EUR-Lex Access to European Union law

Back to EUR-Lex homepage

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Document 52020XC0316(03)

Covid-19 Richtsnoeren voor grensbeheermaatregelen tot bescherming van de gezondheid en tot waarborging van de beschikbaarheid van goederen en essentiële diensten 2020/C 86 I/01

OJ C 86I , 16.3.2020, p. 1–4 (BG, ES, CS, DA, DE, ET, EL, EN, FR, HR, IT, LV, LT, HU, MT, NL, PL, PT, RO, SK, SL, FI, SV)

16.3.2020   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

CI 86/1


COVID-19

Richtsnoeren voor grensbeheermaatregelen tot bescherming van de gezondheid en tot waarborging van de beschikbaarheid van goederen en essentiële diensten

(2020/C 86 I/01)

De crisis rond het coronavirus heeft de aandacht gevestigd op de uitdaging de gezondheid van de bevolking te beschermen zonder dat dit leidt tot belemmeringen van het vrije verkeer van personen en verstoringen van de levering van goederen en essentiële diensten in heel Europa. Het beleid van de Unie inzake de controle van personen en goederen moet worden uitgevoerd met inachtneming van het beginsel van solidariteit tussen de lidstaten.

Om tekorten te vermijden en ter voorkoming van een verdere verslechtering van de sociale en economische moeilijkheden die alle Europese landen nu reeds ondervinden, is het essentieel dat de werking van de eengemaakte markt wordt gehandhaafd. De lidstaten zouden daarom geen maatregelen moeten nemen die de integriteit van de eengemaakte markt voor goederen in gevaar brengen, met name als het gaat om toeleveringsketens, of overgaan tot onbillijke praktijken.

De lidstaten moeten altijd hun eigen burgers en ingezetenen toelaten en de doorreis mogelijk maken van andere EU-burgers en ingezetenen die naar huis terugkeren.

Voor maatregelen in verband met grensbeheer is coördinatie op EU-niveau essentieel.

In deze richtsnoeren zijn derhalve beginselen vastgelegd voor een geïntegreerde aanpak van doeltreffend grensbeheer tot bescherming van de gezondheid en met behoud van de integriteit van de eengemaakte markt.

I.   Goederen- en dienstenverkeer

1.

De vervoer- en mobiliteitssector is van essentieel belang voor het waarborgen van de economische continuïteit. Collectieve en gecoördineerde actie is onontbeerlijk. Diensten voor vervoer van spoedgevallen moeten in het vervoersysteem prioriteit hebben (bv. via “green lanes” (prioritaire rijstroken)).

2.

Controlemaatregelen mogen de continuïteit van de economische activiteit niet ondermijnen en het functioneren van toeleveringsketens niet belemmeren. Vrij vervoer van goederen is cruciaal voor een ononderbroken beschikbaarheid, met name voor essentiële goederen zoals levensmiddelen (met inbegrip van vee), essentiële medische uitrusting, persoonlijke beschermingsmiddelen en medische benodigdheden. Meer in het algemeen mogen dergelijke maatregelen niet leiden tot een ernstige verstoring van toeleveringsketens, essentiële diensten van algemeen belang en van de nationale economieën en de EU-economie als geheel.

3.

Beroepsmatige reizen ten behoeve van het goederen- en dienstenverkeer moeten mogelijk blijven. In die context is het faciliteren van het veilige verkeer van werknemers in de vervoersector, met inbegrip van vrachtwagenchauffeurs en treinmachinisten, piloten en bemanningsleden, over de binnen- en buitengrenzen van cruciaal belang voor het waarborgen van een adequaat verkeer van goederen en essentieel personeel.

4.

Als lidstaten om redenen van volksgezondheid beperkingen opleggen aan het vervoer van goederen en passagiers, mag dit alleen als die beperkingen:

a.

transparant zijn, dat wil zeggen in openbare verklaringen en documenten zijn vastgelegd;

b.

naar behoren gemotiveerd zijn, dat wil zeggen dat de overwegingen en het verband met Covid-19 moeten worden toegelicht. De motivering moet wetenschappelijk onderbouwd zijn en worden ondersteund door de aanbevelingen van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) en het Europees Centrum voor ziektepreventie en ‐bestrijding (ECDC);

c.

evenredig zijn, dat wil zeggen dat zij niet verder gaan dan wat strikt noodzakelijk is;

d.

relevant en modaliteitsspecifiek zijn, dat wil zeggen dat de beperkingen van elk van de verschillende vervoerwijzen op de desbetreffende modaliteit moeten zijn afgestemd, en

e.

niet discriminerend zijn.

5.

Alle geplande vervoersgerelateerde beperkingen moeten tijdig aan de Commissie en aan alle andere lidstaten worden gemeld, in elk geval voordat zij van kracht worden, onverminderd de specifieke regels voor noodmaatregelen in de luchtvaartsector.

