EUR-Lex Access to European Union law

Back to EUR-Lex homepage

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Document 52018PC0397

Voorstel voor een VERORDENING VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD tot aanvulling van de wetgeving inzake EU-typegoedkeuring in verband met de terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk uit de Unie

COM/2018/397 final - 2018/0220 (COD)

Brussel, 4.6.2018

COM(2018) 397 final

2018/0220(COD)

Voorstel voor een

VERORDENING VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD

tot aanvulling van de wetgeving inzake EU-typegoedkeuring in verband met de terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk uit de Unie

(Voor de EER relevante tekst)


TOELICHTING

1.ACHTERGROND VAN HET VOORSTEL

Motivering en doel van het voorstel

Op 29 maart 2017 heeft het Verenigd Koninkrijk kennisgegeven van zijn voornemen om zich uit de Unie terug te trekken krachtens artikel 50 van het Verdrag betreffende de Europese Unie. Dit betekent dat vanaf 30 maart 2019 ("de terugtrekkingsdatum") alle primaire en secundaire wetgeving van de Unie niet langer van toepassing is op het Verenigd Koninkrijk, tenzij in een geratificeerd terugtrekkingsakkoord een andere datum wordt vastgesteld. Het Verenigd Koninkrijk wordt dan een derde land.

Onder voorbehoud van een eventuele overgangsregeling in een mogelijk terugtrekkingsakkoord zal het EU-rechtskader inzake typegoedkeuringen voor een aantal producten vanaf de terugtrekkingsdatum niet langer van toepassing zijn op het Verenigd Koninkrijk, met name:

·Richtlijn 2007/46/EG inzake de typegoedkeuring van motorvoertuigen en aanhangers (deze zal worden vervangen door een verordening die op 1 september 2020 van kracht wordt);

·Verordening (EU) nr. 168/2013 betreffende de typegoedkeuring van twee- en driewielige voertuigen en vierwielers;

·Verordening (EU) nr. 167/2013 betreffende de typegoedkeuring van landbouw- en bosbouwvoertuigen, en

·Verordening (EU) 2016/1628 betreffende de typegoedkeuring van motoren in niet voor de weg bestemde mobiele machines.

Dit betekent ook dat de typegoedkeuringsinstantie van het Verenigd Koninkrijk niet langer een EU-typegoedkeuringsinstantie zal zijn en dat zij de bevoegdheden en verplichtingen van een typegoedkeuringsinstantie die voortvloeien uit EU-wetgeving niet meer zal kunnen vervullen. Fabrikanten die in het verleden goedkeuringen in het Verenigd Koninkrijk verkregen, moeten nieuwe goedkeuringen daarna dus van typegoedkeuringsinstanties uit de EU-27 verkrijgen, ook voor producten die reeds in productie zijn, om de blijvende naleving van de EU-wetgeving en de toegang tot de markt van de Unie te behouden.

Hoewel in het wettelijke kader voor deze producten procedurele eisen voorzien zijn die de toekenning van typegoedkeuringen in de hele EU gelijkschakelen, is het vanwege een aantal waarborgen voor de betrokken fabrikanten moeilijk de nodige maatregelen te nemen om de naleving van de regelgeving en de bedrijfscontinuïteit te waarborgen wanneer de EU-wetgeving niet langer op het Verenigd Koninkrijk van toepassing zal zijn.

Zo biedt het EU-typegoedkeuringssysteem fabrikanten de vrije keuze als het gaat om de typegoedkeuringsinstantie waar zij hun typegoedkeuring aanvragen. Maar als de goedkeuring eenmaal is verleend, kan niet meer van instantie worden gewisseld, en evenmin kan de ene instantie een door een andere instantie afgegeven goedkeuring wijzigen. Verder mag een typegoedkeuringsinstantie volgens de wetgeving inzake typegoedkeuring alleen testverslagen aanvaarden van technische diensten die door de lidstaat waartoe deze behoort zijn aangewezen en bij de Commissie zijn aangemeld. Bovendien is het een fundamenteel beginsel van het typegoedkeuringssysteem dat een product alleen mag worden goedgekeurd aan de hand van de voorschriften die op het tijdstip waarop de goedkeuring wordt verleend van toepassing zijn op nieuwe typen (in plaats van op nieuwe voertuigen). Tot slot kan de typegoedkeuringsinstantie van het Verenigd Koninkrijk, wanneer zij geen EU-typegoedkeuringsinstantie meer is, niet langer de conformiteit van de productie en de conformiteit tijdens het gebruik waarborgen van reeds in het verkeer gebrachte producten. Er moet ook een verantwoordelijke typegoedkeuringsinstantie zijn voor het terugroepen van een product dat niet in overeenstemming is met de veiligheids- of milieuvoorschriften.

