EUR-Lex Access to European Union law

Back to EUR-Lex homepage

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Document 52022DC0031

MEDEDELING VAN DE COMMISSIE AAN HET EUROPEES PARLEMENT, DE RAAD, HET EUROPEES ECONOMISCH EN SOCIAAL COMITÉ EN HET COMITÉ VAN DE REGIO'S Een EU-strategie voor normalisatie Mondiale normalisatie ter ondersteuning van een veerkrachtige, groene en digitale eengemaakte markt in de EU

COM/2022/31 final

Brussel, 2.2.2022

COM(2022) 31 final

MEDEDELING VAN DE COMMISSIE AAN HET EUROPEES PARLEMENT, DE RAAD, HET EUROPEES ECONOMISCH EN SOCIAAL COMITÉ EN HET COMITÉ VAN DE REGIO'S

Een EU-strategie voor normalisatie
Mondiale normalisatie ter ondersteuning van een veerkrachtige, groene en digitale eengemaakte markt in de EU


Een EU-strategie voor normalisatie

Mondiale normalisatie ter ondersteuning van een veerkrachtige, groene en digitale eengemaakte markt in de EU

I.Inleiding — Waarden, beleidsdoelstellingen en wetsuitvoering van de EU bevorderen met normen

Normen vormen de kern van de eengemaakte markt in de EU. In de afgelopen 30 jaar heeft het Europese normalisatiesysteem meer dan 3600 geharmoniseerde normen opgeleverd waarmee bedrijven kunnen aantonen dat zij de wetgeving van de EU naleven, en daarnaast nog veel meer Europese normen en technische specificaties, die de interoperabiliteit, de veiligheid van de EU‑burgers en de bescherming van het milieu bevorderen. Europese normen hebben bedrijven en consumenten grote voordelen gebracht, een gelijk speelveld voor bedrijven op de eengemaakte markt opgeleverd en het consumentenvertrouwen vergroot.

Europese normalisatie vindt plaats in een mondiale omgeving met steeds meer concurrentie. Veel derde landen stellen zich ten aanzien van normalisatie assertief op en geven hun industrie zo een concurrentievoordeel bij markttoegang en de uitrol van technologie.

De mate waarin Europese partijen succesvol zijn op het gebied van internationale normalisatie is bepalend voor het concurrentievermogen en de technologische soevereiniteit van Europa, voor ons vermogen om minder afhankelijk te zijn en voor de bescherming van Europese waarden, waaronder onze sociale en ecologische ambities. Daarbij gaat het niet alleen om goed ontwikkelde normalisatievaardigheden in de wetenschap en de industrie: de Europese normalisatie moet ook wendbaarder en flexibeler worden, en beter anticiperen op normalisatiebehoeften.

Tegelijkertijd moet de Europese normalisatie het steeds hogere innovatietempo bijhouden en snel normen kunnen afleveren, maar ook hoogwaardige resultaten blijven waarborgen. Andere consortia, die vaak in private handen zijn en onder aanvoering van niet-Europese bedrijven staan, opereren efficiënter en sneller bij de ontwikkeling van normen. Met name op het gebied van nieuwe en opkomende technologieën slaagt het Europese normalisatiesysteem er vaak niet in om tijdig met resultaten te komen, waardoor het belangrijke voordeel van normalisatie door een “pionier” verloren gaat.

Hoewel Europese standaardisatie met succes heeft bijgedragen aan de totstandkoming van de Europese eengemaakte markt, is het strategische belang van normen onvoldoende onderkend, en dat is ten koste gegaan van de leidende rol van de EU op normalisatiegebied. Hierin moet verandering komen. Rekening houdend met de feedback die is ontvangen op het stappenplan 1 wordt in deze strategie een pakket maatregelen voorgesteld om normen weer een centrale rol te geven in een veerkrachtige, groene en digitale Europese eengemaakte markt en om de wereldwijde rol van het Europese normalisatiesysteem te versterken.

II.Het Europese normalisatiesysteem als hefboom – met resultaat in de tweeledige groene en digitale transitie en ter ondersteuning van een eengemaakte markt met meer veerkracht

Voor de digitale en groene transitie van de EU‑industrie en een goed functionerende en veerkrachtige eengemaakte markt is een normalisatiesysteem nodig waarin de beleidsprioriteiten van de EU goed tot uiting komen. De ambities van de EU voor een klimaatneutrale, veerkrachtige en circulaire economie kunnen niet worden verwezenlijkt zonder Europese normen voor testmethoden, managementsystemen of interoperabiliteitsoplossingen In de mondiale race naar digitaal leiderschap is het vermogen om internationale normen te ontwikkelen die wereldwijd fungeren als benchmarks voor digitale producten, processen en diensten van wezenlijk belang voor het concurrentievermogen van de EU. De beleidsambities van de EU voor een veerkrachtige, groene en digitale economie zullen dus tekortschieten als de bijbehorende normen elders in de wereld worden bepaald.

