EUR-Lex Access to European Union law

Back to EUR-Lex homepage

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Document 52022PC0686

Voorstel voor een UITVOERINGSBESLUIT VAN DE RAAD betreffende de goedkeuring van de beoordeling van het herstel- en veerkrachtplan voor Hongarije

COM/2022/686 final

Brussel, 30.11.2022

COM(2022) 686 final

2022/0414(NLE)

Voorstel voor een

UITVOERINGSBESLUIT VAN DE RAAD

betreffende de goedkeuring van de beoordeling van het herstel- en veerkrachtplan voor Hongarije

{SWD(2022) 686 final}


2022/0414 (NLE)

Voorstel voor een

UITVOERINGSBESLUIT VAN DE RAAD

betreffende de goedkeuring van de beoordeling van het herstel- en veerkrachtplan voor Hongarije

DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Verordening (EU) 2021/241 van het Europees Parlement en de Raad van 12 februari 2021 tot instelling van de herstel- en veerkrachtfaciliteit 1 , en met name artikel 20,

Gezien het voorstel van de Europese Commissie,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)De COVID-19-uitbraak heeft ontwrichtende gevolgen gehad voor de economie van Hongarije. In 2019 bedroeg het bruto binnenlands product (bbp) per hoofd van de bevolking in Hongarije 48 % van het Uniegemiddelde. Het reële bbp van Hongarije daalde met 4,5 % in 2020 en steeg met 2,3 % in 2020 en 2021 samen. De reeds lang aanslepende uitdagingen met gevolgen voor de economische prestaties op middellange termijn hebben onder meer betrekking op de productiviteitsgroei, de beschikbaarheid van geschoolde arbeidskrachten, investeringen in menselijk kapitaal en institutionele kwaliteit.

(2)Op 9 juli 2019, 20 juli 2020 en 12 juli 2022 heeft de Raad in het kader van het Europees Semester aanbevelingen gericht tot Hongarije. De Raad heeft Hongarije met name aanbevolen verder te werken aan de integratie van de meest kwetsbare groepen op de arbeidsmarkt, de toereikendheid van de sociale bijstand en werkloosheidsuitkeringen te verbeteren, de onderwijsresultaten te verbeteren en de deelname van kansarme groepen aan hoogwaardig regulier onderwijs te bevorderen. Hij heeft ook aanbevolen de veerkracht van het gezondheidsstelsel te vergroten en de toegang tot hoogwaardige preventieve en eerstelijnszorg te verbeteren. De Raad heeft Hongarije voorts aanbevolen het kader voor corruptiebestrijding te versterken, onder meer door een beter vervolgingsbeleid en een betere toegang tot overheidsinformatie, de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht te versterken, sociale partners en belanghebbenden effectief bij het beleidsvormingsproces te betrekken en de concurrentie bij overheidsopdrachten te versterken. Hongarije werd ook aanbevolen om zijn belastingstelsel verder te vereenvoudigen en tegelijk beter te wapenen tegen het risico van agressieve fiscale planning, om de concurrentie en de voorspelbaarheid van de regelgeving in de dienstensector te verbeteren en om bij zakelijke transacties systematisch toe te zien op de mededinging. De Raad heeft Hongarije ook aanbevolen ervoor te zorgen dat noodmaatregelen strikt evenredig zijn en de economische bedrijvigheid niet verstoren. Voorts heeft de Raad in de context van de pandemie aanbevolen maatregelen te nemen om liquiditeitssteun voor kleine en middelgrote ondernemingen te bieden, om overheidsinvesteringen te vervroegen en om particuliere investeringen te bevorderen om het economisch herstel te bevorderen. De Raad heeft Hongarije ook aanbevolen de houdbaarheid van het pensioenstelsel op lange termijn te verbeteren en het stelsel toereikend te houden, met name door de inkomensongelijkheid aan te pakken. Hongarije werd aanbevolen zijn investeringen toe te spitsen op de groene en digitale transitie, met name energie schoner en efficiënter produceren en gebruiken, duurzaam vervoer en digitale infrastructuur voor scholen, en om hervormingen en investeringen te bevorderen op het gebied van duurzaam water- en afvalbeheer en de circulariteit van de economie, de digitalisering van het bedrijfsleven, groene en digitale vaardigheden, en onderzoek en innovatie. Tot slot werd Hongarije aanbevolen om zijn algemene afhankelijkheid van fossiele brandstoffen te verminderen door de uitrol van hernieuwbare energiebronnen te versnellen, middels snellere vergunningsprocedures en de modernisering van de elektriciteitsinfrastructuur, om de invoer van fossiele brandstoffen te diversifiëren door onder meer de interconnectie in samenwerking met andere landen te versterken, en om de afhankelijkheid van fossiele brandstoffen voor gebouwen en vervoer te reduceren door extra in te zetten op energie-efficiëntiemaatregelen voor iedereen, met name in woningen, en op de elektrificatie van het vervoer.

(3)De aanbevelingen aan Hongarije van 20 juli 2020 bevatten meer specifieke beleidsrichtsnoeren om te herstellen van de COVID-19-pandemie. Nu de Commissie bij de indiening van het herstel- en veerkrachtplan de vooruitgang bij de uitvoering van deze landspecifieke aanbevelingen heeft beoordeeld, is zij van oordeel dat de aanbeveling betreffende effectieve maatregelen om de COVID-19-pandemie aan te pakken, de economie te stimuleren en het daaropvolgende herstel te ondersteunen, volledig zijn uitgevoerd. Er is aanzienlijke vooruitgang geboekt met betrekking tot de aanbeveling inzake het verstrekken van liquiditeitssteun aan kleine en middelgrote ondernemingen en het bevorderen van particuliere investeringen.

(4)Op 11 mei 2021 heeft Hongarije in overeenstemming met artikel 18, lid 1, van Verordening (EU) 2021/241 zijn herstel- en veerkrachtplan ingediend bij de Commissie. Die indiening van het plan volgde op een in overeenstemming met het nationale rechtskader uitgevoerd proces van raadpleging waarbij lokale en regionale autoriteiten, sociale partners, maatschappelijke organisaties, jongerenorganisaties en andere relevante belanghebbenden betrokken waren. Hongarije heeft de in mei 2021 ingediende versie, overeenkomstig artikel 19, lid 1, van Verordening (EU) 2021/241, aangevuld en bijgewerkt en heeft op 3 november 2022 een geconsolideerde versie ingediend bij de Commissie. De nationale zeggenschap over de herstel- en veerkrachtplannen vormt de basis voor de geslaagde uitvoering ervan en voor hun blijvende invloed op nationaal niveau en geloofwaardigheid op Europees niveau. Krachtens artikel 19 van die verordening heeft de Commissie de relevantie, doeltreffendheid, efficiëntie en samenhang van het herstel- en veerkrachtplan beoordeeld in overeenstemming met de beoordelingsrichtsnoeren van bijlage V bij die verordening.



(5)De herstel- en veerkrachtplannen moeten gericht zijn op de algemene doelstellingen van de bij Verordening (EU) 2021/241 ingestelde herstel- en veerkrachtfaciliteit en het bij Verordening (EU) 2020/2094 2 van de Raad vastgestelde herstelinstrument van de EU ter ondersteuning van het herstel na de COVID-19-crisis. Zij moeten de economische, sociale en territoriale cohesie van de Unie verbeteren door bij te dragen aan de zes pijlers van artikel 3 van Verordening (EU) 2021/241.

(6)De uitvoering van de herstel- en veerkrachtplannen van de lidstaten zal een gecoördineerde inspanning vormen met investeringen en hervormingen in de hele Unie. Dankzij de gecoördineerde en gelijktijdige uitvoering van deze hervormingen en investeringen en de uitvoering van grensoverschrijdende projecten zullen die hervormingen en investeringen elkaar versterken en in de hele Unie positieve overloopeffecten genereren. Zo zal ongeveer een derde van de impact van de faciliteit op de groei en werkgelegenheid in de lidstaten komen van overloopeffecten uit andere lidstaten.

Evenwichtige respons die bijdraagt aan de zes pijlers

(7)In overeenstemming met artikel 19, lid 3, punt a), van Verordening (EU) 2021/241 en criterium 2.1 van bijlage V daarbij vormt het herstel- en veerkrachtplan in hoge mate (score A) een omvattende en voldoende evenwichtige respons op de economische en sociale situatie en draagt het zodoende bij aan elk van de zes in artikel 3 van die verordening genoemde pijlers, daarbij rekening houdend met de specifieke uitdagingen van en de financiële toewijzing aan de betrokken lidstaat.

(8)Het herstel- en veerkrachtplan bevat maatregelen die bijdragen aan alle zes de pijlers; een aantal componenten hebben betrekking op verschillende pijlers tegelijk. Het herstel- en veerkrachtplan omvat een breed scala aan maatregelen, met bijzondere aandacht voor de groene transitie, de digitale transformatie, het opbouwen van economische, sociale en institutionele veerkracht, en beleidsmaatregelen ten behoeve van de volgende generatie. Het voorziet ook in maatregelen ter ondersteuning van slimme, duurzame en inclusieve groei en sociale en territoriale cohesie, conform de Europese Industriestrategie.

(9)Het herstel- en veerkrachtplan draagt aanzienlijk bij tot de groene transitie en de digitale transformatie. De groene transitie wordt met name ondersteund door hervormingen en investeringen op het gebied van duurzaam vervoer, energie, waterbeheer en de circulaire economie. Belangrijke maatregelen zijn onder meer investeringen in emissievrij openbaar vervoer, de ontwikkeling van energienetten en de opwekking van hernieuwbare energie. Verschillende componenten omvatten maatregelen om openbare en residentiële gebouwen energie-efficiënter te maken. De digitale transformatie wordt met name ondersteund door maatregelen ter bevordering van de digitalisering van het onderwijs en het openbaar bestuur, de digitalisering van de gezondheids-, energie- en vervoerssector, en de ontwikkeling van digitale vaardigheden.

(10)Talrijke hervormingen en investeringen in het herstel- en veerkrachtplan hebben tot doel de gezondheidszorg en de economische, sociale en institutionele veerkracht te verbeteren. Maatregelen in de gezondheidszorg zullen naar verwachting de efficiëntie en de toegang tot zorg voor iedereen ten goede komen. De maatregelen omvatten ook betere huisvesting voor inwoners van de armste nederzettingen. Belangrijke institutionele hervormingen zullen naar verwachting de veerkracht van de economie versterken door de strijd tegen corruptie op te voeren en de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht te versterken. De beoogde hervormingen zijn erop gericht om enerzijds het belastingstelsel te vereenvoudigen en beter te wapenen tegen het risico van agressieve fiscale planning, en anderzijds het gewicht van openbare raadplegingen en effectbeoordelingen in het wetgevingsproces te versterken om de kwaliteit en voorspelbaarheid van de regelgeving te verbeteren. Slimme, duurzame en inclusieve groei zal naar verwachting worden bereikt door diverse maatregelen om de concurrentie bij overheidsopdrachten aan te wakkeren, waaronder gerichte acties om de deelname van kleine en middelgrote ondernemingen te faciliteren, en onderzoek en innovatie te bevorderen.

(11)Sociale en territoriale cohesie zal naar verwachting worden bevorderd door middel van een breed scala aan maatregelen in het herstel- en veerkrachtplan, met name hervormingen en investeringen om de ontwikkeling van een gekwalificeerde en concurrerende beroepsbevolking te ondersteunen, onder meer dankzij de ontwikkeling van digitale en beroepsvaardigheden, en door hervormingen om de houdbaarheid van de overheidsfinanciën te verbeteren. Voorts zijn verschillende maatregelen bedoeld om de specifieke uitdagingen van de meest achtergestelde nederzettingen aan te pakken, en dragen maatregelen op het gebied van gezondheidszorg ook bij tot een uitgebreidere eerstelijnszorg en tot de toegankelijkheid van hoogwaardige ziekenhuiszorg. Tot slot is een aanzienlijk deel van het herstel- en veerkrachtplan gewijd aan beleid dat de volgende generatie ten goede komt, met name door onderwijs te digitaliseren, de toegang tot hoogwaardig en inclusief onderwijs te verbeteren en de beschikbaarheid van onderwijs en opvang voor jonge kinderen te vergroten.

Aanpakken van alle of een significant deel van de in de landspecifieke aanbevelingen vastgestelde uitdagingen

(12)In overeenstemming met artikel 19, lid 3, punt b), van Verordening (EU) 2021/241 en criterium 2.2 van bijlage V daarbij zal het herstel- en veerkrachtplan naar verwachting bijdragen tot een doeltreffende aanpak van alle of een significant deel van de uitdagingen (score A) die zijn vastgesteld in de aan Hongarije gerichte landspecifieke aanbevelingen, met inbegrip van de begrotingsaspecten daarvan, die tot de betrokken lidstaat zijn gericht, of de uitdagingen die zijn vastgesteld in andere relevante documenten die de Commissie officieel heeft goedgekeurd in het kader van het Europees Semester.

(13)Het herstel- en veerkrachtplan omvat uitgebreide hervormingen en investeringen die elkaar versterken en die bijdragen tot een doeltreffende aanpak van alle of een significant deel van de economische en sociale uitdagingen die zijn uiteengezet in de landspecifieke aanbevelingen die de Raad in het kader van het Europees Semester in 2019, 2020 en 2022 tot Hongarije heeft gericht, met name met betrekking tot de groene en digitale transitie, onderwijs, de arbeidsmarkt, sociaal beleid, gezondheidszorg, het kader voor corruptiebestrijding, de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht, concurrentie bij overheidsopdrachten, de kwaliteit en transparantie van de besluitvorming, belastingheffing en agressieve fiscale planning, en het pensioenstelsel.

(14)Het herstel- en veerkrachtplan bevat verschillende relevante maatregelen om de uitdagingen in verband met de groene transitie aan te pakken. Wat energieproductie en energie-efficiëntie betreft, voorziet het plan in hervormingen om de vergunningsprocedures voor de productie van hernieuwbare energie te stroomlijnen, de vereenvoudiging van de aansluiting van kleine hernieuwbare-energiecentrales op het net en het wegwerken van belemmeringen voor de ontwikkeling van windenergie. Hongarije heeft zich ertoe verbonden de totale capaciteit van de hernieuwbare energie-productie die op het net mag worden aangesloten, tegen 2026 op te trekken tot ten minste 10 000 MW. Het plan omvat ook investeringen om de uitrol van de productie van zonne-energie te vergroten en het elektriciteitsnetwerk te verbeteren, zodat uit hernieuwbare bronnen geproduceerde energie op een veilige manier kan worden geïntegreerd. Het herstel- en veerkrachtplan voorziet voorts in investeringen in de energie-efficiëntie van openbare gebouwen, met name onderwijs- en zorgfaciliteiten, alsmede in residentiële gebouwen. Op het gebied van duurzaam vervoer omvat het plan investeringen in de ontwikkeling van het voorstedelijk spoornet, de TEN-T-spoorcorridors, emissievrij busvervoer en het centrale verkeersbeheer op de TEN-T-spoorlijnen. Bovendien zal Hongarije voor bus en trein één nationaal tarief-, ticket-, en reizigersinformatiesysteem invoeren. Het herstel- en veerkrachtplan omvat ook maatregelen ter bevordering van hervormingen en investeringen in de circulaire economie en duurzaam afvalbeheer, alsook duurzaam waterbeheer, onder meer door de bevordering van op de natuur gebaseerde waterretentie.

(15)Het herstel- en veerkrachtplan bevat ook verschillende relevante maatregelen om de uitdagingen in verband met de digitale transitie aan te pakken. Het plan omvat maatregelen om te voorzien in digitale notebooks en relevante opleidingen voor leerkrachten en leerlingen in het openbaar onderwijs, ICT-apparatuur voor basis- en middelbare scholen, met inbegrip van scholen voor beroepsonderwijs en -opleiding, universiteiten en instellingen voor volwassenenonderwijs, en om de digitalisering van de gezondheidszorg en het vervoer te bevorderen. Bovendien bevat het herstel- en veerkrachtplan een aantal maatregelen om het openbaar bestuur verder te digitaliseren, met name via elektronische meldingsplatforms voor belastingdoeleinden, de verdere ontwikkeling van het elektronische aanbestedingssysteem en een beter dossierbeheersysteem voor het openbaar ministerie.

(16)Het herstel- en veerkrachtplan bevat verschillende maatregelen om de problemen in het onderwijs aan te pakken. Het omvat hervormingen om het beroep van leraar aantrekkelijker te maken dankzij een mechanisme voor een geleidelijke convergentie van de lonen van leerkrachten naar ten minste 80 % van het gemiddelde loon van afgestudeerden in het tertiair onderwijs, om segregatie in scholen te verminderen en om de toegang tot hoogwaardig onderwijs te waarborgen, met name door aan leerlingen en leerkrachten de nodige apparatuur ter beschikking te stellen om modern digitaal onderwijs te volgen en door de digitale vaardigheden van leerlingen en leerkrachten te ontwikkelen. Het herstel- en veerkrachtplan bevat ook investeringen teneinde bij- en herscholingsmogelijkheden te bieden aan leerkrachten en specifieke managementopleidingen voor schooldirecteuren en adjunct-schooldirecteuren te voorzien, de integratie van leerlingen met speciale onderwijsbehoeften in het reguliere onderwijs te ondersteunen en een proces te starten om klassen in het lager secundair onderwijs in kleine, slecht presterende scholen in grotere scholen te integreren om de efficiëntie en de kwaliteit van het onderwijs te verbeteren. Bovendien worden de uitdagingen in verband met onderzoek en innovatie aangepakt door de oprichting van nationale laboratoria om het ecosysteem voor wetenschap en innovatie te verbeteren.

(17)De landspecifieke aanbeveling over de integratie van de meest kwetsbare groepen op de arbeidsmarkt wordt aangepakt door extra plaatsen te voorzien in crèches, door mensen die in de meest achtergestelde nederzettingen wonen betere arbeidsperspectieven te bieden, en door te investeren in digitale onderwijsapparatuur, digitale leerinhoud, opleidingen voor volwassenen en een gemoderniseerde leeromgeving in instellingen voor beroepsonderwijs en -opleiding en universiteiten.

(18)Het herstel- en veerkrachtplan omvat verschillende maatregelen om specifieke uitdagingen in verband met sociaal beleid aan te pakken met omvattende steun voor de inwoners van de 300 meest achtergestelde nederzettingen. Deze maatregelen zijn gericht op het bevorderen van werkgelegenheid en de ontwikkeling van vaardigheden op basis van de plaatselijke context, betere leerresultaten door middel van gemeenschapsgerichte pedagogie, de bouw en renovatie van sociale woningen en de oprichting van sociale zonne-energiecentrales.

(19)Het herstel- en veerkrachtplan bevat een breed scala aan hervormingen en investeringen om de meest kritieke uitdagingen van de zorgdiensten aan te pakken. Het gaat met name om investeringen in de modernisering van de infrastructuur en uitrusting van ziekenhuizen, de optimalisering van het ziekenhuisnetwerk en de ontwikkeling van primaire en preventieve zorg door de oprichting van gemeenschappen van huisartsen die geïntegreerde gezondheidsdiensten aanbieden. Dit wordt aangevuld met investeringen in digitale gezondheidszorg, zoals digitaliseringsprogramma’s en monitoring op afstand in het kader van de ouderenzorg. Een andere maatregel moet mee een einde helpen maken aan de fooien in de gezondheidszorg.

(20)Het herstel- en veerkrachtplan bevat een aantal maatregelen om het kader voor corruptiebestrijding te versterken. Er wordt onder meer een integriteitsautoriteit opgericht om de preventie, opsporing en correctie van fraude, belangenconflicten en corruptie effectief te versterken, alsook andere onrechtmatigheden en onregelmatigheden met betrekking tot de uitvoering van EU-steun in Hongarije, met bijzondere aandacht voor overheidsopdrachten en waarbij de geldigheid van vermogensaangiften wordt gewaarborgd. Volgens het herstel- en veerkrachtplan moet de integriteitsautoriteit uitgebreide bevoegdheden krijgen om op te treden telkens als zij van oordeel is dat de bevoegde nationale autoriteiten niet de nodige maatregelen hebben genomen ter voorkoming, opsporing en correctie van fraude, belangenconflicten, corruptie en andere onrechtmatigheden of onregelmatigheden die het goed financieel beheer van de EU-begroting of de bescherming van de financiële belangen van de Unie schaden of ernstig dreigen te schaden. De totale onafhankelijkheid van de integriteitsautoriteit moet worden gewaarborgd, onder meer door de procedure voor de selectie van haar personeel en management en door de procedure voor de opstelling van haar begroting. Een andere maatregel is de oprichting van een taskforce voor corruptiebestrijding, waarin onafhankelijke niet-gouvernementele organisaties een belangrijke rol moeten krijgen, om de bestaande anticorruptiemaatregelen voortdurend te onderzoeken en voorstellen te doen ter verbetering van de opsporing, het onderzoek, de vervolging en de bestraffing van corruptie en andere praktijken zoals nepotisme, favoritisme of “draaideurconstructies” tussen de publieke en de particuliere sector. Volgens het herstel- en veerkrachtplan moet de taskforce worden voorgezeten door de voorzitter van de integriteitsautoriteit, maar moet onafhankelijk van die autoriteit werken. Daarnaast bevat het herstel- en veerkrachtplan maatregelen om een nauwere samenwerking met het Europees Bureau voor fraudebestrijding (OLAF) te ondersteunen, het personele en materiële toepassingsgebied voor vermogensaangiften uit te breiden, en het toezicht en de transparantie aan te scherpen met betrekking tot de wijze waarop EU-steun wordt gebruikt door stichtingen van openbaar belang die activiteiten van algemeen belang verrichten, en door rechtspersonen die door hen zijn opgericht of onderhouden. Het herstel- en veerkrachtplan omvat ook een aantal hervormingen ter versterking van de wetgevende, institutionele en praktische regelingen om fraude, corruptie, belangenconflicten en andere onrechtmatigheden bij het gebruik van steun van de Unie doeltreffender te voorkomen, op te sporen en te corrigeren. Het plan omvat ook een hervorming om het kader voor corruptiebestrijding te versterken en rechterlijke toetsing mogelijk te maken van beslissingen van het openbaar ministerie of de onderzoeksautoriteit om een melding van een misdrijf te seponeren of een strafprocedure te beëindigen. Een maatregel beoogt ook de volledige uitvoering van de huidige strategie en het actieplan van Hongarije voor corruptiebestrijding en de voorbereiding van een nieuwe nationale strategie en een nieuw actieplan voor corruptiebestrijding. Verschillende maatregelen in het herstel- en veerkrachtplan dragen bij tot meer transparantie van en toegang tot openbare gegevens, mede met het oog op de versterking van het kader voor corruptiebestrijding door onafhankelijk toezicht te faciliteren. Dergelijke maatregelen omvatten het opzetten en beheren van een raadpleegbaar centraal register over de besteding van overheidsmiddelen, het schrappen of beperken van de kosten voor verzoeken om openbare informatie, kortere gerechtelijke procedures in verband met de toegang tot openbare informatie, en regelmatige controles bij alle overheidsinstanties om na te gaan of zij hun respectieve verplichtingen in verband met het verlenen van toegang tot gegevens van algemeen belang nakomen.

(21)De landspecifieke aanbeveling over het versterken van de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht wordt aangepakt door verschillende hervormingen in het herstel- en veerkrachtplan, die naar verwachting de onafhankelijkheid en onpartijdigheid van de bij wet overeenkomstig artikel 19 VEU en het relevante EU-acquis ingestelde rechtbanken en rechters zullen versterken, hetgeen de rechterlijke bescherming zal versterken en het investeringsklimaat in Hongarije ten goede zal komen. Het plan omvat maatregelen ter versterking van de relatieve rol en bevoegdheden van de Nationale Raad voor Justitie met betrekking tot de bevoegdheden van de voorzitter van het Nationaal Bureau voor Justitie. De uitoefening van effectief toezicht op de voorzitter van het Nationaal bureau voor Justitie door de Nationale Raad voor Justitie zal naar verwachting het risico op willekeurige beslissingen in het centrale bestuur van rechtbanken beperken, ook met betrekking tot rechterlijke benoemingen, en derhalve de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht versterken. Volgens het herstel- en veerkrachtplan moet dit met name worden bereikt door de eis in te voeren dat de Nationale Raad voor Justitie een gemotiveerd bindend advies moet uitbrengen over individuele besluiten, zoals over de geschiktheid van kandidaten, op basis van geschiktheidscriteria, voor de functie van voorzitter en vicevoorzitter van het Nationaal Bureau voor Justitie, de nietigverklaring van benoemingsprocedures voor rechterlijke en gerechtelijke bestuursfuncties, de overplaatsing van rechters en de verwijdering van rechters uit de pool van rechters die bijzondere zaken behandelen, met inbegrip van administratieve zaken. De Nationale raad voor Justitie moet ook een gemotiveerd bindend advies uitbrengen over voorschriften zoals het puntensysteem voor gerechtelijke functies, de voorwaarden voor de toekenning van bonussen, de opleiding van rechters, de nationale werklast en het aantal justitiële posten. Ten slotte moeten rechters-leden van de Nationale Raad voor Justitie zich verkiesbaar kunnen stellen voor de volgende ambtstermijn, en moet de Nationale Raad voor Justitie beschikken over toegang tot alle documenten, de rechtsbevoegdheid en autonomie bij de uitbetaling van zijn begroting, en moet hij zich tot het bevoegde gerecht en het grondwettelijk hof kunnen wenden om zijn prerogatieven te verdedigen. Er moeten ook niet-discretionaire regels voor de aanwijzing van voorzitters ad interim van rechtbanken en een verbod op terugkeer van rechters bij een hogere rechterlijke instantie na afloop van hun detachering worden ingevoerd. Een andere hervorming zal naar verwachting de rechterlijke onafhankelijkheid van het Hooggerechtshof (Kúria) versterken, met name door wijziging van de regels voor de verkiezing van de voorzitter van de Kúria, die ten minste vijf jaar ervaring als rechter moet hebben en niet mag kunnen worden herkozen. De Nationale Raad voor Justitie moet een gemotiveerd bindend advies uitbrengen over de geschiktheid van kandidaten voor het ambt van voorzitter en vicevoorzitter van de Kúria. De hervorming moet ook de mogelijkheid uitsluiten dat leden van het Grondwettelijk Hof in de Kúria worden benoemd zonder de normale sollicitatieprocedure te doorlopen, de regeling voor de toewijzing van zaken verbeteren en ervoor zorgen dat de raad van justitie van de Kúria sterkere bevoegdheden krijgt. Met andere hervormingen zullen naar verwachting de belemmeringen voor prejudiciële verwijzingen naar het Hof van Justitie van de Europese Unie worden weggewerkt en zal komaf worden gemaakt met de in 2019 ingevoerde mogelijkheid voor overheidsinstanties om definitieve rechterlijke beslissingen bij het Grondwettelijk Hof aan te vechten, zodat wordt gewaarborgd dat definitieve uitspraken door de bevoegde onafhankelijke rechtbanken worden gedaan.

(22)Het herstel- en veerkrachtplan bevat ook diverse maatregelen om uitdagingen in verband met de mededinging bij overheidsopdrachten aan te pakken, onder meer door de integriteit van de procedures voor overheidsopdrachten te versterken. Een hervorming behelst ook de ontwikkeling en het permanente gebruik van een monitoringinstrument om te beoordelen hoe vaak en waarom in antwoord op openbare aanbestedingsprocedures slechts één offerte wordt ingediend. Een andere hervorming heeft tot doel een kader voor prestatiemeting te ontwikkelen met het oog op een regelmatige beoordeling van de efficiëntie en kosteneffectiviteit van overheidsopdrachten, en van de redenen voor de beperkte concurrentie in de sectoren waar het concurrentieniveau het laagst ligt. Er moet een actieplan worden opgesteld en uitgevoerd, op basis van goede internationale praktijken, om de concurrentie bij overheidsopdrachten te bevorderen. Voortbouwend op die hervormingen bevat het herstel- en veerkrachtplan de verbintenis van Hongarije om het aandeel overheidsopdrachten met slechts één inschrijver terug te dringen tot minder dan 15 % en op dat niveau te handhaven, zowel voor procedures die geheel of deels met steun van de Unie worden gefinancierd als voor procedures die uitsluitend uit nationale middelen worden gefinancierd. Om deze hervormingen te begeleiden, voorziet het herstel- en veerkrachtplan in opleidingsmogelijkheden en een steunregeling om de deelname van micro-, kleine en middelgrote ondernemingen aan openbare aanbestedingsprocedures te vergemakkelijken, en in de ontwikkeling van het elektronisch systeem voor overheidsopdrachten om onafhankelijk toezicht op en een onafhankelijke analyse van de mededinging bij overheidsopdrachten te vergemakkelijken.

(23)Het herstel- en veerkrachtplan omvat hervormingen om de kwaliteit en transparantie van het besluitvormingsproces te verbeteren door een effectieve sociale dialoog in te stellen, andere belanghebbenden te betrekken en regelmatige effectbeoordelingen uit te voeren. De daarmee samenhangende maatregelen moeten ervoor zorgen dat de door de regering opgestelde ontwerpen van wetgevingshandelingen systematisch gedurende een voldoende lange periode aan een openbare raadpleging worden onderworpen, behoudens een grondige motivering, en dat voor alle ontwerpen van wetgevingshandelingen consequent effectbeoordelingen worden opgesteld en openbaar gemaakt. De expliciete betrokkenheid van de sociale partners en belanghebbenden bij de besluitvorming is ook een voorwaarde voor talrijke maatregelen in het herstel- en veerkrachtplan. De betrokkenheid van belanghebbenden bij de uitvoering van en het toezicht op het herstel- en veerkrachtplan zelf worden ook voorzien door de oprichting en werking van een monitoringcomité; minstens de helft van de leden van dat comité moet komen uit maatschappelijke organisaties die volledig onafhankelijk zijn van overheidsinstanties.

(24)Het herstel- en veerkrachtplan omvat ook maatregelen met betrekking tot het ondernemingsklimaat, met name ter verbetering van het belastingstelsel. Het plan omvat hervormingen om agressieve fiscale planning doeltreffender aan te pakken, zoals een uitgebreidere gegevensrapportage over verrekenprijzen, nieuwe eisen inzake een minimum aan inhoud voor de vennootschapsbelasting voor brievenbusfirma’s en een ruimer toepassingsgebied van de regels inzake de niet-aftrekbaarheid van uitgaande betalingen naar rechtsgebieden met een laag of nulbelastingtarief. Wat fiscale vereenvoudiging betreft, bevat het plan maatregelen om het aantal belastingen te verminderen en voor de digitale transformatie van de procedures voor het naleven van de belastingregels.

(25)Het herstel- en veerkrachtplan omvat een routekaart voor hervormingen om de houdbaarheid van het Hongaarse pensioenstelsel op middellange en lange termijn veilig te stellen en tegelijkertijd de toereikendheid van de rechten van gepensioneerden met een lager inkomen te versterken. Het herstel- en veerkrachtplan zal naar verwachting ook bijdragen tot de houdbaarheid van de overheidsfinanciën door de uitvoering van uitgaventoetsingen.

(26)De aanbevelingen in verband met de onmiddellijke budgettaire beleidsreactie op de pandemie kunnen worden geacht buiten het toepassingsgebied van het herstel- en veerkrachtplan van Hongarije te vallen, niettegenstaande Hongarije over het algemeen adequaat en voldoende heeft gereageerd op de onmiddellijke behoefte om de economie in 2020, 2021 en 2022 te ondersteunen, in overeenstemming met de algemene ontsnappingsclausule van het stabiliteits- en groeipact.

Bijdrage aan het groeipotentieel, de jobcreatie en de economische, sociale en institutionele veerkracht

(27)Overeenkomstig artikel 19, lid 3, punt c), van Verordening (EU) 2021/241 en criterium 2.3 van bijlage V daarbij zal het herstel- en veerkrachtplan naar verwachting een grote impact (score A) hebben op de versterking van het groeipotentieel en de economische, sociale en institutionele veerkracht van Hongarije, het stimuleren van jobcreatie, waarmee wordt bijgedragen aan de uitvoering van de Europese pijler van sociale rechten, onder meer door beleid inzake kinderen en jongeren te bevorderen, en op de verzachting van de economische en sociale gevolgen van de COVID-19-crisis, waarmee ook de economische, sociale en territoriale cohesie en de convergentie binnen de Unie wordt bevorderd.

(28)Uit simulaties van de diensten van de Commissie blijkt dat het herstel- en veerkrachtplan, samen met de overige maatregelen van het herstelinstrument voor de Europese Unie, het bbp van Hongarije tegen 2025 met 1,0 % tot 1,4 % kan verhogen. Daarbij is geen rekening houden met de mogelijke positieve effecten van structurele hervormingen, die aanzienlijk kunnen zijn. Het plan zal naar verwachting slimme, duurzame en inclusieve groei bevorderen, met een belangrijke bijdrage van investeringen die een succesvolle groene en digitale transitie ondersteunen, innovatie bevorderen, het openbaar bestuur en de overheidsdiensten digitaliseren en voor meer concurrentie bij overheidsopdrachten zorgen. De maatregelen zullen naar verwachting zorgen voor een grotere energie-efficiëntie in openbare gebouwen en het aandeel van de productie van hernieuwbare energie doen stijgen. Zij zullen naar verwachting ook de digitale vaardigheden en de gezondheidsresultaten ten goede komen.

(29)Op middellange tot lange termijn zal het herstel- en veerkrachtplan naar verwachting zorgen voor een groter aanbod aan geschoolde werknemers dankzij hervormingen en investeringen in openbaar onderwijs, beroepsopleiding en hoger onderwijs. Het plan zal naar verwachting een bijzondere bijdrage leveren aan digitale vaardigheden dankzij het toenemende gebruik van digitale instrumenten en oplossingen op het gebied van onderwijs en gezondheid. Hervormingen en investeringen in de gezondheidszorg kunnen ook een positieve bijdrage leveren aan het arbeidsaanbod. Het innovatiepotentieel van de economie zal naar verwachting worden gestimuleerd door investeringen die de samenwerking tussen verschillende onderzoeks- en ontwikkelingsactoren op diverse gebieden van strategisch belang bevorderen. Maatregelen die erop gericht zijn de concurrentie bij overheidsopdrachten te verbeteren, corruptie te bestrijden, de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht te versterken, de kwaliteit van de wetgeving en de kwaliteit van de overheidsuitgaven te verbeteren, kunnen ook de potentiële output stimuleren door de kwaliteit van de investeringen te verbeteren, met name in de overheidssector.

(30)Het plan zal naar verwachting de groene transitie ondersteunen en de afhankelijkheid van de invoer van fossiele brandstoffen verminderen. Hervormingen en investeringen in hernieuwbare energie en investeringen in het elektriciteitsnet om meer hernieuwbare energiebronnen aan te kunnen koppelen, zullen naar verwachting voor een aanzienlijke groei van het aandeel van emissievrije elektriciteitsopwekking zorgen. Bovendien zullen investeringen in energie-efficiëntie in openbare en residentiële gebouwen naar verwachting het verbruik van fossiele energie en de uitstoot van broeikasgassen verminderen. Maatregelen inzake duurzame mobiliteit, zoals betere voorstedelijke spoorverbindingen en elektrische bussen, zullen naar verwachting de kwaliteit en efficiëntie van het openbaar vervoer verbeteren, de uitstoot van broeikasgassen terugdringen en voor een betere luchtkwaliteit zorgen, met positieve gevolgen voor de gezondheidsresultaten en de productiviteit.

(31)Maatregelen van het herstel- en veerkrachtplan die naar verwachting de sociale cohesie ten goede zullen komen en zullen helpen om de sociale en economische risico’s van kwetsbare groepen te beperken, zijn onder meer de ontwikkeling van kinderopvang voor jonge kinderen, de bevordering van digitale vaardigheden in scholen, een grotere deelname van kansarme leerlingen en studenten met speciale onderwijsbehoeften aan hoogwaardig regulier onderwijs, het tegengaan van het risico van segregatie in scholen, en een hervormingspakket voor de gezondheidszorg met het oog op een eerlijkere toegang tot gezondheidszorg door middel van investeringen en het schrappen van de fooien in de zorg. Er wordt ook een omvattend maatregelenpakket voorzien om de meest achtergestelde nederzettingen te ondersteunen op basis van specifieke behoeften.

Geen ernstige afbreuk doen

(32)Overeenkomstig artikel 19, lid 3, punt d), van Verordening (EU) 2021/241 en criterium 2.4 van bijlage V daarbij zal het herstel- en veerkrachtplan naar verwachting waarborgen dat geen enkele erin opgenomen maatregel (score A) voor de uitvoering van hervormingen en investeringsprojecten ernstige afbreuk doet aan milieudoelstellingen in de zin van artikel 17 van Verordening (EU) 2020/852 3 (het beginsel “geen ernstige afbreuk doen”).

(33)Overeenkomstig de technische richtsnoeren die zijn opgenomen in de mededeling van de Commissie “Technische richtsnoeren over de toepassing van het beginsel “geen ernstige afbreuk doen aan” in het kader van de verordening betreffende de faciliteit voor herstel en veerkracht” 4 heeft Hongarije aangetoond dat geen van de maatregelen in zijn herstel- en veerkrachtplan ernstige afbreuk doet aan enige milieudoelstelling. Waar nodig, stelt Hongarije risicobeperkende maatregelen voor om ernstige afbreuk te vermijden, hetgeen door de relevante mijlpalen en streefdoelen moet worden gewaarborgd.

(34)Er is bijzondere aandacht besteed aan maatregelen waarvan het effect op de milieudoelstellingen een grondig onderzoek rechtvaardigt. Met name voor maatregelen waarbij infrastructuur voor watervoorziening wordt gebouwd en gerenoveerd, waarborgen de relevante mijlpalen dat geen ernstige schade aan het milieu wordt toegebracht, met name door de toepassing van resultaten en voorwaarden van milieu-effectbeoordelingen, overeenkomstig de milieuwetgeving van de EU, en door ervoor te zorgen dat relevante vergunningen voor wateronttrekking worden verleend en dat de door die investeringen getroffen oppervlakte- en grondwaterlichamen een goede ecologische status bereiken.

Bijdrage aan de groene transitie, met inbegrip van biodiversiteit

(35)In overeenstemming met artikel 19, lid 3, punt e), van Verordening (EU) 2021/241 en criterium 2.5 van bijlage V daarbij bevat het herstel- en veerkrachtplan maatregelen die in hoge mate (score A) bijdragen tot de groene transitie, met inbegrip van biodiversiteit, of de aanpak van de daaruit voortvloeiende uitdagingen. De maatregelen ter ondersteuning van de klimaatdoelstellingen zijn goed voor 48,1 % van de totale toewijzing van het plan, berekend volgens de in bijlage VI bij die verordening beschreven methode. In overeenstemming met artikel 17 van die verordening is het herstel- en veerkrachtplan consistent met de in het nationaal energie- en klimaatplan 2021-2030 vervatte informatie.

(36)Hervormingen en investeringen in een groter gebruik van hernieuwbare energie, verbeteringen van het net en energie-efficiëntiemaatregelen zullen Hongarije naar verwachting helpen zijn decarbonisatiedoelstellingen voor 2030 te verwezenlijken en zullen de omslag naar een koolstofarme economie ondersteunen. Verwacht wordt dat dit doel met name zal worden bereikt door een herziening van het wettelijke en administratieve kader om het gebruik van hernieuwbare energiebronnen te bevorderen. Naar verwachting zullen de opheffing van de algemene beperkingen voor windenergiecentrales aan land en de aanleg van “go to areas” in de windrijkste regio’s om de installatie van windturbines verder te vergemakkelijken, de installatie van nieuwe windenergiecapaciteit mogelijk maken. De stroomlijning van de vergunningsprocedures voor energiecentrales die van hernieuwbare energiebronnen afhankelijk zijn, zal de uitrol van hernieuwbare energie naar verwachting bevorderen. Een grotere transparantie, voorspelbaarheid en beschikbaarheid van de procedures voor de aansluiting van hernieuwbare energiebronnen op het net zullen naar verwachting ook bijdragen tot de ontwikkeling ervan; het doel is tegen 2026 vergunningen af te geven om een totale hernieuwbare-productiecapaciteit van 10 000 MW aan het net te koppelen. Overeenkomstig het herstel- en veerkrachtplan, moeten die hervormingen gepaard gaan met investeringen in de ontwikkeling van transmissie- en distributienetten en slimme netwerken, met inbegrip van slimme meters, en in de installatie van zonnepanelen en opslagfaciliteiten. De renovatie van openbare gebouwen, met name onderwijs- en zorgfaciliteiten, en van residentiële gebouwen, met name de vervanging van ramen en de modernisering van de verwarming, zal bijdragen tot een grotere energie-efficiëntie.

(37)Een uitgebreid pakket hervormingen en investeringen in duurzaam vervoer moet het openbaar personenvervoer en het goederenvervoer per spoor ondersteunen. Dit zal naar verwachting een impuls geven aan het algemene mobiliteitsecosysteem, die de Hongaarse economie ten goede moet komen en zal bijdragen tot het koolstofvrij maken van de vervoerssector.

(38)Het herstel- en veerkrachtplan omvat ook hervormingen en investeringen op het gebied van duurzaam waterbeheer, gericht op het verbeteren van de watervoorziening in regio’s die met waterschaarste kampen, met name door de heropbouw van onderdelen van het bestaande waterbeheersysteem en de aanleg van nieuwe watervoorzieningsroutes, op het ontwikkelen van op de natuur gebaseerde oplossingen voor waterretentie, op het verbeteren van het Hongaarse monitoringsysteem voor waterbeheer op lokaal en nationaal niveau, en op het bevorderen van duurzame waterbeheerpraktijken bij landbouwers. Hervormingen en investeringen in verband met waterbeheer zullen naar verwachting bijdragen tot een betere waterretentie in de door waterschaarste getroffen gebieden en tot de bescherming van de grondwatervoorraden. Relevante mijlpalen waarborgen dat de resultaten en voorwaarden van milieu-effectbeoordelingen in acht worden genomen, overeenkomstig de milieuwetgeving van de EU, dat relevante vergunningen voor wateronttrekking worden verleend en dat de door die investeringen getroffen oppervlakte- en grondwaterlichamen een goede ecologische status bereiken.

(39)Het herstel- en veerkrachtplan omvat hervormingen en investeringen op het gebied van duurzaam afvalbeheer, die naar verwachting zullen bijdragen tot de groene transitie, door een gezond en faciliterend rechtskader te creëren om de transitie naar de circulaire economie te bevorderen, en door het gebruik van secundaire grondstoffen te ondersteunen. Deze maatregelen zullen Hongarije naar verwachting helpen de afvalbeheersdoelstellingen van de Unie voor 2025 en 2030 te halen.

(40)Hoewel het herstel- en veerkrachtplan geen specifieke maatregelen bevat die gericht zijn op biodiversiteit, bevat het wel maatregelen die bijdragen tot de mitigatie van klimaatverandering, die ook gunstig kunnen zijn voor het behoud van de biodiversiteit, aangezien de klimaatverandering één van de grootste bedreigingen voor de biodiversiteit is. Hongarije heeft een systematische beoordeling van het beginsel “geen ernstige afbreuk doen” verricht waaruit blijkt dat geen van de voorgestelde maatregelen schade toebrengt aan de biodiversiteit.

Bijdrage aan de digitale transitie

(41)In overeenstemming met artikel 19, lid 3, punt f), van Verordening (EU) 2021/241 en criterium 2.6 van bijlage V daarbij bevat het herstel- en veerkrachtplan maatregelen die in hoge mate (score A) bijdragen tot de digitale transitie of de aanpak van de daaruit voortvloeiende uitdagingen. De maatregelen ter ondersteuning van de doelstellingen inzake digitalisering zijn goed voor 29,8 % van de totale toewijzing van het plan, berekend volgens de in bijlage VII bij die verordening beschreven methode.

(42)Het herstel- en veerkrachtplan omvat verschillende maatregelen die tot doel hebben de digitale vaardigheden in het onderwijs op alle niveaus te verbeteren, leerlingen, studenten en leerkrachten brede toegang tot digitaal onderwijs te bieden, en digitale onderwijsoplossingen te integreren in beroepsonderwijs en -opleiding en in het hoger onderwijs. Met het oog op deze doelstellingen omvat het herstel- en veerkrachtplan de digitale opleiding van leerkrachten en investeringen in ICT-apparatuur voor scholen, leerkrachten en studenten, met bijzondere aandacht voor de meest kansarme leerlingen. Het plan ondersteunt ook de ontwikkeling van digitale leerinhoud voor het beroeps- en tertiair onderwijs.

(43)Het herstel- en veerkrachtplan bevat maatregelen die gericht zijn op de digitalisering van specifieke sectoren, met name gezondheid, vervoer en energie. De digitalisering van de gezondheidszorg omvat een breed scala aan initiatieven, zoals de oprichting van een centrum voor diagnoses op afstand, de invoering van een op artificiële intelligentie gebaseerd systeem voor noodhulpdiensten, de ontwikkeling van mobiele gezondheidsapps en een systeem voor monitoring van oudere patiënten op afstand. De invoering van een centraal verkeersbeheersysteem voor het spoornet en van één nationaal tarief- en reizigersinformatiesysteem voor trein en bus zullen naar verwachting de veiligheid, kwaliteit en aantrekkelijkheid van het openbaar vervoer verbeteren. Door een slim elektriciteitsnet te ontwikkelen zal de extra gedecentraliseerde opwekkingscapaciteit voor hernieuwbare energie naar verwachting beter kunnen worden gekoppeld aan het huidige systeem, teneinde de netwerken aan te passen aan toekomstige behoeften en een betere regulering van de energieproductie mogelijk te maken.

(44)Maatregelen om de ICT-oplossingen en -diensten van de overheid te versterken zullen naar verwachting ook bijdragen tot de modernisering en verbetering van het openbaar bestuur. Het herstel- en veerkrachtplan bevat onder meer maatregelen in verband met de digitale transformatie van de procedures voor het naleven van de belastingregels, de verdere ontwikkeling van het elektronische aanbestedingssysteem, en het dossierbeheersysteem van het openbaar ministerie.

Blijvende effecten

(45)Overeenkomstig artikel 19, lid 3, punt g), van Verordening (EU) 2021/241 en criterium 2.7 van bijlage V daarbij zal het herstel- en veerkrachtplan naar verwachting in hoge mate (score A) een blijvend effect sorteren voor Hongarije.

(46)Het blijvende effect van het herstel- en veerkrachtplan wordt geschraagd door een reeks maatregelen in verschillende sectoren. Hervormingen ter ondersteuning van de groene transitie omvatten een doeltreffender administratief en juridisch kader om de uitrol van hernieuwbare energiebronnen te bevorderen, een nieuw beleidskader voor de circulaire economie, een betere monitoring van de watervoorraden en een beter bewustzijn van duurzaam waterbeheer. Bovendien zullen efficiëntiewinsten dankzij de digitalisering van de overheidsdiensten, onder meer in de gezondheidszorg, naar verwachting bijdragen tot de blijvende impact van het plan. Verdere maatregelen met een blijvende impact hebben betrekking op een betere integratie van de meest kwetsbare groepen op de arbeidsmarkt en op de onderwijsresultaten en -participatie van kansarme groepen en mensen uit de minst ontwikkelde gebieden in het onderwijs. Een en ander wordt aangevuld met investeringen in digitale vaardigheden.

(47)Het herstel- en veerkrachtplan zal de institutionele veerkracht van Hongarije naar verwachting aanzienlijk helpen versterken. Dit zal naar verwachting worden bereikt het kader voor corruptiebestrijding te versterken, door de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht te vergroten en door de kwaliteit en transparantie van het besluitvormingsproces te verbeteren. Het ondernemingsklimaat zal naar verwachting gunstig evolueren door maatregelen om het belastingstelsel te verbeteren, voorspelbare regelgeving en meer concurrentie bij overheidsopdrachten. Het herstel- en veerkrachtplan zal naar verwachting ook bijdragen tot de houdbaarheid van het Hongaarse pensioenstelsel en tot een gezond begrotingsbeheer dankzij uitgaventoetsingen.

(48)De blijvende impact van het herstel- en veerkrachtplan kan ook worden vergroot via synergieën tussen dat plan en andere steunprogramma’s, waaronder programma’s die uit de cohesiefondsen worden gefinancierd, met name door diepgewortelde territoriale uitdagingen grondig aan te pakken en een evenwichtige ontwikkeling te stimuleren.

Monitoring en uitvoering

(49)Overeenkomstig artikel 19, lid 3, punt h), van Verordening (EU) 2021/241 en criterium 2.8 van bijlage V daarbij zijn de in het herstel- en veerkrachtplan voorgestelde regelingen passend om te zorgen voor de doeltreffende monitoring en uitvoering van het herstel- en veerkrachtplan, met inbegrip van het beoogde tijdschema en de beoogde mijlpalen en streefdoelen alsmede de bijbehorende indicatoren.

(50)Het onderstaatssecretariaat dat binnen het ministerie dat verantwoordelijk is voor de uitvoering van de steun van de Unie belast is met de uitvoering van het herstel- en veerkrachtplan (hierna “de nationale autoriteit” genoemd), is verantwoordelijk voor de algemene coördinatie van het herstel- en veerkrachtplan en voor het monitoren van de vooruitgang bij het bereiken van de mijlpalen en streefdoelen. Het is ook belast met de coördinatie van de verslaglegging over de mijlpalen en streefdoelen, met inbegrip van de bijbehorende indicatoren, en het verstrekken van gegevens, bijvoorbeeld over eindontvangers. De nationale autoriteit is verantwoordelijk voor het opstellen van de betalingsverzoeken, de beheersverklaringen en samenvattingen van audits. Om deze taken uit te voeren, zijn aan de nationale autoriteit duidelijke verantwoordelijkheden toegewezen en beschikt zij over een specifieke structuur voor de uitvoering van het herstel- en veerkrachtplan. De vooruitgang op weg naar een bevredigende verwezenlijking van de mijlpalen en streefdoelen zal worden gemonitord aan de hand van regelmatig bijgewerkte gegevens in een monitoringsysteem, dat uiterlijk vóór de indiening van het eerste betalingsverzoek beschikbaar moet zijn, gekoppeld aan passende regelingen om de tijdigheid, betrouwbaarheid en waarachtigheid van de gegevens in dat monitoringsysteem te waarborgen. Daarnaast moeten specifieke monitoringregelingen voor de verschillende maatregelen worden ingevoerd, zodat risico’s en vertragingen bij de uitvoering vroegtijdig aan het licht komen, en waar nodig worden bijgestuurd, zodat de uitvoering van de maatregelen in het herstel- en veerkrachtplan op schema blijft.

(51)De mijlpalen en streefdoelen in het plan zijn adequaat om toe te zien op de uitvoering daarvan. De mijlpalen en streefdoelen zijn een adequate weerspiegeling van het algemene ambitieniveau van het herstel- en veerkrachtplan en ze zijn duidelijk en realistisch. Zij zijn goed doordacht, met relevante, aanvaardbare en robuuste indicatoren die voor een goede monitoring tijdens de uitvoering moeten zorgen. De mijlpalen en streefdoelen zijn ook relevant voor reeds voltooide maatregelen die in aanmerking komen op grond van artikel 17, lid 2, van Verordening (EU) 2021/241. Om een betalingsverzoek te kunnen rechtvaardigen, moeten deze mijlpalen en streefdoelen in de loop van de tijd op bevredigende wijze worden bereikt.

(52)De lidstaten moeten ervoor zorgen dat wordt meegedeeld en erkend dat sprake is van financiële steun in het kader van de faciliteit, overeenkomstig artikel 34 van Verordening (EU) 2021/241. Uit hoofde van het bij Verordening (EU) 2021/240 van het Europees Parlement en de Raad 5 vastgestelde instrument voor technische ondersteuning kunnen de lidstaten om technische ondersteuning bij de uitvoering van hun herstel- en veerkrachtplannen verzoeken.

Kostenberekening

(53)Overeenkomstig artikel 19, lid 3, punt i), van Verordening (EU) 2021/241 en criterium 2.9 van bijlage V daarbij is de in het herstel- en veerkrachtplan verstrekte motivering voor het bedrag van de geraamde totale kosten van het herstel- en veerkrachtplan in redelijke mate (score B) redelijk en aannemelijk, strookt het met het kostenefficiëntiebeginsel en staan de kosten in verhouding tot de verwachte nationale economische en sociale gevolgen.

(54)Hongarije heeft over het algemeen gedetailleerde overzichten verstrekt van individuele kostenramingen voor investeringen en hervormingen met vermelding van kosten die daarvoor in het herstel- en veerkrachtplan zijn opgenomen. Uit de kostenevaluatie blijkt dat de meeste kosten in het plan redelijk en aannemelijk zijn. Het bewijsmateriaal ter onderbouwing van de ramingen biedt een aannemelijke verklaring van de belangrijkste kostenfactoren van de voorgestelde maatregelen, hoewel de nauwkeurigheid van het verstrekte bewijsmateriaal van maatregel tot maatregel verschilt. Voor het grootste deel werden eerdere projecten, feitelijke aanbestedingsgegevens of andere vergelijkende kostengegevens voor de belangrijkste kostenfactoren als benchmark voor de kostenramingen voorgesteld. In sommige gevallen zijn de nadere gegevens over de methodologie en de aannames die zijn opgesteld met het oog op de kostenramingen, beperkt, hetgeen een volledig positieve beoordeling van de kostenramingen in de weg staat. Daarnaast heeft Hongarije voor de meeste maatregelen gedetailleerde ondersteunende documenten verstrekt ter onderbouwing van de motivering en de kostenramingen. Voorts heeft Hongarije voldoende informatie en zekerheid verstrekt om te waarborgen dat de kosten van het herstel- en veerkrachtplan niet door andere bestaande of geplande Uniefinanciering worden gedekt. Tot slot zijn de geraamde totale kosten van het ingediende herstel- en veerkrachtplan in overeenstemming met het kostenefficiëntiebeginsel en staan ze in verhouding tot het verwachte nationale economische en sociale effect.

Bescherming van de financiële belangen van de Unie

(55)Overeenkomstig artikel 19, lid 3, punt j), van Verordening (EU) 2021/241 en criterium 2.10 van bijlage V daarbij zijn de in het herstel- en veerkrachtplan voorgestelde regelingen en de in dit besluit vermelde aanvullende maatregelen passend (score A) om corruptie, fraude en belangenconflicten bij het gebruik van de financiële middelen die op grond van deze verordening zijn verstrekt, te voorkomen, op te sporen en recht te zetten, en wordt verwacht dat de regelingen daadwerkelijk dubbele financiering in het kader van de verordening en andere Unieprogramma’s voorkomen. Dit laat de toepassing onverlet van andere instrumenten om de naleving van het Unierecht te bevorderen en te handhaven, onder meer voor het voorkomen, opsporen en verhelpen van corruptie, fraude en belangenconflicten, en het beschermen van de financiën van de Unie overeenkomstig Verordening (EU, Euratom) 2020/2092 van het Europees Parlement en de Raad 6 .

(56)Overeenkomstig artikel 20, lid 5, punt e), van Verordening (EU) 2021/241 moeten mijlpalen in verband met de bescherming van de financiële belangen van de Unie worden vastgesteld om de naleving van artikel 22 van die verordening te waarborgen middels de invoering van een adequaat controlesysteem. Door die mijlpalen op bevredigende wijze te bereiken, zal de adequaatheid van het internecontrolesysteem naar verwachting kunnen worden gegarandeerd, overeenkomstig artikel 19, lid 3, punt j, van Verordening (EU) 2021/241. Aangezien een robuust en doeltreffend kader voor corruptiebestrijding, aangescherpte regelingen om fraude, corruptie, belangenconflicten en andere onrechtmatigheden bij de uitvoering van EU-steun effectief te voorkomen, op te sporen en te corrigeren, een concurrerend en transparant systeem voor overheidsopdrachten en de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht voorwaarden zijn voor de werking van een doeltreffend internecontrolesysteem, moeten mijlpalen worden vastgesteld voor de hervormingen op die punten en moeten de betalingen in het kader van de faciliteit aan de verwezenlijking van die mijlpalen worden gekoppeld. Rekening houdend met het feit dat die mijlpalen moeten worden vastgesteld om ervoor te zorgen dat de financiële belangen van de Unie worden beschermd en een adequaat controlesysteem wordt vastgesteld voordat door de Commissie opdracht wordt gegeven voor betalingen uit hoofde van de faciliteit, moet Hongarije de mijlpalen met betrekking tot het controlesysteem 7 bereikt hebben voordat het eerste betalingsverzoek wordt ingediend en mag geen enkele betaling uit hoofde van de faciliteit worden verricht voordat deze zijn bereikt. Dit vereiste is in overeenstemming met en doet geen afbreuk aan de corrigerende maatregelen die Hongarije heeft voorgesteld in het kader van de procedure van artikel 6 van Verordening (EU, Euratom) 2020/2092 betreffende een algemeen conditionaliteitsregime ter bescherming van de Uniebegroting 8 .



(57)Een robuust en doeltreffend kader voor corruptiebestrijding is onontbeerlijk om onregelmatigheden zoals fraude, corruptie of belangenconflicten te voorkomen, op te sporen en te corrigeren, en aldus te zorgen voor doeltreffende audit- en controleregelingen in het kader van het herstel- en veerkrachtplan en de financiële belangen van de Unie te beschermen. In dit verband moeten als onderdeel van het plan een aantal maatregelen worden uitgevoerd om te voldoen aan artikel 22. Er wordt onder meer een integriteitsautoriteit opgericht om de preventie, opsporing en correctie van fraude, belangenconflicten en corruptie effectief te versterken, alsook andere onrechtmatigheden en onregelmatigheden met betrekking tot de uitvoering van EU-steun, met bijzondere aandacht voor overheidsopdrachten en waarbij de geldigheid van vermogensaangiften wordt gewaarborgd. Er moet ook een geloofwaardige en effectieve taskforce voor corruptiebestrijding worden opgericht, met een sterke participatie van onafhankelijke niet-gouvernementele organisaties, om de bestaande anticorruptiemaatregelen te onderzoeken en voorstellen te doen ter verbetering van de opsporing, het onderzoek, de vervolging en de bestraffing van corruptiepraktijken en andere praktijken zoals nepotisme, favoritisme of “draaideurconstructies” tussen de publieke en de particuliere sector. Daarnaast moeten regels worden ingevoerd om het personele en materiële toepassingsgebied voor vermogensaangiften uit te breiden en te zorgen voor meer toezicht en transparantie met betrekking tot het gebruik van door de Unie verleende steun door stichtingen van openbaar belang die activiteiten van algemeen belang verrichten en door rechtspersonen die door hen zijn opgericht of worden onderhouden. De invoering van de mogelijkheid om beslissingen van het openbaar ministerie of de onderzoeksautoriteit om een aangifte van een misdrijf te seponeren of een strafprocedure te beëindigen, aan rechterlijke toetsing te onderwerpen, moet ook bijdragen tot de versterking van het kader voor corruptiebestrijding en indirect tot de inspanningen van het openbaar ministerie om corruptie aan te pakken ondersteunen. Er moet worden gezorgd voor meer transparantie en een betere toegang tot overheidsgegevens met betrekking tot het gebruik van overheidsuitgaven; het faciliteren van onafhankelijk toezicht kan immers bijdragen tot de versterking van het kader voor corruptiebestrijding. Daarom moeten zes mijlpalen worden vastgesteld om ervoor te zorgen dat die maatregelen daadwerkelijk worden uitgevoerd vóór de indiening van het eerste betalingsverzoek.

(58)De versterking van de regelingen om fraude, corruptie, belangenconflicten en andere onrechtmatigheden bij de uitvoering van Uniesteun in het algemeen doeltreffend te voorkomen, op te sporen en te corrigeren, is een belangrijke voorwaarde om ervoor te zorgen dat de audit- en controleregelingen voor het herstel- en veerkrachtplan doeltreffend zijn en dat de financiële belangen van de Unie tijdens de uitvoering van dat plan effectief worden beschermd. In dit verband moeten een aantal maatregelen worden uitgevoerd als onderdeel van het herstel- en veerkrachtplan. Om de preventie van en de controle op belangenconflicten bij de uitvoering van EU-steun te versterken, moet een nieuw directoraat Interne Audit en Integriteit worden opgericht, dat regelmatige en doeltreffende controles van verklaringen inzake belangenconflicten moet waarborgen en belast wordt met het onderzoeken van gerapporteerde vermoedens van belangenconflicten. Aangescherpte wettelijke bepalingen moeten ervoor zorgen dat het risicobeheer, de preventie, de opsporing en de correctie van fraude, corruptie, belangenconflicten en dubbele financiering worden versterkt, dat er doeltreffende regels, procedures en controlemechanismen worden ingevoerd met betrekking tot verklaringen inzake belangenconflicten, en dat medewerkers in gevoelige functies regelmatig rouleren en dat hun effectieve toezicht wordt gewaarborgd. Er is ook behoefte aan passende richtsnoeren om ervoor te zorgen dat alle instanties die betrokken zijn bij de uitvoering van en de controle op de steun van de Unie op alle niveaus op de hoogte zijn van hun taken, verantwoordelijkheden en verplichtingen bij het voorkomen, opsporen en corrigeren van belangenconflicten. Daarnaast moet een omvattende en doeltreffende strategie voor corruptiebestrijding en fraudebestrijding met betrekking tot EU-steun worden opgezet, aangevuld met een gedetailleerd actieplan. Er moeten ook passende procedures worden ingevoerd om ervoor te zorgen dat het Arachne, het instrument voor datamining en risicoscores, integraal en effectief wordt gebruikt en om een doeltreffende follow-up van de door dat systeem gesignaleerde risico’s te waarborgen. Om de opsporing van fraude te versterken, moeten ten slotte wettelijke regelingen worden vastgesteld om OLAF in staat stellen zijn onderzoeken en controles ter plaatse doeltreffend uit te voeren. Daarom moeten acht mijlpalen worden vastgesteld om ervoor te zorgen dat die maatregelen daadwerkelijk worden uitgevoerd vóór de indiening van het eerste betalingsverzoek.

