Choose the experimental features you want to try

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Document 52020XG0616(01)

Conclusies van de Raad over het vormgeven van de digitale toekomst van Europa 2020/C 202 I/01

ST/8711/2020/INIT

PB C 202I van 16.6.2020, pp. 1–12 (BG, ES, CS, DA, DE, ET, EL, EN, FR, GA, HR, IT, LV, LT, HU, MT, NL, PL, PT, RO, SK, SL, FI, SV)

16.6.2020   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

CI 202/1


Conclusies van de Raad over het vormgeven van de digitale toekomst van Europa

(2020/C 202 I/01)

DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

HERINNEREND AAN:

de conclusies van de Raad over het belang van 5G voor de Europese economie en de noodzaak om de veiligheidsrisico's in verband met 5G te beperken,

de conclusies van de Raad over de toekomst van een sterk gedigitaliseerd Europa na 2020: “Versterking van het digitale en economische concurrentievermogen in de hele Unie en van de digitale cohesie”,

de conclusies van de Raad over het opbouwen van capaciteit en vermogens op het gebied van cyberbeveiliging in de EU,

de conclusies van de Raad over het versterken van Europese inhoud in de digitale economie,

de mededeling van de Commissie “De digitale toekomst van Europa vormgeven”,

de mededeling van de Commissie “Een Europese datastrategie”,

het Witboek over artificiële intelligentie — Een Europese benadering op basis van excellentie en vertrouwen,

de mededeling van de Commissie “Uitrol van beveiligde 5G in de EU — Uitvoering van de EU-toolbox”,

de mededeling van de Commissie “Een sterk sociaal Europa voor rechtvaardige transities”,

de mededeling van de Commissie “Een nieuwe industriestrategie voor Europa”,

de mededeling van de Commissie “Een kmo-strategie voor een duurzaam en digitaal Europa”,

de mededeling van de Commissie “Een nieuw actieplan voor een circulaire economie “Voor een schoner en concurrerender Europa””,

de mededeling van de Commissie “De Europese Green Deal”,

de mededeling van de Commissie “Connectiviteit voor een competitieve digitale eengemaakte markt — Naar een Europese gigabitmaatschappij”,

de mededeling van de Commissie “Gezamenlijk Europees stappenplan voor de opheffing van de inperkingsmaatregelen in verband met COVID‐19”,

de aanbeveling van de Commissie over een gemeenschappelijke toolbox voor het gebruik van technologie en gegevens om de COVID‐19-crisis te bestrijden en te boven te komen, met name wat mobiele applicaties en het gebruik van geanonimiseerde mobiliteitsgegevens betreft,

de mededeling van de Commissie “Richtsnoeren in verband met gegevensbescherming voor apps ter ondersteuning van de bestrijding van de COVID‐19-pandemie”,

1.   

IS ZICH BEWUST VAN het belang van digitale technologieën bij de transformatie van de Europese economie en samenleving, in het bijzonder als een middel voor het tot stand brengen van een klimaatneutrale EU in 2050 — zoals onderstreept in de Europese Green Deal — en voor het scheppen van banen, het bevorderen van onderwijs en nieuwe digitale vaardigheden, het vergroten van concurrentievermogen en innovatie, het propageren van het algemeen belang en het bevorderen van een betere inclusie van burgers; IS INGENOMEN MET het recente digitale pakket van de Europese Commissie: de mededelingen over het vormgeven van de digitale toekomst van Europa en over de Europese datastrategie, en het Witboek over artificiële intelligentie — Een Europese benadering op basis van excellentie en vertrouwen;

2.   

IS HET EROVER EENS dat Europa beschikt over de troeven en sterke punten, waaronder een robuuste industriële basis en een dynamische gedigitaliseerde eengemaakte markt, om met succes de kansen te grijpen en de uitdagingen aan te gaan die de digitale sector te wachten staan, en tegelijkertijd te zorgen voor de inclusiviteit, met name voor de meest kwetsbare groepen, de duurzaamheid, het geografisch evenwicht en de voordelen ervan voor alle lidstaten, met volledige eerbiediging van de gemeenschappelijke waarden van de EU en de grondrechten; VRAAGT de Commissie, de lidstaten, de particuliere sector, het maatschappelijk middenveld en de wetenschappelijke wereld om deze inspanningen te ondersteunen en mee te leveren; ERKENT dat, met het oog op de doeltreffendheid van deze maatregelen, rekening moet worden gehouden met de specifieke situatie van de Europese ultraperifere gebieden, waarbij ervoor moet worden gezorgd dat de digitale transformatie over het gehele grondgebied wordt gespreid;

3.   

IS HET EROVER EENS dat een versnelling van de digitale transformatie een essentieel onderdeel zal zijn van de respons van de EU op de economische crisis die wordt veroorzaakt door de COVID‐19-pandemie, zoals werd benadrukt in de gezamenlijke verklaring van de leden van de Europese Raad van 26 maart;

4.   

ONDERSTREEPT dat de lidstaten en de EU-instellingen hun inspanningen moeten blijven opvoeren om de digitalisering te bevorderen van de eengemaakte markt, waar de digitale economie wordt gekenmerkt door een hoge mate van vertrouwen, beveiliging, veiligheid en vrije keuze voor de consumenten, alsmede een sterk concurrentievermogen op basis van een kader dat transparantie, concurrentie en innovatie bevordert en technologieneutraal is; VERZOEKT de Commissie een gerichte, flexibele, op feiten gebaseerde en oplossingsgerichte benadering te hanteren om ongerechtvaardigde grensoverschrijdende belemmeringen aan te pakken en te zorgen voor consistentie en samenhang met de bestaande wetgeving bij het formuleren van het nieuwe kader voor de digitale toekomst van Europa;

5.   

BENADRUKT het belang, in de post-crisisomgeving, van bescherming en versterking van de digitale soevereiniteit in de EU en van leiderschap in strategische internationale digitale waardeketens als sleutelelementen om te zorgen voor strategische autonomie, mondiaal concurrentievermogen en duurzame ontwikkeling, en van bevordering van gemeenschappelijke waarden van de EU, transparantie, de mensenrechten en de fundamentele vrijheden op het internationale toneel, en het streven naar internationale samenwerking met de publieke en de particuliere sector en de wetenschappelijke wereld; ONDERKENT in dit verband het belang van de bijdrage van O&I aan de vormgeving van de digitale toekomst van Europa en de cruciale rol ervan bij de ontwikkeling van de volgende generatie digitale technologieën;

6.   

WIJST OP de aanzienlijke impact die de digitale transformatie zal blijven hebben op de Europese arbeidsmarkt, met name wat betreft het wijzigen van de vraag naar vaardigheden en het geleidelijk afschaffen van bepaalde soorten banen en het creëren van nieuwe banen; VERZOEKT de Commissie rekening te houden met het beleid en de initiatieven van de EU op het gebied van de arbeidsmarkt en de sociale bescherming, teneinde tot de synergie daarvan met het digitale beleid en de digitale initiatieven te komen;

7.   