II.   Levering van goederen

6.

De lidstaten moeten het vrije verkeer van alle goederen in stand houden. Zij moeten met name de toeleveringsketen van essentiële producten waarborgen, zoals geneesmiddelen, medische uitrusting, essentiële en bederfelijke voedingsmiddelen en vee. Tenzij de desbetreffende maatregel naar behoren is gemotiveerd, mogen er geen beperkingen worden opgelegd op het verkeer van goederen in de eengemaakte markt, in het bijzonder (maar niet beperkt tot) essentiële, gezondheidsgerelateerde en bederfelijke goederen, met name levensmiddelen. De lidstaten moeten voorrangstrajecten voor goederenvervoer aanwijzen (bv. via “green lanes” (prioritaire rijstroken)) en de opschorting van bestaande weekendverboden in overweging te nemen.

7.

Er mogen geen extra certificaten worden verlangd voor goederen die legaal op de eengemaakte markt van de EU circuleren. In dit kader wordt erop gewezen dat er volgens de Europese Autoriteit voor voedselveiligheid geen aanwijzingen zijn dat voedsel een bron of transmissiebron van Covid-19 is (1).

8.

De werknemers in de vervoersector, met name maar niet alleen werknemers die essentiële goederen leveren, moeten naar behoefte landsgrenzen kunnen overschrijden en hun veiligheid mag in geen geval in het gedrang komen.

9.

De lidstaten moeten een constante bevoorrading waarborgen om te voldoen aan de behoeften in de samenleving, paniekinkopen te voorkomen en het risico te vermijden dat zich in winkels gevaarlijk grote mensenmassa’s verzamelen; dit zal een proactieve inzet van de hele toeleveringsketen vereisen.

10.

Specifieke vervoersknooppunten (bv. havens, luchthavens, logistieke hubs) moeten waar nodig worden versterkt.

III.   Gezondheidsmaatregelen

11.

Er moeten passende maatregelen worden genomen voor personen waarvan is onderkend dat zij een risico voor de volksgezondheid vormen wat Covid-19 betreft. Zij moeten toegang hebben tot passende gezondheidszorg, rekening houdend met de prioritering van verschillende dossierprofielen in de nationale gezondheidszorgstelsels.

12.

Op basis van de beste praktijken van de gezondheidsinstanties in de lidstaten worden de volgende stappen aan de buitengrenzen aanbevolen, naargelang van het geval:

a.

Invoeren van (primaire (2) en secundaire (3)) screeningmaatregelen bij aankomst om te controleren op de aanwezigheid van symptomen van en/of de blootstelling aan Covid-19 bij reizigers die uit getroffen gebieden of landen aankomen; invullen van een “Public Health Passenger Locator Form” (volksgezondheidstraceringsformulier voor passagiers) aan boord van een vliegtuig, een veerboot, een trein of een bus die aankomt op een directe of indirecte verbinding vanuit een getroffen gebied of land; invullen van een “Maritime Declaration of Health” (maritieme gezondheidsverklaring) voor alle aankomende schepen, met vermelding van alle havens die zijn aangedaan;

b.

Beschikbaar stellen van informatiemateriaal (folders, banners, posters, elektronische slides enz.) aan reizigers die aankomen vanuit of vertrekken naar getroffen gebieden;

c.

Invoeren van screeningmaatregelen bij vertrek om te controleren op de aanwezigheid van symptomen van en/of de blootstelling aan Covid-19 bij reizigers die vertrekken vanuit getroffen landen. Reizigers waarvan is vastgesteld dat zij zijn blootgesteld aan of besmet met Covid-19, mogen geen toestemming krijgen om te reizen;

d.

Isoleren van verdachte gevallen en overbrengen van ziektegevallen naar een gezondheidszorginstelling. De instanties aan weerszijden van de grens moeten overeenstemming bereiken over de passende behandeling van gevallen van personen die als een risico voor de volksgezondheid worden aangemerkt, zoals verder onderzoek, isolatie, quarantaine en gezondheidszorg, hetzij in het land van aankomst, hetzij via een overeenkomst in het land van vertrek.

13.

Om deze controles doeltreffend te maken, moeten de volgende goede praktijken in acht worden genomen:

a.

standaardwerkwijzen vaststellen en zorgen voor voldoende personeel dat adequaat is opgeleid;

b.

zorgen voor persoonlijke beschermingsmiddelen voor medisch en ander personeel, en

c.

verstrekken van actuele informatie aan medisch personeel en ander relevant personeel op de punten van binnenkomst, zoals beveiligingspersoneel, politie, douane, havenstaatcontrole, havenloodsen en schoonmaakdiensten.

De meeste van deze maatregelen moeten door of onder toezicht van de gezondheidsautoriteiten worden genomen. De grensautoriteiten spelen een essentiële ondersteunende rol, onder meer door de passagiers van informatie te voorzien en door zorgwekkende gevallen onmiddellijk door te verwijzen naar de betrokken gezondheidsdiensten.

