EUR-Lex Access to European Union law

Back to EUR-Lex homepage

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Document 61983CJ0191

Arrest van het Hof (Eerste kamer) van 13 november 1984.
F. A. Salzano tegen Bundesanstalt für Arbeit - Kindergeldkasse.
Verzoek om een prejudiciële beslissing: Sozialgericht München - Duitsland.
Sociale zekerheid - Gezinsbijslag - Schorsing recht op uitkering.
Zaak 191/83.

European Court Reports 1984 -03741

ECLI identifier: ECLI:EU:C:1984:343

61983J0191

ARREST VAN HET HOF (EERSTE KAMER) VAN 13 NOVEMBER 1984. - F. A. SALZANO TEGEN BUNDESANSTALT FUER ARBEIT - KINDERGELDKASSE. - VERZOEK OM EEN PREJUDICIELE BESLISSING, INGEDIEND DOOR HET SOZIALGERICHT MUENCHEN. - " SOCIALE ZEKERHEID - GEZINSBIJSLAG - SCHORSING RECHT OP UITKERING ". - ZAAK 191/83.

Jurisprudentie 1984 bladzijde 03741


Samenvatting
Partijen
Onderwerp
Overwegingen van het arrest
Beslissing inzake de kosten
Dictum

Trefwoorden


SOCIALE ZEKERHEID VAN MIGERENDE WERKNEMERS - GEZINSBIJSLAGEN - COMMUNAUTAIRE ANTICUMULATIEVOORSCHRIFTEN - SCHORSING RECHT OP BIJSLAG IN LAND VAN TEWERKSTELLING - UITKERINGEN VERSCHULDIGD KRACHTENS WETTELIJKE REGELING VAN STAAT WAAR GEZINSLEDEN WONEN - VOORWAARDEN

( ' S RAADS VERORDENING NR . 1408/71 , ARTIKELEN 73 EN 76 )

Samenvatting


HET RECHT OP BIJSLAGEN , KRACHTENS ARTIKEL 73 VAN VERORDENING NR . 1408/71 VERSCHULDIGD IN HET LAND VAN TEWERKSTELLING VAN EEN VAN BEIDE OUDERS , WORDT NIET GESCHORST WANNEER DE ANDERE OUDER MET DE KINDEREN IN EEN ANDERE LID-STAAT WOONT EN ALDAAR BEROEPSWERKZAAMHEDEN VER RICHT , DOCH VOOR DE KINDEREN GEEN KINDERBIJSLAG ONTVANGT OMDAT NIET ALLE VOORWAARDEN , IN DE WETTELIJKE REGELING VAN DE LID-STAAT GESTELD AAN DEGENEN DIE VOOR UITKERING DER BIJSLAG IN AANMERKING WENSEN TE KOMEN , ZIJN VERVULD .

Partijen


IN ZAAK 191/83 ,

BETREFFENDE EEN VERZOEK AAN HET HOF KRACHTENS ARTIKEL 177 EEG-VERDRAG , VAN HET SOZIALGERICHT MUNCHEN , IN HET ALDAAR AANHANGIG GEDING TUSSEN

F . A . SALZANO , TE MUNCHEN ,

EN

BUNDESANSTALT FUR ARBEIT - KINDERGELDKASSE ,

Onderwerp


OM EEN PREJUDICIELE BESLISSING INZAKE DE UITLEGGING VAN ARTIKEL 76 VAN VERORDENING NR . 1408/71 BETREFFENDE DE TOEPASSING VAN DE SOCIALE-ZEKERHEIDSREGELINGEN OP LOONTREKKENDEN EN HUN GEZINNEN , DIE ZICH IN DE GEMEENSCHAP VERPLAATSEN ( PB L 149 , BLZ . 1 ),