IS HET EROVER EENS dat de verwezenlijking van deze doelstellingen een substantiële impuls aan en een bredere coördinatie van investeringen vereist, in samenhang met het herstelplan van de EU, zowel op EU- als op nationaal niveau, waarbij met name aandacht moet worden besteed aan infrastructuurprojecten met een grote impact, waarmee Europa een voortrekkersrol kan spelen op het gebied van mondiale digitale waardeketens, innovatie en creativiteit; WIJST OP het cruciale belang van het programma Digitaal Europa bij het opbouwen en uitrollen, op een voldoende universele schaal, van digitale capaciteit in de hele Unie, met name voor artificiële intelligentie, high-performance computing, cyberbeveiliging en geavanceerde digitale vaardigheden, ten behoeve van burgers en bedrijven, en van de Connecting Europe Facility (Digital) om te zorgen voor een EU-brede uitrol van gigabitnetwerken en inclusieve toegang tot geavanceerde digitale infrastructuren met zeer hoge capaciteit in alle waardeketens; ONDERKENT eveneens de belangrijke bijdrage van het toekomstige Horizon Europa en de structuurfondsen aan de digitale transformatie; BENADRUKT dat voor deze programma's voldoende middelen moeten worden uitgetrokken; MOEDIGT de lidstaten AAN de nodige hervormingen door te voeren en de nodige middelen te bundelen, in de post-crisiscontext, om de vruchten van de digitalisering te plukken en het concurrentievermogen van onze industrie, op Europees, nationaal en regionaal niveau, te versterken; MERKT OP dat satellieten en andere in de ruimte gestationeerde activa en diensten van essentieel belang zijn voor de uitvoering en werking van tal van digitale toepassingen en voor het leveren van connectiviteit in afgelegen gebieden en het monitoren van milieu- en klimaatveranderingen. Daarom is het van cruciaal belang de Europese ruimtevaartprogramma's te blijven bevorderen om de best mogelijke randvoorwaarden voor de digitale transformatie te verkrijgen;

8.   

ERKENT de essentiële rol die digitale technologieën, zoals breedbandnetwerken met zeer hoge capaciteit, blockchain, artificiële intelligentie en high-performance computing, spelen bij de toepassing van COVID‐19-maatregelen, met name op het gebied van telewerken, leren op afstand en onderzoek; ONDERSTREEPT hoe belangrijk het is dat de EU op betrouwbare digitale instrumenten kan steunen en autonome technologische keuzes kan maken om de Europese burgers in dit verband beter te beschermen;

9.   

IS INGENOMEN MET de richtsnoeren van de Commissie in verband met gegevensbescherming voor apps ter ondersteuning van de bestrijding van de COVID‐19-pandemie en de aanbeveling van de Commissie over een gemeenschappelijke toolbox voor het gebruik van technologie en gegevens om de COVID‐19-crisis te bestrijden en te boven te komen, met name wat mobiele applicaties en het gebruik van geanonimiseerde en geaggregeerde mobiliteitsgegevens betreft; VRAAGT om specifieke aandacht voor de kwestie van de toegang tot en de interoperabiliteit van besturingssystemen, die in de huidige COVID‐19-crisis van cruciaal belang is gebleken;

10.   

ROEPT de lidstaten en de Commissie OP de ervaringen die zijn opgedaan bij de COVID‐19-pandemie, grondig te analyseren om conclusies te trekken voor de toekomst die vorm zullen geven aan de uitvoering van het huidige en toekomstige beleid van de Unie op digitaal gebied; ERKENT de waarde van grensoverschrijdende informatie-uitwisseling in real time, digitale communicatie en internationale coördinatie met betrekking tot de COVID‐19-respons; BENADRUKT de waarde van internetgerelateerde technologieën bij het onderhouden van dialoog, commerciële activiteiten en diensten terwijl het openbare leven beperkt is; WIJST EROP dat internetgerelateerde diensten de mogelijkheid bieden om de negatieve gevolgen voor het bedrijfsleven, met name kleine en middelgrote ondernemingen, te verminderen;

Data en cloud

11.

ERKENT het belang van de data-economie als essentiële factor voor het floreren van Europa in het digitale tijdperk en WIJST OP de uitdagingen die voortvloeien uit de significante toename van het aantal beschikbare gegevens, in het bijzonder als resultaat van geconnecteerde producten; ONDERSTREEPT dat de Europese data-economie moet worden ontwikkeld op een wijze waarin de mens centraal staat en in overeenstemming met de gemeenschappelijke waarden van de EU, de mensenrechten en de fundamentele vrijheden, die zijn gebaseerd op de belangen van de Europese burgers en bedrijven, en in overeenstemming met de rechten inzake privacy en gegevensbescherming, het mededingingsrecht en intellectuele-eigendomsrechten; BEKLEMTOONT dat personen, werknemers en bedrijven in Europa de controle over hun gegevens moeten behouden, op basis van veilige data-infrastructuren en veerkrachtige, betrouwbare waardeketens, zonder dat aan het EU-beginsel van openheid ten aanzien van derde landen wordt geraakt. Dit moet Europa's autonomie versterken en Europa tot de beste plek in de wereld maken voor het delen, beschermen, opslaan en gebruiken van gegevens;

12.

ERKENT dat, om een kritische massa te bereiken en succesvol te zijn in de data-economie, Europa, met name door te zorgen voor adequate infrastructuur, prioriteit moet geven aan het samenvoegen en delen van gegevens tussen overheidsdiensten, tussen bedrijven, tussen onderzoeksinstellingen, en tussen bedrijven en publieke en onderzoeksinstellingen, met behoud/verbetering van de privacy en met inachtneming van het bedrijfsgeheim en de intellectuele-eigendomsrechten; ONDERSTREEPT dat openwetenschapsbeginselen en de aanbevelingen van de Research Data Alliance nuttig zijn om de besluitvormende autoriteiten te ondersteunen bij het bevorderen van een flexibele gemeenschappelijke aanpak voor de verzameling, verwerking en beschikbaarheid van gegevens; VERWELKOMT in dit verband de ontwikkeling van de Europese openwetenschapscloud (EOSC);

13.

IS INGENOMEN met het voornemen van de Commissie om zich te beraden op de ontwikkeling van een consistent horizontaal kader voor de toegang tot en het gebruik van gegevens door zowel de particuliere als de publieke sector in de hele EU, dat in het bijzonder gebaseerd moet zijn op het verlagen van de transactiekosten voor vrijwillig delen en bundelen van gegevens, onder meer door normalisatie met het oog op een betere gegevensinteroperabiliteit; ROEPT de Commissie OP om met concrete voorstellen voor gegevensbeheer te komen en om de ontwikkeling van gemeenschappelijke Europese gegevensruimten voor strategische industriële sectoren en domeinen van openbaar belang, waaronder gezondheidszorg, milieu, openbaar bestuur, de maakindustrie, landbouw, energie, mobiliteit, financiële diensten en vaardigheden, te stimuleren; ONDERSTREEPT dat de gemeenschappelijke Europese gegevensruimten moeten berusten op een gezamenlijke inspanning van de publieke en de particuliere sector teneinde ervoor te zorgen dat alle betrokken partijen kwaliteitsvolle gegevens verstrekken;

14.

