This document is an excerpt from the EUR-Lex website
Document 52020IE1552
Opinion of the European Economic and Social Committee on ‘Towards structured youth engagement on climate and sustainability in the EU decision-making process’ (own-initiative opinion)
Advies van het Europees Economisch en Sociaal Comité “Naar een gestructureerde participatie van jongeren op het gebied van klimaat en duurzaamheid in het besluitvormingsproces van de EU” (initiatiefadvies)
Advies van het Europees Economisch en Sociaal Comité “Naar een gestructureerde participatie van jongeren op het gebied van klimaat en duurzaamheid in het besluitvormingsproces van de EU” (initiatiefadvies)
EESC 2020/01552
PB C 429 van 11.12.2020, pp. 44–50
(BG, ES, CS, DA, DE, ET, EL, EN, FR, HR, IT, LV, LT, HU, MT, NL, PL, PT, RO, SK, SL, FI, SV)
|
11.12.2020 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 429/44 |
Advies van het Europees Economisch en Sociaal Comité “Naar een gestructureerde participatie van jongeren op het gebied van klimaat en duurzaamheid in het besluitvormingsproces van de EU”
(initiatiefadvies)
(2020/C 429/07)
|
Rapporteur: |
Cillian LOHAN (IE-III) |
|
Besluit van de voltallige vergadering |
20.2.2020 |
|
Rechtsgrondslag |
Artikel 32, lid 2, van het reglement van orde Initiatiefadvies |
|
Bevoegde afdeling |
Landbouw, Plattelandsontwikkeling en Milieu |
|
Goedkeuring door de afdeling |
8.7.2020 |
|
Goedkeuring door de voltallige vergadering |
18.9.2020 |
|
Zitting nr. |
554 |
|
Stemuitslag (voor/tegen/onthoudingen) |
216/0/2 |
1. Conclusies en aanbevelingen
|
1.1 |
Het intergenerationele aspect van het beleid inzake klimaat en duurzame ontwikkeling en van de uitvoeringsmechanismen moet tot uiting komen in een sterke, zinvolle participatie van jongeren in alle fasen van de besluitvormingsprocessen van de EU, van het uitwerken van de wetgevingsvoorstellen en -initiatieven tot de uitvoering, de monitoring en de follow-up. |
|
1.2 |
De uitvoering van de doelstellingen voor duurzame ontwikkeling in het kader van de Europese Green Deal vergt een nieuwe aanpak, met het oog op een inclusiever model van multistakeholdergovernance dat jongeren centraal in het participatieproces plaatst en dat verder gaat dan enkel ad-hocbijeenkomsten en raadplegingen. |
|
1.3 |
Het Europees Economisch en Sociaal Comité (EESC) stelt voor rondetafelgesprekken voor jongeren inzake klimaat en duurzaamheid te organiseren en deze te laten hosten door het EESC, in samenwerking met de Europese Commissie en het Europees Parlement. |
|
1.4 |
Het EESC stelt eveneens voor een jongerenvertegenwoordiger mee te nemen in de officiële EU-delegatie bij de COP-vergaderingen van het UNFCCC. Daarnaast stelt het EESC voor om bij zulke evenementen een jongerenvertegenwoordiger met de status van waarnemer mee te nemen als extra lid van de EESC-delegatie. |
|
1.5 |
Het EESC zal zich inspannen om de stem van jongeren en jongerenorganisaties te versterken via de weloverwogen integratie van hun belangen in adviezen in verband met klimaat en duurzaamheid, door proactief om inbreng van jongerenvertegenwoordigers te vragen en hen te blijven uitnodigen als sprekers tijdens evenementen van het EESC; het EESC zal eveneens vragen dezelfde mogelijkheden om gehoord te worden toe te kennen aan jongerenvertegenwoordigers in de andere EU-instellingen, bijvoorbeeld in het Europees Parlement. |
2. Inleiding
|
2.1 |
De Agenda 2030 voor duurzame ontwikkeling van de VN en de 17 duurzameontwikkelingsdoelstellingen (SDG’s) (1) vormen een keerpunt in de manier waarop de internationale gemeenschap heeft besloten mondiale vraagstukken aan te pakken door de economische, sociale en milieuaspecten op geïntegreerde wijze samen te brengen. De Agenda 2030 is een project waarbij de mens centraal staat en dat dusdanig is opgezet dat geen enkele groep achterblijft, en intergenerationele billijkheid is een begrip dat inherent is aan duurzaamheid. De jonge generatie mag niet opdraaien voor de gevolgen van niet-duurzaam beleid dat zij niet mede hebben vormgegeven. |
|
2.2 |