Overwegingen van het arrest


1 BIJ OP 12 SEPTEMBER 1983 INGEKOMEN BESCHIKKING VAN 22 JULI 1983 HEEFT HET SOZIALGERICHT MUNCHEN HET HOF KRACHTENS ARTIKEL 177 EEG-VERDRAG EEN PREJUDICIELE VRAAG GESTELD INZAKE DE UITLEGGING VAN ARTIKEL 76 VAN ' S RAADS VERORDENING NR . 1408/71 BETREFFENDE DE TOEPASSING VAN DE SOCIALE ZEKERHEIDSREGELINGEN OP LOONTREKKENDEN EN HUN GEZINNEN , DIE ZICH IN DE GEMEENSCHAP VERPLAATSEN ( PB L 149 , BLZ . 1 ).

2 SALZANO IS EEN ITALIAAN , DIE SINDS MEI 1979 IN DE BONDSREPUBLIEK DUITSLAND TEWERKGESTELD IS EN ALDAAR WOONT . ZIJN ECHTGENOTE WOONT MET DE DRIE KINDEREN IN ITALIE .

3 DE BUNDESANSTALT FUR ARBEIT BESCHIKTE AFWIJZEND OP SALZANO ' S VERZOEK OM TOEKENNING VAN BIJSLAG VOOR ZIJN DRIE KINDEREN OVER HET TIJDVAK 1 MEI 1979 - 31 DECEMBER 1979 , EN WEL ZULKS OP GROND VAN DE OVERWEGING DAT MEVROUW SALZANO IN DIE PERIODE GEWERKT HAD EN OP GROND VAN HAAR BEROEPSWERKZAAMHEDEN IN ITALIE KRACHTENS DE ITALIAANSE WETTELIJKE REGELING RECHT OP BIJSLAG HAD .

4 SALZANO KWAM VAN DIT AFWIJZEND BESLUIT IN BEROEP BIJ HET SOZIALGERICHT MUNCHEN , DAT HET HOF BIJ BESCHIKKING VAN 22 JULI 1983 KRACHTENS ARTIKEL 177 VAN HET VERDRAG DE NAVOLGENDE PREJUDICELE VRAAG STELDE :

' ' MOET ARTIKEL 76 VAN VERORDENING NR . 1408/71 VAN DE RAAD VAN 14 JUNI 1971 ALDUS WORDEN UITGELEGD , DAT HET RECHT OP KINDERBIJSLAG IN HET LAND WAARIN DE ENE OUDER WERKZAAM IS , OOK MOET WORDEN GESCHORST WANNEER DE ANDERE OUDER MET DE KINDEREN IN EEN ANDERE LID-STAAT ( WOONSTAAT ) WOONT EN ALDAAR BEROEPSWERKZAAMHEDEN VERRICHT , DOCH VOOR DE KINDEREN GEEN KINDERBIJSLAG ONTVANGT DAAR DE ENE OUDER DE KRACHTENS DE NATIONALE WETTELIJKE REGELING VEREISTE AANVRAAG NIET HEEFT INGEDIEND EN/OF DE ANDERE OUDER ER GEEN AFSTAND VAN HEEFT GEDAAN , ZODAT NIET VASTSTAAT OF EN TOT WELKE BEDRAG DE OUDER IN DE WOONSTAAT VAN DE KINDEREN RECHT HEEFT OP KINDERBIJSLAG , EN ZO JA , TOT WELK BEDRAG MOET DIE SCHORSING WORDEN TOEGEPAST?

' '

5 VOLGENS ARTIKEL 73 , LID 1 , VAN VERORDENING NR . 1408/71 HEEFT DE WERKNEMER OP WIE DE WETTELIJKE REGELING VAN EEN ANDERE LID-STAAT DAN FRANKRIJK VAN TOEPASSING IS , VOOR ZIJN GEZINSLEDEN DIE OP HET GRONDGEBIED VAN EEN ANDERE LID-STAAT WONEN , RECHT OP DE GEZINSBIJSLAGEN WAARIN DE WETTELIJKE REGELING VAN DE EERSTE STAAT VOORZIET , ALSOF DIE GEZINSLEDEN OP HET GRONDGEBIED VAN DEZE STAAT WOONDEN .