ONDERSTREEPT dat verbreding van de toegang tot en het gebruik van gegevens een aantal uitdagingen met zich mee kan brengen, onder meer ontoereikende gegevenskwaliteit, bevooroordeelde gegevens en problemen met gegevensbescherming en ‐beveiliging, of onbillijke contractuele voorwaarden, die allemaal op alomvattende wijze moeten worden aangepakt met passende beleidsinstrumenten; SPOORT de Commissie en de lidstaten derhalve AAN concrete stappen te zetten om deze uitdagingen aan te gaan, overeenkomstig het bestaande recht van de Unie en de lidstaten, zoals de AVG, en rekening houdend met de FAIR-beginselen (Findable, Accessible, Interoperable and Reusable — vindbaar, toegankelijk, interoperabel en herbruikbaar);

15.

BENADRUKT de waarde van het gebruik en het hergebruik in de economie van openbare en bedrijfsgegevens, en het belang van het gebruik van gegevens voor het algemeen belang, onder meer voor betere beleidsvorming en slimmere gemeenschappen, voor het leveren van betere openbare diensten en voor onderzoek in het algemeen belang; STEUNT de Commissie in haar voornemen om zich te buigen over de mogelijkheden om het delen van gegevens tussen bedrijven en overheden te bevorderen, rekening houdend met de legitieme belangen van bedrijven in verband met gevoelige knowhow;

16.

SPOORT de Commissie AAN concrete maatregelen te nemen ter bevordering van de opkomst van nieuwe gegevensgestuurde ecosystemen; DRINGT er in dit verband bij de Commissie op AAN besprekingen te beginnen over de modaliteiten voor het waarborgen van eerlijke toegang tot en het gebruik van gegevens in privébezit, onder meer door het bevorderen van regelingen voor het delen van gegevens op basis van eerlijke, transparante, redelijke, evenredige en niet-discriminerende voorwaarden;

17.

ONDERSTREEPT dat cloudinfrastructuur en ‐diensten voor de digitale flexibiliteit, de soevereiniteit, de beveiliging, het onderzoek en het concurrentievermogen van Europa — en daarmee voor Europa — belangrijk zijn om ten volle profijt te trekken van de data-economie. Daarom moet de bescherming van kritieke Europese gegevens in dergelijke infrastructuren worden gewaarborgd; ROEPT OP tot het samenbrengen van betrouwbare, veilige en beveiligde Europese clouddiensten en capaciteit voor high-performance computing die de lidstaten op vrijwillige basis kunnen gebruiken; ONDERSTREEPT het belang van één Europese aanpak inzake “cloudfederatie”, die met name waardevol is voor kleine en zeer kleine ondernemingen en in gelijke mate toegankelijk moet zijn voor alle Europese belanghebbenden; BEKLEMTOONT ook dat de onderliggende infrastructuren voor hogecapaciteitsconnectiviteit, waaronder onderzeese kabels, die het Europese vasteland, eilanden en ultraperifere gebieden verbinden, die federatie op doeltreffende en efficiënte wijze moeten opbouwen; ONDERKENT de noodzaak van diversificatie en dus van samenwerking met aanbieders buiten de EU die de gemeenschappelijke waarden van de EU, de mensenrechten en de fundamentele vrijheden eerbiedigen;

18.

SPOORT de Commissie AAN om, waar nodig door middel van nieuwe voorstellen, ervoor te zorgen dat in Europa geleverde clouddiensten voldoen aan de essentiële vereisten inzake interoperabiliteit, overdraagbaarheid en beveiliging, onder meer om niet-afhankelijkheid van één aanbieder en evenwichtige, eerlijke en transparante contractuele voorwaarden voor de toegang van alle marktdeelnemers tot de cloudinfrastructuur en ‐diensten te waarborgen; VERZOEKT de Commissie vaart te zetten achter de totstandbrenging van een coherent kader inzake de toepasselijke regels voor en de zelfregulering van clouddiensten, in de vorm van een “rulebook voor de cloud”, teneinde de duidelijkheid te vergroten en de naleving te vergemakkelijken;

Artificiële intelligentie

19.

ERKENT dat artificiële intelligentie (AI) een snel evoluerende technologie is die kan bijdragen tot een meer innovatieve, efficiënte, duurzame en concurrerende economie, alsook tot een breed scala aan maatschappelijke voordelen, onder meer op het gebied van veiligheid en beveiliging van burgers, openbaar welzijn, onderwijs en opleiding, gezondheidszorg, en beperking van en aanpassing aan de klimaatverandering; BENADRUKT de positieve rol van AI bij de bestrijding van de COVID‐19-pandemie en STEUNT het snelle en innovatieve gebruik van AI-toepassingen in dit verband;

20.

WIJST er tegelijkertijd OP dat sommige AI-toepassingen een aantal risico's met zich mee kunnen brengen, zoals eenzijdige en ondoorzichtige besluiten die een impact hebben op het welzijn van burgers, de menselijke waardigheid of de grondrechten, waaronder het recht op non-discriminatie, gendergelijkheid, privacy, gegevensbescherming en fysieke integriteit, veiligheid en beveiliging, en aldus stereotypen en ongelijkheden kunnen reproduceren en versterken. Een van de andere risico's is misbruik voor criminele of kwaadaardige doeleinden, zoals desinformatie;

21.

ERKENT dat het gebruik van AI waar grondrechten in het geding zijn, moet worden onderworpen aan passende waarborgen, rekening houdend met de vereisten inzake gegevensbescherming en met andere grondrechten; BENADRUKT dat goed moet worden nagedacht over ethische, sociale en juridische aspecten om rechtsonzekerheid over de reikwijdte en de toepasbaarheid van nieuwe regels te voorkomen. Deze aspecten moeten rekening houden met kansen en risico's, het vertrouwen in AI versterken en innovatie bevorderen;

22.

SPOORT de Commissie en de lidstaten aan te ijveren voor een ethische en mensgerichte benadering van het AI-beleid; STEUNT de benadering van de Commissie en de lidstaten inzake excellentie en vertrouwen met als tweeledige doelstelling het bevorderen van het gebruik van AI door middel van een netwerk van digitale-innovatiehubs die het grondgebied van de EU bestrijken en het aanpakken van de risico's die verbonden zijn aan bepaalde toepassingen van deze technologie in een vroeg stadium, tijdens de ontwikkeling en de testfase, met bijzondere aandacht voor de toepassing van gezichtsherkenningstechnologieën en het gebruik van andere biometrische gegevens;

23.

IS INGENOMEN met de raadpleging over de beleidsvoorstellen in het witboek van de Commissie en het bijbehorende verslag over de gevolgen op het gebied van veiligheid en aansprakelijkheid, en ROEPT de Commissie OP met concrete voorstellen te komen, rekening houdend met de bestaande wetgeving, die vertrekken van een op risico gebaseerde en evenredige aanpak — en indien nodig regelgeving — inzake AI, onder meer een vrijwillige keurmerkenregeling die het vertrouwen bevordert en beveiliging en veiligheid waarborgt en anderzijds innovatie en het gebruik van de technologie stimuleert;

24.