De aandacht van de EU wordt daarom op dit moment niet alleen gevraagd door lopende normalisatiewerkzaamheden in alle industriële ecosystemen, maar ook door kritieke “dringende normalisatieprioriteiten”; dat zijn gebieden waarop in de komende jaren normen nodig zijn om strategische afhankelijkheid te voorkomen en het wereldwijde leiderschap van de EU op het gebied van groene en digitale technologie te tonen. Op basis van de analyse van strategische afhankelijkheden uit de geactualiseerde industriestrategie 2 en van de inbreng van belanghebbenden via de industriële allianties werd geconstateerd dat er op de volgende strategische gebieden dringend behoefte is aan de ontwikkeling van normen: normen om de huidige belemmeringen bij de productie van COVID19-vaccins en geneesmiddelen weg te nemen, normen ter ondersteuning van het recyclen van kritieke grondstoffen (CRM, Critical Raw Materials), normen ter ondersteuning van de uitrol van de waardeketen voor schone waterstof, normen ter ondersteuning van koolstofarm cement, vanwege het grote uitstootbeperkende potentieel, normen voor de certificering van de beveiliging, authenticiteit en betrouwbaarheid van chips, en datanormen voor verbetering van interoperabiliteit, gegevensdeling en hergebruik van data, ter ondersteuning van de gemeenschappelijke Europese gegevensruimten.

Om deze dringende normalisatieprioriteiten tot stand te brengen en een beter zicht te krijgen op toekomstige dringende normalisatieprioriteitenbehoeften en daarop te kunnen anticiperen, zal de Commissie een reeks maatregelen voorstellen.

Ten eerste zal de Commissie op korte termijn werk maken van bovengenoemde dringende normalisatieprioriteiten; zie daarvoor het jaarlijkse werkprogramma van de Unie voor normalisatie voor 2022. De Commissie zal normalisatieverzoeken doen, tijdig met de respectieve gemeenschappen van belanghebbenden in overleg treden en de werkzaamheden ook financieel ondersteunen. De Commissie roept de Europese normalisatieorganisaties (ESO’s, European Standardisation Organisations) op om aan de uitvoering van dit werk meteen prioriteit te geven.

Ten tweede zullen binnen een nieuw forum op hoog niveau vertegenwoordigers van de lidstaten, Europese normalisatieorganisaties en nationale normalisatie-instellingen, het bedrijfsleven, het maatschappelijk middenveld 3 en de academische wereld meewerken aan de vaststelling van prioriteiten, adviseren over toekomstige normalisatiebehoeften, een doeltreffende vertegenwoordiging van de Europese belangen in (internationale) normalisatieforums coördineren en waarborgen dat Europese normalisatie-activiteiten aansluiten bij de noodzaak om de economie van de EU groener, digitaler, eerlijker en veerkrachtiger te maken. Ook zal het forum technische deskundigheid en vaardigheden op het gebied van normen vergroten. In speciale subgroepen zullen de werkzaamheden op operationeel niveau worden uitgevoerd. Het forum op hoog niveau zal nauw samenwerken met bestaande deskundigengroepen, waaronder het Industrieforum, de Europese Raad voor gegevensinnovatie, industriële allianties en het Europees forum voor beveiligingsonderzoek 4 . Zo kan de normalisatiegemeenschap sneller en gerichter reageren op de behoeften van innovatoren en gebruikers. De betrokkenheid van het Europees Parlement en de Raad bij de discussie over de prioriteiten voor EUnormalisatie is cruciaal voor het politieke overleg en zal worden bevorderd met een jaarlijks evenement op hoog niveau.

Ten derde zal de Commissie samen met het forum op hoog niveau een evaluatie van bestaande normen starten, om in kaart te brengen welke normen moeten worden herzien of welke nieuwe normen moeten worden ontwikkeld om de doelstellingen van de Europese Green Deal en het Europees digitaal decennium te verwezenlijken en om de veerkracht van de eengemaakte markt te ondersteunen.

Ten vierde zal de Commissie, op technisch niveau, een Europees expertisecentrum voor normen oprichten voor een betere coördinatie en benutting van de bestaande deskundigheid op het gebied van normalisatie, die versnipperd is over de Commissie, de agentschappen van de EU en gemeenschappelijke ondernemingen. In nauwe samenwerking met de lidstaten zal dit centrum anticiperen op toekomstige normalisatiebehoeften, de werkzaamheden op voorrangsgebieden voor normalisatie ondersteunen en internationale normalisatie-activiteiten monitoren. Zo kan beter worden voldaan aan verzoeken uit de publieke sector om richtsnoeren en specificaties te ontwikkelen op gebieden als elektronische identificatie, elektronisch bestuur of de Europese Blokchaininfrastructuur voor diensten. De Commissie zal de functie van hoofd Normalisatie in het leven roepen om de werkzaamheden van het expertisecentrum aan te sturen en op algemeen niveau het toezicht op en de coördinatie van de diverse normalisatie-activiteiten bij de Commissie te waarborgen.

Ten vijfde zal de Commissie samen met de ESO’s oplossingen uitwerken en duidelijke doelen stellen om bij de ontwikkeling van normen die de uitvoering van EUwetgeving ondersteunen alle fasen sneller te kunnen doorlopen. Hiervoor zijn van alle zijden grotere inspanningen nodig. Daarbij moet de overeenstemming van nieuw ontwikkelde normen met de wetgeving van de EU worden verbeterd om de tijdige aanneming ervan te bevorderen. Daarnaast moeten ESO’s zorgen dat er minder tijd verstrijkt tussen het aannemen van een geharmoniseerde norm en de formele indiening daarvan bij de Commissie 5 . Hoewel de tijd tussen de indiening en de bekendmaking van de verwijzing in het Publicatieblad van de Europese Unie in 2020 en 2021 al korter is geworden, zal de Commissie blijven werken aan een snellere bekendmaking van normen, zonder tekort te schieten in haar verantwoordelijkheid om te verifiëren of zij voldoen aan de eisen van het EUrecht.