Voor fabrikanten met typegoedkeuringen uit het Verenigd Koninkrijk leiden deze kwesties tot aanzienlijke rechtsonzekerheid. In dit voorstel wordt beoogd deze kwesties aan te pakken door de bestaande regels op tijdelijke basis en zeer gericht te wijzigen om de betrokken fabrikanten de mogelijkheid te geven nieuwe vergunningen van de EU-27 te verkrijgen voor hun bestaande producten waarvoor een typegoedkeuring van het VK is afgegeven. In het voorstel:

·wordt het fabrikanten uitdrukkelijk toegestaan om een aanvraag bij een typegoedkeuringsinstantie van de EU-27 in te dienen voor nieuwe typegoedkeuringen voor bestaande typen;

·hoeven tests die ten behoeve van typegoedkeuringen van het VK zijn uitgevoerd niet te worden herhaald, ook al was de technische dienst niet vooraf door de typegoedkeuringsinstantie van de EU-27 aangewezen en aangemeld;

·wordt bepaald dat zulke goedkeuringen mogen worden verleend wanneer wordt voldaan aan de voorschriften voor nieuwe voertuigen, systemen, onderdelen en technische eenheden in plaats van aan die voor nieuwe typen;

·wordt voorgesteld te helpen bij het vinden van nieuwe typegoedkeuringsinstanties voor producten die al vóór de terugtrekking in de handel zijn, om te voorkomen dat geen enkele instantie verantwoordelijk zou zijn voor het controleren van de conformiteit tijdens het gebruik of het afkondigen van mogelijke toekomstige terugroepacties.

De bepalingen in het voorstel leiden niet tot minder strenge voorschriften op het gebied van de veiligheid of de milieuprestaties van de voertuigen, systemen, onderdelen of technische eenheden. Het voorstel geeft fabrikanten met typegoedkeuringen van het VK geen voordeel ten opzichte van fabrikanten met typegoedkeuringen van de EU-27. In plaats daarvan stelt het initiatief fabrikanten enkel in staat om hun producten conform de toepasselijke wettelijke voorschriften te blijven produceren zonder hun bestaande productie te onderbreken, wat ernstige sociale en economische gevolgen had kunnen hebben. Doordat het initiatief de naleving van EU-wetgeving door fabrikanten vergemakkelijkt, wordt ook de bescherming van consumenten en burgers gewaarborgd.

Verenigbaarheid met bestaande bepalingen op het beleidsterrein

In de mate waarin dit voorstel afwijkt van de vier in het toepassingsgebied ervan vermelde handelingen, zal het fungeren als lex specialis bij die handelingen; verder blijven de algemene bepalingen van die handelingen van toepassing. Zodoende is dit voorstel volledig in overeenstemming met de bestaande wetgeving.

Verenigbaarheid met andere beleidsterreinen van de Unie

Dit voorstel is volledig in overeenstemming met het mandaat van de Raad voor de onderhandelingen met het Verenigd Koninkrijk over zijn terugtrekking uit de Unie.

2.RECHTSGRONDSLAG, SUBSIDIARITEIT EN EVENREDIGHEID

Rechtsgrondslag

De rechtsgrondslag van dit voorstel is artikel 114 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU).

Subsidiariteit (bij niet-exclusieve bevoegdheid)

Omdat de voorgestelde handeling vier handelingen van de Unie moet aanvullen en de inhoud ervan moet wijzigen, kan dit alleen worden bereikt met een maatregel op het niveau van de Unie, niet met maatregelen op lidstaatniveau.

Evenredigheid

Het voorstel geldt als evenredig aangezien het de nodige juridische wijzigingen omvat maar tegelijkertijd niet verder gaat dan nodig is voor de doelstelling om fabrikanten met typegoedkeuringen uit het Verenigd Koninkrijk in staat te stellen aan de typegoedkeuringswetgeving te voldoen. Het voorstel voorziet in de nodige juridische voorwaarden om een zo gelijk mogelijk speelveld voor alle fabrikanten te handhaven.

 Keuze van het instrument

Omdat de handeling specifieke regels omvat die bedoeld zijn voor een zeer specifieke en eenmalige situatie, zal zij deze handelingen bij wijze van uitzondering niet wijzigen, maar functioneren als een op zichzelf staande handeling binnen een beperkte tijd. Drie van de betrokken handelingen zijn verordeningen en één is een richtlijn (die binnenkort zal worden vervangen door een verordening met 1 september 2020 als datum van inwerkingtreding); daarom lijkt een verordening de enige passende vorm voor een handeling die de lidstaten de mogelijkheid biedt af te wijken van de algemene regels die anders van toepassing zijn. Een verordening doet ook het best recht aan de urgentie van de zaak.