MOEDIGT de lidstaten AAN de inspanningen op het gebied van onderzoek en ontwikkeling te blijven stimuleren, alsook het gebruik van betrouwbare AI in Europa als onderdeel van het gecoördineerd plan inzake artificiële intelligentie; VERZOEKT de Commissie om het gecoördineerd plan inzake artificiële intelligentie te beoordelen na afloop van de openbare raadplegingen over het Witboek over artificiële intelligentie;

Sleuteltechnologieën en digitale waardeketens

25.

ERKENT het belang van supercomputing, kwantumtechnologieën en cloudcomputing als katalysatoren voor technologische soevereiniteit, concurrentievermogen op mondiaal niveau en een succesvolle digitale transformatie, die de grondslag vormen voor prioritaire gebieden zoals AI, big data, blockchain, het internet der dingen en cyberbeveiliging;

26.

STEUNT de voortzetting van de Gemeenschappelijke Onderneming EuroHPC die erop gericht is in Europa een wereldwijd toonaangevend hypergeconnecteerd en federatief ecosysteem voor een HPC-diensten- en gegevensinfrastructuur te creëren, dat beschikbaar is voor zowel de wetenschappelijke wereld als het bedrijfsleven, en gerelateerde competenties te ontwikkelen met het oog op het verbreden van de toegang tot deze technologische middelen; VERZOEKT de Commissie de lidstaten te ondersteunen bij hun inspanningen om investeringen in HPC-infrastructuur te stimuleren en te voorzien in toegang voor kleine en middelgrote ondernemingen;

27.

ERKENT het belang van micro-elektronica die in Europa wordt gemaakt als essentiële onderliggende technologie voor een succesvolle digitale transformatie in tal van bedrijfstakken zoals de automobielsector, de maakindustrie, de luchtvaart, de ruimtevaart, defensie en veiligheid, de landbouw en de gezondheidszorg; ONDERSTREEPT het potentieel van veilige, beveiligde, duurzame en betrouwbare waardeketens voor hard- en software om het vertrouwen in Europese digitale technologieën mogelijk te maken en op te bouwen;

Cyberbeveiliging

28.

ONDERSTREEPT het belang van cyberbeveiliging als essentieel onderdeel van een gedigitaliseerde eengemaakte markt, aangezien dit zorgt voor vertrouwen in digitale technologie en het proces van digitale transformatie; ERKENT dat meer connectiviteit weliswaar digitale diensten versterkt, maar ook tot gevolg kan hebben dat burgers, bedrijven en overheden worden blootgesteld aan cyberdreigingen en ‐misdrijven die in aantal en vernuft toenemen; BENADRUKT in dit verband dat het belangrijk is de integriteit, de beveiliging en de veerkracht van kritieke infrastructuren en netwerken, diensten en eindapparatuur voor elektronische communicatie te waarborgen; IS HET ERMEE EENS dat er moet worden gezorgd voor en uitvoering moet worden gegeven aan een gecoördineerde aanpak om de voornaamste risico’s te beperken, zoals de lopende gezamenlijke werkzaamheden op basis van de EU-toolbox inzake 5G-cyberbeveiliging en de uitrol van beveiligde 5G in de EU; STEUNT verdere strategische, operationele en technische samenwerking tussen het Europese niveau en de lidstaten; ONDERSTREEPT dat cyberbeveiliging een gedeelde verantwoordelijkheid van alle spelers is, maar dat ingebouwde beveiliging door ontwerp en door standaardinstellingen een eerste voorwaarde is voor het vertrouwen van de gebruikers; PLEIT VOOR vrijwillige publiek-private samenwerking en BENADRUKT dat het van belang is de EU-burgers via programma's passende digitale vaardigheden aan te leren voor het beperken van cyberdreigingen;

29.

ERKENT de waarde van een versterking van het EU-vermogen om kwaadwillige cyberactiviteiten te voorkomen, te ontmoedigen, te bestrijden en te beantwoorden met behulp van haar kader voor een gezamenlijke diplomatieke EU-respons op kwaadwillige cyberactiviteiten (“EU-Instrumentarium voor cyberdiplomatie”);

30.

IS INGENOMEN MET de plannen van de Commissie om voor consistente regels voor marktdeelnemers te zorgen en beveiligde, robuuste en adequate informatie-uitwisseling over dreigingen en incidenten te faciliteren, onder meer door een evaluatie van de richtlijn inzake de beveiliging van netwerk- en informatiesystemen (NIS-richtlijn), zodat kan worden gezocht naar opties voor een betere cyberweerbaarheid en een effectievere respons op cyberaanvallen, met name voor essentiële economische en maatschappelijke activiteiten, met inachtneming van de bevoegdheden van de lidstaten, waaronder de verantwoordelijkheid voor hun nationale veiligheid;

31.

STEUNT de Commissie bij het versterken van de eengemaakte markt voor cyberbeveiligingsproducten, ‐diensten en ‐processen, aangezien een gedigitaliseerde eengemaakte markt alleen voluit kan groeien als er bij het publiek een algemeen vertrouwen leeft dat die producten, diensten en processen een adequaat niveau van cyberbeveiliging bieden. Minimumvereisten voor “internet der dingen”-producten zullen een minimumniveau van cyberbeveiliging voor bedrijven en consumenten garanderen; BENADRUKT in dit verband dat kleine en middelgrote ondernemingen ondersteund moeten worden, aangezien zij een essentiële bouwsteen van het Europese cyberbeveiligingsecosysteem zijn; ONDERSTREEPT dat verdere ontwikkeling nodig is van cyberbeveiligingsnormen en, waar passend, certificeringsregelingen voor ICT-producten, ‐diensten en ‐processen, op basis van Europese of internationale normen en in overeenstemming met de cyberbeveiligingsverordening; IS HET ERMEE EENS dat dit in belangrijke mate zal bijdragen aan het waarborgen van de veiligheid en beveiliging van op de markt gebrachte geconnecteerde producten, zonder de innovatie te belemmeren. Op beide gebieden moet het Agentschap van de Europese Unie voor cyberbeveiliging (Enisa) een belangrijke rol spelen bij het zorgen voor een hoog gemeenschappelijk niveau van cyberbeveiliging in de hele Unie; NEEMT NOTA van het voornemen van de Commissie om een gezamenlijke EU-cyberbeveiligingseenheid op te richten;

32.