De wereld bevindt zich momenteel in een klimaatnoodtoestand. De regeringen hebben tot nu toe onvoldoende op de klimaatcrisis gereageerd en de wereld is niet op schema om de doelstelling van de Overeenkomst van Parijs en de SDG’s te halen. Het maatschappelijk middenveld dringt krachtig aan op meer ambitieuze en urgente klimaatmaatregelen. De meest frappante uiting daarvan zijn de stakingen van jongeren voor het klimaat. |
|
2.3 |
De eerste helft van 2020 werd bepaald door de wereldwijde pandemie die is veroorzaakt door COVID-19. De ongekende respons op dit virus zal een blijvende invloed hebben op de economische prognoses op korte en middellange termijn. Het ontwerp van de financiële crisispakketten kan niet worden genegeerd. Wanneer de jongeren van vandaag zich op de arbeidsmarkt begeven, zullen zij nog steeds de financiële gevolgen van COVID-19 ervaren. Bovendien zullen jongeren de gevolgen van COVID-19 blijven voelen op het gebied van hun mentale gezondheid, onderwijs en algemene participatie in de samenleving. De van duurzame ontwikkeling uitgaande benadering van het afwegen van de financiële, maatschappelijke en milieubehoeften is in deze context des te relevanter. |
|
2.4 |
De aangekondigde financiële steun voor het economische herstel zal toekomstige generaties met lasten opzadelen. De manier waarop de middelen en mogelijkheden in de verschillende generaties worden benut, moet billijk zijn. Bij de steun die in de post-COVID-plannen aan de sectoren wordt toegekend, moet rekening worden gehouden met de eisen van jongeren op het gebied van klimaat en hun recht op een gezondere, duurzamere toekomst. |
|
2.5 |
Het door Commissievoorzitter Von der Leyen aangekondigde herstelplan voor Europa (2) maakt duidelijk dat ervoor moet worden gezorgd dat het economische herstel gebaseerd is op de beginselen van de Green Deal en zowel het klimaat als de duurzaamheid ten goede komt. Het herstelprogramma kan een hervormend stimuleringspakket zijn. |
|
2.6 |
David Boyd, speciale rapporteur van de VN voor mensenrechten en milieu, riep landen er medio april toe op de COVID-19-pandemie niet te gebruiken als excuus om de milieubescherming en -handhaving af te zwakken, nadat verscheidene regeringen plannen hadden aangekondigd om de milieunormen te verlagen of andere hieraan gerelateerde maatregelen te beperken, zoals het toezicht op en de handhaving van milieueisen (3). |
|
2.7 |
In het licht van de wereldwijde milieucrisis die al bezig was vóór COVID-19 zijn deze acties irrationeel en onverantwoordelijk, en brengen zij de rechten van kwetsbare en gemarginaliseerde mensen in gevaar. Dergelijke beleidsbeslissingen zullen waarschijnlijk leiden tot een versnelde aantasting van het milieu en hebben negatieve gevolgen voor heel wat mensenrechten, waaronder het recht op leven, gezondheid, water, cultuur en voedsel, evenals het recht op leven in een gezonde omgeving. COVID-19 heeft het belang van een veilige, schone en duurzame natuurlijke omgeving benadrukt. |
|
2.8 |
Aangezien de SDG’s nu moeten worden verwezenlijkt via de Europese Green Deal, zou dit in beginsel het debat moeten openen over een paradigmaverschuiving naar een meer participatief model van multistakeholdergovernance op het gebied van duurzame ontwikkeling. Jongeren komt een rol toe in dit nieuwe governancemodel; zij moeten in staat worden gesteld om op gestructureerde en formele wijze deel te nemen aan het EU-besluitvormingsproces, d.w.z. niet enkel via raadplegingen en ad-hocbijeenkomsten. |
|
2.9 |
In deze context spelen jongerenorganisaties een belangrijke rol, aangezien zij de belangen van miljoenen jongeren in Europa en wereldwijd vertegenwoordigen via hun uitgebreide netwerken. Zij zijn belangrijke actoren die ervoor moeten zorgen dat jongeren niet alleen aanwezig zijn in instellingen, maar dat zij ook de kans krijgen om op een zinvolle manier bij te dragen aan het besluitvormingsproces. |
|
2.10 |
Jongerenorganisaties kunnen ook verschillende andere rollen vervullen. Jeugdwerk en niet-formeel leren hebben een positieve invloed op duurzame ontwikkeling aangezien het doel daarvan is om jongeren mondiger te maken zodat zij actief gaan deelnemen aan onze samenleving. Jongerenorganisaties kunnen ook helpen om de stem van jongeren te versterken zodat zij collectief kunnen aandringen op duurzame ontwikkeling op lokaal, nationaal, regionaal en globaal niveau en om regeringen en instellingen op te roepen hun toezeggingen na te komen. |