(59)Meer transparantie en concurrentie bij overheidsopdrachten zijn onontbeerlijk om onregelmatigheden, waaronder fraude, corruptie of belangenconflicten, te voorkomen, en dus een voorwaarde voor de effectieve werking van een intern controlesysteem. In dit verband moeten een aantal maatregelen worden uitgevoerd als onderdeel van het herstel- en veerkrachtplan. Het gaat onder meer om de ontwikkeling van een monitoringinstrument om het aandeel aanbestedingsprocedures met slechts één inschrijver te beoordelen, de ontwikkeling en invoering van een kader voor prestatiemeting voor een regelmatige beoordeling van de efficiëntie en kosteneffectiviteit van overheidsopdrachten en van de redenen voor de beperkte concurrentie in de sectoren die het vaakst met een gebrek aan concurrentie kampen. Er moet ook een steunregeling worden ingevoerd om de deelname van micro-, kleine en middelgrote ondernemingen aan aanbestedingsprocedures te faciliteren, alsook maatregelen om het elektronisch systeem voor overheidsopdrachten te ontwikkelen om het onafhankelijke toezicht op en de onafhankelijke analyse van de mededinging bij overheidsopdrachten te vergemakkelijken; beide zijn voorwaarden voor een doeltreffende uitvoering van de verbintenis om het aandeel van aanbestedingsprocedures met slechts één inschrijver terug te dringen en het publieke toezicht op het systeem voor overheidsopdrachten te vergemakkelijken. Daarom moeten vijf mijlpalen worden vastgesteld om ervoor te zorgen dat die maatregelen daadwerkelijk worden uitgevoerd vóór de indiening van het eerste betalingsverzoek. Naast die mijlpalen moeten in het herstel- en veerkrachtplan ook volgende streefdoelen worden opgenomen om de vermindering van het aandeel van de aanbestedingsprocedures met slechts één inschrijver gedurende de hele uitvoeringsperiode van het herstel- en veerkrachtplan te monitoren en te handhaven.

(60)Aangezien de daadwerkelijke onafhankelijkheid van de rechterlijke macht een voorwaarde is voor de werking van een intern controlesysteem, moeten mijlpalen worden vastgesteld voor hervormingen om de relatieve rol en bevoegdheden van de Nationale Raad voor Justitie met betrekking tot de bevoegdheden van de voorzitter van het Nationaal Bureau voor Justitie te versterken, de rechterlijke onafhankelijkheid van het hooggerechtshof (Kúria) te versterken, belemmeringen voor prejudiciële verwijzingen naar het Hof van Justitie van de Europese Unie op te heffen en het voor overheidsinstanties onmogelijk te maken om definitieve rechterlijke beslissingen aan te vechten bij het Grondwettelijk Hof. Deze hervormingen zullen naar verwachting bijdragen tot de bescherming van de financiële belangen van de Unie. Dit vereiste laat de verplichting voor Hongarije onverlet om te allen tijde zijn verplichtingen uit hoofde van het Unierecht na te komen, en met name artikel 19, lid 1, van het Verdrag betreffende de Europese Unie (het “VEU”), zoals uitgelegd door het Hof van Justitie van de Europese Unie, dat een essentieel onderdeel vormt van het EU-acquis. Daarom moeten vier mijlpalen worden vastgesteld om ervoor te zorgen dat die maatregelen daadwerkelijk worden uitgevoerd vóór de indiening van het eerste betalingsverzoek.

(61)Het controlesysteem en de in het herstel- en veerkrachtplan voorgestelde regelingen zijn gebaseerd op robuuste processen en structuren, met een duidelijke omschrijving van de rollen en verantwoordelijkheden van de verschillende instanties die betrokken zijn bij de uitvoering, monitoring, controle en audit van het plan, alsook van hun interacties. Dit zorgt voor een heldere scheiding tussen de rollen en verantwoordelijkheden voor controle en audit. De Nationale Autoriteit is verantwoordelijk voor de algemene coördinatie van het herstel- en veerkrachtplan, voor het monitoren van de vooruitgang bij de verwezenlijking van de mijlpalen en streefdoelen, voor het verrichten van controles op uitvoeringsorganen, subtoekennende instanties en eindontvangers, en voor het opstellen en indienen bij de Commissie van de betalingsverzoeken en de bijbehorende beheersverklaringen op basis van geverifieerde gegevens van het monitoringsysteem. De rol van auditautoriteit van het herstel- en veerkrachtplan wordt toegewezen aan het directoraat-generaal voor de audit van de Europese fondsen (EUTAF), dat over de nodige capaciteit en administratieve ervaring moet beschikken om de betrokken audittaken conform internationaal aanvaarde auditnormen uit te voeren. Het EUTAF is verantwoordelijk voor het uitvoeren van systeemaudits en inhoudelijke controles van de diverse mijlpalen en streefdoelen, die de basis vormen voor de samenvatting van de audits die samen met de betalingsverzoeken bij de Commissie worden ingediend. Om de doeltreffende controle van de uitvoering van het herstel- en veerkrachtplan te waarborgen, wordt het EUTAF bovendien geacht een doeltreffende auditstrategie vast te stellen overeenkomstig internationaal aanvaarde auditnormen. Er moeten voldoende middelen beschikbaar worden gesteld om ervoor te zorgen dat de onafhankelijkheid van het EUTAF wordt beschermd en dat zijn capaciteit om zijn taken doeltreffend en tijdig uit te voeren, wordt gewaarborgd. De twee betrokken mijlpalen moeten vóór de indiening van het eerste betalingsverzoek zijn bereikt.

(62)De administratieve capaciteit van de Nationale Autoriteit, die als centrale dienst belast wordt met de uitvoering en coördinatie van het herstel- en veerkrachtplan, zal naar verwachting adequaat zijn om haar beoogde rollen en taken uit te voeren. De werkzaamheden van de Nationale Autoriteit moeten worden ondersteund door uitvoerende organen die een aantal taken uitvoeren namens de Nationale Autoriteit, nadat is nagegaan of zij over de nodige middelen en deskundigheid beschikken om die taken doeltreffend en tijdig uit te voeren. De uitvoerende instanties en de Nationale Autoriteit moeten regelmatige en systematische controles van de eindontvangers verrichten. De Nationale Autoriteit moet ook regelmatig toezicht houden op de werkzaamheden van de uitvoerende organen. Voorts moeten er, onafhankelijk van de andere controleorganen, ook regelmatige controles in verband met belangenconflicten worden uitgevoerd door het nieuwe directoraat Interne Audit en Integriteit. Een mijlpaal met betrekking tot de inwerkingtreding van een regeringsbesluit tot vaststelling van het wettelijke mandaat voor alle instanties die betrokken zijn bij de uitvoering, audit en controle van de uitvoering van het herstel- en veerkrachtplan moet worden bereikt voordat het eerste betalingsverzoek wordt ingediend.

(63)Er zullen naar verwachting adequate procedures worden ingevoerd om ervoor te zorgen dat alle vereiste gegevens over eindontvangers, contractanten, subcontractanten en uiteindelijke begunstigden worden verzameld en opgeslagen, en beschikbaar zijn in het monitoringsysteem dat voor het herstel- en veerkrachtplan is ontwikkeld. Er zijn gedetailleerde meerlagige controlemechanismen ingesteld om de betrouwbaarheid en waarachtigheid van de gegevens in dat monitoringsysteem te waarborgen. Daarom moet er een mijlpaal worden vastgesteld om ervoor te zorgen dat de nodige functionaliteiten van het registratiesysteem voor het monitoren van de uitvoering van het herstel- en veerkrachtplan volledig functioneel en operationeel worden, met inbegrip van minstens de functies voor het verzamelen van gegevens en het monitoren van de mijlpalen en streefdoelen, en voor het verzamelen, opslaan en waarborgen van toegang tot de bij artikel 22, lid 2, punt d), van Verordening (EU) 2021/241 vereiste gegevens. De mijlpalen moeten vóór de indiening van het eerste betalingsverzoek zijn bereikt.

Coherentie van het herstel- en veerkrachtplan

(64)Overeenkomstig artikel 19, lid 3, punt k), van Verordening (EU) 2021/241 en criterium 2.11 van bijlage V daarbij bevat het herstel- en veerkrachtplan in hoge mate (score A) maatregelen voor de uitvoering van hervormingen en publieke investeringsprojecten die coherente acties vormen.

(65)Het herstel- en veerkrachtplan vormt een consistente en evenwichtige mix van hervormingen en investeringen die elkaar versterken. Er wordt gezorgd voor samenhang binnen de componenten, met investeringen die relevante hervormingen ondersteunen, alsook tussen de verschillende componenten van het herstel- en veerkrachtplan. Maatregelen in verschillende componenten beogen het verbeteren van de onderwijsresultaten, met acties die gericht zijn op leerlingen, leerkrachten en scholen en met een focus op kansarme leerlingen en digitaal onderwijs. Wat de groene transitie betreft, bevat het herstel- en veerkrachtplan maatregelen om investeringssteun te verlenen voor investeringen in energie-efficiëntie, zowel voor residentiële als voor openbare gebouwen, met name onderwijs- en gezondheidszorgfaciliteiten. De digitale transformatie wordt in het hele plan systematisch bevorderd door een combinatie van hervormingen in de vorm van digitaliseringsinitiatieven en investeringen in ICT-apparatuur en de ontwikkeling van vaardigheden in sectoren als onderwijs, gezondheidszorg, energie, vervoer en openbaar bestuur. De uitvoering van veel investeringen in het plan vereist doeltreffende openbare aanbestedingsprocedures: het plan bevat een doeltreffend pakket maatregelen om de mededinging, efficiëntie en transparantie van het systeem voor overheidsopdrachten te verbeteren. Sommige hervormingen zullen naar verwachting een horizontaal effect hebben op de kwaliteit en doeltreffendheid van de wetgeving op alle gebieden, zoals de maatregelen om de kwaliteit en transparantie van de besluitvorming te verbeteren. De voorgestelde maatregelen binnen de componenten zijn onderling niet in tegenspraak of ondermijnen elkaars doeltreffendheid niet en er werden geen inconsistenties of tegenstrijdigheden tussen de componenten vastgesteld. 

Gelijkheid

(66)Het plan bevat een aantal maatregelen om de uitdagingen op het gebied van gendergelijkheid en gelijke kansen aan te pakken. Met name de grotere beschikbaarheid van kinderopvang voor jonge kinderen zal naar verwachting de gelijke arbeidsparticipatie vergroten en voor de ouders bijdragen tot een beter evenwicht tussen werk en privéleven. De steun voor het onderwijs aan kinderen en leerlingen met speciale behoeften zal naar verwachting inclusief onderwijs versterken. Na de ontwikkeling van een strategie om het inkomen te bepalen en scholen uit te rusten met moderne displays en andere IT-apparatuur, zal het verstrekken van laptops aan leerlingen en leerkrachten, waarbij voorrang wordt verleend aan scholen met een hoog aandeel kansarme leerlingen, naar verwachting de gelijke toegang tot onderwijs verbeteren en bijdragen tot het verminderen van sociale ongelijkheden. De integratie van kleine slecht presterende scholen voor lager secundair onderwijs in grotere scholen in naburige nederzettingen zal er naar verwachting voor zorgen dat kinderen die slecht presteren en kansarme kinderen een betere toegang krijgen tot kwaliteitsonderwijs. Maatregelen om basisscholen en lagere middelbare scholen ertoe aan te zetten meer kansarme leerlingen aan te trekken, zullen naar verwachting de segregatie in openbare onderwijsinstellingen verminderen. Investeringen in de vervoerssector, zoals lagevloerbussen en de renovatie van stations, zullen naar verwachting de toegankelijkheid voor personen met een handicap ten goede komen. Het herstel- en veerkrachtplan omvat ook geïntegreerde interventies om sociale inclusie te bevorderen, met bijzondere aandacht voor mensen die in achtergestelde nederzettingen wonen, onder wie Roma. De digitaliseringsmaatregelen voor ouderenzorg zullen naar verwachting bijdragen tot de uitvoering van de Europese strategie inzake de rechten van personen met een handicap 2021-2030.

Zelfbeoordeling van de beveiliging

(67)Hongarije heeft geen zelfbeoordeling van de beveiliging, overeenkomstig artikel 18, lid 4, punt g), van Verordening (EU) 2021/241, uitgevoerd omdat het dat niet passend vond.

Raadplegingsproces

(68)Het ontwerp van herstel- en veerkrachtplan is in de periode maart-april 2021 gepubliceerd voor opmerkingen. Hongarije heeft niet alleen informatie beschikbaar gesteld aan het grote publiek, maar ook rechtstreeks contact opgenomen met 461 organisaties, zoals gemeenten, ngo’s, organisaties voor hoger onderwijs, vakbonden en wetenschapsorganisaties, om hen aan te moedigen hun standpunten en suggesties kenbaar te maken. Daarvan hebben er 88 input geleverd, goed voor meer dan 1 260 verschillende suggesties. Bepaalde opmerkingen hebben geleid tot wijzigingen van het ontwerp van herstel- en veerkrachtplan, bijvoorbeeld tot een meer gerichte maatregel ter ondersteuning van duurzame verwarmingssystemen voor huishoudens. Sommige belanghebbenden hadden echter kritiek op het proces en voerden aan dat de details van het herstel- en veerkrachtplan niet vroeg genoeg openbaar werden gemaakt om hen in staat te stellen zinvolle input te leveren en dat met hun opmerkingen geen rekening kon worden gehouden. Naast de formele raadpleging zijn er op regionaal en nationaal niveau verschillende conferenties met belanghebbenden georganiseerd, met een verschillende thematische focus doorheen het jaar 2021. Hongarije heeft in augustus 2021 een nieuwe versie gepubliceerd, maar heeft sindsdien geen enkele gewijzigde versie openbaar gemaakt, en heeft geen aanvullende raadplegingsprocedures georganiseerd over de wijzigingen die in 2022 in het plan zijn aangebracht.

(69)Om bij de desbetreffende actoren draagvlak te creëren is het van cruciaal belang dat alle betrokken lokale autoriteiten en belanghebbenden, waaronder de sociale partners, bij de uitvoering van de in het herstel- en veerkrachtplan opgenomen investeringen en hervormingen worden betrokken. Daartoe bevat het herstel- en veerkrachtplan een maatregel om een strategie te ontwikkelen om de daadwerkelijke betrokkenheid van belanghebbenden bij de uitvoering van dat plan te waarborgen, met inbegrip van de oprichting van een monitoringcomité met een sterke deelname van onafhankelijke maatschappelijke organisaties om de uitvoering van het plan nauwlettend te volgen en aanbevelingen te doen aan de nationale autoriteit. Daarnaast zijn een aantal maatregelen gekoppeld aan specifieke toezeggingen om de systematische betrokkenheid van de sociale partners en belanghebbenden bij het uitvoeringsproces expliciet te waarborgen.

Positieve beoordeling

(70)Nu de Commissie het herstel- en veerkrachtplan van Hongarije positief heeft beoordeeld en concludeert dat dit plan op bevredigende wijze voldoet aan de beoordelingscriteria van Verordening (EU) 2021/241, moeten, overeenkomstig artikel 20, lid 2, van die verordening, in dit besluit de voor de uitvoering van het herstel- en veerkrachtplan noodzakelijke hervormings- en investeringsprojecten worden vastgelegd, alsmede de relevante mijlpalen, streefdoelen en indicatoren en het bedrag dat door de Unie ter beschikking wordt gesteld voor de uitvoering van het herstel- en veerkrachtplan in de vorm van niet-terugbetaalbare financiële steun.

Financiële bijdrage

(71)De geraamde kostprijs van het herstel- en veerkrachtplan van Hongarije bedraagt 2 299 592 927 602 HUF, hetgeen overeenstemt met 5 824 260 891 EUR op basis van de gemiddelde EUR/HUF-referentiekoers tijdens de periode van 1 april 2022 tot en met 30 september 2022. Aangezien het herstel- en veerkrachtplan op bevredigende wijze voldoet aan de beoordelingscriteria van Verordening (EU) 2021/241 en aangezien voorts het bedrag van de geraamde totale kosten van dat plan hoger is dan de maximale financiële bijdrage die voor Hongarije beschikbaar is, moet de aan het herstel- en veerkrachtplan van Hongarije toegewezen financiële bijdrage gelijk zijn aan het totale bedrag van de financiële bijdrage die beschikbaar is voor Hongarije.

(72)Overeenkomstig artikel 11, lid 2, van Verordening (EU) 2021/241 is de berekening van de maximale financiële bijdrage voor Hongarije op 30 juni 2022 bijgewerkt. Daarom moet overeenkomstig artikel 23, lid 1, van die verordening nu een bedrag voor Hongarije ter beschikking worden gesteld dat de in artikel 11, lid 1, punt a), van die verordening bedoelde maximale financiële bijdrage niet overschrijdt voor een juridische verbintenis op uiterlijk 31 december 2022, en moet een bedrag dat de geactualiseerde maximale financiële bijdrage, als berekend overeenkomstig artikel 11, lid 2, van die verordening, niet overschrijdt, ter beschikking worden gesteld voor een juridische verbintenis vanaf 1 januari 2023 tot en met 31 december 2023.

(73)De te verlenen steun moet worden gefinancierd uit de middelen die de Commissie op grond van artikel 5 van Besluit (EU, Euratom) 2020/2053 9 van de Raad namens de Unie heeft opgenomen. De steun moet in termijnen worden uitbetaald zodra Hongarije de desbetreffende mijlpalen en streefdoelen die zijn vastgesteld in verband met de uitvoering van het herstel- en veerkrachtplan, op bevredigende wijze heeft verwezenlijkt.



(74)Dit besluit moet de uitkomst onverlet laten van eventuele procedures met betrekking tot de toekenning van middelen van de Unie in het kader van andere EU-programma’s dan de faciliteit of van eventuele procedures met betrekking tot verstoringen van de werking van de interne markt, met name uit hoofde van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie. Het doet geen afbreuk aan het vereiste dat de lidstaten, uit hoofde van artikel 108 van het Verdrag, de Commissie op de hoogte brengen van voorgenomen steunmaatregelen,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1
Goedkeuring van de beoordeling van het herstel- en veerkrachtplan

De beoordeling van het herstel- en veerkrachtplan van Hongarije op grond van de criteria van artikel 19, lid 3, van Verordening (EU) 2021/241 wordt goedgekeurd. De hervormings- en investeringsprojecten in het kader van het herstel- en veerkrachtplan, de regelingen en het tijdschema voor de monitoring en de uitvoering van het herstel- en veerkrachtplan, met inbegrip van de relevante mijlpalen en streefdoelen, de relevante indicatoren voor het bereiken van de beoogde mijlpalen en streefdoelen, en de regelingen voor volledige toegang door de Commissie tot de relevante onderliggende gegevens, worden vastgelegd in de bijlage bij dit besluit.

Artikel 2
Financiële bijdrage

1.De Unie stelt Hongarije een financiële bijdrage ter beschikking in de vorm van niet-terugbetaalbare steun ten bedrage van 5 811 147 717 EUR 10 . Een bedrag van 4 639 429 967 EUR wordt beschikbaar gesteld om uiterlijk 31 december 2022 in een juridische verbintenis te worden vastgelegd. Een aanvullend bedrag van 1 171 717 750 EUR wordt beschikbaar gesteld om uiterlijk tussen 1 januari 2023 en 31 december 2023 in een juridische verbintenis te worden vastgelegd.

2.De financiële bijdrage van de Unie wordt door de Commissie aan Hongarije in termijnen beschikbaar gesteld in overeenstemming met de bijlage. De termijnen mogen door de Commissie worden uitbetaald in een of meerdere tranches. De omvang van de tranches is afhankelijk van de beschikbaarheid van de middelen.

3.De vrijgave van de tranches in overeenstemming met de financieringsovereenkomst is afhankelijk van de beschikbare middelen en van een besluit van de Commissie overeenkomstig artikel 24 van Verordening (EU) 2021/241 dat Hongarije de desbetreffende mijlpalen en streefdoelen die zijn vastgesteld in verband met de uitvoering van het herstel- en veerkrachtplan, op bevredigende wijze heeft verwezenlijkt. Om in aanmerking te komen voor betaling, moet Hongarije de mijlpalen en streefdoelen uiterlijk op 31 augustus 2026 halen, onder voorbehoud van de inwerkingtreding van de in lid 1 bedoelde juridische verbintenissen.

Artikel 3
Geadresseerde

Dit besluit is gericht tot Hongarije.

Gedaan te Brussel,

   Voor de Raad

   De voorzitter

(1)    PB L 57 van 18.2.2021, blz. 17.
(2)    Verordening (EU) 2020/2094 van de Raad van 14 december 2020 tot vaststelling van een herstelinstrument van de Europese Unie ter ondersteuning van het herstel na de COVID-19-crisis (PB L 433I van 22.12.2020, blz. 23).
(3)    Verordening (EU) 2020/852 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juni 2020 betreffende de totstandbrenging van een kader ter bevordering van duurzame beleggingen en tot wijziging van Verordening (EU) 2019/2088 (PB L 198 van 22.6.2020, blz. 13).
(4)    PB C 58 van 18.2.2021, blz. 1.
(5)    Verordening (EU) 2021/240 van het Europees Parlement en de Raad van 10 februari 2021 tot vaststelling van een instrument voor technische ondersteuning (PB L 57 van 18.2.2021, blz. 1).
(6)    Verordening (EU, Euratom) 2020/2092 van het Europees Parlement en de Raad van 16 december 2020 betreffende een algemeen conditionaliteitsregime ter bescherming van de Uniebegroting (PB L 4333 I van 22.12.2020, blz. 1).
(7)    Dit is het geval voor de mijlpalen 160, 166, 169, 171, 174, 175, 195, 197, 198, 200, 201, 213, 214, 215, 216, 217, 218, 219, 220, 221, 222, 223, 224, 225, 226, 227 en 228.
(8)    Zoals gedefinieerd in COM (2022) 485 final — Bijlage bij de toelichting bij het voorstel voor een uitvoeringsbesluit van de Raad inzake maatregelen ter bescherming van de Uniebegroting tegen schendingen van de beginselen van de rechtsstaat in Hongarije.
(9)    PB L 424 van 15.12.2020, blz. 1.
(10)    Dit bedrag stemt overeen met de financiële toewijzing na aftrek van het proportionele aandeel van Hongarije in de uitgaven van artikel 6, lid 2, van Verordening (EU) 2021/241, berekend volgens de methode van artikel 11 van die verordening.
Top

Brussel, 30.11.2022

COM(2022) 686 final

BIJLAGE

bij het

Voorstel voor een uitvoeringsbesluit van de Raad

betreffende de goedkeuring van de beoordeling van het herstel- en veerkrachtplan voor Hongarije

{SWD(2022) 686 final}


BIJLAGE

DEEL 1: HERVORMINGEN EN INVESTERINGEN IN HET KADER VAN HET HERSTEL- EN VEERKRACHTPLAN

1.Beschrijving van hervormingen en investeringen

A. COMPONENT 1: DEMOGRAFIE EN OPENBAAR ONDERWIJS

Dit onderdeel van het Hongaarse herstel- en veerkrachtplan is gericht op uitdagingen in verband met de inclusieve toegang tot hoogwaardig schoolonderwijs, de integratie van kwetsbare groepen op de arbeidsmarkt en bredere demografische ontwikkelingen waarmee de Hongaarse economie, overheidsfinanciën en de samenleving worden geconfronteerd.

De belangrijkste doelstellingen van het onderdeel zijn:

·de toegang tot hoogwaardig schoolonderwijs verbeteren door leerlingen en leerkrachten de nodige voorzieningen te bieden om deel te nemen aan modern digitaal onderwijs, en door hun digitale vaardigheden te ontwikkelen;

·de deelname van kansarme leerlingen en studenten met speciale onderwijsbehoeften aan hoogwaardig regulier onderwijs te vergroten;

·het risico op segregatie op scholen verminderen;

·het beroep van leraar aantrekkelijker te maken en de vaardigheden van leerkrachten en schoolmanagers te versterken;

·de toegang tot voor- en vroegschoolse educatie en opvang verbeteren om sociale ongelijkheden te verminderen en de integratie van kwetsbare groepen op de arbeidsmarkt te vergemakkelijken; en

·de houdbaarheid en toereikendheid van het pensioenstelsel op middellange en lange termijn te bevorderen.

De component omvat maatregelen die de beginselen van de Europese pijler van sociale rechten weerspiegelen op het gebied van onderwijs, opleiding en een leven lang leren, gendergelijkheid en kinderopvang en ondersteuning van kinderen. De component ondersteunt ook de digitale transitie door de digitale capaciteiten in het openbaar onderwijs te vergroten en de digitale vaardigheden van leerlingen en leerkrachten te verbeteren. De nadruk op het terugdringen van segregatie op scholen draagt bij tot de sociale cohesie. De component draagt ook bij tot de groene transitie, aangezien bij de geplande infrastructuurontwikkelingen hoge normen op het gebied van energie-efficiëntie zullen worden toegepast.

Het onderdeel is in overeenstemming met de Hongaarse strategie voor openbaar onderwijs voor de periode 2021-2030, het Hongaarse nationale energie- en klimaatplan, de nationale energiestrategie 2030 en de nationale strategie voor schone ontwikkeling.

De component draagt bij tot de uitvoering van de landspecifieke aanbevelingen inzake de noodzaak om de integratie van de meest kwetsbare groepen op de arbeidsmarkt voort te zetten, met name door bij- en nascholing, de onderwijsresultaten te verbeteren en de deelname van kansarme groepen, met name Roma, aan hoogwaardig regulier onderwijs te vergroten (landspecifieke aanbeveling 2 in 2019 en landspecifieke aanbeveling 3 in 2022), investeringsgerelateerd economisch beleid te concentreren op energie- en hulpbronnenefficiëntie (landspecifieke aanbeveling 3 in 2019), de toegang tot essentiële diensten en hoogwaardig onderwijs voor iedereen te waarborgen (landspecifieke aanbeveling 2 in 2020), en investeringen te concentreren op de groene en digitale transitie en digitale infrastructuur voor scholen (landspecifieke aanbeveling 3 in 2019). Het draagt ook bij tot de uitvoering van de landspecifieke aanbeveling om de houdbaarheid van het pensioenstelsel op lange termijn te verbeteren en tegelijkertijd de toereikendheid in stand te houden, met name door inkomensongelijkheid aan te pakken (landspecifieke aanbeveling 1 in 2022).

Verwacht wordt dat geen enkele maatregel in deze component ernstig afbreuk doet aan milieudoelstellingen in de zin van artikel 17 van Verordening (EU) 2020/852, rekening houdend met de beschrijving van de maatregelen en de risicobeperkende stappen in het herstel- en veerkrachtplan overeenkomstig de technische richtsnoeren inzake het beginsel „geen ernstige afbreuk doen aan” (2021/C58/01).

A.1.    Beschrijving van de hervormingen en investeringen voor niet-terugvorderbare financiële steun

C1.R1: Ontwikkeling van concurrerend openbaar onderwijs met behulp van technologievan de 21e eeuw

Het doel van de hervorming is de digitale transformatie van het openbaar onderwijs te ondersteunen door de beschikbaarheid en het gebruik van digitale apparaten en instrumenten door leerkrachten en leerlingen te vergroten, waardoor de systematische integratie van digitale onderwijs- en leermethoden in het onderwijsproces wordt vergemakkelijkt. De hervorming heeft ook tot doel bij te dragen tot een inclusieve verbetering van de onderwijsresultaten, het terugdringen van voortijdig schoolverlaten en, meer in het algemeen, het waarborgen van de beschikbaarheid van concurrerende arbeidskrachten in de toekomst.

In het kader van deze maatregel worden moderne digitale apparaten ter beschikking gesteld van leerkrachten, leerlingen en scholen. Tijdens de academische jaren 2021/2022, 2022/2023, 2023/2024 en 2024/2025 worden digitale notebooks (standaard- en 2-in-1-types) gekocht en geleverd aan openbare onderwijsinstellingen, voor gebruik door leerlingen in de klassen vijf en negen, voor leerkrachten en voor scholen voor de ontwikkeling van hun IT-klaslokalen. In totaal moeten aan het einde van het vierjarige programma ten minste 579 000 digitale notebooks worden aangekocht en geleverd in het kader van deze maatregel, waarvan ten minste 55 000 voor leerkrachten en ten minste 10 000 voor scholen om hun IT-klaslokalen te ontwikkelen. De leerlingen moeten de notebooks kunnen bewaren tot zij hun schoolonderwijs hebben afgerond en deze daarna aan de nieuwe cohorten kunnen overhandigen.

Bij de verspreiding van digitale notebooks wordt voorrang gegeven aan kansarme leerlingen en leerkrachten op scholen met een bovengemiddeld aandeel kansarme leerlingen. Er wordt een inkomensteststrategie ontwikkeld en gepubliceerd voor de toewijzing van digitale notebooks aan leerlingen. In de strategie wordt onder meer gespecificeerd dat leerlingen met een kansarme achtergrond en zonder digitaal notebook de hoogste prioriteit hebben om een dergelijk apparaat te ontvangen. Kansarme leerlingen worden gedefinieerd in paragraaf (1) sectie 67/A van de Wet kinderbescherming (XXXI/1997).

Voorts moeten ten minste 3 100 scholen worden voorzien van interactieve weergavetools en -apparatuur om de creativiteit en probleemoplossende capaciteit van leerlingen en algoritmische en programmeercompetenties, zoals robots, drones en speciale computers, te ontwikkelen. Scholen die actief zijn in achterstandsregio’s en scholen met een hoog aandeel leerlingen met een kansarme achtergrond krijgen prioriteit bij de verspreiding van de ondersteunende ICT-apparatuur. Leerkrachten krijgen gerichte opleiding over het gebruik van de digitale apparaten en zij hebben toegang tot een IT-helpdesk.

De uitvoering van de hervorming moet ertoe leiden dat ten minste 45 % van de leerkrachten in ten minste 40 % van hun lessen gebruik maakt van informatie- en communicatietechnologieën (tegenover 33 % van de leerkrachten in 2019).

De uitvoering van de hervorming wordt uiterlijk op 30 juni 2026 voltooid.

C1.I1: Verbetering van de toegang tot kwaliteitsonderwijs in lagere middelbare scholen

Het doel van de maatregel is de toegang van studenten tot kwaliteitsonderwijs in lagere middelbare scholen te verbeteren en uitdagingen in verband met tekorten aan leerkrachten in kleine nederzettingen aan te pakken.

De maatregel wordt stapsgewijs uitgevoerd. Als eerste stap wordt het schoolnetwerk op nationaal niveau in kaart gebracht met het oog op het identificeren en selecteren van scholen voor de integratie van laagpresterende lagere middelbare klassen in grotere scholen in de naburige nederzettingen. Het in kaart brengen wordt gebaseerd op bewijs en een diagnose van de behoeften en wordt uitgevoerd in overleg met belanghebbenden (met name leerlingen en hun ouders, leerkrachten, schoolpersoneel, gemeenschappen en lokale overheden). Dit moet ertoe leiden dat in het kader van een proeffase ten minste 5-10 staatsscholen voor lager secundair onderwijs worden geselecteerd die in grotere gastscholen zullen worden geïntegreerd. Bij het in kaart brengen wordt gekeken naar het effect van de integratie van scholen op de samenstelling van leerlingen, het risico op segregatie, het aantal leerkrachten en personeelsleden, de prestaties van de school, leerresultaten, afsluitende cijfers, het aandeel leerlingen met een hoog risico op voortijdig schoolverlaten, de locatie van scholen, schoolprofielen en verwachte toekomstige behoeften met betrekking tot demografische ontwikkelingen. Wat de gastscholen betreft, wordt onder meer rekening gehouden met de fysieke eigenschappen en de infrastructuur van het gebouw. De gastscholen mogen niet als instapschool voor de nieuwe leerlingen fungeren.

In de tweede fase worden de klassen lager secundair onderwijs in ten minste vijf staatsscholen geïntegreerd in grotere gastscholen in naburige nederzettingen, als onderdeel van een proeffase. De geselecteerde gastscholen integreren lagere middelbare klassen van kleine scholen waar kwaliteitsonderwijs niet efficiënt kan worden gewaarborgd. Het aantal leerkrachten en personeelsleden moet in de gastscholen toereikend zijn om de nieuwe leerlingen op te vangen en de leerkrachten en het personeel krijgen een opleiding in inclusieve pedagogie. Er moet adequaat worden voorzien in de behoeften op het gebied van woon-werkverkeer en huisvesting in verband met de maatregel. Het integratieproces mag niet leiden tot meer segregatie in de gastscholen. De gastscholen mogen niet als instapschool voor de nieuwe leerlingen fungeren.

In de laatste fase worden de resultaten van de institutionele proefreorganisaties en de bijbehorende aanbevelingen en uitvoeringsrichtsnoeren opgenomen in een openbaar toegankelijk verslag. Op basis van het verslag en de kartering worden aanvullende klassen lager secundair onderwijs in ten minste 30 scholen effectief geïntegreerd in grotere gastscholen in naburige woonwijken.

De uitvoering van de investering moet uiterlijk op 30 september 2025 zijn voltooid.

C1.I2: Ondersteuning van het onderwijs aan studenten met speciale onderwijsbehoeften

Het doel van deze investering is de kwaliteit te verbeteren van gespecialiseerde diensten die worden verleend aan scholen waarin leerlingen met speciale onderwijsbehoeften, kinderen in langdurige zorg en kinderen die gespecialiseerde pedagogische diensten nodig hebben, worden geïntegreerd. De uitvoering van deze investering zal naar verwachting bijdragen tot de verbetering van de leerresultaten van studenten, het verminderen van het risico op schooluitval en het ondersteunen van studenten om te gedijen op volwassen leeftijd en te presteren op de arbeidsmarkt.

De investering is gericht op scholen met leerlingen met speciale onderwijsbehoeften, scholen in langdurige zorg en kinderen die voor zichzelf of voor hun ondersteuningsnetwerk gespecialiseerde pedagogische diensten nodig hebben, met inbegrip van ouders, leerkrachten en onderwijzend personeel. Op basis van de individuele ontwikkelingsplannen van de scholen wordt een overzicht opgesteld en gepubliceerd van de behoeften aan apparatuur, diensten en leerkrachten in het bijzonder. Op basis van deze inventarisatie moeten de investeringen voorzien in gespecialiseerde onderwijsdiensten, met inbegrip van steun voor vroege ontwikkeling, diagnoses van deskundigencomités, onderwijsadvies en loopbaanbegeleiding, lichamelijke opvoeding, spraaktherapie, geleidend onderwijs, kleuter- en schoolpsychologie en zorg voor kinderen met speciale behoeften. De steun omvat ook, naar gelang van de situatie van de betrokken scholen: I) verbeterde diensten voor zowel leerkrachten/personeel als leerlingen, met name verbeterde mobiliteitsondersteuning, huur van apparatuur, diensten voor schoolvervoer, opleiding, kennisdeling en programma’s voor maatschappelijke acceptatie, en ii) aankoop van apparatuur voor fysieke en ICT-toegankelijkheid, ontwikkelingsinstrumenten, speciale medische en technische uitrusting, algemene en aangepaste elektrische voertuigen voor het verlenen van diensten.

In hetkader van deze maatregel moet ten minste 50 % van de instellingen voor speciaal onderwijs (scholen met leerlingen met speciale onderwijsbehoeften, scholen in langdurige zorg en kinderen die gespecialiseerde pedagogische diensten nodig hebben) die in het schooljaar 2025/2026 functioneren, steun hebben gekregen voor het onderwijs aan leerlingen met speciale onderwijsbehoeften, leerlingen in langdurige zorg en kinderen die gespecialiseerde pedagogische diensten nodig hebben. Als gevolg daarvan moeten ten minste 45 000 leerlingen profiteren van een verbeterde kwaliteit van gespecialiseerde diensten. Bovendien moeten ten minste 5 000 leerkrachten in het bijzonder onderwijs een specifieke opleiding krijgen over competentieontwikkeling en professioneel gebruik van diagnostische procedures en instrumenten die nodig zijn voor het werken met studenten met speciale onderwijsbehoeften, studenten in langdurige zorg en kinderen die gespecialiseerde pedagogische diensten nodig hebben.  

De uitvoering van de investering moet uiterlijk op 30 september 2026 zijn voltooid.

C1.R2: Vermindering van het risico op segregatie in scholen

Het doel van de hervorming is gelijke toegang tot hoogwaardig schoolonderwijs te ondersteunen en segregatie op scholen te verminderen.

De maatregel bestaat uit de vaststelling van wetgeving voor de vermindering van de overheidssteun voor basisscholen en lagere middelbare scholen (rangen 1 tot en met 8) met een laag percentage kansarme leerlingen. Volgens de nieuwe wetgeving wordt de staatssteun voor basisscholen en lagere middelbare scholen (zowel staatsscholen als niet-overheidsscholen die door de overheid worden gefinancierd) die actief zijn in meerschoolse nederzettingen, met 10 % verminderd indien het aandeel kansarme leerlingen in die scholen meer dan i) 20 procentpunten aan het begin van de schooljaren 2023/2024 en 2024/2025 en ii) 15 procentpunten aan het begin van het schooljaar 2025/2026 en de daaropvolgende jaren lager is dan het gemiddelde percentage in de vestiging waar de school is gevestigd. De wettelijke bepalingen worden toegepast vanaf het schooljaar 2023/2024 en de verlaging van de overheidssteun geldt voor een volledig kalenderjaar.

Er wordt een verslag gepubliceerd waaruit blijkt dat de nieuwe wetgeving die voorziet in de vermindering van de overheidssteun voor basisscholen en lagere middelbare scholen met een laag percentage kansarme leerlingen, is toegepast. In het verslag wordt een overzicht gegeven van de eerste resultaten van de uitvoering in de betrokken scholen in de schooljaren 2023/2024 en 2024/2025 en het begin van het schooljaar 2025/2026, alsook van het effect op de verdeling van kansarme leerlingen in de nederzettingen waar deze scholen gevestigd zijn (met inbegrip van de omliggende woongebieden). Het verslag kan aanbevelingen bevatten om het rechtskader te verbeteren en de doeltreffendheid ervan te vergroten bij het verminderen van het risico op segregatie in basisscholen en lagere middelbare scholen.

De uitvoering van de hervorming wordt uiterlijk op 31 december 2025 voltooid.

C1.R3: Verbetering van de aantrekkelijkheid van het beroep van leraar

Het doel van de hervorming is het beroep van leraar aantrekkelijker te maken en het tekort aan leerkrachten te verminderen en zo bij te dragen tot hoogwaardig schoolonderwijs voor iedereen.

De maatregel bestaat uit de vaststelling van wetgeving op grond waarvan het gemiddelde loon van leerkrachten in het openbaar onderwijs met een tertiaire opleiding (met uitzondering van leerkrachten in het beroepsonderwijs) geleidelijk ten minste 80 % van het gemiddelde loon van afgestudeerden in het tertiair onderwijs in 2025 bedraagt en ten minste tot 31 december 2030 op ten minste 80 % van het gemiddelde loon van afgestudeerden in het tertiair onderwijs wordt gehandhaafd.

De nieuwe wetgeving bevat ook bepalingen op grond waarvan het loon van leerkrachten die werkzaam zijn in scholen met een percentage kansarme leerlingen van ten minste 10 % (en de vaststelling van speciale pedagogische methoden voor inclusief onderwijs in hun pedagogische programma’s) of in kansarme nederzettingen met ten minste 12,5 % hoger is dan het loon van andere leerkrachten met dezelfde kwalificatie en ervaring, met ingang van 1 januari 2023 en ten minste tot en met 31 december 2030. Bovendien moet de loonsverhoging in 2025 voor beginnende leerkrachten 10 procentpunten hoger liggen dan de gemiddelde loonstijging voor alle leerkrachten in het openbare onderwijsstelsel in dat jaar, terwijl hun jaarlijkse loonsverhogingen ten minste gelijk moeten zijn aan de gemiddelde jaarlijkse loonsverhoging voor alle leerkrachten in het openbaar onderwijs tussen 1 januari 2023 en 31 december 2030.

De ontwerpwetgeving waarin de bovengenoemde aanpak voor het verhogen van de lonen van leerkrachten is vastgelegd, moet worden onderworpen aan een zinvolle sociale dialoog met de grootste vakbonden van de leerkrachten.

De financiering voor de uitvoering van de hervorming wordt uitsluitend verstrekt uit de nationale begroting en de EU-fondsen (ESF +). In het herstel- en veerkrachtplan zijn geen kosten in verband met deze maatregel opgenomen.

De uitvoering van de hervorming wordt uiterlijk op 30 juni 2026 voltooid.

C1.I3: Opleiding van leerkrachten en verbetering van de managementvaardigheden van hoofden van instellingen

Het doel van de maatregel is tweeledig: het aanbod van leerkrachten in vakken waar een grote vraag naar is, te vergroten en de managementvaardigheden van hoofden en adjunct-hoofden van openbare onderwijsinstellingen te verbeteren.

In het kader van deze maatregel moeten 5 000 leerkrachten in het lager en hoger middelbaar onderwijs een opleiding krijgen om aanvullende specialisatie en certificaten te verwerven voor het onderwijzen van studierichtingen waar veel vraag naar is (met name natuurkunde, chemie, wiskunde en digitaal onderwijs). De opleidingen worden georganiseerd in de vorm van cursussen hoger onderwijs van twee en vier semester. Daarnaast krijgen ongeveer 3 000 hoofden en adjunct-hoofden van openbare onderwijsinstellingen een gespecialiseerde opleiding in het beheer van onderwijsinstellingen. De leerkrachten en hun werkgevers sluiten een opleidingscontract.

De uitvoering van de investering moet uiterlijk op 30 juni 2026 zijn voltooid.

C1.I4: Creëren van nieuwe crèche

Doel van de investering is de beschikbaarheid van diensten voor voor- en vroegschoolse educatie te vergroten door nieuwe crèche te creëren. Deze maatregel zal naar verwachting bijdragen tot een hogere arbeidsparticipatie van ouders, met name vrouwen, en aldus bijdragen tot gendergelijkheid en sociale inclusie. De maatregel wordt geschraagd door een recent onderzoek waaruit een vraag naar 12 000 crèche blijkt, naast de bestaande en de momenteel in voorbereiding zijnde plaatsen.

In hetkader van deze maatregel moeten ten minste 3 593 nieuwe kinderdagverblijven in heel Hongarije worden gecreëerd in geheel nieuwe gebouwen of door uitbreiding van bestaande gebouwen. De investering omvat ook aanvullende uitrusting en infrastructuur zoals klasapparatuur, meubilair, speeltuinen en fietsparkeren. Bij de bouw van nieuwe gebouwen moet de vraag naar primaire energie ten minste 20 % lager zijn dan de eis van bijna-energieneutrale gebouwen. Als gevolg van de investering moeten ten minste 3 593 kinderen op de nieuwe plaatsen worden ingeschreven.

De uitvoering van de investering moet uiterlijk op 31 december 2025 zijn voltooid. 

C1.R4: Verbetering van de houdbaarheid van het pensioenstelsel

Het doel van de hervorming is de budgettaire houdbaarheid van het Hongaarse pensioenstelsel op middellange en lange termijn te bevorderen en bij te dragen tot de verlenging van het beroepsleven, en tegelijkertijd de toereikendheid van de pensioenen die aan gepensioneerden met een lager inkomen worden betaald, te versterken. Voor zover nodig worden bij de hervorming automatische balanceringsmechanismen in het pensioenstelsel en andere parameterwijzigingen ingevoerd.

De hervorming bestaat uit:

a.De publicatie van een verslag van een onafhankelijke internationale deskundige over beleidsopties om de uitdagingen op het gebied van de houdbaarheid op lange termijn van het Hongaarse pensioenstelsel aan te pakken. Het verslag bevat een diagnose van het pensioenstelsel en de financiële houdbaarheid ervan, en bevat concrete beleidsvoorstellen om de budgettaire houdbaarheid van het pensioenstelsel op middellange en lange termijn te waarborgen door middel van passende maatregelen aan de ontvangstenzijde en automatische balanceringsmechanismen, en door de stijging van de verwachte pensioenuitgaven als percentage van het bbp tegen 2070 ten opzichte van de meest recente prognoses van het vergrijzingsverslag te beperken, met behoud van de toereikendheid, met name door de inkomensongelijkheid aan te pakken. 

b.De voorbereiding door de regering van een beleidsvoorstel tot wijziging van het pensioenstelsel. In het kader van de voorbereiding wordt het beleidsvoorstel geraadpleegd met de sociale en economische partners en andere relevante belanghebbenden, gepresenteerd en besproken in de werkgroep vergrijzing van het Comité voor de economische politiek, en ter openbare raadpleging voorgelegd.

c.De voorbereiding door de regering van een wetgevingsvoorstel tot wijziging van het pensioenstelsel, vergezeld van een gedetailleerde effectbeoordeling. Uit de effectbeoordeling blijkt hoe het wetgevingsvoorstel de houdbaarheid van het pensioenstelsel op lange termijn waarborgt door middel van passende maatregelen en mogelijke automatische balanceringsmechanismen, en door de stijging van de verwachte pensioenuitgaven als percentage van het bbp tegen 2070 ten opzichte van de meest recente prognoses van het vergrijzingsverslag te beperken. De effectbeoordeling is gebaseerd op de gemeenschappelijke aannames inzake macro-economische en demografische prognoses van het meest recente vergrijzingsverslag.

d.De inwerkingtreding van de wetgeving tot wijziging van het pensioenstelsel op basis van het wetgevingsvoorstel van de regering.

De uitvoering van de hervorming wordt uiterlijk op 31 maart 2025 voltooid.

A.2.    Mijlpalen, streefdoelen, indicatoren en tijdschema voor de monitoring en uitvoering van niet-terugvorderbare financiële steun

Volgnummer

Gerelateerde maatregel (hervorming of investering)

Mijlpaal/Doelstelling

Naam

Kwalitatieve indicatoren
(voor mijlpalen)

Kwantitatieve indicatoren
(voor streefcijfers)

Indicatief tijdschema voor de voltooiing

Beschrijving van elke mijlpaal en doelstelling

Meeteenheid

Uitgangssituatie

Doel

Kwartaal

Jaar

1

C1.R1 Ontwikkeling van concurrerend openbaar onderwijs met gebruikmaking van technologie van de 21e eeuw

Streefwaarde

Aantal digitale notebooks voor leerling of leraar

Aantal

0

120 000

KWARTAAL 2

2022

Er moeten ten minste 120 000 digitale notebooks (standaard- en 2-in-1-types) worden gekocht en geleverd in schoolonderwijsinstellingen, voor gebruik door leerlingen in negen rangen (voor leerdoeleinden), voor leerkrachten (voor onderwijsdoeleinden), voor scholen voor de ontwikkeling van hun IT-klaslokalen en voor het Klebersberg Központ. De notebooks worden geleverd in de loop van het schooljaar 2021/2022. De leerlingen moeten de notebooks kunnen bewaren tot zij hun schoolonderwijs hebben afgerond en deze daarna aan de nieuwe cohorten kunnen overhandigen. Het percentage leerlingen dat een persoonlijk ICT-apparaat ontvangt, bedraagt ten minste 90 % onder kansarme leerlingen. Het percentage leerkrachten dat een persoonlijk ICT-apparaat ontvangt, bedraagt ten minste 90 % van de leerkrachten die een aanvraag indienen voor een apparaat op scholen met een bovengemiddeld aandeel kansarme leerlingen en onder leerkrachten die een aanvraag hebben ingediend voor een apparaat dat in de drie schooljaren voorafgaand aan het schooljaar 2021/2022 geen persoonlijk ICT-apparaat heeft ontvangen.

2

C1.R1 Ontwikkeling van concurrerend openbaar onderwijs met gebruikmaking van technologie van de 21e eeuw

Mijlpaal

Ontwikkeling van een inkomensteststrategie voor de toewijzing van digitale notebooks aan leerlingen

Publicatie van de strategie

KWARTAAL 4

2022

Er wordt een inkomensteststrategie ontwikkeld en gepubliceerd voor de toewijzing van digitale notebooks aan leerlingen. In de strategie wordt onder meer gespecificeerd dat leerlingen met een kansarme achtergrond en zonder digitaal notebook de hoogste prioriteit hebben om een dergelijk apparaat te ontvangen.

3

C1.R1 Ontwikkeling van concurrerend openbaar onderwijs met gebruikmaking van technologie van de 21e eeuw

Streefwaarde

Percentage leerkrachten dat gebruik maakt van informatie- en communicatietechnologieën in ten minste 40 % van hun lessen

%

33

35

KWARTAAL 4

2023

Het aandeel leerkrachten in het openbaar onderwijs die in ten minste 40 % van hun lessen gebruikmaken van informatie- en communicatietechnologieën, moet uiterlijk op 31 december 2023 zijn gestegen tot ten minste 35 %. De basisgegevens hebben betrekking op 2019 (bron: KIR-STAT).

4

C1.R1 Ontwikkeling van concurrerend openbaar onderwijs met gebruikmaking van technologie van de 21e eeuw

Streefwaarde

Aantal schoolonderwijsinstellingen dat is uitgerust met moderne weergavetools en -instrumenten die de creativiteit en probleemoplossende vaardigheden van leerlingen ontwikkelen

Aantal

0

3 100

KWARTAAL 4

2024

Ten minste 3 100 schoolonderwijsinstellingen worden uitgerust met moderne weergavetools (interactief panel) en apparaten die de creativiteit en probleemoplossende vaardigheden van leerlingen verbeteren, zoals programmeerbare robots, programmeerbare microschakelingen en drones. Voorrang wordt gegeven aan het uitrusten van scholen met een groot aandeel kansarme leerlingen.

5

C1.R1 Ontwikkeling van concurrerend openbaar onderwijs met gebruikmaking van technologie van de 21e eeuw

Streefwaarde

Aantal extra digitale notebooks voor leerling of leraar

Aantal

120 000

579 000

KWARTAAL 2

2025

Rekening houdend met de in stap 2 bedoelde inkomensteststrategie worden aanvullende digitale notebooks (standaard- en 2-in-1-types) aangekocht en geleverd in openbare onderwijsinstellingen, voor gebruik door leerlingen in de klassen vijf (zes in het schooljaar 2022/2023) en negen, voor gebruik door leerkrachten en voor scholen voor de ontwikkeling van hun IT-klaslokalen in de schooljaren 2022/2023, 2023/2024 en 2024/2025 als onderdeel van het vierjarenprogramma. In totaal moeten aan het einde van het vierjarenprogramma (schooljaar 2024/2025) in het kader van deze maatregel ten minste 579 000 digitale notebooks worden gekocht en geleverd, waarvan ten minste 55 000 voor leerkrachten en ten minste 10 000 voor scholen om hun IT-klaslokalen te ontwikkelen. De leerlingen moeten de notebooks kunnen bewaren tot zij hun schoolonderwijs hebben afgerond en deze daarna aan de nieuwe cohorten kunnen overhandigen.

6

C1.R1 Ontwikkeling van concurrerend openbaar onderwijs met gebruikmaking van technologie van de 21e eeuw

Streefwaarde

Percentage leerkrachten dat gebruik maakt van informatie- en communicatietechnologieën in ten minste 40 % van hun lessen

%

35

45

KWARTAAL 2

2026

Het aandeel leerkrachten in het openbaar onderwijs die in ten minste 40 % van hun lessen gebruikmaken van informatie- en communicatietechnologieën, moet uiterlijk op 30 juni 2026 zijn gestegen tot ten minste 45 %.

Er wordt een verslag gepubliceerd waarin het gebruik van digitale oplossingen in scholen door leerkrachten en leerlingen wordt beoordeeld. In het verslag wordt onder meer gebruikgemaakt van gegevens van KIR-STAT over het aandeel leerkrachten in het openbaar onderwijs, die in hun klassen gebruikmaken van informatie- en communicatietechnologieën, en van de gegevens van de TALIS-enquête van de OESO.

7

C1.I1 Verbetering van de toegang tot kwaliteitsonderwijs in lagere middelbare scholen

Mijlpaal

Inventarisatie van het schoolnetwerk met het oog op de selectie van scholen voor de integratie van kleine lagere middelbare klassen in grotere scholen in de naburige nederzettingen

Publicatie van de kartering

KWARTAAL 2

2023

Het schoolnetwerk wordt op nationaal niveau in kaart gebracht met het oog op de identificatie en selectie van scholen voor de integratie van kleine lagere middelbare klassen in grotere scholen in de naburige nederzettingen. Het in kaart brengen wordt gebaseerd op bewijs en een diagnose van de behoeften en wordt uitgevoerd in overleg met belanghebbenden (met name leerlingen en hun ouders, leerkrachten, schoolpersoneel, gemeenschappen en lokale overheden) om in het kader van een proeffase ten minste 5-10 staatsscholen voor lager secundair onderwijs te selecteren die in grotere gastscholen moeten worden geïntegreerd. Bij het in kaart brengen wordt gekeken naar het effect van de integratie van scholen op de samenstelling van leerlingen, het risico op segregatie, het aantal leerkrachten en personeelsleden, de prestaties van de school, leerresultaten, afsluitende cijfers, het aandeel leerlingen met een hoog risico op voortijdig schoolverlaten), de locatie van scholen, schoolprofielen en verwachte toekomstige behoeften met betrekking tot demografische ontwikkeling. Wat de gastscholen betreft, wordt onder meer rekening gehouden met de fysieke eigenschappen en de infrastructuur van het gebouw.

De kartering wordt openbaar gemaakt.

8

C1.I1 Verbetering van de toegang tot kwaliteitsonderwijs in lagere middelbare scholen

Streefwaarde

Uitvoering van proefprojecten voor institutionele reorganisaties voor de integratie van kleine lagere middelbare klassen in grotere scholen in de naburige nederzettingen

Aantal

0

5

KWARTAAL 3

2023

In het kader van een proeffase moeten de lagere middelbare klassen in ten minste 5 door de staat beheerde scholen effectief worden geïntegreerd in grotere gastscholen in naburige woonwijken. De geselecteerde gastschool integreert lagere middelbare klassen van kleine scholen waar kwaliteitsonderwijs niet efficiënt kan worden gewaarborgd. Het aantal leerkrachten en personeelsleden moet in de gastscholen toereikend zijn om de nieuwe leerlingen op te vangen en de leerkrachten en het personeel krijgen een opleiding in inclusieve pedagogie. Er moet adequaat worden voorzien in de behoeften op het gebied van woon-werkverkeer en huisvesting in verband met de maatregel. Het integratieproces mag niet leiden tot meer segregatie in de gastscholen. De gastscholen mogen niet als instapschool voor de nieuwe leerlingen fungeren. 

9

C1.I1 Verbetering van de toegang tot kwaliteitsonderwijs in lagere middelbare scholen

Streefwaarde

Uitvoering van aanvullende institutionele reorganisaties voor de integratie van kleine lagere middelbare klassen in grotere scholen in de naburige nederzettingen

Aantal

5

35

KWARTAAL 3

2025

De resultaten van de institutionele proefreorganisaties en de bijbehorende aanbevelingen en uitvoeringsrichtsnoeren worden opgenomen in een openbaar toegankelijk verslag. Op basis van het verslag en de in stap 7 bedoelde kartering worden aanvullende klassen lager secundair onderwijs in ten minste 30 scholen effectief geïntegreerd in grotere gastscholen in naburige nederzettingen. De geselecteerde gastscholen integreren lagere middelbare klassen van kleine scholen waar kwaliteitsonderwijs niet efficiënt kan worden gewaarborgd. Het aantal leerkrachten en personeelsleden moet in de gastscholen toereikend zijn om de nieuwe leerlingen op te vangen en de leerkrachten en het personeel krijgen een opleiding in inclusieve pedagogie. Er moet adequaat worden voorzien in de behoeften op het gebied van woon-werkverkeer en huisvesting in verband met de maatregel. Het integratieproces mag niet leiden tot meer segregatie in de gastscholen. De gastscholen mogen niet als instapschool voor de nieuwe leerlingen fungeren. 

10

C1.I2 Ondersteuning van het onderwijs aan studenten met speciale onderwijsbehoeften

Mijlpaal

Inventarisatie van de onderwijsbehoeften van leerlingen met speciale onderwijsbehoeften

Publicatie van de inventarisatie door het voor openbaar onderwijs bevoegde ministerie

0

KWARTAAL 2

2023

Op basis van de individuele ontwikkelingsplannen van de scholen wordt een overzicht opgesteld en gepubliceerd van de behoeften aan apparatuur, diensten en leerkrachten in het bijzonder.

11

C1.I2 Ondersteuning van het onderwijs aan studenten met speciale onderwijsbehoeften

Streefwaarde

Percentage instellingen voor speciaal onderwijs dat steun heeft ontvangen voor het onderwijs van leerlingen met speciale onderwijsbehoeften

%

0

50

KWARTAAL 2

2026

Ten minste 50 % van de instellingen voor bijzonder onderwijs die in de loop van het schooljaar 2025/2026 functioneren, ontvangen steun voor het onderwijs aan leerlingen met speciale onderwijsbehoeften. De steun wordt verleend aan leerlingen met bijzondere behoeften of voor hun ondersteuningsnetwerk, met inbegrip van ouders, leerkrachten en onderwijzend onderwijzend personeel, en omvat, naargelang van de situatie, het volgende: I) verbeterde diensten voor zowel leerkrachten/personeel als leerlingen, met name verbeterde mobiliteitsondersteuning, huur van apparatuur, diensten voor schoolvervoer, opleiding, kennisdeling en sociale acceptatie, ii) aankoop van apparatuur voor fysieke en ICT-toegankelijkheid, ontwikkelingsinstrumenten, speciale medische en technische uitrusting, algemene en aangepaste elektrische voertuigen voor het verlenen van diensten.

12

C1.I2 Ondersteuning van het onderwijs aan leerlingen met speciale onderwijsbehoeften

Streefwaarde

Aantal leerlingen met speciale onderwijsbehoeften die gebruik hebben gemaakt van verbeterde diensten

Aantal

0

45 000

KWARTAAL 3

2026

Ten minste 45 000 leerlingen met speciale onderwijsbehoeften (SEN) moeten profiteren van de verbeterde diensten als bedoeld in doelstelling 11.

13

C1.I2 Ondersteuning van het onderwijs aan leerlingen met speciale onderwijsbehoeften

Streefwaarde

Aantal leerkrachten in het bijzonder onderwijs dat een beroepsopleiding heeft gevolgd

Aantal

0

5 000

KWARTAAL 3

2026

Ten minste 5 000 leerkrachten in het bijzonder onderwijs moeten een speciale opleiding krijgen (competentieontwikkeling, diagnoseprocedures en gebruik van speciale instrumenten) en professionele ontwikkeling, waaronder met name opleiding voor het verwerven van bijzondere pedagogische vaardigheden ter ondersteuning van SEN-leerlingen.

14

C1.R2 Vermindering van het risico op segregatie in scholen

Mijlpaal

Inwerkingtreding van wetgeving die voorziet in de vermindering van overheidssteun voor basisscholen en lagere middelbare scholen met een laag percentage kansarme leerlingen

Bepalingen in de wetgeving die de inwerkingtreding ervan aangeven

KWARTAAL 1

2023

Inwerkingtreding van wetgeving voor de vermindering van overheidssteun voor basisscholen en lagere middelbare scholen (rangen 1 tot en met 8) met een laag percentage kansarme leerlingen.

De wetgeving bevat bepalingen op grond waarvan de overheidssteun voor basisscholen en lagere middelbare scholen (zowel staatsscholen als niet-overheidsscholen die overheidsfinanciering ontvangen) die actief zijn in meerschoolse nederzettingen (dat wil zeggen woongebieden met meer dan één school of meer dan één schoolgebouw) met 10 % wordt verminderd indien het aandeel kansarme leerlingen in die scholen:

I.meer dan 20 procentpunten lager dan het gemiddelde aandeel in de nederzetting (op LAU-niveau) waar de school is gevestigd, zoals bepaald aan het begin van de schooljaren 2023/2024 en 2024/2025;

II.meer dan 15 procentpunten lager dan het gemiddelde aandeel in de nederzetting (op LAU-niveau) waar de school is gevestigd, zoals bepaald aan het begin van het schooljaar 2025/2026 en de daaropvolgende schooljaren.

De wettelijke bepalingen zijn van toepassing vanaf het schooljaar 2023/2024. De toepasselijkheid van de bepalingen op individuele scholen wordt aan het begin van elk schooljaar en uiterlijk op 15 oktober bepaald. De verlaging van de staatssteun met 10 % geldt met ingang van 1 januari tijdens dat schooljaar en voor het gehele kalenderjaar.

15

C1.R2 Vermindering van het risico op segregatie in scholen

Mijlpaal

Verslag over de toepassing van de nieuwe wetgeving die voorziet in de vermindering van de overheidssteun voor basisscholen en lagere middelbare scholen met een laag percentage kansarme leerlingen

Publicatie van het verslag door het voor openbaar onderwijs bevoegde ministerie

KWARTAAL 4

2025

Er wordt een verslag gepubliceerd waaruit blijkt dat de nieuwe wetgeving die voorziet in de vermindering van de overheidssteun voor de lagere en lagere middelbare scholen (rangen 1 tot en met 8) met een laag percentage kansarme leerlingen, is toegepast.

In het verslag wordt een overzicht gegeven van de eerste resultaten van de uitvoering in de betrokken scholen in de schooljaren 2023/2024 en 2024/2025 en het begin van het schooljaar 2025/2026, alsook van het effect op de verdeling van kansarme leerlingen in de nederzettingen waar deze scholen gevestigd zijn (met inbegrip van de omliggende woongebieden). Het verslag kan aanbevelingen bevatten om het rechtskader te verbeteren en de doeltreffendheid ervan te vergroten bij het verminderen van het risico op segregatie in basisscholen en lagere middelbare scholen.