Voor zakelijke diensten was de vooruitgang in het verleden relatief langzaam, en dienstennormen maken nog steeds maar 2 % van alle Europese normen uit. De Commissie heeft vorderingen gemaakt met het beoordelen van de meest relevante gebieden waarop geharmoniseerde normen het concurrentievermogen zouden kunnen vergroten en marktbelemmeringen zouden kunnen verminderen, onder meer door dienstennormen voor geavanceerde fabricage- en bouwwerkzaamheden. Voor zakelijke diensten werkt de Commissie hier samen met belanghebbenden aan.

Ook zal de Commissie samen met belanghebbenden beoordelen in hoeverre overheidsopdrachten kunnen worden ingezet als middel om het gebruik van normen voor innovatieve, groene en digitale producten te bevorderen.

De Commissie zal:

·samen met de ESO’s, belanghebbenden en andere partners onmiddellijk werk maken van de geconstateerde dringende normalisatieprioriteiten voor COVID19-vaccins en de productie van geneesmiddelen, het recyclen van kritieke grondstoffen, de waardeketen voor schone waterstof, koolstofarm cement, de certificering van chips en datanormen;

·een forum op hoog niveau oprichten om samen met de Commissie te anticiperen op komende normalisatieprioriteiten en in samenspraak met het Europees Parlement en de Raad politiek overleg over deze prioriteiten waarborgen;

·de normalisatieprioriteiten vanaf 2022 opnemen in het jaarlijkse werkprogramma van de Unie voor normalisatie;

·bestaande normen evalueren om in kaart te brengen welke normen moeten worden herzien of welke nieuwe normen moeten worden ontwikkeld om de doelstellingen van de Europese Green Deal en het Europees digitaal decennium te verwezenlijken en om de veerkracht van de eengemaakte markt te ondersteunen;

·een Europees expertisecentrum voor normen oprichten om deskundigheid op normalisatiegebied bijeen te brengen, en een hoofd Normalisatie aanstellen die dit netwerk moet aansturen en er namens de Commissie op moet toezien dat de normalisatie-activiteiten aansluiten bij de beleidsdoelstellingen en strategische belangen van de EU;

·met de ESO’s concrete oplossingen uitwerken en doelen stellen om normen sneller te ontwikkelen en aan te nemen, waarbij concrete maatregelen worden genomen voor een betere samenhang van normen die met een verwijzing bekend moeten worden gemaakt in het Publicatieblad van de Europese Unie.

III.Handhaving van integriteit, inclusiviteit en toegankelijkheid van het Europese normalisatiesysteem — beginselen van goed bestuur implementeren

Binnen het Europese normalisatiesysteem vervullen de Europese normalisatieorganisaties (ESO’s), te weten het Europees Comité voor Normalisatie (CEN), het Europees Comité voor Elektrotechnische Normalisatie (CENELEC) en het Europees Instituut voor Telecommunicatienormen (ETSI), een bijzondere en prominente rol: het zijn de enige organisaties die normalisatieverzoeken van de Commissie mogen uitvoeren. Dat komt omdat de EU‑wetgever ervoor heeft gekozen om normen en normalisatieproducten op verzoek te laten opstellen door deze (privaatrechtelijke) organisaties, overeenkomstig artikel 10 van Verordening (EU) nr. 1025/2012 betreffende Europese normalisatie.

Bij de bijzondere status van de Europese normalisatieorganisaties horen ook verantwoordelijkheden. Meer dan ooit moeten in normen niet alleen technische aspecten worden geregeld, maar moeten er, naast groene en maatschappelijke beginselen, ook democratische kernwaarden en belangen van de EU in worden geïntegreerd. Zo hebben normen op het gebied van cyberbeveiliging of de veerkracht van kritieke infrastructuur ook een strategische dimensie. Dit is met name van belang bij geharmoniseerde normen, die zijn aangenomen op basis van EUharmonisatiewetgeving en waarvan de referenties bekend zijn gemaakt in het Publicatieblad van de Europese Unie, dat door het Hof van Justitie als onderdeel van de EUwetgeving wordt beschouwd bij de interpretatie van die normen 6 . Om te waarborgen dat het Europese normalisatiesysteem in dit opzicht resultaten oplevert, moeten er maatregelen worden genomen om te zorgen dat het de belangen en waarden van de EU behartigt.

Het baart de Commissie zorgen dat in de huidige besluitvormingsprocessen van de Europese normalisatieorganisaties, en in het bijzonder die van het ETSI, bepaalde bedrijfsbelangen een onevenredig groot stemrecht hebben: sommige multinationals hebben meer stemmen verworven dan de organen die de volledige gemeenschap van belanghebbenden vertegenwoordigen. Daarom moeten volgens de Commissie administratieve beginselen en beginselen van goed bestuur worden toegepast wanneer de Europese normalisatieorganisaties op verzoek normen ontwikkelen die worden gebruikt om de naleving aan te tonen van regels die in het belang van de EU‑burgers gelden.

Derhalve presenteert de Commissie thans een voorstel voor een Verordening tot wijziging van Verordening (EU) nr. 1025/2012. Hierin wordt voorgeschreven dat de gevolmachtigden van de nationale normalisatie-instellingen van de EU en de EER alleen voor normalisatieverzoeken van de Commissie in aanmerking komen als zij beslissingsbevoegd zijn in elk stadium van de ontwikkeling van een norm op verzoek van de Europese Commissie. Met een evenwichtige vertegenwoordiging van maatschappelijke belanghebbenden in nationale normalisatie-instellingen zal dit de openheid, de transparantie en de inclusiviteit van het proces bevorderen.