|
2.11 |
Kwaliteitsvolle mechanismen voor jongerenparticipatie en -vertegenwoordiging zorgen voor de mogelijkheid van een partnerschap tussen beleidsmakers, jongeren en jongerenorganisaties om beslissingen te beïnvloeden die gevolgen hebben voor de levens van jongeren. Het is belangrijk deze kans te grijpen om ook te zorgen voor een stabiele en veerkrachtige democratie, die participatie van alle groepen van de samenleving in het besluitvormingsproces vereist. |
|
2.12 |
In alle aspecten van het beleid moet rekening worden gehouden met de gevolgen voor jongeren en hun perspectieven, inclusief voor toekomstige generaties. De rol van jongeren is met name belangrijk ten aanzien van sociale aspecten en een toekomstbestendig beleid, of het nu gaat om investeringen op het gebied van klimaatverandering of van boer tot bord. |
|
2.13 |
In dit advies zal worden gekeken naar mogelijkheden om op formele wijze met jongeren in dialoog te treden op het institutionele niveau. Dit moet de bouwstenen opleveren voor een nieuwe gestructureerde aanpak voor de participatie van jongeren op EU-niveau. Tot slot zullen in het advies ook aanbevelingen aan het EESC worden gedaan over manieren waarop het jongeren beter bij zijn werkprocessen kan betrekken, zodat hun stem beter gehoord wordt en de boodschap van het EESC uit intergenerationeel oogpunt billijker is. |
3. De relatie tussen klimaatverandering en de behoefte aan jongerenparticipatie
|
3.1 |
Jongeren hebben het recht om zich te laten horen met betrekking tot zaken die hen aanbelangen. Het recht op participatie is vastgelegd in de Agenda 2030 voor duurzame ontwikkeling van de VN, waarin jongeren worden erkend als cruciale actoren van verandering, zoals uiteengezet in de doelstellingen inzake duurzame ontwikkeling. |
|
3.2 |
De afgelopen jaren heeft geen enkele andere kwestie meer jongeren over de hele wereld gemobiliseerd dan de klimaatverandering. Jongeren tussen 15 en 24 jaar oud maken 16 % uit van de wereldbevolking en zullen in 2030 met 1,3 miljard zijn. De beslissingen over klimaatverandering en andere milieukwesties die de politieke leiders vandaag nemen, zullen gevolgen hebben voor toekomstige generaties. Dit beginsel wordt intergenerationele billijkheid genoemd. |
|
3.3 |
Jongeren beschikken over de energie, de creativiteit en de motivatie om de huidige niet-duurzame modellen aan te vechten. Door jongeren geleide maatschappelijke veranderingen reiken verder dan de generatie-, culturele en geografische grenzen. Jongeren zijn minder gebonden aan ideologische en institutionele structuren en hebben laten zien dat zij out of the box kunnen denken en innovatieve oplossingen voor de samenleving als geheel kunnen ontwikkelen. |
|
3.4 |
Aangezien de klimaatverandering de basisbehoeften — onderdak, voedsel en water — verstoort, wordt dit beschouwd als de grootste bedreiging van de gezondheid van de mens wereldwijd in de eenentwintigste eeuw. Kinderen en jongeren behoren tot de meest kwetsbare groepen als het om de gevolgen van de klimaatverandering gaat. Volgens een schatting van de Wereldgezondheidsorganisatie zullen kinderen het slachtoffer zijn van meer dan 80 % van de ziekten, verwondingen en sterfgevallen die daaraan kunnen worden toegeschreven. Kinderen zijn ook gevoeliger voor de indirecte effecten van klimaatverandering, zoals voedseltekorten, conflicten tussen groepen, economische ontwrichting en migratie. De COVID-19-pandemie heeft de kwetsbaarheid van kinderen benadrukt, aangezien duidelijk is vastgesteld dat zij als afhankelijke groep weinig beschermd zijn. |
|
3.5 |
Bovendien vloeien de psychosociale gevolgen van de klimaatverandering niet alleen voort uit de directe ervaring van de effecten ervan, maar ook uit indirecte ervaringen en kennis van de bedreiging ervan voor de toekomst. Er is duidelijk bewijs van wijdverspreide emotionele reacties op de klimaatverandering, zelfs in landen met een hoog inkomen die nog geen last ondervinden van de directe gevolgen ervan. Onderzoeken hebben aangetoond dat veel jongeren angstig, verdrietig en kwaad zijn en zich machteloos voelen. |
|
3.6 |