16

C1.R3 De aantrekkelijkheid van het beroep van leraar verbeteren

Mijlpaal

Inwerkingtreding van wetgeving om de lonen van leerkrachten in het openbaar onderwijs te verhogen tot ten minste 80 % van het gemiddelde loon van afgestudeerden in het tertiair onderwijs

Bepalingen in de wetgeving die de inwerkingtreding ervan aangeven

KWARTAAL 1

2023

Er treedt een wet in werking waarin wordt bepaald dat het gemiddelde loon van leerkrachten in het openbaar onderwijs (alle leerkrachten in het openbaar onderwijs met een tertiaire graad als omschreven in de Wet op het openbaar onderwijs, met uitzondering van beroepsonderwijs) uiterlijk op 1 januari 2025 ten minste 80 % van het gemiddelde loon van afgestudeerden in het tertiair onderwijs bedraagt en tot ten minste 31 december 2030 wordt gehandhaafd op ten minste 80 % van het gemiddelde loon van afgestudeerden in het tertiair onderwijs.

De wet bevat tevens bepalingen volgens welke vanaf 1 januari 2023 en tot ten minste 31 december 2030 het salaris van leerkrachten van de hierna genoemde categorieën ten minste 12,5 % hoger is van het salaris van leerkrachten met dezelfde kwalificatie en ervaring die niet tot deze categorieën behoren:

-leerkrachten die werkzaam zijn in achtergestelde nederzettingen zoals gedefinieerd in Regeringsbesluit 105/2015 betreffende de classificatie van begunstigde lokale overheden en de classificatievoorwaarden en regeringsbesluit 1057/2021. (II. 19.) over het inhaalprogramma;

-leerkrachten die werkzaam zijn op scholen met een percentage kansarme leerlingen van ten minste 10 % en speciale pedagogische methoden voor inclusief onderwijs definiëren in hun pedagogische programma’s (bron: KIR).

De wet bevat ook bepalingen volgens welke de jaarlijkse loonsverhogingen voor beginnende leerkrachten (gyakornok) met ingang van 1 januari 2023 en ten minste tot en met 31 december 2030 ten minste gelijk zijn aan de gemiddelde jaarlijkse loonsverhoging voor alle leerkrachten in het openbaar onderwijs. De jaarlijkse verhogingen zijn met terugwerkende kracht van toepassing vanaf 1 januari van het desbetreffende jaar.

Tijdens de voorbereiding van het wetsontwerp wordt een zinvolle sociale dialoog gevoerd met de grootste vakbonden van de leerkrachten.

17

C1.R3 De aantrekkelijkheid van het beroep van leraar verbeteren

Streefwaarde

Gemiddeld loon van leerkrachten in het openbaar onderwijs in 2023 in verhouding tot het gemiddelde loon van afgestudeerden in het tertiair onderwijs

%

59

64.7

KWARTAAL 2

2023

Het gemiddelde loon van leerkrachten in het openbaar onderwijs (alle leerkrachten met een tertiaire graad in het openbaar onderwijsstelsel zoals gedefinieerd in de Wet op het openbaar onderwijs, met uitzondering van beroepsonderwijs) moet ten minste 64,7 % van het gemiddelde loon van afgestudeerden in het tertiair onderwijs bereiken, tegenover 59 % in 2022.

De stijging van het gemiddelde loon van leerkrachten voor het jaar 2023 wordt bepaald op basis van de resultaten van de gemiddelde salarissen van afgestudeerden in het tertiair onderwijs in 2022 (zoals gepubliceerd door het Hongaarse bureau voor de statistiek) en de officiële prognoses van het ministerie van Financiën voor de loongroei in de nationale economie voor het jaar 2023. De daaruit voortvloeiende loonsverhoging voor leerkrachten is met terugwerkende kracht van toepassing vanaf 1 januari 2023.

18

C1.R3 De aantrekkelijkheid van het beroep van leraar verbeteren

Streefwaarde

Gemiddeld loon van leerkrachten in het openbaar onderwijs in 2024 in verhouding tot het gemiddelde loon van afgestudeerden in het tertiair onderwijs

%

64.7

71.8

KWARTAAL 2

2024

Het gemiddelde loon van leerkrachten in het openbaar onderwijs (alle leerkrachten met een tertiaire graad in het openbaar onderwijsstelsel als omschreven in de Wet op het openbaar onderwijs, met uitzondering van beroepsonderwijs) moet ten minste 71,8 % bedragen van het gemiddelde loon van afgestudeerden in het tertiair onderwijs, in vergelijking met ten minste 64,7 % in 2023.

De stijging van het gemiddelde loon van leerkrachten voor het jaar 2024 wordt bepaald op basis van de resultaten van de gemiddelde salarissen van afgestudeerden in het tertiair onderwijs in 2023 (zoals gepubliceerd door het Hongaarse bureau voor de statistiek) en de officiële prognoses van het ministerie van Financiën voor de loongroei in de nationale economie voor het jaar 2024. De daaruit voortvloeiende loonsverhoging voor leerkrachten is met terugwerkende kracht van toepassing vanaf 1 januari 2024.

19

C1.R3 De aantrekkelijkheid van het beroep van leraar verbeteren

Streefwaarde

Gemiddeld loon van leerkrachten in het openbaar onderwijs in 2025 in verhouding tot het gemiddelde loon van afgestudeerden in het tertiair onderwijs

%

71.8

80

KWARTAAL 2

2025

Het gemiddelde loon van leerkrachten in het openbaar onderwijs (alle leerkrachten met een tertiaire graad in het openbaar onderwijsstelsel als omschreven in de Wet op het openbaar onderwijs, met uitzondering van beroepsonderwijs) moet ten minste 80 % bedragen van het gemiddelde loon van afgestudeerden in het tertiair onderwijs, in vergelijking met ten minste 71,8 % in 2024.

De stijging van het gemiddelde loon van leerkrachten voor het jaar 2025 wordt bepaald op basis van de resultaten van de gemiddelde salarissen van afgestudeerden in het tertiair onderwijs in 2024 (zoals gepubliceerd door het Hongaarse bureau voor de statistiek) en de officiële prognoses van het ministerie van Financiën voor de loongroei in de nationale economie voor het jaar 2025. De daaruit voortvloeiende loonsverhoging voor leerkrachten is met terugwerkende kracht van toepassing vanaf 1 januari 2025.

20

C1.R3 De aantrekkelijkheid van het beroep van leraar verbeteren

Mijlpaal

Inwerkingtreding van wetgeving tot vaststelling van de loonsverhoging voor beginnende leerkrachten voor het jaar 2025

Bepalingen in de wetgeving die de inwerkingtreding ervan aangeven

KWARTAAL 2

2025

Er treedt wetgeving in werking waarin wordt bepaald dat de loonsverhoging voor beginnende leerkrachten(gyakornok) voor het jaar 2025 10 procentpunten hoger moet zijn dan de gemiddelde loonsverhoging voor alle leerkrachten in het openbaar onderwijs in 2025.

21

C1.R3 De aantrekkelijkheid van het beroep van leraar verbeteren

Mijlpaal

Toepassing van de loonsverhogingen voor leerkrachten die in kansarme nederzettingen werken, leerkrachten die werken op scholen met een percentage kansarme leerlingen van ten minste 10 %, en beginnende leerkrachten

Verslag over de toepassing van de loonsverhogingen

KWARTAAL 2

2026

Er wordt een verslag opgesteld waaruit de toepassing in de periode 2023-2026 van de in de mijlpalen 16 en 20 bedoelde loonsverhogingen blijkt voor leerkrachten die in kansarme nederzettingen werken, leerkrachten die werken op scholen met een percentage kansarme leerlingen van ten minste 10 % en speciale pedagogische methoden voor inclusief onderwijs in hun pedagogische programma’s, en voor beginnende leerkrachten.

22

C1.I3 Opleiding van leerkrachten en verbetering van de managementvaardigheden van hoofden van instellingen

Streefwaarde

Aantal hoofden en adjunct-hoofden van openbare onderwijsinstellingen dat heeft deelgenomen aan permanente professionele ontwikkeling

Aantal

0

3 000

KWARTAAL 2

2026

Ten minste 3 000 hoofden en adjunct-hoofden van openbare onderwijsinstellingen nemen deel aan permanente professionele ontwikkeling om hun digitale en managementvaardigheden te verbeteren.

23

C1.I3 Opleiding van leerkrachten en verbetering van de managementvaardigheden van hoofden van instellingen

Streefwaarde

Aantal leerkrachten van openbare onderwijsinstellingen dat heeft deelgenomen aan permanente professionele ontwikkeling

Aantal

0

5 000

KWARTAAL 2

2026

Op basis van de voorafgaande raadpleging van leerkrachten via de bestaande organisaties voor de coördinatie van het openbaar onderwijs (nationale raad voor openbaar onderwijs, strategische rondetafel voor openbaar onderwijs), nemen ten minste 5 000 leerkrachten in lagere en hogere middelbare scholen deel aan de voortgezette professionele ontwikkeling om aanvullende specialisatie en certificaat te verkrijgen voor het onderwijzen van studierichtingen waar veel vraag naar is. 

24

C1.I4 Oprichting van nieuwe crèche

Streefwaarde

Aantal kinderen dat is ingeschreven op nieuw gecreëerde crèche

Aantal

0

500

KWARTAAL 4

2024

Ten minste 500 kinderen worden ingeschreven in nieuwe crèches die met steun van het plan voor herstel en veerkracht worden gecreëerd.

25

C1.I4 Oprichting van nieuwe crèche

Streefwaarde

Aantal extra kinderen ingeschreven op nieuw gecreëerde crèche

Aantal

500

3 593

KWARTAAL 4

2025

Ten minste 3 593 kinderen worden ingeschreven in nieuwe crèches die met steun van het plan voor herstel en veerkracht worden gecreëerd. In het kader van de maatregel wordt ten minste 70 % van de toewijzing toegewezen aan de bouw van nieuwe gebouwen en ten minste 11 % aan de renovatie van infrastructuur op het gebied van energie-efficiëntie. In de subsidiabiliteitscriteria wordt gespecificeerd dat de primaire energievraag van nieuwe gebouwen ten minste 20 % lager moet zijn dan de eis inzake bijna-energieneutrale gebouwen.

26

C1.R4 Verbetering van de houdbaarheid van het pensioenstelsel

Mijlpaal

Verslag van onafhankelijke internationale deskundigen over beleidsopties voor de houdbaarheid op lange termijn van het Hongaarse pensioenstelsel

Publicatie van het verslag

KWARTAAL 4

2023

Een onafhankelijk internationaal deskundigenverslag over beleidsopties voor het aanpakken van uitdagingen op het gebied van duurzaamheid op lange termijn wordt opgesteld door een onafhankelijke aanbieder met algemeen erkende expertise (op basis van gemeenschappelijke aannames en prognoses van het meest recente gezamenlijke vergrijzingsverslag van de Europese Commissie en het EPC). Het verslag:

(1) de openbare pensioenpijler van het pensioenstelsel, de arbeidsmarkt en, voor zover nodig, het werkgelegenheids- en belastingbeleid dat relevant is voor de verlenging van het beroepsleven. Het heeft betrekking op zowel de nieuwkomers als de bestaande contribuanten;

(2) een diagnose te stellen van het pensioenstelsel en de financiële houdbaarheid ervan;

(3) concrete beleidsvoorstellen indienen (gericht op, maar niet beperkt tot, het verlengen van het beroepsleven, onder meer door de wettelijke pensioenleeftijd te koppelen aan de levensverwachting en door de effectieve pensioenleeftijd te verhogen door middel van stimulansen om een langer beroepsleven aan te moedigen en sancties voor vervroegde uittreding, waarbij ook de inkomensongelijkheid tussen gepensioneerden wordt aangepakt (rekening houdend met de beste praktijken in de EU-lidstaten);

(4) de houdbaarheid van het pensioenstelsel op lange en middellange termijn te waarborgen door middel van passende maatregelen aan de ontvangstenzijde en automatische balanceringsmechanismen, en door de stijging van de verwachte pensioenuitgaven als percentage van het bbp tegen 2070 ten opzichte van de prognoses van het vergrijzingsverslag 2021 te beperken, met behoud van de toereikendheid, met name door de inkomensongelijkheid aan te pakken;

(5) geef een effectbeoordeling (duurzaamheid, ongelijkheid en adequaatheidsstandpunt) van die beleidsvoorstellen.

Het verslag wordt openbaar gemaakt.

27

C1.R4 Verbetering van de houdbaarheid van het pensioenstelsel

Mijlpaal

Voorbereiding van een beleidsvoorstel tot wijziging van het pensioenstelsel

Regeringsbeleidsvoorstel voor hervorming en overleg

KWARTAAL 2

2024

De regering stelt op basis van de bevindingen van het in mijlpaal 26 bedoelde verslag een beleidsvoorstel op waarin de voorgestelde hervormingsopties worden uiteengezet. Het beleidsvoorstel is:
(1) — bekrachtigd door de regering door middel van een regeringsbesluit;

(2) — raadpleging van sociale en economische partners en andere relevante belanghebbenden, met inbegrip van, maar niet beperkt tot, de Nationale Economische en Sociale Raad en de Raad van ouderen;

(3) — gepresenteerd en besproken in de werkgroep Vergrijzing van het EPC;

(4) — ingediend voor openbare raadpleging.

28

C1.R4 Verbetering van de houdbaarheid van het pensioenstelsel

Mijlpaal

Inwerkingtreding van de wetgeving tot wijziging van het pensioenstelsel

Bepalingen in de wetgeving die de inwerkingtreding ervan aangeven

KWARTAAL 1

2025

De wetgeving tot wijziging van het pensioenstelsel op basis van het wetgevingsvoorstel van de regering treedt in werking. De wetgeving:

a) de houdbaarheid van de begroting op middellange en lange termijn bevorderen;

b) de toereikendheid van de pensioenen die aan gepensioneerden met een lager inkomen worden betaald, te versterken;

(c) bijdragen tot de verlenging van het beroepsleven; en

(d) voor zover nodig automatische balanceringsmechanismen invoeren in het pensioenstelsel en andere parameterwijzigingen.

Het wetgevingsvoorstel van de regering voor een dergelijke handeling houdt rekening met de resultaten van het overleg en gaat vergezeld van een gedetailleerde effectbeoordeling.

Uit de effectbeoordeling moet blijken hoe — op basis van het wetgevingsvoorstel van de regering — de houdbaarheid van het pensioenstelsel op lange termijn wordt gewaarborgd door middel van passende maatregelen en mogelijke automatische balanceringsmechanismen, en door de stijging van de verwachte pensioenuitgaven als percentage van het bbp tegen 2070 ten opzichte van de meest recente prognoses van het vergrijzingsverslag te beperken. De effectbeoordeling is gebaseerd op de gemeenschappelijke aannames inzake macro-economische en demografische prognoses van het meest recente vergrijzingsverslag.

B. COMPONENT 2: HOOGGEKWALIFICEERDE, CONCURRERENDE WERKNEMERS

Dit onderdeel van het Hongaarse herstel- en veerkrachtplan draagt bij tot de modernisering van de stelsels voor beroepsonderwijs en hoger onderwijs. Het pakt de uitdagingen van de groene en digitale transitie aan door middel van energie-efficiëntierenovaties en oplossingen voor digitale apparatuur in gebouwen in instellingen voor hoger en beroepsonderwijs. De component pakt ook uitdagingen in verband met de ontwikkeling van vaardigheden en onderzoeks- en innovatieniveaus aan door onderzoeksprojecten tussen het bedrijfsleven en de academische wereld te stimuleren. De maatregelen in dit onderdeel zijn belangrijk voor het herstel van de economie en voor het vergroten van de toekomstige crisisveerkracht.

De centrale doelstelling van dit onderdeel is het versterken van de beroepsbevolking en de bijbehorende opleidingsinstellingen in het licht van de huidige en mogelijke nieuwe crises, en het verbeteren van de sociaal-economische omgeving van Hongarije. Daartoe is de component gericht op i) de totstandbrenging van een concurrerend hogeronderwijsstelsel; bijdragen tot het vergroten van de beschikbaarheid van geschoolde werknemers; en iii) een ecosysteem voor wetenschap, innovatie en opleiding ondersteunen.

De component ondersteunt de uitvoering van de landspecifieke aanbevelingen ter bevordering van investeringen en hervormingen op het gebied van onderzoek en innovatie, en groene en digitale vaardigheden (landspecifieke aanbeveling 5 in 2022); investeringen toespitsen op de groene en de digitale transitie en op de digitale infrastructuur van scholen (landspecifieke aanbeveling 2 in 2020); en op het toespitsen van het investeringsgerelateerd economisch beleid op onderzoek en innovatie (landspecifieke aanbeveling 3 in 2019).

Verwacht wordt dat geen enkele maatregel in deze component ernstig afbreuk doet aan milieudoelstellingen in de zin van artikel 17 van Verordening (EU) 2020/852, rekening houdend met de beschrijving van de maatregelen en de risicobeperkende stappen in het herstel- en veerkrachtplan overeenkomstig de technische richtsnoeren inzake het beginsel „geen ernstige afbreuk doen aan” (2021/C58/01).

B.1. Beschrijving van de hervormingen en investeringen voor niet-terugvorderbare financiële steun

C2.R1: Modernisering van het hoger onderwijs

Doel van de hervorming is het hoger onderwijs te moderniseren door meer praktijkgerichte elementen in de opleidingseisen op te nemen. De nadruk ligt op het opzetten van samenwerking op het gebied van opleiding en infrastructuur met instellingen voor beroepsopleiding en innovatie op bepaalde gebieden, en op het versterken van het systeem voor bij- en omscholing in het hoger onderwijs, in overeenstemming met de behoeften van de arbeidsmarkt.

In hetkader van de maatregel zullen verschillende verordeningen worden herzien en gewijzigd, onder meer inzake het beheer van intellectuele eigendom en de regels voor de werking van examencentra in de Wet op de beroepsopleiding, inzake de bepaling van de uitvoering van examentaken door de examencentra, inzake de nascholing van leraren in dienst en inzake digitale opleidingen (e-learning, afstandsonderwijs, gemengde opleidingen) die betrekking hebben op volwasseneneducatie en volwasseneneducatie. Bij de modernisering van de studiegebieden en de herziening van de wetgeving wordt rekening gehouden met de behoeften van de arbeidsmarkt in verband met groene en digitale vaardigheden. De hervorming moet leiden tot de modernisering van 15 studierichtingen in het hoger onderwijs, zoals recht en openbaar bestuur, economie, medische en gezondheidswetenschappen, landbouw, kunst en natuurwetenschappen. De hervorming is gebaseerd op een verslag waarin wordt aangegeven welke regelgeving voor de studierichtingen van het hoger onderwijs zou worden herzien. Dit verslag wordt gezamenlijk opgesteld door het Hongaarse accreditatiecomité, de Hongaarse conferentie van rectoren en de onderwijsautoriteit, waarbij in voorkomend geval de instellingen voor hoger onderwijs worden betrokken. De kenmerken van de gemoderniseerde opleidingsstructuur worden in het kader van de hervorming verspreid onder belanghebbenden en doelgroepen.

De uitvoering van de hervorming wordt uiterlijk op 31 december 2023 voltooid.

C2.I1: Institutionele innovatie en versterkte activiteiten in het hoger onderwijs

Het doel van de investering is de ontwikkeling van inhoud voor afstandsonderwijs, een systeem voor het beheer van opleidingen en cursussen voor volwassenen in instellingen voor hoger onderwijs die microcredentiële certificaten verstrekken. Een microcredential is een bewijs van de leerresultaten die een lerende heeft verworven na een korte leerervaring en die zijn beoordeeld aan de hand van transparante normen. Het bewijs is opgenomen in een gecertificeerd document waarop de naam van de houder, de behaalde leerresultaten, de beoordelingsmethode, de toekennende instantie en, indien van toepassing, het niveau in het kwalificatiekader en de verdiende studiepunten worden vermeld. Microcredentials zijn eigendom van de lerende, kunnen worden gedeeld, kunnen meeneembaar zijn, kunnen worden gecombineerd in grotere credentials of kwalificaties en voorzien in ECTS-studiepunten. Zij worden ondersteund door kwaliteitsborging volgens overeengekomen normen.

In het kader van deze maatregel moeten 19 microcredentiecursussen worden ontwikkeld en worden gebruikt in instellingen voor hoger onderwijs. Bij de nieuwe microcredentials wordt rekening gehouden met de behoeften van de economie. De microcredentials worden ontwikkeld in overeenstemming met de definitie en de Europese standaardelementen om een microcredential te beschrijven, zoals uiteengezet in de aanbeveling van de Raad van 25 mei 2022 betreffende een Europese aanpak van microcredentials voor een leven lang leren en inzetbaarheid op de arbeidsmarkt. Als gevolg van de investering moet een toenemend aantal studenten/personen microcredentiële certificaten ontvangen en deelnemen aan programma’s voor de ontwikkeling van digitale vaardigheden van instellingen voor hoger onderwijs. Ten minste 600 personen die deelnemen aan activiteiten op het gebied van volwasseneneducatie in de betrokken instellingen voor hoger onderwijs, verwerven microcredentials met ECTS-studiepunten. Daarnaast moeten ten minste 1800 digitale leerinhoud worden ontwikkeld, waaronder onderwijsmateriaal, scripts, podcasts, beeldopnamen, video’s, quizzen, referentiemateriaal, computerinhoud, online-inhoud, digitale spelletjes, enz. Ten minste 34 000 studenten en personeelsleden (met inbegrip van leerkrachten) van de betrokken instellingen voor hoger onderwijs nemen deel aan programma’s voor digitale vaardigheden, competenties en kennisontwikkeling in het kader van deze maatregel. De opleiding van leerkrachten is met name gericht op vaardigheden voor het gebruik van digitale instrumenten voor het onderwijzen en ontwikkelen van digitale leerinhoud.

De uitvoering van de investering moet uiterlijk op 30 juni 2026 zijn voltooid.

C2.I2: Modernisering van de infrastructuur en digitalisering van instellingen voor hoger onderwijs

Het doel van de investering is instellingen voor hoger onderwijs aantrekkelijker te maken en de groene en digitale transitie te ondersteunen door middel van gemoderniseerde infrastructuur, digitalisering en activiteiten voor capaciteitsontwikkeling.

De investering bestaat uit:

renovatie van de energie-efficiëntie van instellingen voor hoger onderwijs, waarbij gemiddeld ten minste 30 % wordt bespaard op primaire energie.

de bouw van nieuwe gebouwen voor instellingen voor hoger onderwijs, waarvan de vraag naar primaire energie ten minste 20 % lager moet zijn dan het vereiste van bijna-energieneutrale gebouwen.

de aankoop en installatie van digitale apparatuur in instellingen voor hoger onderwijs, zoals interactieve whiteboards of grote aanraakschermen, laptops, digitale notebooks, pc’s, multimediastudio’s, multimedia en/of interactieve apparaten ter ondersteuning van digitaal onderwijzen/leren/leerbeheersysteem, ICT-instrumenten die nodig zijn voor de ontwikkeling van e-learningmateriaal/gestructureerde verzameling, opslag, classificatie en toegankelijkheid van inhoud, in overeenstemming met de FAIR van de EU (Finble, toegankelijke, interoperabele, herbruikbare) richtlijn, systemen die worden gebruikt voor het uitzenden van onderwijs-, communicatie- en samenwerkingssystemen ter ondersteuning van digitaal onderwijs, multimedia-opslagsystemen, onlinecatalogus die de doorzoeeerbaarheid en toegankelijkheid van digitale inhoud waarborgt, licenties voor onderwijssoftware, beheersysteem voor opleiding op afstand met gesloten systeem en bijbehorende licenties voor het bewerken van curricula, systemen voor cloudgebaseerde diensten.

activiteiten op het gebied van capaciteitsontwikkeling, met inbegrip van de organisatie van opleidingen, conferenties en activiteiten voor de ontwikkeling van vaardigheden; het uitrusten van workshops en laboratoria voor leerdoeleinden; de ontwikkeling van kernfaciliteiten, competentielaboratoria, taalcursussen en competentietraining op basis van de behoeften van de universiteiten.

De uitvoering van de investering moet uiterlijk op 30 juni 2026 zijn voltooid.

C2.I3: Ontwikkeling van digitale curricula voor beroepsonderwijs en -opleiding

Doel van de investering is bij te dragen tot de beschikbaarheid van gekwalificeerde arbeidskrachten door digitaal onderwijs te bieden aan alle studenten die beroepsonderwijs en -opleiding volgen.

Als gevolg van de investering moeten ten minste 75 digitaal leermateriaal worden ontwikkeld voor beroepsonderwijs en -opleiding met betrekking tot specifieke beroepen en ten minste 13 000 studenten (individuele gebruikers) in beroepsonderwijs en -opleiding of volwassenenonderwijs in relevante beroepen moeten toegang hebben tot dit digitale leermateriaal. Het digitale leermateriaal wordt ontwikkeld in sectoren die niet onder de controle van het ministerie van Cultuur en Innovatie vallen, overeenkomstig artikel 45, lid 1, van regeringsbesluit 12/2020. (II. 7.).

De investering wordt uitgevoerd door middel van een oproep tot het indienen van projecten voor de ontwikkeling van digitale curricula, die wordt gepubliceerd door het nationale bureau voor beroepsonderwijs en -opleiding en volwasseneneducatie.

De uitvoering van de investering moet uiterlijk op 31 maart 2026 zijn voltooid.

C2.I4: Infrastructuur voor beroepsonderwijs en -opleiding voor de21e eeuw

Het doel van de investering is de energie-efficiëntie te bevorderen, de algemene infrastructuur te verbeteren en de digitalisering van beroepsopleidingscentra te verbeteren. De verbeterde bouw- en digitale infrastructuur van scholen voor beroepsonderwijs zal ook een betere leeromgeving voor leerlingen creëren, die naar verwachting hun onderwijsresultaten ten goede zal komen.

De investering omvat de renovatie van energie-efficiëntie en de aankoop van ICT-apparatuur voor ten minste 16 geselecteerde centra voor beroepsonderwijs en -opleiding. Het omvat ook andere verbeteringen van de infrastructuur in deze centra, zoals het uitrusten van workshops, de renovatie van onderwijsruimten en de aankoop van leermateriaal, -instrumenten en -meubilair. De centra worden geselecteerd op basis van objectieve en transparante criteria, met inbegrip van de vraag op de arbeidsmarkt in de specifieke economische regio, de stand van de infrastructuur en de activa van de centra voor beroepsopleiding, de vraag of de centra zich in achterstandsgebieden bevinden, het aandeel kansarme studenten en de banden en samenhang met eerdere programma’s. Het energie-efficiëntierenovatieprogramma leidt tot een gemiddelde besparing van ten minste 30 % primaire energie of een vermindering van de directe en indirecte broeikasgasemissies met ten minste 30 %.

De uitvoering van de investering moet uiterlijk op 31 maart 2026 zijn voltooid.

C2.I5: Ontwikkeling van het centraal onderzoekscentrum

Het doel van de investering is de oprichting van een centraal examencentrum in Boedapest om de voorwaarden te scheppen voor hoogwaardige beroepsexamens voor bepaalde beroepen waarvoor het netwerk van examencentra geen passende territoriale dekking op regionaal niveau waarborgt.

Deze investering bestaat uit de voltooiing van het centraal examencentrum, waar examens voor ten minste 30 beroepen en beroepskwalificaties worden georganiseerd. De maatregel omvat de renovatie van het gebouw van het Centrum, met inbegrip van verbetering van de energie-efficiëntie, andere renovaties van gebouwen en het herontwerpen en uitrusten van de klaslokalen, examenruimten, workshops en dienstruimten.

De renovatie op het gebied van energie-efficiëntie leidt gemiddeld tot een besparing van ten minste 30 % primaire energie of een vermindering van de broeikasgasemissies met ten minste 30 %. Het examencentrum wordt ontwikkeld als een aparte examenplaats van de centra voor beroepsonderwijs en -opleiding.

De uitvoering van de investering moet uiterlijk op 31 maart 2026 zijn voltooid.

C2.I6: Oprichting van nationale laboratoria voor onderzoek en ontwikkeling

Het doel van de investering is de oprichting van aanvullende nationale onderzoeks- en ontwikkelingslaboratoria om het innovatie-ecosysteem in het land te versterken. Deze nationale laboratoria zijn geformaliseerde onderzoeksconsortia, waaronder universiteiten, onderzoeksinstellingen en andere publieke actoren (zoals het Nationaal Bureau voor de veiligheid van de voedselketen en de Hongaarse Meteorologische Dienst), die worden opgericht met het oog op het verrichten van onderzoek en het publiceren van studies op relevante onderzoeksgebieden.

De maatregel bestaat uit de oprichting van nationale laboratoria, met inbegrip van onderzoekssubsidies, de aankoop van uitrusting en de ontwikkeling van infrastructuur. De nationale laboratoria bestrijken relevante onderzoeksgebieden voor de groene/digitale transitie en sociaal-economische uitdagingen van Hongarije en worden georganiseerd op de thematische gebieden veilige samenleving en milieu; gezondheid; industrie en digitalisering. Deze thematische gebieden omvatten onderwerpen zoals hernieuwbare energie, datagestuurde gezondheid, farmaceutisch onderzoek en ontwikkeling, waterveiligheid, kunstmatige intelligentie en autonome systemen. De onderzoeksprojecten van de laboratoria en de daarmee verband houdende contracten (met inbegrip van arbeidsovereenkomsten voor onderzoekers en ander betrokken personeel) hebben een vaste looptijd, die niet langer mag duren dan 30 juni 2026.

De maatregel omvat de publicatie van een verslag over de prestaties van deze nationale laboratoria, opgesteld door het Nationaal Agentschap voor onderzoek, ontwikkeling en innovatie. Het verslag bevat informatie over i) de activiteiten en resultaten van de laboratoria op het gebied van onderzoek waarin zij actief waren, met inbegrip van de mondiale uitdaging die zij op nationaal niveau hebben aangepakt, ii) de samenstelling van consortia (publieke en private partners), en iii) de wijze waarop deze nationale laboratoria hebben bijgedragen aan de versterking van het Hongaarse innovatie-ecosysteem.

De uitvoering van de investering moet uiterlijk op 30 juni 2026 zijn voltooid.

B.2.    Mijlpalen, streefdoelen, indicatoren en tijdschema voor de monitoring en uitvoering van niet-terugvorderbare financiële steun

Volgnummer

Gerelateerde maatregel (hervorming of investering)

Mijlpaal/Doelstelling

Naam

Kwalitatieve indicatoren
(voor mijlpalen)

Kwantitatieve indicatoren
(voor streefcijfers)

Indicatief tijdschema voor de voltooiing

Beschrijving van elke mijlpaal en doelstelling

Meeteenheid

Uitgangssituatie

Doel

Kwartaal

Jaar

29

C2.R1 Modernisering van het hoger onderwijs

Streefwaarde

Aantal gemoderniseerde studierichtingen in het hoger onderwijs

Aantal

0

15

KWARTAAL 4

2023

De Hongaarse accreditatiecommissie, de Hongaarse rectorenconferentie, de onderwijsautoriteit en de instellingen voor hoger onderwijs moderniseren de 15 studierichtingen van het hoger onderwijs door in het curriculum meer praktijkgerichte elementen op te nemen en de relevante regelgeving te herzien, onder meer inzake het beheer van intellectuele eigendom, en inzake de regels voor de werking van examencentra in de wet op de beroepsopleiding, voor het bepalen van de uitvoering van examentaken van examencentra, voor nascholing van leerkrachten, voor digitale opleidingen (e-learning, afstands- en blended learning), met inbegrip van opleidingen voor volwassenen en volwassenenonderwijs.

30

C2.I1 Institutionele innovatie en versterkte activiteiten in het hoger onderwijs

Mijlpaal

Publicatie van een oproep voor de selectie van universiteiten die e-curricula ontwikkelen

Publicatie van de oproep van de nationale autoriteit voor het plan voor herstel en veerkracht

 

 

 

KWARTAAL 2

2023

Er wordt een oproep gedaan voor de ontwikkeling van een gesloten systeem voor inhoud voor afstandsonderwijs en een beheersysteem voor opleidingen voor volwassenen in het hoger onderwijs (microcredentials die studiepunten van het Europees studiepuntenoverdrachtsysteem (ECTS) verstrekken). De vereisten in de documentatie van de oproep waarborgen non-discriminatie tussen Hongaarse instellingen voor hoger onderwijs, onder meer op basis van hun eigendomsstructuur. In de lijst van potentiële microcredentials wordt rekening gehouden met de behoeften van de economie. De microcredentials worden ontwikkeld in overeenstemming met de definitie en de Europese standaardelementen om een microcredential te beschrijven, zoals uiteengezet in de aanbeveling van de Raad van 25 mei 2022 betreffende een Europese aanpak van microcredentials voor een leven lang leren en inzetbaarheid op de arbeidsmarkt.

31

C2.I1 Institutionele innovatie en versterkte activiteiten in het hoger onderwijs

Streefwaarde

Aantal cursussen met microcredentials met digitale inhoud

 

Aantal

0

19

KWARTAAL 4

2024

Naaraanleiding van de onder stap 30 vermelde oproep worden digitale leermaterialen voor ten minste 19 kredietdragende cursussen met microcredentials met ECTS-studiepunten ontwikkeld door instellingen voor hoger onderwijs. De microcredentials worden ontwikkeld in overeenstemming met de definitie en de Europese standaardelementen om een microcredential te beschrijven, zoals uiteengezet in de aanbeveling van de Raad van 25 mei 2022 betreffende een Europese aanpak van microcredentials voor een leven lang leren en inzetbaarheid op de arbeidsmarkt.

32

C2.I1 Institutionele innovatie en versterkte activiteiten in het hoger onderwijs

Streefwaarde

Aantal studenten/personen met een certificaat van microcredentials in instellingen voor hoger onderwijs

 

Aantal

0

600

KWARTAAL 2

2026

Ten minste 600 studenten/personen die betrokken zijn bij activiteiten op het gebied van volwasseneneducatie in de betrokken instellingen voor hoger onderwijs, verwerven microcredentials met ECTS-studiepunten.

33

C2.I1 Institutionele innovatie en versterkte activiteiten in het hoger onderwijs

Streefwaarde

Aantal ontwikkelde digitale leerinhoud voor hoger onderwijs

Aantal

0

1 800

KWARTAAL 2

2026

Er worden ten minste 1 800 digitale leerinhoud voor de betrokken instellingen voor hoger onderwijs ontwikkeld. Digitale leerinhoud omvat lesmateriaal, scripts, podcasts, beeldopnamen, video’s, quizzen, referentiemateriaal, computerinhoud, webcontent, digitale spelletjes enz.

 34

C2.I1 Institutionele innovatie en versterkte activiteiten in het hoger onderwijs

Streefwaarde

Aantal studenten en personeelsleden in het hoger onderwijs dat heeft deelgenomen aan programma’s voor de ontwikkeling van digitale vaardigheden

 

Aantal

0

34 000

KWARTAAL 2

2026

Ten minste 34 000 studenten en personeelsleden (met inbegrip van leerkrachten) van de betrokken instellingen voor hoger onderwijs nemen deel aan programma’s voor digitale vaardigheden, competenties en kennisontwikkeling in het kader van deze maatregel. De opleiding van leerkrachten is gericht op vaardigheden voor het gebruik van digitale instrumenten voor het onderwijzen en ontwikkelen van digitale leerinhoud.

35

C2.I2 Modernisering van de infrastructuur en digitalisering van instellingen voor hoger onderwijs

Mijlpaal

Lancering van een oproep tot het indienen van projecten voor de renovatie van energie-efficiëntie, de bouw van nieuwe gebouwen, nieuwe digitale apparatuur en activiteiten voor capaciteitsontwikkeling in instellingen voor hoger onderwijs

Publicatie van de oproep door het voor instellingen voor hoger onderwijs bevoegde ministerie

KWARTAAL 1

2022

Er wordteen oproep gedaan tot het indienen van projecten met betrekking tot de renovatie van energie-efficiëntie, de bouw van nieuwe gebouwen, de aankoop en installatie van digitale apparatuur en activiteiten voor capaciteitsontwikkeling in instellingen voor hoger onderwijs. In de oproep wordt ten minste 2,5 % van de toewijzing voor de maatregel gereserveerd voor de bouw van nieuwe gebouwen, ten minste 22,5 % voor de renovatie van infrastructuur op het gebied van energie-efficiëntie, ten minste 41,5 % voor nieuwe ICT-apparatuur en de resterende toewijzing voor activiteiten op het gebied van capaciteitsontwikkeling, met inbegrip van: de organisatie van opleidingen, conferenties en activiteiten voor de ontwikkeling van vaardigheden; het uitrusten van workshops en laboratoria voor leerdoeleinden; de ontwikkeling van kernfaciliteiten, competentielaboratoria, taalcursussen en competentietraining op basis van de behoeften van de universiteiten. De subsidiabiliteitscriteria voor investeringen in energie-efficiëntie omvatten onder meer de eis dat als gevolg van de renovatie gemiddeld ten minste 30 % aan primaire energie moet worden bespaard op de gerenoveerde infrastructuur. In de subsidiabiliteitscriteria wordt ook gespecificeerd dat de primaire energievraag van een nieuw gebouw ten minste 20 % lager moet zijn dan de eis inzake bijna-energieneutrale gebouwen. De vereisten in de documentatie van de oproep waarborgen non-discriminatie tussen Hongaarse instellingen voor hoger onderwijs, onder meer op basis van hun eigendomsstructuur. Publieke trustfondsen komen niet in aanmerking als ontvangers in het kader van de oproep. De projecten worden geselecteerd op basis van objectieve criteria die in de oproep zijn uiteengezet, met inbegrip van de energie-efficiëntiewinst in verband met investeringskosten, de kostenefficiëntie van de aankoop van digitale apparatuur, het aantal beschikbare computers per docent, het aandeel leerkrachten met een hoge academische graad en het aandeel kansarme studenten aan de universiteiten.

36

C2.I2 Modernisering van de infrastructuur en digitalisering van instellingen voor hoger onderwijs

Streefwaarde

Renovatie van de energie-efficiëntie van de infrastructuur van gebouwen en de bouw van nieuwe gebouwen in instellingen voor hoger onderwijs

Vierkante meter

0

25 145

KWARTAAL 2

2026

Ten minste 25 145 vierkante meter infrastructuur van instellingen voor hoger onderwijs moet worden gerenoveerd met het oog op een besparing van ten minste 30 % primaire energie of als een nieuw gebouw worden gebouwd om ten minste 20 % minder primaire energie te vragen dan het vereiste van bijna-energieneutrale gebouwen.

37

C2.I2 Modernisering van de infrastructuur en digitalisering van instellingen voor hoger onderwijs

Streefwaarde

Installatie van digitale apparatuur in gebouwen voor hoger onderwijs

 

Aantal ICT-apparatuur

0

22 300

KWARTAAL 2

2026

In instellingen voor hoger onderwijs moeten ten minste 22 300 ICT-apparatuur worden aangekocht en geïnstalleerd. Deze ICT-apparatuur omvat interactieve whiteboards of grote aanraakschermen, computers en laptops, multimediastudio’s, multimedia en/of interactieve apparaten ter ondersteuning van digitaal onderwijs, leren, leerbeheersysteem, ICT-instrumenten die nodig zijn voor de ontwikkeling van materiaal voor e-leren/gestructureerde verzameling, opslag, classificatie en toegankelijkheid van inhoud, in overeenstemming met de FAIR-richtlijn (Findable, Accessible, Interoperable, Reusable) van de EU; systemen die worden gebruikt voor het uitzenden van onderwijs-, communicatie- en samenwerkingssystemen ter ondersteuning van digitaal onderwijs, multimedia-opslagsystemen, onlinecatalogus die de zoekbaarheid en toegankelijkheid van digitale inhoud waarborgt, licenties voor onderwijssoftware, een beheersysteem voor opleiding op afstand in gesloten systeem en vergunningen voor het bewerken van het curriculum, systemen voor cloudgebaseerde diensten.

38

C2.I2 Modernisering van de infrastructuur en digitalisering van instellingen voor hoger onderwijs

Mijlpaal

Verslag over activiteiten op het gebied van capaciteitsontwikkeling in instellingen voor hoger onderwijs

Publicatie van het verslag

KWARTAAL 2

2026

Er wordt een verslag gepubliceerd met de resultaten van de in het kader van deze maatregel uitgevoerde capaciteitsontwikkelingsactiviteiten, met inbegrip van: de organisatie van opleidingen, conferenties en activiteiten voor de ontwikkeling van vaardigheden; het uitrusten van workshops en laboratoria voor leerdoeleinden; de ontwikkeling van kernfaciliteiten, competentielaboratoria, taalcursussen en competentietraining op basis van de behoeften van de universiteiten.

39

C2.I3 Ontwikkeling van digitale leerplannen voor beroepsonderwijs en -opleiding

Mijlpaal

Lancering van een oproep tot het indienen van projecten voor de ontwikkeling van digitale curricula

Publicatie van de oproep tot het indienen van projecten door het nationale bureau voor beroepsonderwijs en -opleiding en volwasseneneducatie

 

 

 

KWARTAAL 2

2023

Het nationale bureau voor beroepsonderwijs en -opleiding en volwasseneneducatie zal een oproep tot het indienen van projecten doen voor de ontwikkeling van digitaal leermateriaal. In de oproep wordt gespecificeerd dat het digitaal leermateriaal betrekking heeft op sectoren die niet onder de controle van het ministerie van Cultuur en Innovatie vallen, overeenkomstig artikel 45, lid 1, van Regeringsbesluit 12/2020. (II. 7.).

40

C2.I3 Ontwikkeling van digitale leerplannen voor beroepsonderwijs en -opleiding

Streefwaarde

Aantal voor beroepsonderwijs en -opleiding ontwikkelde digitaal leermateriaal

Aantal 

 0

 75

KWARTAAL 3

2025

Er moeten ten minste 75 digitaal leermateriaal worden ontwikkeld voor beroepsonderwijs en -opleiding in verband met specifieke beroepen en klaar zijn om door studenten te worden gebruikt.

41

C2.I3 Ontwikkeling van digitale leerplannen voor beroepsonderwijs en -opleiding

Streefwaarde

Aantal leerlingen in beroepsonderwijs en -opleiding dat cursussen heeft gevolgd op basis van verbeterd digitaal leermateriaal

 

Aantal

0

13 000

KWARTAAL 1

2026

Ten minste 13 000 studenten (individuele gebruikers) die beroepsonderwijs en -opleiding volgen of volwassenenonderwijs volgen in beroepen die behoren tot de sectoren waarop het in stap 40 bedoelde digitale leermateriaal betrekking heeft, hebben toegang tot verbeterd digitaal leermateriaal. Het aantal studenten wordt afgeleid uit de gegevens die zijn geregistreerd in het registratie- en studiestelsel van de centra voor beroepsonderwijs en -opleiding.

42

C2.I4 Infrastructuur voor beroepsonderwijs en -opleiding voor de 21e eeuw

Mijlpaal

Selectie van ten minste 16 centra voor beroepsonderwijs en -opleiding om deel te nemen aan een ontwikkelingsprogramma

 

Bekendmaking van het besluit om ten minste 16 centra voor beroepsonderwijs en -opleiding te selecteren op de webpagina van het ministerie dat verantwoordelijk is voor beroepsopleiding

KWARTAAL 4

2022

Op basis van de ontwikkelingsplannen van de verschillende centra worden ten minste 16 bij het ontwikkelingsprogramma betrokken centra geselecteerd. De selectie wordt gebaseerd op objectieve en transparante criteria, waaronder de vraag op de arbeidsmarkt in de specifieke economische regio, de status van de infrastructuur en de activa van de centra voor beroepsopleiding, de vraag of de centra voor beroepsonderwijs en -opleiding zich in een achterstandsregio bevinden, het aandeel kansarme studenten, banden en samenhang met eerdere programma’s.

43

C2.I4 Infrastructuur voor beroepsonderwijs en -opleiding voor de 21e eeuw

Streefwaarde

Renovatie van de energie-efficiëntie van centra voor beroepsonderwijs en -opleiding

 

Vierkante meter

0

69 175

KWARTAAL 2

2026

Ten minste 69 175 vierkante meter gebouwen in ten minste 16 beroepsopleidingscentra worden gerenoveerd op het gebied van energie-efficiëntie en zorgen voor een gemiddelde vermindering van de directe en indirecte broeikasgasemissies met ten minste 30 % of een besparing van ten minste 30 % op primaire energie.

44

C2.I4 Infrastructuur voor beroepsonderwijs en -opleiding voor de 21e eeuw

Streefwaarde

Aankoop van ICT-apparatuur voor centra voor beroepsonderwijs en -opleiding

 

Aantal

0

13 825

KWARTAAL 2

2026

13 825 ICT-apparatuur wordt aangekocht en in gebruik genomen in ten minste 16 beroepsopleidingscentra. Nieuwe ICT-apparatuur omvat digitale notebooks, tablets, samenwerkingsleerruimten en instrumenten voor kennisdeling.

45

C2.I4 Infrastructuur voor beroepsonderwijs en -opleiding voor de 21e eeuw

Streefwaarde

Aantal centra voor beroepsonderwijs en -opleiding met verbeterde infrastructuur

 

Aantal

0

16

KWARTAAL 2

2026

Ten minste 16 beroepsopleidingscentra krijgen upgrades zoals renovaties op het gebied van energie-efficiëntie (als bedoeld in streefdoel 43), nieuwe ICT-apparatuur (als bedoeld in streefdoel 44) en andere algemene verbeteringen van de infrastructuur (met inbegrip van renovatie- en uitrustingsworkshops, renovatie van onderwijsgebieden, aankoop van leermiddelen, instrumenten, meubilair (banken en kasten)).

46

C2.I5 Ontwikkeling van het centraal onderzoekscentrum

Mijlpaal

Gunning van de overheidsopdracht (en) voor de renovatie en ontwikkeling van het centraal onderzoekscentrum

Kennisgeving van de gunning van een overheidsopdracht (en)

 

 

 

KWARTAAL 4

2023

De procedures voor het plaatsen van overheidsopdrachten voor de renovatie en ontwikkeling van het centraal onderzoekscentrum worden uitgevoerd en de overheidsopdrachten worden gegund. Het toepassingsgebied van de contracten omvat de renovatie van het gebouw van het centraal onderzoekscentrum, met inbegrip van het herontwerpen en uitrusten van de klaslokalen, examen- en werkplaatsen en dienstruimten. Ten minste 20 % van het budget van de maatregel wordt toegewezen aan renovatie op het gebied van energie-efficiëntie, wat resulteert in een besparing van ten minste 30 % primaire energie of een vermindering van de broeikasgasemissies met ten minste 30 %.

47

C2.I5 Ontwikkeling van het centraal onderzoekscentrum

Mijlpaal

Voltooiing van het centraal onderzoekscentrum

Inbedrijfstelling van het centraal onderzoekscentrum

KWARTAAL 1

2026

De ontwikkeling van het centraal onderzoekscentrum wordt voltooid en het centrum treedt in werking. Het is het centraal examencentrum dat in Boedapest is gevestigd om de voorwaarden te scheppen voor een kwalitatief hoogwaardig beroepsexamen, dat betrekking heeft op ten minste 30 beroepen en beroepskwalificaties waarvoor het netwerk van erkende examencentra geen passende territoriale dekking op regionaal niveau waarborgt.

 48

C2.I6 Oprichting van nationale laboratoria voor onderzoek en ontwikkeling

Streefwaarde

Oprichting van aanvullende nationale laboratoria op vijf thematische onderzoeksgebieden

 Aantal

15

29

KWARTAAL 2

2022

14 extra nationale laboratoria worden opgericht in consortia bestaande uit instellingen voor hoger onderwijs, onderzoeksinstellingen, bedrijven en andere publieke actoren (zoalshet Nationaal Bureau voor de veiligheid van de voedselketen en de Hongaarse Meteorologische Dienst). De nationale laboratoria worden georganiseerd rond onderzoeksthema’s op de thematische gebieden van een veilige samenleving en milieu; gezondheid; industrie en digitalisering. De laboratoria worden opgericht om bij te dragen tot de versterking van het Hongaarse innovatie-ecosysteem.

 49

C2.I6 Oprichting van nationale laboratoria voor onderzoek en ontwikkeling

Mijlpaal

Verslag over de prestaties van nationale laboratoria

Publicatie van het verslag van het Nationaal Agentschap voor onderzoek, ontwikkeling en innovatie

KWARTAAL 2

2026

Het Nationaal Agentschap voor onderzoek, ontwikkeling en innovatie stelt een verslag op over de prestaties van de in het kader van deze maatregel opgerichte nationale laboratoria en publiceert dit. Het verslag bevat informatie over de activiteiten van de betrokken nationale laboratoria, met inbegrip van ten minste de volgende elementen: i) de activiteiten en resultaten van de laboratoria op het gebied van onderzoek waarin zij actief waren, met inbegrip van de mondiale uitdaging die zij op nationaal niveau hebben aangepakt, ii) de samenstelling van consortia (publieke en private partners), en iii) de wijze waarop deze nationale laboratoria hebben bijgedragen aan de versterking van het Hongaarse innovatie-ecosysteem. In het verslag wordt ook de doeltreffendheid van de nationale laboratoria bij de ondersteuning van onderzoeks- en innovatieactiviteiten in de economie geëvalueerd en worden aanbevelingen gedaan om de onderzoeksondersteuning te verbeteren.

C. COMPONENT 3: INHAALNEDERZETTINGEN

Dit onderdeel van het Hongaarse herstel- en veerkrachtplan pakt de sociaal-economische en territoriale uitdagingen aan die door de COVID-19-pandemie zijn verergerd, met name in de armste nederzettingen, en pakt kwesties aan zoals het gebrek aan toegang tot de arbeidsmarkt en openbare diensten, het tekort aan eerstelijnszorgverleners en meer in het algemeen armoede.

Het hoofddoel van dit onderdeel is basisdiensten te verlenen aan de inwoners van de 300 meest achtergestelde woongebieden in Hongarije (zoals gedefinieerd in regeringsbesluit 1404/2019 (VII.05.) en regeringsbesluit 1057/2021. (II.19.)) door middel van een geïntegreerde maatregel op het gebied van sociaal beleid. Het toepassingsgebied van de maatregelen in dit onderdeel maakt integraal deel uit van het bredere inhaalprogramma. Het onderdeel draagt bij aan het onderdeel huisvesting van beginsel 19 van de Europese pijler van sociale rechten en aan beginsel 20 inzake toegang tot essentiële diensten.

Daartoe is het onderdeel gericht op i) de bouw en renovatie van sociale woningen om de toegang tot passende huisvestingsomstandigheden te verbeteren; II) de oprichting van sociale zonne-energiecentrales; bevordering van werkgelegenheid en ontwikkeling van vaardigheden op basis van specifieke lokale kenmerken en versterking van de lokale economische cultuur; en iv) betere leerresultaten bereiken door middel van gemeenschapsgerichte pedagogie.

Het onderdeel draagt bij tot de uitvoering van de landspecifieke aanbevelingen inzake het verbeteren van de toereikendheid van de sociale bijstand en het waarborgen van de toegang tot essentiële diensten, hoogwaardig onderwijs en adequate huisvesting voor iedereen (landspecifieke aanbevelingen 2 in 2020 en 3 in 2022), inzake het waarborgen van de integratie van de meest kwetsbare groepen op de arbeidsmarkt (landspecifieke aanbevelingen 2 in 2019 en 3 in 2022), en op het richten van investeringen op de groene en digitale transitie (landspecifieke aanbevelingen 3 in 2020 en 6 in 2022).

Verwacht wordt dat geen enkele maatregel in deze component ernstig afbreuk doet aan milieudoelstellingen in de zin van artikel 17 van Verordening (EU) 2020/852, rekening houdend met de beschrijving van de maatregelen en de risicobeperkende stappen in het herstel- en veerkrachtplan overeenkomstig de technische richtsnoeren inzake het beginsel „geen ernstige afbreuk doen aan” (2021/C58/01).

C.1. Beschrijving van de hervormingen en investeringen voor niet-terugvorderbare financiële steun

C3.R1: Randvoorwaarden scheppen voor doeltreffende geïntegreerde steun aan de meest achtergestelde nederzettingen

Het doel van de maatregel is de doeltreffende en transparante uitvoering te ondersteunen van het „Catching up Settlements” -programma, dat tot doel heeft de meest achtergestelde nederzettingen in Hongarije te ontwikkelen en de belangrijkste sociaal-economische uitdagingen van hun inwoners aan te pakken.

De maatregel bestaat uit twee acties om kadervoorwaarden vast te stellen voor de uitvoering van en het toezicht op het inhaalprogramma. Ten eerste worden de niet-gouvernementele organisaties die de verschillende elementen van het programma uitvoeren, geselecteerd volgens een transparante procedure die gebaseerd is op criteria die verband houden met beroepservaring, bekwaamheid en verdienste. Het reglement van orde wordt gepubliceerd op de speciale website van het programma. Ten tweede wordt een thematisch toezichtcomité voor het programma voor inhaaloperaties opgericht om de resultaten te evalueren en aanbevelingen te doen om de doeltreffendheid van het programma verder te vergroten. De reikwijdte van de evaluatie van het toezichtcomité heeft betrekking op de relevante interventies — uit nationale en EU-financieringsbronnen (met inbegrip van ESF + en EFRO-elementen) — ter ondersteuning van de doelstellingen van het programma in de 300 meest achtergestelde nederzettingen. Daartoe bestaat het toezichtcomité uit bevoegde ministeries en autoriteiten, vertegenwoordigers van gemeenten, maatschappelijke organisaties die zich bezighouden met sociale integratie en integratie van de Roma. De maatschappelijke organisaties worden geselecteerd op basis van beroepservaring, bekwaamheid en verdienste. Het toezichtcomité komt regelmatig, ten minste om de drie maanden, bijeen. De documenten, met inbegrip van de notulen, worden gepubliceerd op de speciale website van het programma.

De uitvoering van de hervorming wordt uiterlijk op 31 maart 2023 voltooid.

C3.I1: Bouw en renovatie van sociale woningen, verbetering van de huisvestingsomstandigheden

Het doel van de investering is het verbeteren van de levenskwaliteit en de huisvestingsomstandigheden van mensen in de meest achtergestelde gemeenten die zijn geselecteerd in het kader van het Catching up Settlements Programme, en het verminderen van huisvestingsarmoede, in overeenstemming met de Europese pijler van sociale rechten.

De maatregel bestaat uit de aankoop en renovatie van ten minste 1 600 woningen, de bouw van 400 nieuwe huizen en de verhuur ervan als sociale woningen. De bouw van nieuwe huizen vindt zo centraal mogelijk plaats binnen een gemeente om gebruik te maken van vervallen huizen en lege percelen. Er wordt geen sociale huisvesting aangeboden in geïsoleerde gebieden of buiten het bewoonde gebied van een gemeente. Nieuwe en gerenoveerde woningen voor sociale doeleinden kunnen in een minderheid van de doelgemeenten buiten de beoogde gemeenten worden geplaatst, in niet-gesegregeerde gebieden met een betere toegang tot werkgelegenheid en diensten, maar in die gevallen wordt de sociale woningvoorraad toegewezen aan mensen die in die 300 doelgemeenten wonen, die via een openbare oproep tot het indienen van sollicitaties een huurwoning kunnen aanvragen en op vrijwillige basis in een woning buiten hun woongebied kunnen verhuizen.

Als onderdeel van de maatregel wordt een interventieplan opgesteld en gepubliceerd. Dit plan bevat richtsnoeren voor de selectie van de te renoveren woningen en de te bouwen nieuwe sociale woningen. Het plan houdt rekening met de enquêtes die zijn uitgevoerd om de behoeften in kaart te brengen en bij de selectie van projecten worden verdere risico’s van segregatie voorkomen en bestaande risico’s van segregatie bestreden.

De renovatiewerkzaamheden omvatten ingrepen zoals de renovatie van ten minste één verwarmbare kamer en één badkamer per woning, alsmede de voorbereiding van veilige elektriciteitsinzamelpunten, omheiningen, knaagdierbestrijding en het gebruik van insecticide. Deze woningen na renovatie en nieuwbouw zijn eigendom van de organisaties die het inhaalafwikkelingsprogramma gedurende ten minste 20 jaar uitvoeren en worden beheerd door een bureau voor sociale huisvesting in het kader van een openbaredienstcontract. Het bureau voor sociale huisvesting, dat via een openbare aanbesteding wordt geselecteerd, wijst de woning via een openbare aanbesteding toe aan de in aanmerking komende huurders in de vorm van een verhuurd onroerend goed. Nieuwe gebouwen moeten voldoen aan de eisen inzake bijna-energieneutrale gebouwen.

De uitvoering van de investering moet uiterlijk op 30 juni 2026 zijn voltooid.

C3.I2: Productie en gebruik van hernieuwbare energie in achtergestelde gemeenten

Het doel van de investering is de bouw van fotovoltaïsche centrales binnen of in de nabijheid van de meest achtergestelde gemeenten die zijn geselecteerd in het kader van het Catching up Settlements Programme. De productiecapaciteit is gedurende ten minste 20 jaar eigendom van de organisaties die het Catching up Settlements Programme uitvoeren. De netto-inkomsten van de nieuwe energiecentrales worden gebruikt voor de financiering van verschillende sociale overdrachten in natura voor huishoudens die in energiearmoede leven, met name gezinnen met kinderen jonger dan drie jaar, zoals ten minste één verwarmde ruimte met elektrische verwarming. Families worden geselecteerd via een open selectieprocedure. Als gevolg van deze investeringen zullen de levensomstandigheden van huishoudens met een laag inkomen naar verwachting verbeteren. Bovendien zal de nieuwe elektrische verwarming de verwarming met fossiele brandstoffen vervangen en zal de maatregel naar verwachting ook de luchtkwaliteit in de beoogde woongebieden verbeteren.

In gevallen waarin de netwerkcapaciteit het niet mogelijk maakt de investering in het administratieve gebied van de beoogde gemeenten te doen, mogen fotovoltaïsche centrales ook buiten de beoogde gemeenten worden gebouwd indien dit technisch gerechtvaardigd is, op voorwaarde dat de gegenereerde inkomsten worden gebruikt om de verwarming van huishoudens in de beoogde gemeenten te subsidiëren.

De investering resulteert in de installatie van een productiecapaciteit voor hernieuwbare energie van ten minste 25 000 kWp om te voorzien in de jaarlijkse elektriciteitsbehoeften van ten minste 5 000 kwetsbare gezinnen.

De uitvoering van de investering moet uiterlijk op 31 december 2025 zijn voltooid.

C3.I3: Bevordering van werkgelegenheid en ontwikkeling van vaardigheden op basis van lokale bijzonderheden

Het doel van de maatregel is de lokale economische ontwikkeling te bevorderen en lokale economische structuren tot stand te brengen die gericht zijn op de bevolking van de 300 meest achtergestelde gemeenten. Dit moet bijdragen tot het verminderen van de kwetsbaarheid van mensen die in deze nederzettingen wonen op de arbeidsmarkt, het verbeteren van hun integratie op de arbeidsmarkt en het verbeteren van de arbeidskansen in de beoogde gemeenten. De maatregel maakt gebruik van een breed scala aan instrumenten voor economische ontwikkelingsinterventies op basis van actieplannen en economische ontwikkelingsstrategieën op basis van lokale diagnoses. Bij de lancering van maatregelen voor economische ontwikkeling wordt voortgebouwd op maatschappelijk werk ter plaatse en op het netwerk van lokale sociale hulpverleners.

Deze investering bestaat uit de deelname van ten minste 10 000 personen aan socialiseringsprogramma’s. Deze programma’s omvatten opleiding, persoonlijke begeleiding, individuele dienstverlening en ten minste zes maanden werkervaring. Meer in het bijzonder ondersteunen deze programma’s de integratie van mensen in de werkende leeftijd die in achtergestelde gemeenten wonen op de open arbeidsmarkt door middel van opleidingsactiviteiten, en bieden zij hen intensieve en alomvattende begeleiding om aan het werk te gaan en te blijven. Als gevolg van de maatregel zullen de vaardigheden en de inzetbaarheid van de deelnemers aan het programma naar verwachting verbeteren en aldus bijdragen tot de werkgelegenheid van kansarme groepen.

De uitvoering van de investering moet uiterlijk op 30 juni 2026 zijn voltooid.

C3.I4: Gemeenschapsgerichte pedagogie

Het doel van de maatregel is de leerresultaten en de participatiegraad in het onderwijs in de meest achtergestelde gebieden te verbeteren door leerlingen gerichte ondersteuning te bieden en hun gezinnen bij het schoolleven te betrekken.

Deze maatregel voorziet in inclusieve pedagogische ontwikkelingen in ten minste 100 openbare onderwijsinstellingen in de meest achtergestelde gemeenten die zijn geselecteerd in het kader van het Catching up Settlements Programme. De steun omvat sociale diagnoses voor openbare onderwijsinstellingen, uitgebreide schoolprogramma’s en beurzen voor middelbaar onderwijs in onderwijstrajecten die leiden tot „matura” (middelbareschooldiploma). De maatregel voorkomt verdere segregatie in het onderwijs en bestrijdt bestaande segregatie in het onderwijs.

De uitvoering van de investering moet uiterlijk op 30 juni 2026 zijn voltooid.