STEUNT de inspanningen gericht op het vergroten van het technologische en industriële vermogen van de Unie om zichzelf te beschermen tegen cyberdreigingen door een impuls te geven aan onderzoeks- en innovatievermogens op het vlak van cyberbeveiliging om haar economie en kritieke infrastructuren autonoom te beveiligen en een wereldleider op de markt van cyberbeveiliging te worden; STEUNT de strategische en duurzame coördinatie en samenwerking tussen bedrijfstakken, onderzoeksgemeenschappen inzake cyberbeveiliging en overheden, de verbetering van civiel-militaire samenwerking, en de coördinatie en bundeling van investeringen in innovatie door cyberbeveiligingsondernemingen en startende ondernemingen zodat zij wereldwijd kunnen opschalen, zoals de lopende gezamenlijke werkzaamheden om een netwerk van nationale coördinatiecentra op te zetten, samen met het Europees kenniscentrum voor industrie, technologie en onderzoek op het gebied van cyberbeveiliging;

5G/6G en connectiviteit

33.

ONDERSTREEPT dat voor de verwezenlijking van de EU-doelstellingen op het gebied van de gigabitconnectiviteit in 2025 met beveiligde infrastructuren met zeer hoge capaciteit, zoals glasvezel en 5G, meer investeringen nodig zijn in netwerken die gigabitsnelheden kunnen aanbieden, die beschikbaar zijn voor alle huishoudens, in landelijke en stedelijke gebieden, ondernemingen en andere sociaal-economische actoren, alsook de belangrijkste Europese vervoerscorridors, als basis voor de Europese digitale economie en samenleving; VRAAGT de Commissie om de gigabitmededeling in die zin te verduidelijken en VERWELKOMT de financiering voor die doelstelling via financieringsprogramma's van de EU en de lidstaten in gebieden waar de markt tekortschiet; MOEDIGT de Commissie en de lidstaten AAN verder onderzoek te doen naar de houdbaarheid van alle bestaande breedbandtechnologieën die kunnen bijdragen aan de uitrol van netwerkinfrastructuren met zeer hoge capaciteit in heel Europa; ROEPT de Commissie OP de roamingverordening te evalueren, aanbevelingen te doen aan de lidstaten om de kosten van de uitrol van netwerken te verminderen en de uitrol van infrastructuren met zeer hoge capaciteit, onder meer glasvezel en 5G, te faciliteren; VRAAGT de Commissie voorts uiterlijk eind 2021 een pakket aanvullende maatregelen voor te stellen om de huidige en nieuwe behoeften wat betreft de uitrol van netwerken te ondersteunen, waaronder de richtlijn ter verlaging van de kosten voor breedband en een nieuw programma voor het radiospectrumbeleid, alsmede zo spoedig mogelijk de toepasselijke staatssteunregels inzake een gelijk speelveld te evalueren, met inbegrip van de breedbandrichtsnoeren van de Commissie, teneinde de nodige overheidsfinanciering te faciliteren, onder meer voor de uitrol van connectiviteit met hoge capaciteit in landelijke en afgelegen gebieden;

34.

ONDERSTREEPT dat de COVID‐19-pandemie heeft aangetoond dat snelle en alomtegenwoordige connectiviteit nodig is, maar dat deze in veel Europese regio's nog niet aanwezig is;

VRAAGT de Commissie en de lidstaten het investeringsklimaat te verbeteren, onder meer:

i)

via overheidsfinancieringsprogramma's, zo nodig op Europees niveau, ter ondersteuning van investeringen in digitale netwerkinfrastructuur met zeer hoge capaciteit, met name in landelijke gebieden;

ii)

door 5G-spectrumfrequenties uiterlijk eind 2020 toe te wijzen, rekening houdend met eventuele vertragingen als gevolg van de COVID‐19-pandemie, onder voorspelbare voorwaarden die bevorderlijk zijn voor investeringen;

iii)

door te zorgen voor effectieve en transparante processen die de versnelde uitrol van infrastructuren met zeer hoge capaciteit, onder meer glasvezel en 5G, mogelijk maken, en

iv)

door de relevante maatregelen tijdig uit te voeren in overeenstemming met de toolbox inzake 5G-cyberbeveiliging;

35.

VRAAGT de Commissie om een herzien actieplan voor 5G en 6G in te dienen, ondersteund met de nodige financieringsmaatregelen, op basis van financiering uit zowel het meerjarig financieel kader als het EU-herstelfonds. Deze stappen moeten het juiste kader scheppen om alle belanghebbenden in staat te stellen te investeren in de meest geavanceerde oplossingen voor 5G-netwerken en ‐diensten, in overeenstemming met de beginselen van het mededingingsrecht, en om Europese bedrijven te stimuleren technologische capaciteit in 6G te gaan ontwikkelen en opbouwen; ONDERKENT dat het beschermen van intellectuele eigendom belangrijk is om een impuls te geven aan investeringen in O&O, zodat de EU-industrie onverminderd kan deelnemen aan de ontwikkeling van sleuteltechnologie in 5G/6G; dat is namelijk noodzakelijk voor het bereiken van de connectiviteitsdoelstellingen van de EU voor 2025;

36.

BENADRUKT dat de uitrol van nieuwe technologieën, zoals 5G/6G, geen afbreuk mag doen aan het vermogen van de rechtshandhavingsinstanties, veiligheidsdiensten en het gerechtelijk apparaat om hun legitieme taken doeltreffend te kunnen uitvoeren; HOUDT REKENING met de internationale richtsnoeren over de gevolgen van elektromagnetische velden voor de gezondheid; BEKLEMTOONT het belang van de strijd tegen de verspreiding van onjuiste informatie over 5G-netwerken, met extra aandacht voor de valse beweringen dat die netwerken een bedreiging voor de gezondheid vormen of verband houden met COVID‐19;

37.

VRAAGT de lidstaten en de Commissie informatie uit te wisselen over beste praktijken en methodieken inzake de uitvoering van de relevante kernmaatregelen die in de toolbox inzake 5G-cyberbeveiliging worden aanbevolen, en met name om, voor essentiële activa die in de gecoördineerde EU-risicobeoordelingen zijn aangemerkt als kritiek en gevoelig, waar passend de relevante beperkingen toe te passen op aanbieders met een hoog risico. Alle potentiële aanbieders moeten worden beoordeeld op basis van gemeenschappelijke objectieve criteria; IS INGENOMEN MET het voornemen van de Commissie om, in samenwerking met de lidstaten, de aanbeveling inzake de cyberbeveiliging van 5G-netwerken te evalueren en VERZOEKT in dit verband de Commissie om een beoordeling van de toepassing van de toolbox beschikbaar te maken en, indien van toepassing, te zoeken naar verdere methodieken en instrumenten om mogelijke 5G-cyberbeveiligingsrisico's te beperken;

Milieuduurzaamheid

38.

ERKENT dat digitale infrastructuren, technologieën en toepassingen cruciale factoren zijn om klimaat- en milieugerelateerde uitdagingen aan te gaan in Europa, zoals is voorgesteld in de Europese Green Deal; ROEPT het digitale ecosysteem van Europa OP om zo spoedig mogelijk actief bij te dragen tot het verwezenlijken van de doelstelling van een klimaatneutrale EU; BENADRUKT dat de kloof tussen de groene en de digitale transformatie moet worden gedicht om het volledige potentieel van digitale technologieën voor milieu- en klimaatbescherming te ontsluiten, bijvoorbeeld via specifieke financieringsprogramma's;

39.