Bovendien storten onze economische en sociale zekerheidsstructuren ineen als gevolg van de klimaatcrisis. Jongeren moeten de strijd aanbinden met ernstige economische, sociale, culturele, politieke en milieuproblemen die zij hebben geërfd van vorige generaties. Jongeren worden onevenredig zwaar getroffen door economische crises en de bezuinigingen als gevolg daarvan. De meest benadeelde jongeren ervaren onzekerheid en langdurige armoede. Door hun sociaaleconomische achtergrond, seksuele geaardheid, genderidentiteit en genderexpressie, etnische afkomst of ras, verblijfsstatus, handicap en/of een andere status hebben zij te maken met extra obstakels, zoals moeilijke levensomstandigheden en belemmeringen voor arbeidskansen. |
4. Lering trekken uit bestaande structuren en procedures
|
4.1 |
De afgelopen achttien maanden zagen we kinderen en jongeren uit de hele wereld staken en hun stem gebruiken om verandering te eisen. Sommigen worden geïnspireerd door bekende activisten op mondiaal of nationaal niveau, anderen worden geïnspireerd door elkaar en nog anderen hebben genoeg van de blijvende steun voor een samenleving die is gericht op groei ten koste van alles of het gebruik van overheidsgelden ter ondersteuning van niet-duurzame praktijken, zoals subsidies voor fossiele brandstoffen en andere schadelijke subsidies. Sinds de oprichting van de FridaysForFuture-beweging in augustus 2018 namen al 13 miljoen jongeren deel aan klimaatstakingen in 228 landen (4). |
Jongerenparticipatie op nationaal niveau
|
4.2 |
Sommige EU-landen hebben sindsdien mechanismen ontwikkeld om de stem van jongerenvertegenwoordigers mee te nemen in de beleidsvorming inzake het klimaat. De jongerenklimaatraad in Denemarken is een door jongeren geleide onafhankelijke adviesraad voor de minister van Klimaat. De raad verzamelt de ideeën van jongeren uit het hele land en formuleert concrete beleidsvoorstellen voor de minister. De voorstellen worden vervolgens meegenomen in de beleidsprocessen om jongeren directe inspraak te geven in de ontwikkeling van het klimaatbeleid. Daarnaast zijn er in een aantal steden in Denemarken ook lokale jongerenklimaatraden actief (5). |
|
4.3 |
Heel wat jonge ondernemers denken al van meet af aan na over de ecologische en sociale aspecten van hun activiteiten. Handelspraktijken die tot doel hebben de schade aan het milieu te beperken, moeten op nationaal niveau worden ondersteund door middel van bijvoorbeeld belastingvrijstellingen en worden aangemoedigd als positieve trends die zorgen voor energie bij jonge ondernemers om duurzame bedrijfsmodellen op te stellen. |
|
4.4 |
Initiatieven zoals de groene studentenparlementen in Hongarije, die voorstellen over milieuaangelegenheden aan het stadsbestuur doen, spelen een belangrijke rol omdat zij niet alleen zorgen voor voorlichting, maar ook omdat zij scholen de kans bieden om de banden met de inwoners alsook tussen de scholen en de ouders te versterken. |
Jongerenparticipatie op Europees niveau
|
4.5 |
De EU-jongerendialoog is een participatief proces op EU-niveau dat jongeren de kans biedt om over een bepaald onderwerp in dialoog te treden met de besluitvormers door hun ideeën en voorstellen over het jeugdbeleid in de EU op tafel te leggen. Dit proces steunt de tenuitvoerlegging van de EU-strategie voor jongeren 2019-2027 en is georganiseerd volgens een werkcyclus van 18 maanden. |
|
4.6 |
De adviesraad inzake jongeren van de Raad van Europa is de niet-gouvernementele partner in de medebeheersstructuur die de normen en werkprioriteiten van de jeugdsector van de Raad van Europa vastlegt en aanbevelingen doet voor toekomstige prioriteiten, programma’s en begrotingen. Deze adviesraad bestaat uit 30 vertegenwoordigers van ngo’s en netwerken van jongeren in Europa en heeft als voornaamste taak het Comité van Ministers advies te verstrekken over alle vragen met betrekking tot jongeren. Hierbij wordt een medebeheerssysteem in de besluitvormingsprocessen op alle niveaus bevorderd als een goede praktijk voor jongerenparticipatie, democratie en inclusie. |
Jongerenparticipatie op VN-niveau
|
4.7 |
Op VN-niveau is de Major Group for Children and Youth (UN MGCY) het door de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties gemachtigde, officiële, formele en zelfsturende mechanisme dat ervoor zorgt dat jongeren op een zinvolle manier kunnen worden betrokken bij het werk van de VN. UN MGCY bestaat uit werkgroepen en coördinatiestructuren die verantwoordelijk zijn voor verschillende aspecten van de werkzaamheden ervan en uit een aantal formeel gemachtigde functies. |