C.2.    Mijlpalen, streefdoelen, indicatoren en tijdschema voor de monitoring en uitvoering van niet-terugvorderbare financiële steun

Volgnummer

Gerelateerde maatregel (hervorming of investering)

Mijlpaal/Doelstelling

Naam

Kwalitatieve indicatoren
(voor mijlpalen)

Kwantitatieve indicatoren
(voor streefcijfers)

Indicatief tijdschema voor de voltooiing

Beschrijving van elke mijlpaal en doelstelling

Meeteenheid

Uitgangssituatie

Doel

Kwartaal

Jaar

50

C3.R1 Het scheppen van kadervoorwaarden voor doeltreffende geïntegreerde steun aan de meest achtergestelde nederzettingen

Mijlpaal

Transparante selectie van de organisaties die de verschillende elementen van het inhaalafwikkelingsprogramma zullen uitvoeren

Bekendmaking van het reglement van orde voor de selectie van uitvoerende organisaties

KWARTAAL 4

2021

Het reglement van orde waarborgt een transparante selectie van niet-gouvernementele organisaties en andere organisaties die de verschillende elementen van het inhaalprogramma uitvoeren. Het reglement van orde wordt gepubliceerd op de speciale website van het inhaalafwikkelingsprogramma. De selectie geschiedt op basis van criteria die verband houden met beroepservaring, bekwaamheid en verdienste.

51

C3.R1 Het scheppen van kadervoorwaarden voor doeltreffende geïntegreerde steun aan de meest achtergestelde nederzettingen

Mijlpaal

Oprichting van een toezichtcomité voor de ondersteuning van de meest achtergestelde nederzettingen

KWARTAAL 1

2023

Er wordt een thematisch toezichtcomité opgericht voor het inhaalafwikkelingsprogramma, met inbegrip van de ESF ± en EFRO-elementen, eventueel in combinatie met andere soortgelijke programma’s voor sociale inclusie. Het comité evalueert de resultaten en doet aanbevelingen om de doeltreffendheid van het programma verder te vergroten. Tot de leden van het toezichtcomité behoren de bevoegde ministeries en autoriteiten, vertegenwoordigers van gemeenten, maatschappelijke organisaties die zich bezighouden met sociale integratie en integratie van de Roma. De maatschappelijke organisaties worden geselecteerd op basis van beroepservaring, bekwaamheid en verdienste. Het toezichtcomité komt ten minste eenmaal per kwartaal bijeen. De documenten, met inbegrip van de notulen, worden gepubliceerd op de speciale website van het programma.

52

C3.I1 Bouw en renovatie van sociale woningen, verbetering van de huisvestingsomstandigheden

Mijlpaal

Vaststelling van een interventieplan op basis van huisvestingsdiagnoses voor de betrokken nederzettingen

Publicatie van het interventieplan op de speciale website

 

 

 

 KWARTAAL 2

2022

De hoofdorganisator van het inhaalafwikkelingsprogramma stelt een interventieplan vast om de renovatiebehoeften en de woongebieden vast te stellen waar nieuwe sociale woningen zullen worden gebouwd of aangekocht. Nieuwe en gerenoveerde woningen voor sociale doeleinden mogen bij wijze van uitzondering buiten de 300 meest achtergestelde gemeenten worden geplaatst (in niet-gesegregeerde gebieden met een betere toegang tot werkgelegenheid en diensten), maar in die gevallen wordt de sociale woningvoorraad toegewezen aan mensen die in deze 300 doelgemeenten wonen, die via een openbare oproep tot het indienen van sollicitaties een huurwoning kunnen aanvragen en op vrijwillige basis in een woning buiten hun woongebied kunnen verhuizen. In het plan wordt rekening gehouden met de enquêtes die zijn uitgevoerd om de behoeften in kaart te brengen en de selectie van projecten mag geen scheidingsrisico opleveren. Het plan wordt gepubliceerd op de speciale website van het inhaalafwikkelingsprogramma.

53

C3.I1 Bouw en renovatie van sociale woningen, verbetering van de huisvestingsomstandigheden

Streefwaarde

Renovatie van woningen

Aantal

0

800

KWARTAAL 4

2024

Aankoop en renovatie van ten minste 800 woningen die volgens het gepubliceerde interventieplan zijn geselecteerd en verhuren als sociale woningen. Dit omvat interventies zoals de renovatie van ten minste één verwarmbare kamer en één badkamer per woning, alsmede de voorbereiding van veilige elektriciteitsinzamelpunten, omheiningen, knaagdierbestrijding en insecticide. Deze woningen na renovatie zijn eigendom van de organisaties die het inhaalafwikkelingsprogramma voor een periode van ten minste 20 jaar uitvoeren en worden beheerd door een bureau voor sociale huisvesting in het kader van een openbaredienstcontract. Het bureau voor sociale huisvesting wijst de woningvoorraad via een openbare aanbesteding toe aan de in aanmerking komende huurders in de vorm van een verhuurd onroerend goed.

54

C3.I1 Bouw en renovatie van sociale woningen, verbetering van de huisvestingsomstandigheden

Streefwaarde

Renovatie van extra woningen

Aantal

800

1 600

KWARTAAL 2

2026

Aankoop en renovatie van ten minste 800 extra woningen die volgens het gepubliceerde interventieplan zijn geselecteerd. Dit omvat interventies zoals de renovatie van ten minste één verwarmbare ruimte, één badkamer per woning, de voorbereiding van veilige elektriciteitsinzamelpunten, omheiningen, knaagdierbestrijding, insecticide. Deze woningen na renovatie worden eigendom, beheerd en gehuurd aan in aanmerking komende huurders overeenkomstig de specificaties in mijlpaal 53.

55

C3.I1 Bouw en renovatie van sociale woningen, verbetering van de huisvestingsomstandigheden

Streefwaarde

Bouw van nieuwe sociale huisvesting

Aantal

0

200

KWARTAAL 4

2024

Bouw van ten minste 200 nieuwe sociale woningen op basis van het gepubliceerde interventieplan. Nieuwe gebouwen moeten voldoen aan de eisen inzake bijna-energieneutrale gebouwen. De bouw van nieuwe huizen vindt zo centraal mogelijk plaats binnen een gemeente om gebruik te maken van vervallen huizen en lege percelen. Deze nieuw gebouwde woningen moeten eigendom zijn, worden beheerd en gehuurd aan in aanmerking komende huurders overeenkomstig de specificaties in mijlpaal 53.

56

C3.I1 Bouw en renovatie van sociale woningen, verbetering van de huisvestingsomstandigheden

Streefwaarde

Bouw van aanvullende nieuwe sociale huisvesting

Aantal

200

400

KWARTAAL 2

2026

Bouw van ten minste 200 nieuwe sociale woningen op basis van het gepubliceerde interventieplan. Nieuwe gebouwen moeten voldoen aan de eisen inzake bijna-energieneutrale gebouwen. De bouw van nieuwe huizen vindt zo centraal mogelijk plaats binnen een gemeente om gebruik te maken van vervallen huizen en lege percelen. Deze nieuw gebouwde woningen moeten eigendom zijn, worden beheerd en gehuurd aan in aanmerking komende huurders overeenkomstig de specificaties in mijlpaal 53.

57

C3.I2 Productie en gebruik van hernieuwbare energie in achtergestelde gemeenten

Streefwaarde

Installatie van productiecapaciteit voor hernieuwbare energie in of ten behoeve van achtergestelde gemeenten

kWp

0

12 500

KWARTAAL 4

2023

Elektriciteitscentrales voor de productie van hernieuwbare energie worden gebouwd in enkele van de 300 meest achtergestelde woongebieden, met een productiecapaciteit van ten minste 12 500 kWp.

In gevallen waarin de netwerkcapaciteit het niet mogelijk maakt om te investeren in inhaalgebieden binnen het administratieve gebied van de beoogde gemeenten, mogen fotovoltaïsche centrales bij wijze van uitzondering buiten de 300 beoogde gemeenten worden gebouwd indien dit technisch gerechtvaardigd is, mits de gegenereerde inkomsten worden gebruikt om de verwarming van huishoudens in de 300 beoogde gemeenten te subsidiëren.

De productiecapaciteit is gedurende ten minste 20 jaar eigendom van de organisaties die het Catching up Settlements Programme uitvoeren. Deze organisaties gebruiken de netto-inkomsten (het verschil tussen de inkomsten uit de verkoop van energie en de uitgaven in verband met de exploitatie van de centrale) van de elektriciteitsproductie om te voorzien in de jaarlijkse elektriciteitsbehoefte voor verwarming van ten minste één verwarmde ruimte voor ten minste 2500 kwetsbare gezinnen met kinderen in de 300 woongebieden, via een openbare aanbesteding. De eigenaar houdt een afzonderlijke boekhouding bij met het oog op de registratie van en verslaglegging over de inkomsten, uitgaven en herverdeelde financiële steun in verband met de exploitatie van de energiecentrales.

58

C3.I2 Productie en gebruik van hernieuwbare energie in achtergestelde gemeenten

Streefwaarde

Installatie van extra productiecapaciteit voor hernieuwbare energie in of ten behoeve van achtergestelde gemeenten

kWp

12 500

25 000

KWARTAAL 4

2025

In sommige van de 300 meest achtergestelde woongebieden worden extra elektriciteitscentrales voor de productie van hernieuwbare energie gebouwd, met een productiecapaciteit van ten minste 12500 kWp.

In gevallen waarin de netwerkcapaciteit het niet mogelijk maakt om te investeren in inhaalgebieden binnen het administratieve gebied van de beoogde gemeenten, mogen fotovoltaïsche centrales bij wijze van uitzondering buiten de 300 beoogde gemeenten worden gebouwd indien dit technisch gerechtvaardigd is, mits de gegenereerde inkomsten worden gebruikt om de verwarming van huishoudens in de 300 beoogde gemeenten te subsidiëren.

De productiecapaciteit is gedurende ten minste 20 jaar eigendom van de organisaties die het Catching up Settlements Programme uitvoeren. Deze organisaties gebruiken de netto-inkomsten (het verschil tussen de inkomsten uit de verkoop van energie en de uitgaven in verband met de exploitatie van de centrale) van de elektriciteitsproductie om te voorzien in de jaarlijkse elektriciteitsbehoefte voor verwarming van ten minste één verwarmde ruimte voor ten minste 2500 (bovenop het vorige streefcijfer) kwetsbare gezinnen met kinderen in de 300 nederzettingen, via een openbare aanbesteding. De eigenaar houdt een afzonderlijke boekhouding bij met het oog op de registratie en rapportage van inkomsten, uitgaven en herverdeelde financiële steun in verband met de exploitatie van de energiecentrales.

59

C3.I3 Bevordering van werkgelegenheid en ontwikkeling van vaardigheden op basis van lokale bijzonderheden

Streefwaarde

Deelname aan programma’s voor sociale integratie op de arbeidsmarkt

Aantal

0

4 000

KWARTAAL 4

2023

Ten minste 4 000 personen uit de beoogde nederzettingen nemen deel aan programma’s voor arbeidssocialisatie, waaronder opleiding, persoonlijke begeleiding, individuele dienstverlening en een minimale baan van zes maanden. Openbare werken p articipatietelt niet als werkgelegenheid in het kader van deze investering.

60

C3.I3 Bevordering van werkgelegenheid en ontwikkeling van vaardigheden op basis van lokale bijzonderheden

Streefwaarde

Aanvullende participatie in arbeidssocialiseringsprogramma’s

Aantal

4 000

10 000

KWARTAAL 2

2026

Ten minste 6 000 extra personen uit de beoogde nederzettingen nemen deel aan werkgelegenheidsprogramma’s, overeenkomstig de specificaties in mijlpaal 59.

61

C3.I4 Communautair georiënteerde pedagogie

Streefwaarde

Pedagogische ontwikkeling van openbare onderwijs- en beroepsopleidingsinstellingen in de geselecteerde nederzettingen

Aantal

0

40

KWARTAAL 4

2023

Ten minste 40 openbare onderwijs- en beroepsopleidingsinstellingen in geselecteerde nederzettingen profiteren van inclusieve pedagogische ontwikkeling. De steun omvat sociale diagnoses voor openbare onderwijsinstellingen, uitgebreide schoolprogramma’s, beurzen voor middelbare scholen die tot „matura” leiden, toepassing van gemeenschapsgerichte onderwijsmethoden en loopbaanbegeleiding.

62

C3.I4 Communautair georiënteerde pedagogie

Streefwaarde

Pedagogische ontwikkeling van aanvullende openbare onderwijs- en beroepsopleidingsinstellingen in de geselecteerde nederzettingen

Aantal

40

100

KWARTAAL 2

2026

Ten minste 60 aanvullende openbare onderwijs- en beroepsopleidingsinstellingen in geselecteerde nederzettingen profiteren van inclusieve pedagogische ontwikkeling. De steun omvat sociale diagnoses voor openbare onderwijsinstellingen, uitgebreide schoolprogramma’s, beurzen voor middelbare scholen die tot „matura” leiden, toepassing van gemeenschapsgerichte onderwijsmethoden en loopbaanbegeleiding.

D. COMPONENT 4: WATERBEHEER

Dit onderdeel van het Hongaarse herstel- en veerkrachtplan is gericht op het aanpakken van de uitdagingen waarmee Hongarije op het gebied van waterbeheer wordt geconfronteerd, met name in verband met het risico op droogte. Waterschaarste heeft een nadelig effect op de toestand van waterlichamen, ecosystemen en landbouwgrond.

Het doel van deze component is bij te dragen tot de invoering van oplossingen op het gebied van waterbeheer in de landbouw door de ontwikkeling van nieuwe waternetwerken en de wederopbouw van bestaande systemen, door de invoering van een doeltreffend monitoringsysteem op lokaal en nationaal niveau en door de oprichting van nieuwe duurzame waterbeheergemeenschappen. De component omvat ook maatregelen die gericht zijn op het verbeteren van de watervoorzieningszekerheid in het Natura 2000-gebied Hanság en op het starten van reflectie en het uitvoeren van maatregelen om de maatregelen voor aanpassing aan de klimaatverandering in het waterbeheer te versnellen, met name door de toepassing van op de natuur gebaseerde oplossingen.

De maatregelen van deze component zijn voornamelijk gericht op het herstellen van de watervoorziening en het verbeteren van de waterretentie in de gebieden waar waterschaarste heerst, waarbij voorrang wordt gegeven aan het vasthouden van neerslag en water uit stroomopwaarts gelegen waterlopen, de bescherming van de grondwatervoorraden en het waarborgen van een ecologisch verantwoorde retentie van watervoorraden. De verbetering van het Hongaarse monitoringsysteem voor waterbeheer door het aantal meetstations te verhogen, zal naar verwachting bijdragen tot een beter beheer van de wateronttrekking door de bevoegde autoriteiten.

De component draagt bij tot de uitvoering van de landspecifieke aanbevelingen om het investeringsgerelateerde economische beleid toe te spitsen op duurzaam waterbeheer (landspecifieke aanbeveling 3 in 2020 en landspecifieke aanbeveling 5 in 2022).

Verwacht wordt dat geen enkele maatregel in deze component ernstig afbreuk doet aan milieudoelstellingen in de zin van artikel 17 van Verordening (EU) 2020/852, rekening houdend met de beschrijving van de maatregelen en de risicobeperkende stappen in het herstel- en veerkrachtplan overeenkomstig de technische richtsnoeren inzake het beginsel „geen ernstige afbreuk doen aan” (2021/C58/01).

D.1. Beschrijving van de hervormingen en investeringen voor niet-terugvorderbare financiële steun

C4.R1: Voorlichting

Het doel van de hervorming is het toepassingsgebied van bestaande landbouwersverenigingen, ook wel „Irrigatiegemeenschappen” genoemd, uit te breiden tot „gemeenschappen voor duurzaam waterbeheer”, gericht op duurzame waterbeheerpraktijken en duurzame oplossingen voor aanpassing aan de klimaatverandering. Daartoe worden Wet CXIII/2019 en regeringsdecreet nr. 302/2020 gewijzigd om het toepassingsgebied van de bestaande landbouwersverenigingen uit te breiden. Er worden nieuwe „gemeenschappen voor duurzaam waterbeheer” opgericht om duurzame oplossingen voor waterbeheer (onder meer waterretentie) en de uitwisseling van beste praktijken te bevorderen. In het kader van de hervorming worden ook voorlichtingscampagnes opgezet in de vorm van door het ministerie van Binnenlandse Zaken georganiseerde informatiesessies, zodat nieuw opgerichte „duurzame waterbeheergemeenschappen” en alle reeds bestaande gemeenschappen zich beter bewust worden van het belang van duurzaam waterbeheer en de knowhow verwerven van doeltreffende oplossingen voor de uitvoering ervan.

De hervorming omvat ten minste 50 000 hectare bouwland dat wordt gewijzigd in de vorm van waterbesparende landbouwpraktijken. 1  

De uitvoering van de hervorming wordt uiterlijk op 31 maart 2026 voltooid.

C4.I1: Bouw van de belangrijkste watervervangingssystemen, ontwikkeling van nieuwe netwerken en systemen

Het doel van de investering is de renovatie van watervervangingssystemen waarbij water wordt hersteld in gebieden waar geen wateraansluiting is, en ervoor te zorgen dat water wordt geleverd aan waterafhankelijke ecosystemen, natuurreservaten en Natura 2000-gebieden. De onderliggende doelstelling van de interventies is de bescherming van de grondwatervoorraden zonder schade aan de oppervlaktewatervoorraden. Rekening houdend met de instandhoudingsdoelstellingen van landbeheer omvatten de geplande activiteiten de noodzakelijke renovatie van sommige delen van de rivierbedding en waterzuiveringsstroken, de renovatie van structuren voor waterbeheersing en -retentie en de bouw van nieuwe structuren.

Om het risico van een niet-duurzame vraag naar water van buiten de getroffen gebieden, waardoor met name in tijden van lage rivierstromen een abstracte grondwatervoorraad nodig is, tot een minimum te beperken, worden specifieke waarborgen ingesteld om de watervoorraden in de bodem van de getroffen gebieden als gevolg van neerslag of door stroomopwaarts gelegen waterlopen zo veel mogelijk vast te houden.

Daartoe neemt Hongarije in het ontwerp van de projecten aanzienlijke op de natuur gebaseerde oplossingen voor waterretentie op 2 , met name N01 (bekkens en vijvers), N07 (heraansluiting van oxoboogmeren en soortgelijke kenmerken) en N13 (herstel van natuurlijke infiltratie in het grondwater) 3 .

De investering bestaat uit twee projecten:

I)Verbetering en herstel van de ecologische toestand van het watertekort van de Donau-Tisza Interfluve Homokhátság (Sand Ridge) — fase I.

Dit project betreft het noordelijke perceel van de Homokhátság en de wederopbouw en verdere ontwikkeling van het watervoorzieningssysteem van Tiszaalpár op basis van de watervoorraden van de rivier de Tisza.

Het aanvullen van water op basis van de watervoorraden van de Tisza omvat de reconstructie en verdere ontwikkeling van het watervullingssysteem van Tiszaalpár. De uitbreiding van het huidige systeem moet worden bereikt door het herstel van de eerder aangelegde watervoorzieningswerkzaamheden, het herstel van het Baloghalmi-kanaal en de bouw van het reservoir Alpárlőrincpuszta. De pompstations op de rivier (de hoofdinvoer van Tiszaalpár en het drukwisselcentrum van Alpár) en de waterbeheersingsstructuren moeten worden gebouwd om water te leveren aan de te herstellen kanaalgedeelten. Het andere deel van het project is de vervanging en revitalisering van water voor ecologische doeleinden van de Szikrai Holt-Tisza en de Alpári Holt-Tisza-reservoirs.

Het doel van het project is de voorwaarden te scheppen voor een veilige watervoorziening die voldoet aan de ecologische behoeften, de kwantiteit en kwaliteit van de watervoorraden te verhogen en de doeltreffendheid van de bescherming tegen waterschade te vergroten. Met behoud van de bestaande watervoorraden is de operationele doelstelling ervan te zorgen voor een veilige omleiding van periodiek voorkomende overstromingen en binnenwateren, mogelijkheden voor watervoorziening te bieden en de voorwaarden voor het gebruik van watervoorraden te verbeteren. Als gevolg van het project zal de waterretentie- en wateropslagcapaciteit van het gebied toenemen en moet de waterbalans van de bodem verbeteren.

De uitvoering van het project moet uiterlijk op 30 juni 2026 zijn voltooid.

II)Ontwikkeling van de watervoorziening van Rábaköz-Tóköz.

Dit project bestaat uit de wederopbouw en verbreding van een deel van het Vág-Sárdos-Megág-kanaal. Het project omvat ook de renovatie van estuaire sluizen, de bouw van een weide, een controlestructuur en duikers op de verbindingssloten. De wederopbouw van het kanaal dat met de rivier de Keszeg verbonden is, omvat onder meer de slibbehandeling van rivierbeddingen. Tussen de twee kanalen worden een nieuw kanaal en een nieuwe waterdam aangelegd ter aanvulling van de ecologische watervoorziening van de watervoorziening van Kis-Rába via het Keszeg-ér naar het kanaal Vág-Sárdos-Megág.

De uitvoering van het project moet uiterlijk op 30 juni 2026 zijn voltooid.

Voor deze twee projecten:

Alle onderdelen van de projecten die aanzienlijke milieueffecten kunnen hebben, worden onderworpen aan een milieueffectbeoordeling (MEB) overeenkomstig Richtlijn 2011/92/EU en aan relevante beoordelingen in het kader van Richtlijn 2000/60/EG. De vereiste mitigerende maatregelen worden in de projecten geïntegreerd. Van de vereisten van deze projecten, zoals hierboven uiteengezet, kan worden afgeweken voor zover dat nodig is om aan de vereiste mitigerende maatregelen te voldoen.

De investeringen moeten ook voldoen aan de bepalingen van Richtlijn 2009/147/EG inzake het behoud van de vogelstand (vogelrichtlijn) en Richtlijn 92/43/EEG inzake de instandhouding van de natuurlijke habitats en de wilde flora en fauna (habitatrichtlijn).

Er wordt een klimaatrisicoanalyse uitgevoerd.

Wanneer water wordt onttrokken, wordt een vergunning verleend door de bevoegde autoriteit. Wateronttrekking moet worden vermeden wanneer de betrokken waterlichamen zich in een minder dan goede toestand of een potentieel goede toestand bevinden of naar verwachting zullen bevinden.

Hongarije moet uiterlijk op 31 december 2025 een goede ecologische toestand of een goed ecologisch potentieel bereiken van de door de investeringen getroffen oppervlakte- en grondwaterlichamen (of, indien een goede toestand is bereikt, niet zijn verslechterd).

C4.I2: Invoering van een monitoringsysteem

Het doel van de investering is bij te dragen tot het duurzame beheer van watervoorraden. Kennis van de waterstroming in oppervlaktewaterlopen en andere hydrologische en waterkwaliteitsparameters van de regio is een fundamentele voorwaarde voor een duurzaam beheer van de watervoorraden. Dankzij de investering zullen naar verwachting acties worden ondernomen op basis van de realtimegegevens van de monitoringsystemen in geval van een kwalitatieve en kwantitatieve verslechtering van de toestand van waterlichamen. Het gebruik van slimme monitoring, IT-instrumenten, de interconnectie van datasystemen en de dynamische plannings- en controlefunctie zal naar verwachting de nodige inputinformatie opleveren die nodig is voor de planning.

De investering bestaat uit de ontwikkeling van een uitgebreid monitoringsysteem voor wateronttrekkingen op lokaal en nationaal niveau. Dit monitoringsysteem wordt gebruikt om de onttrekkingen van zowel het grondwater als het oppervlaktewater te beoordelen.

Deze investering omvat de bouw van hydrografische oppervlaktestations, de installatie van geavanceerde hydrografische controleapparatuur en de verdere ontwikkeling van ondergrondse monitoringsystemen door de bouw van nieuwe putten voor de detectie van grondwaterniveaus, die zijn gebouwd met een geïntegreerde druksonde voor systemen voor detectie op afstand.

De uitvoering van de investering moet uiterlijk op 31 december 2025 zijn voltooid.

C4.I3: Natuurbescherming,

De investering vindt plaats in het Hanság-gebied van het watersysteem Rábaköz-Tóköz, teneinde de waterbalans van het Natura 2000-gebied te verbeteren en de ecologische aanvulling van het water veiliger te maken en de retentie van oppervlakte- en grondwater te verbeteren. Het doel van de investering is de bescherming en verbetering van de ecologische toestand van beschermde habitats en Natura 2000-habitats in Hanság in het doelgebied van 4 950 ha door verbetering van de opslagcapaciteit voor grondwater en oppervlaktewater.

De belangrijkste activiteiten van de investering zijn gericht op de modernisering van het eerder ontwikkelde kanaalsysteem om een evenwichtige watervoorziening te waarborgen. Met het oog op de instandhoudingsdoelstellingen van het grondbeheer omvatten de geplande activiteiten de noodzakelijke renovatie van sommige delen van de rivierbedding en de waterzuiveringsstroken, de renovatie van structuren voor waterbeheersing en -retentie en de bouw van nieuwe structuren.

De investering draagt bij tot een grotere retentie en een conservatiever beheer van lokaal beschikbare watervoorraden. Het zal naar verwachting zorgen voor de ecologische omstandigheden die nodig zijn voor de bescherming van ecosystemen van wetlands die habitats en soorten van communautair belang bevatten.

Er moet prioriteit worden gegeven aan het vasthouden van water dat wordt opgevangen door neerslag of uit natuurlijke stroomopwaarts gelegen waterlopen. Het ontwerp van het project omvat substantiële op de natuur gebaseerde oplossingen voor waterretentie 4 , het herstel van wetlands en veengebieden, met name N02 (herstel en beheer van wetlands) en N13 (herstel van natuurlijke infiltratie naargrondwater) 5 . In het algemeen wordt in het ontwerp prioriteit gegeven aan het gebruik van op de natuur gebaseerde oplossingen, op basis van beste praktijken.

Alle projecten die aanzienlijke milieueffecten kunnen hebben, worden onderworpen aan een milieueffectbeoordeling (MEB) overeenkomstig Richtlijn 2011/92/EU en aan relevante beoordelingen in het kader van Richtlijn 2000/60/EG. De vereiste mitigerende maatregelen worden in de projecten geïntegreerd. Van de vereisten van deze projecten, zoals hierboven uiteengezet, kan worden afgeweken voor zover dat nodig is om aan de vereiste mitigerende maatregelen te voldoen.

Er wordt een klimaatrisicoanalyse uitgevoerd.

De investeringen moeten ook voldoen aan de bepalingen van Richtlijn 2009/147/EG inzake het behoud van de vogelstand (vogelrichtlijn) en Richtlijn 92/43/EEG inzake de instandhouding van de natuurlijke habitats en de wilde flora en fauna (habitatrichtlijn).

Wanneer water wordt onttrokken, wordt een vergunning verleend door de bevoegde autoriteit. Wateronttrekking moet worden vermeden wanneer de betrokken waterlichamen zich in een minder dan goede toestand of een potentieel goede toestand bevinden of naar verwachting zullen bevinden.

Hongarije moet uiterlijk op 31 december 2025 een goede ecologische toestand bereiken van de door de investering getroffen oppervlakte- en grondwaterlichamen (of, indien een goede toestand is bereikt, niet zijn verslechterd).

De uitvoering van de investering moet uiterlijk op 30 juni 2026 zijn voltooid.

C4.R2: Versnelling van de maatregelen voor aanpassing aan de klimaatverandering in het waterbeheer

Het doel van deze hervorming is de betrokkenheid van verschillende belanghebbenden op het gebied van duurzaam waterbeheer. Met het oog op aanpassing aan de klimaatverandering zal de hervorming gericht zijn op het bereiken van een nieuwe publieke consensus over landgebruik.

Als eerste stap wordt een taskforce opgericht om de huidige nationale klimaatsituatie te beoordelen, met deelname van internationale deskundigen. Het door de taskforce opgestelde verslag bevat aanbevelingen en wordt voorgelegd voor openbare raadpleging en in internationale fora. Op basis van die aanbevelingen en uitwisselingen wordt een actieplan ontwikkeld en uitgevoerd, met inbegrip van eventuele noodzakelijke wetswijzigingen.

De uitvoering van de hervorming wordt uiterlijk op 30 juni 2025 voltooid.

D.2.    Mijlpalen, streefdoelen, indicatoren en tijdschema voor de monitoring en uitvoering van niet-terugvorderbare financiële steun

Volgnummer

Gerelateerde maatregel (hervorming of investering)

Mijlpaal/Doelstelling

Naam

Kwalitatieve indicatoren
(voor mijlpalen)

Kwantitatieve indicatoren
(voor streefcijfers)

Indicatief tijdschema voor de voltooiing

Beschrijving van elke mijlpaal en doelstelling

Meeteenheid

Uitgangssituatie

Doel

Kwartaal

Jaar

63

C4.R1 Verzameling

Mijlpaal

Wijziging van wet CXIII/2019 inzake irrigatielandbouw en van regeringsdecreet nr. 302/2020

Inwerkingtreding van wetswijzigingen

KWARTAAL 2

2023

Wet CXIII/2019 en regeringsdecreet nr. 302/2020 worden gewijzigd om het toepassingsgebied van de bestaande verenigingen van landbouwers, „irrigatiegemeenschappen” — „öntözési közösség” genoemd, uit te breiden tot „duurzame waterbeheergemeenschappen”.

Hun taken worden verder uitgebreid dan irrigatieaangelegenheden om zich te concentreren op duurzame waterbeheerpraktijken, duurzame oplossingen voor aanpassing aan de klimaatverandering en micro-regionale meting van het wateraanbod en de vraag naar water. Zij beoordelen ook regelmatig de door de autoriteiten verstrekte informatie over de toestand van waterlichamen en verstrekken regelmatig informatie over projecten op het gebied van wateronttrekking, watervoorziening en de vraag naar water. Het huidige lidmaatschap wordt dienovereenkomstig aangepast.

64

C4.R1 Verzameling

Streefwaarde

Oprichting van duurzame waterbeheergemeenschappen

Aantal

0

100

KWARTAAL 3

2024

100 nieuwe „gemeenschappen voor duurzaam waterbeheer” (zoals gedefinieerd in het nieuwe wetgevingskader) worden opgericht. Bestaande gemeenschappen worden aangepast aan het nieuwe rechtskader.

65

C4.R1 Verzameling

Mijlpaal

Organisatie van informatiesessies

Geplande informatiesessies zijn afgerond

KWARTAAL 4

2025

Het ministerie van Landbouw organiseert informatiesessies voor alle nieuwe duurzame waterbeheergemeenschappen zoals vastgesteld overeenkomstig streefdoel 64, alsook voor alle bestaande gemeenschappen zoals aangepast aan het rechtskader overeenkomstig streefdoel 64. Deze informatiesessies moeten het bewustzijn vergroten over het belang van duurzame waterbeheerpraktijken, natuurlijke oplossingen voor waterretentie, het gebruik van efficiënte landbouwtechnieken en minder intensieve gewassen.

66

C4.R1 Verzameling

Streefwaarde

Hectaren bouwland dat veranderingen heeft ondergaan op het gebied van waterbesparende landbouwpraktijken

 

Aantal hectaren

0

50 000

KWARTAAL 1

2026

50 000 hectare bouwland op nationaal niveau heeft ten minste een van de volgende behandelingen ondergaan: I) toegepaste maatregelen om het gehalte aan organisch materiaal in de bodem te verhogen; II) overgeschakeld op minder waterveeleisende/meer droogtebestendige gewassen; gebruik van bouwland voor waterretentie op basis van de natuur; druppelirrigatietechnieken en het gebruik van gerecycleerd water voor irrigatie. Bovendien moet ten minste 75 % van de bovengenoemde 50.000 hectare bouwland een van de praktijken i), ii) en/of iii) hebben ondergaan.

67

C4.I1-3 Investeringen 1 en 3 — Waterbeheer

Mijlpaal

Het bereiken van een goede ecologische toestand van de oppervlakte- en grondwaterlichamen die door de investeringen in het kader van deze component worden getroffen (Investeringen 1 en Investeringen 3)

Publicatie van de resultaten op de website van de nationale waterautoriteiten

 

 

 

KWARTAAL 4

2025

De monitoring van de waterlichamen waarop de investeringen 1 en 3 betrekking hebben, moet zijn uitgevoerd om ervoor te zorgen dat de oppervlakte- en grondwaterlichamen die gevolgen ondervinden van de investeringen in het kader van het plan voor herstel en veerkracht zich in een goede ecologische toestand bevinden (of dat, indien een goede toestand is bereikt, deze niet is verslechterd). Een goede ecologische toestand van de betrokken waterlichamen, zoals gedefinieerd in de kaderrichtlijn water (Richtlijn 2000/60/EG), moet worden bereikt.

68

C4.I1 Bouw van belangrijke watervervangingssystemen, ontwikkeling van nieuwe netwerken en systemen

Mijlpaal

Ontwerp van het project „Verbetering en herstel van de ecologische toestand van Homokhátság (Donaube-Tisza) — fase I”

Goedkeuring van het ontwerp

 

 

 

KWARTAAL 1

2023

Het ontwerp van het project voor de verbetering en het herstel van het watertekort in het gebied Homokhátság wordt goedgekeurd.

Aanzienlijke op de natuur gebaseerde oplossingen voor waterretentie (met name N01 — bekkens en vijvers, N07 — heraansluiting van oxkowlakken en soortgelijke kenmerken, en N13 — herstel van natuurlijke infiltratie in het grondwater) moeten in het ontwerp van het project worden opgenomen. De infiltratie van water uit kanalen via hun oevers wordt niet als op de natuur gebaseerde oplossingen beschouwd.

Een MEB moet worden voltooid overeenkomstig Richtlijn 2011/92/EU, alsmede relevante beoordelingen in het kader van Richtlijn 2000/60/EG. Alle maatregelen die in het kader van de MEB en de beoordeling uit hoofde van Richtlijn 2000/60/EG worden vastgesteld, worden in het project geïntegreerd. De naleving van de instandhoudingsdoelstellingen van Natura 2000 moet worden gewaarborgd.

Wanneer water wordt onttrokken, verleent de bevoegde autoriteit een relevante vergunning. Wateronttrekking moet worden vermeden wanneer de betrokken waterlichamen zich in een minder dan een goede toestand of een potentieel goede toestand bevinden of naar verwachting zullen bevinden.

69

C4.I1 Bouw van belangrijke watervervangingssystemen, ontwikkeling van nieuwe netwerken en systemen

Mijlpaal

 

Afronding van het project „Verbetering en herstel van de ecologische toestand van Homokhátság (Donaube-Tisza) — fase I”

Voltooiingsverslag

 

 

 

KWARTAAL 2

2026

Verslag over de voltooiing van het project ter verbetering van het watertekort in het gebied Homokhátság. Uit het verslag moet blijken dat het project is voltooid in overeenstemming met het ontwerp van het project.

Het verslag gaat vergezeld van een beoordeling van de uitvoering van de op de natuur gebaseerde oplossingen zoals opgenomen in het ontwerp van het project.

70

C4.I1 Bouw van belangrijke watervervangingssystemen, ontwikkeling van nieuwe netwerken en systemen

Mijlpaal

Ontwerp van het project „ontwikkeling watervoorziening Rábaköz-Tóköz”

Goedkeuring van het ontwerp

 

 

 

KWARTAAL 4

2022

Het ontwerp van het project dat gericht is op het verbeteren en herstellen van het watertekort indien het gebied Rábaköz-Tóköz wordt goedgekeurd, moet worden goedgekeurd.

Aanzienlijke op de natuur gebaseerde oplossingen voor waterretentie (met name N01 — bekkens en vijvers, N07 — heraansluiting van oxkowlakken en soortgelijke kenmerken, en N13 — herstel van natuurlijke infiltratie in het grondwater) moeten in het ontwerp van het project worden opgenomen. De infiltratie van water uit kanalen via hun oevers wordt niet als op de natuur gebaseerde oplossingen beschouwd.

Een MEB moet worden voltooid overeenkomstig Richtlijn 2011/92/EU, alsmede relevante beoordelingen in het kader van Richtlijn 2000/60/EG. Alle maatregelen die in het kader van de MEB en de beoordeling uit hoofde van Richtlijn 2000/60/EG worden vastgesteld, worden in het project geïntegreerd. De naleving van de instandhoudingsdoelstellingen van Natura 2000 moet worden gewaarborgd.

Wanneer water wordt onttrokken, verleent de bevoegde autoriteit een relevante vergunning. Wateronttrekking moet worden vermeden wanneer de betrokken waterlichamen zich in een minder dan een goede toestand of een potentieel goede toestand bevinden of naar verwachting zullen bevinden.

71

C4.I1 Bouw van belangrijke watervervangingssystemen, ontwikkeling van nieuwe netwerken en systemen

Mijlpaal

Afronding van het project „ontwikkeling watervoorziening Rábaköz-Tóköz”

Voltooiingsverslag

 

 

 

KWARTAAL 2

2026

Het verslag over de voltooiing van het project voor de verbetering en het herstel van het watertekort van de Rábaköz-Tóköz zal worden afgerond. Uit het verslag moet blijken dat het project is voltooid in overeenstemming met het ontwerp van het project.

Het verslag gaat vergezeld van een beoordeling van de uitvoering van de op de natuur gebaseerde oplossingen zoals opgenomen in het ontwerp van het project.

72

C4.I2 Invoering van een monitoringsysteem

Mijlpaal

Uitgebreid monitoringsysteem op lokaal niveau

Voltooiing

KWARTAAL 4

2024

Op lokaal niveau iseen uitgebreid monitoringsysteem voor grondwater en oppervlaktewater (kwantitatieve en kwalitatieve toestand) opgezet overeenkomstig de aanbevelingen van de richtsnoeren voor de monitoring van grondwater (richtsnoeren 15, gemeenschappelijke uitvoeringsstrategie, kaderrichtlijn water, Richtlijn 2000/60/EG). De toename van het aantal stations voor monitoring op afstand heeft betrekking op de regio’s waar de investeringen in het kader van deze component worden uitgevoerd. De gegevens van het monitoringsysteem worden openbaar gemaakt. Gegevens van het lokale monitoringsysteem worden gebruikt voor de beoordeling van wateronttrekking uit zowel grondwater als oppervlaktewater in gebieden die getroffen worden door de in het kader van het plan ondersteunde investeringen. Op basis van realtimegegevens wordt het monitoringsysteem gebruikt als instrument om ervoor te zorgen dat onmiddellijk actie wordt ondernomen in geval van achteruitgang van de waterkwaliteit of -kwantiteit.

73

C4.I2 Invoering van een monitoringsysteem

Mijlpaal

Uitgebreid monitoringsysteem op nationaal niveau

Voltooiing

 

 

 

KWARTAAL 4

2025

Er is op nationaal niveaueen uitgebreid monitoringsysteem voor grondwater en oppervlaktewater (kwantitatieve en kwalitatieve toestand) opgezet overeenkomstig de aanbevelingen van de richtsnoeren voor de monitoring van grondwater (richtsnoeren 15, gemeenschappelijke uitvoeringsstrategie, kaderrichtlijn water, Richtlijn 2000/60/EG). De gegevens van het monitoringsysteem worden openbaar gemaakt. Opbasis van realtimegegevens wordt het monitoringsysteem gebruikt als instrument om ervoor te zorgen dat onmiddellijk actie wordt ondernomen in geval van achteruitgang van de waterkwaliteit of -kwantiteit.

74

C4.I2 Invoering van een monitoringsysteem

Streefwaarde

Ontwikkeling van een alomvattend monitoringsysteem op nationaal niveau

Aantal geïnstalleerde apparatuur

0

90

KWARTAAL 4

2025

Het project omvat de bouw van ten minste 30 nieuwe oppervlaktehydrografische stations en het boren van meer dan 60 nieuwe putten om het monitoringsysteem onder de grond te verbeteren. De door het monitoringsysteem geproduceerde gegevens worden tijdig openbaar gemaakt.

75

C4.I3 Natuurbescherming

Mijlpaal

Ontwerp van het project „Verbetering van de ecologische watervoorziening in het Natura 2000-gebied Hanság”

Goedkeuring van het ontwerp

KWARTAAL 2

2023

Goedkeuring van het ontwerp van het project ter verbetering van de watervoorziening in het Natura 2000-gebied Hanság.

Het project omvat substantiële op de natuur gebaseerde oplossingen voor waterretentie, het herstel van wetlands en veengebieden, met name N02 — herstel en beheer van wetlands, en N13 — herstel van natuurlijke infiltratie in het grondwater. In het algemeen wordt in het ontwerp prioriteit gegeven aan het gebruik van op de natuur gebaseerde oplossingen, op basis van beste praktijken. Er wordt een beschrijving gegeven van de op de natuur gebaseerde oplossingen die in het project zijn geïntegreerd, alsmede een motivering voor situaties waarin op de natuur gebaseerde oplossingen niet in aanmerking konden worden genomen bij het ontwerp van het project. De infiltratie van water uit kanalen via hun oevers wordt niet als op de natuur gebaseerde oplossingen beschouwd.

Een MEB wordt voltooid overeenkomstig Richtlijn 2011/92/EU en relevante beoordelingen in het kader van Richtlijn 2000/60/EG en Richtlijn 92/43/EEG. Alle maatregelen die zijn vastgesteld in het kader van de MEB en de beoordeling uit hoofde van Richtlijn 2000/60/EG en Richtlijn 92/43/EEG worden in het project geïntegreerd.

Wanneer water wordt onttrokken, verleent de bevoegde autoriteit een relevante vergunning. Wateronttrekking moet worden vermeden wanneer de betrokken waterlichamen zich in een minder dan goede toestand of een potentieel goede toestand bevinden of naar verwachting zullen bevinden.

76

C4.I3 Natuurbescherming

Mijlpaal

Voltooiing van het project „Verbetering van de ecologische watervoorziening in het Natura 2000-gebied Hanság”

Voltooiingsverslag

KWARTAAL 2

2026

Verslag over de voltooiing van de investering ter verbetering van de ecologische watervoorziening in het Natura 2000-gebied Hanság. Zij toont aan dat het project is voltooid, in overeenstemming met het ontwerp van de investering.

Het verslag bevat een beoordeling van het gebruik van op de natuur gebaseerde oplossingen voor waterretentie, het herstel van wetlands en veengebieden.

77

C4.I3 Natuurbescherming

Streefwaarde

Toename van de gecombineerde dekking van hectaren groene infrastructuur of beschermde of Natura 2000-gebieden waarop het herstel van de natuurlijke hydrologie is gericht

Aantal

0

4.950

KWARTAAL 2

2026

De gecombineerde dekking van groene infrastructuur, beschermde of Natura 2000-gebieden waarop het herstel van de natuurlijke hydrologie gericht is, neemt toe met 4950 hectare.

Dit wordt gemeten aan de hand van het aantal hectaren dat wordt hersteld in overeenstemming met de instandhoudingsdoelstellingen en overeenkomstig de bepalingen van Richtlijn 2009/147/EG inzake het behoud van de vogelstand (vogelrichtlijn) en Richtlijn 92/43/EEG inzake de instandhouding van de natuurlijke habitats en de wilde flora en fauna (Habitatrichtlijn).

Daarnaast verstrekt het directoraat Nationaal Park Ferto-Ha nság een beoordelingsverslag over het effect van de investering op het herstel van wetlands en veengebieden met het oog op de instandhoudingsdoelstellingen van het Natura 2000-gebied, met inbegrip van de hydrologie en de verbetering van de staat van habitats en soorten.

78

C4.R2 Versnelling van de maatregelen voor aanpassing aan de klimaatverandering op het gebied van waterbeheer

Mijlpaal

Verslag van de taskforce duurzaam waterbeheer

Publicatie van het verslag 

KWARTAAL 4

2023

Er wordt een taskforce voor duurzaam waterbeheer opgericht, waaronder met name internationale deskundigen die erkend zijn op het gebied van duurzame waterbeheerpraktijken en op de natuur gebaseerde oplossingen.

De taskforce publiceert een verslag met aanbevelingen over: betere paraatheid voor en respons op extreme weersomstandigheden; monitoring van strategieën voor aanpassing aan de klimaatverandering (met inbegrip van het beleidskader en de governancestructuur); verbetering van de kennis over aanpassing en milieubewustzijn en verbetering van het gebruik van maatregelen voor aanpassing aan de klimaatverandering, zoals op de natuur gebaseerde oplossingen.

79

C4.R2 Versnelling van de maatregelen voor aanpassing aan de klimaatverandering op het gebied van waterbeheer

Mijlpaal

Uitvoering van een actieplan dat voortbouwt op de aanbevelingen van de taskforce

Het actieplan wordt uitgevoerd

KWARTAAL 2

2025

Het door de taskforce opgestelde verslag wordt voorgelegd voor openbare raadpleging en in internationale fora.

Op basis van die aanbevelingen en uitwisselingen wordt een actieplan opgesteld en gepubliceerd.

De uitvoering ervan wordt voltooid, met inbegrip van de nodige wetswijzigingen.

E. COMPONENT 5: DUURZAAM GROEN VERVOER

Dit onderdeel van het Hongaarse herstel- en veerkrachtplan is gericht op de noodzaak om de bijdrage van de vervoerssector aan de vermindering van de uitstoot van broeikasgassen en verontreinigende stoffen te versterken, de modernisering van het vervoersnetwerk en het rollend materieel te versnellen, de aantrekkelijkheid van duurzame vervoerswijzen, met name het openbaar vervoer, te vergroten en de sociale en territoriale cohesie te verbeteren.

Het doel van deze component is duurzame mobiliteit te bevorderen, het koolstofarm openbaar vervoer te versterken, de negatieve externe effecten van vervoer (met name congestie, emissies en ongevallen) te verminderen en toegankelijke vervoerswijzen aan te bieden, voornamelijk door de infrastructuur en de voertuigen van het openbaar vervoer te versterken. De maatregelen van deze component zullen naar verwachting leiden tot een vermindering van de emissies als gevolg van het vervoer door het gebruik van milieuvriendelijke stedelijke en voorstedelijke vervoerswijzen aan te moedigen en meer in het algemeen door de alternatieven voor individuele auto’s en het goederenvervoer over de weg te versterken. Het openbaar vervoer zal naar verwachting aantrekkelijker worden gemaakt, wat ertoe zou leiden dat meer gebruikers overstappen van privéauto naar openbaar vervoer. Een robuustere spoorweginfrastructuur zal naar verwachting ook de modal shift van het goederenvervoer vergemakkelijken. Daartoe bestaat deze component uit hervormingen en investeringen ter bevordering van duurzaam vervoer door de modernisering van belangrijke spoorlijnen in de regio Boedapest en in de TEN-T-corridor, de aankoop van emissievrije bussen voor openbaar vervoer, de modernisering van het beheersysteem voor spoorlijnen en de invoering van een uniform prijs- en informatiesysteem voor openbaar vervoer.

De component draagt bij tot de uitvoering van de landspecifieke aanbevelingen om het investeringsgerelateerde economische beleid toe te spitsen op vervoersinfrastructuur, rekening houdend met regionale verschillen, en om investeringen te richten op de groene transitie, met name duurzaam vervoer (landspecifieke aanbevelingen 3 in 2019 en 2020) en op de vermindering van de afhankelijkheid van fossiele brandstoffen in het vervoer door de inspanningen op het gebied van energie-efficiëntie op te voeren, met name door elektrificatie (landspecifieke aanbeveling 6 in 2022).

Verwacht wordt dat geen enkele maatregel in deze component ernstig afbreuk doet aan milieudoelstellingen in de zin van artikel 17 van Verordening (EU) 2020/852, rekening houdend met de beschrijving van de maatregelen en de in het plan beschreven risicobeperkende maatregelen overeenkomstig de technische richtsnoeren inzake het beginsel „geen ernstige afbreuk doen aan” (2021/C58/01).

E.1.    Beschrijving van de hervormingen en investeringen voor niet-terugvorderbare financiële steun

C5.I1: Capaciteitsopbouw van het voorstedelijk spoorwegnet

Doel van de investering is het openbaar vervoer per spoor rond en in Boedapest aantrekkelijker te maken door de modernisering van 56 km spoorwegen op de volgende trajecten van drie grote voorstedelijke spoorlijnen (HÉV):

·Szentendre — Pomáz — Budakalász — Batthyány tér (H5);

·Ráckeve — Tököl — Szigetszentmiklós — Pesterzsébet (H6);

·Csepel — Kvassay Bridge (H7).

Het HÉV-systeem is een op zichzelf staand lichtspoornet in voorstedelijke/stedelijke omgeving, dat moet worden gemoderniseerd om zijn volledige potentieel te kunnen benutten. De investering bestaat uit de modernisering van de spoorlijnen en omvat ook de modernisering van haltes en stations langs deze lijnen, de modernisering van converters, de installatie van nieuwe B + R-faciliteiten voor fietsopslag en de oprichting van nieuwe intermodale knooppunten.

De uitvoering van de investering moet uiterlijk op 30 juni 2026 zijn voltooid.

C5.I2: Overschakeling van het spoorwegnet op de TEN-T-corridor

Doel van de investering is het goederenvervoer over lange afstand te kanaliseren naar vervoerswijzen met een lage CO2-uitstoot en het gebruik van goederen- en personenvervoer over lange afstand te verbeteren door knelpunten en capaciteitsbeperkingen op het TEN-T-spoorwegnet weg te nemen.

De investering bestaat uit een aanzienlijke verbetering van twee geëlektrificeerde spoorgedeelten:

-Het 11 km lange traject Almásfüzitő-Komárom is een kritisch smalle gedeelte dat momenteel voortdurend langzaam is. De investering moet een hogere snelheid op dit traject mogelijk maken (toegestane snelheid van 160 km/u). Het omvat ook de bouw of verbetering van respectievelijk ontbrekende of verouderde voorzieningen voor personenvervoer, zoals overdoorgangen of overtochten voor voetgangers. De uitvoering van deze actie moet uiterlijk op 31 maart 2026 zijn voltooid.

-De investering moet de 30,3 km lange spoorweg Békéscsaba — Lőkösháza herstellen om de snelheid op dit traject te verhogen (toegestane snelheid van 160 km/u), met inbegrip van de uitbreiding van de lijn tot twee sporen en een volledige herziening met de ontwikkeling van ETCS L2-treinbesturing en de modernisering van de stations Kétegyháza en Lőkösháza. De uitvoering van deze actie moet uiterlijk op 31 december 2025 zijn voltooid.

C5.I3: Ontwikkeling van emissievrij busvervoer

Doel van de investering is het openbaar vervoer in Hongarije te vernieuwen en koolstofvrij te maken door te voorzien in emissievrije bussen.

De investering bestaat in de vervanging door lokale overheden of exploitanten van openbare diensten van 300 bussen die gebruikmaken van fossiele brandstoffen door nieuwe elektrische bussen en in de bouw van hetzelfde aantal oplaadpunten in het kader van het programma voor groene bussen. De financiële steun wordt verstrekt in de vorm van een subsidie aan gemeenten of dienstverleners (die in alle steden met meer dan 25 000 inwoners in aanmerking komen) na een oproep tot het indienen van voorstellen. De bussen moeten worden gebruikt voor het verrichten van openbaar personenvervoer in het kader van openbaredienstcontracten. De voertuigveiligheidssystemen van de gekochte bussen moeten voldoen aan de EU-voorschriften.

De uitvoering van de investering moet uiterlijk op 31 december 2025 zijn voltooid.

C5.I4: Invoering van centraal verkeersbeheer op TEN-T-spoorwegen

Het doel van de investering is de betrouwbaarheid en de veiligheid van het spoorwegnet te verbeteren door de invoering van een gecentraliseerd beheersysteem, waardoor de efficiëntie en uiteindelijk de aantrekkelijkheid ervan worden verbeterd.

De investering bestaat uit de bouw van een centraal verkeersbeheersysteem (KÖFI) voor 272 km van de belangrijkste voorstads- en nationale spoorlijnen, met computerondersteuning en realtime-treininformatie. De investeringen hebben betrekking op de spoorlijnen 70 en 140, een deel van het uitgebreide TEN-T-netwerk en de spoorlijnen 100a en 80, die deel uitmaken van het TEN-T-kernnetwerk. Het zorgt ervoor dat het controlepersoneel in real time toezicht houdt op de treinrijinformatie, waardoor de treinverkeersleiding vanuit één centrum wordt verbeterd. De investering zal naar verwachting de robuustheid van de trajecten van de betrokken spoorlijn vergroten, de verkeersstroom waarborgen, gebruik maken van dienstregelingsreserves, de capaciteit om door te rijden vergroten en zorgen voor uniforme audiovisuele passagiersinformatie.

De uitvoering van de investering moet uiterlijk op 31 maart 2026 zijn voltooid.

C5.R1: Invoering van één enkel nationaal tarief-, ticket- en passagiersinformatiesysteem voor bus en spoor door de nationale autoriteit voor openbaar vervoer

Het doel van deze hervorming is het gebruik van het openbaar vervoer op multimodale wijze te vergemakkelijken door een eenvoudigere combinatie van spoor- en busvervoersdiensten mogelijk te maken door de invoering van één enkel tarief-, ticket- en passagiersinformatiesysteem door de nieuw opgerichte nationale autoriteit voor openbaar vervoer op nationaal niveau.

De hervorming bestaat uit de invoering van één enkel nationaal systeem voor tarieven, ticketverkoop en passagiersinformatie voor de verschillende vormen van openbaar vervoer (lokale en interstedelijke bussen en treinen) met behulp van digitale middelen. De infrastructuur voor de levering van e-tickets maakt geen deel uit van deze hervorming en wordt niet gefinancierd in het kader van het herstel- en veerkrachtplan.

Bij de hervorming wordt het desbetreffende regelgevingskader tot stand gebracht. Er wordt met name een nationale instantie voor openbaar vervoer opgericht en een nieuwe verordening stelt het institutionele kader vast met betrekking tot de methoden en procedures voor het nieuwe tariefsysteem, de ticketsystemen en de beschikbaarheid van passagiersinformatie.

Bij de hervorming wordt ook de nodige infrastructuur in gebruik genomen, met name een databankserver, een platform voor realtime reizen en informatie over tarieven, een opendataportaal met gegevens over passagiersvervoer en een realtime-passagiersinformatiesysteem.

De hervorming stelt gebruikers in staat tickets voor het hele land te kopen, informatie over dienstregelingen op te vragen en de huidige verkeerssituatie via één platform te controleren. Het resulterende systeem behandelt alle treinbusovertochten als één entiteit, verstrekt geaggregeerde informatie en geeft één enkel vervoerbewijs af voor de gehele route. Realtime-informatie wordt openbaar gemaakt en weergegeven in treinstations en busstations.

Het systeem is niet-discriminerend en gebaseerd op gegevensuitwisselingsformaten die voldoen aan de EU-voorschriften (Gedelegeerde Verordening (EU) 2017/1926 van de Commissie) en is in overeenstemming met de taken van de nationale instantie voor openbaar vervoer op alle niveaus en op alle dienstengebieden van de regionale vervoersondernemingen.

De uitvoering van de hervorming wordt uiterlijk op 31 december 2024 voltooid.

E.2.    Mijlpalen, streefdoelen, indicatoren en tijdschema voor de monitoring en uitvoering van niet-terugvorderbare financiële steun

Volgnummer

Gerelateerde maatregel (hervorming of investering)

Milestone/

Streefwaarde

Naam

Kwalitatieve indicatoren
(voor mijlpalen)

Kwantitatieve indicatoren (voor streefdoelen)

Indicatief tijdschema voor de voltooiing

Beschrijving van elke mijlpaal en doelstelling

Meeteenheid

Uitgangssituatie

Doel

Kwartaal

Jaar

80

C5.I1 Capaciteitsopbouw van het voorstadsspoorwegnet

Mijlpaal

Ondertekening van contracten voor werken voor de vernieuwing en verlenging van de lijnen H5, H6 en H7

Ondertekening van contracten

KWARTAAL 3

2023

Voltooide openbare aanbestedingsprocedure voor de modernisering en uitbreiding van voorstedelijke spoorlijnen voor de volgende voorstedelijke geëlektrificeerde spoortrajecten:
— Szentendre — Pomáz — Budakalász — Batthyány tér (H5);

— Ráckeve — Tököl — Szigetszentmiklós — Milleniumtelep (H6);

— Csepel — Kvassay Bridge (H7).

De ondertekende contracten omvatten de renovatie van het spoor voor een totale lengte van 56 km (de actie omvat niet het traject Batthyány tér-Békásmegyer over een lengte van 10 km), de stroomvoorziening (1500 V gelijkstroomtractiesysteem), de heraanleg van stopplaatsen, kruisingen, de installatie van seingevingsapparatuur en treinbesturing en de installatie van een modern passagiersinformatiesysteem.

81

C5.I1 Capaciteitsopbouw van het voorstadsspoorwegnet

Mijlpaal

50 % fysieke gereedheid voor de uitbreiding van het voorstadsspoorwegnet

Ingenieursverslag bevestigd voor 50 % fysieke gereedheid

KWARTAAL 2

2025

Verslag van de onafhankelijke ingenieur over de technische vooruitgang en de uitvoering van de contracten voor werken die zijn ondertekend voor: aanleg en renovatie van spoorlijnen, stations, haltes en voertuigwerven.

82

C5.I1 Capaciteitsopbouw van het voorstadsspoorwegnet

Streefwaarde

Renovatie van niet-TEN-T-spoorlijnen (H5, H6 en H7)

 

km

56

KWARTAAL 2

2026

Aangepaste spoorlijn km op de geplande baanvakken in overeenstemming met de technische specificaties in de aankondiging van overheidsopdrachten.
Met de investering wordt een volledig gemoderniseerde hogesnelheidsinfrastructuur voor voorsteden tot stand gebracht door over te schakelen op een 1500 V gelijkstroomtractiesysteem, snelheidsbeperkingen op te heffen, seingevingsapparatuur en treinbesturing en toegang tot het hoge spoorwegnet ter beschikking te stellen.

83

C5.I1 Capaciteitsopbouw van het voorstadsspoorwegnet

Streefwaarde

Renovatie van treinstations en haltes

 

Aantal

33

KWARTAAL 2

2026

Voltooiing van de modernisering van 22 haltes en 11 stations langs de lijnen H5, H6 en H7 door te voorzien in intermodale verbindingen: P + R parkeergarage met ten minste 2.700 zitplaatsen, oplaadpunten en realtime-passagiersinformatiesysteem. Alle stops en stations moeten toegankelijk worden gemaakt voor groepen met specifieke behoeften, met inbegrip van hoge platforms die zorgen voor onbelemmerde voertuigplatformverbindingen en visuele en akoestische passagiersinformatie.

84

C5.I1 Capaciteitsopbouw van het voorstadsspoorwegnet

Streefwaarde

Nieuwe huidige transformatoren of volledige modernisering van bestaande transformatoren

Aantal

12

KWARTAAL 2

2026

Installatie van nieuwe transformatoren of volledige renovatie en inbedrijfstelling van bestaande transformatoren.

85

C5.I1 Capaciteitsopbouw van het voorstadsspoorwegnet

Streefwaarde

Nieuwe B + R-fietsopslagfaciliteiten bij HÉV-stops

Aantal

1500

KWARTAAL 2

2026

Installatie van nieuwe B + R-fietsenopslagruimten bij verschillende HÉV-stops en -stations voor in totaal 1500 fietsen.

86

C5.I1 Capaciteitsopbouw van het voorstadsspoorwegnet

Streefwaarde

Nieuwe intermodale bus — HÉV-knooppunten

Aantal

3

KWARTAAL 2

2026

Aanleg van drie intermodale knooppunten langs de gerenoveerde HÉV-lijnen in de agglomeratie Boedapest, waar passagiers rechtstreeks tussen bussen en treinen kunnen worden vervoerd.

87

C5.I2 Overschakeling van congestie van het spoorwegnet op de TEN-T-corridor

Mijlpaal

Ondertekening van een contract voor de renovatie van de spoorlijn (Almásfüzitő-Komárom)

Ondertekening van het contract voor werken

KWARTAAL 3

2023

Ondertekening van contracten voor werken voor de vernieuwing van de spoorlijn (Almásfüzítő-Komárom) na een openbare aanbestedingsprocedure.

88

C5.I2 Overschakeling van congestie van het spoorwegnet op de TEN-T-corridor

Streefwaarde

Indienststelling van de gerenoveerde spoorlijn (Almásfüzitő-Komárom)

 

km

11

KWARTAAL 1

2026

De gerenoveerde spoorlijn moet in bedrijf worden gesteld met een snelheid van 160 km/h en een aslast van 225 kN over het gehele baanvak van 11 km. Dit omvat de reconstructie van hoofdweg nr. 1 op een afzonderlijk niveau, alsmede de modernisering van de bovenleiding en het energievoorzieningssysteem, waardoor de vergrendelingsapparatuur een hoge snelheid krijgt. Het omvat ook de bouw/verbetering van ontbrekende of verouderde faciliteiten, met inbegrip van:
• Aanleg van 3,9 km spoor

• Nieuwe kantelinstallatie

• Reconstructie van 2 km rijdraad

• Vijf nieuwe voetgangers

• Twee overtochten aan te leggen

• Bouw van één overpas voor auto’s, voetgangers en fietsers

• De bouw van geluidswerende wanden.

89

C5.I2 Overschakeling van congestie van het spoorwegnet op de TEN-T-corridor

Mijlpaal

Ondertekening van een contract voor de renovatie van de spoorlijn Békéscsaba-Lőkösháza

Ondertekening van het contract voor werken

KWARTAAL 2

2021

Ondertekening van contracten voor werken voor de vernieuwing van de spoorlijn (Békéscsaba-Lőkösháza) na een openbare aanbestedingsprocedure.

90

C5.I2 Overschakeling van congestie van het spoorwegnet op de TEN-T-corridor

Streefwaarde

Indienststelling van de gerenoveerde spoorlijn (baanvak Békéscsaba-Lőkösháza)

km

30,3

KWARTAAL 4

2025

Het gerenoveerde baanvak Békéscsaba-Lőkösháza wordt in gebruik genomen met een snelheid van 160 km/u en een aslast van 225 kN. Dit omvat de bouw van een tweede parallel spoor, de ontwikkeling van een ETCS niveau 2-treinbesturingssysteem en de modernisering van de stations Kétegyháza en Lőkösháza.