3.EVALUATIE, RAADPLEGING VAN BELANGHEBBENDEN EN EFFECTBEOORDELING

Evaluatie van bestaande wetgeving en controle van de resultaatgerichtheid ervan

Niet van toepassing.

Raadpleging van belanghebbenden

De uitdagingen op het gebied van typegoedkeuring die het gevolg zijn van de terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk uit de EU zijn op verschillende vergaderingen met de lidstaten aan de orde gesteld en besproken. Zij werden ook door fabrikanten en verenigingen die hen vertegenwoordigen onder de aandacht van de Commissie gebracht.

Via het portaal voor betere regelgeving ("Geef uw mening") van de Europese Commissie konden belanghebbenden feedback geven over het initiatief.

Tijdens de feedbackperiode van 26 april 2018 tot en met 10 mei 2018 hebben 15 belanghebbenden opmerkingen ingediend, waaronder negen Europese verenigingen van belanghebbenden, drie verenigingen uit het Verenigd Koninkrijk, twee fabrikanten en één burger. Het voornemen om de rechtszekerheid te vergroten werd algemeen op prijs gesteld. Verscheidene opmerkingen betroffen kwesties van horizontale aard voor alle typen goederen, de lopende onderhandelingen over het terugtrekkingsakkoord en de toekomstige betrekkingen tussen de Europese Unie en het Verenigd Koninkrijk. Bij de opstelling van het voorstel is met de relevante feedback rekening gehouden.

Bijeenbrengen en gebruik van expertise

Mondelinge en schriftelijke feedback van fabrikanten en lidstaten (zie boven).

Een juridische analyse van de wetgeving inzake typegoedkeuring ter onderbouwing van twee kennisgevingen aan belanghebbenden: " Guidance to stakeholders on impact on type-approval of motor vehicles " (Richtsnoeren voor belanghebbenden over gevolgen voor de typegoedkeuring van motorvoertuigen) van 8 februari 2018 en " Guidance to stakeholders on impact on type-approval of certain vehicles and engines " (Richtsnoeren voor belanghebbenden over gevolgen voor de typegoedkeuring van bepaalde voertuigen en motoren) van 28 maart 2018.

Effectbeoordeling

Niet van toepassing.

Grondrechten

Het voorstel heeft geen gevolgen voor de bescherming van de grondrechten.

4.GEVOLGEN VOOR DE BEGROTING

Niet van toepassing.

5.OVERIGE ELEMENTEN

Uitvoeringsplanning en regelingen betreffende controle, evaluatie en rapportage

Niet van toepassing.

2018/0220 (COD)

Voorstel voor een

VERORDENING VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD

tot aanvulling van de wetgeving inzake EU-typegoedkeuring in verband met de terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk uit de Unie

(Voor de EER relevante tekst)

HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, en met name artikel 114,

Gezien het voorstel van de Europese Commissie,

Na toezending van het ontwerp van wetgevingshandeling aan de nationale parlementen,

Gezien het advies van het Europees Economisch en Sociaal Comité,

Handelend volgens de gewone wetgevingsprocedure,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)Op 29 maart 2017 heeft het Verenigd Koninkrijk kennisgegeven van zijn voornemen om zich uit de Unie terug te trekken krachtens artikel 50 van het Verdrag betreffende de Europese Unie. Dit betekent dat de wetgeving van de Unie vanaf 30 maart 2019 niet langer van toepassing is op het Verenigd Koninkrijk, tenzij in een geratificeerd terugtrekkingsakkoord, of door de Europese Raad in overeenstemming met het Verenigd Koninkrijk, unaniem een andere datum wordt vastgesteld. Het Verenigd Koninkrijk wordt dan een derde land.

(2)Bij Richtlijn 2007/46/EG van het Europees Parlement en de Raad 1 , Verordening (EU) nr. 167/2013 van het Europees Parlement en de Raad 2 , Verordening (EU) nr. 168/2013 van het Europees Parlement en de Raad 3 en Verordening (EU) 2016/1628 van het Europees Parlement en de Raad 4 is een breed wetgevingskader voor EU-typegoedkeuringen vastgesteld.

(3)Deze handelingen laten de fabrikanten de keuze van de instantie voor het verkrijgen van een typegoedkeuring die hen in staat stelt producten in alle lidstaten in de handel te brengen.