MOEDIGT de Commissie en de lidstaten AAN om de prognosecapaciteit inzake klimaat- en milieurisico’s te vergroten door gebruik te maken van speerpunttechnologieën, om de voortrekkersrol van de EU in de wereld ten volle te benutten; ROEPT de Commissie en de lidstaten OP om samen met het milieuprogramma van de Verenigde Naties het voortouw te nemen bij het opstellen van een mondiale strategie inzake milieugegevens tegen 2025;

40.

BEKLEMTOONT dat slimme digitale oplossingen in verschillende sectoren als hefboom moeten worden gebruikt, met name om prioritair energie-efficiënter te worden en om vaart te zetten achter de transitie naar een circulaire economie; IS INGENOMEN MET het voornemen van de Commissie om met digitale productpaspoorten te werken teneinde de traceerbaarheid en de uitwisseling van informatie over de gehele waardeketen mogelijk te maken;

41.

MERKT evenwel OP dat de ICT-sector momenteel in aanzienlijke mate bijdraagt tot een toenemend percentage van de wereldwijde broeikasgasemissies en dat de sterke toename van toepassingen de komende jaren tot een verdubbeling van de koolstofvoetafdruk kan leiden als er niet op gepaste wijze wordt ingegrepen; IS HET ER daarom OVER EENS dat de ICT-sector zelf zijn ecologische voetafdruk en broeikasgasemissies moet blijven verminderen; ONDERKENT de voorbeeldfunctie van openbare en particuliere digitale koplopers en MOEDIGT hen AAN hun ervaringen te delen; IS INGENOMEN MET het voornemen van de Commissie om maatregelen en een gedetailleerde effectbeoordeling voor te stellen om gegevenscentra en ‐netwerken uiterlijk in 2030 energie-efficiënter en klimaatneutraal te maken, onder meer door het promoten van innovatieve technologieën, maar ook aandacht te besteden aan bestaande systemen, en om digitale veroudering te voorkomen;

42.

IS HET ERMEE EENS DAT consumenten informatie moeten ontvangen over de koolstofvoetafdruk van apparaten, en dat zij een ruimer recht moeten krijgen op een vlotte en betaalbare herstelling van apparaten en op automatische software-updates binnen een redelijke termijn; SPOORT de lidstaten AAN capaciteit voor het herstellen, demonteren en recyclen van elektronica op te bouwen en de nieuwe criteria voor groene overheidsopdrachten voor gegevenscentra en clouddiensten op te nemen in hun nationale actieplannen voor overheidsopdrachten; STIMULEERT het gebruik van producten voor hergebruik of gerecycleerde materialen via het aanbestedingsbeleid van de lidstaten en de EU-instellingen;

e-Gezondheidszorg

43.

ONDERKENT dat de COVID‐19-crisis aantoont hoe belangrijk de digitale transformatie van de gezondheidszorg is en hoe waardevol ze is voor het versterken van de veerkracht van de gezondheidsstelsels en de respons ervan op de pandemie; ONDERSTREEPT dat de ontwikkeling van een Europese ruimte voor gezondheidsgegevens door de Commissie samen met de gezondheidsinstanties van de lidstaten mogelijkheden biedt om de ontwikkeling van effectieve preventie, diagnoses, behandelingen en zorg te ondersteunen. Ook zou die kunnen zorgen voor meer kosteneffectiviteit en optimaliseringen van de werkstromen in de gezondheidszorg, en op die manier leiden tot betere gezondheidsresultaten voor patiënten, betere epidemiologische toezichtssystemen en de houdbaarheid van de gezondheidszorgstelsels op langere termijn; IS HET EROVER EENS dat de Europese ruimte voor gezondheidsgegevens doel- en kwaliteitsgericht moet zijn. Dit vereist een gemeenschappelijke interpretatie van het gebruik van gezondheidsgegevens die spoort met het internationale, uniale en nationale recht en conform is met de specifieke hoge eisen wat betreft de bescherming van persoonlijke gezondheidsgegevens;

44.

HERINNERT ERAAN, in de context van de nasleep van de COVID‐19-crisis, dat mobiele applicaties ter ondersteuning van het opsporen en waarschuwen van contacten alle garanties moeten bieden inzake de eerbiediging van de grondrechten, met name wat betreft bescherming van persoonsgegevens en de persoonlijke levenssfeer, en interoperabel moeten zijn over de grenzen heen, overeenkomstig de met Commissiesteun opgestelde richtsnoeren; ROEPT daartoe de lidstaten OP te voorzien in krachtige waarborgen, overeenkomstig de mededeling van de Commissie over een Europees stappenplan om de maatregelen voor de inperking van het coronavirus op te heffen;

45.

VERZOEKT de lidstaten de krachten te bundelen voor een EU-brede inspanning voor het opschalen van de investeringen in en de uitrol van systemen die een beveiligde en betrouwbare toegang verschaffen tot gezondheidsgegevens binnen en over de grenzen heen, met name door onderzoek te doen naar de mogelijkheden om een Europees uitwisselingsformaat voor elektronische patiëntendossiers te ontwikkelen dat zal helpen om de versnippering en het gebrek aan interoperabiliteit weg te werken, en door steun te verlenen aan initiatieven voor Europese richtsnoeren en het onderling afstemmen van e‐gezondheidsstrategieën in het Europees e‐gezondheidsnetwerk; daarbij moet worden gezorgd voor volledige naleving van de specifieke hoge eisen voor de bescherming van persoonlijke gezondheidsgegevens; MERKT OP dat daarnaast, om gepersonaliseerde en preventieve geneeskunde te bevorderen, aanzienlijke inspanningen nodig zijn om de uitwisseling van gezondheidsgegevens voor onderzoeksdoeleinden mogelijk te maken;

Wet inzake digitale diensten

46.

IS VERHEUGD OVER het voornemen van de Commissie om de regels voor digitale diensten te versterken, te moderniseren en te verduidelijken door een wetgevingspakket digitale diensten en BENADRUKT dat op dit gebied snel actie moet worden ondernomen;

47.

MERKT OP dat de platformeconomie een belangrijk onderdeel van de eengemaakte markt is, aangezien zij Europese bedrijven en consumenten over de nationale grenzen heen met elkaar verbindt, handel, ondernemerschap en nieuwe bedrijfsmodellen mogelijk maakt en de keuze van goederen en diensten voor de consument vergroot; ERKENT dat de omvang en diversiteit van nieuwe digitale bedrijfsmodellen en diensten in de loop der tijd aanzienlijk zijn veranderd en dat bepaalde diensten nieuwe uitdagingen met zich mee hebben gebracht die niet altijd door het bestaande regelgevingskader worden gedekt; WIJST OP de belangrijke voordelen die de richtlijn inzake elektronische handel heeft gebracht op het gebied van rechtszekerheid, grensoverschrijdende handel en groei van digitale diensten;

48.