91

C5.I3 Ontwikkeling van emissievrij busvervoer

Mijlpaal

Ondertekening van subsidieovereenkomsten voor de aankoop van nieuwe elektrische bussen en de installatie van oplaadpunten

Ondertekening van subsidieovereenkomsten met gemeenten of ondernemingen voor openbaar personenvervoer

KWARTAAL 2

2023

Ondertekening van subsidieovereenkomsten met alle geselecteerde eindontvangers (gemeenten en openbaarvervoerbedrijven in alle steden met meer dan 25 000 inwoners komen in aanmerking) als gevolg van een open en transparante oproep tot het indienen van voorstellen en een selectieprocedure voor de aankoop van 300 nieuwe bussen met uitsluitend elektrische aandrijving. Bij de selectie van de eindontvangers wordt ervoor gezorgd dat zoveel mogelijk verouderde voertuigen worden vervangen.

92

C5.I3 Ontwikkeling van emissievrij busvervoer

Streefwaarde

Ingebruikneming van extra elektrische bussen en bijbehorende oplaadpunten

 

Aantal

100

KWARTAAL 1

2025

100 elektrische bussen en hetzelfde aantal oplaadpunten die ten minste hetzelfde aantal oude bussen met fossiele brandstoffen vervangen.

93

C5.I3 Ontwikkeling van emissievrij busvervoer

Streefwaarde

Ingebruikneming van extra elektrische bussen en bijbehorende oplaadpunten

 

Aantal

100

300

KWARTAAL 4

2025

300 elektrische bussen en hetzelfde aantal oplaadpunten die ten minste hetzelfde aantal oude bussen met fossiele brandstoffen vervangen.

94

C5.I4 Uitvoering van centraal verkeersbeheer op TEN-T-spoorwegen

Mijlpaal

Ondertekening van een contract voor de oprichting van een centraal verkeersbeheersysteem

Ondertekening van contracten voor werken

KWARTAAL 2

2023

Ondertekening van een contract voor de bouw van een centraal verkeersbeheersysteem voor vier hoofdbaanvakken (70, 100a, 80 en 140) na een openbare aanbestedingsprocedure, met inbegrip van de noodzakelijke vergrendelingsapparatuur en telecommunicatieonderdelen.

95

C5.I4 Uitvoering van centraal verkeersbeheer op TEN-T-spoorwegen

Streefwaarde

Installatie van het centrale verkeersbeheersysteem op voorstads- en andere grote spoorlijnen

km

272

KWARTAAL 2

2026

Er wordt een centraal verkeersbeheersysteem opgezet. De investering omvat de uitrol van centraal verkeersbeheer op de twee drukste voorstedelijke spoorlijnen in Boedapest (70 en 100a) en op twee hoofdspoorlijnen op het platteland (80 en 140) over een totale lengte van 272 km. De investering omvat ook de bijbehorende renovatie en vervanging van seingevingsapparatuur, de aanleg/uitbreiding van de bovenleiding, de bouw/uitbreiding van de KÖFI-centra op drie locaties, de ontwikkeling van een beveiligingssysteem (bewakingscamera’s, verlichting), de ontwikkeling van een modern passagiersinformatiesysteem en de bouw van de noodzakelijke telecommunicatienetten.

96

C5.R1 Uitvoering van één enkel nationaal tarief-, ticket- en passagiersinformatiesysteem voor bus en spoor door de nationale autoriteit voor openbaar vervoer

Mijlpaal

Inwerkingtreding van wetgeving tot vaststelling van het institutionele kader, de procedures en processen

Bepaling in de wetgeving betreffende de inwerkingtreding

KWARTAAL 2

2023

Inwerkingtreding van de wijziging van de Wet personenvervoer tot oprichting van een nationale autoriteit voor openbaar vervoer.

Inwerkingtreding van wetgeving en uitvoeringsverordeningen tot vaststelling van het institutionele kader, procedures en processen met betrekking tot het tariefsysteem, procedures voor passagiersinformatie, werkstromen tussen de nationale openbaarvervoersautoriteit en exploitanten van openbare diensten, kaders voor openbaredienstcontracten, correspondentie en beheer van noodsituaties. Deze wetgeving is in overeenstemming met de regelgeving inzake passagiersrechten en wordt opgesteld na analyse van de huidige informatiebeveiliging en -procedures.

97

C5.R1 Uitvoering van één enkel nationaal tarief-, ticket- en passagiersinformatiesysteem voor bus en spoor door de nationale autoriteit voor openbaar vervoer

Mijlpaal

Infrastructuur voor databaserservers en ontwikkeling van een informatieplatform

Ingebruikneming van een databankserverinfrastructuur en beschikbaarheid van het informatieplatform

KWARTAAL 2

2023

Ingebruikneming van een databankserverinfrastructuur en aanverwante diensten voor OpenData BI-systeeminfrastructuur.

Het platform voor realtime reizen en informatie over tarieven is beschikbaar op een openbaar platform en via een applicatieprogramma-interface.

98

C5.R1 Uitvoering van één enkel nationaal tarief-, ticket- en passagiersinformatiesysteem voor bus en spoor door de nationale autoriteit voor openbaar vervoer

Mijlpaal

Invoering van een opendataportaal

en van een realtime-passagiersinformatiesysteem

Opendataportaal is beschikbaar voor het publiek en er wordt een realtime-passagiersinformatiesysteem geïnstalleerd

KWARTAAL 4

2024

Een opendataportaal met gegevens over passagiersvervoer, met name tijdschema’s, realtime-reisinformatie, tarieven en ticketing, wordt bij registratie openbaar gemaakt door de nationale openbaarvervoersautoriteit.

Op treinstations, treinstations en centrale busstations wordt een realtime-passagiersinformatiesysteem, met inbegrip van de bezetting van het voertuig, uitgerold.

F. COMPONENT 6: Energie — groene transitie

Dit onderdeel van het Hongaarse herstel- en veerkrachtplan pakt verschillende uitdagingen voor de energiesector aan. Het doel van deze component is bij te dragen tot de verwezenlijking van de klimaat- en energiedoelstellingen van Hongarije voor 2030, mede gelet op de noodzaak om de ambitie van de lidstaten te verhogen in het kader van de EU-brede doelstelling voor 2030 om de broeikasgasemissies met ten minste 55 % te verminderen ten opzichte van het niveau van 1990. De nationale energiestrategie 2030 en het nationale energie- en klimaatplan zijn gericht op het versterken van de energie-soevereiniteit en energiezekerheid door de afhankelijkheid van invoer te verminderen, betaalbare energievoorziening voor de bevolking te waarborgen en de energieproductie koolstofvrij te maken, met inbegrip van een toename van het aandeel van energieopwekking op basis van hernieuwbare bronnen.

In dit verband is de component erop gericht extra capaciteit te creëren op basis van hernieuwbare energiebronnen en uiteindelijk de uitstoot van broeikasgassen te verminderen. De wijzigingen van het rechtskader scheppen het ondersteunende regelgevingsklimaat om deze doelstelling te bereiken. Met het oog op de veilige en flexibele integratie van de energieproductiecapaciteit uit hernieuwbare energiebronnen in het elektriciteitsnet ondersteunt de component investeringen in verband met de ontwikkeling van het netwerk en investeringen in elektriciteitsopslagfaciliteiten. De investering in slimme meters zal naar verwachting bijdragen tot de optimalisering van de vraag naar elektriciteit op lange termijn. De component moet ook leiden tot het creëren van extra productiecapaciteit voor hernieuwbare energie door de installatie van residentiële zonnepanelen te ondersteunen. Om de problemen in verband met luchtverontreiniging en energie-efficiëntie aan te pakken, verleent het ook steun aan huishoudens voor de installatie van elektrische verwarmingssystemen en voor de vervanging van ramen, naast de zonnepanelsystemen en opslageenheden.

De maatregelen in het kader van deze component zullen naar verwachting bijdragen tot de groene transitie en tot de verwezenlijking van de doelstelling van klimaatneutraliteit tegen 2050.

De ontwikkeling van slimme netwerken op basis van innovatieve technische oplossingen is een belangrijke stap in de richting van digitalisering. De benutting van gegevens door middel van digitale oplossingen zorgt voor een betere prognose van het evenwicht tussen vraag en aanbod en een betere regulering van de energieproductie.

De component draagt bij tot de strategische autonomie en veiligheid van Hongarije als onderdeel van de Europese doelstellingen. De opschaling van de productiecapaciteit voor hernieuwbare energie zal leiden tot een grotere energiesoevereiniteit door het aandeel van binnenlandse energiebronnen te vergroten. De ontwikkeling van het net draagt ook bij tot de verbetering van de veiligheid van het elektriciteitsnet.

De investeringen zullen naar verwachting ook bijdragen tot het scheppen van banen op lokaal niveau, ook voor de kmo-sector.

Hetonderdeel draagt bij tot de uitvoering van de landspecifieke aanbevelingen met betrekking tot de noodzaak om de nadruk te leggen op de groene en de digitale transitie, met name op schone en efficiënte energieproductie en -gebruik ( landspecifieke aanbeveling 3 in 2020) en om koolstofarme energie en energie- en hulpbronnenefficiëntie centraal te stellen in het op investeringen gerichte economische beleid (landspecifieke aanbeveling 3 in 2019). Het draagt ook bij tot de uitvoering van landspecifieke aanbeveling 6 in 2022 met betrekking tot de noodzaak om de algemene afhankelijkheid van fossiele brandstoffen te verminderen door de uitrol van hernieuwbare energiebronnen te versnellen, de vergunningsprocedures te stroomlijnen en de elektriciteitsinfrastructuur te moderniseren, en „de inspanningen op het gebied van energie-efficiëntiemaatregelen op te voeren.

Verwacht wordt dat geen enkele maatregel in deze component ernstig afbreuk doet aan milieudoelstellingen in de zin van artikel 17 van Verordening (EU) 2020/852, rekening houdend met de beschrijving van de maatregelen en de risicobeperkende stappen in het herstel- en veerkrachtplan overeenkomstig de technische richtsnoeren inzake het beginsel „geen ernstige afbreuk doen aan” (2021/C58/01).    F.1.    Beschrijving van de hervormingen en investeringen voor niet-terugvorderbare financiële steun

C6.R1: Omzetting van elektriciteitsregelgeving

Het doel van de hervorming is het rechtskader van de Hongaarse elektriciteitsmarkt te verbeteren door Wet LXXXVI van 2007 inzake elektriciteit te wijzigen en bepaalde daarmee verband houdende overheidsbesluiten te wijzigen, waaronder Regeringsbesluiten 273/2007 (X.19), 389/2007 (XII.23) en 299/2017 (X.17).

De huidige hervorming voorziet in de invoering van een gescheiden boekhouding voor de elektriciteit die aan het net wordt geleverd en de elektriciteit die van het net wordt verbruikt. Hongarije verbindt zich ertoe de invoering van dit afzonderlijke boekhoudsysteem te eisen van prosumenten die met ingang van 1 januari 2023 financiële overheidssteun zullen ontvangen voor de installatie van hun zonnepanelensystemen.

De uitvoering van de hervorming wordt uiterlijk op 31 maart 2023 voltooid.

C6.R2: Bevordering van de ontwikkeling van windenergie aan land

Het doel van de maatregel is de ontwikkeling van extra onshore-opwekkingscapaciteit voor windenergie in Hongarije mogelijk te maken door de bestaande algemene beperkingen op de installatie van windcentrales op te heffen en door „naar gebieden te gaan” waar investeringen in windenergie worden aangemoedigd.

De hervorming wijzigt, na openbare raadpleging, het momenteel geldende wetgevingskader om onnodige beperkingen op de installatie van windkrachtcentrales in het land weg te nemen, met name wat betreft de tegelafstand voor windturbines (afstand tussen de windenergie-installaties en woongebieden of andere getroffen gebieden), de hoogte van windturbines (of de maximale diameter van de rotorbladen van windmolens) en de energiecapaciteit van turbines. De beperkingen worden opgeheven of zodanig gedefinieerd dat een doeltreffende installatie van windenergiecentrales mogelijk is en in overeenstemming met Europese benchmarks en vergelijkbare beste praktijken. De gewijzigde voorschriften kunnen minimumvoorschriften bevatten met betrekking tot de technische veiligheid, de bescherming van de gezondheid van mens en dier en het milieu, en de plaatselijke autoriteiten kunnen gerechtvaardigde eisen stellen. De gewijzigde voorschriften mogen geen andere belemmeringen invoeren, zoals beperkingen op basis van omvang, capaciteit of hoogte.

In het kader van de hervorming worden, na openbare raadpleging, ook „go-to gebieden” ingevoerd voor windenergiecentrales in overeenstemming met de aanpak van het voorstel van de Commissie in COM (2022) 222 van 18 mei 2022.

„Go-to gebieden” zijn specifieke locaties die bijzonder geschikt zijn voor de installatie van windenergiecentrales. Deze gebieden worden gedefinieerd aan de hand van objectieve criteria zoals de dichtheid van windenergie of de windsnelheid. De wetgeving tot instelling van deze gebieden voorziet ook in specifieke vereenvoudigde vergunningsprocedures voor de installatie van windenergiecentrales in dergelijke gebieden, wat leidt tot eenvoudigere procedures en kortere termijnen.

De uitvoering van de hervorming wordt uiterlijk op 31 maart 2023 voltooid.

C6.R3: Verbetering van de vergunningsprocedures voor projecten op het gebied van hernieuwbare energie

Het doel van de maatregel is de uitrol van projecten op het gebied van hernieuwbare energie te ondersteunen door de vergunningsprocedures te vergemakkelijken.

De hervorming voorziet in een geïntegreerde procedure voor de milieubeschermingsvergunning en de bouwvergunning voor zonne- en windenergiecentrales met een ingebouwde capaciteit van meer dan 0,5 MW. Dit zorgt voor een kortere effectieve termijn voor het verlenen van vergunningen. Na 75 dagen heeft het uitblijven van een antwoord van de administratie tot gevolg dat toestemming wordt verleend. Bij de hervorming wordt ook een éénloketsysteem ingesteld dat fungeert als centraal contactpunt voor investeerders voor de behandeling en afgifte van dergelijke geïntegreerde vergunningen.

De hervorming moet ook de procedures voor de aansluiting op het net voor kleine fotovoltaïsche installaties (minder dan 0,8 kW) vereenvoudigen. Hiervoor is alleen registratie vóór installatie nodig, zonder dat een vergunningsaanvraag hoeft te worden ingediend. De investeerder is niet verplicht een specifiek contract met de distributiesysteembeheerder (DSO) te ondertekenen voor het gebruik van de kleine PV-installatie en de registratie vervangt het aansluitcontract voor de kleine PV-installatie. De termijnen voor de aansluiting van de kleine energiecentrale mogen niet langer zijn dan twee maanden, tenzij de reden voor de vertraging buiten de bevoegdheid van de respectieve DSB valt.

Om de uitrol van zonne-energie te bevorderen, wordt de onlangs ingevoerde tijdelijke stopzetting van de mogelijkheid voor nieuwbouwresidentiële PV-systemen (tot 50 kVA) om elektriciteit aan het net te leveren, zo spoedig mogelijk en uiterlijk op 31 december 2024 opgeheven. Daartoe evalueert de Hongaarse regelgevende instantie voor energie en openbaar nut (MEKH) deze tijdelijke beperking regelmatig, ten minste om de zes maanden, op regionaal niveau, in samenwerking met de transmissiesysteembeheerder (TSB) en DSB’s, op basis van technische en objectieve criteria. Zodra uit de evaluatie blijkt dat het net in staat is de geproduceerde elektriciteit te integreren, wordt de beperking in voorkomend geval op regionaal niveau opgeheven.

De uitvoering van de hervorming wordt uiterlijk op 31 maart 2023 voltooid.

C6.R4: Verbetering van de transparantie, voorspelbaarheid en beschikbaarheid van de netaansluiting

Het doel van de maatregel is de transparantie en voorspelbaarheid van de gecoördineerde netaansluitingsprocedure voor weerafhankelijke investeringen in hernieuwbare energie te vergroten en uiteindelijk de beschikbaarheid van netaansluitingen te vergroten.

Bij de hervorming worden de relevante wetgeving inzake netaansluitingsprocedures gewijzigd om te zorgen voor een niet-discriminerende benadering van technologieën voor elektriciteitsopwekking. Verzoeken om aansluiting die de aansluitingslimieten overschrijden, worden altijd aanvaard op voorwaarde dat de investeerders voldoen aan de eisen inzake balanceringscapaciteit en de directe aansluitvergoedingen betalen. In de wetgeving wordt het maximumniveau van de balanceringscapaciteit vastgesteld dat kan worden aangevraagd. Dit maximum moet objectief gerechtvaardigd en evenredig zijn, niet meer dan 30 % bedragen en geleidelijk worden verlaagd.

De hervorming zal ook de transparantie van de netaansluitingsprocedure vergroten door middel van verschillende acties om het bewustzijn te vergroten en geïnformeerde beslissingen van marktdeelnemers te bevorderen. Deze omvatten met name de regelmatige publicatie van aanvaarde en afgewezen verzoeken, geactualiseerde prognoses voor de netaansluitcapaciteit en vereenvoudigde voorbeelden voor verschillende soorten aansluitingen, alsmede de organisatie van fora voor informatie-uitwisseling voor marktdeelnemers. Om de doeltreffendheid van de procedure te verbeteren, creëren de TSB en de DSB’s ook de nodige IT-infrastructuur om gegevens van geïnstalleerde slimme meters te kunnen verzamelen en gebruiken.

De hervorming draagt bij tot het vermogen van Hongarije om de capaciteit van de op het net aangesloten zonne- en windcentrales op nationaal niveau aanzienlijk te verhogen. Een overheidsdatabank houdt toezicht op de vooruitgang in de richting van de overeenkomstige doelstellingen.

De uitvoering van de hervorming wordt uiterlijk op 30 juni 2026 voltooid.

C6.R5: Aanscherping van de energie-efficiëntie-eisen

De maatregel heeft tot doel de energie-efficiëntie van gebouwen in Hongarije te verbeteren, hetgeen naar verwachting zal bijdragen tot een lager energieverbruik van gebouwen en dus tot een lagere blootstelling aan Russisch gas.

Bij de hervorming worden minimumnormen voor energie-efficiëntie ingevoerd (een vermindering van het energieverbruik met ten minste 30 %) voor uit EU-fondsen gefinancierde steunregelingen voor de renovatie van gebouwen.

De uitvoering van de hervorming wordt uiterlijk op 31 maart 2023 voltooid.

C6.I1: Klassieke en slimme netontwikkeling voor transmissie- en distributiesysteembeheerders

Het doel van de investering is de ontwikkeling van het elektriciteitsnet met het oog op een veilige integratie van de extra capaciteit die door hernieuwbare energiebronnen wordt gecreëerd en het vergroten van de flexibiliteit van het systeem. Overeenkomstig de Hongaarse energiebeleidsstrategie is Hongarije voornemens het aandeel hernieuwbare energie in zijn energiemix te vergroten en zijn huidige capaciteit van de binnenlandse zonne-energiecentrale tegen 2030 te verdrievoudigen. Dit vereist voldoende toegang tot het netwerk en de nodige netcapaciteit. Het transmissie- en distributienetwerk moet worden ontwikkeld om deze uitdagingen het hoofd te kunnen bieden.

De investering moet dus bijdragen tot het wegnemen van een deel van de schaarse netwerkcapaciteit en tot de veilige integratie van extra productie als gevolg van de toegenomen productiecapaciteit voor hernieuwbare energie. De investering omvat met name ontwikkelingselementen, zoals de aanleg en modernisering van hoog-/middenspanningsnetwerken, nieuwe onderstationsinstallaties, vervangingen en uitbreidingen van onderstationstransformatoren, constructies en vervanging van bedieningsorganen, alsmede digitaliseringsontwikkelingen.

De voltooiing van de investering die bestaat in een grotere integratie van energiecentrales die gebruikmaken van hernieuwbare energiebronnen in het net, zal ertoe leiden dat tegen 30 juni 2026 een extra capaciteit van 2 925 MW kan worden geïntegreerd door middel van acties in het kader van deze investering.

De uitvoering van de investering moet uiterlijk op 30 juni 2026 zijn voltooid.

C6.I2: Steun voor het gebruik van zonnepanelen voor woningen en modernisering van verwarming

Het doel van de maatregel is de uitbreiding van de productiecapaciteit voor hernieuwbare energie voor woningen, de verhoging van de energie-efficiëntie die leidt tot een vermindering van de broeikasgasemissies en de vermindering van de luchtverontreiniging als gevolg van verouderde verwarmingsoplossingen (zoals zwevende deeltjes en zwaveldioxide). Deze maatregel komt ten goede aan huishoudens die zijn blootgesteld aan een hoger dan gemiddeld risico op energiearmoede. Daartoe wordt het inkomensniveau van de ontvanger bepaald op basis van een van de volgende twee mogelijkheden: hetzij personen met een inkomen onder het nationale gemiddelde loon, hetzij huishoudens met een gemiddeld inkomen per hoofd van de bevolking onder het nationale gemiddelde, beide vastgesteld op basis van statistieken van het Hongaarse Centraal Bureau voor de Statistiek.

De maatregel ondersteunt twee soorten activiteiten. De eerste soort activiteit is de installatie van zonnepanelen op dakconstructies voor eigen verbruik. De tweede soort activiteit bestaat uit de installatie van zonnepanelen op dakconstructies voor eigen verbruik, in combinatie met de vervanging van ramen, de vaststelling van opslagcapaciteit (maximaal 14 kWh) en de installatie van elektrische verwarming (warmtepompen, indien nodig vergezeld van elektrische verwarmingspanelen, afhankelijk van de technische omstandigheden van het gebouw dat de steun ontvangt). De maatregel komt ten goede aan 34 920 huishoudens, waarvan ten minste 11 600 huishoudens de investering verrichten die onder het tweede type activiteit valt.

De uitvoering van de investering moet uiterlijk op 30 juni 2026 zijn voltooid.

C6.I3: Installatie van energieopslagfaciliteiten voor de transmissiesysteembeheerder en distributiesysteembeheerders

Het doel van de investering is het ondersteunen van de installatie van faciliteiten voor energieopslag op korte termijn door de transmissiesysteembeheerder en de distributiesysteembeheerders, die door de transmissiesysteembeheerder en die distributiesysteembeheerders uitsluitend moeten worden gebruikt om een veilige en betrouwbare exploitatie van het transmissie- of distributiesysteem te waarborgen en indirect de verdere integratie van de energieproductie als gevolg van de toegenomen productiecapaciteit voor hernieuwbare energie te ondersteunen. De opslagfaciliteiten worden niet gebruikt voor balancerings- of congestiebeheer.

De transmissie- en distributiesysteembeheerders ontvangen steun voor de installatie van hun energieopslagfaciliteiten op basis van de afwijking als bedoeld in artikel 54, lid 2, en artikel 36, lid 2, van Richtlijn (EU) 2019/944, d.w.z. op basis van het feit dat de energieopslagfaciliteiten volledig geïntegreerde netwerkcomponenten zijn en door de regulerende instantie zijn goedgekeurd (Hongaarse regelgevende autoriteit voor energie en nutsbedrijven, MEKH). MEKH houdt toezicht op en zorgt ervoor dat de opslagfaciliteiten uitsluitend als geïntegreerde netwerkcomponenten worden gebruikt en controleert regelmatig of het bezit, de ontwikkeling, het beheer en de exploitatie van deze opslagfaciliteiten de markt niet verstoren.

De totale capaciteit van de elektriciteitsopslag die als volledig geïntegreerde netwerkcomponent is geïnstalleerd als gevolg van deze investering moet ten minste 146 MWh bedragen.

De uitvoering van de investering moet uiterlijk op 30 juni 2025 zijn voltooid.

C6.I4: Installatie van netwerkenergieopslagfaciliteiten voor marktdeelnemers

Het doel van deze investering is marktdeelnemers die reeds aanwezig zijn of willen toetreden tot de balanceringsmarkt (bv. aankoopgroeperingen, elektriciteitsproducenten en grote industriële verbruikers) toegang te bieden tot technologieën die een flexibiliteitsdienst zonder verontreiniging bieden.

Deze maatregel ondersteunt marktdeelnemers bij het installeren van netwerkenergieopslagfaciliteiten.

De ontvangers worden geselecteerd via een open oproep tot het indienen van voorstellen. In het selectieproces worden projectvoorstellen die met verschillende technologieën moeten worden uitgevoerd, gescoord en geselecteerd op basis van een kosten-batenanalyse, zodat een technologieneutrale selectieprocedure met de nadruk op de totale kosteneffectiviteit wordt gewaarborgd. De afnemers zijn verplicht de capaciteit die afkomstig is van de gesubsidieerde elektriciteitsopslagfaciliteit geheel of gedeeltelijk in de balanceringsmarkt in te voeren.

De totale capaciteit van de elektriciteitsopslag die als onderdeel van de balanceringsmarkt is geïnstalleerd als gevolg van deze investering, bedraagt ten minste 311 MWh.

De uitvoering van de investering moet uiterlijk op 30 juni 2025 zijn voltooid.

C6.I5: Verspreiding van slimme meters

Het doel van de maatregel is de aankoop en installatie van slimme meters te ondersteunen.

De toepassing van slimme meters zal naar verwachting een belangrijke rol spelen als eind-tot-eindinstrument voor de nauwkeurige bepaling van consumentenprofielen en de optimalisering van de vraag naar elektriciteit, en hun functies op het gebied van gegevensverzameling en communicatie zullen ook op vele andere toepassingsgebieden worden benut. Slimme meters zijn op afstand bestuurbaar, kunnen het nominale vermogen van de meter in- en uitschakelen in het geval van directe meting, kunnen de regelbaarheid bieden en beschikken over een communicatiemodule. De uitrol van slimme meters en de daarop gebaseerde flexibele tarieven zullen naar verwachting op de lange termijn de basis vormen voor vraagrespons, hetgeen naar verwachting zal bijdragen tot de opbouw van flexibiliteit in het elektriciteitssysteem op de lange termijn.

De nationale wetgeving voorziet in de installatie van slimme meters voor bepaalde soorten consumenten op de plaats van verbruik. Overeenkomstig Regeringsbesluit 273/2007 (X. 19.) betreffende de uitvoering van een aantal bepalingen van Wet LXXXVI van 2007 inzake elektriciteit moet een slimme meter worden geïnstalleerd voor gebruikers die zijn aangesloten op laagspanning in geval van een jaarlijks verbruik van 5 000 kWh of meer; in het geval van nieuwe aansluitingen met een opgenomen vermogen van 3x32 A maar niet meer dan 3x80 A; en voor gebruikers die reeds over een kleine huishoudelijke installatie beschikken of in de toekomst een dergelijk systeem moeten installeren. De investering draagt bij tot de verspreiding van slimme meters.

De begunstigden van de investering zijn de distributiesysteembeheerders, op basis van een oproep tot het indienen van prioritaire projecten. De distributiesysteembeheerders ontvangen de subsidie naar rato van het aantal fysieke locaties dat nodig is om slimme meters te installeren in de geografische gebieden waar zij actief zijn.

De maatregel resulteert in een totaal aantal van ten minste 290 680 nieuw geïnstalleerde slimme meters.

De uitvoering van de investering moet uiterlijk op 30 juni 2026 zijn voltooid.

F.2. Mijlpalen, streefdoelen, indicatoren en tijdschema voor de monitoring en uitvoering van niet-terugvorderbare financiële steun

Volgnummer

Gerelateerde maatregel (hervorming of investering)

Mijlpaal/Doelstelling

Naam

Kwalitatieve indicatoren
(voor mijlpalen)

Kwantitatieve indicatoren
(voor streefcijfers)

Indicatief tijdschema voor de voltooiing

Beschrijving van elke mijlpaal en doelstelling

Meeteenheid

Uitgangssituatie

Doel

Kwartaal

Jaar

99

C6.R1 Omzetting van elektriciteitsregulering

Mijlpaal

Inwerkingtreding van wetswijzigingen van regeringsbesluit 273/2007. (X.19.)

EnTenlegging van de wetswijziging, met inbegrip van de brutoverrekening

 

 

 

KWARTAAL 1

2023

Inwerkingtreding van de wijziging van regeringsbesluit 273/2007 (X.19) betreffende de regels inzake de verplichte brutovereveningsregeling voor prosumenten. Het decreet zorgt ervoor dat prosumenten die met ingang van 1 januari 2023 financiële overheidssteun ontvangen voor de installatie van hun elektriciteitsproductie-eenheden, de geproduceerde hoeveelheid energie en de verbruikte hoeveelheid energie afzonderlijk verantwoorden.

100

C6.R2 Bevordering van de ontwikkeling van windenergie op het land

Mijlpaal

Wijziging van wetgeving ten behoeve van het gebruik van windenergie

Inwerkingtreding van de gewijzigde wetgeving

KWARTAAL 1

2023

Inwerkingtreding van de gewijzigde wetgeving waarbij de onnodige beperkingen op de installatie van windenergiecentrales voor het hele land worden opgeheven.

De wetgeving moet een doeltreffende installatie van windenergiecentrales mogelijk maken. Met name moeten de regels inzake minimumafstand in de thans geldende wetgeving aanzienlijk worden verminderd en mag de minimumafstand tussen de windenergie-installaties en woongebieden of andere getroffen gebieden de Europese benchmarks en vergelijkbare beste praktijken niet overschrijden. De maximaal toelaatbare windturbinehoogte (of de maximale diameter van de rotorbladen van windmolens) wordt afgeschaft of verhoogd om in overeenstemming te zijn met Europese benchmarks en vergelijkbare beste praktijken. Er wordt geen maximale capaciteit per windturbine gehandhaafd of ingevoerd. De nationale wetgeving kan lokale autoriteiten toestaan gerechtvaardigde eisen op te leggen om rekening te houden met andere legitieme belangen, zoals ander landgebruik, natuur- of landschapsbescherming. De wetgeving zorgt er ook voor dat bij ruimtelijke ordening windenergie op dezelfde wijze wordt behandeld als andere hernieuwbare energiebronnen, zonder specifieke beperkingen. Voorafgaand aan de vaststelling van de nieuwe wetgeving vindt een openbare raadpleging en een transparante dialoog met de lokale autoriteiten plaats.

101

C6.R2 Bevordering van de ontwikkeling van windenergie op het land

Mijlpaal

Aanleg van „ga naar gebieden” voor windenergie

Inwerkingtreding van de desbetreffende wetgeving

KWARTAAL 1

2023

Inwerkingtreding van de verordening tot vaststelling van „naar gebieden” voor windenergiecentrales en tot vaststelling van specifieke vereenvoudigde vergunningsprocedures voor de installatie van dergelijke energiecentrales in dergelijke gebieden (10 % kortere termijnen voor procedures in verband met het verlenen van vergunningen en voorzien in de wettelijke mogelijkheid om verklaringen van de bevoegde autoriteiten — zoals de autoriteit voor landbescherming en de brandweer — te verkrijgen alvorens de vergunningsprocedure in te leiden).

Deze „ga naar gebieden” worden ten minste gedefinieerd als de gebieden in het land waar de energiedichtheid van de wind ten minste 500 W/m² op 150 meter hoogte bedraagt, of die een vergelijkbare gemiddelde windsnelheidswaarde hanteren, op voorwaarde dat het resulterende overdekte gebied niet kleiner is. De go-to-zones moeten in ieder geval de gebieden bestrijken die momenteel voor windturbines worden gebruikt, zodat de repowering gemakkelijker kan worden toegestaan.

Voorafgaand aan de vaststelling van de nieuwe wetgeving vindt een openbare raadpleging en een transparante dialoog met de lokale autoriteiten plaats.

102

C6.R3 Verbetering van de vergunningsprocedures voor projecten op het gebied van hernieuwbare energie

Mijlpaal

Geïntegreerde procedure voor HEB-vergunningen

Inwerkingtreding van de gewijzigde wetgeving

KWARTAAL 1

2023

Inwerkingtreding van het wettelijke en administratieve kader voor een geïntegreerde behandeling van de verlening van de milieubeschermingsvergunning en de bouwvergunning voor weerafhankelijke hernieuwbare-wind- — zonne- en windkrachtcentrales met een ingebouwde capaciteit van meer dan 0,5 MW.

Het wetgevingskader waarborgt ook een kortere effectieve termijn voor het verlenen van vergunningen, door te bepalen dat de geïntegreerde vergunning binnen 75 dagen wordt verleend en dat, indien de administratie tijdens die periode geen antwoord heeft ontvangen, de vergunning geacht wordt te zijn verleend.

103

C6.R3 Verbetering van de vergunningsprocedures voor projecten op het gebied van hernieuwbare energie

Mijlpaal

Éénloketsysteem voor vergunningen voor hernieuwbare energiebronnen

Start van de exploitatie van een éénloketsysteem

KWARTAAL 1

2023

Een éénloketsysteem is operationeel en is begonnen met het aanbieden van diensten aan investeerders die geïnteresseerd zijn in het opzetten van wind- en windenergiecentrales die afhankelijk zijn van het weer.

Het éénloketsysteem is een gecentraliseerde entiteit op nationaal niveau die fungeert als centraal contactpunt voor investeerders voor de behandeling en afgifte van vergunningen.

104

C6.R3 Verbetering van de vergunningsprocedures voor projecten op het gebied van hernieuwbare energie

Mijlpaal

Eenvoudige netaansluiting van kleine PV-installaties

Inwerkingtreding van de gewijzigde wetgeving

KWARTAAL 1

2023

Inwerkingtreding van de gewijzigde wetgeving die voorziet in een vereenvoudigde procedure voor de installatie en de start van de exploitatie, met inbegrip van de aansluiting op het net, voor kleine fotovoltaïsche installaties met een maximale ingebouwde capaciteit van 0,8 kW. De vereenvoudigde procedure heeft de vorm van een eenvoudige registratie.

In de wetgeving wordt ook bepaald dat de termijn voor de aansluiting van deze kleine energiecentrales niet langer mag zijn dan twee maanden na het volledige netwerkverzoek. Vertragingen bij het waarborgen van de aansluiting door de respectieve DSB zijn alleen toegestaan wanneer de vertraging wordt veroorzaakt door factoren die niet onder zijn bevoegdheid vallen.

105

C6.R3 Verbetering van de vergunningsprocedures voor projecten op het gebied van hernieuwbare energie

Mijlpaal

Opheffing van feed-in-beperkingen voor huishoudens

Inwerkingtreding van de gewijzigde wetgeving voor de regelmatige herziening van de beperking

KWARTAAL 4

2022

Inwerkingtreding van de gewijzigde wetgeving waarbij de Hongaarse regelgevende instantie voor energie en openbaar nut (MEKH) wordt verplicht de onlangs ingevoerde tijdelijke stopzetting voor nieuw gebouwde PV-systemen voor woningen (tot 50 kVA) om stroom aan het net te leveren, regelmatig te herzien.

De gewijzigde wetgeving omvat ten minste de volgende elementen:

-MEKH evalueert ten minste om de zes maanden per regio de toereikendheid van de tijdelijke beperking in de betrokken regio’s;

-deze evaluatie is gebaseerd op door de DSB’s en de TSB verstrekte technische informatie;

-technische en objectieve criteria voor de opheffing van de beperking worden opgesteld en gepubliceerd;

-MEKH publiceert om de zes maanden haar met redenen omklede besluit per regio; MEKH informeert de overheid wanneer uit de beoordeling op basis van bovengenoemde objectieve criteria blijkt dat het net in staat is door huishoudelijke PV’s opgewekte energie te integreren om deze beperking volledig weg te nemen;

-de beperking wordt in de betrokken regio opgeheven zodra aan de bovengenoemde technische en objectieve criteria is voldaan.

De tijdelijke stopzetting van nieuwbouwresidentiële PV-systemen (tot 50 kVA) om stroom aan het net te leveren, wordt uiterlijk op 31 december 2024 in het hele land verwijderd.

106

C6.R4

Verbetering van de transparantie, voorspelbaarheid en beschikbaarheid van de netaansluiting

Mijlpaal

Verbetering van de voorspelbaarheid van de procedures voor aansluiting op het net

Inwerkingtreding van de gewijzigde wetgeving

KWARTAAL 4

2022

De wetgeving wordt gewijzigd om:

-ervoor zorgen dat dezelfde aansluitingsregels („gecoördineerde netaansluitingsprocedure”) van toepassing zijn op alle technologieën voor elektriciteitsopwekking in een niet-discriminerende benadering;

-bepalen dat dit proces gebaseerd is op objectieve technologische parameters en vóór de oproepen wordt gepubliceerd;

-ervoor zorgen dat TSB’s en DSB’s het aansluitingsverzoek van weerafhankelijke hernieuwbare-wind- — zonne- en windenergiecentrales alleen op niet-discriminerende wijze en op basis van technische criteria mogen afwijzen, en alleen als de ingediende capaciteitsbehoeften de limiet voor de aansluiting van de elektriciteitscentrale op basis van weer en wind overschrijden en de aanvrager de voorgestelde technische voorwaarden van de energiecentrale niet wijzigt om het behoud van de elektriciteitsbalans van het elektriciteitssysteem te waarborgen door reserves aan te bieden als balanceringsdiensten;

-bepalen dat investeerders voor individuele verzoeken de zekerheid hebben dat hun verzoek moet worden aanvaard op voorwaarde dat zij ermee instemmen om op het relevante tijdstip een balanceringscapaciteit te leveren zoals gevraagd door de TSB/DSB’s en de directe aansluitvergoedingen te betalen;

-het maximumniveau van de in dat geval aan te vragen balanceringscapaciteit bepalen. Deze maximale balanceringscapaciteit bedraagt niet meer dan 30 % van de RES-capaciteit die vanaf 2022 wordt geïnstalleerd. In de wetgeving wordt een procedure vastgesteld aan de hand waarvan de in de wetgeving vastgestelde maximale verplichte balanceringscapaciteitsratio jaarlijks wordt herzien op basis van een analyse van de systeemonbalans en de belangrijkste factoren daarvan, en geleidelijk wordt verminderd, rekening houdend met de verwachte investeringen in het net en de resultaten van de netaansluitingsprocedures. Het niveau van de balanceringsvereiste moet objectief gerechtvaardigd en evenredig zijn.

107

C6.R4 Verbetering van de transparantie, voorspelbaarheid en beschikbaarheid van de netaansluiting

Mijlpaal

Publicatie van informatie over aanvragen en capaciteiten voor aansluiting op het net

Inwerkingtreding van de verplichting tot bekendmaking door TSB’s/DSB’s

KWARTAAL 1

2023

De wetgeving wordt gewijzigd om ervoor te zorgen dat de TSB en de DSB’s, alvorens een nieuwe oproep uit te brengen en ten minste om de zes maanden, de geanonimiseerde aansluitingseisen van aanvaarde verzoeken en afgewezen verzoeken publiceren met een bijbehorende motivering, alsook aanvullende informatie verstrekken voor nieuwe aansluitingsverzoeken die mogelijk zijn als gevolg van alle noodzakelijke investeringen in het net, met inbegrip van projecten die worden gefinancierd uit het herstel- en veerkrachtplan, en bijgewerkte prognoses voor de netwerkaansluitcapaciteit in de komende vijf jaar.

Daarnaast worden vereenvoudigde voorbeelden voor verschillende soorten aansluitingen gepubliceerd op de internetsite van de Hongaarse TSB (MAVIR).

108

C6.R4 Verbetering van de transparantie, voorspelbaarheid en beschikbaarheid van de netaansluiting

Mijlpaal

Fora voor informatie-uitwisseling

Opzetten van fora voor het delen van informatie voor marktdeelnemers

KWARTAAL 4

2022

Er worden fora voor informatie-uitwisseling voor marktdeelnemers georganiseerd om het inzicht in de netaansluitingsprocedure te ondersteunen. Vóór eind 2022 wordt een eerste ronde van fora georganiseerd, gevolgd door fora voor informatie-uitwisseling om de zes maanden. Deze fora moeten worden georganiseerd voordat nieuwe oproepen tot aansluiting op het net worden gepubliceerd.

109

C6.R4 Verbetering van de transparantie, voorspelbaarheid en beschikbaarheid van de netaansluiting

Mijlpaal

Totstandbrenging van de IT-infrastructuur voor het gebruik van gegevens van slimme meters

Start van de werking van relevante databanken en IT-instrumenten

KWARTAAL 2

2026

De TSB en de DSB’s creëren de nodige IT-infrastructuur om gegevens van geïnstalleerde slimme meters te kunnen verzamelen en gebruiken. De gegevens worden gebruikt om de nauwkeurigheid van het netontwikkelingsplan te vergroten en om flexibele aansluitings- en exploitatiemogelijkheden te ontwikkelen.

110

C6.R4 Verbetering van de transparantie, voorspelbaarheid en beschikbaarheid van de netaansluiting

Streefwaarde

Vergunning voor aansluiting op het net voor de capaciteit van hernieuwbare-energiecentrales

Totaal toegestane hernieuwbare capaciteit

MW

3 500

8 000

KWARTAAL 3

2024

Een vergunning voor netaansluiting die vanaf de datum van verlening kan worden uitgevoerd, wordt door de DSB of TSB afgegeven aan weerafhankelijke hernieuwbare-energiecentrales — zonne- en windenergiecentrales — voor een totale capaciteit van ten minste 8 000 MW. Het streefcijfer geldt voor alle categorieën van dergelijke energiecentrales (kleine en grote centrales), met inbegrip van hernieuwbare-energiecentrales die alleen onder een registratieprocedure vallen en geregistreerd zijn.

111

C6.R4 Verbetering van de transparantie, voorspelbaarheid en beschikbaarheid van de netaansluiting

Streefwaarde

Vergunning voor aansluiting op het net voor hernieuwbare-energiecentrales

Totaal toegestane hernieuwbare capaciteit

MW

8 000

10 000

KWARTAAL 2

2026

Een vergunning voor netaansluiting die vanaf de datum van verlening kan worden uitgevoerd, wordt door DSB of TSB afgegeven aan weerafhankelijke hernieuwbare-energiecentrales — zonne- en windenergiecentrales — voor een totale capaciteit van ten minste 10 000 MW. Het streefcijfer geldt voor alle categorieën van dergelijke energiecentrales (kleine en grote centrales), met inbegrip van hernieuwbare-energiecentrales die alleen onder een registratieprocedure vallen en geregistreerd zijn.

112

C6.R5 Versterking van de energie-efficiëntie-eisen

Mijlpaal

Aanscherping van de energie-efficiëntie-eisen voor steunregelingen voor de renovatie van gebouwen

Inwerkingtreding van de wetgeving

KWARTAAL 1

2023

Inwerkingtreding van wetgeving tot vaststelling van minimumnormen voor energie-efficiëntie voor door de EU gefinancierde steunregelingen voor de renovatie van gebouwen. In de wetgeving wordt ten minste bepaald dat voor (mede) uit EU-fondsen gefinancierde steunregelingen voor renovatie het energieverbruik in residentiële, bedrijfs- en openbare gebouwen met ten minste 30 % moet worden verminderd. Deze doelstelling zal tot uiting komen in oproepen tot het indienen van projecten (met uitzondering van reeds lopende gepubliceerde programma’s voor gebouwen van lokale overheden).

113

C6.I1 Ontwikkeling van klassieke en slimme netwerken door transmissiesysteembeheerders en distributiesysteembeheerders

Mijlpaal

Ondertekening van subsidieovereenkomsten met alle gemachtigde partijen inzake de uitvoerings- en ondersteuningsvoorwaarden voor de ontwikkeling van transmissie- en distributienetten

Ondertekende subsidieovereenkomsten

 

 

 

KWARTAAL 2

2022

Sluiting van alle subsidieovereenkomsten over de uitvoerings- en ondersteuningsvoorwaarden van de investering tussen de bij de investering betrokken organisaties (de gemachtigde transmissiesysteembeheerder en distributiesysteembeheerders) en de beheersautoriteit (kabinet van de minister-president). De subsidieovereenkomsten die met de transmissiesysteembeheerder en alle betrokken distributiesysteembeheerders worden gesloten, moeten ertoe leiden dat door middel van deze investering een incrementele capaciteit van 2 925 MW aan door hernieuwbare energiebronnen opgewekte elektriciteit in het elektriciteitsnet kan worden geïntegreerd. In de subsidieovereenkomst worden de geplande investeringen beschreven, met inbegrip van de ontwikkelingselementen, zoals de aanleg en upgrades van hoog-/middelgrote/laagspanningsnetwerken; nieuwe onderstationsinstallaties; vervangingen en uitbreidingen van onderstationstransformatoren; constructie en vervanging van bedieningsorganen; en ontwikkelingen op het gebied van digitalisering.

114

C6.I1 Ontwikkeling van klassieke en slimme netwerken door transmissiesysteembeheerders en distributiesysteembeheerders

Streefwaarde

Capaciteitsuitbreiding van elektriciteitscentrales die hernieuwbare energiebronnen gebruiken en die als gevolg van het verbeterde net in het elektriciteitsnet kunnen worden geïntegreerd (gecumuleerd, MW)

 

MW

0

119

KWARTAAL 3

2023

Vergroting van het vermogen van het elektriciteitsnet om extra capaciteit van elektriciteitscentrales op basis van hernieuwbare energiebronnen te integreren door middel van acties in het kader van deze investering.

De Hongaarse regelgevende instantie voor energie en openbaar nut verifieert het en verstrekt een valideringsverslag aan de hand van een methodologie waarin de nodige maatregelen voor het net worden uitgewerkt, die in het kader van het herstel- en veerkrachtplan worden gefinancierd, teneinde de energie die wordt opgewekt door extra productiecapaciteit voor hernieuwbare energie te integreren.

115

C6.I1 Ontwikkeling van klassieke en slimme netwerken door transmissiesysteembeheerders en distributiesysteembeheerders

Streefwaarde

Capaciteitsuitbreiding van elektriciteitscentrales die hernieuwbare energiebronnen gebruiken en die als gevolg van het verbeterde net in het elektriciteitsnet kunnen worden geïntegreerd (gecumuleerd, MW)

 

MW

119

772

KWARTAAL 3

2024

Vergroting van het vermogen van het elektriciteitsnet om extra capaciteit van elektriciteitscentrales op basis van hernieuwbare energiebronnen te integreren door middel van acties in het kader van deze investering.

De Hongaarse regelgevende instantie voor energie en openbaar nut verifieert het en verstrekt een valideringsverslag aan de hand van een methodologie waarin de nodige maatregelen voor het net worden uitgewerkt, die in het kader van het herstel- en veerkrachtplan worden gefinancierd, teneinde de energie die wordt opgewekt door extra productiecapaciteit voor hernieuwbare energie te integreren.

116

C6.I1 Ontwikkeling van klassieke en slimme netwerken door transmissiesysteembeheerders en distributiesysteembeheerders

Streefwaarde

Extra capaciteitsuitbreiding van elektriciteitscentrales die hernieuwbare energiebronnen gebruiken en die als gevolg van het verbeterde net in het elektriciteitsnet kunnen worden geïntegreerd (gecumuleerd, MW)

 

MW

772

1749

KWARTAAL 3

2025

Vergroting van het vermogen van het elektriciteitsnet om extra capaciteit van elektriciteitscentrales op basis van hernieuwbare energiebronnen te integreren door middel van acties in het kader van deze investering.

De Hongaarse regelgevende instantie voor energie en openbaar nut verifieert het en verstrekt een valideringsverslag aan de hand van een methodologie waarin de nodige maatregelen voor het net worden uitgewerkt, die in het kader van het herstel- en veerkrachtplan worden gefinancierd, teneinde de energie die wordt opgewekt door extra productiecapaciteit voor hernieuwbare energie te integreren.

117

C6.I1 Ontwikkeling van klassieke en slimme netwerken door transmissiesysteembeheerders en distributiesysteembeheerders

Streefwaarde

Extra capaciteitsuitbreiding van elektriciteitscentrales die hernieuwbare energiebronnen gebruiken en die als gevolg van het verbeterde net in het elektriciteitsnet kunnen worden geïntegreerd (gecumuleerd, MW)

 

MW

1 749

2 925

KWARTAAL 2

2026

Vergroting van het vermogen van het elektriciteitsnet om extra capaciteit van elektriciteitscentrales op basis van hernieuwbare energiebronnen te integreren door middel van acties in het kader van deze investering.

De Hongaarse regelgevende instantie voor energie en openbaar nut verifieert het en verstrekt een valideringsverslag aan de hand van een methodologie waarin de nodige maatregelen voor het net worden uitgewerkt, die in het kader van het herstel- en veerkrachtplan worden gefinancierd, teneinde de energie die wordt opgewekt door extra productiecapaciteit voor hernieuwbare energie te integreren.

118

C6.I2 Steun voor het gebruik van zonnepanelen voor woningen en modernisering van de verwarming

Mijlpaal

Lancering van de oproep tot het indienen van voorstellen voor projecten met betrekking tot het gebruik van zonnepanelen voor woningen en modernisering van de verwarming

Publicatie van de oproep tot het indienen van voorstellen op de officiële website van de regering voor oproepen, met inbegrip van de subsidiabiliteitsvoorwaarden en de reikwijdte van de te ondersteunen activiteiten

 

 

 

KWARTAAL 3

2021

Op basis van de oproep tot het indienen van voorstellen kunnen twee soorten activiteiten worden ondersteund: I) alleen de installatie van een zonnepanelensysteem op dakconstructies voor eigen verbruik of ii) naast de installatie van een zonnepanelensysteem op dakconstructies, ook de vervanging van ramen, de installatie van opslagvoorzieningen en een elektrisch verwarmingssysteem. De subsidiabiliteitscriteria omvatten: I) de technische geschiktheid van het gebouw om de geplande investering te huisvesten (zoals de toestand van het dak en het elektriciteitsnet in het gebouw) en (ii) het inkomensniveau van de ontvanger. Het inkomensniveau van de ontvanger wordt bepaald aan de hand van een van de volgende twee mogelijkheden: hetzij personen met een inkomen onder het nationale gemiddelde loon, hetzij huishoudens met een gemiddeld inkomen per hoofd van de bevolking onder het nationale gemiddelde, beide vastgesteld op basis van statistieken van het Hongaarse Centraal Bureau voor de Statistiek.

119

C6.I2 Steun voor het gebruik van zonnepanelen voor woningen en modernisering van de verwarming

Streefwaarde

Aantal huishoudens dat is uitgerust met zonnepanelen of uitgerust met zonnepanelen, opslageenheden, elektrische verwarmingssystemen en raamvervanging (gecumuleerd, aantal huishoudens)

 

Aantal

0

13 793

KWARTAAL 3

2024

Aantal huishoudens met geïnstalleerde systemen voor zonnepanelen voor huishoudelijk gebruik of uitgerust met zonnepanelen, elektrische verwarmingssystemen, raamvervanging en opslageenheid als gevolg van de investering.

Een zonnepanelsysteem van gemiddeld 4-5 kW, een opslageenheid van max. 14 kWh, een elektrisch verwarmingssysteem van 5-12 kW, raamvervanging op basis van normen overeenkomstig de toepasselijke constructievoorschriften.

120

C6.I2 Steun voor het gebruik van zonnepanelen voor woningen en modernisering van de verwarming

streefwaarde

Aantal extra huishoudens dat is uitgerust met zonnepanelen of uitgerust met zonnepanelen, opslageenheden, elektrische verwarmingssystemen en raamvervanging (gecumuleerd, aantal huishoudens)

 

Aantal

13 793

23 320

KWARTAAL 3

2025

Aantal huishoudens met geïnstalleerde systemen voor zonnepanelen voor huishoudelijk gebruik of uitgerust met zonnepanelen, elektrische verwarmingssystemen, raamvervanging en opslageenheid als gevolg van de investering.

Een zonnepanelsysteem van gemiddeld 4-5 kW, een opslageenheid van max. 14 kWh, een elektrisch verwarmingssysteem van 5-12 kW, raamvervanging op basis van normen overeenkomstig de toepasselijke constructievoorschriften.

121

C6.I2 Steun voor het gebruik van zonnepanelen voor woningen en modernisering van de verwarming

Streefwaarde

Aantal extra huishoudens dat is uitgerust met zonnepanelen of uitgerust met zonnepanelen, opslageenheden, elektrische verwarmingssystemen en raamvervanging (gecumuleerd, aantal huishoudens)

 

Aantal

23 320

34 920

KWARTAAL 2

2026

Aantal huishoudens met geïnstalleerde systemen voor zonnepanelen voor huishoudelijk gebruik of uitgerust met zonnepanelen, elektrische verwarmingssystemen, raamvervanging en opslageenheid als gevolg van de investering.

Een zonnepanelsysteem van gemiddeld 4-5 kW, een opslageenheid van max. 14 kWh, een elektrisch verwarmingssysteem van 5-12 kW, raamvervanging op basis van normen overeenkomstig de toepasselijke constructievoorschriften.

Ten minste 11 600 van de 34 920 huishoudens ontvangen niet alleen de zonnepanelsystemen, maar naast het zonnepanelsysteem ook elektrische verwarmingssystemen, raamvervangings- en opslageenheden.

122

C6.I3 Installatie van energieopslagfaciliteiten voor distributie- en transmissiesysteembeheerders

Mijlpaal

Lancering van de oproep tot het indienen van voorstellen betreffende de uitvoerings- en ondersteuningsvoorwaarden van opslagfaciliteiten — als volledig geïntegreerde netwerkcomponent — die door de TSB/DSB’s moeten worden geïnstalleerd

Publicatie van de oproep tot het indienen van voorstellen op de officiële website van de regering

KWARTAAL 4

2022

In de oproep worden de belangrijkste beginselen beschreven — met inbegrip van de technologische neutraliteit ten opzichte van opslaginstallaties — voor de installatie van faciliteiten voor kortstondige energieopslag door de transmissiesysteembeheerder en de distributiesysteembeheerders. De oproep omvat de eis dat de transmissie- en distributiesysteembeheerders steun ontvangen voor hun energieopslagfaciliteiten op basis van de afwijking waarin Richtlijn 2019/944 voorziet, d.w.z. op basis van het feit dat de energieopslagfaciliteiten volledig geïntegreerde netwerkcomponenten zijn en vóór de ondertekening van de subsidieovereenkomst worden goedgekeurd door de regulerende instantie (de Hongaarse regelgevende autoriteit voor energie en nutsbedrijven, MEKH). In deoproep wordt ook gespecificeerd dat opslagfaciliteiten niet mogen worden gebruikt voor balancerings- of congestiebeheer.

123

C6.I3 Installatie van energieopslagfaciliteiten voor distributie- en transmissiesysteembeheerders

Mijlpaal

Sluiting van alle subsidieovereenkomsten over de uitvoerings- en ondersteuningsvoorwaarden van opslagfaciliteiten — als volledig geïntegreerde netwerkcomponent — die door de TSB/DSB’s moeten worden geïnstalleerd

Ondertekende subsidieovereenkomsten

KWARTAAL 2

2023

Subsidieovereenkomsten worden ondertekend voor alle projecten die zijn geselecteerd naar aanleiding van de in stap 122 bedoelde oproep.

De subsidieovereenkomst bevat de eis dat de TSB en de DSB’s steun ontvangen voor hun energieopslagfaciliteiten op basis van de afwijking waarin Richtlijn 2019/944 voorziet, d.w.z. op basis van het feit dat de energieopslagfaciliteiten volledig geïntegreerd zijn in het netwerk en goedgekeurd zijn door de regulerende instantie (de Hongaarse regelgevende autoriteit voor energie en nutsbedrijven, MEKH).

124

C6.I3 Installatie van energieopslagfaciliteiten voor distributie- en transmissiesysteembeheerders

Streefwaarde

Capaciteit van nieuw geïnstalleerde opslag als volledig geïntegreerde netwerkcomponent voor de TSB en DSB’s

MWh

0

60

KWARTAAL 4

2024

Nieuw geïnstalleerde elektriciteitsopslagcapaciteit door TSB en/of DSB’s als volledig geïntegreerde netwerkcomponent met effectieve capaciteit gemeten in MWh

125

C6.I3 Installatie van energieopslagfaciliteiten voor distributie- en transmissiesysteembeheerders

Streefwaarde

Aanvullende capaciteit van nieuw geïnstalleerde opslag als volledig geïntegreerde netwerkcomponent voor de TSB en DSB’s

(gecumuleerd, MWh)

MWh

60

146

KWARTAAL 2

2025

Nieuw geïnstalleerde elektriciteitsopslagcapaciteit door TSB en/of DSB’s als volledig geïntegreerde netwerkcomponent met effectieve capaciteit gemeten in MWh

126

C6.I4 Installatie van netwerkenergieopslagfaciliteiten voor deelnemers aan de energiemarkt

Mijlpaal

Lancering van de oproep tot het indienen van voorstellen voor de uitvoerings- en ondersteuningsvoorwaarden voor opslagfaciliteiten die voor marktdeelnemers moeten worden geïnstalleerd

 

Publicatie van de oproep tot het indienen van voorstellen op de officiële website van de regering

KWARTAAL 4

2022

Er wordt een oproep tot het indienen van voorstellen gedaan voor de uitvoerings- en ondersteuningsvoorwaarden voor opslagfaciliteiten die voor marktdeelnemers moeten worden geïnstalleerd. In de oproep worden de belangrijkste beginselen beschreven voor de installatie van faciliteiten voor kortstondige energieopslag door marktdeelnemers, met inbegrip van de technologische neutraliteit ten opzichte van opslagfaciliteiten, de door de transmissiesysteembeheerder vastgestelde technische eisen voor balancering en de verplichting voor afnemers om de uit de gesubsidieerde elektriciteitsopslagfaciliteit voortvloeiende capaciteit geheel of gedeeltelijk op de balanceringsmarkt in te voeren.

In het selectieproces worden projectvoorstellen die met verschillende technologieën moeten worden uitgevoerd, gescoord en geselecteerd op basis van een kosten-batenanalyse, zodat een technologieneutrale selectieprocedure met de nadruk op kosteneffectiviteit wordt gewaarborgd.

127

C6.I4 Installatie van netwerkenergieopslagfaciliteiten voor deelnemers aan de energiemarkt

Mijlpaal

Sluiting van alle subsidieovereenkomsten over de uitvoerings- en ondersteuningsvoorwaarden van opslagfaciliteiten die voor marktdeelnemers moeten worden geïnstalleerd

Ondertekende subsidieovereenkomsten

KWARTAAL 2

2023

Subsidieovereenkomsten worden ondertekend voor alle projecten die zijn geselecteerd in het kader van de in stap 126 bedoelde oproep. De subsidieovereenkomsten zorgen ervoor dat de ontvangers verplicht zijn de uit de gesubsidieerde elektriciteitsopslagfaciliteit voortvloeiende capaciteit geheel of gedeeltelijk in de balanceringsmarkt in te voeren.

128

C6.I4 Installatie van netwerkenergieopslagfaciliteiten voor deelnemers aan de energiemarkt

Streefwaarde

Capaciteit van nieuw geïnstalleerde energieopslagfaciliteiten

MWh

0

100

KWARTAAL 4

2024

Nieuw geïnstalleerde capaciteit voor elektriciteitsopslag voor marktdeelnemers met effectieve capaciteit gemeten in MWh.

129

C6.I4 Installatie van netwerkenergieopslagfaciliteiten voor deelnemers aan de energiemarkt

Streefwaarde

Capaciteit van nieuw geïnstalleerde energieopslagfaciliteiten

MWh

100

311

KWARTAAL 2

2025

Nieuw geïnstalleerde capaciteit voor elektriciteitsopslag voor marktdeelnemers met effectieve capaciteit gemeten in MWh.

130

C6.I5 Verspreiding van slimme meters

Mijlpaal

Lancering van een oproep tot het indienen van prioritaire projecten voor DSB’s voor de aankoop en installatie van slimme meters

Publicatie van de oproep tot het indienen van prioritaire projecten op de officiële website van de regering

KWARTAAL 4

2022

Er wordt een oproep tot het indienen van prioritaire projecten gedaan aan de distributiesysteembeheerders voor de aankoop en installatie van de invoering en ondersteuning van slimme meters. In de oproep worden de technische voorschriften voor de installatie van slimme meters beschreven.

De distributiesysteembeheerders ontvangen de subsidie naar rato van het aantal fysieke locaties dat nodig is om slimme meters te installeren in de geografische gebieden waar zij actief zijn.

131

C6.I5 Verspreiding van slimme meters

Mijlpaal

Sluiting van alle subsidieovereenkomsten voor de aankoop en installatie van slimme meters

Ondertekende subsidieovereenkomsten

KWARTAAL 2

2023

Subsidieovereenkomsten worden ondertekend voor alle projecten die zijn geselecteerd in het kader van de in stap 130 bedoelde oproep.

132

C6.I5 Verspreiding van slimme meters

Streefwaarde

Nieuw geïnstalleerde slimme meters

Aantal slimme meters

0

213 297

KWARTAAL 3

2024

Nieuwe installatie van eenfase- of driefasige elektriciteitsmeters met directe aansluiting en communicatie-eenheid.

133

C6.I5 Verspreiding van slimme meters

Streefwaarde

Extra nieuw geïnstalleerde slimme meters (gecumuleerd)

Aantal slimme meters

213 297

254 065

KWARTAAL 3

2025

Nieuwe installatie van eenfase- of driefasige elektriciteitsmeters met directe aansluiting en communicatie-eenheid.

134

C6.I5 Verspreiding van slimme meters

Streefwaarde

Extra nieuw geïnstalleerde slimme meters

(tezamen)

Aantal slimme meters

254 065

290 680

KWARTAAL 2

2026

Nieuwe installatie van eenfase- of driefasige elektriciteitsmeters met directe aansluiting en communicatie-eenheid.