|
4.8 |
Voor klimaat is YOUNGO de officiële jongerenkiesgroep bij het Raamverdrag van de Verenigde Naties inzake klimaatverandering (UNFCCC). YOUNGO is samengesteld uit organisaties en mensen die als jong worden omschreven. Het is geen organisatie, maar veeleer een eengemaakt, open, formeel participatiemechanisme voor groepen en/of mensen die regelmatig en op geformaliseerde, democratische en inclusieve wijze een inbreng kunnen leveren in de UNFCCC-processen. |
|
4.9 |
De behoefte aan grotere betrokkenheid van jongeren werd in september erkend tijdens de jeugdklimaattop in New York op 21 september. De Kwon-Gesh Pledge, waarin jongeren worden aangemoedigd hun regeringen en leiders ter verantwoording te roepen, is sinds de top al door meer dan 50 landen goedgekeurd. |
|
4.10 |
De VN-strategie voor jongeren 2030 heeft tot doel tegemoet te komen aan de behoeften, het agentschap op te bouwen en de rechten te bevorderen van jongeren en hun betrokkenheid en participatie te waarborgen bij de uitvoering, evaluatie en follow-up van de Agenda 2030 voor Duurzame Ontwikkeling, evenals van andere relevante mondiale agenda’s en raamverdragen. |
Leren van andere platformen
|
4.11 |
Het door de Commissie in 2017 opgerichte MSP inzake doelstellingen voor duurzame ontwikkeling, waaraan het EESC actief heeft deelgenomen, heeft een belangrijke rol gespeeld, maar liet op een aantal punten te wensen over, bijvoorbeeld de middelentoewijzing voor de werkzaamheden, de frequentie van de bijeenkomsten, het bepalen van de agenda, kansen voor bredere discussies en participatie van leden en openbare raadplegingen die vaker, transparanter en toegankelijker hadden gekund. |
|
4.12 |
Het Europees stakeholdersplatform voor de circulaire economie (ECESP), dat het EESC en de Europese Commissie samen runnen, is een centrale plaats waar allerlei stakeholders goede praktijken en ideeën kunnen uitwisselen en kunnen netwerken. Het belangrijkste verschil met het MSP inzake SDG’s is dat dit platform in handen is van de stakeholders zelf, een goed voorbeeld dat navolging verdient bij de oprichting van andere gestructureerde participatiemechanismen. |
5. Visie op zinvolle jongerenparticipatie
Beginselen
|
5.1 |
Het is duidelijk dat jongerenorganisaties geen nieuwe participatiemechanismen willen ontwikkelen voor processen die zij sowieso niet zinvol achten. De klimaatcrisis heeft diepere wortels en het voorstellen van oplossingen daarvoor houdt in dat er fundamentele vragen moeten worden gesteld over de samenleving waarin we in de toekomst willen leven en welke visie op de economie we willen scheppen om onze klimaatneutrale samenleving te behouden. Als de doelstelling erin bestaat het onderliggende systeem en niet het klimaat te veranderen, moet er mogelijk meer worden gedaan dan jongeren enkel voor te lichten over de klimaatverandering en moet jongerenactivisme worden aangemoedigd. In plaats daarvan is het misschien tijd om de vele facetten, vormen, ruimten en uitdrukkingen van jongerencontestatie te erkennen (6). Daartoe moet ook bij de horizontale vraagstukken die nauw verband houden met een doeltreffend klimaatbeleid, zoals monetaire kwesties, ruimte worden geboden voor jongerenparticipatie. |
|
5.2 |
Voor een zinvolle participatie moeten jongeren gedurende het volledige institutionele traject worden betrokken: voorbereidende fasen, uitvoering, follow-up en evaluatie van de initiatieven en beleidsprocessen. Heel wat raadplegingskanalen bieden al een kader en leiden tot machtsongelijkheid. Het is belangrijk dat jongeren zeggenschap hebben over hun eigen participatie en de agenda samen met de institutionele stakeholders kunnen opstellen. |
|
5.3 |
Als uitgangspunt zou het nuttig zijn om na te gaan welke obstakels er bestaan voor de participatie van jongeren. Deze kunnen juridisch of administratief van aard zijn of ontstaan door een gebrek aan bewustzijn of toegang tot informatie met betrekking tot mechanismen voor jongerenparticipatie en -vertegenwoordiging. Ook sociale, economische en culturele obstakels die de participatie van mensen verhinderen, moeten worden aangepakt. De rol van informele sociale en culturele gesprekken en informatie-uitwisselingen mag niet worden onderschat, bijvoorbeeld binnen peergroups of families. Het moet duidelijk zijn dat iedereen kan participeren. |