IV.   Buitengrenzen

14.

Alle personen, zowel EU- als niet-EU-onderdanen, die de buitengrenzen overschrijden om het Schengengebied binnen te komen, worden aan de grensdoorlaatposten onderworpen aan systematische controles. De grenscontroles kunnen onder meer gezondheidscontroles als bedoeld in deel III omvatten.

15.

De lidstaten hebben de mogelijkheid de toegang te weigeren aan niet-ingezeten onderdanen van derde landen wanneer zij relevante symptomen vertonen of sterk aan besmettingsgevaar zijn blootgesteld, en worden beschouwd als een gevaar voor de volksgezondheid.

16.

Er kunnen alternatieve maatregelen voor een weigering van toegang, zoals isolatie of quarantaine, worden toegepast wanneer deze doeltreffender worden geacht.

17.

Besluiten over weigering van toegang moeten altijd evenredig en niet-discriminerend zijn. Een maatregel wordt als evenredig beschouwd indien deze is genomen na raadpleging van de gezondheidsautoriteiten en door hen is aangemerkt als geschikt en noodzakelijk met het oog op de volksgezondheid.

V.   Binnengrenzen

18.

De lidstaten mogen opnieuw tijdelijke grenscontroles aan de binnengrenzen invoeren indien dit gerechtvaardigd is om redenen van openbare orde of binnenlandse veiligheid. In een uiterst kritieke situatie kan een lidstaat constateren dat het nodig is opnieuw grenscontroles in te voeren in reactie op het risico van een besmettelijke ziekte. De lidstaten moeten melding maken van de herinvoering van het grenstoezicht overeenkomstig de Schengengrenscode.

19.

Dergelijke controles moeten op evenredige wijze en met inachtneming van de gezondheid van de betrokken personen worden uitgevoerd. Personen die duidelijk ziek zijn, mogen niet worden geweigerd, maar er moeten passende maatregelen worden genomen zoals vermeld in punt 11.

20.

Voor de verrichting van gezondheidscontroles van alle personen die het grondgebied van de lidstaten binnenkomen, is geen formele invoering van controles aan de binnengrenzen nodig.

21.

Voor EU-burgers moeten de in de Richtlijn inzake vrij verkeer vastgestelde garanties worden gewaarborgd. Er moet met name voor worden gezorgd dat er niet wordt gediscrimineerd tussen eigen onderdanen van de lidstaten en ingezetenen uit de EU. Een lidstaat mag EU-burgers of onderdanen van derde landen die op zijn grondgebied verblijven niet de toegang weigeren en moet de doorreis van andere EU-burgers en ingezetenen die naar huis terugkeren, vergemakkelijken. De lidstaten kunnen echter passende maatregelen nemen, zoals personen die zich op hun grondgebied begeven verplichten om zichzelf te isoleren of soortgelijke maatregelen te treffen bij terugkeer uit een door Covid-19 getroffen gebied, mits zij aan hun eigen onderdanen dezelfde vereisten opleggen.

22.

Grenscontroles, indien zij aan de binnengrenzen worden ingevoerd, moeten zodanig worden georganiseerd dat grote groepen personen (bv. wachtrijen) worden voorkomen, aangezien deze de kans op verspreiding van het virus vergroten.

23.

De lidstaten moeten het verkeer van grensarbeiders mogelijk maken en faciliteren, met name – maar niet alleen – van de grensarbeiders die werken in de gezondheidszorg en de levensmiddelensector, en andere essentiële diensten (zoals kinderopvang, ouderenzorg, essentieel personeel voor nutsvoorzieningen) om een continuïteit in de beroepsactiviteit te waarborgen.

24.

Om overlappingen en wachttijden te voorkomen, moeten de lidstaten de gezondheidscontroles zodanig coördineren dat deze aan slechts één kant van de grens worden verricht.

25.

De lidstaten, en met name naburige lidstaten, moeten nauw samenwerken en coördineren op EU-niveau om de doeltreffendheid en de evenredigheid van de genomen maatregelen te waarborgen.

(1)  https://efsa.europa.eu/en/news/coronavirus-no-evidence-food-source-or-transmission-route

(2)  De primaire screening omvat een eerste beoordeling door personeel dat niet noodzakelijkerwijs een medische opleiding heeft. Deze screening bestaat onder meer uit een visuele controle van reizigers op tekenen van de besmettelijke ziekte, het meten van de lichaamstemperatuur van de reizigers, en het invullen van een vragenlijst door de reizigers waarin wordt gevraagd naar de aanwezigheid van symptomen en/of blootstelling aan de besmettelijke stof.

(3)  De secundaire screening moet worden verricht door personeel met een medische opleiding. Deze screening omvat een uitvoerig vraaggesprek, een gericht medisch onderzoek en laboratoriumonderzoek en een tweede meting van de temperatuur.


Top