G. COMPONENT 7: Transitie naar een circulaire economie

Het doel van dit onderdeel van het Hongaarse herstel- en veerkrachtplan is de overgang naar een circulaire economie te vergemakkelijken en bij te dragen tot de verwezenlijking van de in de EU-wetgeving vastgestelde doelstellingen voor afvalbeheer voor 2025 en 2030. Daartoe moeten de belangrijkste wettelijke en procedurele vereisten worden vastgesteld om de Hongaarse economie voor te bereiden op de overgang naar de circulaire economie, met inbegrip van een goed functionerende afvalbeheersector. Een van de pijlers van dit proces is de vernieuwing van het nationale afvalbeheersysteem. Het percentage circulair materiaalgebruik in Hongarije bedraagt 8,7 %, wat lager is dan het EU-gemiddelde (12,8 %). Het recyclingpercentage (stedelijk afval) — met 33 % — ligt aanzienlijk lager dan het streefcijfer voor 2025.

De maatregelen in het kader van deze component dragen bij tot de doelstellingen inzake groene transitie en klimaatneutraliteit, alsook tot een meer ontwikkeld afvalbeheersysteem in Hongarije. Zij ondersteunen de uitvoering van investeringen in chemische recycling van kunststofafval dat niet geschikt is voor mechanische recycling. Zij ondersteunen ook duurzame groei door de toepassing van innovatieve oplossingen, zoals chemische recycling. De doelstellingen van dit onderdeel zijn in overeenstemming met de streefcijfers van het EU-kader voor afvalbeheer.

De component draagt bij tot de uitvoering van de landspecifieke aanbevelingen over de noodzaak om het investeringsgerelateerde economische beleid te concentreren op duurzaam afvalbeheer (landspecifieke aanbevelingen 3 van 2019 en 3 in 2020) en om hervormingen en investeringen in duurzaam afvalbeheer en de circulariteit van de economie te bevorderen (landspecifieke aanbeveling 5 in 2022), waarin de circulaire economie wordt aangemerkt als een gebied dat voor verbetering vatbaar is, met name in het beheer van stedelijk afval en in het systeem voor afvalinzameling en -verwerking.

Verwacht wordt dat geen enkele maatregel in deze component ernstig afbreuk doet aan milieudoelstellingen in de zin van artikel 17 van Verordening (EU) 2020/852, rekening houdend met de beschrijving van de maatregelen en de risicobeperkende stappen in het herstel- en veerkrachtplan overeenkomstig de technische richtsnoeren inzake het beginsel „geen ernstige afbreuk doen aan” (2021/C58/01).

G.1.    Beschrijving van de hervormingen en investeringen voor niet-terugvorderbare financiële steun

C7.R1: Binnenlandse regulering van de overgang naar een circulaire economie

Het doel van de hervorming is een degelijk strategisch en juridisch kader voor de overgang naar de circulaire economie tot stand te brengen.

Om het strategische kader voor de investeringen vast te stellen, moet het nationale afvalbeheerplan voor de periode 2021-2027, zoals vereist door Richtlijn 2008/98/EG betreffende afvalstoffen, worden goedgekeurd en moeten de nationale strategie en het nationale actieplan voor de circulaire economie, in overeenstemming met de aanbevelingen van de OESO van het lopende project voor technische ondersteuning, worden afgerond. Samen vormen deze documenten het kader voor de overgang naar een circulaire economie in Hongarije.

Een ander doel van de hervorming is een gezond juridisch kader te creëren om de overgang naar de circulaire economie efficiënt te reguleren en gedetailleerde regels vast te stellen voor een nieuw model voor afvalbeheer. De wijzigingen in het wetgevingskader dragen bij tot het scheppen van een gunstig klimaat voor afvalbeheer in Hongarije, met name door het wegnemen van belemmeringen in de afvalbeheersector, met inbegrip van belemmeringen in verband met concurrentie, de oprichting van een bevoegde afvalbeheerautoriteit, de regulering van het statiegeldsysteem voor drankflessen en de versterking van de wetgeving inzake uitgebreide producentenverantwoordelijkheid. De wijzigingen omvatten ook een verordening ter beperking van de effecten van kunststofproducten op het milieu die verder gaat dan de vereisten van Richtlijn (EU) 2019/904 betreffende kunststoffen voor eenmalig gebruik.

De uitvoering van de hervorming wordt uiterlijk op 30 september 2023 voltooid.

C7.I1: Versterking van een slimme, innovatieve en duurzame afvalbeheerindustrie en de markt voor secundaire grondstoffen

Het doel van de investering is de recycling van chemische stoffen te ondersteunen om de overgang naar een circulaire economie te vergemakkelijken. De investering ondersteunt de vermindering van het aandeel afval dat wordt verwijderd door storten overeenkomstig het nationale afvalbeheerplan 2021-2027 en zal ook het aandeel gerecycled afval verhogen. Verwacht wordt dat de investering de recycling van afval aanzienlijk zal verbeteren, zal bijdragen tot de bevordering van gescheiden inzameling en infrastructuur voor voorbehandeling en recycling zal ontwikkelen, waardoor wordt bijgedragen aan zowel inzamelings- als recyclingdoelstellingen.

In het kader van de investering wordt een installatie voor chemische recycling en waterstofproductie opgericht, die geschikt is voor de verwerking van 40 000 ton niet-herbruikbaar afval en niet geschikt is voor mechanische recycling van kunststofafval. De infrastructuurontwikkeling omvat alle relevante technologische stappen van chemische recycling, met inbegrip van het beheer van afval dat geschikt is voor chemisch hergebruik, de omzetting van afval in een grondstof die geschikt is voor gebruik door de petrochemische processen, en de productie van kunststoffen die chemisch gerecycleerde polymeren bevatten. De output van het chemische recyclingproces is secundaire grondstoffen en geen brandstoffen, en als zodanig vormt dit proces geen terugwinning van energie 6 . Om ervoor te zorgen dat de maatregel voldoet aan de technische richtsnoeren „geen ernstige afbreuk doen” (2021/C58/01), moeten, indien de maatregel activiteiten in het kader van de EU-regeling voor de handel in emissierechten (ETS) omvat, de voorspelde broeikasgasemissies lager zijn dan de desbetreffende benchmarks 7 . Groene waterstof uit hernieuwbare energiebronnen (in overeenstemming met de toepasselijke EU-wetgeving) wordt geproduceerd als onderdeel van de investering, te gebruiken als onderdeel van het chemische recyclingproces. Het doel van de technologie is het geselecteerde afval op te splitsen in secundaire grondstoffen (omzetting van ten minste 50 %, uitgedrukt in gewicht, van het verwerkte gescheiden ingezamelde ongevaarlijke kunststofafval in secundaire grondstoffen) die gedeeltelijk zullen worden gebruikt als chemische input in het productieproces van kunststofproducten.

Zodra de recyclinginstallatie operationeel is, moet zij geschikt zijn voor de chemische recycling van 40 000 ton kunststofafval dat niet geschikt is voor mechanische recycling.

De uitvoering van de investering moet uiterlijk op 30 juni 2026 zijn voltooid.

G.2.    Mijlpalen, streefdoelen, indicatoren en tijdschema voor de monitoring en uitvoering van niet-terugvorderbare financiële steun



Volgnummer

Gerelateerde maatregel (hervorming of investering)

Mijlpaal/Doelstelling

Naam

Kwalitatieve indicatoren
(voor mijlpalen)

Kwantitatieve indicatoren
(voor streefcijfers)

Indicatief tijdschema voor de voltooiing

Beschrijving van elke mijlpaal en doelstelling

Meeteenheid

Uitgangssituatie

Doel

Kwartaal

Jaar

135

C7.R1 Binnenlandse regelgeving voor de overgang naar een circulaire economie

Mijlpaal

Goedkeuring van de nationale strategie en het nationale actieplan voor de circulaire economie en het nationale afvalbeheerplan

Goedkeuring van de nationale strategie en het nationale actieplan voor de circulaire economie en van het nationale afvalbeheerplan 2021-27 

 

 

 

KWARTAAL 1

2023

De nationale strategie en het nationale actieplan voor de circulaire economie (op basis van de definitieve aanbevelingen van het door de OESO uitgevoerde project van het instrument voor technische ondersteuning) vormen het kader voor de overgang naar een circulaire economie en dragen bij tot de verwezenlijking van de EU-doelstellingen, met name op het gebied van afvalrecycling.

In het nationale afvalbeheerplan worden de nodige maatregelen gepland om de in Richtlijn 2008/98/EG betreffende afvalstoffen bedoelde doelstellingen inzake afvalstoffen te halen. De ontwikkeling van een systeem voor gescheiden inzameling en een verhoging van de verwerkingspercentages worden weerspiegeld in het nationale afvalbeheerplan, dat het kader regelt om afvalpreventie te bevorderen en de terugkeer naar de bredere economische cyclus te stimuleren, de hoeveelheid gestort afval te verminderen en de vraag naar primaire grondstoffen te verminderen.

136

C7.R1 Binnenlandse regelgeving voor de overgang naar een circulaire economie

Mijlpaal

Inwerkingtreding van de wetgevingshandelingen die nodig zijn om de praktijk van afvalbeheer operationeel te maken

Bepaling in de wetgevingshandelingen waarin de respectieve inwerkingtreding wordt vermeld

KWARTAAL 3

2023

Wetgeving treedt in werking op:

-De invoering en nadere regels van het statiegeldsysteem voor drankflessen;

-De oprichting van een afvalbeheerautoriteit om de afvalbeheersector te rationaliseren;

-Vermindering van de milieueffecten van bepaalde kunststofproducten (regulering van bepaalde kunststofproducten voor eenmalig gebruik);

-Regels inzake de uitgebreide producentenverantwoordelijkheid;

-Wetgeving die het bewijs levert van de verwijdering van achtergelaten afval van onroerend goed en van vervoer naar een geschikte plaats voor afvalverwerking.

137

C7.I1 Versterking van een slimme, innovatieve en duurzame afvalbeheersector en de markt voor secundaire grondstoffen

Mijlpaal

Gunning van opdrachten voor de bouw van een installatie voor chemische recycling en productie van groene waterstof (voor chemische recycling van ten minste 40000 ton kunststof en ten minste 750 ton groene waterstof)

Kennisgeving van de gunning van overheidsopdrachten voor hoofdtechniek, aanbesteding en bouw

 

 

 

KWARTAAL 4

2023

Aanmelding van de gunning van overheidsopdrachten voor de belangrijkste technische aanbesteding voor de bouw van een chemische recyclinginstallatie (voor chemische recycling van ten minste 40 000 ton kunststof en productie van ten minste 750 ton groene waterstof uit hernieuwbare energiebronnen), geselecteerd op basis van een open en vergelijkende oproep tot het indienen van voorstellen.

138

C7.I1 Versterking van een slimme, innovatieve en duurzame afvalbeheersector en de markt voor secundaire grondstoffen

Mijlpaal

Voltooiing en ingebruikneming van de installatie voor chemische recycling en de productie van groene waterstof

Het verslag van de onafhankelijke ingenieur wordt uitgebracht over de voltooiing van de bouwwerkzaamheden en de installatie is in bedrijf gesteld. 

 

 

KWARTAAL 2

2026

De bouw van de chemische recycling- en waterstofcentrale moet worden voltooid en de installatie moet in bedrijf zijn gesteld.

Ten minste 50 %, uitgedrukt in gewicht, van het verwerkte gescheiden ingezamelde niet-gevaarlijke kunststofafval dat in de chemische recyclinginstallatie terechtkomt, moet worden omgezet in secundaire grondstoffen.

De installatie verwerkt alleen kunststofafval dat niet mechanisch kan worden gerecycled.

Waterstof wordt geproduceerd door middel van elektrolyse met behulp van hernieuwbare energiebronnen overeenkomstig de toepasselijke EU-wetgeving.

De jaarlijkse capaciteit van de installatie voor de hoeveelheid verwerkt gescheiden ingezameld niet-gevaarlijk kunststofafval moet ten minste 40 000 ton bedragen.

De jaarlijkse capaciteit van de installatie voor de productie van groene waterstof bedraagt ten minste 750 ton. De capaciteit van de installatie wordt gecertificeerd door de regionale afvalbeheerautoriteit met een afvalverwerkingsvergunning.

H. COMPONENT 8: GEZONDHEID

Dit onderdeel van het Hongaarse herstel- en veerkrachtplan is gericht op verschillende uitdagingen waarmee het Hongaarse gezondheidsstelsel momenteel wordt geconfronteerd, zoals ongelijke toegang tot diensten en de hoge frequentie van informele (gelukkige) betalingen; een buitensporige afhankelijkheid van ziekenhuizen bij het verrichten van diensten; een aanzienlijke schuld van ziekenhuizen in verband met financieringsproblemen; en regionale personeelstekorten binnen het zorgstelsel.

De belangrijkste doelstelling van het onderdeel is de ontwikkeling van een modern en efficiënt zorgstelsel dat een antwoord kan bieden op de uitdagingen van de eenentwintigste eeuw en voor iedereen toegankelijk is, in overeenstemming met beginsel 16 van de Europese pijler van sociale rechten. Te dien einde is de component gericht op i) de afschaffing van felicitybetalingen in het gezondheidsstelsel; II) de rol van huisartsen te versterken; III) de intramurale zorg stroomlijnen en de infrastructuur ervan verbeteren; IV) meer gebruik te maken van informatie- en communicatietechnologieën (ICT) om de kwaliteit en efficiëntie van de gezondheidszorg te verbeteren; en v) een programma voor gezondheidsbewaking op afstand voor ouderen te ontwikkelen.

Het onderdeel ondersteunt de uitvoering van de landspecifieke aanbevelingen inzake de ondersteuning van preventieve gezondheidsmaatregelen en de versterking van de primaire gezondheidszorg (landspecifieke aanbevelingen 2 van 2019 en 3 in 2022), inzake het aanpakken van tekorten aan gezondheidswerkers en het waarborgen van een adequaat aanbod van kritieke medische producten en infrastructuur (landspecifieke aanbeveling 1 in 2020), en inzake het waarborgen van toegang tot essentiële diensten voor iedereen (landspecifieke aanbeveling 2 in 2020). Het moet ook bijdragen tot de uitvoering van de Europese pijler van sociale rechten.

Verwacht wordt dat geen enkele maatregel in deze component ernstig afbreuk doet aan milieudoelstellingen in de zin van artikel 17 van Verordening (EU) 2020/852, rekening houdend met de beschrijving van de maatregelen en de risicobeperkende stappen in het herstel- en veerkrachtplan overeenkomstig de technische richtsnoeren inzake het beginsel „geen ernstige afbreuk doen aan” (2021/C58/01).

H.1. Beschrijving van de hervormingen en investeringen voor niet-terugvorderbare financiële steun

C8.R1: Afschaffing van vergoedingen in de gezondheidszorg

Het doel van de maatregel is een einde te maken aan de praktijk van informele beloningen in de gezondheidszorg en tegelijkertijd betere financiële en arbeidsomstandigheden voor artsen te creëren.

De maatregel bestaat uit de vaststelling van wetgeving voor de invoering van een nieuw arbeidscontract voor artsen met als doel het uitbannen van vergoedingen en, in verband daarmee, het verhogen van de salarissen van artsen en ingezetenen die op grond van de bepalingen van een dergelijk contract werkzaam zijn. Samen met de bij wet vastgestelde strafbaarstelling van vergoedingen, wordt verwacht dat de maatregel dergelijke betalingen in de gezondheidszorg zal uitbannen. De doeltreffendheid van de maatregel zal naar verwachting worden versterkt door de parallelle loonstijgingen in de gezondheidszorg (die los van het herstel- en veerkrachtplan worden gefinancierd).

Het effect van de maatregel wordt geëvalueerd door middel van een onafhankelijke studie waarvan de resultaten openbaar worden gemaakt. In de studie wordt ook beoordeeld in hoeverre de hervorming heeft bijgedragen tot de verbetering van de aantrekkelijkheid van het beroep van arts en het behoud van artsen in Hongarije.

De uitvoering van de hervorming wordt uiterlijk op 31 december 2023 voltooid.

C8.I1: Ontwikkeling van de gezondheidszorg in de 21e eeuw

Het doel van de maatregel is de intramurale zorg en de infrastructuur ervan te versterken. De nadruk wordt gelegd op de ontwikkeling van een netwerk van dagchirurgie, ambulante en intramurale zorgverleners met nieuwe en gerenoveerde gebouwen en moderne medische hulpmiddelen die de efficiëntie van de gezondheidszorg helpen verhogen, mede met het oog op mogelijke toekomstige gezondheidscrises.

De maatregel bestaat uit vier acties. Ten eerste, de inwerkingtreding van wetgeving om één enkel en transparant nieuw nationaal gezondheidsbeheersysteem te ontwikkelen. Ten tweede de oprichting van 22 ziekenhuisnetwerken op nationaal niveau met geïntegreerde patiëntentrajecten, volgens een door het ministerie van Binnenlandse Zaken te verstrekken karteringsrapport. In de geïntegreerde patiëntentrajecten wordt bepaald welke instelling in het netwerk verantwoordelijk is voor elk type medische interventie binnen elk nationaal netwerk van zorginstellingen. Ten derde krijgen ten minste 40 nieuwe of gerenoveerde gezondheidsinfrastructuur nieuwe en moderne gezondheidszorgapparatuur en voldoen nieuw gebouwde gebouwen ook aan hoge energie-efficiëntie-eisen. Ten vierde, een toename van het aantal evenementen voor de inzameling van volbloed op mobiele inzamelplaatsen in kleine nederzettingen.

De uitvoering van de investering moet uiterlijk op 30 juni 2026 zijn voltooid.

C8.I2: Ondersteuning van de digitale transformatie van gezondheid

Doel van de investering is het gebruik van informatie- en communicatietechnologieën te vergroten om de gezondheidssector efficiënter te maken, de toegang tot diensten te vergemakkelijken en de kwaliteit van de zorg en diensten te verbeteren.

De maatregel bestaat uit zes acties. Ten eerste worden 65 ziekenhuizen uitgerust met verbeterde IT-beveiligingssystemen. Ten tweede moeten nieuwe databanken en ziekteregisters digitaal toegankelijk worden in de Electronic Healthcare Service Space (EESZT). EESZT is een bestaand integratieplatform waar alle gezondheidsgegevens van patiënten met de juiste toestemming kunnen worden opgevraagd via lokaal ziekenhuis, huisarts of apotheek. Ten derde moet het aandeel van de procedures van de gezondheidsautoriteit dat elektronisch kan worden ingeleid, stijgen tot 60 %. Ten vierde zal het aantal telegeneeskundeinterventies via info-communicatie-instrumenten toenemen. Ten vijfde worden op het EESZT-portaal nieuwe modules gelanceerd ter ondersteuning van aanbodbeheer en gedigitaliseerde zorgprocessen. Ten zesde wordt een nieuwe centrale mobiele applicatie voor gezondheidszorg (myEESZT) ontwikkeld en operationeel gemaakt voor huishoudens en professionele gebruikers.

De uitvoering van de investering moet uiterlijk op 31 maart 2026 zijn voltooid.

C8.I3: Programma voor gezondheidsmonitoring op afstand voor ouderen

Het doel van de investering is te voorzien in diensten voor gezondheidsbewaking op afstand voor ouderen ouder dan 65 jaar. De investeringen zullen naar verwachting ook de de-institutionalisering van langdurige zorg verminderen.

De maatregel bestaat uit twee acties. Ten eerste, de inbedrijfstelling van dispatchingdiensten die telegeneeskundediensten en spoedeisende zorg voor de deelnemers onder ouderen ouder dan 65 jaar organiseren. Het systeem stelt deelnemers in staat om hulp te vragen bij de 24-uursdienst met hun eigen GSM-gebaseerde persoonlijke noodoproep. Het personeel van de dispatching beschikt over deskundigheid op het gebied van ambulance- of noodhulpdiensten. Ten tweede moeten ten minste 1 500 000 ouderen ouder dan 65 jaar zijn uitgerust met draagbare sensorische apparaten. Een speciale dienst voorziet in een 24-uursbewaking van deze ouderen, die in geval van medische nood de dispatchingdienst kunnen bellen.

De uitvoering van de investering moet uiterlijk op 31 december 2025 zijn voltooid.

C8.I4: Ontwikkeling van de eerstelijnsgezondheidszorg

De maatregel heeft tot doel de eerstelijnsgezondheidszorg voor zoveel mogelijk burgers toegankelijk te maken, met name door de rol van huisartsen te versterken, de dienstverlening dicht bij huis te vergroten en de lasten van gespecialiseerde zorg te verlichten.

De maatregel bestaat uit vier acties. Ten eerste wordt een nieuw rechtskader vastgesteld voor de oprichting en werking van praxisgemeenschappen van huisartsen. Ten tweede wordt het aantal artsen dat deelneemt aan gevestigde en operationele praxisgemeenschappen verhoogd. Ten derde zal het aantal patiënten dat is ingeschreven in het programma voor de beheersing van chronische ziekten, dat zorg verleent aan cliënten bij wie chronische niet-besmettelijke ziekten zijn vastgesteld, toenemen. Ten vierde zal het aantal patiënten dat is ingeschreven in programma’s voor preventie en gezondheidsbevordering toenemen.

De uitvoering van de investering moet uiterlijk op 31 december 2025 zijn voltooid.

H.2.    Mijlpalen, streefdoelen, indicatoren en tijdschema voor de monitoring en uitvoering van niet-terugvorderbare financiële steun

Volgnummer

Gerelateerde maatregel (hervorming of investering)

Mijlpaal/Doelstelling

Naam

Kwalitatieve indicatoren 
(voor mijlpalen)

Kwantitatieve indicatoren 
(voor streefcijfers)

Indicatief tijdschema voor de voltooiing 

Beschrijving van elke mijlpaal en doelstelling

Meeteenheid

Uitgangssituatie

Doel

Kwartaal

Jaar

139

C8.R1 Uitbreiding van vergoedingen in de gezondheidszorg

Mijlpaal 

Inwerkingtreding van de wet op de relatie tussen gezondheidszorg 

Bepaling in de wet betreffende de inwerkingtreding ervan

  

  

  

KWARTAAL 4 

2020 

De Wet relatie gezondheidszorg treedt in werking. De wet bevat de arbeidsovereenkomst van zorgaanbieders in staatsbezit, de afschaffing en strafbaarstelling van vergoedingen en het salaris van artsen in het kader van de nieuwe arbeidsovereenkomst. Bij de wet worden de arbeidsverhoudingen in openbare zorgaanbieders veranderd, waardoor de salarissen van artsen worden verhoogd en de vergoedingen in de gezondheidszorg worden afgeschaft. De bij wet vastgestelde wijziging van de arbeidsovereenkomst, de afschaffing en strafbaarstelling van de gratificatiebetalingen en de loonsverhoging hebben — in het kader van een coherente hervorming — tot doel de financiële en arbeidsomstandigheden van artsen te verbeteren en het behoud van het personeel te vergemakkelijken.

140

C8.R1 Uitbreiding van vergoedingen in de gezondheidszorg

Mijlpaal 

Publicatie van een onafhankelijke studie met bewijsmateriaal over het effect van de doorgevoerde hervormingen van de gezondheidszorg op de praktijk van de betaling van een vergoeding 

Publicatie van een onafhankelijke studie op de website van het ministerie van Binnenlandse Zaken

KWARTAAL 4 

2023 

In een studie van onafhankelijke deskundigen, die is gebaseerd op objectieve gegevens zoals officiële statistieken en enquêtes, wordt vastgesteld of de doorgevoerde hervormingen erin geslaagd zijn een einde te maken aan de praktijk van het betalen van een vergoeding, en wordt de doeltreffendheid beoordeeld van de wettelijke bepalingen die de vergoedingen strafbaar stellen. Tevens wordt beoordeeld in welke mate de hervorming heeft bijgedragen tot de verbetering van de aantrekkelijkheid van het beroep van arts en het behoud van artsen in Hongarije. De studie kan aanbevelingen bevatten voor verdere maatregelen om het effect van de hervormingen te versterken.

141

C8.I1 Ontwikkeling van de voorwaarden voor gezondheidszorg in de 21e eeuw 

Mijlpaal 

Inwerkingtreding van het Regeringsbesluit betreffende de taken van het Nationaal Directoraat-generaal ziekenhuizen

Bepaling in het regeringsbesluit betreffende de inwerkingtreding ervan

KWARTAAL 1 

2021 

Het regeringsbesluit betreffende de taken van het Nationaal Directoraat-generaal ziekenhuizen legt de basis voor de ontwikkeling van één enkel en transparant nieuw nationaal gezondheidsbeheersysteem.

 142

C8.I1 Ontwikkeling van de voorwaarden voor gezondheidszorg in de 21e eeuw 

Mijlpaal 

Voltooiing van een inventarisatieproces voor het opzetten van een regionaal ziekenhuissysteem met geïntegreerde patiëntentrajecten 

Publicatie van het inventarisatierapport in het Publicatieblad

KWARTAAL 2

2023

Het ministerie van Binnenlandse Zaken voert een inventarisatieproces uit om de rol van de verschillende instellingen in de geïntegreerde patiëntentrajecten op nationaal niveau vast te stellen, op basis van de beschikbare capaciteiten en demografische trends. Het gepubliceerde karteringsverslag bevat het tijdschema voor het opzetten van ziekenhuisnetwerken op nationaal niveau met geïntegreerde patiëntentrajecten.

143

C8.I1 Ontwikkeling van de voorwaarden voor gezondheidszorg in de 21e eeuw 

Streefwaarde 

Aantal ziekenhuisnetwerken op nationaal niveau met geïntegreerde patiëntentrajecten

 

Aantal 

22 

KWARTAAL 1 

2024 

Het ministerieel besluit tot vaststelling van het aantal ziekenhuisnetwerken op landniveau met geïntegreerde patiëntentrajecten wordt bekendgemaakt in het Publicatieblad. Er worden ziekenhuisnetwerken op nationaal niveau met geïntegreerde patiëntentrajecten tot stand gebracht die het hele Hongaarse grondgebied bestrijken. In de geïntegreerde patiëntentrajecten wordt bepaald welke instelling in het netwerk verantwoordelijk is voor elk type medische interventie binnen elk nationaal netwerk van zorginstellingen.

144

C8.I1 Ontwikkeling van de voorwaarden voor gezondheidszorg in de 21e eeuw 

Streefwaarde 

Aantal evenementen voor het inzamelen van volbloed op mobiele inzamelplaatsen in kleine nederzettingen

Aantal 

480

KWARTAAL 1 

2026

Organisatie van vrijwillige bloeddonatie in mobiele donatie-eenheden in nederzettingen met minder dan 3 000 inwoners.

145

C8.I1 Ontwikkeling van de voorwaarden voor gezondheidszorg in de 21e eeuw 

Streefwaarde 

Ingebruikneming van nieuwe of gemoderniseerde gezondheidsinfrastructuurgebouwen die zijn uitgerust met nieuwe en moderne gezondheidszorgapparatuur

 

Aantal 

40

KWARTAAL 2 

2026

Er moeten ten minste 40 gebouwen voor gezondheidsinfrastructuur worden gebouwd of gerenoveerd. De gebouwde of gerenoveerde gebouwen worden in bedrijf gesteld na de aankoop en installatie van moderne gezondheidszorgapparatuur. Het kan daarbij gaan om transportmiddelen die in ziekenhuizen worden gebruikt, geprefabriceerde modulaire chirurgische ruimten en chirurgische instrumenten, handinstrumenten, kinderverzorgingshulpmiddelen, diagnose-instrumenten, endoscopie en laparoscopie, pathologie en laboratoriuminstrumenten, revalidatie-instrumenten, hulpmiddelen voor medische beeldopslag en transmissiesystemen, in totaal 140 000 apparatuur. Deze uitrusting moet worden geïnstalleerd en in bedrijf worden gesteld in, of — naar gelang van de situatie — verband houden met de in het kader van deze investering gebouwde of gerenoveerde gezondheidsinfrastructuur.

146

C8.I1 Ontwikkeling van de voorwaarden voor gezondheidszorg in de 21e eeuw 

Streefwaarde

Vloeroppervlakte van gezondheidsinfrastructuurgebouwen die hebben geprofiteerd van de verbetering van de energie-efficiëntie

Vierkante meter

0

139 701

KWARTAAL 2

2026

Ten minste 139 701 vierkante meter vloeroppervlakte in de nieuwe of gemoderniseerde gebouwen van de gezondheidsinfrastructuur als bedoeld in streefdoel 145 zal baat hebben bij een verbetering van de efficiëntie. De vraag naar primaire energie van nieuwe gebouwen moet ten minste 20 % lager zijn dan de eis inzake bijna-energieneutrale gebouwen.

147

C8.I2 Ondersteuning van de digitale transformatie van gezondheid 

Streefwaarde 

Aantal ziekenhuizen met een verbeterd IT-beveiligingssysteem 

 

Aantal 

65

KWARTAAL 4 

2024

Ten minste 65 ziekenhuizen moeten profiteren van upgrades van hun IT-beveiligingssystemen. Om als instelling met een verbeterd IT-beveiligingssysteem te worden beschouwd, zijn de volgende elementen operationeel in het ziekenhuis: vastgestelde IT-beveiligingsgovernance; een centraal identiteitsbeheersysteem; gebruik van de Office Gateway (hivatali Kapu); het bestaan van hardware- en softwareinventarissen; een systeem voor gegevensback-up; een kenniscentrum voor IT-beveiliging. Het bestaan van deze elementen wordt gecertificeerd door middel van een externe audit door IT-beveiligingsdeskundigen.

148

C8.I2 Ondersteuning van de digitale transformatie van gezondheid 

Streefwaarde 

Aantal nieuwe databanken voor gezondheidszorg en ziektenregisters dat digitaal beschikbaar is 

  

Aantal 

17 

KWARTAAL 1 

2026 

Op de Elektronikus Egészségügyi Szolgáltatási Tér — EESZT worden ten minste 17 nieuwe databanken toegankelijk gemaakt.

De nieuwe databanken kunnen worden geauthenticeerd, openbare databanken of medische registers met betrekking tot verschillende medische specialismen.

149

C8.I2 Ondersteuning van de digitale transformatie van gezondheid 

Streefwaarde 

Toename van het aandeel van de soorten procedures van gezondheidsautoriteiten dat elektronisch kan worden ingeleid 

  

% (percentage) 

60 

KWARTAAL 4 

2025 

Het aandeel van de procedures van de gezondheidsautoriteit dat digitaal kan worden ingeleid, moet uiterlijk op 31 december 2025 zijn gestegen tot ten minste 60 %, vergeleken met 5 % in februari 2020. Deze procedures kunnen officiële kennisgevingen, vergunningsprocedures en gegevensverzamelingen zijn. Procedures die momenteel gedeeltelijk elektronisch zijn en volledig elektronisch zullen worden:

— Kennisgeving van activiteiten waarbij gevaarlijke stoffen of verbindingen betrokken zijn (met inbegrip van kennisgeving van wijzigingen);

— Kennisgeving van gevaarlijke stoffen die uitsluitend voor industriële doeleinden worden gebruikt;

— Kennisgeving van biociden;

— Kennisgeving van activiteiten tegen plaagorganismen voor de volksgezondheid;

— Melding van fumigatieactiviteiten door exploitanten van plaagbestrijding;

— Kennisgeving van de bestrijding van muggen en knaagdieren door exploitanten van plaagbestrijding; en

Toelating van biociden op grond van de overgangsmaatregelen van Verordening (EU) nr. 528/2012 van het Europees Parlement en de Raad betreffende het op de markt aanbieden en het gebruik van biociden.

150

C8.I2 Ondersteuning van de digitale transformatie van gezondheid 

Streefwaarde 

Aantal telegeneeskundediensten geleverd via digitale hulpmiddelen in één jaar 

  

Aantal 

690 000 

KWARTAAL 4 

2025 

Het aantal telegeneeskundeinterventies dat jaarlijks aan patiënten wordt verstrekt, moet stijgen tot ten minste 690 000 in 2025. Dergelijke interventies omvatten diensten die worden verleend via telecommunicatieapparatuur zonder persoonlijke interactie tussen arts en patiënt, zoals teleconsultatie en diagnostiek. Het aantal dergelijke interventies wordt door het National Healthcare Service Centre, de instelling die de centrale telegeneeskundediensten beheert, geregistreerd als feitelijke zorgdiensten.

151

C8.I2 Ondersteuning van de digitale transformatie van gezondheid 

Mijlpaal

Nieuwe EESZT-modules ter ondersteuning van aanbodbeheer en gedigitaliseerde zorgprocessen 

Inbedrijfstelling van de nieuwe modules

KWARTAAL 4 

2025 

De volgende EESZT-modules worden ontwikkeld en gelanceerd: centraal patiëntenregister; centraal behandelregister, reisplanning voor patiënten en publicatie van middelen; centrale databank patiëntdocumentatie; systeem voor het bestellen van laboratoria. De modules zijn operationeel en beschikbaar voor de gebruikers.

152

C8.I2 Ondersteuning van de digitale transformatie van gezondheid 

Mijlpaal

Lancering van een centrale mobiele applicatie voor gezondheidszorg (myEESZT)

KWARTAAL 2

2024

Het myEESZT-mobiele applicatie- en webkader en de bijbehorende persoonlijke en professionele e-gezondheidsfuncties worden ontwikkeld en operationeel gemaakt voor huishoudens en professionele gebruikers. De geplande functionaliteiten van de applicatie omvatten ten minste een gezondheidsagenda, educatieve inhoud en het online boeken van afspraken voor medische bezoeken en behandelingen.

153

C8.I2 Ondersteuning van de digitale transformatie van gezondheid 

Streefwaarde 

Aantal unieke gebruikers van de centrale mobiele zorgapplicatie

  

Aantal 

100 000 

KWARTAAL 4 

2025 

Het aantal unieke gebruikers van de centrale mobiele applicatie voor gezondheidszorg (myEESZT) moet op 31 december 2025 ten minste 100 000 bedragen.

154

C8.I3 Programma voor gezondheidsmonitoring op afstand voor ouderen 

Mijlpaal 

Lancering van de dispatchingdienst voor het programma voor gezondheidsmonitoring op afstand voor ouderen 

Inbedrijfstelling van de dispatchingdienst 

  

  

  

KWARTAAL 3 

2022 

De dispatchingdienst voor het programma treedt in werking. De locatie van de dispatchingdienst wordt aangewezen en de nodige infrastructuur en het gespecialiseerde personeel worden opgezet en operationeel. Het dispatchingcentrum ontvangt de inkomende noodoproepen door de gebruikers van de dienst (ouderen ouder dan 65 jaar); zij heeft toegang tot de gezinsleden, de huisarts van de patiënt, de zorgaanbieders en de sociale dienstverleners van de patiënt. Het personeel van de dispatchingdienst communiceert met de patiënten en roept familieleden of zorgaanbieders op in geval van een noodsituatie. Het personeel moet deskundig zijn op het gebied van ambulance- of noodhulpdiensten. Het IT-systeem van de dispatchingdienst begeleidt de patiënt en het personeel door middel van een ondervragingsprotocol om een hoogwaardige dienstverlening te waarborgen.

155

C8.I3 Programma voor gezondheidsmonitoring op afstand voor ouderen 

Streefwaarde 

Aantal deelnemers aan het programma voor gezondheidsmonitoring op afstand voor ouderen

  

Aantal 

1 500 000 

KWARTAAL 4 

2025 

Ten minste 1 500 000 deelnemers (ouderen ouder dan 65 jaar) aan het programma moeten zijn uitgerust met draagbare sensorische apparaten. De dienst zorgt voor een 24 uur durende bewaking van deze ouderen, zodat zij in geval van medische nood een dispatchingcentrum kunnen bellen. Familieleden en familieleden kunnen ook in noodgevallen in kennis worden gesteld.

156

C8.I4 Ontwikkeling van de eerstelijnsgezondheidszorg 

Mijlpaal 

Inwerkingtreding van 

regeringsbesluit Praxis-gemeenschappen

Bepaling in het regeringsbesluit betreffende de inwerkingtreding ervan

KWARTAAL 1 

2021 

Het Regeringsbesluit Praxis-gemeenschappen schept het wettelijk kader voor de oprichting en werking van praxisgemeenschappen, met inbegrip van hun mogelijke vormen, de juridische procedure voor hun oprichting, hun extra professionele taken en de afbakening van de basisactiviteiten van huisartsen.

157

C8.I4 Ontwikkeling van de eerstelijnsgezondheidszorg

Streefwaarde 

Aantal artsen dat deelneemt aan nieuw opgerichte en operationele huisartsengemeenschappen

  

Aantal 

515

4 000

KWARTAAL 3

2025

Ten minste 4 000 huisartsen hebben een samenwerkingsovereenkomst ondertekend om een praktijkgemeenschap op te richten, tegenover 515 in maart 2021. 

158

C8.I4 Ontwikkeling van de eerstelijnsgezondheidszorg

Streefwaarde 

Aantal patiënten dat is ingeschreven in het programma voor de bestrijding van chronische ziekten  

  

Aantal 

43 000 

KWARTAAL 4 

2025

Ten minste 43 000 patiënten moeten worden ingeschreven in het programma voor de beheersing van chronische ziekten, dat betrekking heeft op het complexe proces van het verlenen van doeltreffende, tijdige en toegankelijke zorg aan cliënten bij wie chronische niet-overdraagbare ziekten zijn vastgesteld. De chronische ziekten waarop het programma betrekking heeft, omvatten hypertensie en andere hart- en vaatziekten, diabetes type II en chronische obstructieve longziekte (COPD).

159

C8.I4 Ontwikkeling van de eerstelijnsgezondheidszorg

Streefwaarde 

Aantal patiënten dat is ingeschreven in programma’s voor preventie en gezondheidsbevordering  

  

Aantal 

30 000 

KWARTAAL 4

2025

Er moeten ten minste 30 000 patiënten worden ingeschreven in programma’s voor preventie en gezondheidsbevordering. Deze worden gedefinieerd als programma’s die gericht zijn op het voorkomen van chronische niet-overdraagbare ziekten en het ondersteunen van veranderingen in de levensstijl door middel van activiteiten zoals: programma’s ter bevordering van een gezond voedingspatroon; programma’s voor regelmatige lichaamsbeweging; programma’s ter ondersteuning van de verandering van levensstijl; programma’s ter bevordering van de gezondheid op het werk; programma’s ter bevordering van de gezondheid op school; programma’s voor het behoud en de ontwikkeling van de geestelijke gezondheid; programma’s ter bestrijding van overmatig alcoholgebruik; programma’s ter ondersteuning van het stoppen met roken; en programma’s ter voorkoming van het gebruik van illegale stoffen.

I. COMPONENT 9: GOVERNANCE EN OPENBAAR BESTUUR 

Hongarije heeft een aantal reeds lang bestaande horizontale uitdagingen in verband met de robuustheid en werking van de overheidsinstellingen in het algemeen, die ook gevolgen hebben voor de economische en sociale processen in het land. Specifieke kwesties in dit verband hebben betrekking op het kader voor corruptiebestrijding, mededinging bij overheidsopdrachten, onafhankelijkheid van de rechterlijke macht en de voorspelbaarheid, kwaliteit en transparantie van de besluitvorming. Hongarije scoort laag op het gebied van corruptieperceptie-indicatoren en het concurrentieniveau bij overheidsopdrachten is gematigd. De verantwoordingsplicht voor besluiten tot afsluiting van onderzoeken blijft een punt van zorg, aangezien er geen doeltreffende rechtsmiddelen bestaan tegen beslissingen van het openbaar ministerie om vermeende criminele activiteiten niet te vervolgen. Terugkerende uitdagingen bij de toepassing van de regels inzake transparantie en toegang tot openbare informatie verzwakken ook het kader voor corruptiebestrijding verder. Wat de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht betreft, hebben de in het verslag over de rechtsstaat 2022 beschreven punten van zorg met name betrekking op de uitdagingen waarmee de onafhankelijke nationale raad voor de rechterlijke macht wordt geconfronteerd bij het compenseren van de bevoegdheden van de voorzitter van het nationale bureau voor justitie, de regels inzake de verkiezing van de voorzitter van het Hooggerechtshof, de mogelijkheid van discretionaire beslissingen met betrekking tot rechterlijke benoemingen en bevorderingen, de toewijzing van zaken en bonussen aan rechters en leidinggevenden van rechtbanken, alsook de mogelijkheid voor overheidsinstanties om definitieve rechterlijke beslissingen voor het grondwettelijk hof aan te vechten. De kwaliteit, voorspelbaarheid en transparantie van de besluitvorming en het ontbreken van effectieve raadpleging van de sociale partners en belanghebbenden in de besluitvormingsprocessen vormen terugkerende uitdagingen. De complexiteit van het belastingstelsel en de risico’s van agressieve fiscale planning zijn ook aangemerkt als problemen die moeten worden aangepakt; en dat de houdbaarheid van de overheidsfinanciën moet worden verbeterd.

Dit onderdeel van het Hongaarse herstel- en veerkrachtplan is erop gericht deze uitdagingen aan te pakken. Het omvat maatregelen die naar verwachting zullen bijdragen tot de versterking van het kader voor corruptiebestrijding, onder meer door de oprichting van een integriteitsautoriteit en een taskforce voor corruptiebestrijding, de ontwikkeling van alomvattende anticorruptiestrategieën en de versterking van de capaciteit van de Hongaarse controle-instanties, met name wat betreft uitgaven uit de EU-begroting. Het omvat ook maatregelen om de vervolgingsinspanningen te versterken. Er zijn ook maatregelen opgenomen om de concurrentie op het gebied van overheidsopdrachten te vergroten en de transparantie van en het publieke toezicht op overheidsopdrachten te waarborgen.

De maatregelen in het onderdeel hebben ook betrekking op de reeds lang bestaande kwesties in verband met de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht, het verhogen van het niveau van rechterlijke bescherming en het verbeteren van het investeringsklimaat in Hongarije, door de waarborgen voor onafhankelijkheid en onpartijdigheid van rechtbanken te versterken, met name door sterkere bevoegdheden voor de nationale raad voor de rechterlijke macht in te stellen om de bevoegdheden van de voorzitter van het nationale bureau voor de rechterlijke macht te compenseren, de rechterlijke onafhankelijkheid van het Hooggerechtshof te versterken, belemmeringen voor prejudiciële verwijzingen naar het Hof van Justitie van de Europese Unie weg te nemen en de mogelijkheid voor overheidsinstanties om definitieve rechterlijke beslissingen bij het grondwettelijk hof aan te vechten, weg te nemen.

De maatregelen in dit onderdeel zullen naar verwachting ook de kwaliteit en transparantie van de besluitvorming verbeteren, onder meer door een meer systematische betrokkenheid van de sociale partners en belanghebbenden, en de toegang tot openbare informatie vergemakkelijken, en zorgen voor effectief toezicht op de wijze waarop stichtingen van algemeen belang gebruikmaken van EU-steun. De component omvat ook maatregelen om het risico van agressieve fiscale planning aan te pakken en het belastingstelsel te vereenvoudigen. Tot slot omvat het onderdeel maatregelen ter verbetering van de kwaliteit en de houdbaarheid van de overheidsfinanciën.

In verschillende gevallen draagt deze component ook bij tot de digitale transitie van overheidsinstellingen door de digitalisering van overheidsdiensten en -diensten te ondersteunen.

De component draagt bij tot de uitvoering van de landspecifieke aanbevelingen inzake de noodzaak om „het kader voor corruptiebestrijding te versterken, onder meer door de vervolgingsinspanningen en de toegang tot overheidsinformatie te verbeteren” (landspecifieke aanbeveling 4 van 2019, landspecifieke aanbeveling 4 van 2022), „Verbetering van de concurrentie bij overheidsopdrachten” (landspecifieke aanbeveling 4 van 2020, landspecifieke aanbeveling 4 van 2022), „Versterking van de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht” (landspecifieke aanbeveling 4 van 2019, landspecifieke aanbeveling 4 van 2022), „de kwaliteit en transparantie van het besluitvormingsproces verbeteren door middel van een doeltreffende sociale dialoog, overleg met andere belanghebbenden en regelmatige effectbeoordelingen” (landspecifieke aanbeveling 4 van 2019, landspecifieke aanbeveling 4 van 2022), „Voortzetten van de vereenvoudiging van het belastingstelsel” (landspecifieke aanbeveling 4 van 2019, landspecifieke aanbeveling 4 van 2022), „Versterking van het belastingstelsel tegen het risico van agressieve fiscale planning” (landspecifieke aanbeveling 4 van 2019, landspecifieke aanbeveling 5 van 2020) en „prudente begrotingssituaties op middellange termijn” (landspecifieke aanbeveling 1 van 2022).

Hongarije heeft een aantal van deze maatregelen voorgesteld en met de Europese Commissie besproken in het kader van de procedure in het kader van de conditionaliteitsverordening 8 . De inhoud van de desbetreffende mijlpalen en streefdoelen is afgestemd op de in dat verband aangegane verbintenissen en sommige van deze mijlpalen worden uitgevoerd vóór de indiening van het eerste betalingsverzoek in het kader van de faciliteit voor herstel en veerkracht.

Overeenkomstig artikel 20, lid 5, onder e), van Verordening (EU) 2021/241 is, om te voldoen aan artikel 22 van die verordening, de uitvoering van de mijlpalen in dit onderdeel die verband houden met het Hongaarse controlesysteem dat gericht is op de bescherming van de financiële belangen van de Unie, een voorwaarde voor elke betaling uit hoofde van artikel 24 9 van de RRF-verordening.

Overeenkomstig artikel 24, lid 3, van Verordening (EU) 2021/241 wordt elke hervorming door Hongarije uitgevoerd zonder dit resultaat te verzwakken en negatieve gevolgen te hebben voor de onderstaande elementen.

Verwacht wordt dat geen enkele maatregel in deze component ernstig afbreuk doet aan milieudoelstellingen in de zin van artikel 17 van Verordening (EU) 2020/852, rekening houdend met de beschrijving van de maatregelen en de risicobeperkende stappen in het herstel- en veerkrachtplan overeenkomstig de technische richtsnoeren inzake het beginsel „geen ernstige afbreuk doen aan” (2021/C58/01).

I.1.    Beschrijving van de hervormingen en investeringen voor niet-terugvorderbare financiële steun

C9.R1: Oprichting van een integriteitsautoriteit ter versterking van de preventie, opsporing en correctie van fraude, belangenconflicten en corruptie, alsmede andere onrechtmatigheden en onregelmatigheden in verband met de uitvoering van steun van de Unie in Hongarije

Het doel van deze hervorming is het versterken van de preventie, opsporing en correctie van fraude, belangenconflicten en corruptie, alsook van andere onrechtmatigheden en onregelmatigheden in verband met de uitvoering van steun van de Unie in Hongarije, met bijzondere aandacht voor overheidsopdrachten, door de oprichting van een integriteitsautoriteit.

De Autoriteit voor integriteitsbewaking heeft tot taak op te treden in alle gevallen waarin de bevoegde nationale autoriteiten naar haar mening niet de nodige maatregelen hebben genomen om fraude, belangenconflicten, corruptie en andere onregelmatigheden of onregelmatigheden die het goed financieel beheer van de begroting van de Unie of de bescherming van de financiële belangen van de Unie hebben geschaad of ernstig in het gedrang dreigen te brengen, te voorkomen, op te sporen en te corrigeren.

De integriteitsautoriteit wordt opgericht en start haar werkzaamheden vóór de indiening van het eerste betalingsverzoek in het kader van het plan voor herstel en veerkracht.

Er wordt gewaarborgd dat de integriteitsautoriteit volledig onafhankelijk is, met inbegrip van het feit dat de integriteitsautoriteit en haar personeel geen instructies mogen ontvangen of vragen van andere personen of instellingen. Er gelden sterke garanties voor de selectie van personeel, beheer en begroting.

De integriteitsautoriteit heeft onder meer de bevoegdheid om aanbestedende diensten op te dragen een aanbestedingsprocedure op te schorten (voor een periode van maximaal twee maanden); administratieve onderzoeksinstanties te verzoeken namens haar onderzoeken uit te voeren; aan te bevelen specifieke marktdeelnemers voor een bepaalde periode van financiering door de Unie uit te sluiten; de betrokken nationale autoriteiten of organen op te dragen hun toezichts- of controletaken uit te voeren, met name wat betreft procedures voor het verifiëren van verklaringen inzake belangenconflicten en vermoedens in verband met het beheer van middelen van de Unie; aanbestedende diensten aan te bevelen gebruik te maken van een specifieke aanbestedingsprocedure; bij de bevoegde nationale autoriteiten of organen procedures in te leiden om vermoedens van onrechtmatigheden of onregelmatigheden vast te stellen; vanaf 31 maart 2023, de exclusieve bevoegdheid om vermogensverklaringen te verifiëren van hoge politieke leiders die geen mandaat hebben als lid van de Nationale Vergadering (minister-president, ministers, politieke directeuren van de minister-president, staatssecretarissen), de bevoegdheid om de openbaar beschikbare vermogensverklaringen van alle hoogrisicofunctionarissen, waaronder de Voorzitter, parlementsleden, hoofden van centrale uitvoerende autoriteiten, andere politieke functionarissen, personeel van de kabinetten van politieke ambtenaren, regionale gouverneurs, burgemeesters van grote steden, rechtstreeks te verifiëren; rechters, aanklagers, leden van de gerechtelijke en vervolgingsinstanties, onderzoekers tegen‑corruptie en hogere leidinggevenden van staatsbedrijven, en voor niet-openbare vermogensverklaringen ten minste de bevoegdheid om de bevoegde instanties te verzoeken deze verklaringen te verifiëren en het resultaat van die verificatie te verkrijgen; op eigen initiatief, klacht en verdenking procedures voor de verificatie van vermogensverklaringen in te leiden en rechtstreekse en onbeperkte toegang te hebben tot de relevante databanken en registers om de waarheidsgetrouwheid van de informatie in de vermogensaangiften te verifiëren; verzoeken om rechterlijke toetsing van alle besluiten van autoriteiten met betrekking tot procedures voor het plaatsen van overheidsopdrachten die steun van de Unie inhouden en aan rechterlijke toetsing kunnen worden onderworpen; en het stilzitten van een betrokken autoriteit voor de rechter aan te vechten. De integriteitsautoriteit beschikt over ondubbelzinnige en onbeperkte bevoegdheden om haar bevoegdheden te blijven uitoefenen, zelfs in gevallen waarin de betrokken projecten of procedures die oorspronkelijk voor steun van de Unie waren gepland, vervolgens uit de steun van de Unie zijn geschrapt.

De integriteitsautoriteit heeft toegang tot alle informatie, databanken en registers die zij nodig heeft om haar taken in verband met overheidsopdrachten, gevallen van vermoedelijke corruptie, met inbegrip van de verificatie van vermogensaangiften, fraude en belangenconflicten met steun van de Unie uit te voeren. Er wordt voor gezorgd dat de autoriteiten waarop een verzoek om informatie of een instructie van de integriteitsautoriteit betrekking heeft, binnen een redelijke termijn handelen.

De integriteitsautoriteit voert binnen vier maanden na de oprichting ervan een integriteitsrisicobeoordeling uit om de stand van zaken met betrekking tot de integriteitssituatie van het Hongaarse systeem voor overheidsopdrachten te evalueren, integriteitsrisico’s, systeemrisico’s voor de integriteit en de instrumenten die beschikbaar zijn om deze aan te pakken, vast te stellen.

De integriteitsautoriteit stelt haar eerste jaarlijkse integriteitsverslag voor het jaar 2022 op tegen het tweede kwartaal van 2 2023, en vervolgens elk jaar tegen het tweede kwartaal van 2. De verslagen worden openbaar gemaakt. De regering onderzoekt elk verslag van de integriteitsautoriteit en licht schriftelijk toe hoe zij binnen drie maanden na de publicatie van elk van de bevindingen in die verslagen zal ingaan.

De uitvoering van de hervorming wordt in het vierde kwartaal van 4 2023 voltooid.

C9.R2: Oprichting van een taskforce voor corruptiebestrijding om toezicht te houden op en toezicht te houden op de maatregelen die in Hongarije zijn genomen om corruptie te voorkomen, op te sporen, te vervolgen en te bestraffen

Het doel van deze hervorming is een taskforce voor corruptiebestrijding op te richten om toezicht te houden op de in Hongarije genomen maatregelen om corruptie te voorkomen, op te sporen, te vervolgen en te bestraffen.

De taskforce voor corruptiebestrijding onderzoekt de bestaande corruptiebestrijdingsmaatregelen en werkt voorstellen uit voor de verbetering van de opsporing, het onderzoek, de vervolging en de bestraffing van corrupte praktijken en andere praktijken zoals nepotisme, favoritisme of „draaideurconstructies” tussen de publieke en de particuliere sector. Zij doet met name voorstellen voor maatregelen om de preventie en opsporing van corruptie te verbeteren en de informatiestroom tussen de administratieve en controleautoriteiten van de staat en de strafrechtelijke onderzoeksinstanties te verbeteren.

Ten minste de helft van de leden van de taskforce voor corruptiebestrijding is onafhankelijke niet-gouvernementele organisaties die actief zijn op het gebied van corruptiebestrijding en beschikken over bewezen deskundigheid en voldoende lange controleerbare activiteiten, geselecteerd op basis van een open, transparante, niet-discriminerende selectieprocedure en objectieve criteria die verband houden met de deskundigheid en verdienste van de kandidaten.

De voorzitter van de integriteitsautoriteit, zoals ingesteld bij hervorming C9.R1, treedt op als voorzitter van de taskforce voor corruptiebestrijding, maar beide entiteiten werken afzonderlijk en onafhankelijk van elkaar.

De taskforce voor corruptiebestrijding komt ten minste tweemaal per jaar bijeen en neemt besluiten met gewone meerderheid van de uitgebrachte stemmen. De notulen van haar vergaderingen worden openbaar gemaakt op de website van de taskforce voor corruptiebestrijding, samen met schriftelijke bijdragen en opmerkingen die de leden van de taskforce vóór of na de vergaderingen hebben toegezonden en die worden verzocht bij de notulen van de vergadering te worden gevoegd. De taskforce voor corruptiebestrijding stelt op voorstel van zijn voorzitter tijdens zijn eerste vergadering zijn eigen reglement van orde vast.

De taskforce voor corruptiebestrijding publiceert tegen het tweede kwartaal van 1 2023 zijn eerste verslag voor het jaar 2022 en vervolgens elk jaar tegen het tweede kwartaal van 1 jaarverslagen. Niet-gouvernementele leden van de taskforce voor corruptiebestrijding hebben de mogelijkheid om schaduwverslagen op te stellen waarin hun standpunten worden uiteengezet. Deze verslagen worden ook openbaar gemaakt, samen met het verslag van de taskforce voor corruptiebestrijding.

De regering onderzoekt de verslagen van de taskforce voor corruptiebestrijding binnen twee maanden na de publicatie ervan en doet haar opmerkingen — met inbegrip van een gedetailleerde motivering met betrekking tot elk voorstel van de taskforce voor corruptiebestrijding die zij heeft besloten niet ten uitvoer te leggen — aan de taskforce voor corruptiebestrijding toekomen.

De taskforce voor corruptiebestrijding houdt zijn eerste vergadering vóór de indiening van het eerste betalingsverzoek in het kader van het plan voor herstel en veerkracht.

De uitvoering van de hervorming wordt in het vierde kwartaal van 2 2023 voltooid.

C9.R3: Invoering van een specifieke procedure voor bijzondere misdrijven in verband met de uitoefening van openbaar gezag of het beheer van openbare eigendommen („rechterlijke toetsing”)

Om de vervolgingsinspanningen te verbeteren en ervoor te zorgen dat vastberaden actie wordt ondernomen om corruptie en soortgelijke strafbare feiten te vervolgen, wordt bij deze hervorming een specifieke procedure ingesteld die zorgt voor een doeltreffende rechterlijke toetsing van beslissingen van onderzoeksautoriteiten of het openbaar ministerie om een aangifte van een misdrijf te seponeren of een procedure te beëindigen. De procedure kan worden ingeleid door eenieder, natuurlijke personen en rechtspersonen hebben de mogelijkheid om een verzoek tot herziening van dergelijke besluiten in te dienen en om een herhaaldelijk verzoek tot herziening in te dienen om te verzoeken dat het onderzoek of de procedure in kwestie wordt voortgezet. De integriteitsautoriteit (zie hervorming C9.R1) heeft ook de mogelijkheid om een verzoek tot herziening en een herhaalde motie tot herziening in te dienen. Na een herhaald verzoek tot herziening kunnen natuurlijke en rechtspersonen een verzoek tot vervolging indienen, mits er redelijke gronden zijn om de zaak voor vervolging in te stellen. De persoon die een herhaald verzoek tot herziening indient, treedt op als openbaar aanklager. In dergelijke gevallen wordt een voorafgaand onderzoek van de grond voor het verzoek tot vervolging door de geadieerde rechter niet overwogen. De procedure is van toepassing met ingang van 1 januari 2023, ook voor niet verjaarde strafbare feiten die vóór die datum zijn gepleegd.

De hervorming wordt voltooid voordat het eerste betalingsverzoek in het kader van het plan voor herstel en veerkracht wordt ingediend. Tegen het vierde kwartaal van 4 2023 wordt een uitgebreide evaluatie van de hervorming uitgevoerd.

C9.R4: Aanscherping van de regels met betrekking tot vermogensaangiften

Het doel van deze hervorming is het anticorruptiekader te versterken door strengere regels in te voeren met betrekking tot vermogensaangiften, door het persoonlijke en materiële toepassingsgebied ervan uit te breiden, te zorgen voor frequente openbaarmaking van dergelijke verklaringen en te zorgen voor transparantie door deze beschikbaar te stellen aan het publiek en door doeltreffende sancties in te voeren voor inbreuken op gerelateerde regels en verplichtingen.

De hervorming bestaat uit gerelateerde wetswijzigingen die in werking treden en worden toegepast vóór de indiening van het eerste betalingsverzoek in het kader van het plan voor herstel en veerkracht. Zij zorgen er met name voor dat personen die belast zijn met hoge politieke functies en hun familieleden die in hetzelfde huishouden wonen, alsmede leden van de Nationale Vergadering en hun familieleden die in hetzelfde huishouden wonen, uiterlijk op 31 december 2022 voor het eerst vermogensverklaringen indienen op grond van de nieuwe regels inzake vermogensverklaringen die betrekking hebben op de staat, en verplicht zijn hun activa aan te geven (met name hun inkomsten, onroerend goed, andere waardevolle eigendommen, spaartegoeden in bankdeposito’s en contanten, activa in aandelen, effecten en private-equityfondsen, levensverzekeringspolissen, trusts en uiteindelijk eigendom van ondernemingen).

Daarnaast wordt tegen het vierde kwartaal van 1 2023 een nieuw systeem opgezet waarbij vermogensaangiften elektronisch worden ingediend en waar vermogensverklaringen van personen met leidinggevende politieke functies kosteloos toegankelijk zijn voor het publiek.

Ten slotte wordt een doeltreffende, evenredige en voldoende afschrikkende sanctieregeling (met inbegrip van zowel strafrechtelijke als administratieve sancties) ingevoerd voor ernstige schendingen in verband met de verplichtingen van personen die onderworpen zijn aan de regels inzake vermogensaangiften, die vanaf het tweede kwartaal van 3 2023 van toepassing wordt.

De uitvoering van de hervorming wordt in het vierde kwartaal van 3 2023 voltooid.

C9.R5: Zorgen voor transparantie bij het gebruik van overheidsmiddelen door stichtingen voor vermogensbeheer van algemeen belang

Het doel van deze hervorming is te zorgen voor doeltreffend toezicht op de wijze waarop stichtingen van algemeen belang gebruikmaken van de steun van de Unie.

Om de toepasselijke wettelijke bepalingen inzake toegang tot overheidsinformatie, regels inzake overheidsopdrachten en taken en verantwoordelijkheden van stichtingen voor het beheer van activa van algemeen belang te verduidelijken wanneer zij in welke hoedanigheid dan ook betrokken zijn bij de uitvoering van steun van de Unie, treden daartoe specifieke wetswijzigingen in werking om:

-stichtingen voor het beheer van activa van openbaar belang die activiteiten van algemeen belang verrichten, en de rechtspersonen die door hen zijn opgericht of worden onderhouden, uitdrukkelijk aanwijzen als „aanbestedende diensten” op grond van de regels inzake overheidsopdrachten;

-ervoor zorgen dat stichtingen voor het beheer van activa van algemeen belang die activiteiten van algemeen belang verrichten, en rechtspersonen die door hen zijn opgericht of worden onderhouden, alsmede hun personeel, die in welke hoedanigheid dan ook betrokken zijn bij de uitvoering van steun van de Unie, onderworpen zijn aan dezelfde vereisten als die welke gelden voor openbare entiteiten met betrekking tot toegang tot overheidsinformatie en audits en controles;

-en zorgen voor de volledige toepassing van de regels inzake belangenconflicten voor alle personen die een ambt bekleden of in dienst zijn van stichtingen voor vermogensbeheer van algemeen belang die activiteiten van algemeen belang verrichten en de rechtspersonen die door hen zijn opgericht of onderhouden.

De hervorming wordt uitgevoerd vóór de indiening van het eerste betalingsverzoek in het kader van het plan voor herstel en veerkracht.

C9.R6: Vergroting van de transparantie van overheidsuitgaven

Het doel van deze hervorming is de transparantie van de overheidsuitgaven te vergroten door belemmeringen voor de toegang tot overheidsinformatie weg te nemen, door alle overheidsinstanties te verplichten proactief een breed scala aan vooraf bepaalde informatie over het gebruik van overheidsmiddelen openbaar te maken in een centraal register dat toegankelijk is voor het publiek.

De verplichting voor alle overheidsinstanties om dergelijke gegevens in het centrale register te publiceren en de reikwijdte van de informatie die proactief openbaar moet worden gemaakt, worden gespecificeerd in een wetgevingshandeling die in werking treedt vóór de indiening van het eerste betalingsverzoek in het kader van het plan voor herstel en veerkracht. In de wetgevingshandeling worden ook duidelijke procedures en regels voor de bekendmaking van dergelijke gegevens vastgesteld, met inbegrip van de termijn voor en de vorm van bekendmaking.