Kmo’s zijn belangrijke aanjagers van innovatie en gebruikers van normen. Hun betrokkenheid bij de ontwikkeling van normen en hun toegang tot normen zelf moet echter worden verbeterd. Artikel 6 van Verordening (EU) nr. 1025/2012 voorziet in gunstiger voorwaarden voor kmo’s (gratis toegang tot ontwerpnormen, toegang tot de activiteiten van nationale normalisatie-instellingen, speciale tarieven voor normen enz.).

In aanvulling op de wijziging van Verordening (EU) nr. 1025/2012 roept de Commissie de ESO’s daarom op om uiterlijk eind 2022 voorstellen in te dienen voor de modernisering van hun bestuur. Daarbij moet ook iets worden gedaan aan de ongelijke en niet-transparante vertegenwoordiging van industriële belangen en moet de betrokkenheid van kmo’s, het maatschappelijk middenveld en gebruikers worden vergroot. De ESO’s moeten ook gratis toegang tot normen en andere producten overwegen. De Commissie is bereid om via de bestaande forums een constructieve dialoog met de ESO’s aan te gaan om hen te ondersteunen bij het verwezenlijken van deze doelstelling. Indien er onvoldoende vooruitgang wordt geboekt, zal de Commissie overwegen om zo nodig een voorstel tot herziening van Verordening (EU) nr. 1025/2012 te doen. In het tweede kwartaal van 2022 zal de Commissie starten met een evaluatie van Verordening (EU) nr. 1025/2012.

Op nationaal niveau kan er meer worden gedaan om de toegang tot de ontwikkeling van normen en tot normen zelf te verbeteren. Daarom zal de Commissie een proces van collegiale toetsing tussen de lidstaten van de EU en nationale normalisatie-instellingen starten om goede praktijken uit te wisselen en nieuwe ideeën voor een kmo-vriendelijker toegang en een grotere betrokkenheid van het maatschappelijk middenveld en gebruikers in de EU te bevorderen. Daarnaast zal de Commissie bestaande netwerken — waaronder het Enterprise Europe Network (EEN) — beter benutten om meer kmo’s te bereiken en zal zij opleidingen, voorlichtingsbijeenkomsten en informatiemateriaal organiseren.

De Commissie is bij recente wetgeving 7 de bevoegdheid verleend om in specifieke gevallen bij uitvoeringshandeling technische of gemeenschappelijke specificaties vast te stellen, en voorstellen van de Commissie 8 voorzien daar ook in. Gezien de rol van geharmoniseerde normen in harmonisatiewetgeving van de EU is deze mogelijkheid opgenomen als uitwijkoplossing, om te zorgen dat het openbaar belang wordt gediend wanneer geharmoniseerde normen ontbreken en ontoereikend zijn. Om versnippering van sectorale benaderingen te voorkomen, zal de Commissie streven naar een horizontale benadering ten aanzien van criteria en processen voor de gevallen waarin, en de voorwaarden waaronder de Commissie de bevoegdheid kan krijgen om bij uitvoeringshandeling gemeenschappelijke specificaties te ontwikkelen, wanneer de desbetreffende wetgeving daarin voorziet. Dat kan bijvoorbeeld het geval zijn wanneer normen op zich laten wachten of het proces stagneert door een gebrek aan consensus onder belanghebbenden. Het nieuw opgerichte Europees expertisecentrum dat in deze strategie wordt aangekondigd, zal de noodzakelijke technische deskundigheid bieden om deze gemeenschappelijke specificaties te ontwikkelen.

De Commissie:

·doet een wetgevingsvoorstel tot wijziging van Verordening (EU) nr. 1025/2012 waarin basiscriteria worden voorgesteld voor de uitvoering van Europese normalisatieverzoeken ingevolge artikel 10 van Verordening (EU) nr. 1025/2012;

·roept de Europese normalisatieorganisaties op om uiterlijk eind 2022 voorstellen te doen om hun bestuur zodanig te moderniseren dat het openbaar belang en de belangen van kmo’s, het maatschappelijk middenveld en gebruikers daarin volledig vertegenwoordigd zijn en om de toegang tot normen te vergemakkelijken;

·zal de evaluatie van Verordening (EU) nr. 1025/2012 starten om te beoordelen of deze nog steeds voor haar doel geschikt is;

·zal eind 2022 een proces van collegiale toetsing tussen de lidstaten en nationale normalisatie-instellingen starten om tot meer inclusiviteit te komen, onder meer voor het maatschappelijk middenveld en gebruikers, en om voor kmo’s gunstiger voorwaarden voor normalisatie te bewerkstelligen;

·zal een horizontale benadering formuleren voor de ontwikkeling van technische of gemeenschappelijke specificaties door middel van uitvoeringshandelingen krachtens sectorale wetgeving.

IV.Mondiale normalisatie: de toonaangevende voortrekkersrol van de EU op het gebied van essentiële technologieën ondersteunen en de kernwaarden van de EU behartigen

Van oudsher heeft de Europese Unie een sterke mondiale aanwezigheid bij internationale normalisatie-activiteiten en een goede reputatie als het gaat om de omzetting van internationale normen in Europese normen. Ook tegenwoordig zijn Europese deskundigen en nationale normalisatie-instellingen nog belangrijke spelers, maar in de afgelopen jaren is het geopolitieke landschap ingrijpend veranderd: andere partijen houden er een veel assertievere benadering van internationale normalisatie dan de EU op na en hebben in internationale normalisatiecomités aan invloed gewonnen. De EU streeft ernaar om internationale normen te laten aansluiten bij haar waarden en belangen, maar ondervindt daarbij sterke concurrentie 9 .

