEN VAN HET SOCIALE-ZEKERHEIDSSTELSEL WAARIN ARTIKEL 51 EEG-VERDRAG VOORZIET VOOR DE TOTSTANDBRENGING VAN HET VRIJE VERKEER VAN WERKNEMERS .

12 BLIJKENS DE CONSIDERANS VAN VERORDENING NR . 1408/71 MOETEN DE TER UITVOERING VAN ARTIKEL 51 EEG-VERDRAG VASTGESTELDE COOERDINATIEVOORSCHRIFTEN BINNEN DE GEMEENSCHAP WAARBORGEN DAT ENERZIJDS ALLE ONDERDANEN VAN DE LID-STATEN GELIJKE BEHANDELING GENIETEN TEN OPZICHTE VAN DE VERSCHILLENDE NATIONALE WETGEVINGEN EN DAT ANDERZIJDS DE WERKNEMERS PRESTATIES INZAKE SOCIALE ZEKERHEID GENIETEN ONGEACHT DE PLAATS WAAR ZIJ WERKEN OF WONEN .

13 MEER IN HET BIJZONDER MET BETREKKING TOT GRENSARBEIDERS BEPAALT ARTIKEL 13, LID 2, SUB A, VAN VERORDENING NR . 1408/71 MET HET OOG OP DIE DOELSTELLINGEN, DAT OP HEN IN BEGINSEL DE WETGEVING VAN DE STAAT VAN TEWERKSTELLING VAN TOEPASSING IS . OP DEZE ALGEMENE AANKNOPINGSREGEL ZIJN IN ARTIKEL 25, LID 2, UITZONDERINGEN VOORZIEN VOOR ZIEKTE - EN MOEDERSCHAPSUITKERINGEN, IN ARTIKEL 39 VOOR INVALIDITEITSUITKERINGEN EN IN ARTIKEL 71 VOOR WERKLOOSHEIDSUITKERINGEN .

14 DEZE BIJZONDERE AANKNOPINGEN AAN HET SOCIALE-ZEKERHEIDSSTELSEL VAN DE WOONSTAAT ZIJN INGEGEVEN DOOR OVERWEGINGEN VAN SOCIALE AARD EN PRAKTISCHE UITVOERBAARHEID . INZONDERHEID DE BEPALING IN ARTIKEL 71, DIE DE BETALING VAN WERKLOOSHEIDSUITKERINGEN TEN LASTE VAN DE WOONSTAAT LEGT, BEANTWOORDT AAN HET STREVEN OM DE GRENSARBEIDER DE PRAKTISCHE NADELEN TE BESPAREN DIE AANKNOPING BIJ DE STAAT VAN TEWERKSTELLING VOOR HEM ZOU MEEBRENGEN . ZIJN VERPLICHTING OM ZICH TER BESCHIKKING TE STELLEN EN TE HOUDEN VAN DE DIENST VOOR ARBEIDSBEMIDDELING, KAN HIJ IMMERS GEMAKKELIJKER NAKOMEN IN DE WOONSTAAT . BOVENDIEN BEVINDEN ZICH DAAR DE AANGEWEZEN DIENSTEN OM DE WERKLOOSHEIDSUITKERINGEN UIT TE KEREN EN DAARBIJ NA TE GAAN, OF DE BETROKKENE AAN DE GESTELDE VOORWAARDEN VOLDOET, EN TEGELIJKERTIJD ZIJN REINTEGRATIE IN HET ARBEIDSPROCES TE VERGEMAKKELIJKEN .

15 BIJGEVOLG WIJKT VERORDENING NR . 1408/71 SLECHTS VAN HET ALGEMENE BEGINSEL VAN AANKNOPING BIJ DE STAAT VAN TEWERKSTELLING AF IN BIJZONDERE GEVALLEN EN OM REDENEN VAN PRAKTICHE UITVOERBAARHEID, OP GROND WAARVAN AANKNOPING BIJ DE WOONPLAATS JUISTER EN MEER IN HET BELANG VAN DE GRENSARBEIDER LEEK .

16 DE TOEPASSING VAN DEZE UITZONDERINGSBEPALINGEN OP SITUATIES DIE NIET UITDRUKKELIJK WORDEN GENOEMD, ZOU SLECHTS IN OVERWEGING KUNNEN WORDEN GENOMEN WANNEER DIE SITUATIES NAUW AANSLOTEN BIJ DE IN VERORDENING NR . 1408/71 GENOEMDE EN DIE UITBREIDING OP GROND VAN IDENTIEKE OVERWEGINGEN GEBODEN WAS .

17 DIT GELDT ECHTER NIET VOOR DE INAANMERKINGNEMING VAN TIJDVAKKEN VAN VOLLEDIGE WERKLOOSHEID VOOR DE BEREKENING VAN PENSIOENRECHTEN .

18 ARTIKEL 51 EEG-VERDRAG HEEFT TOT DOEL TE WAARBORGEN, DAT ALLE TIJDVAKKEN VAN BEROEPSWERKZAAMHEDEN - WAARMEE TIJDVAKKEN VAN ONVRIJWILLIGE WERKLOOSHEID WAARVOOR UITKERINGEN ZIJN TOEGEKEND, MOETEN WORDEN GELIJKGESTELD - WORDEN BIJEENGETELD ( ZIE ARREST VAN 9 JULI 1975, ZAAK 20/75, D' AMICO, JURISPR . 1975, BLZ . 891 ). DAARTOE MOET DE INAANMERKINGNEMING VAN ALLE RECHTEN VAN DE MIGRERENDE WERKNEMER, ONGEACHT IN WELKE STAAT ZIJ ZIJN VERWORVEN, GEWAARBORGD ZIJN .