|
5.4 |
Het spreekt voor zich dat er ondersteunende middelen nodig zijn om de nodige kennis en vaardigheden te verwerven en gelijke kansen te bieden voor zinvolle participatie, evenals voor jongeren die actief zijn in mechanismen voor jongerenparticipatie en -vertegenwoordiging. Regeringen en relevante instellingen moeten voldoende structurele, betrouwbare en duurzame middelen verstrekken en de nodige politieke steun bieden zodat jongerenorganisaties kunnen participeren in mechanismen voor jongerenparticipatie en -vertegenwoordiging. |
|
5.5 |
De jongerenklimaatbeweging en haar activisten hebben het recht om gehoord te worden in de besluitvormingsprocessen die gevolgen hebben voor hun levens. Dit is ook een duidelijk onderdeel van het intergenerationele aspect van klimaatrechtvaardigheid. |
|
5.6 |
De EU moet de leiding blijven nemen op het gebied van innovatieve betrokkenheid met stakeholders. Het EESC is, als institutionele thuisbasis van het maatschappelijk middenveld, een natuurlijke spreekbuis en partner voor de verwezenlijking van gestructureerde betrokkenheid. |
Concreet voorstel
|
5.7 |
Op Europees niveau heeft het EESC herhaaldelijk aangegeven (7) dat het maatschappelijk middenveld op structurele wijze moet worden betrokken en dat er een duidelijk mandaat moet worden geboden voor de deelname van het maatschappelijk middenveld aan de ontwikkeling en de uitvoering van en het toezicht op beleidsinstrumenten en strategieën voor klimaatneutraliteit. De EU krijgt nu de kans om participatiemechanismen te ontwikkelen via een Europees klimaatpact. Het mechanisme voor jongerenparticipatie inzake klimaat en duurzaamheid moet integraal deel uitmaken van dit pact, gefaciliteerd door jongerenorganisaties. |
|
5.8 |
De EU-besluitvormers moeten ruimte bieden voor frequente en zinvolle dialoog met jongeren inzake beleidsvoorstellen en strategieën op het gebied van klimaat en duurzaamheid. Twee keer per jaar moeten in Brussel rondetafelbijeenkomsten voor jongeren inzake klimaat en duurzaamheid plaatsvinden, gefaciliteerd door de eerste vicevoorzitter van de Europese Commissie. |
|
5.9 |
Deze rondetafelbijeenkomsten voor jongeren inzake klimaat en duurzaamheid moeten worden gehost door het EESC, in samenwerking met de Europese Commissie en het Europees Parlement. |
|
5.10 |
De inbreng van de jongeren tijdens de rondetafelbijeenkomsten moet worden verzameld en moet formeel aan het EP en de EC worden toegestuurd, die vervolgens in een schriftelijke reactie aangeven welke voorstellen wel of niet kunnen worden uitgevoerd en waarom. De rondetafelbijeenkomsten mogen geen “praatclub” worden, maar moeten blijk geven van zinvolle participatie en reacties van beleidsmakers. |
|
5.11 |
Naast de ontmoetingen met de Europese Commissie en het Europees Parlement kan ook het betreffende voorzitterschap worden uitgenodigd. Hierdoor wordt gewaarborgd dat jongeren in dialoog kunnen treden met de Raad van de Europese Unie. Het tijdstip van de rondetafelbijeenkomsten kan worden afgestemd op het roulerende voorzitterschap zodat jongeren echt een verschil kunnen maken met betrekking tot de agenda van het voorzitterschap. |
|
5.12 |
Om een kanaal voor communicatie met jongeren te ontwikkelen moet een mailinglijst voor de jongerendialoog inzake klimaat en duurzaamheid worden aangemaakt en beheerd door begeleiders van de rondetafelbijeenkomsten voor jongeren inzake klimaat en duurzaamheid, op basis van het voorbeeld van de organisatie van de jongerenkiesgroepen van de VN. De mailinglijst moet toegankelijk zijn voor alle jonge klimaatstakeholders en voor een goede communicatie en informatie-uitwisseling zorgen binnen de groep en met de instellingen. |
|
5.13 |
De EU-besluitvormers moeten erop toezien dat de jongerenorganisaties op hoogwaardige wijze worden betrokken bij de ontwikkeling, uitvoering en follow-up van verschillende mechanismen voor gestructureerde jongerenparticipatie op het gebied van klimaat en duurzaamheid in de besluitvormingsprocessen van de EU. De participatie die hierdoor ontstaat, zal de creativiteit en ideeën van jongeren bevorderen en er tegelijkertijd voor zorgen dat deze ideeën worden vertaald in het beleid. |