BEKLEMTOONT de noodzaak van duidelijke en geharmoniseerde empirisch onderbouwde regels inzake verantwoordelijkheden en verantwoordingsplicht voor digitale diensten, die internettussenpersonen een passend niveau van rechtszekerheid zouden bieden; BENADRUKT dat de Europese vermogens en de samenwerking van nationale autoriteiten versterkt moeten worden om zo de grondbeginselen van de eengemaakte markt in stand te houden en te versterken, en dat de veiligheid van de burgers verbeterd moet worden en hun rechten in de digitale wereld in de hele eengemaakte markt moeten worden beschermd;

49.

BENADRUKT dat er doeltreffende en evenredige maatregelen nodig zijn tegen illegale onlineactiviteiten en online-inhoud, waaronder de verspreiding van illegale, vervalste en gevaarlijke goederen, maar dat de bescherming van de grondrechten — met name de vrijheid van meningsuiting — in een open, vrij en beveiligd internet moet worden gewaarborgd; ONDERKENT dat moet worden opgetreden tegen de onlineverspreiding van haatzaaiende uitlatingen en desinformatie;

50.

ONDERKENT dat bepaalde zeer grote onlineplatforms kleinere bedrijven zichtbaarheid en markttoegang bieden. Zij beschikken zo evenwel ook over tal van troeven, waaronder enorme hoeveelheden gegevens, waardoor ze poortwachters binnen de digitale economie kunnen worden. Dat dreigt het voor nieuwe innovatoren moeilijker te maken om de markt te betreden, en de keuze voor consumenten te beperken; VERWELKOMT de permanente evaluatie en toetsing van de geschiktheid van de EU-mededingingsregels voor het digitale tijdperk en de start van een sectoraal onderzoek door de Commissie; STAAT ACHTER het voornemen van de Commissie om deze kwestie te documenteren en de ex‐anteregels verder te onderzoeken om ervoor te zorgen dat markten die worden gekenmerkt door grote platforms met significante netwerkeffecten die als poortwachters fungeren, eerlijk en toegankelijk blijven voor innovatoren, bedrijven en nieuwkomers op de markt;

Mediabeleid

51.

STEUNT het plan om een toekomstbestendig mediabeleid te versterken door vrije en betrouwbare media te bevorderen. Kwaliteitsjournalistiek, een divers, duurzaam en onafhankelijk medialandschap, transparantie en het gericht bevorderen van mediawijsheid zijn van bijzonder belang in het digitale transformatieproces en van cruciaal belang voor de Europese democratie, en helpen tegelijk de verspreiding van online nepnieuws en desinformatie tegen te gaan. Bij deze inspanning moet ook rekening worden gehouden met het culturele en creatieve potentieel teneinde Europese content te versterken. Dit omvat ook de verdere uitwerking van het programma Creatief Europa, dat via het Media-programma innovatieve audiovisuele projecten moet ondersteunen;

Elektronische identificatie- en vertrouwensdiensten, overheidsdiensten, normen en blockchain

52.

ERKENT dat oplossingen voor het beheer van digitale identiteits- en vertrouwensdiensten (elektronische handtekeningen, zegels, tijdstempels, geregistreerde leveringsdiensten en website-authenticatie) niet alleen van essentieel belang zijn voor de gedigitaliseerde eengemaakte markt, maar ook mee vorm zullen geven aan de samenleving van de toekomst; VERZOEKT de Commissie de bestaande wetgeving te evalueren, onder meer om een betrouwbaar, gemeenschappelijk, interoperabel en technologisch neutraal kader voor de digitale identiteit te creëren, waarbij het concurrentievoordeel van Europese ondernemingen veilig wordt gesteld en de gemeenschappelijke waarden van de EU en de grondrechten worden beschermd, zoals de bescherming van persoonsgegevens en de persoonlijke levenssfeer [...]; ROEPT in dit verband de Commissie OP voorstellen te overwegen voor het verder uitwerken van het huidige kader voor grensoverschrijdende identificatie en authenticatie op basis van de eIDAS-verordening richting een kader voor een Europese digitale identiteit, wat de lidstaten ertoe zou aanzetten om op ruime schaal bruikbare, veilige en interoperabele digitale identiteiten ter beschikking te stellen van alle Europeanen voor veilige onlinetransacties met de overheid en met particulieren; BENADRUKT dat de COVID‐19-crisis heeft aangetoond dat er behoefte is aan een snelle ontwikkeling van online openbare diensten die burgers in staat stellen om op afstand met de overheid te handelen;

53.

ERKENT dat een snelle en alomvattende digitale transformatie van overheidsdiensten op alle niveaus een essentieel onderdeel is van de gedigitaliseerde eengemaakte markt en de strategie voor crisisherstel, alsook een motor voor nieuwe en innovatieve technologische oplossingen voor openbare diensten en maatschappelijke uitdagingen; ERKENT dat de maturiteit en de kwaliteit van de gegevens van land tot land verschillen, en dat dit gevolgen heeft voor de mogelijkheden om grensoverschrijdende diensten te verstrekken; VERZOEKT de Commissie daarom een aangescherpt EU-beleid inzake digitaal bestuur voor te stellen, met oog voor de digitale inclusie van alle burgers en particuliere actoren, om te zorgen voor coördinatie en steun voor de digitale transformatie van overheidsdiensten in alle lidstaten van de EU, onder meer via interoperabiliteit en gemeenschappelijke normen voor beveiligd en grenzeloos verkeer van overheidsgegevens en –diensten; ERKENT dat overheidsdiensten er als bijkomende verantwoordelijkheid voor moeten zorgen dat burgers gelijk worden behandeld en dezelfde toegangsrechten tot digitaal bestuur genieten;

54.

ERKENT dat de toegang tot de rechter in de hele EU kan worden gefaciliteerd en verbeterd door de rechtsstelsels van de lidstaten te digitaliseren; ROEPT de Commissie OP de digitale grensoverschrijdende uitwisselingen tussen de lidstaten zowel in straf- als in burgerlijke zaken te faciliteren en ervoor te zorgen dat de daartoe ontwikkelde technische oplossingen duurzaam zijn en verder worden uitgewerkt;

55.

ERKENT het belang van normalisatie als strategisch instrument ter ondersteuning van het Europese digitaal en industriebeleid; IS INGENOMEN met het voornemen van de Commissie om een strategie voor normalisatie te ontwikkelen die een gelijk speelveld en interoperabiliteit mogelijk maakt, teneinde het Europese normalisatiesysteem en de governance ervan te versterken en ervoor te zorgen dat de EU over de instrumenten beschikt om Europese technologienormen op mondiaal niveau te bepalen en te propageren, onder meer ter bevordering van het ecologisch ontwerp van digitale diensten en apparatuur, en om de betrokkenheid van Europese actoren in mondiale normalisatiefora, met de steun van de Europese normalisatie-instellingen en het Enisa, te stimuleren; ERKENT dat rekening moet worden gehouden met gevestigde internationale normen en reeds lang bestaande sectorale praktijken;

56.