Informatie over het bewijs van uitvoering en facturen blijven beschikbaar wanneer om toegang tot documenten wordt verzocht. Het centrale register bevat unieke identificatiecodes van opdrachten in het elektronische systeem voor overheidsopdrachten (EPS). Er wordt ook informatie beschikbaar gesteld waaruit blijkt of de overheidsmiddelen (geheel of gedeeltelijk) steun van de Unie omvatten boven de nationale drempel voor overheidsopdrachten. Voor aanbestedingsprocedures die na 31 maart 2023 van start gaan, wordt deze informatie ook opgenomen voor procedures waarbij de steun van de Unie niet hoger is dan de nationale drempels voor overheidsopdrachten. De in het centrale register gepubliceerde gegevensreeksen zijn in een open, interoperabel en machineleesbaar formaat waarmee bulkdownloads en gegevens kunnen worden gesorteerd, doorzocht, geëxtraheerd, vergeleken en hergebruikt. De toegang tot de gegevens wordt kosteloos en zonder registratieverplichting verleend.

Overheidsinstanties zijn verplicht de gegevens in het centrale register ten minste om de twee maanden bij te werken. De regering houdt toezicht op de naleving en handhaving van de verplichtingen die voortvloeien uit bovengenoemde wetgevingshandeling ten aanzien van overheidsinstanties en zorgt ervoor dat overheidsinstanties voldoen aan hun verplichting om alle relevante gegevens volledig en tijdig te uploaden.

Het centrale register is volledig operationeel en de volledige reeks gegevens wordt in het eerste kwartaal van 1 2023 geüpload.

De uitvoering van de hervorming wordt in het vierde kwartaal van 1 2023 voltooid.

C9.R7: Ontwikkeling en uitvoering van een nationale strategie en actieplan voor corruptiebestrijding

Het doel van de hervorming is het kader voor corruptiebestrijding te versterken door te zorgen voor de uitvoering van de huidige nationale anticorruptiestrategie en -actieplan en door een nieuwe nationale strategie en een nieuw nationaal actieplan voor corruptiebestrijding te ontwikkelen, gericht op het verbeteren van de mechanismen om fraude en corruptie doeltreffend te voorkomen, op te sporen en te corrigeren (ook in het systeem voor overheidsopdrachten) en het systeem voor de aanpak van belangenconflicten te versterken.

De nieuwe nationale strategie en het nieuwe nationale actieplan voor corruptiebestrijding worden opgesteld met de effectieve betrokkenheid van de taskforce voor corruptiebestrijding (zie hervorming C9.R2) op basis van beleidsadvies van de OESO, na uitgebreid overleg met nationale en internationale belanghebbenden, waaronder de Commissie en Greco, en in overleg met belanghebbenden waarin hun aanbevelingen zijn verwerkt. Zij besteedt bijzondere aandacht aan de versterking van het institutionele en normatieve kader voor de bestrijding van corruptie op hoog niveau door het vergroten van de transparantie van de werkzaamheden van overheidsinstanties (ook op hoog politiek niveau). Voortbouwend op en in overeenstemming met de in hervorming C9.R20 genoemde fraudebestrijdings- en anticorruptiestrategie (die naar verwachting beperkt zal blijven tot steun van de Unie), zorgen de nationale corruptiebestrijdingsstrategie en het nationale actieplan voor een coherente uitvoering van fraudebestrijdings- en corruptiebestrijdingsmaatregelen voor zowel nationale als financiële steun van de Unie.

Het actieplan bevat specifieke acties om de bestrijding van corruptie te versterken; de administratieve controle met betrekking tot vermogensaangiften te versterken; efficiënte interne mechanismen te ontwikkelen om integriteitskwesties in de regering te bevorderen en bewuster te maken; de toepassing van de code voor beroepsethiek door het staatskorps van de Hongaarse regering en de praktijken van lokale overheden te evalueren om beste praktijken met betrekking tot contacten met lobbyisten vast te stellen en te bevorderen en belangenconflicten te voorkomen; en een gedragscode voor personen met topuitvoerende functies (zoals gedefinieerd door Greco) vast te stellen, openbaar te maken en te beginnen toepassen, met inbegrip van contacten met lobbyisten, beperkingen na uitdiensttreding en werk van familieleden en bevordering van de werkgelegenheid.

De nationale strategie en het nationale actieplan voor corruptiebestrijding (voor de periode van 1 juli 2023 tot en met 31 december 2025) worden vastgesteld en met de uitvoering van het actieplan wordt uiterlijk in het vierde kwartaal van 2 2023 begonnen. De nationale strategie en het nationale actieplan voor corruptiebestrijding worden regelmatig geëvalueerd, rekening houdend met de inhoud van de verslagen en de werkzaamheden van de taskforce voor corruptiebestrijding (zie hervorming C9.R2) en de integriteitsautoriteit (zie hervorming C9.R1).

De regering stelt uiterlijk in het vierde kwartaal van 1 2026 een verslag vast met een beoordeling van de uitvoering van de nieuwe nationale strategie voor corruptiebestrijding en de acties in het kader van het actieplan, en maakt dit openbaar.

De uitvoering van de hervorming wordt in het vierde kwartaal van 1 2026 voltooid.

C9.R8: Verbetering van de samenwerkingssystemen van het openbaar ministerie om corruptiepraktijken aan te pakken

Het doel van deze hervorming is de efficiëntie van het openbaar bestuur te vergroten en aldus bij te dragen tot de versterking van het kader voor corruptiebestrijding door de invoering van:

-tegen het vierde kwartaal van 2 2024, een nieuw IT-systeem voor de behandeling van gevoelige documenten, dat de administratieve werkzaamheden en informatie-uitwisseling van ten minste zeven organisatorische eenheden die betrokken zijn bij vervolgingsonderzoeken ondersteunt en vergemakkelijkt; en

-tegen het vierde kwartaal van 4 2025, een nieuw IT-systeem voor het beheer van onderzoeksdossiers, dat het onderzoekswerk van zeven organisatorische eenheden die betrokken zijn bij vervolgingsonderzoeken ondersteunt en vergemakkelijkt.

De uitvoering van de hervorming wordt in het vierde kwartaal van 4 2025 voltooid.

C9.R9: Bewustmaking met het oog op de uitroeiing van vergoedingen in de gezondheidszorg

Het doel van deze hervorming is burgers bewuster te maken van de strafbaarstelling van gelukkige betalingen in de gezondheidszorg — onder meer door middel van gedrukt, tv- en onlinecampagnes en de verspreiding van informatie — en zo bij te dragen tot de uitroeiing ervan.

Deze maatregel vormt een aanvulling op de wetswijzigingen om de vergoedingen in de gezondheidszorg strafbaar te stellen, en op de wetgeving tot invoering van een nieuw arbeidscontract voor artsen met als doel het uitbannen van vergoedingen en, in verband hiermee, het verhogen van de salarissen van artsen en ingezetenen die op grond van de bepalingen van een dergelijk contract in dienst zijn.

De maatregel bestaat uit een uitgebreide informatie- en bewustmakingscampagne om ten minste vijf miljoen burgers te bereiken. Tegen het tweede kwartaal van 3 2023 wordt een tussentijdse beoordeling gepubliceerd van de eerste resultaten van de campagne, waarin het aantal bereikte burgers, de verandering in de perceptie van de acceptatie van vergoedingen in de gezondheidszorg ten opzichte van de situatie vóór de start van de bewustmakingscampagne, de vaststelling van geleerde lessen en het opstellen van aanbevelingen voor de rest van de campagne worden vastgesteld.

De uitvoering van de hervorming wordt in het vierde kwartaal van 4 2024 voltooid.

C9.R10: Vermindering van het aandeel van aanbestedingsprocedures met één bod

Het doel van de hervorming is de concurrentie op het gebied van overheidsopdrachten te verbeteren en de transparantie, doeltreffendheid en robuustheid van de desbetreffende processen te vergroten door het aandeel openbare aanbestedingsprocedures met één bod dat met middelen van de Unie of de nationale begroting wordt gefinancierd, te verminderen.

Deze hervorming omvat een uitgebreide reeks maatregelen om de concurrentie op het gebied van overheidsopdrachten te vergroten.

Het aandeel openbare aanbestedingsprocedures — zowel boven als onder de EU-drempels voor overheidsopdrachten met afzonderlijke inschrijvingen — wordt verlaagd en vervolgens gehandhaafd onder 15 % (i) voor overheidsopdrachten die geheel of gedeeltelijk met steun van de Unie worden gefinancierd; en ii) voor overheidsopdrachten die met nationale middelen worden gefinancierd, overeenkomstig het tijdschema dat in de onderstaande doelstellingen is vermeld. Het aandeel van de afzonderlijke biedingen wordt berekend volgens de methodologie van het scorebord van de eengemaakte markt. In de definitieve auditverslagen met goedkeurende auditadviezen van de EUTAF wordt ook bevestigd dat het aandeel van de afzonderlijke inschrijvingen onder de overeenkomstige streefdoelen ligt.

Vóór de indiening van het eerste betalingsverzoek in het kader van het plan voor herstel en veerkracht wordt een instrument voor monitoring en rapportage („één bod”) opgezet en operationeel gemaakt om de vooruitgang in de richting van de doelstellingen in verband met deze maatregel te kunnen monitoren en rapporteren. De overeenstemming van dat instrument met de methodologie van het scorebord van de eengemaakte markt, dat de gegevens in het instrument nauwkeurig en volledig zijn, ook wat het niveau van de uitgangswaarden betreft, wordt bevestigd door een definitief auditverslag met een goedkeurend auditoordeel van de EUTAF. Tegen het vierde kwartaal van 4 2022 bevat het instrument ook gegevens over geografische aanduidingen. Het eerste schriftelijke verslag op basis van informatie uit het rapportageinstrument met één bod, met inbegrip van absolute cijfers en aandelen, geografische aanduidingen en identificatie van diensten en producten, wordt opgesteld door het ministerie dat verantwoordelijk is voor overheidsopdrachten en wordt uiterlijk in het tweede kwartaal van 1 2023 en vervolgens jaarlijks op de EPS-website openbaar gemaakt.

De uitvoering van de hervorming wordt in het vierde kwartaal van 1 2023 voltooid.

C9.R11: Ontwikkeling van het elektronisch systeem voor overheidsopdrachten (EPS) om de transparantie te vergroten

Het doel van deze hervorming is de transparantie van overheidsopdrachten te vergroten en het onafhankelijke toezicht op en de onafhankelijke analyse van de mededinging bij overheidsopdrachten te vergemakkelijken door alle aanbestedingsgegevens gratis openbaar te maken in bulksgewijze download- en machineleesbare vorm via de ontwikkeling van het elektronische systeem voor overheidsopdrachten (EPS).

De EPS wordt vóór de indiening van het eerste betalingsverzoek in het kader van het herstel- en veerkrachtplan geüpdatet, zodat alle aankondigingen van gegunde overheidsopdrachten regelmatig kunnen worden bijgewerkt in een gestructureerde vorm, zodat alle gegevens met betrekking tot aankondigingen van gegunde opdrachten kunnen worden doorzocht, massaal geëxporteerd en machinaal verwerkt. In deze databank moeten alle marktdeelnemers, met inbegrip van individuele leden van consortia, identificeerbaar zijn aan de hand van een unieke identificatiecode. De regelmatig bijgewerkte databank is toegankelijk en downloadbaar voor iedereen van de EPS-homepage zonder registratie.

Vóór de indiening van het eerste betalingsverzoek in het kader van het plan voor herstel en veerkracht wordt informatie over onderaannemers ook in gestructureerde vorm in de EPS beschikbaar gesteld. Uiterlijk in het vierde kwartaal van 1 2023 bevat de databank ook alle aankondigingen van gegunde opdrachten vanaf 1 januari 2014, met alle nodige informatie, ook over onderaannemers.

De uitvoering van de hervorming wordt in het vierde kwartaal van 1 2023 voltooid.

C9.R12: Kader voor prestatiemeting voor overheidsopdrachten

Het doel van deze hervorming is een alomvattend kader voor prestatiemeting op te zetten om de efficiëntie en kosteneffectiviteit van overheidsopdrachten in Hongarije voortdurend te monitoren en te beoordelen.

Het kader voor prestatiemeting wordt ontwikkeld met volledige en effectieve betrokkenheid van onafhankelijke niet-gouvernementele organisaties die actief zijn op het gebied van overheidsopdrachten en deskundigen op het gebied van overheidsopdrachten. De onafhankelijke niet-gouvernementele organisaties worden geselecteerd door middel van een open, transparante en niet-discriminerende selectieprocedure op basis van objectieve criteria die verband houden met deskundigheid en verdienste.

Het kader voor prestatiemeting treedt in werking vóór de indiening van het eerste betalingsverzoek in het kader van het plan voor herstel en veerkracht. Het maakt met name de jaarlijkse analyse mogelijk van het aantal mislukte aanbestedingsprocedures en de redenen daarvoor; het aandeel contracten dat tijdens de uitvoering van het contract volledig wordt opgezegd; het aandeel van vertragingen bij de uitvoering van het contract; het aandeel van kostenoverschrijdingen (met inbegrip van hun aandeel en volume); het aandeel gegunde overheidsopdrachten waarbij expliciet rekening wordt gehouden met de gehele levenscyclus of levenscycluskosten; het aandeel van de succesvolle deelname van micro- en kleine ondernemingen aan overheidsopdrachten; de waarde en het aandeel van openbare aanbestedingsprocedures met afzonderlijke inschrijvingen die met nationale middelen en met steun van de Unie afzonderlijk en/of beide worden gefinancierd.

De analyse op basis van het bovenstaande wordt uitgevoerd met de volledige en daadwerkelijke betrokkenheid van geselecteerde onafhankelijke niet-gouvernementele organisaties en onafhankelijke deskundigen op het gebied van overheidsopdrachten en de resultaten ervan worden voor het eerst voor het jaar 2022 en elk jaar daarna openbaar gemaakt tegen het eerste kwartaal van 1 2023.

De uitvoering van de hervorming wordt in het vierde kwartaal van 1 2023 voltooid.

C9.R13: Actieplan voor meer concurrentie bij overheidsopdrachten

Het doel van deze hervorming is de concurrentie op het gebied van overheidsopdrachten te vergroten door de goedkeuring en uitvoering van een alomvattend actieplan.

De acties in het actieplan zijn gebaseerd op een beoordeling van goede praktijken om de concurrentie op het gebied van overheidsopdrachten te vergemakkelijken; de eerste resultaten van het kader voor prestatiemeting (zie hervorming C9.R12) en op basis daarvan opgestelde voorstellen om de concurrentie bij overheidsopdrachten te vergemakkelijken; beschikbare bevindingen, besluiten en aanbevelingen van de integriteitsautoriteit (zie hervorming C9.R1) die relevant zijn voor mededinging bij overheidsopdrachten.

Het actieplan bevat specifieke en meetbare doelstellingen die elk jaar moeten worden verwezenlijkt; maatregelen vaststellen die relevant zijn voor de verwezenlijking van de desbetreffende doelstellingen; precieze termijnen vast te stellen voor de uitvoering van de maatregelen en voor elke maatregel relevante indicatoren toe te wijzen om de voortgang van de uitvoering ervan te monitoren; de relevante autoriteit of instelling die verantwoordelijk is voor de uitvoering van elke maatregel; een monitoringmechanisme in te stellen om de vooruitgang bij de verwezenlijking van de doelstellingen van het actieplan te beoordelen; een specifieke bepaling op te nemen om het actieplan jaarlijks te herzien en zo nodig te herzien; en ervoor zorgen dat de jaarlijkse stand van zaken met betrekking tot de uitvoering van de acties in het actieplan of de herzieningen ervan onverwijld openbaar wordt gemaakt.

Het actieplan wordt tegen het vierde kwartaal van 1 2023 aangenomen. Na de eerste jaarlijkse evaluatie stelt de regering het herziene actieplan vast en maakt het openbaar, met inbegrip van een stand van zaken met betrekking tot de uitvoering van elk van de daarin vervatte maatregelen, tegen het tweede kwartaal van 1 2024.

De uitvoering van de hervorming wordt in het vierde kwartaal van 1 2024 voltooid.

C9.R14: Opleidingsregeling en steunregeling voor micro-, kleine en middelgrote ondernemingen om hun deelname aan openbare aanbestedingsprocedures te vergemakkelijken

Het doel van deze hervorming is de deelname van micro-, kleine en middelgrote ondernemingen (met de nadruk op micro- en kleine ondernemingen) aan openbare aanbestedingsprocedures te vergemakkelijken.

Daartoe ontwikkelt en implementeert Hongarije een opleidingsregeling die micro-, kleine en middelgrote ondernemingen kosteloos de belangrijkste theoretische en praktische informatie verschaft over de wijze waarop zij met succes aan openbare aanbestedingsprocedures kunnen deelnemen. De opleiding is gebaseerd op nieuw ontwikkelde opleidingen en e-learningmateriaal. Nieuw ontwikkeld opleidingsmateriaal heeft ten minste betrekking op de procedures voor het plaatsen van overheidsopdrachten en de voorbereidingsfase daarvan, het doeltreffende gebruik van rechtsmiddelen en de specifieke kenmerken die zich bij de uitvoering van een overheidsopdracht voordoen. De evaluatie van de doeltreffendheid van de opleidingen wordt gewaarborgd. Tegen het eerste kwartaal van 1 2024 worden opleidingen verstrekt aan ten minste 1 000 micro-, kleine en middelgrote ondernemingen en tegen het tweede kwartaal van 2 2026 aan ten minste 2 200 micro-, kleine en middelgrote ondernemingen. Uiterlijk in het tweede kwartaal van 2 2026 wordt een evaluatieverslag over de doeltreffendheid en efficiëntie van de opleidingsmaatregel openbaar gemaakt.

Hongarije zet tegen het tweede kwartaal van 1 2023 ook een steunregeling op die voorziet in een forfaitaire compensatie, op basis van objectieve, niet-discriminerende en transparante selectiecriteria, die tegen het tweede kwartaal van 2 2026 rechtstreeks moet worden betaald aan ten minste 1 800 micro-, kleine en middelgrote ondernemingen (met de nadruk op micro- en kleine ondernemingen), voor hun kosten in verband met hun deelname aan openbare aanbestedingsprocedures. Uiterlijk in het tweede kwartaal van 3 2024 wordt een tussentijdse evaluatie van de steunregeling en uiterlijk in het tweede kwartaal van 2 2026 een eindevaluatie van de steunregeling uitgevoerd van de toegevoegde waarde en de doeltreffendheid van het programma.

De uitvoering van de hervorming wordt in het vierde kwartaal van 2 2026 voltooid.

C9.R15: Versterking van de rol en de bevoegdheden van de Nationale Raad voor Justitie om tegenwicht te bieden aan de bevoegdheden van de voorzitter van het nationaal bureau voor justitie

Het doel van de hervorming is de nationale raad voor de rechtspraak (NJC) meer bevoegdheden te geven, zodat deze zijn grondwettelijke rol bij het toezicht op het centrale bestuur van de rechtbanken doeltreffend kan uitoefenen en tegelijkertijd de onafhankelijkheid van de raad op basis van de verkiezing van zijn leden door rechters in stand kan houden. De hervorming moet leiden tot een versterking van de onafhankelijkheid en onpartijdigheid van rechtbanken en rechters die bij wet zijn ingesteld overeenkomstig artikel 19 van het Verdrag betreffende de Europese Unie (VEU) en het relevante EU-acquis.

De hervorming voorziet in sterkere bevoegdheden voor de NJC en omvat wetswijzigingen om ervoor te zorgen dat de NJC een gemotiveerd bindend advies uitbrengt over een aantal aangelegenheden met betrekking tot zowel individuele besluiten als verordeningen.

De hervorming zorgt er ook voor dat de NJC over voldoende middelen beschikt, waaronder personeel en kantoren, om haar taken op doeltreffende wijze uit te voeren.

Alvorens de wetsontwerpen in te dienen die nodig zijn voor de tenuitvoerlegging van deze hervorming, wordt een raadpleging van belanghebbenden georganiseerd, waarbij ten minste de NJC, de gerechtelijke verenigingen, de Hongaarse orde van advocaten, maatschappelijke organisaties, de Kúria, het nationaal bureau voor de rechtspraak (NOJ), het Grondwettelijk Hof en de procureur-generaal binnen ten minste 15 dagen opmerkingen kunnen maken.

De uitvoering van de hervorming wordt voltooid in het vierde kwartaal van 1 2023 en vóór het eerste betalingsverzoek in het kader van het plan voor herstel en veerkracht.

C9.R16: Versterking van de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht van het Hooggerechtshof (Kúria)

Het doel van de hervorming is de rechterlijke onafhankelijkheid van het hooggerechtshof (Kúria) te versterken. De hervorming moet leiden tot een versterking van de onafhankelijkheid en onpartijdigheid van de rechtbanken en rechters die bij wet zijn ingesteld overeenkomstig artikel 19 van het VEU en het relevante EU-acquis.

De hervorming bestaat uit een wijziging van de regels voor de verkiezing van de voorzitter van de Kúria; de regels inzake de regeling voor de toewijzing van zaken van de Kúria; en de regels inzake de werking van de Kúria om i) sterkere bevoegdheden vast te stellen voor de raad voor de rechtspraak van de Kúria en de betrokken afdelingen van rechters („kollégium”), ii) de leden van het grondwettelijk hof de mogelijkheid te ontnemen om rechter te worden en vervolgens te worden benoemd in de Kúria zonder de normale sollicitatieprocedure te volgen, en iii) ervoor te zorgen dat de NJC een gemotiveerd bindend advies uitbrengt over de geschiktheid van kandidaten voor de ambten van voorzitter en vicevoorzitter van de Kúria; de geschiktheidscriteria, waaronder onafhankelijkheid, onpartijdigheid, eerlijkheid en integriteit, worden bij wet vastgesteld. De door de NJC ongeschikt bevonden kandidaten hebben toegang tot een versnelde rechterlijke toetsing bij de bevoegde rechter.

De hervorming moet er ook voor zorgen dat de versterkte bevoegdheden van de NJC als bedoeld in hervorming C9.R15 ook gelden ten aanzien van de voorzitter van de Kúria wanneer hij optreedt als tot aanstelling bevoegd gezag (overeenkomstig Wet CLXII van 2011).

Alvorens de voor de uitvoering van deze hervorming vereiste ontwerpwijzigingen in te dienen, wordt een raadpleging van belanghebbenden georganiseerd, waarbij ten minste de Nationale Raad van Justitie, de gerechtelijke verenigingen, de Hongaarse orde van advocaten, maatschappelijke organisaties, de Kúria, de NOJ, het Grondwettelijk Hof en de procureur-generaal binnen ten minste 15 dagen opmerkingen kunnen maken.

De uitvoering van de hervorming wordt voltooid in het vierde kwartaal van 1 2023 en vóór het eerste betalingsverzoek in het kader van het plan voor herstel en veerkracht.

C9.R17: Wegnemen van belemmeringen voor verzoeken om een prejudiciële beslissing aan het Hof van Justitie van de Europese Unie

Het doel van de hervorming is het wegnemen van belemmeringen voor rechtbanken om zelfstandig zaken voor te leggen aan het Hof van Justitie van de Europese Unie (HvJ-EU) en zo de naleving van de jurisprudentie van het HvJ-EU te waarborgen. De hervorming moet leiden tot een versterking van de onafhankelijkheid en onpartijdigheid van de rechtbanken en rechters die bij wet zijn ingesteld overeenkomstig artikel 19 van het VEU en het relevante EU-acquis.

De hervorming houdt in dat de artikelen 666 en volgende van het wetboek van strafvordering worden gewijzigd om de Kúria de mogelijkheid te ontnemen om de rechtmatigheid te toetsen van de beslissing van een rechter om een prejudiciële vraag te stellen aan het HvJ-EU, en artikel 490 van het wetboek van strafvordering betreffende de schorsing van de procedure teneinde elke belemmering voor een rechterlijke instantie om een prejudiciële verwijzing in te dienen overeenkomstig artikel 267 VWEU weg te nemen.

Alvorens de wetsontwerpen in te dienen die nodig zijn voor de tenuitvoerlegging van deze hervorming, wordt een raadpleging van belanghebbenden georganiseerd, waarbij ten minste de NJC, de gerechtelijke verenigingen, de Hongaarse orde van advocaten, maatschappelijke organisaties, de Kúria, de NOJ, het Grondwettelijk Hof en de procureur-generaal binnen ten minste 15 dagen opmerkingen kunnen maken.

De uitvoering van de hervorming wordt voltooid in het vierde kwartaal van 1 2023 en vóór het eerste betalingsverzoek in het kader van het plan voor herstel en veerkracht.

C9.R18: Hervorming van de toetsing van definitieve uitspraken door het Grondwettelijk Hof

De hervorming bestaat erin de in 2019 door wijziging van artikel 27 van Wet CLI van 2011 ingevoerde mogelijkheid voor overheidsinstanties om definitieve rechterlijke beslissingen bij het Grondwettelijk Hof aan te vechten, te schrappen. De hervorming moet leiden tot een versterking van de onafhankelijkheid en onpartijdigheid van de rechtbanken en rechters die bij wet zijn ingesteld overeenkomstig artikel 19 van het VEU en het relevante EU-acquis.

Alvorens de wetsontwerpen in te dienen die nodig zijn voor de tenuitvoerlegging van deze hervorming, wordt een raadpleging van belanghebbenden georganiseerd, waarbij ten minste de NJC, de gerechtelijke verenigingen, de Hongaarse orde van advocaten, maatschappelijke organisaties, de Kúria, de NOJ, het Grondwettelijk Hof en de procureur-generaal binnen ten minste 15 dagen opmerkingen kunnen maken.

De uitvoering van de hervorming wordt voltooid in het vierde kwartaal van 1 2023 en vóór het eerste betalingsverzoek in het kader van het plan voor herstel en veerkracht.

C9.R19: Aangescherpte wettelijke bepalingen tot vaststelling van uitvoerings-, monitoring- en audit- en controleregelingen om een goed gebruik van de steun van de Unie te waarborgen

Het doel van de hervorming is te zorgen voor een doeltreffende uitvoering, monitoring, controle en audit van de steun van de Unie en de bescherming van de financiële belangen van de Unie.

Daartoe treden vóór de indiening van het eerste betalingsverzoek in het kader van het plan voor herstel en veerkracht wettelijke bepalingen in werking waarin de taken en verantwoordelijkheden worden vastgesteld van de organen die betrokken zijn bij de uitvoering, monitoring, controle en audit van de steun van de Unie in Hongarije, om te zorgen voor:

-dat risicobeheer, preventie, opsporing en correctie van fraude, corruptie, belangenconflicten en dubbele financiering worden versterkt;

-dat er doeltreffende regels, procedures en controlemechanismen worden ingevoerd met betrekking tot verklaringen inzake belangenconflicten; en

-dat medewerkers in gevoelige functies regelmatig rouleren en dat hun doeltreffend toezicht wordt gewaarborgd.

Specifiek met betrekking tot het plan voor herstel en veerkracht wordt in de bovengenoemde wettelijke bepalingen ook het wettelijke mandaat vastgesteld door de gedetailleerde taken en verantwoordelijkheden vast te stellen van de instanties die betrokken zijn bij de uitvoering, audit en controle van de uitvoering van het plan voor herstel en veerkracht, regels vast te stellen met betrekking tot de verzameling en betrouwbaarheid van gegevens in verband met het toezicht op het bereiken van mijlpalen en streefdoelen in het plan, procedures voor het opstellen en de betrouwbaarheid van de beheersverklaringen, auditsamenvattingen en betalingsverzoeken, alsook procedures voor het verzamelen van alle gegevens overeenkomstig artikel 22 van de RRF-verordening.

Als aanvulling op bovengenoemde wettelijke regelingen ontwikkelt Hongarije uitgebreide richtsnoeren en begint het deze toe te passen om belangenconflicten doeltreffend te voorkomen, op te sporen en te corrigeren voordat het eerste betalingsverzoek wordt ingediend. De richtsnoeren bevatten een gedetailleerde beschrijving van de daarmee verband houdende taken en verplichtingen voor elk van de organen die betrokken zijn bij de uitvoering, het beheer en de controle van de steun van de Unie om belangenconflicten doeltreffend te voorkomen, op te sporen, te controleren en te corrigeren.

De hervorming wordt voltooid voordat het eerste betalingsverzoek in het kader van het plan voor herstel en veerkracht wordt ingediend.

C9.R20: Een doeltreffende fraudebestrijdings- en anticorruptiestrategie voor de uitvoering, audit en controle van de steun van de Unie

Het doel van de hervorming is te zorgen voor een doeltreffende preventie, opsporing en correctie van fraude en corruptie in verband met steun van de Unie in Hongarije door een alomvattende strategie voor corruptiebestrijding en fraudebestrijding op te zetten en uit te voeren.

De strategie voor fraudebestrijding en corruptiebestrijding wordt aangevuld met een actieplan met duidelijke en alomvattende acties die overeenstemmen met de doelstellingen van de strategie. Voor elk van de acties worden duidelijke termijnen voor de uitvoering, verantwoordelijke instanties en specifieke indicatoren voor het meten van de vooruitgang vastgesteld.

De strategie en het actieplan worden vastgesteld vóór de indiening van het eerste betalingsverzoek in het kader van het plan voor herstel en veerkracht.

C9.R21: Volledig en doeltreffend gebruik van het Arachne-systeem voor alle steun van de Unie

Het doel van de hervorming is te zorgen voor een doeltreffende preventie, opsporing en correctie van fraude, corruptie, belangenconflicten, dubbele financiering en andere onregelmatigheden in verband met steun van de Unie in Hongarije door ten volle en doeltreffend gebruik te maken van het Arachne-instrument voor datamining en risicoscores.

Daartoe keurt de regering procedures goed en begint zij deze toe te passen om ervoor te zorgen dat de relevante nationale autoriteiten om de twee maanden alle relevante gegevens in het Arachne-systeem uploaden en zorgen voor een regelmatige en doeltreffende follow-up van de door het Arachne-systeem gegenereerde risicoscores. Een definitief auditverslag van de EUTAF met een goedkeurend auditoordeel bevestigt de geschiktheid van de procedures en regelingen en de volledigheid van de geüploade gegevens.

De hervorming wordt uitgevoerd vóór de indiening van het eerste betalingsverzoek in het kader van het plan voor herstel en veerkracht.

C9.R22: Oprichting van een directoraat Interne Audit en Integriteit ter versterking van de controle op belangenconflicten bij de uitvoering van steun van de Unie

Het doel van de hervorming is te zorgen voor een doeltreffende preventie, opsporing en correctie van belangenconflicten bij de uitvoering van de steun van de Unie, door de oprichting van een directoraat Interne Audit en Integriteit (DIAI) binnen het ministerie dat verantwoordelijk is voor de uitvoering van de steun van de Unie in Hongarije.

De DIAI voert een regelmatige en doeltreffende controle uit van verklaringen inzake belangenconflicten en onderzoekt gemelde vermoedens van belangenconflicten. Op verzoek verleent het DIAI onverwijld volledige toegang tot alle verklaringen inzake belangenconflicten en tot al zijn dossiers aan de integriteitsautoriteit (zoals opgericht bij hervorming C9.R1). De wet tot oprichting van de DIAI waarborgt de volledige onafhankelijkheid ervan en de passende bevoegdheden om op te treden ten aanzien van alle nationale autoriteiten of organen die betrokken zijn bij de uitvoering van de steun van de Unie in Hongarije. De DIAI stelt een jaarverslag van zijn werkzaamheden op en dient dit in bij de integriteitsautoriteit.

De hervorming wordt uitgevoerd vóór de indiening van het eerste betalingsverzoek in het kader van het plan voor herstel en veerkracht.

C9.R23: Ervoor zorgen dat de EUTAF in staat is zijn taken doeltreffend uit te voeren

Het doel van deze hervorming is te zorgen voor een doeltreffende preventie, opsporing en correctie van fraude en corruptie bij de uitvoering van de steun van de Unie, door ervoor te zorgen dat de auditautoriteit (EUTAF) over de nodige financiële en personele middelen beschikt om haar onafhankelijkheid te waarborgen en haar in staat te stellen haar taken doeltreffend en tijdig uit te voeren.

De hervorming zorgt ervoor dat de jaarlijkse begroting van de EUTAF wordt vastgesteld op basis van een initieel voorstel van de EUTAF en alleen wordt gewijzigd indien dit openbaar gerechtvaardigd is, en niet op zodanige wijze dat het vermogen van de EUTAF om haar taken doeltreffend en tijdig uit te voeren, wordt ondermijnd; de bezoldiging van het personeel van de EUTAF is vastgesteld op 70 % van de bezoldiging van het personeel van de nationale rekenkamer; dat het hoofd van de EUTAF dezelfde prerogatieven heeft om te beslissen over de basisbeginselen van salaris, uitkeringen en arbeidsvoorwaarden als die waarover de voorzitter van de nationale rekenkamer beschikt, en dat een regeling die afwijkt van die welke van toepassing is op de nationale rekenkamer, alleen mogelijk is op schriftelijk en naar behoren gemotiveerd voorstel van het hoofd van de EUTAF; en dat de functionele en professionele onafhankelijkheid van de EUTAF in stand wordt gehouden en dat het personeel van de EUTAF geen instructies met betrekking tot zijn auditwerkzaamheden vraagt of aanvaardt.

De hervorming wordt uitgevoerd vóór de indiening van het eerste betalingsverzoek in het kader van het plan voor herstel en veerkracht.

C9.R24: Versterking van de samenwerking met OLAF ter versterking van de opsporing van fraude in verband met de uitvoering van Uniesteun

De hervorming heeft tot doel de regelingen voor de opsporing van fraude in verband met het gebruik van Uniefinanciering te versterken en de samenwerking met OLAF te versterken.

Daartoe treedt wetgeving in werking om een bevoegde nationale autoriteit aan te wijzen om OLAF bij te staan bij zijn controles ter plaatse in Hongarije, en om de mogelijkheid in te voeren om financiële sancties op te leggen aan marktdeelnemers die niet met OLAF samenwerken tijdens zijn controles en verificaties ter plaatse.

De wetgeving treedt in werking vóór de indiening van het eerste betalingsverzoek in het kader van het plan voor herstel en veerkracht.

C9.R25: Doeltreffende uitvoering, controle en audit van het plan voor herstel en veerkracht en de bescherming van de financiële belangen van de Unie

Het doel van deze hervorming is te zorgen voor de doeltreffende uitvoering, controle en audit van het herstel- en veerkrachtplan en de bescherming van de financiële belangen van de Unie, door een adequaat gegevensopslagsysteem op te zetten voor de registratie en opslag van gegevens bij de uitvoering van het plan voor herstel en veerkracht, en door ervoor te zorgen dat de EUTAF beschikt over een doeltreffende auditstrategie voor de controle van de uitvoering van het herstel- en veerkrachtplan.

Met dat doel:

-een opslagsysteem voor het registreren en opslaan van alle relevante gegevens in verband met de uitvoering van het plan voor herstel en veerkracht — het bereiken van mijlpalen en streefdoelen, gegevens over eindontvangers, contractanten, subcontractanten en uiteindelijk begunstigden — is volledig operationeel en operationeel. In een definitief auditverslag van de EUTAF, met een goedkeurend auditadvies, worden de functies van het gegevensopslagsysteem bevestigd en wordt bevestigd dat het systeem volledig functioneel is en operationeel is;

-om de betrouwbaarheid van en de zekerheid aan de hand van haar auditsamenvattingen te waarborgen, stelt de auditautoriteit van het Hongaarse herstel- en veerkrachtplan (EUTAF) een auditstrategie vast die zorgt voor een doeltreffende audit van de uitvoering van het Hongaarse herstel- en veerkrachtplan, in overeenstemming met internationaal aanvaarde auditnormen.

De hervorming wordt uitgevoerd voordat het eerste betalingsverzoek in het kader van het herstel- en veerkrachtplan bij de Commissie wordt ingediend.

C9.R26: Verbetering van de transparantie en de toegang tot overheidsinformatie 

Het doel van de hervorming is de transparantie te vergroten en de toegang tot overheidsinformatie te verbeteren.

Een eerste submaatregel vergemakkelijkt de toegang tot overheidsinformatie door ervoor te zorgen dat openbare gegevens in beginsel kosteloos worden verstrekt. In uitzonderlijke gevallen waarin vergoedingen voor de toegang tot overheidsinformatie in rekening kunnen worden gebracht, zijn deze vergoedingen redelijk en voldoende laag en omvatten zij geen arbeidskosten. Daartoe treden wetswijzigingen in werking en worden zij toegepast: i) de mogelijkheid voor de houder van overheidsinformatie om arbeidskosten in rekening te brengen voor het voldoen aan een verzoek om toegang tot openbare informatie wordt afgeschaft; II) een algemeen plafond van 190 000 HUF in te voeren voor vergoedingen die aan een verzoek om gegevens kunnen worden aangerekend om te voldoen aan zijn verzoek om toegang tot openbare informatie; de aangerekende vergoedingen mogen niet hoger zijn dan de werkelijk door de gegevenshouders gemaakte kosten en mogen alleen betrekking hebben op de kosten voor het kopiëren en verstrekken van informatie door de houder van openbare informatie, en alleen als die kosten hoger zijn dan 10 000 HUF. Alvorens bovengenoemde wijzigingen in te dienen, houdt de regering rekening met de voorstellen van de nationale autoriteit voor gegevensbescherming en vrijheid van informatie (NAIH) met betrekking tot eenheidskosten met betrekking tot de kosten voor het kopiëren en verstrekken van gegevens, alsmede met de methode voor de berekening van vergoedingen die in rekening kunnen worden gebracht voor toegang tot verzoeken om informatie. De regering zorgt er ook voor dat alle informatie die na een verzoek om toegang tot informatie beschikbaar wordt gesteld, tegelijkertijd beschikbaar wordt gesteld in het in hervorming C9.R6 bedoelde centrale register.

Een tweede submaatregel zorgt ervoor dat het Controlebureau van de overheid (KEHI) regelmatig nagaat of overheidsinstanties de regels inzake toegang tot openbare informatie naleven. Het controlebureau van de overheid voert ten minste tweemaal per jaar uitgebreide en gedetailleerde controles uit bij alle overheidsinstanties om na te gaan of zij voldoen aan hun respectieve vereisten inzake transparantie van openbare gegevens en het verlenen van toegang tot gegevens van algemeen belang. De bevindingen van deze controles worden uiteengezet in een openbaar toegankelijk alomvattend verslag waarin de tekortkomingen per betrokken overheidsinstantie worden vermeld (ten minste het aantal ontvangen verzoeken om toegang tot overheidsgegevens, het aantal klachten in verband met het delen van overheidsgegevens, het aantal uitgevoerde verzoeken en het aantal dagen dat het nodig had om hieraan te voldoen), de wijze waarop deze tekortkomingen moeten worden verholpen en opgevolgd, alsmede aanbevelingen voor de verbetering van de toegang tot overheidsgegevens. Het eerste verslag wordt uiterlijk in het tweede kwartaal van 4 2022 gepubliceerd, gevolgd door de daaropvolgende halfjaarlijkse verslagen tot het vierde kwartaal van 2 2026.

Ten slotte moet een derde submaatregel de toegang tot overheidsinformatie vergemakkelijken en de duur van gerechtelijke procedures beperken door een uitzonderlijke procedure in te voeren voor rechtszaken die verband houden met de toegang tot openbare informatie. Daartoe worden in een wetgevingshandeling waarin die uitzonderlijke procedure wordt vastgesteld, dezelfde procedurele stappen en termijnen vastgesteld als in het geval van rectificatiezaken in de pers als bepaald in Wet CXXX van 2016 inzake burgerlijke procedures, met als enige uitzondering dat de termijn voor dagvaarding in artikel 497 (1) van Wet CXXX van 2016 ten minste drie werkdagen bedraagt.

De uitvoering van de hervorming wordt in het vierde kwartaal van 4 2022 voltooid.

C9.R27: Verbetering van de kwaliteit van de wetgeving en effectieve betrokkenheid van belanghebbenden en sociale partners bij de besluitvorming

Deze hervorming heeft tot doel de kwaliteit en voorspelbaarheid van de wetgeving te verbeteren door ervoor te zorgen dat systematisch gebruik wordt gemaakt van effectbeoordelingen en dat de sociale partners, belanghebbenden en niet-gouvernementele deskundigen daadwerkelijk bij het wetgevingsproces worden betrokken. Het heeft ook tot doel een kader tot stand te brengen voor de systematische en doeltreffende raadpleging van de sociale partners en belanghebbenden die relevant zijn voor de uitvoering van de maatregelen van het plan voor herstel en veerkracht, teneinde bij te dragen tot de verbetering van de kwaliteit van de wetgeving, het risico op beleidsfouten te verminderen en het toezicht op de uitvoering van het plan voor herstel en veerkracht als geheel te verbeteren.

Met dat doel:

-Wetswijzigingen treden in werking waarbij met name een verplichte minimale raadplegingstermijn van acht dagen wordt ingevoerd voor alle wetgevingsbesluiten die door de regering zijn aangenomen of ter aanneming zijn voorgelegd; een minimumtermijn van vijf dagen in te voeren waarbinnen de regering de tijdens de raadpleging ontvangen bijdragen in overweging kan nemen alvorens haar voorstel voor een wetgevingshandeling af te ronden; de verplichting invoeren dat het Controlebureau van de overheid (KEHI) jaarlijks nagaat of de regering en ministeries voldoen aan de verplichtingen van Wet CXXXI van 2010 inzake sociale participatie in wetgeving (met inbegrip van de vraag of uitzonderingen naar behoren gerechtvaardigd waren); en invoering van de verplichting voor het controlebureau van de regering om het ministerie dat verantwoordelijk is voor de voorbereiding van de wetgevingshandeling een boete op te leggen in geval van niet-naleving van de bepalingen van Wet CXXXI van 2010 inzake sociale participatie bij wetgeving.

-Om ervoor te zorgen dat bovenstaande verplichtingen in de praktijk daadwerkelijk worden nageleefd en de reikwijdte van uitzonderingen op de toepassing van die regels wordt beperkt, wordt ervoor gezorgd dat elk kalenderjaar ten minste 90 % van alle door de regering aangenomen overheidsbesluiten, ministeriële besluiten en alle wetsvoorstellen die door de regering aan het parlement worden voorgelegd, worden onderworpen aan een openbare raadpleging en dat alle samenvattende effectbeoordelingen die moeten worden gepubliceerd, openbaar worden gemaakt. Een definitief auditverslag met een goedkeurend auditoordeel van de EUTAF bevestigt elk van de jaarlijkse doelstellingen.

-Om de sociale partners, belanghebbenden en deskundigen systematischer en doeltreffender te kunnen betrekken bij het wetgevingsproces en effectbeoordelingen op te stellen voor door de leden en comités van de Nationale Vergadering voorgestelde wijzigingen van wetsontwerpen of wetsvoorstellen, wordt in het bureau van de Nationale Vergadering aanvullende administratieve capaciteit tot stand gebracht. De leden of comités van de Nationale Vergadering hebben de mogelijkheid zich tot het bureau van de Nationale Vergadering te wenden om doeltreffende effectbeoordelingen op te stellen en effectieve raadplegingen van belanghebbenden te houden over de door hen voorgestelde wetsontwerpen of wijzigingen van wetsontwerpen die zij voornemens zijn ter overweging voor te leggen. Om de kwaliteit van de door het bureau van de Nationale Vergadering uit te voeren effectbeoordelingen te vergemakkelijken, moet ervoor worden gezorgd dat het Hongaarse bureau voor de statistiek systematisch gegevens verstrekt met het oog op dergelijke effectbeoordelingen.

-Om de voorbereiding van regelgevingseffectbeoordelingen te vergemakkelijken en de verschillende soorten effecten van wetgeving adequaat te beoordelen, stelt de regering een nieuwe methode vast voor de systematische effectbeoordeling van alle wetgevingsvoorstellen en begint zij deze toe te passen. De nieuwe methodologie wordt opgesteld met de effectieve betrokkenheid van internationale organisaties met algemeen erkende deskundigheid op het gebied van effectbeoordeling van regelgeving (zoals de OESO) en sociale partners en niet-gouvernementele belanghebbenden, waarbij terdege rekening wordt gehouden met de beste praktijken van andere lidstaten en internationale instellingen. De nieuwe methode wordt vanaf het eerste kwartaal van 4 2023 systematisch toegepast om effectbeoordelingen van alle wetgevingsvoorstellen uit te voeren.

-Om ervoor te zorgen dat de sociale partners en belanghebbenden daadwerkelijk en volledig worden betrokken bij de uitvoering van het plan voor herstel en veerkracht, wordt in een wetgevingshandeling een duidelijke verplichting vastgesteld dat de relevante sociale partners en belanghebbenden worden geraadpleegd tijdens de uitvoering van het plan; een bindende strategie vast te stellen waarin taken en verantwoordelijkheden worden vastgesteld met betrekking tot de wijze waarop de belangrijkste belanghebbenden worden betrokken bij de uitvoering van de maatregelen in het kader van het plan; en een toezichtcomité op te richten dat tot taak heeft voortdurend toe te zien op de daadwerkelijke uitvoering van het plan, bestaande uit belanghebbenden en sociale partners die relevant zijn voor de uitvoering van de onderdelen van het plan, waarvan ten minste 50 % van de leden van het toezichtcomité de maatschappelijke organisaties vertegenwoordigen die onafhankelijk zijn van de regering en overheidsinstanties. De leden van het toezichtcomité die het maatschappelijk middenveld vertegenwoordigen, worden geselecteerd door middel van een open, transparante en niet-discriminerende selectieprocedure op basis van objectieve criteria die verband houden met deskundigheid en verdienste.

De uitvoering van de hervorming wordt in het vierde kwartaal van 4 2023 voltooid.

C9.R28: Ondersteuning van de besluitvorming en het wetgevingsproces op basis van gegevens met het oog op meer efficiëntie, transparantie en vermindering van het risico op onregelmatigheden

Deze hervorming heeft tot doel de zichtbaarheid en uitleg van de gevolgen van wetgeving voor het publiek op transparante en objectieve wijze te verbeteren.

Daartoe worden een gegevensplatform en een gegevensmodelleringsinstrument opgezet om te zorgen voor de koppeling van databanken — met volledige inachtneming van de regels inzake gegevensbescherming — en om de capaciteiten voor het modelleren van gegevens op basis van deze gegevens te ontwikkelen. Daarnaast moeten ten minste 200 personen van het personeel van vakministeries, overheidsinstellingen en vertegenwoordigers van de sociale partners die betrokken zijn bij de strategische planning en de voorbereiding van de wetgeving een cursus volgen over instrumenten en praktijken op het gebied van datavisualisatie.

Het gegevensplatform en het instrument voor gegevensmodellering worden uiterlijk in het vierde kwartaal van 2 2024 opgezet, terwijl de opleiding uiterlijk in het tweede kwartaal van 1 2025 plaatsvindt.

De uitvoering van de hervorming wordt in het vierde kwartaal van 1 2025 voltooid.

C9.R29: Uitbreiding van het systeem voor automatische administratieve besluitvorming met het oog op meer efficiëntie, transparantie en vermindering van het risico op onregelmatigheden

Het doel van de hervorming is het systeem van automatische administratieve besluitvorming uit te breiden om de efficiëntie en transparantie ervan te vergroten en het risico op onregelmatigheden zoals corruptie, fouten en inconsistenties in de besluitvorming te verminderen.

Daartoe moeten uiterlijk in het eerste kwartaal van 4 2024 drie soorten nieuwe gevallen — voertuigbeheer, vereenvoudigde naturalisatie (verkrijging van staatsburgerschap) en kadaster — met volledig operationele functies, in het automatische administratieve besluitvormingssysteem worden ingevoerd, zodat zij volledig geautomatiseerd kunnen worden verwerkt.

De uitvoering van de hervorming wordt in het vierde kwartaal van 4 2024 voltooid.

C9.R30: Versterking van het nationale beheersysteem voor IT-apparatuur om de efficiëntie van overheidsdiensten te vergroten 

Het doel van de hervorming is het nationale beheersysteem voor IT-apparatuur te versterken om de efficiëntie van de overheidsdiensten te vergroten.

Daartoe wordt een centraal systeem voor het beheer van IT-apparatuur en softwarelicenties opgezet. Dit systeem voorziet in een uitgebreid register en levenscyclusmonitoring van IT-apparatuur en een flexibele en klantvriendelijke centrale dienst om de levering, upgrade, reparatie, wijziging, sloop, installatie en aanverwante diensten voor IT-apparatuur te waarborgen voor ten minste 3 000 overheidsinstanties op het gebied van gezondheid, openbaar onderwijs en maatschappelijke zorg, tegen het tweede kwartaal van 4 2025.

De uitvoering van de hervorming wordt in het vierde kwartaal van 4 2025 voltooid.

C9.R31: Invoering van minimale inhoudelijke vereisten voor de vennootschapsbelasting

Het doel van deze hervorming is ervoor te zorgen dat ondernemingen niet uitsluitend met het oog op fiscale planning en zonder echte economische activiteiten in Hongarije te vestigen. De hervorming draagt bij tot de bestrijding van het gebruik van brievenbusmaatschappijen en brievenbusmaatschappijen en draagt bij tot meer werkgelegenheid en hogere overheidsinkomsten.

De hervorming bestaat uit de inwerkingtreding van nieuwe wetgeving tot vaststelling van minimale inhoudelijke vereisten voor de vennootschapsbelasting en de fiscale gevolgen indien niet aan de vereisten wordt voldaan. De wetgeving is gebaseerd op de aanbevelingen van een onafhankelijke internationale deskundige.

De uitvoering van de hervorming wordt uiterlijk op 31 december 2023 voltooid.

C9.R32: Aanscherping van de regelgeving inzake verrekenprijzen

Het doel van deze hervorming is belastingontduiking aan te pakken en de internationale transparantie van het Hongaarse belastingstelsel te verbeteren door de rapportageverplichtingen over transacties met verbonden partijen voor verrekenprijsdoeleinden aan te scherpen.

De hervorming bestaat uit de inwerkingtreding van nieuwe wetgeving met gedetailleerde vereisten voor een nieuwe rapportage van verrekenprijsgegevens. De wettelijke bepalingen hebben betrekking op transacties tussen verbonden ondernemingen die ten minste 100 miljoen HUF bereiken. Dit zal naar verwachting de risicoanalyse van de belastingdienst verbeteren en de belastingdienst in staat stellen gerichtere controles uit te voeren en zich te richten op potentiële belastingontduikers.

De uitvoering van de hervorming wordt uiterlijk op 31 december 2023 voltooid.

C9.R33: Verbreding van het toepassingsgebied van de niet-aftrekbaarheidsregels voor uitgaande betalingen

Het doel van deze hervorming is het risico van dubbele niet-heffing van uitgaande betalingen uit Hongarije naar jurisdicties met nul- of lage belastingen aan te pakken, waardoor de mogelijkheden voor agressieve fiscale planning worden beperkt.

De hervorming breidt het toepassingsgebied van de regels inzake niet-aftrekbaarheid voor Hongaarse vennootschapsbelastingdoeleinden uit. Wetswijzigingen die ten minste betrekking hebben op de volgende elementen, treden in werking:

-alle transacties van uitgaande royalty- en rentebetalingen aan jurisdicties die ofwel i) zijn opgenomen in de EU-lijst van niet-coöperatieve rechtsgebieden, ofwel ii) worden beschouwd als jurisdicties met nul- of lage belastingen, vallen onder de verruimde regels inzake niet-aftrekbaarheid;

-er worden criteria vastgesteld voor het tijdstip waarop een fiscaal gevolg wordt toegepast, rekening houdend met de zakelijke redenen achter de transactie en de fiscale behandeling van de transactie; en

-er wordt een fiscaal effect vastgesteld om het risico op agressieve fiscale planning te beperken.

Ook wordt een onafhankelijke evaluatie van de regels in verband met agressieve fiscale planning uitgevoerd, waarbij het Hongaarse belastingkader holistisch wordt beoordeeld. Op basis hiervan worden verdere wetswijzigingen vastgesteld om de doeltreffendheid van maatregelen ter bestrijding van agressieve fiscale planning te verbeteren en treden deze in werking.

De uitvoering van de hervorming wordt uiterlijk op 30 juni 2026 voltooid.

C9.R34: Digitale transformatie van belastingnalevingsprocedures

Het doel van deze hervorming is de procedures voor de naleving van de belastingwetgeving te stroomlijnen en de nalevingskosten te verminderen door nieuwe, gebruiksvriendelijke digitale diensten voor belastingbetalers en financiële intermediairs te creëren.

De hervorming bestaat uit de totstandbrenging van de volgende digitale diensten:

-„ePayroll” (platform voor de verstrekking van werkgelegenheidsgegevens). Dit platform stelt werkgevers in staat de rapportage van werkgelegenheidsgegevens aan de administratie te stroomlijnen;

-„eReceipt”. Deze dienst vervangt geleidelijk het huidige systeem van online kasregisters door de oprichting van een volledig platformonafhankelijke dienst voor de inning van ontvangsten;

-„eVAT”. Dit bestaat uit de oprichting van een onlineplatform voor de indiening van vooraf ingevulde btw-aangiften.

De uitvoering van de hervorming wordt uiterlijk op 30 juni 2026 voltooid.

C9.R35: Vereenvoudiging van het belastingstelsel door vermindering van het aantal belastingen

Het doel van deze hervorming is het belastingstelsel te vereenvoudigen door het aantal belastingen te verminderen en de personenbelasting te consolideren.

De hervorming bestaat uit de volgende acties:

-de tijdelijke belastingmaatregelen die in het kader van de COVID-19-pandemie en de energiecrisis zijn ingevoerd, worden geleidelijk afgeschaft, in overeenstemming met de in de rechtsgrondslag vastgestelde vervaldatum;

-het aantal belastingen in Hongarije wordt met 10 % verminderd ten opzichte van het aantal dat op 1 januari 2023 van kracht was, op basis van de aanbevelingen van een door de autoriteiten opgerichte speciale werkgroep;

-de personenbelasting wordt vereenvoudigd en geconsolideerd, teneinde inefficiënte belastinguitgaven weg te nemen, belastingregels voor belastingplichtigen gemakkelijker te maken en verstorende of ongerechtvaardigde prikkels te verminderen.

De uitvoering van de hervorming wordt uiterlijk op 30 juni 2024 voltooid.

C9.R36: Hervorming van de belasting op pijpleidingen voor openbare nutsvoorzieningen

Het doel van deze hervorming is het belastingstelsel te vereenvoudigen en tegelijkertijd een fiscaal klimaat te bevorderen dat investeringen in grote infrastructuurprojecten voor nutsvoorzieningen stimuleert.

Bij de hervorming wordt wet nr. CLXVIII van 2012 betreffende de belasting op pijpleidingen voor nutsvoorzieningen ingetrokken of gewijzigd om een belastingregel in te voeren die de eigenaars van nutsvoorzieningen in staat stelt de gespecificeerde belasting die op hun lijnen verschuldigd is, te bevrijden of te crediteren voor het bedrag dat zij investeren in het onderhoud of de modernisering van die lijnen. Een besluit tussen de twee opties wordt genomen door de regering.

De uitvoering van de hervorming wordt uiterlijk op 31 december 2024 voltooid.

C9.R37: Mainstreaming van het gebruik van communicatiecampagnes en gedragsinzichten door de belastingdienst

Het doel van deze hervorming is vrijwillige naleving van de belastingwetgeving te bevorderen en de interactie tussen belastingplichtigen en de belastingdienst te verbeteren door middel van gerichtere en gepersonaliseerde communicatiestrategieën en het gebruik van gedragsinzichten.

De hervorming bestaat uit de volgende acties:

-Op de digitale platforms van de nationale belastingdienst (NTCA) worden stapsgewijze richtsnoeren gepubliceerd om belastingplichtigen bij te staan en te informeren over specifieke onderwerpen die verband houden met hun belastingrechten en -verplichtingen;

-de NTCA stelt een verslag op over de wijze waarop gedragsinzichten (BI) de doeltreffendheid van de belastingdienst kunnen verbeteren. Op basis hiervan worden ten minste drie nieuwe BI-proefprojecten uitgevoerd in samenwerking tussen de NTCA en het ministerie van Financiën;

-de verschillende IT-platforms van de NTCA worden geconsolideerd tot één kanaal, gecentraliseerd platform en ten minste drie nieuwe functionaliteiten worden operationeel en beschikbaar voor gebruikers op het platform.

De uitvoering van de hervorming wordt uiterlijk op 30 september 2025 voltooid.

C9R38: De efficiëntie van de overheidsuitgaven verbeteren door uitgaventoetsingen uit te voeren

Het doel van deze hervorming is de efficiëntie van de overheidsuitgaven te evalueren en te verbeteren, teneinde de houdbaarheid van de overheidsfinanciën en de overheidsschuld op middellange termijn te verbeteren en de economische groei te versterken.

De hervorming voorziet in een regelmatige evaluatie van de uitgaven op geselecteerde prioritaire gebieden van de overheidsuitgaven vanaf 2023, op basis van een werkplan voor de middellange termijn. In 2023 en 2024 worden vier uitgaventoetsingen uitgevoerd die in totaal ten minste 20 % van de overheidsuitgaven dekken.

De regering publiceert in respectievelijk 2024 en 2025 twee specifieke verslagen om de concrete resultaten van de evaluaties te presenteren in termen van potentiële besparingen en efficiëntiewinsten, zoals met name tot uiting komt in de begrotingsplanning (d.w.z. in jaarlijkse begrotingen en begrotingsplannen voor de middellange termijn). Een afsluitend verslag bevat algemeen bewijsmateriaal over de resultaten van de uitgaventoetsingen.

De uitvoering van de hervorming wordt uiterlijk op 31 december 2025 voltooid.



I.2. Mijlpalen, streefdoelen, indicatoren en tijdschema voor de monitoring en uitvoering van niet-terugvorderbare financiële steun 

Volgnummer

Gerelateerde maatregel (hervorming of investering)

Milestone/
Streefwaarde

Naam

Kwalitatieve indicatoren  
(voor mijlpalen)

Kwantitatieve indicatoren  
(voor streefcijfers)

Indicatief tijdschema voor de voltooiing  

Beschrijving van elke mijlpaal en doelstelling

Meeteenheid

Uitgangssituatie

Doel

Kwartaal

Jaar

160

C9.R1 Oprichting van een integriteitsautoriteit ter versterking van de preventie, opsporing en correctie van fraude, belangenconflicten en corruptie, alsmede andere onrechtmatigheden en onregelmatigheden in verband met de uitvoering van steun van de Unie

Mijlpaal

Oprichting van een integriteitsautoriteit

Aanvang van de werkzaamheden van de integriteitsautoriteit

KWARTAAL 4

2022

Oprichting en ingebruikneming, vóór de indiening van het eerste betalingsverzoek in het kader van het herstel- en veerkrachtplan, van een integriteitsautoriteit ter versterking van de preventie, opsporing en correctie van fraude, belangenconflicten en corruptie, alsmede andere onrechtmatigheden en onregelmatigheden in verband met de uitvoering van steun van de Unie in Hongarije.

Er wordt gewaarborgd dat de integriteitsautoriteit volledig onafhankelijk is. De Autoriteit treedt op in alle gevallen waarin de bevoegde autoriteiten naar haar mening niet de nodige maatregelen hebben genomen om fraude, belangenconflicten, corruptie en andere onregelmatigheden of onregelmatigheden die het goed financieel beheer van de begroting van de Europese Unie of de bescherming van de financiële belangen van de Europese Unie kunnen aantasten of dreigen te schaden, te voorkomen, op te sporen en te corrigeren. De integriteitsautoriteit is een werkelijk onafhankelijke instelling. De integriteitsautoriteit en haar personeel vragen noch aanvaarden instructies van andere personen of instellingen. De integriteitsautoriteit krijgt een jaarlijkse begroting die in verhouding staat tot haar taken en verantwoordelijkheden en is verantwoordelijk voor het beheer van haar eigen begroting zonder inmenging van buitenaf (als afzonderlijk hoofdstuk in de staatsbegroting).

De begrotingstoewijzing voor de integriteitsautoriteit wordt in de loop van het begrotingsjaar niet verlaagd zonder toestemming van de integriteitsautoriteit.

De werkzaamheden van de integriteitsautoriteit worden georganiseerd en beheerd door een raad bestaande uit een voorzitter en twee vicevoorzitters. De drie leden van de raad van bestuur worden door de president van Hongarije benoemd op voordracht van de voorzitter van de nationale rekenkamer voor een termijn van zes jaar die niet kan worden verlengd, zonder dat zij door een regeringslid moeten worden ondertekend op basis van hun professionele kwaliteiten, kwalificaties, uitgebreide en onbetwiste ervaring en reputatie (ook internationaal) op het gebied van juridische en financiële aangelegenheden op het gebied van overheidsopdrachten en corruptiebestrijding, alsmede hun bewezen bekwaamheid op deze gebieden. De leden van de raad van bestuur worden na een openbare oproep tot het indienen van blijken van belangstelling geselecteerd op basis van een bindend advies over de vraag of de kandidaten voldoen aan de toelatingsvoorwaarden van de kandidaten door een daartoe opgericht comité. Het comité wordt bijeengeroepen door de directeur-generaal van de EUTAF na een openbare oproep tot het indienen van blijken van belangstelling. Het bestaat uit drie onafhankelijke personen met een achtergrond van erkende internationale instellingen die over voldoende lange, verifieerbare en relevante ervaring op het gebied van overheidsopdrachten en/of corruptiebestrijding beschikken. De leden van het toelatingscomité mogen in de afgelopen vijf jaar niet beschikken over: gekozen politieke functie of politieke positie in de regering hebben bekleed, in dienst zijn geweest van een politieke partij of politieke stichting of voor dergelijke entiteiten vrijwillige of bezoldigde activiteiten hebben verricht. De regels inzake belangenconflicten overeenkomstig de beginselen van artikel 61 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 zijn gedurende vijf jaar na het uitbrengen van het bindende advies van toepassing op de leden van het in aanmerking komende comité. De leden van het Subsidiabiliteitscomité publiceren hun belangen- en vermogensverklaring en verklaren dat zij geen belangenconflicten hebben voordat zij hun werkzaamheden aanvangen in het comité om in aanmerking te komen.