6. Praktische uitvoering van de visie door alle EU-instellingen
EU-instellingen
|
6.1 |
Tientallen speciale jongerenvertegenwoordigers uit de hele wereld nemen deel aan de jaarlijkse klimaatconferenties om aanbevelingen te doen, aan te dringen bij de afgevaardigden, de vorderingen te volgen, nevenevenementen te organiseren en bij te wonen en hun netwerken uit te bouwen. Door een jongerenvertegenwoordiger mee te nemen in de EU-klimaatdelegatie bij de COP van het UNFCCC zouden de EU-instellingen aantonen dat de participatie van jongeren op een zinvolle manier serieus wordt genomen. |
|
6.2 |
Het Verdrag van Aarhus, waarbij de Europese Unie partij is, moet volledig worden uitgevoerd zodat jongeren en jongerenorganisaties kansen krijgen alsook toegang tot rechters van het Hof van Justitie met het oog op het veiligstellen van hun recht op het verkrijgen van milieuinformatie van overheidsinstanties of het recht om te participeren in de besluitvorming omtrent het milieu (8). |
|
6.3 |
Jongeren en jongerenorganisaties moeten worden betrokken bij de voortgezette aanpak van de COVID-19-crisis van de EU en moeten samenwerken aan fundamentele veranderingen in onze sociale, economische en politieke stelsels, waaraan duurzame ontwikkelingsbeginselen ten grondslag liggen. Het crisispakket met meer dan 500 miljard EUR dat in april 2020 werd aangekondigd, moet ervoor zorgen dat deze beginselen centraal worden geplaatst bij de uitvoering. Dit is een kans die elke generatie maar één keer krijgt om systemische ongelijkheden recht te zetten en zich te ontdoen van niet-duurzame praktijken. |
|
6.4 |
Het is belangrijk dat jongerenorganisaties baat hebben bij de inspanningen voor capaciteitsopbouw zodat ze de juiste weg kunnen vinden in regelgevende en bestuurlijke omgevingen. Het steunen van capaciteitsopbouw, het verlenen van politieke en financiële steun en het bevorderen van netwerken en relaties zal de positie van jongeren versterken en hun participatie in de besluitvormingsprocessen vergemakkelijken. |
Het EESC
|
6.5 |
Het EESC moet het goede voorbeeld geven door de EU-jongerenvertegenwoordiger mee te nemen in zijn UNFCCC-COP-delegatie en deze persoon de status van waarnemer te geven binnen de EU-delegatie. Deze jongerenvertegenwoordiger neemt deel aan bilaterale bijeenkomsten en nevenevenementen van het EESC. Ze kunnen jongerenorganisaties, met inbegrip van het netwerk van rondetafelbijeenkomsten voor jongeren inzake klimaat en duurzaamheid, op de hoogte brengen van het proces en de resultaten. Ze kunnen baat hebben bij secretariële ondersteuning van het EESC voor deze opdrachten. |
|
6.6 |
Het EESC kan zich erop toeleggen om bij elk EESC-advies met betrekking tot klimaat en duurzaamheid in dialoog te treden met een jongerenvertegenwoordiger. Deze persoon kan de rapporteur informeren over de standpunten van jongeren en zou, in voorkomend geval, worden uitgenodigd om een inbreng te leveren tijdens een hoorzitting, een studiegroepvergadering of een afdelingsvergadering. De jongerenvertegenwoordiger kan door de EESC-rapporteur worden geselecteerd op basis van een aanbeveling van de begeleiders van de jongerendialoog inzake klimaat en duurzaamheid. Deze rol kan worden omschreven als een soort informele schaduwrapporteur. |
|
6.7 |
Het EESC is reeds gestart met jongerenvertegenwoordigers de kans te geven regelmatig te spreken tijdens openbare evenementen die op klimaat en duurzaamheid zijn gericht. Tijdens de volgende mandaatsperiode moet dit worden uitgebreid naar alle openbare evenementen met toekomstgerichte thema’s die baat kunnen hebben bij inbreng van jongeren. |
|
6.8 |
De Europese jeugdklimaattop die het EESC samen met het Europees Parlement heeft gehost, kan een jaarlijks evenement voor jongeren worden. Dit evenement kan helpen om de belangenbehartiging van jongeren te versterken, bijdragen aan de capaciteitsopbouw en zelfverwezenlijking van jongeren en banden leggen tussen de EU-instellingen, hetgeen cruciaal is om zinvolle, gestructureerde en langdurige participatie van jongeren in het EU-besluitvormingsproces te kunnen realiseren. |