De EU en de lidstaten moeten een meer strategische benadering van internationale normalisatie bevorderen, met name in de Internationale Unie voor Telecommunicatie (ITU), de Internationale Organisatie voor Standaardisatie (ISO) en de Internationale Elektrotechnische Commissie (IEC), maar ook in andere relevante wereldwijde samenwerkingsverbanden, forums en consortia 10 , om het mondiale concurrentievermogen, de veiligheid en de open strategische autonomie van de EU, evenals het vermogen van de EU om haar waarden te behartigen, te waarborgen.

Lidstaten, EU‑normalisatie-instellingen en industrieën uit de EU zijn niet doeltreffend als het gaat om het coördineren en delen van middelen om internationale normalisatieprocessen en -beginselen van de Wereldhandelsorganisatie (WTO, World Trade Organisation) te ondersteunen, waaronder openheid, transparantie en consensus. Daardoor nemen op gevoelige gebieden als lithiumbatterijen, gezichtsherkenning of de digitale tweeling andere regio’s uit de wereld het voortouw in internationale technische comités en propageren zij daar hun technologische oplossingen, die vaak niet verenigbaar zijn met de waarden, het beleid en het regelgevingskader van de EU.

De afstemming tussen de EU‑lidstaten, nationale normalisatie-instellingen en belanghebbenden uit de EU moet worden verbeterd om de stem van de EU bij wereldwijde normalisatie beter hoorbaar te maken. Het Europees expertisecentrum voor normen zal relevante internationale normalisatie-activiteiten monitoren en op politiek niveau zal afstemming worden bevorderd door middel van het in deze strategie aangekondigde forum op hoog niveau.

Op het gebied van internetnormen ter bevordering van een vrij, open, toegankelijk, inclusief en veilig wereldwijd internet is de situatie bijzonder kritiek. In recente jaren is de internationale normalisatie van internetprotocollen in toenemende mate gepolitiseerd geraakt, zozeer dat het risico bestaat dat de ontwikkeling van het wereldwijde open internet wordt beperkt en dat de wereldwijde digitalisering wordt belemmerd. De Commissie zal dit probleem actief aanpakken en in nauwe samenwerking met gelijkgezinde partners in het kader van de G7 11 en de Handels- en Technologieraad EUVS (TTC) een sterkere Europese aanwezigheid in relevante internationale forums nastreven. Het in deze strategie aangekondigde nieuw opgerichte Europees expertisecentrum voor normen zal hierbij ondersteuning verlenen. De Commissie zal de implementatie van belangrijke internationaal vastgestelde internetnormen monitoren en deze gegevens en gerelateerde goede praktijken publiceren op een EUwebsite voor monitoring van internetnormen. De Commissie zal ook voorstellen doen voor mogelijke beleidsmaatregelen om de implementatie van belangrijke internetnormen te bevorderen, waaronder IPv6 12 . 

De invoering van duurzaamheidseisen in het kader van ecologisch ontwerp en het komende initiatief voor duurzame producten (“Sustainable Products Initiative”) maken de ontwikkeling van normen voor de Europese markt noodzakelijk. De EU moet ernaar streven om deze normen wereldwijd te laten aannemen, om te zorgen dat de onderliggende beleidsdoelen internationaal breder worden gedragen en om een concurrentievoordeel voor industrieën met een pioniersrol veilig te stellen.

Ook monitort de Commissie de internationale normalisatie voor het beheer van ruimteverkeer en ontwikkelt zij een EUbenadering, gezien de rechtstreekse gevolgen ervan voor een veilig en duurzaam gebruik van de ruimte en de rol van ruimtevaarttechnologie voor EUinspanningen gericht op technologische soevereiniteit. In het kader van haar Actieplan voor synergiën tussen de civiele, defensie- en ruimtevaartindustrieën 13 zal de Commissie in nauwe samenwerking met andere vooraanstaande belanghebbenden een plan presenteren om het gebruik van bestaande hybride civiele/defensienormen te bevorderen en om het voortouw te nemen bij de ontwikkeling van nieuwe normen op internationaal niveau.

De Commissie moedigt de lidstaten van de EU aan om de deelname van het maatschappelijk middenveld, deskundigen uit kmo’s, vakbonden en consumentenvertegenwoordigers aan internationale normalisatie-activiteiten te ondersteunen. Aangezien met normen niet alleen de technische aspecten van een product worden gereguleerd, maar zij ook gevolgen kunnen hebben voor de mens, de werknemers en het milieu, kan een inclusieve benadering met meerdere belanghebbenden bij de totstandkoming van normen voor belangrijke “checks and balances” zorgen.

De sociale, ecologische en ethische waarden van de EU worden gedeeld met veel gelijkgezinde partners overal ter wereld. In door de EU gesloten handelsovereenkomsten leveren hoofdstukken over technische handelsbelemmeringen en goede wet- en regelgevingspraktijken al een bijdrage aan de verwezenlijking van de normalisatiedoelstellingen van de EU, met name omdat daarin het aannemen van internationale normen door handelspartners wordt bevorderd, en door samenwerking tussen de respectieve normalisatie-instellingen. Wanneer handelsovereenkomsten en partnerschappen worden gebruikt om gedeelde belangen op het gebied van internationale normalisatie te ondersteunen, kan er in de contacten met belangrijke partners evenwel ook worden gekozen voor een meer strategische insteek. Lopende gesprekken met de Verenigde Staten over meer samenwerking en gezamenlijke actie in het kader van de Handels- en Technologieraad (TTC) of toekomstige discussies over normen binnen de beoogde digitale partnerschappen met Japan, de Republiek Korea en Singapore zijn goede voorbeelden van samenwerking over EU-normalisatie met internationale partners.