19 DE VERWEZENLIJKING VAN DIT OOGMERK NOOPT IN GEEN OPZICHT TOT EEN AFWIJKING VAN DE ALGEMENE AANKNOPINGSREGEL VAN ARTIKEL 13, LID 2, SUB A, VAN VERORDENING NR . 1408/71; OVERWEGINGEN ALS DIE WAARAAN DE IN DE VERORDENING VOORZIENE BIJZONDERE AANKNOPINGEN ZIJN ONTLEEND, KUNNEN EEN DERGELIJKE AFWIJKING EVENMIN RECHTVAARDIGEN . BIJ GEBREKE VAN EEN SPECIFIEKE BEPALING GELDT VOOR DE INAANMERKINGNEMING VAN TIJDVAKKEN VAN VOLLEDIGE WERKLOOSHEID VAN EEN GRENSARBEIDER VOOR DE BEREKENING VAN DE PENSIOENRECHTEN DERHALVE DE ALGEMENE REGEL, DAT DE SITUATIE VAN DE GRENSARBEIDER IN BEGINSEL WORDT BEHEERST DOOR DE WETGEVING VAN DE STAAT VAN TEWERKSTELLING . OVERIGENS HEEFT DE GRENSARBEIDER NORMALERWIJS IN DIE STAAT PENSIOENRECHTEN VERWORVEN DIE DOOR DEZE TIJDVAKKEN KUNNEN WORDEN AANGEVULD . DAARENTEGEN IS HET NIET ZEKER, DAT DE GRENSARBEIDER IN ZIJN WOONSTAAT PENSIOENRECHTEN HEEFT KUNNEN VERKRIJGEN, MET NAME WANNEER HIJ DAAR NOOIT VERZEKERINGSPLICHTIGE ARBEID HEEFT VERRICHT .

20 MITSDIEN MOET OP DE VRAAG VAN DE VERWIJZENDE RECHTER WORDEN GEANTWOORD DAT VERORDENING NR . 1408/71 VAN DE RAAD ALDUS MOET WORDEN UITGELEGD, DAT TIJDVAKKEN VAN VOLLEDIGE WERKLOOSHEID DIE ZIJN VERVULD DOOR EEN GRENSARBEIDER DIE OVEREENKOMSTIG ARTIKEL 71, LID 1, SUB A-II, VAN VERORDENING NR . 1408/71 WERKLOOSHEIDSUITKERINGEN HEEFT ONTVANGEN VOLGENS DE WETTELIJKE REGELING VAN DE LID-STAAT OP HET GRONDGEBIED WAARVAN HIJ WOONDE, VOOR DE BEREKENING VAN PENSIOENRECHTEN IN AANMERKING MOETEN WORDEN GENOMEN VOLGENS DE WETTELIJKE REGELING VAN DE LID-STAAT WAAR DE BETROKKENE VOOR HET INTREDEN VAN ZIJN WERKLOOSHEID HET LAATST HEEFT GEWERKT .

Beslissing inzake de kosten


KOSTEN

21 DE KOSTEN DOOR DE NEDERLANDSE EN DE ITALIAANSE REGERING ALSMEDE DOOR DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN WEGENS INDIENING HUNNER OPMERKINGEN BIJ HET HOF GEMAAKT, KUNNEN NIET VOOR VERGOEDING IN AANMERKING KOMEN . TEN AANZIEN VAN DE PARTIJEN IN HET HOOFDGEDING IS DE PROCEDURE ALS EEN ALDAAR GEREZEN INCIDENT TE BESCHOUWEN, ZODAT DE NATIONALE RECHTERLIJKE INSTANTIE OVER DE KOSTEN HEEFT TE BESLISSEN .

Dictum


HET HOF VAN JUSTITIE ( VIJFDE KAMER ),

UITSPRAAK DOENDE OP DE DOOR HET BUNDESSOZIALGERICHT BIJ BESCHIKKING VAN 21 JANUARI 1987 GESTELDE VRAGEN, VERKLAART VOOR RECHT :

VERORDENING NR . 1408/71 VAN DE RAAD VAN 14 JUNI 1971 BETREFFENDE DE TOEPASSING VAN DE SOCIALE ZEKERHEIDSREGELINGEN OP WERKNEMERS EN ZELFSTANDIGEN, ALSMEDE OP HUN GEZINSLEDEN, DIE ZICH BINNEN DE GEMEENSCHAP VERPLAATSEN, ZOALS GEWIJZIGD, MOET ALDUS WORDEN UITGELEGD, DAT TIJDVAKKEN VAN VOLLEDIGE WERKLOOSHEID DIE ZIJN VERVULD DOOR EEN GRENSARBEIDER DIE OVEREENKOMSTIG ARTIKEL 71, LID 1, SUB A-II, VAN VERORDENING NR . 1408/71 WERKLOOSHEIDSUITKERINGEN HEEFT ONTVANGEN VOLGENS DE WETTELIJKE REGELING VAN DE LID-STAAT OP HET GRONDGEBIED WAARVAN HIJ WOONDE, VOOR DE BEREKENING VAN PENSIOENRECHTEN IN AANMERKING MOETEN WORDEN GENOMEN VOLGENS DE WETTELIJKE REGELING VAN DE LID-STAAT WAAR DE BETROKKENE VOOR HET INTREDEN VAN ZIJN WERKLOOSHEID HET LAATST HEEFT GEWERKT .

Top