ERKENT dat de EU en de lidstaten moeten onderzoeken welke mogelijkheden blockchaintechnologie kan bieden voor de burgers, de maatschappij en de economie, onder meer inzake duurzaamheid, een betere werking van de openbare diensten en de traceerbaarheid van producten, teneinde de veiligheid te waarborgen via betrouwbare gedecentraliseerde gegevensuitwisselingen en –transacties; ZIET UIT naar de blockchainstrategie die de Commissie weldra uitbrengt en die tot doel heeft het Europese leiderschap op dit gebied te versterken;

Vaardigheden en onderwijs

57.

MERKT OP dat de EU geconfronteerd wordt met een toenemende vraag vanuit alle sectoren naar werknemers met elementaire digitale vaardigheden, alsook met een tekort van één miljoen ICT-professionals, wat het digitale ontwikkelingspotentieel van de EU dreigt te belemmeren; ROEPT de lidstaten en de Commissie OP maatregelen te nemen om burgers elementaire digitale vaardigheden aan te leren en het genoemde tekort in 2025 te halveren, rekening houdend met de specifieke kenmerken van de lidstaten;

58.

BENADRUKT dat de COVID‐19-pandemie niet alleen de noodzaak van digitale vaardigheden heeft aangetoond, maar de burgers ook gemotiveerd heeft om die vaardigheden te verwerven met het oog op telewerken en andere manieren van digitale betrokkenheid, bijvoorbeeld het gebruik van digitale onderwijsmethoden wegens de sluiting van scholen en universiteiten tijdens de pandemie;

59.

ROEPT de lidstaten, in samenwerking met de Commissie, en de particuliere sector OP alle nodige maatregelen te nemen om de beroepsbevolking zodanig om te scholen en bij te scholen dat ze klaar is voor het digitale tijdperk, de beroepsbevolking te diversifiëren en hooggeschoolde technologische en ICT-specialisten aan te trekken, inclusief geëmigreerde Europeanen, en tegelijk de digitale werkplekken van werknemers aan te passen en scholen betrouwbare en snelle internetverbindingen te bieden om het gebruik van digitale leermiddelen te bevorderen;

60.

SPOORT AAN TOT samenwerking tussen de Commissie en de lidstaten, en ook met de particuliere sector, bij het uitvoeren van de nieuwe vaardighedenagenda voor Europa, en met name van het erin vervatte voornemen om een traject uit te stippelen dat aangeeft hoe de maatregelen van de EU en de lidstaten het aandeel van de EU-bevolking met elementaire digitale vaardigheden en competenties kunnen verhogen van de huidige 57 % tot 65 % in 2025, en IS INGENOMEN met het voornemen van de Commissie om de vaardighedenagenda in 2020 te actualiseren;

61.

JUICHT TOE dat het gecoördineerd actieplan inzake AI samen met de lidstaten zal worden herzien, met bijzondere aandacht voor de bekwaamheden die nodig zijn om te werken met AI; ERKENT dat Europa, als het zijn doelen op het gebied van data wil bereiken, proportionele investeringen in vaardigheden en datageletterdheid moet doen, onder meer door voldoende datadeskundigen en ‐stewards op te leiden die de nodige digitale vaardigheden kunnen aanleren;

62.

IS ERMEE INGENOMEN dat de Commissie het actieplan voor digitaal onderwijs in 2020 wil actualiseren om de acties van de lidstaten te ondersteunen, zoals aangekondigd in de mededeling “Een sterk sociaal Europa voor rechtvaardige transities”; VERWELKOMT de steun in het kader van het toekomstige programma Erasmus+ en het programma Digitaal Europa voor de ontwikkeling van elementaire en geavanceerde digitale vaardigheden, onder meer door de uitwisseling van beste praktijken, experimenten, proefprojecten en opschaling van succesvolle projecten;

63.

ROEPT de lidstaten, in samenwerking met de Commissie, en de onderwijsactoren OP meer nadruk te leggen op STEM in onderwijs en opleiding; IS TEVREDEN dat de Commissie inzet op gelijke deelname van vrouwen en mannen in verschillende sectoren van de economie, ook in het kader van de digitale transitie, zoals aangegeven in de strategie voor gendergelijkheid 2020-2025; STEUNT de uitrol van nationale strategieën van de lidstaten voor de participatie van meisjes en vrouwen in de digitale wereld;

Internationale dimensie

64.

MERKT OP dat de EU wereldwijd weliswaar de meest open regio voor eerlijke handel en investeringen is en zal blijven, maar dat andere landen in de wereld kiezen voor protectionistische praktijken; BENADRUKT dat er, om de vruchten van de digitale transformatie te plukken, internationale samenwerking, betere markttoegang en handelsbevorderende regels nodig zijn op uiteenlopende terreinen, waaronder (maar niet beperkt tot) grensoverschrijdende overdrachten van gegevens naar derde landen, met uitzonderingen voor legitieme doelstellingen van overheidsbeleid, openbaarmakingsvereisten voor broncodes, douanerechten op elektronische transmissie, de uitbreiding van de Informatietechnologieovereenkomst (ITA) en elektronische transacties, alsmede de eerbiediging van de bescherming van persoonsgegevens en de persoonlijke levenssfeer, consumentenbescherming en intellectuele-eigendomsrechten; SPOORT de Commissie derhalve AAN om al de haar ter beschikking staande instrumenten, inclusief handelsbesprekingen, aan te wenden voor het bepleiten van normen en regelgeving die transparant, niet-discriminerend en betrouwbaar zijn en digitale handel bevorderen; STEUNT de inspanningen van de Commissie om te pleiten voor een internationale aanpak van gegevensstromen, en tegelijkertijd haar model van een veilig en open mondiaal internet actief te propageren en ambitieuze doelen op het gebied van markttoegang na te streven;

65.

BENADRUKT dat de toepassing van het acquis op digitaal gebied door kandidaat-lidstaten een prioriteit is; ONDERSTREEPT dat een sterke digitale aanwezigheid in het nabuurschaps- en ontwikkelingsbeleid van de EU duurzame ontwikkeling in onze partnerlanden mogelijk kan en moet maken; IS in dit verband INGENOMEN met de toezegging om onze Europese digitale normen en waarden wereldwijd actief te propageren;

66.

ERKENT dat er moet worden gezorgd voor internationale coördinatie met buurlanden van de EU om de effectieve uitrol van 5G-infrastructuur veilig te stellen;

Belasting digitale economie

67.

ONDERSTREEPT dat onze belastingstelsels moeten worden aangepast aan het digitale tijdperk en dat een eerlijke en effectieve belastingheffing moet worden gegarandeerd, in lijn met de conclusies van de Europese Raad van 28 juni 2018 en 22 maart 2019;

Conclusie

68.

BENADRUKT dat de voortgang met de uitvoering van de in het digitale pakket van 19 februari 2020 aangekondigde acties moeten worden gemonitord, onder meer via een geactualiseerde index van de digitale economie en samenleving; ROEPT de lidstaten, het Europees Parlement en de sociale partners OP om actief bij te dragen tot het welslagen van het digitale pakket; VERZOEKT de Commissie de Raad periodiek te informeren over de vorderingen met de uitvoering van de in het digitale pakket aangekondigde maatregelen.

Top