De Commissie zal haar dialoog met andere landen, waaronder China, voortzetten en mogelijke terreinen van samenwerking verkennen, bijvoorbeeld om de Europese Green Deal te ondersteunen. Om de economische relatie van de Unie met buurlanden en andere belangrijke partnerregio’s, waaronder Afrika of Latijns-Amerika en het Caribisch gebied, te versterken, moet het aannemen van Europese en internationale normen door deze landen, evenals hun betrokkenheid bij de totstandkoming van normen, worden bevorderd en vergemakkelijkt. Daartoe zal de Commissie initiatieven ontwikkelen, ook door voort te bouwen op bestaande partnerschappen en samenwerkingsprojecten tussen de Europese normalisatieorganisaties en standaardisatie-instanties in derde landen. Ook zal zij de Global Gateway-strategie inzetten om deze normen te propageren middels haar financiering van infrastructuur 14 . De rol van internationale samenwerking op het gebied van onderzoek en innovatie is ook van belang bij het bevorderen van de leidende rol van de EU als wereldwijde normalisatiepartij.

De Commissie zal:

·met EUlidstaten en nationale normalisatie-instellingen een regeling ontwikkelen om informatie te delen en de Europese benadering van internationale normalisering te monitoren, te coördineren en te versterken (ISO, IEC, ITU en andere relevante internationale forums), met steun van het Europees expertisecentrum voor normen;

·de ontwikkeling en implementatie bevorderen van internationale normen voor een vrij, open, toegankelijk en veilig wereldwijd internet en een EU-website voor monitoring van internetnormen openen;

·de daadwerkelijke uitvoering van bestaande toezeggingen over normalisatie in handelsovereenkomsten van de EU monitoren en deze overeenkomsten, naast regelgevende dialogen en digitale partnerschappen, gebruiken om bij normalisatie op strategische gebieden samen te werken met gelijkgezinde partners en standpunten in internationale normalisatie-instellingen af te stemmen;

·internationale samenwerking op het gebied van normalisatie en EUnormen bevorderen met het instrument voor nabuurschapsbeleid, ontwikkeling en internationale samenwerking — Europa in de wereld (NDICI — Europa in de wereld) en Horizon Europa, ook om de betrokkenheid van belanghebbenden (kmo’s, maatschappelijk middenveld, wetenschappers) bij internationale normalisatie te vergroten;

·normalisatieprojecten in geselecteerde Afrikaanse landen financieren in het kader van het beleid inzake ontwikkelingssamenwerking en de Global Gateway. De EU zal belangrijke Europese normen propageren in partnerlanden die uitzicht hebben op toetreding tot/nauwere integratie met de interne markt van de EU, te beginnen in de buurlanden van de EU.

V.Grensverleggende innovatie bevordert tijdige normalisatie

De EU kan alleen een leidende rol op het gebied van normalisatie vervullen als de industriële ecosystemen in Europa in staat zijn om te innoveren. Door Europese onderzoeks-, ontwikkelings-, en innovatieprojecten (O&O&I) kunnen nieuwe technologieën een rijpere fase ingaan, wat gunstig is voor hun toepasbaarheid op grotere schaal en hun gebruik in de markt bevordert. Daarom moet, ook via Horizon Europa en de voorlopers van dit programma, meer gebruik worden gemaakt van de O&O-basis van Europa bij de opsporing en de transfer van relevant onderzoek voor nieuwe normen.

Er schuilt onbenut potentieel in door de EU gefinancierd prenormatief onderzoek ter ondersteuning van normalisatiebehoeften. Mede door een goede toewijzing van middelen aan prenormatief onderzoek kan ervoor worden gezorgd dat Europa het voortouw neemt bij internationale normalisatieprocessen. De jaarlijkse “normalisatieprognose” van de Commissie in het kader van het initiatief voor (meer) wetenschappelijke inbreng bij normalisatie (PSIS, Putting (more) Science into Standards) is een belangrijke gelegenheid om toekomstige normalisatiekansen vroegtijdig in kaart te brengen en belangrijke bruggen te slaan tussen onderzoek, innovatie en normalisatie.

Een belangrijke rol wordt daarbij gespeeld door Horizon Europa en het onderzoeks- en ‑opleidingsprogramma van Euratom (Euratom R&T), ook via hun rechtstreekse acties en partnerschappen, waaronder gemeenschappelijke ondernemingen en het programma Digitaal Europa, en de gemeenschappelijke stappenplannen van de Europese Onderzoeksruimte (ERA) voor industriële technologie. Zij anticiperen op normalisatiebehoeften en koppelen strategische prioriteiten aan prenormatief onderzoek. Daarom wordt bij de evaluatie van door de EU gefinancierde O&O&I-projecten al gekeken naar normalisatiebehoeften, bijvoorbeeld in het kader van de kernprestatie-indicatoren en de rapportageverplichtingen.

De Commissie zal beoordelen hoe onderzoekers en innovatoren die betrokken zijn bij door de EU gefinancierde O&O&I-projecten beter kunnen worden ondersteund om deel te nemen aan relevante normalisatie-activiteiten. De Commissie zal van start gaan met de “normalisatiebooster”, een platform voor hulp aan begunstigden wier onderzoeksresultaten in het kader van Horizon 2020 en Horizon Europa mogelijk gaan leiden tot herziening of ontwikkeling van een norm, om de relevantie van hun resultaten voor normalisatie te testen. Wanneer de onderzoeks- en innovatiegemeenschap vroegtijdig bij de ontwikkeling van normen wordt betrokken, is dat ook een kans om deskundigheid en vaardigheden op het gebied van normalisatie op te bouwen. Op dit moment beschouwen onderzoekers, spin-offs en start-ups normalisatie vaak niet als een prioriteit: zij zien niet altijd de voordelen van normalisatie, beschikken niet over de benodigde middelen of zijn van mening dat de tijd die aan normalisatie wordt besteed onvoldoende beloond wordt. Een samenhangende benadering om normalisatie-activiteiten te faciliteren en strategisch bewustzijn bij onderzoekers en innovatoren te kweken, zal worden bevorderd door een speciale Europese gedragscode betreffende normalisatie voor onderzoekers.