6 IN ARTIKEL 76 IS BEPAALD DAT HET RECHT OP DE KRACHTENS ARTIKEL 73 VERSCHULDIGDE BIJSLAGEN WORDT GESCHORST WANNEER KRACHTENS DE WETTELIJKE REGELING VAN DE LID-STAAT OP HET GRONDGEBIED WAARVAN DE GEZINSLEDEN WONEN , OP GROND VAN VERRICHTE BEROEPSWERKZAAMHEDEN EVENEENS BIJSLAGEN VERSCHULDIGD ZIJN .

7 HET HOF HEEFT IN HET ARREST , OP 20 APRIL 1978 GEWEZEN IN DE ZAAK-RAGAZZONI ( 134/77 , JURISPR . 1978 , BLZ . 963 ) REEDS UITGESPROKEN DAT DE UITOEFENING VAN EEN BEROEPSWERKZAAMHEID IN DE LID-STAAT WAAR DE GEZINSLEDEN WONEN , NIET VOLDOENDE IS OM HET IN ARTIKEL 73 DER VERORDENING TOEGEKENDE RECHT OP GEZINSBIJSLAGEN TE SCHORSEN , EN DAT DIE BIJSLAGEN INGEVOLGE DE WET VAN DIE LID-STAAT ' ' VERSCHULDIGD ' ' MOETEN ZIJN . ALS VERSCHULDIGD KRACHTENS DE WETTELIJKE REGELING VAN DE LID-STAAT OP WELKS GRONDGEBIED DE GEZINSLEDEN WONEN , KUNNEN DEZE BIJSLAGEN SLECHTS WORDEN BESCHOUWD WANNEER DE WET VAN DIE WOONSTAAT HET RECHT OP UITKERING AAN HET IN DIE STAAT WERKENDE GEZINSLID TOEKENT . BETROKKENE MOET DAN OOK VOLDOEN AAN ALLE - FORMELE EN MATERIELE - VOORWAARDEN , IN DE NATIONALE WETTELIJKE REGELING VAN DIE STAAT GESTELD AAN DEGENE DIE DIT RECHT WENST UIT TE OEFENEN .

8 BLIJKENS HET DOSSIER HEEFT SALZANO AAN DE VOORWAARDEN VAN DE ITALIAANSE WETTELIJKE REGELING INZAKE DE GEZINSBIJSLAGEN NIET VOLDAAN , IMMERS DE WETTELIJK VEREISTE AANVRAAG NIET INGEDIEND .

9 VOLGENS ARTIKEL 9 VAN WET NR . 903 VAN 9 DECEMBER 1977 ( GAZZETTA UFFICIALE DELLA REPUBBLICA ITALIANA VAN 17 . 12 . 1977 , NR . 343 ) KUNNEN GEZINSUITKERINGEN , GEZINSBIJSLAGEN EN PENSIOENTOESLAGEN TEN BEHOEVE VAN GEZINSLEDEN DIE TEN LASTE VAN BETROKKENE KOMEN , AAN DE WERKENDE OF PENSIOENGERECHTIGDE VROUW WORDEN UITGEKEERD OP DE VOORWAARDEN - EN BINNEN DE GRENZEN - GELDEN VOOR DE WERKENDE OF PENSIOENGERECHTIGDE MAN . WORDT DE AANVRAAG DOOR BEIDE OUDERS INGEDIEND , DAN WORDEN DE GEZINSUITKERINGEN , GEZINSBIJSLAGEN EN PENSIOENTOESLAGEN VOOR TEN LASTE VAN BETROKKENE KOMENDE GEZINSLEDEN , UITGEKEERD AAN DE OUDER BIJ WIE HET KIND WOONT .