|
6.9 |
Het EESC vraagt het Europees Parlement ook een formele procedure te ontwikkelen waarbij jongerenvertegenwoordigers worden geraadpleegd tijdens het opstellen van hun standpunten over beleidsvoorstellen met betrekking tot klimaat en duurzaamheid. |
|
6.10 |
Het EESC kan zijn lidmaatschap toekomstbestendig maken om ervoor te zorgen dat jongerenorganisaties voldoende zijn vertegenwoordigd in het EESC en dat kennis en ervaring worden gedeeld met de jongerenafdelingen van ledenorganisaties. Veel EESC-ledenorganisaties hebben jongerenafdelingen. Meer leden moeten actief worden aangemoedigd om potentiële toekomstige leden uit zulke afdelingen van hun organisaties te betrekken. Het EESC blijft het uitstekende evenement “Jouw Europa, jouw mening” gebruiken om de participatie van jongeren te waarborgen. Hoewel dit evenement dit jaar door COVID-19 is uitgesteld, zal het volgend jaar opnieuw plaatshebben met aandacht voor klimaat en duurzaamheid. |
7. Een positieve visie op de toekomst
|
7.1 |
De ernstigste gevolgen van de klimaatcrisis zullen voor de meeste Europeanen nog niet direct voelbaar zijn. De COVID-19-pandemie geeft ons een praktisch voorbeeld van wat er kan gebeuren wanneer wetenschappers en deskundigen niet worden gehoord. Ze heeft ook aangetoond dat een crisis doeltreffend kan worden aangepakt aan de hand van beleid op basis van exacte wetenschap. Deze les moet ook worden meegenomen bij de klimaatcrisis: we hebben nog tijd om enkele van de ernstigste gevolgen af te wenden en ons voor te bereiden op de rest. |
|
7.2 |
Bij het ontwerp en de uitvoering van het beleid voor het herstel van de economische gevolgen van de pandemie moeten de verbintenissen inzake klimaatactie en duurzaamheid een belangrijke plaats innemen. De Agenda 2030 en de Overeenkomst van Parijs vormen de ruggengraat van internationaal multilateralisme bij de aanpak van deze kwesties en de Europese Green Deal moet worden versterkt om de duurzame, koolstofneutrale toekomst te kunnen realiseren waarin de intergenerationele verplichtingen worden nagekomen. |
|
7.3 |
De jongerenbeweging heeft tijdens de lockdown naar aanleiding van de pandemie blijk gegeven van een groot aanpassingsvermogen. Dankzij hun online mobilisering en innovatieve verspreidingsmethoden en door alle vormen van communicatie, van beleidsverzoeken tot humor, te gebruiken, heeft hun boodschap weerklank gevonden. Deze innovatieve en ambitieuze aanpak voor de formulering van onze toekomst, moet worden erkend en meegenomen. |
|
7.4 |
Tijdens de in andere opzichten verschrikkelijke periode vanwege de gevolgen van COVID-19, konden we een glimp opvangen van een positieve visie op de toekomst. De rol van de werknemers met de laagste inkomens in onze economie is als cruciaal erkend. Onze werknemers zijn flexibeler gebleken dan gedacht. De band met onze familie en onze naaste omgeving is heel lonend en waardevol geweest. De nadruk werd gelegd op het appreciëren van de voordelen die de toegang tot natuur te bieden heeft voor de gezondheid en het welzijn. We krijgen nu de kans om ervoor te zorgen dat we de positieve lessen die we hebben getrokken, inzetten als essentiële elementen van het nieuwe normaal. |
Brussel, 18 september 2020.
De voorzitter van het Europees Economisch en Sociaal Comité
Luca JAHIER
(1) Duurzameontwikkelingsdoelstellingen van de VN.
(2) Europese Commissie: Het moment van Europa: herstel en voorbereiding voor de volgende generatie COM(2020) 456 final en het begeleidende document De EU-begroting als drijvende kracht achter het herstelplan voor Europa.
(3) https://news.un.org/en/story/2020/04/1061772
(4) Bron: Fridays for future: strike statistics.
(5) Bron: VN-jeugdraad voor het klimaat.
(6) Bron: Ecology and Society: Exploring youth activism on climate change: dutiful, disruptive, and dangerous dissent.
(7) Ref.: EESC-advies over de Bevordering van klimaatactie door niet-overheidsactoren: een EU-kader voor meer en betere maatregelen (PB C 227 van 28.6.2018, blz. 35) en advies over het Europees klimaatpact (PB C 364 van 28.10.2020, blz. 67).
(8) EESC-advies betreffende toegang tot de rechter inzake milieuaangelegenheden (PB C 129 van 11.4.2018, blz. 65).