Succesvol gebruik van normen hangt niet alleen af van O&O&I, maar is ook rechtstreeks gerelateerd aan de snelheid waarmee in de Unie leidende markten tot stand kunnen worden gebracht. Door het opbouwen van kritische massa voor een vroegtijdige implementatie van technologieën als verbonden auto’s, intelligente fabrieken en digitale zorgsystemen ontstaat een Europees momentum, dat bevorderlijk is voor een leidende rol van de EU op deze gebieden. In dat verband zijn uitrolprogramma’s als de Connecting Europe Facility (CEF) en het programma Digitaal Europa cruciaal voor industriële capaciteitsopbouw rondom mondiale normen in Europa, en hun rol moet in de toekomst worden versterkt.

De normen van de toekomst moeten van teksten veranderen in machineleesbare formaten, die gebruikersvriendelijker zijn, met name voor kmo’s. De Commissie zal deze transitie ondersteunen. Daarnaast zal de Commissie de Europese normalisatieorganisaties oproepen om open-sourceoplossingen in hun activiteiten te integreren, die kmo’s oplossingen snelle interoperabiliteit kunnen bieden bij het gebruik van technologische oplossingen.

De Commissie zal:

·de “normalisatiebooster” starten om onderzoekers in het kader van Horizon 2020 en Horizon Europa te ondersteunen bij het testen van de relevantie van hun resultaten voor normalisatie;

·uiterlijk medio 2022 een gedragscode betreffende normalisatie voor onderzoekers ontwikkelen om de verbondenheid van normalisatie en onderzoek/innovatie via de Europese Onderzoeksruimte (ERA) te vergroten.

VI.Toekomstige deskundigheid op het gebied van normalisatie waarborgen — behoefte aan onderwijs en vaardigheden

Het gebruik van normen neemt toe en het belang van normalisatie voor het concurrentievermogen en het openbaar belang is onbetwist, maar in het algemeen is er relatief weinig bewustzijn over normalisatie en zijn de scholingsmogelijkheden beperkt. Er bestaan geen reguliere onderwijsvormen en evenmin beroepsopleidingen op het gebied van normalisatie. In veel bedrijven in de EU — groot en klein — ontbreekt het aan een gestructureerde en strategische benadering van normalisatie die recht doet aan de relevantie ervan voor diverse economische activiteiten, waaronder de naleving van wetgeving, markttoegang of de algemene bedrijfsstrategie.

Deze situatie is zorgwekkend en dat blijkt ook uit de moeite die het in het algemeen kost om technische deskundigen voor de ontwikkeling van normen aan te trekken. Het Europese normalisatiesysteem kan alleen succesvol zijn als vele deskundigen uit de industrie, de overheidssector, het maatschappelijk middenveld, de onderzoeksinstituten of de universiteiten een bijdrage leveren aan alle kritieke aspecten van de ontwikkeling van normen. Vooral dankzij de investeringen van bedrijven, universiteiten, onderzoeksinstituten en overheden is het Europese normalisatiesysteem succesvol geweest. Europa heeft de beste normalisatie-experts nodig om haar mondiale doelen met succes na te streven en om een digitale, groene en veerkrachtige eengemaakte markt te ondersteunen.

Dit probleem wordt nog verergerd door een ophanden zijnde generatiewissel. Veel van de deskundigen die in de afgelopen decennia aan normalisatie hebben gewerkt, gaan binnenkort met pensioen. Tegelijkertijd wordt het normalisatielandschap complexer: nieuwe technologische uitdagingen en horizontale overwegingen — waaronder artificiële intelligentie, gegevensbescherming of cyberbeveiliging — vragen om nieuwe vaardigheden bij de ontwikkeling van normen. Normalisatie-activiteiten spelen zich op verschillende niveaus af, en initiatieven binnen nationale, Europese en internationale organisaties geven een beeld van de trends op het gebied van normalisatie en het gebruik van normen.

In het onderwijs kan de ontwikkeling van speciale normalisatiemodules binnen bedrijfskundige, juridische of technische opleidingen een belangrijke stimulans zijn om het bewustzijn en de kennis op het gebied van normalisatie te verbreden. De Commissie zal de organisatie van universiteitsdagen over normalisatie bevorderen om het bewustzijn onder wetenschappers en studenten te vergroten. Platforms van wetenschappers die actief zijn op het gebied van normalisatie, waaronder de EU Academy van de Commissie 15 , kunnen fungeren als forum voor uitwisseling en stimulering bij de ontwikkeling van onderwijsmodules.

Meer contacten binnen regio’s en clusters kunnen effectieve manieren zijn om kennis over normalisatie te bevorderen en de ontwikkeling van deskundigheid op het gebied van normalisatie door school- en beroepsopleidingen te stimuleren. Er schuilt potentieel in prenormatieve activiteiten in het kader van EU-financieringsprogramma’s, waarbij onderzoekers belangrijke kennis vergaren die aan de ontwikkeling van normen zou kunnen bijdragen. Tot op heden zijn er geen initiatieven geweest om dergelijke kennis van onderzoekers te benutten; de Commissie zal een eerste stap in die richting nemen door een speciaal onderzoeksnetwerk over normen in het kader van de samenwerking inzake wetenschap en technologie (COST, Cooperation in Science and Technology) te onderzoeken.