De leden van de raad van bestuur mogen de afgelopen vijf jaar niet beschikken over: gekozen politieke functie of politieke positie in de regering hebben bekleed, in dienst zijn geweest van een politieke partij of politieke stichting of voor dergelijke entiteiten vrijwillige of bezoldigde activiteiten hebben verricht. Bovendien oefenen de leden van de raad van bestuur tijdens hun mandaat geen bezoldigde activiteiten uit voor de integriteitsautoriteit (met uitzondering van academische activiteiten en daarmee verband houdende publicaties), hebben zij geen zeggenschapsbelang in een zakelijke entiteit en mogen zij geen lid zijn van een politieke partij of politieke stichting. Een lid van de raad van bestuur wordt alleen ontslagen in geval van een belangenconflict na zijn benoeming of indien tegen hem een definitieve strafrechtelijke uitspraak is gedaan voor kwesties die verband houden met de werkzaamheden van de integriteitsautoriteit of die van invloed zijn op de onafhankelijkheid en onpartijdigheid van het betrokken lid.

De voorzitter van de integriteitsautoriteit treedt ook op als ambtshalve lid van de Raad voor overheidsopdrachten en als voorzitter van de taskforce corruptiebestrijding (stap 166).

De voorzitter van de integriteitsautoriteit oefent de rechten van de werkgever uit op het personeel van de Autoriteit, dat ten minste 50 VTE omvat. Het personeel wordt door de raad van bestuur geselecteerd op basis van professionele verdienste.

De integriteitsautoriteit krijgt uitgebreide bevoegdheden, waaronder: I) de bevoegdheid om aanbestedende diensten op te dragen een aanbestedingsprocedure op te schorten (voor maximaal twee maanden); II) de bevoegdheid om administratieve onderzoeksinstanties te verzoeken namens haar onderzoeken uit te voeren; III) de bevoegdheid om aan te bevelen specifieke marktdeelnemers voor een bepaalde periode uit te sluiten van financiering door de Unie; IV) de bevoegdheid om relevante nationale autoriteiten of organen op te dragen hun toezichthoudende of controletaken uit te voeren, met name wat betreft procedures voor het verifiëren van verklaringen inzake belangenconflicten en vermoedens in verband met het beheer van middelen van de Unie; (V) het recht om toegang te vragen tot alle relevante dossiers, met inbegrip van lopende of toekomstige openbare aanbestedingsprocedures; VI) de bevoegdheid om aanbestedende diensten aan te bevelen gebruik te maken van een specifieke procedure in een specifieke aanbesteding of in een categorie van aanbestedingsprocedures; VII) het recht om bij de bevoegde nationale autoriteiten of organen procedures in te leiden om vermoedens van onrechtmatigheden of onregelmatigheden vast te stellen; VIII) de exclusieve bevoegdheid om vermogensaangiften te verifiëren van personen die onder het toepassingsgebied van artikel 183 van Wet CXXV van 2018 vallen (waaronder de minister-president, ministers, staatssecretarissen, politiek directeur van de minister-president), de bevoegdheid om de vermogensaangiften van alle hoogrisicofunctionarissen rechtstreeks te controleren (met inbegrip van de president, parlementsleden, hoofden van centrale uitvoerende autoriteiten, andere politieke functionarissen, personeel van de kabinetten van politieke functionarissen, regionale gouverneurs, burgemeesters van grote steden, rechters, openbare aanklagers, leden van de gerechtelijke en vervolgingsorganen, onderzoekers op het gebied van corruptiebestrijding en hogere leidinggevenden van staatsbedrijven); en voor niet-openbare vermogensaangiften van ambtenaren met een hoog risico ten minste de bevoegdheid om de bevoegde instanties te verzoeken deze aangiften te verifiëren en het resultaat van die verificatie te verkrijgen, met ingang van 31 maart 2023; IX) het recht op toegang tot alle relevante databanken en registers met het oog op de verificatie van vermogensaangiften overeenkomstig de voorschriften inzake gegevensbescherming en privacy; X) het recht om bij een klacht of verdenking procedures voor de verificatie van vermogensverklaringen in te leiden; XI) het recht om te verzoeken om rechterlijke toetsing van alle besluiten van autoriteiten betreffende procedures voor het plaatsen van overheidsopdrachten die steun van de Unie inhouden en vatbaar zijn voor rechterlijke toetsing; XII) het recht om de procedure van de arbitragecommissie voor overheidsopdrachten in te leiden; XIII) het recht om het stilzitten van een betrokken autoriteit voor de rechter aan te vechten overeenkomstig artikel 15 (2) en artikel 25 van Wet CL van 2016 inzake het algemeen bestuurswetboek. Er wordt gewaarborgd dat de integriteitsautoriteit toegang heeft tot alle informatie, databanken en registers die nodig zijn voor de uitvoering van haar taken in verband met overheidsopdrachten, gevallen van vermoedelijke corruptie, met inbegrip van de verificatie van vermogensaangiften, fraude en belangenconflicten waarbij enige vorm van steun van de Unie betrokken is. Wettelijke bepalingen zorgen ervoor dat de autoriteiten waarop een verzoek om informatie of een instructie van de integriteitsautoriteit betrekking heeft, binnen een redelijke termijn van ten hoogste 60 kalenderdagen handelen.

De integriteitsautoriteit handelt op eigen initiatief op basis van beschikbare informatie of op basis van klachten of verslagen die zij ontvangt. De integriteitsautoriteit zet een klokkenluidersinterface op waar anonieme en vertrouwelijke communicatie mogelijk is. De integriteitsautoriteit zorgt voor het opzetten, bijwerken en beheren van een register van ondernemers die betrokken zijn bij een definitieve rechterlijke beslissing of een definitief administratief besluit waarbij die ondernemers van aanbestedingsprocedures worden uitgesloten. De integriteitsautoriteit is verplicht vermoedelijke gevallen van fraude, corruptie, belangenconflicten of andere onregelmatigheden en onregelmatigheden te melden aan de bevoegde nationale autoriteiten en, in voorkomend geval, aan OLAF.

De integriteitsautoriteit beschikt over ondubbelzinnige en onbeperkte bevoegdheden om haar bevoegdheden te blijven uitoefenen, zelfs in gevallen waarin de betrokken projecten of procedures die oorspronkelijk voor steun van de Unie waren gepland, vervolgens uit de steun van de Unie zijn geschrapt.

161

C9.R1 Oprichting van een integriteitsautoriteit ter versterking van de preventie, opsporing en correctie van fraude, belangenconflicten en corruptie, alsmede andere onrechtmatigheden en onregelmatigheden in verband met de uitvoering van steun van de Unie

Mijlpaal

Verslag over de integriteitsrisicobeoordeling

Publicatie van het verslag

KWARTAAL 1

2023

Een uitgebreid verslag over de integriteitsrisicobeoordeling die door de integriteitsautoriteit is uitgevoerd, wordt openbaar gemaakt. Deze exercitie omvat een evaluatie van de stand van zaken met betrekking tot de integriteit van het systeem voor overheidsopdrachten in Hongarije, door integriteitsrisico’s en systemische integriteitsproblemen in kaart te brengen die moeten worden aangepakt, de beschikbare instrumenten om die risico’s en problemen aan te pakken, de lacunes in de aanpak van die risico’s en problemen en mogelijke oplossingen voor te stellen. De oefening wordt uitgevoerd in nauwe samenwerking met relevante en goed geïnformeerde internationale organen (bv. de OESO, de Wereldbank) en is gebaseerd op de indicatoren van de „IV Pijler of the Methodology to Assess Procurement Systems (MAPS), Accountability, Integrity and Transparency of the Public Procurement System”. Bij de exercitie wordt ook rekening gehouden met de bijdragen van nationale of internationale maatschappelijke organisaties die toezicht houden op de staat van integriteit in Hongarije.

162

C9.R1 Oprichting van een integriteitsautoriteit ter versterking van de preventie, opsporing en correctie van fraude, belangenconflicten en corruptie, alsmede andere onrechtmatigheden en onregelmatigheden in verband met de uitvoering van steun van de Unie

Mijlpaal

Aanvang van de toepassing van de bevoegdheden en bevoegdheden inzake de verificatie van vermogensverklaringen door de integriteitsautoriteit

Aanvang van de toepassing van bevoegdheden en bevoegdheden voor de verificatie van vermogensverklaringen door de integriteitsautoriteit

KWARTAAL 1

2023

Aanvang van de toepassing van de bepalingen waarbij de exclusieve wettelijke verantwoordelijkheid en bevoegdheid om de vermogensaangiften te verifiëren van personen die onder het toepassingsgebied van artikel 183 van Wet CXXV van 2018 vallen, worden overgedragen aan de integriteitsautoriteit, waarbij wordt gewaarborgd dat de integriteitsautoriteit de bevoegdheid heeft om de openbare vermogensaangiften van alle ambtenaren met een hoog risico rechtstreeks te verifiëren, voor niet-openbare vermogensaangiften van ambtenaren met een hoog risico ten minste de bevoegdheid heeft om de bevoegde instanties te verzoeken die verklaringen te verifiëren en het resultaat van die verificatie te verkrijgen, en vanaf 31 maart 2023 rechtstreekse en onbeperkte toegang heeft tot de relevante databanken en registers die zij noodzakelijk acht om de juistheid van de informatie in de vermogensaangiften te verifiëren. Ambtenaren met een hoog risico zijn onder meer de Voorzitter, parlementsleden, leden van de regering, hoofden van centrale uitvoerende autoriteiten, andere politieke functionarissen, personeel van de kabinetten van politieke functionarissen, regionale gouverneurs, burgemeesters van grote steden, rechters, openbare aanklagers, leden van de gerechtelijke en gerechtelijke bestuursorganen, onderzoekers op het gebied van corruptiebestrijding en hoge leidinggevenden van staatsbedrijven. Dit omvat de verificatie van vermogensverklaringen, ongeacht of deze al dan niet eerder zijn geverifieerd. Voor personen die onder het toepassingsgebied van artikel 183 van Wet CXXV van 2018 vallen, omvat dit ook het volgende: I) dat een dergelijke verificatieprocedure door de integriteitsautoriteit kan worden ingeleid door de autoriteit voor integriteitsbewaking op eigen initiatief, op verdenking of naar aanleiding van een klacht van eenieder die een formele claim indient waaruit blijkt dat er sprake is van een vermeend onjuist element in een vermogensverklaring; II) dat de integriteitsautoriteit de persoon wiens vermogensaangifte door de integriteitsautoriteit wordt geverifieerd, kan opdragen ondersteunende gegevens en documenten met betrekking tot de inhoud van haar vermogensverklaring over te leggen; III) dat de integriteitsautoriteit de mogelijkheid heeft om gegevens uit alle relevante databanken en registers op te vragen en te ontvangen, met inbegrip van, maar niet beperkt tot, het ondernemingsregister, de nationale belasting- en douanedienst, het kadaster en het voertuigregister, om de inhoud van een vermogensaangifte te verifiëren; IV) dat de integriteitsautoriteit een persoon kan instrueren over de inhoud van de vermogensaangifte die de integriteitsautoriteit onjuist heeft bevonden, om haar vermogensaangifte binnen 10 dagen te corrigeren; (V) het verzuim om in opdracht van de integriteitsautoriteit te handelen door de persoon wiens vermogensverklaring door de integriteitsautoriteit onjuist is bevonden of door een persoon die in haar vermogensverklaring bewust onjuiste gegevens heeft verstrekt, leidt tot automatisch ontslag uit zijn/haar dienstverband.

163

C9.R1 Oprichting van een integriteitsautoriteit ter versterking van de preventie, opsporing en correctie van fraude, belangenconflicten en corruptie, alsmede andere onrechtmatigheden en onregelmatigheden in verband met de uitvoering van steun van de Unie

Mijlpaal

Het jaarlijkse integriteitsverslag voor het jaar 2022 wordt openbaar gemaakt.

Publicatie van het eerste jaarlijkse integriteitsverslag, voor het jaar 2022

KWARTAAL 2

2023

Het eerste jaarlijkse integriteitsverslag van de integriteitsautoriteit wordt openbaar gemaakt, dat betrekking heeft op het kalenderjaar 2022.

Het verslag moet ten minste het volgende bevatten: I) een volwaardige en alomvattende analyse van de concentratie van de markt voor overheidsopdrachten (zoals blijkt uit het aantal en de waarde van de succesvolle inschrijvingen door ondernemers); II) een analyse van de verschillen tussen de geraamde en de definitieve prijzen in aanbestedingsprocedures; III) een beoordeling van de toepasselijke regels inzake overheidsopdrachten, knelpunten bij de uitvoering ervan en de daarmee verband houdende administratieve praktijken; IV) de vaststelling van risico-indicatoren; (V) een beoordeling van het gebruik van raamovereenkomsten (met inbegrip van de verdeling van aan ondernemers gegunde opdrachten en met ondernemers gesloten overeenkomsten en de verdeling van specifieke opdrachten die zijn gegund in het kader van raamovereenkomsten tussen ondernemers); VI) een beoordeling van de vraag of en in hoeverre het bestaande controlesysteem in staat is risico’s op corruptie, fraude en belangenconflicten vast te stellen en doeltreffend te voorkomen, op te sporen en te corrigeren; VII) activiteiten in verband met de verificatie van vermogensaangiften; VIII) aanbevelingen ter verbetering van de systemen en praktijken in verband met de punten i) tot en met vii).

Het eerste jaarverslag bevat ook: I) een beoordeling of relevante regelingen en praktijken in verband met belangenconflicten in Hongarije in overeenstemming zijn met de mededeling van de Commissie betreffende richtsnoeren voor het vermijden van en omgaan met belangenconflicten in het kader van het Financieel Reglement (2021/C 121/01) en, indien relevant, een identificatie van de verbeteringen die nodig zijn om de consistentie te waarborgen; II) specifieke indicatoren voor de risico’s van fraude, corruptie en belangenconflicten.

Er worden passende procedures ingevoerd om ervoor te zorgen dat jaarverslagen voor de volgende jaren worden opgesteld en openbaar worden gemaakt.

164

C9.R1 Oprichting van een integriteitsautoriteit ter versterking van de preventie, opsporing en correctie van fraude, belangenconflicten en corruptie, alsmede andere onrechtmatigheden en onregelmatigheden in verband met de uitvoering van steun van de Unie

Mijlpaal

De regering onderzoekt het eerste jaarlijkse integriteitsverslag van de integriteitsautoriteit en verstrekt haar antwoorden schriftelijk

Publicatie van het antwoord van de regering op het eerste jaarlijkse integriteitsverslag en een gedetailleerde toelichting over de wijze waarop zij voornemens is elk van de bevindingen daarin aan te pakken

KWARTAAL 3

2023

De regering onderzoekt het eerste jaarlijkse integriteitsverslag en verstrekt haar beoordeling schriftelijk, met inbegrip van een gedetailleerde toelichting over de wijze waarop zij voornemens is gevolg te geven aan elk van de bevindingen, met inbegrip van aanbevelingen, daarin. Er worden passende procedures ingevoerd om ervoor te zorgen dat de jaarverslagen voor de daaropvolgende jaren worden onderzocht en dat de opmerkingen van de regering overeenkomstig het bovenstaande openbaar worden gemaakt.

De mijlpaal wordt geacht te zijn bereikt wanneer de regering haar beoordeling schriftelijk openbaar maakt en er passende procedures worden ingesteld die dezelfde procedure waarborgen voor alle daaropvolgende jaarlijkse integriteitsverslagen.

165

C9.R1 Oprichting van een integriteitsautoriteit ter versterking van de preventie, opsporing en correctie van fraude, belangenconflicten en corruptie, alsmede andere onrechtmatigheden en onregelmatigheden in verband met de uitvoering van steun van de Unie

Mijlpaal

Evaluatie van het systeem van vermogensaangiften door de integriteitsautoriteit

Publicatie van een verslag over de resultaten van de evaluatie door de integriteitsautoriteit van het systeem voor vermogensverklaringen

KWARTAAL 4

2023

De integriteitsautoriteit verricht een uitgebreide evaluatie van het regelgevingskader en de werking van het Hongaarse systeem van vermogensverklaringen, met inbegrip van het toepassingsgebied en de verificatieprocessen, en maakt haar bevindingen openbaar in een verslag.

166

C9.R2 Instelling van een taskforce voor corruptiebestrijding om de in Hongarije genomen maatregelen ter voorkoming, opsporing, vervolging en bestraffing van corruptie te monitoren en te evalueren

Mijlpaal 

Oprichting van een taskforce voor corruptiebestrijding

De taskforce voor corruptiebestrijding wordt opgericht en houdt zijn eerste vergadering.

  

  

  

KWARTAAL 4 

2022 

Vóór de indiening van het eerste betalingsverzoek in het kader van het plan voor herstel en veerkracht wordt een taskforce voor corruptiebestrijding opgericht die haar eerste vergadering houdt.

De taskforce voor corruptiebestrijding heeft de volgende taken: a) de bestaande anticorruptiemaatregelen onderzoeken en voorstellen uitwerken voor de verbetering van de opsporing, het onderzoek, de vervolging en de bestraffing van corrupte praktijken en andere praktijken zoals nepotisme, favoritisme of „draaideurconstructies” tussen de publieke en de particuliere sector; b) voorstellen indienen voor maatregelen om i) de preventie en opsporing van corruptie te verbeteren (met inbegrip van het doeltreffende gebruik van alle beschikbare instrumenten voor corruptiepreventie en -opsporing), ii) de informatiestroom tussen de administratieve en controleautoriteiten van de staat en de strafrechtelijke onderzoeksinstanties te verbeteren; c) beoordelen hoe haar eerdere voorstellen zijn opgevolgd en uitgevoerd; een jaarverslag op te stellen en dit uiterlijk op 15 maart van elk jaar aan de regering toe te zenden. In dat verslag worden i) de risico’s en trends op het gebied van corruptie en corrupte praktijken geanalyseerd, ii) doeltreffende tegenmaatregelen en beste praktijken voorgesteld voor het voorkomen, opsporen en bestraffen van corruptierisico’s en corruptietypes, en de doeltreffende uitvoering ervan beoordeeld, iii) wordt beoordeeld hoe zijn eerdere voorstellen zijn opgevolgd en uitgevoerd in het kader van relevante wetgevings- en niet-wetgevingsinitiatieven en regeringsprogramma’s. De toepasselijke regels zorgen ervoor dat de regering het verslag van de taskforce voor corruptiebestrijding en de daarin opgenomen voorstellen binnen twee maanden bespreekt en dat zij, indien zij niet besluit een voorstel van de taskforce voor corruptiebestrijding uit te voeren, de voorzitter van de taskforce voor corruptiebestrijding een gedetailleerde motivering van haar besluit verstrekt.  

Relevante niet-gouvernementele actoren die actief zijn op het gebied van corruptiebestrijding worden betrokken bij de activiteiten van de taskforce voor corruptiebestrijding en hun volledige, gestructureerde en effectieve deelname wordt gewaarborgd. Er wordt voor gezorgd dat deze leden aantoonbaar onafhankelijk zijn van de regering, overheidsinstanties, politieke partijen en zakelijke belangen, beschikken over aantoonbare deskundigheid en voldoende lange controleerbare beroepsactiviteiten op een of meer van de volgende gebieden: corruptiebestrijding, transparantie, toegang tot overheidsinformatie, bescherming van de mensenrechten, openbare aanbestedingsprocedures, rechtshandhaving in verband met deze onderwerpen. Niet-gouvernementele leden van de taskforce voor corruptiebestrijding worden geselecteerd op basis van een openbare oproep tot kandidaatstelling door de raad van de integriteitsautoriteit en na het bindende advies van het in stap 160 bedoelde toelatingscomité over de geschiktheid van de kandidaten. Die selectie wordt gebaseerd op een open, transparante, niet-discriminerende selectieprocedure en op objectieve criteria die verband houden met de deskundigheid en verdienste van de kandidaten.

Er wordt voor gezorgd dat het aantal niet-gouvernementele leden 50 % van de leden van de taskforce voor corruptiebestrijding bedraagt (met uitzondering van de voorzitter) of, indien dit niet kan worden gewaarborgd, dat het aandeel van de stemmen van niet-gouvernementele leden wordt gedifferentieerd tot 50 % van het totale aantal stemmen (de voorzitter niet meegerekend). De voorzitter van de integriteitsautoriteit (genoemd in stap 160) treedt op als voorzitter van de taskforce voor corruptiebestrijding. Tegelijkertijd mogen de leden van de taskforce zich niet mengen in de werkzaamheden van de integriteitsautoriteit en evenmin toegang hebben tot haar werkzaamheden. Overheidsinstanties zorgen ervoor dat zij in de taskforce voor corruptiebestrijding worden vertegenwoordigd door voldoende bekwame personen op hoog niveau.

De taskforce komt ten minste tweemaal per jaar bijeen en neemt besluiten met gewone meerderheid van de uitgebrachte stemmen. De notulen van haar vergaderingen worden openbaar gemaakt op de website van de taskforce voor corruptiebestrijding, samen met de schriftelijke bijdragen en opmerkingen die de leden van de taskforce vóór of na de vergaderingen hebben toegezonden om bij de notulen van de vergadering te worden gevoegd. De taskforce voor corruptiebestrijding stelt op voorstel van zijn voorzitter tijdens zijn eerste vergadering zijn eigen reglement van orde vast. Ten behoeve van de werkzaamheden van deze taskforce voor corruptiebestrijding wordt onder corruptie verstaan: corruptie als omschreven in artikel 4, lid 2, van Richtlijn (EU) 2017/1371, de strafbare feiten bedoeld in hoofdstuk III van het Verdrag van de Verenigde Naties tegen corruptie, de strafbare feiten als bedoeld in hoofdstuk XXVII van Wet C van 2012 inzake het wetboek van strafrecht, alsmede andere praktijken zoals nepotisme, cronyisme of draaideurconstructies tussen de publieke en de particuliere sector. De taskforce voor corruptiebestrijding houdt ook rekening met situaties van belangenconflicten als omschreven in artikel 61, onder a), van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 en artikel 24 van Richtlijn 2014/24/EU, zoals aangevuld door de richtsnoeren van de Commissie voor het vermijden en beheren van belangenconflicten in het kader van het Financieel Reglement (C/2021/2119) en door relevante nationale bepalingen.

De mijlpaal wordt bereikt wanneer de taskforce voor corruptiebestrijding is opgericht overeenkomstig de bovenstaande vereisten, de eerste vergadering houdt en de notulen van die vergadering worden gepubliceerd op de website van de taskforce voor corruptiebestrijding.

167

C9.R2 Instelling van een taskforce voor corruptiebestrijding om de in Hongarije genomen maatregelen ter voorkoming, opsporing, vervolging en bestraffing van corruptie te monitoren en te evalueren

Mijlpaal 

De jaarlijkse analyse van de taskforce corruptiebestrijding voor het jaar 2022 is openbaar toegankelijk.

Publicatie van het eerste jaarverslag van de taskforce corruptiebestrijding voor het jaar 2022

KWARTAAL 1

2023

De taskforce voor corruptiebestrijding functioneert zoals gespecificeerd in stap 166 en stelt zijn eerste jaarverslag, samen met het schaduwverslag van niet-gouvernementele actoren die lid zijn van de taskforce voor corruptiebestrijding, indien een dergelijk verslag wordt opgesteld en dat betrekking heeft op het kalenderjaar 2022, vast en maakt dit openbaar. Dat verslag bevat ook de opmerkingen en aanbevelingen van de taskforce voor corruptiebestrijding over het ontwerp van nationale strategie en actieplan voor corruptiebestrijding (mijlpaal 178). Er worden passende procedures ingevoerd om ervoor te zorgen dat jaarverslagen voor de volgende jaren worden opgesteld en openbaar worden gemaakt.

168

C9.R2 Instelling van een taskforce voor corruptiebestrijding om de in Hongarije genomen maatregelen ter voorkoming, opsporing, vervolging en bestraffing van corruptie te monitoren en te evalueren

Mijlpaal 

De regering onderzoekt het eerste verslag van de taskforce

Publicatie van de reactie van de regering op het eerste verslag van de taskforce

  

  

  

KWARTAAL 2

2023 

De regering onderzoekt en bespreekt het eerste verslag van de taskforce voor corruptiebestrijding en legt haar opmerkingen — met inbegrip van een gedetailleerde motivering met betrekking tot elk voorstel van de taskforce voor corruptiebestrijding die zij heeft besloten niet ten uitvoer te leggen — voor aan de taskforce voor corruptiebestrijding.

De mijlpaal wordt bereikt zodra de lijst van door de regering op basis van de voorstellen van de taskforce voor corruptiebestrijding genomen en te nemen maatregelen (met vermelding van het geplande tijdschema voor nog niet genomen maatregelen) en de gedetailleerde redenen van de regering voor elk van die voorstellen van de taskforce die zij heeft besloten niet ten uitvoer te leggen, openbaar zijn gemaakt op zowel het regeringsportaal als de website van de integriteitsautoriteit. Er worden passende procedures ingevoerd om ervoor te zorgen dat de jaarverslagen voor de daaropvolgende jaren worden onderzocht en dat de opmerkingen van de regering overeenkomstig het bovenstaande openbaar worden gemaakt.

169

C9.R3 Invoering van een specifieke procedure in geval van bijzondere misdrijven in verband met de uitoefening van het openbaar gezag of het beheer van openbare eigendommen („rechterlijke toetsing”)

Mijlpaal 

Invoering van een specifieke procedure voor bijzondere misdrijven in verband met de uitoefening van openbaar gezag of het beheer van openbare eigendommen

Bepaling in de wijziging van Wet XC van 2017 inzake het wetboek van strafvordering betreffende de inwerkingtreding en het begin van de toepassing

KWARTAAL 4

2022

Vóór de indiening van het eerste betalingsverzoek in het kader van het herstel- en veerkrachtplan treedt een wijziging van wet XC van 2017 inzake het wetboek van strafvordering in werking, die met ingang van 1 januari 2023 van toepassing is, ook op (niet verjaarde) strafbare feiten die vóór die datum zijn gepleegd, na een voorafgaande toetsing door het Grondwettelijk Hof, dat:

— een procedure vaststellen betreffende corruptie en corruptiepraktijken als omschreven in artikel 4, lid 2, van Richtlijn (EU) 2017/1371 en in hoofdstuk III van het Verdrag van de Verenigde Naties tegen corruptie (d.w.z. alle gevallen van omkoping waarbij ambtenaren betrokken zijn, evenals andere gevallen van omkoping, met uitzondering van kleine misdrijven, ambtsmisbruik met uitzondering van kleine misdrijven, de verzwarende gevallen van begrotingsfraude, niet-naleving van de toezichts- of controleverplichting in verband met begrotingsfraude, overeenkomst ter beperking van de mededinging in een openbare aanbestedingsprocedure en concessieprocedure, ernstiger misdrijven tegen eigendom — op voorwaarde dat het strafbare feit wordt gepleegd met betrekking tot nationale vermogensbestanddelen of vermogensbestanddelen die worden beheerd door een stichting voor het beheer van activa van algemeen belang die publieke taken uitvoert, of schade toebrengt aan dergelijke activa. Het moet beschikbaar zijn voor deelname aan een criminele organisatie en voor het witwassen van geld indien gepleegd in verband met bovengenoemde misdrijven);

— voorzien in rechterlijke toetsing van de beslissing van het openbaar ministerie of de onderzoeksautoriteit om een aangifte van een misdrijf te seponeren of de strafprocedure te beëindigen door de onderzoeksrechter van de centrale rechtbank te Buda, die bevoegd is de inleiding of voortzetting van een strafprocedure te gelasten. Indien de beslissing om een aangifte van een misdrijf te seponeren of de strafprocedure te beëindigen door de onderzoeksrechter nietig is verklaard, wordt in geval van herhaalde beëindiging van de procedure voorzien in de mogelijkheid om een tenlastelegging bij de rechtbank in te dienen. Het verzoek tot herziening heeft schorsende werking op dwangmaatregelen die van invloed zijn op vermogensbestanddelen. Na een herhaald verzoek tot herziening stelt de onderzoeksrechter vast of er een persoon is die redelijkerwijs van het plegen van een strafbaar feit kan worden verdacht. In dat geval geeft de procedure het recht om een tenlastelegging in te dienen bij de bevoegde rechter, die uitspraak doet over de grond van de zaak na het horen van bewijsmateriaal. In gevallen waarin een verzoek tot vervolging kan worden ingediend, wordt een voorafgaand onderzoek van de grond voor het verzoek tot vervolging door de geadieerde rechter niet overwogen. De procedure kan door iedereen in gang worden gezet; natuurlijke personen en rechtspersonen kunnen in het kader van deze procedure een motie indienen, met uitzondering van overheidsinstanties, maar de integriteitsautoriteit (zie stap 160) heeft het recht een verzoek tot herziening en een herhaalde motie tot herziening in te dienen. De benadeelde partij en de partij die een strafbaar feit meldt, hebben een bevoorrechte procedurele positie, waarbij andere partijen de mogelijkheid hebben om de procedure in gang te zetten na de bekendmaking van het gepseudonimiseerde besluit om het onderzoek niet in te leiden of te beëindigen, indien de benadeelde partij of de partij die een misdrijf heeft gemeld dit niet heeft gedaan. Vertegenwoordiging in rechte is verplicht voor alle partijen. De wettelijke vertegenwoordiger communiceert langs elektronische weg en voor handelingen in het kader van de procedure is de handtekening van de partij niet vereist. De partij die een verzoek tot vervolging indient, is niet verplicht persoonlijk voor de rechter te verschijnen. De procureur-generaal kan bij de Kúria geen buitengewoon rechtsmiddel instellen op grond van de wettigheid van rechterlijke beslissingen die in het kader van de nieuwe procedure zijn gegeven.

Het bestaan van een beslissing tot afwijzing van een aangifte van een misdrijf of van een beslissing tot beëindiging van de procedure, vastgesteld vóór 1 januari 2023 (in verband met strafbare feiten die niet zijn verjaard wegens verjaring) doet niet af aan de verplichting van de onderzoeksautoriteit of het openbaar ministerie om een nieuwe beslissing te nemen over het proces-verbaal van het misdrijf op grond van artikel 379 van het wetboek van strafvordering, die het voorwerp kan zijn van een verzoek tot herziening in het kader van de nieuwe procedure.

Alle rechtbanken in Hongarije waarbij burgerlijke, bestuursrechtelijke en strafzaken aanhangig zijn, met inbegrip van die welke relevant zijn voor de bescherming van de financiële belangen van de Unie, voldoen aan de vereisten van onafhankelijkheid en onpartijdigheid en zijn bij wet ingesteld overeenkomstig artikel 19, lid 1, van het Verdrag betreffende de Europese Unie en het desbetreffende EU-acquis.

Bovendien treden uiterlijk op 31 december 2022 a) de voor de toepassing van de wijziging vereiste uitvoeringsbepalingen in werking, en b) wordt de centrale rechtbank te Buda extra ambten toegewezen voor ten minste twee rechters en twee referendarissen.

170

C9.R3 Invoering van een specifieke procedure in geval van bijzondere misdrijven in verband met de uitoefening van het openbaar gezag of het beheer van openbare eigendommen („rechterlijke toetsing”)

Mijlpaal

Toetsing van de specifieke procedure in geval van bijzondere misdrijven in verband met de uitoefening van openbaar gezag of het beheer van openbare eigendommen

De regering keurt haar verslag over de evaluatie van de werking van de bijzondere procedure goed

KWARTAAL 4

2023

De regering voert een uitgebreide evaluatie uit van de werking van de specifieke procedure van stap 169 en presenteert haar bevindingen in een verslag, met inbegrip van een beoordeling en specifieke statistische gegevens over zaken en evaluaties die zijn uitgevoerd in vergelijking met andere onderzochte zaken op hoog niveau waar geen toetsing heeft plaatsgevonden. In de evaluatie wordt ook expliciet vermeld of wijzigingen in de procedure noodzakelijk worden geacht en wordt het beoogde tijdschema daarvoor vermeld.

171

C9.R4 Versterking van de regels met betrekking tot vermogensaangiften

Mijlpaal

Inwerkingtreding van wetswijzigingen tot uitbreiding van de personele en materiële werkingssfeer van vermogensverklaringen, waarbij wordt gezorgd voor frequente openbaarmaking

Bepaling in de wetswijzigingen met betrekking tot de inwerkingtreding en de aanvang van de toepassing ervan

KWARTAAL 4

2022

Voordat het eerste betalingsverzoek in het kader van het plan voor herstel en veerkracht wordt ingediend, treden wetswijzigingen in werking en worden deze van toepassing om ervoor te zorgen dat i) personen die zijn belast met hoge politieke functies uit hoofde van de artikelen 183 en 184 van Wet CXXV van 2018 inzake overheidsadministratie en hun familieleden die in hetzelfde huishouden wonen met de betrokken personen, alsmede leden van de Nationale Vergadering en hun familieleden die in hetzelfde huishouden als de betrokken leden wonen, uiterlijk op 31 januari 2023 voor het eerst vermogensaangiften indienen op grond van de nieuwe regels inzake vermogensverklaringen met betrekking tot de staat op 31 december 2022; II) alle personen die onder de personele werkingssfeer van punt i) vallen, zijn verplicht opgave te doen van: inkomsten, onroerend goed, andere waardevolle eigendommen (zoals voertuigen, vaartuigen, waardevolle antiquiteiten, kunstwerken enz.), spaartegoeden in bankdeposito’s en contanten, activa in aandelen, effecten en private-equityfondsen, levensverzekeringen, trusts en uiteindelijk begunstigden van ondernemingen; III) deze vermogensaangiften worden ingediend bij indiensttreding, vervolgens jaarlijks en bij beëindiging van de betrokken functie.

172

C9.R4 Versterking van de regels met betrekking tot vermogensaangiften

Mijlpaal

Opzetten van een nieuw systeem voor de elektronische indiening van vermogensaangiften in digitaal formaat en een openbare databank voor vermogensaangiften

Volledige functionaliteit, ingebruikneming en volledige reikwijdte van vermogensaangiften die beschikbaar worden gesteld in een nieuw elektronisch systeem voor vermogensaangiften

KWARTAAL 1

2023

Een nieuw systeem is volledig functioneel en operationeel, waarbij vermogensaangiften elektronisch in digitaal formaat worden ingediend. De regering zet ook een doorzoekbare databank op van vermogensaangiften die zijn ingediend door personen die zijn belast met hoge politieke functies uit hoofde van de artikelen 183 en 184 van Wet CXXV van 2018 inzake het overheidsbestuur en leden van de Nationale Vergadering, en stelt deze kosteloos en zonder registratie ter beschikking van het publiek.

173

C9.R4 Versterking van de regels met betrekking tot vermogensaangiften

Mijlpaal

Invoering van doeltreffende administratieve en strafrechtelijke sancties met betrekking tot ernstige schendingen van de verplichtingen inzake vermogensaangifte

Aanvang van de toepassing van de nieuwe sanctieregeling voor ernstige schendingen van de verplichtingen inzake vermogensaangifte

KWARTAAL 3

2023

De specifieke actie in de nationale strategie en het nationale actieplan voor corruptiebestrijding (stap 178) voor de invoering van een doeltreffende, evenredige en voldoende afschrikkende sanctieregeling (met inbegrip van zowel strafrechtelijke als administratieve sancties) voor ernstige schendingen in verband met de verplichtingen van personen die onderworpen zijn aan de regels inzake vermogensaangiften, wordt voltooid en de desbetreffende sanctieregeling wordt toegepast.

174

C9.R5 Zorgen voor de transparantie van het gebruik van overheidsmiddelen door stichtingen voor vermogensbeheer van algemeen belang

Mijlpaal

Inwerkingtreding van een handeling die zorgt voor doeltreffend toezicht op de wijze waarop stichtingen van openbaar belang die activiteiten van algemeen belang verrichten en rechtspersonen die door hen zijn opgericht of onderhouden, gebruikmaken van steun van de Unie

Bepaling in de wetgevingshandeling waarin de inwerkingtreding wordt vermeld

KWARTAAL 4

2022

Inwerkingtreding vóór de indiening van het eerste betalingsverzoek in het kader van het herstel- en veerkrachtplan van specifieke wetswijzigingen die:

I) stichtingen voor vermogensbeheer van algemeen belang die activiteiten van algemeen belang verrichten en de door hen opgerichte of onderhouden rechtspersonen uitdrukkelijk aanwijzen als aanbestedende diensten in de zin van artikel 5 van Wet CXLIII van 2005 inzake overheidsopdrachten; II) ervoor zorgen dat stichtingen voor het beheer van activa van algemeen belang die activiteiten van algemeen belang verrichten en rechtspersonen die door hen zijn opgericht of worden onderhouden, alsmede hun personeel, met inbegrip van de voorzitters en leden van hun raden van bestuur en hun raden van toezicht, die betrokken zijn bij de uitvoering van steun van de Unie in welke hoedanigheid dan ook (als eindontvangers, begunstigden of tussenpersonen), onderworpen zijn aan dezelfde vereisten als die welke van toepassing zijn op overheidsinstanties en de door hen beheerde juridische entiteiten in het kader van de Hongaarse wetgeving inzake toegang tot openbare informatie en audits en controles — ook in verband met regels inzake belangenconflicten — met betrekking tot hun betrokkenheid bij steun van de Unie; en iii) ervoor zorgen dat de regels die van toepassing zijn op alle personen die een ambt bekleden of in dienst zijn bij stichtingen voor het beheer van activa van openbaar belang die activiteiten van algemeen belang verrichten en de rechtspersonen die door hen zijn opgericht of onderhouden, volledig in overeenstemming zijn met de bepalingen van artikel 61 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 en de instructies en praktijken die zijn uiteengezet in de mededeling van de Commissie betreffende richtsnoeren voor het vermijden van en omgaan met belangenconflicten in het kader van het Financieel Reglement (2021/C 121/01), ongeacht hun andere activiteiten en functies, ook in de Hongaarse regering.

175

C9.R6 Verbetering van de transparantie van overheidsuitgaven

Mijlpaal

Inwerkingtreding van een wetgevingshandeling die zorgt voor meer transparantie van overheidsuitgaven

Inwerkingtreding van een wetgevingshandeling die zorgt voor meer transparantie van overheidsuitgaven

KWARTAAL 4

2022

Inwerkingtreding vóór de indiening van het eerste betalingsverzoek in het kader van het herstel- en veerkrachtplan van een wetgevingshandeling die voorziet in de verplichting voor alle overheidsinstanties om proactief een vooraf bepaalde reeks informatie over het gebruik van overheidsmiddelen in een centraal register te publiceren. De informatie wordt beschikbaar gesteld in een centraal register, dat ook informatie over onderaannemers bevat, overeenkomstig de in het kader van mijlpaal 197 verstrekte relevante methodologie. Het centrale register bevat unieke identificatiecodes van contracten in het elektronische systeem voor overheidsopdrachten (EPS) (stap 197), zodat aanvragers van gegevens gerelateerde informatie over openbare aanbestedingsprocedures in de EPS kunnen vinden.

In de wetgevingshandeling worden ook duidelijke procedures en regels voor de bekendmaking van dergelijke gegevens vastgesteld, met inbegrip van de termijn voor en de vorm van bekendmaking.

De te uploaden gegevensreeksen zijn relevant, correct en gedefinieerd op basis van de beginselen van transparantie en evenredigheid en in overeenstemming met het toepasselijke Unierecht.

De minimumreeks gegevens die in het centrale register moet worden geüpload, omvat: I) alle gegevens waarvoor met het oog op transparantie reeds publicatie verplicht is, met inbegrip van de gegevens die zijn gepubliceerd in het transparantieregister inzake staatssteun; II) de vorm van overheidsuitgaven, met inbegrip van de rechtsgrondslag; III) de volledige wettelijke naam van de ontvanger (voor een rechtspersoon) of de voor- en achternaam van de ontvanger (voor natuurlijke personen); IV) de waarde van de overheidsuitgaven; (V) of de ontvanger een natuurlijke persoon dan wel een rechtspersoon is; VI) een uniek identificatienummer voor rechtspersonen (btw-identificatienummer of fiscaal identificatienummer, indien beschikbaar, of een ander uniek identificatiemiddel dat op nationaal niveau is vastgesteld); VII) details van het contract met betrekking tot de besteding van overheidsmiddelen, met inbegrip van de aard en het doel ervan (soort opdracht, gebruikte soort aanbestedingsprocedure, waarde van het contract, datum van ondertekening, duur van het contract, te verwezenlijken doelstelling, te leveren prestatie in het kader van het contract); VIII) aanbestedingsstukken betreffende de besteding van overheidsmiddelen, met inbegrip van de aard en het doel ervan (geraamde waarde, soort openbare aanbestedingsprocedure, datum van inschrijving, aantal ingediende inschrijvingen, naam van de inschrijvers); IX) de naam van de dienstverleners, met inbegrip van de naam van onderaannemers, leveranciers en capaciteitsaanbieders, in een vrijetekstformaat voor historische gegevens en in een machinaal verwerkbaar formaat voor toekomstige overheidsopdrachten; X) het beoogde aandeel onderaannemers, indien beschikbaar, voor zowel vroegere als toekomstige overheidsopdrachten; XI) de verantwoordelijke overheidsinstantie; XII) de datum waarop de middelen zijn uitbetaald.

In de wetgevingshandeling wordt vermeld dat, naast het bovenstaande, in het centrale register ook informatie beschikbaar wordt gesteld waaruit blijkt of de publieke middelen (geheel of gedeeltelijk) steun van de Unie omvatten boven de nationale drempel voor overheidsopdrachten. In de wetgevingshandeling wordt ook vermeld dat voor aanbestedingsprocedures die na 31 maart 2023 van start zijn gegaan, deze informatie ook in het register wordt opgenomen voor procedures waarbij de steun van de Unie niet hoger is dan de nationale drempels voor overheidsopdrachten.

De wetgevingshandeling zorgt ervoor dat de in het centrale register gepubliceerde gegevensreeksen worden gepubliceerd in een open, interoperabel en machineleesbaar formaat dat het mogelijk maakt bulkdownloads en gegevens te sorteren, te doorzoeken, te extraheren, te vergelijken en te hergebruiken. In het verslag wordt ook vermeld dat de toegang tot de gegevens kosteloos en zonder dat registratie nodig is, wordt verleend.

De wetgevingshandeling bevat een verplichting voor overheidsinstanties om de gegevens in het centrale register ten minste om de twee maanden bij te werken (met uitzondering van gegevens die rechtstreeks beschikbaar zijn in de EPS, die worden bijgewerkt overeenkomstig de frequentie die van toepassing is op de EPS-databank voor aankondigingen van gegunde opdrachten).

Informatie over het bewijs van uitvoering en facturen blijven beschikbaar op verzoek om toegang tot openbare informatie.

Het wetgevingskader zorgt ervoor dat de regering toezicht houdt op de naleving en de naleving van de in bovengenoemde wetgevingshandeling vastgestelde verplichtingen en ervoor zorgt dat overheidsinstanties voldoen aan hun verplichting om alle relevante gegevens volledig en tijdig in het register te uploaden.

176

C9.R6 Verbetering van de transparantie van overheidsuitgaven

Mijlpaal

Het centrale register dat in het kader van de corrigerende maatregelen in de conditionaliteitsprocedure is opgezet, is volledig operationeel en de volledige vereiste informatie is daarin beschikbaar.

Relevante overheidsinstanties hebben alle vereiste gegevens in het centrale register geüpload en het centrale register is toegankelijk voor het publiek.

KWARTAAL 1

2023

Het centrale register, met de onder mijlpaal 175 beschreven kenmerken, is volledig operationeel en de volledige reeks informatie in het kader van mijlpaal 175 wordt geüpload (met inbegrip van informatie die aangeeft of de overheidsmiddelen (geheel of gedeeltelijk) steun van de Unie inhouden voor aanbestedingen onder en boven de nationale drempels voor overheidsopdrachten, en er wordt voor gezorgd dat het register verder wordt geüpload.

Om aan deze eis te voldoen, wordt aan de betrokken overheidsinstanties de ontwikkeling van de voor de verstrekking van gegevens vereiste aanvraag en het toepasselijke model voor het verstrekken van gegevens ter beschikking gesteld; de betrokken overheidsinstanties krijgen informatie over de openbaar te maken gegevens. De eerste verstrekking van gegevens vindt continu plaats vanaf het begin van de aanvraag.

De mijlpaal wordt geacht te zijn bereikt wanneer de overheidsinstanties alle relevante gegevens zoals vermeld in stap 175 volledig in het centrale register hebben geüpload en het centrale register toegankelijk is voor het publiek met alle in stap 175 beschreven functies.

177

C9.R7 Ontwikkeling en uitvoering van een nationale strategie en actieplan voor corruptiebestrijding

Mijlpaal

Versterking van het kader voor corruptiebestrijding in Hongarije door de uitvoering van concrete maatregelen in het kader van de nationale strategie voor corruptiebestrijding en een bijbehorend actieplan voor de periode 2020-2022

Uitvoering door de regering van specifieke acties in het kader van de nationale strategie voor corruptiebestrijding en het bijbehorende actieplan voor 2020-2022

KWARTAAL 1

2023

De regering voert de maatregelen nrs. 1, 2, 3, 4, 6a, 6b, 7a, 7b, 10, 12, 13, 14, 15, 16, 17 en 18 die voortvloeien uit Regeringsbesluit 1328/2020 (VI. 19.).

178

C9.R7 Ontwikkeling en uitvoering van een nationale strategie en actieplan voor corruptiebestrijding

Mijlpaal

Versterking van het kader voor corruptiebestrijding in Hongarije door de invoering van een nieuwe nationale strategie voor corruptiebestrijding en een bijbehorend actieplan

Goedkeuring en start van de uitvoering van de nieuwe nationale strategie voor corruptiebestrijding en het bijbehorende actieplan door de regering

KWARTAAL 2

2023

De regering stelt een nieuwe nationale strategie voor corruptiebestrijding en een bijbehorend actieplan vast, met inbegrip van acties die in de periode van 1 juli 2023 tot en met 31 december 2025 worden uitgevoerd en die in overleg met de relevante belanghebbenden worden opgesteld. De strategie en het actieplan worden opgesteld in samenwerking met de overeenkomstig mijlpaal 166 opgerichte taskforce voor corruptiebestrijding, op basis van beleidsadvies van de OESO, na uitgebreid overleg met nationale en internationale belanghebbenden, waaronder de Commissie en de Greco, en in overleg met belanghebbenden over de opname van hun aanbevelingen.

De nationale strategie voor corruptiebestrijding bouwt voort op en is consistent met de strategie in het kader van mijlpaal 220. De belangrijkste prioriteit ervan is het doeltreffend verbeteren van de mechanismen die zorgen voor de preventie, opsporing en correctie van fraude en corruptie (onder meer in het systeem voor overheidsopdrachten) en het versterken van het systeem voor de aanpak van belangenconflicten. Zij besteedt bijzondere aandacht aan de versterking van het institutionele en normatieve kader voor de bestrijding van corruptie op hoog niveau door het vergroten van de transparantie van de werkzaamheden van overheidsinstanties (ook op hoog politiek niveau). Het zorgt voor een coherente uitvoering van fraudebestrijdings- en anticorruptiemaatregelen voor zowel nationale als financiële steun van de Unie.

Het actieplan omvat ten minste de volgende specifieke acties: versterking van de onderdrukking van corruptie; II) versterking van de administratieve controleprocedures die onafhankelijk zijn van onderzoeken door rechtshandhavingsinstanties (met inbegrip van de verificatie-, controle- en sanctiemechanismen) met betrekking tot vermogensaangiften; het ontwikkelen van efficiënte interne mechanismen ter bevordering en bewustmaking van integriteitskwesties in de regering (onder meer door algemene opleiding voor alle personeelsleden en vertrouwelijk advies voor hoger leidinggevend en politiek niveau; het evalueren van de toepassing van de code voor beroepsethiek door het staatskorps van de Hongaarse regering en van de praktijken van lokale overheden om beste praktijken met betrekking tot contacten met lobbyisten vast te stellen en te bevorderen en belangenconflicten te voorkomen; V) een gedragscode voor personen met topuitvoerende functies (zoals gedefinieerd door de Greco) vast te stellen, openbaar te maken en toe te passen, met duidelijke richtsnoeren inzake integriteitskwesties (onder meer met betrekking tot a) contact met lobbyisten, b) beperkingen na uitdiensttreding [aanpak van de praktijk van „draaideurconstructies” tussen functies in de publieke en de particuliere sector] en c) werkgelegenheid voor familieleden en de bevordering van werkgelegenheid [nepotisme]); VI) met een onmiddellijke termijn voor de uitvoering van eventuele resterende maatregelen die voortvloeien uit Regeringsbesluit 1328/2020 (VI. 19.) niet uitgevoerd op 30 juni 2023.

Punt ii) omvat specifieke maatregelen om een doeltreffende, evenredige en voldoende afschrikkende sanctieregeling in te voeren (met inbegrip van zowel strafrechtelijke als administratieve sancties) voor ernstige schendingen in verband met de verplichtingen van personen die onderworpen zijn aan de regels inzake vermogensverklaringen.

De mijlpaal wordt geacht te zijn bereikt zodra de regering de strategie en het actieplan vaststelt en openbaar maakt na bestudering van de aanbevelingen van de taskforce voor corruptiebestrijding inzake corruptiepreventie (stap 166) op basis van een ontwerp dat haar vooraf ter beschikking is gesteld.

179

C9.R7 Ontwikkeling en uitvoering van een nationale strategie en actieplan voor corruptiebestrijding

Mijlpaal

Versterking van het kader voor corruptiebestrijding in Hongarije door de effectieve uitvoering van de maatregelen van de nieuwe nationale strategie voor corruptiebestrijding en het bijbehorende actieplan te beoordelen

Goedkeuring en publicatie van een verslag over de uitvoering van de acties van het actieplan

KWARTAAL 1

2026

De regering stelt een verslag vast met een beoordeling van de uitvoering van de nieuwe nationale strategie voor corruptiebestrijding en de in het kader van het actieplan geplande acties, en maakt dit openbaar.

180

C9.R8 Verbetering van de samenwerkingssystemen van het openbaar ministerie om corruptiepraktijken aan te pakken.

Mijlpaal

Opzetten van een nieuw IT-systeem voor de behandeling van gevoelige documenten van het openbaar ministerie

Het nieuwe IT-systeem voor de behandeling van gevoelige documenten, in overeenstemming met de beschrijvingen van het systeem, is volledig operationeel en operationeel en het openbaar ministerie is begonnen met het gebruik ervan. 

KWARTAAL 2 

2024 

Op basis van een gedetailleerde beschrijving van het systeem wordt een nieuw IT-systeem opgezet voor de behandeling van gevoelige documenten ter ondersteuning en vergemakkelijking van de administratieve werkzaamheden en informatie-uitwisseling van ten minste zeven organisatorische eenheden die betrokken zijn bij vervolgingsonderzoeken.

De mijlpaal wordt eenmaal geacht te zijn bereikt, na de noodzakelijke proefrun van het IT-systeem en de opleiding van het nodige personeel, het systeem is volledig functioneel en operationeel en wordt geactiveerd (d.w.z. de zeven organisatorische eenheden die betrokken zijn bij vervolgingsonderzoeken zijn begonnen met het gebruik ervan).

181

C9.R8 Verbetering van de samenwerkingssystemen van het openbaar ministerie om corruptiepraktijken aan te pakken.

Mijlpaal

Opzetten van een nieuw IT-systeem voor de behandeling van dossiers van het openbaar ministerie

Het nieuwe IT-systeem voor de behandeling van dossiers, in overeenstemming met de beschrijvingen van het systeem, is volledig operationeel en operationeel en het openbaar ministerie is begonnen met het gebruik ervan.

KWARTAAL 4

2025

Op basis van een gedetailleerde beschrijving van het systeem wordt een nieuw IT-systeem opgezet voor de behandeling van dossiers ter ondersteuning en vergemakkelijking van de administratieve werkzaamheden en informatie-uitwisseling van ten minste zeven organisatorische eenheden die betrokken zijn bij vervolgingsonderzoeken.

De mijlpaal wordt eenmaal geacht te zijn bereikt, na de noodzakelijke proefrun van het IT-systeem en de opleiding van het nodige personeel, het systeem is volledig functioneel en operationeel en wordt geactiveerd (d.w.z. de zeven organisatorische eenheden die betrokken zijn bij vervolgingsonderzoeken zijn begonnen met het gebruik ervan).



182

C9.R9 Verzameling met het oog op de afschaffing van vergoedingen in de gezondheidszorg  

Mijlpaal 

Start van een bewustmakingscampagne over de aanvaardbaarheid van vergoedingen in de gezondheidszorg

Het contract met de contractant die de bewustmakingscampagne uitvoert, wordt ondertekend en de campagne is van start gegaan

  

  

  

KWARTAAL 4 

2022 

Er wordt een gedetailleerd campagneprogramma opgesteld om ervoor te zorgen dat de bewustmakingscampagne over de aanvaardbaarheid van vergoedingen in de gezondheidszorg doeltreffend is en de meerderheid van de burgers bereikt. 

Het gedetailleerde campagneprogramma wordt vastgesteld en het contract voor de uitvoering van dat campagneprogramma met de uitvoerende contractant wordt ondertekend door de nationale beschermingsdienst. 

De nationale beschermingsdienst kondigt officieel de start van de bewustmakingscampagne aan. 

183

C9.R9 Verzameling met het oog op de afschaffing van vergoedingen in de gezondheidszorg   

Mijlpaal

Tussentijdse beoordeling van de eerste resultaten van de bewustmakingscampagne over de aanvaardbaarheid van vergoedingen in de gezondheidszorg

Afronding van een tussentijdse beoordeling van de eerste resultaten van de bewustmakingscampagne

KWARTAAL 3

2023

Opstelling en goedkeuring van een tussentijds evaluatieverslag over de eerste resultaten van de bewustmakingscampagne, waarin de geleerde lessen worden aangegeven, het aantal burgers dat is bereikt, de verandering in de perceptie van de burgers over de aanvaardbaarheid van betalingen in de gezondheidszorg ten opzichte van de situatie vóór de start van de bewustmakingscampagne.

184

C9.R9 Verzameling met het oog op de afschaffing van vergoedingen in de gezondheidszorg   

Streefwaarde 

Aantal burgers dat door de afgeronde bewustmakingscampagne is bereikt 

 

Aantal

5 000 000 

KWARTAAL 4 

2024 

De doelstelling wordt geacht te zijn bereikt wanneer het eindverslag van de campagne door de nationale beschermingsdienst wordt aanvaard en de belangrijkste resultaten ervan openbaar worden gemaakt, met inbegrip van het aantal burgers dat door de campagne (ten minste 5 000 000) is bereikt, zoals gevalideerd door een onafhankelijke enquête en vermeld in het aanvaarde campagneverslag, waarin ook de gebruikte campagnehulpmiddelen, de bereikte doelgroepen en een analyse van de mentaliteitsverandering onder de burgers als gevolg van de bewustmakingscampagne over de uitroeiing van omkoping op gezondheidsgebied worden beschreven.

185

C9.R10 Vermindering van het aandeel van aanbestedingsprocedures met één bod

Streefwaarde

Het aandeel van aanbestedingsprocedures met enkelvoudige inschrijvingen voor aanbestedingen die met steun van de Unie worden gefinancierd, bedraagt ten hoogste 15 %.

%

16

15

KWARTAAL 1

2023

Het aandeel openbare aanbestedingsprocedures — die betrekking hebben op openbare aanbestedingsprocedures met een geraamde waarde die zowel boven als onder de EU-drempels voor overheidsopdrachten liggen — die tussen 1 januari 2022 en ten minste 31 december 2022 met afzonderlijke inschrijvingen zijn afgesloten, voor aanbestedingen die ten minste gedeeltelijk met steun van de Unie worden gefinancierd, bedraagt minder dan 15 %, gemeten volgens de methodologie van het scorebord van de eengemaakte markt. In een definitief auditverslag met een goedkeurend auditoordeel van de EUTAF wordt bevestigd dat het aandeel van de afzonderlijke inschrijvingen — berekend volgens de hierboven beschreven methode — minder dan 15 % bedraagt.

186

C9.R10 Vermindering van het aandeel van aanbestedingsprocedures met één bod

Streefwaarde

Het aandeel van aanbestedingsprocedures met enkelvoudige inschrijvingen voor aanbestedingen die uit nationale middelen worden gefinancierd, mag niet meer bedragen dan 32 %.

%

36

32

KWARTAAL 1

2023

Het aandeel openbare aanbestedingsprocedures — die betrekking hebben op openbare aanbestedingsprocedures met een geraamde waarde die zowel boven als onder de EU-drempels voor overheidsopdrachten liggen — die tussen 1 januari 2022 en ten minste 31 december 2022 zijn afgesloten met afzonderlijke inschrijvingen voor aanbestedingen die uitsluitend uit nationale middelen worden gefinancierd, bedraagt minder dan 32 %, gemeten volgens de methodologie van het scorebord van de eengemaakte markt. In een definitief auditverslag met een goedkeurend auditoordeel van de EUTAF wordt bevestigd dat het aandeel van de afzonderlijke inschrijvingen — berekend volgens de hierboven beschreven methode — minder dan 32 % bedraagt.

187

C9.R10 Vermindering van het aandeel van aanbestedingsprocedures met één bod

Streefwaarde

Het aandeel van aanbestedingsprocedures met enkelvoudige inschrijvingen voor aanbestedingen die met steun van de Unie worden gefinancierd, bedraagt ten hoogste 15 %.

 

%

15

15

KWARTAAL 1

2024

Het aandeel openbare aanbestedingsprocedures — die betrekking hebben op openbare aanbestedingsprocedures met een geraamde waarde die zowel boven als onder de EU-drempels voor overheidsopdrachten liggen — die tussen 1 januari 2023 en 31 december 2023 zijn afgesloten met afzonderlijke inschrijvingen voor aanbestedingen, die ten minste gedeeltelijk met steun van de Unie worden gefinancierd, bedraagt minder dan 15 %, gemeten volgens de methodologie van het scorebord van de eengemaakte markt. In een definitief auditverslag met een goedkeurend auditoordeel van de EUTAF wordt bevestigd dat het aandeel van de afzonderlijke inschrijvingen — berekend volgens de hierboven beschreven methode — minder dan 15 % bedraagt.

188

C9.R10 Vermindering van het aandeel van aanbestedingsprocedures met één bod

Streefwaarde

Het aandeel van aanbestedingsprocedures met enkelvoudige inschrijvingen voor aanbestedingen die uit nationale middelen worden gefinancierd, mag niet meer bedragen dan 24 %.

%

32

24

KWARTAAL 1

2024

Het aandeel openbare aanbestedingsprocedures — die betrekking hebben op openbare aanbestedingsprocedures met een geraamde waarde die zowel boven als onder de EU-drempels voor overheidsopdrachten liggen — die tussen 1 januari 2023 en 31 december 2023 zijn afgesloten met afzonderlijke inschrijvingen voor aanbestedingen die uitsluitend uit nationale middelen worden gefinancierd, bedraagt minder dan 24 %, gemeten volgens de methodologie van het scorebord van de eengemaakte markt. In een definitief auditverslag met een goedkeurend auditoordeel van de EUTAF wordt bevestigd dat het aandeel van de afzonderlijke inschrijvingen — berekend volgens de hierboven beschreven methode — minder dan 24 % bedraagt.

189

C9.R10 Vermindering van het aandeel van aanbestedingsprocedures met één bod

Streefwaarde

Het aandeel van aanbestedingsprocedures met enkelvoudige inschrijvingen voor aanbestedingen die met steun van de Unie worden gefinancierd, bedraagt ten hoogste 15 %.

%

15

15

KWARTAAL 1

2025

Het aandeel openbare aanbestedingsprocedures — die betrekking hebben op openbare aanbestedingsprocedures met een geraamde waarde die zowel boven als onder de EU-drempels voor overheidsopdrachten liggen — die tussen 1 januari 2024 en 31 december 2024 zijn afgesloten met afzonderlijke inschrijvingen voor aanbestedingen die ten minste gedeeltelijk met steun van de Unie worden gefinancierd, bedraagt minder dan 15 %, gemeten volgens de methodologie van het scorebord van de eengemaakte markt. In een definitief auditverslag met een goedkeurend auditoordeel van de EUTAF wordt bevestigd dat het aandeel van de afzonderlijke inschrijvingen — berekend volgens de hierboven beschreven methode — minder dan 15 % bedraagt.

190

C9.R10 Vermindering van het aandeel van aanbestedingsprocedures met één bod

Streefwaarde

Het aandeel van aanbestedingsprocedures met enkelvoudige inschrijvingen voor aanbestedingen die uit nationale middelen worden gefinancierd, mag niet meer bedragen dan 15 %.

 

%

24

15

KWARTAAL 1

2025

Het aandeel openbare aanbestedingsprocedures — die betrekking hebben op aanbestedingsprocedures die zowel boven als onder de EU-drempels voor overheidsopdrachten liggen — die tussen 1 januari 2024 en 31 december 2024 zijn afgesloten met afzonderlijke inschrijvingen voor aanbestedingen die uitsluitend uit nationale middelen worden gefinancierd, bedraagt minder dan 15 %, gemeten volgens de methodologie van het scorebord van de eengemaakte markt. In een definitief auditverslag met een goedkeurend auditoordeel van de EUTAF wordt bevestigd dat het aandeel van de afzonderlijke inschrijvingen — berekend volgens de hierboven beschreven methode — minder dan 15 % bedraagt.

191

C9.R10 Vermindering van het aan