10 MOCHT MEVROUW SALZANO DERHALVE RECHT OP BIJSLAG HEBBEN GEHAD , DAN ZOU ZIJ OOK AAN HAAR ZIJN UITGEKEERD , WAARTOE DAN WEL EEN AANVRAAG HAD MOETEN ZIJN INGEDIEND . ZONDER EEN AANVRAAG TE HEBBEN INGEDIEND , KON MEVROUW SALZANO VOOR HET HIERBEDOELDE TIJDVAK NAAR ITALIAANS RECHT GEEN AANSPRAAK OP BIJSLAG DOEN GELDEN . DE BIJSLAG WAS DERHALVE NIET ' ' EVENEENS . . . VERSCHULDIGD ' ' IN DE ZIN VAN ARTIKEL 76 VAN VOORMELDE VERORDENING .

11 DE VRAAG VAN HET SOZIALGERICHT MUNCHEN MOET DERHALVE IN DIE ZIN WORDEN BEANTWOORD DAT HET RECHT OP BIJSLAG , KRACHTENS ARTIKEL 73 VAN VERORDENING NR . 1408/71 VERSCHULDIGD IN HET LAND VAN TEWERKSTELLING VAN EEN VAN BEIDE OUDERS , NIET WORDT GESCHORST WANNEER DE ANDERE OUDER MET DE KINDEREN IN EEN ANDERE LID-STAAT WOONT EN ALDAAR BEROEPSWERKZAAMHEDEN VERRICHT , DOCH VOOR DE KINDEREN GEEN KINDERBIJSLAG ONTVANGT OMDAT NIET ALLE VOORWAARDEN , IN DE WETTELIJKE REGELING VAN DIE LID-STAAT GESTELD AAN DEGENEN DIE VOOR UITKERING DER BIJSLAG IN AANMERKING WENSEN TE KOMEN , ZIJN VERVULD .

Beslissing inzake de kosten


KOSTEN

12 DE KOSTEN , DOOR DE REGERING VAN DE BONDSREPUBLIEK DUITSLAND , DE REGERING VAN DE ITALIAANSE REPUBLIEK EN DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN WEGENS INDIENING VAN HUN OPMERKINGEN BIJ HET HOF GEMAAKT , KOMEN NIET VOOR VERGOEDING IN AANMERKING . AANGEZIEN DE PROCEDURE TEN AANZIEN VAN PARTIJEN IN HET HOOFDGEDING ALS EEN VOOR DE NATIONALE RECHTER GEREZEN INCIDENT IS TE BESCHOUWEN , HEEFT DEZE LAATSTE OVER DE KOSTEN TE BESLISSEN .

Dictum


HET HOF VAN JUSTITIE ( EERSTE KAMER ),

UITSPRAAK DOENDE OP DE VRAAG , DOOR HET SOZIALGERICHT MUNCHEN BIJ BESCHIKKING VAN 22 JULI 1983 GESTELD , VERKLAART VOOR RECHT :

HET RECHT OP BIJSLAGEN , KRACHTENS ARTIKEL 73 VAN VERORDENING NR . 1408/71 VERSCHULDIGD IN HET LAND VAN TEWERKSTELLING VAN EEN VAN BEIDE OUDERS , WORDT NIET GESCHORST WANNEER DE ANDERE OUDER MET DE KINDEREN IN EEN ANDERE LID-STAAT WOONT EN ALDAAR BEROEPSWERKZAAMHEDEN VERRICHT , DOCH VOOR DE KINDEREN GEEN KINDERBIJSLAG ONTVANGT OMDAT NIET ALLE VOORWAARDEN , IN DE WETTELIJKE REGELING VAN DIE LID-STAAT GESTELD AAN DEGENEN DIE VOOR UITKERING DER BIJSLAG IN AANMERKING WENSEN TE KOMEN , ZIJN VERVULD .

Top