De Commissie zal:

·universiteitsdagen over normalisatie organiseren om wetenschappers en studenten beter voor te lichten over normalisatie;

·initiatieven ontplooien voor jonge onderzoekers en netwerken uit Horizon Europa en het Euratom-onderzoeks- en opleidingsprogramma, waaronder de COST-organisatie, om onderzoek en innovatie te benutten via normalisatie en prenormatief onderzoek;

·het platform van de EU Academy van de Commissie gebruiken voor de verspreiding van opleidingsmateriaal over normalisatie in de vorm van elearning; de ontwikkeling en verspreiding van academische onderwijsmodules over normalisatie binnen het forum op hoog niveau bevorderen om jonge professionals op het gebied van normalisatie aan te trekken en op te leiden en omscholingskansen te bevorderen.

VII.De weg vooruit — toekomst van het Europese normalisatiesysteem

Normen zijn geen doel op zich. Zij maken deel uit van beleidsdoelstellingen voor industrieel concurrentievermogen, vrij verkeer van goederen en diensten op de interne markt, innovatie, veiligheid, bescherming van de consument, de werknemers en het milieu, maar ook voor open strategische autonomie en een klimaatneutrale, veerkrachtige en circulaire economie. Het is daarom van het allergrootste belang dat normen bruikbaar, effectief en nuttig zijn in industriële waardeketens, ook bij kmo’s en maatschappelijke partijen.

De EU is in staat om een pioniersrol te vervullen, voorop te gaan bij internationale normalisatie en haar samenwerking met andere gelijkgezinde internationale partners te benutten, met name waar het gaat om toekomstige technologiegebieden van strategisch belang. Daarom is de Commissie vastbesloten om het Europese normalisatiesysteem functioneler en wendbaarder te maken, om de normen te ontwikkelen die onze industrieën concurrerender maken, om het openbaar belang van de EU te dienen, duurzaamheid te bevorderen en om democratische waarden te behouden en te versterken.

Een transparant normalisatieproces draagt ertoe bij dat bottlenecks in de ontwikkeling van normen worden weggenomen en maakt het Europese normalisatiesysteem doelmatiger. Door transparantie zullen daarnaast publieke en private partijen een beter beeld krijgen van de huidige lacunes en de toekomstige behoefte aan normen.

Inzet en geregelde bijdragen van alle relevante partijen — waaronder de interinstitutionele partners, Europese normalisatieorganisaties, het maatschappelijk middenveld, de industrie en de academische wereld — en de effectiviteit van “checks and balances” zullen cruciaal zijn voor het succes van het Europese normalisatiesysteem.

Met deze strategie versterkt de Commissie de rol van de EU als mondiaal koploper bij de ontwikkeling van normen, worden de waarden van de EU ondersteund en krijgen industrieën een concurrentievoordeel.

De Commissie zal:

·samen met het jaarlijkse werkprogramma van de Unie en het voortschrijdend plan voor ict-normalisatie over Europese normalisatie een jaarlijks dashboard publiceren over voorgenomen, lopende en voltooide normalisatie-activiteiten voor meer transparantie in het Europese normalisatiesysteem.

(1)

https://ec.europa.eu/info/law/better-regulation/have-your-say/initiatives/13099-Normalisatiestrategie/feedback_nl?p_id=25976796

(2)

COM(2021) 350 final.

(3)

Waaronder consumentenorganisaties en ecologische en maatschappelijke belanghebbenden.

(4)

Binnen het forum kunnen nationale instanties standpunten en ervaringen uitwisselen over de manier waarop de belangrijkste belemmeringen voor het gebruik van veiligheidsonderzoek kunnen worden weggenomen, en het forum moet een samenhangende en strategische benadering van beleidsvorming op het gebied van veiligheidsonderzoek in de EU ondersteunen.

(5)

Verslag van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad over de uitvoering van Verordening (EU) nr. 1025/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2012 betreffende Europese normalisatie, SWD(2022) xxx.

(6)

Arrest van het Hof van 27 oktober 2016, C‑613/14, ECLI:EU:C:2016:821 .

(7)

Verordening (EU) 2019/1009 inzake bemestingsproducten, Verordening (EU) 2017/745 betreffende medische hulpmiddelen, Verordening (EU) 2017/746 van het Europees Parlement en de Raad van 5 april 2017 betreffende medische hulpmiddelen voor in-vitrodiagnostiek, Richtlijn (EU) 2016/2102 van het Europees Parlement en de Raad van 26 oktober 2016 inzake de toegankelijkheid van de websites en mobiele applicaties van overheidsinstanties en Verordening (EU) 2019/881, de cyberbeveiligingsverordening.

(8)

Artificiële intelligentie (COM/2021/206), batterijen (COM/2020/798), machineproducten (COM(2021) 202), waterstof- en gasmarkt (COM(2021) 804).

(9)

Zie ook de analyse in het strategisch prognoseverslag van de Commissie (2021).

(10)

Bv. 3GPP, OneM2M, IETF, IEEE, W3C, OASIS, ECMA International en UN/CEFACT.

(11)

 Verklaring van de ministers voor digitale technologie van de G7 (28 april 2021).

(12)

JOIN(2020) 18.

(13)

COM(2021) 70 final

(14)

JOIN(2021) 30.

(15)

https://academy.europa.eu/

Top