(4)Als er geen bijzondere bepalingen worden vastgesteld, zou de terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk uit de Unie tot gevolg hebben dat de typegoedkeuringen die eerder door de typegoedkeuringsinstantie van het Verenigd Koninkrijk zijn verleend, niet langer toegang bieden tot de markt van de Unie. Ook fabrikanten in de andere lidstaten dan het Verenigd Koninkrijk zijn in het bezit van dergelijke goedkeuringen. Voertuigen, systemen, onderdelen en technische eenheden met een in het Verenigd Koninkrijk verleende typegoedkeuring kunnen in de Unie in de handel worden gebracht tot het moment waarop het Unierecht niet langer op en in het Verenigd Koninkrijk van toepassing is, maar er moet worden voorzien in bijzondere bepalingen om het in de Unie in de handel brengen van die producten na die datum te vergemakkelijken.

(5)De huidige wetgeving van de Unie voorziet niet in de mogelijkheid om typen die reeds elders in de Unie zijn goedgekeurd, opnieuw goed te keuren. Fabrikanten moeten echter kunnen doorgaan met de productie van voertuigen, systemen, onderdelen en technische eenheden die eerder op typegoedkeuringen van het Verenigd Koninkrijk was gebaseerd, en zij moeten dergelijke producten in de Unie in de handel kunnen blijven brengen. Daarom moet fabrikanten de mogelijkheid worden geboden nieuwe goedkeuringen te verkrijgen van instanties in de andere lidstaten van de Unie dan het Verenigd Koninkrijk.

(6)Deze verordening moet ook waarborgen dat fabrikanten de grootst mogelijke vrijheid behouden bij hun keuze van een goedkeuringsinstantie. In het bijzonder moet die keuze van de fabrikant niet onderworpen zijn aan toestemming van de typegoedkeuringsinstantie van het Verenigd Koninkrijk, of afhankelijk zijn van eventuele afspraken tussen de typegoedkeuringsinstantie van het Verenigd Koninkrijk en de nieuwe typegoedkeuringsinstantie.

(7)Om alle belanghebbenden de nodige rechtszekerheid te bieden en een gelijk speelveld voor fabrikanten te waarborgen, is het noodzakelijk op transparante wijze gelijke voorwaarden vast te stellen die in alle lidstaten van toepassing zijn.

(8)Om de voortzetting van de productie en het in de handel brengen van de voertuigen, systemen, onderdelen en technische eenheden mogelijk te maken, is het noodzakelijk dat de voorschriften waaraan de desbetreffende typen moeten voldoen om door de instantie van een andere lidstaat van de Unie dan het Verenigd Koninkrijk te worden erkend, overeenkomen met de voorschriften die gelden voor het op de markt brengen van nieuwe voertuigen, systemen, onderdelen en technische eenheden, niet met de voorschriften die gelden voor nieuwe typen.

(9)De voorschriften voor nieuwe voertuigen, systemen, onderdelen en technische eenheden gelden evenzeer voor fabrikanten met typegoedkeuringen die door een andere lidstaat dan het Verenigd Koninkrijk zijn verleend. Met de keuze om voor de goedkeuring van typen uit hoofde van deze verordening dezelfde voorschriften toe te passen als die welke gelden voor het in de handel brengen van nieuwe voertuigen, systemen, onderdelen en technische eenheden, wordt dus beoogd te waarborgen dat de fabrikanten die de gevolgen ondervinden van de terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk gelijk worden behandeld als fabrikanten waarvan de typegoedkeuringen zijn verleend door andere lidstaten dan het Verenigd Koninkrijk.

(10)Niets in deze verordening mag de fabrikant van een voertuig ervan weerhouden om voor een voertuigtype dat eerder in het Verenigd Koninkrijk is goedgekeurd, op vrijwillige basis goedkeuring van de Unie aan te vragen aan de hand van bepaalde voorschriften die van toepassing zijn op nieuwe typen systemen, onderdelen of technische eenheden en waarbij het voertuigtype voor het overige identiek blijft aan het type dat in het Verenigd Koninkrijk was goedgekeurd.

(11)Aanvragen voor goedkeuringen voor geheel nieuwe typen voertuigen, systemen, onderdelen of technische eenheden moeten niet onder het toepassingsgebied van deze verordening vallen.

(12)Het moet mogelijk zijn om typegoedkeuringen die op basis van deze verordening worden verleend, te baseren op testrapporten die al waren ingediend met het oog op het verkrijgen van de goedkeuring in het Verenigd Koninkrijk, mits de voorschriften die aan de desbetreffende test ten grondslag liggen niet zijn gewijzigd. Om een dergelijk gebruik van de testrapporten van een door het Verenigd Koninkrijk aangemelde technische dienst mogelijk te maken, moet deze verordening voorzien in een vrijstelling van de eis dat de desbetreffende technische dienst moet zijn aangewezen en bij de Commissie moet zijn aangemeld door de instantie die de typegoedkeuring verleent. Om ook de tijd te bestrijken waarin het recht van de Unie niet langer op en in het Verenigd Koninkrijk van toepassing is, moet deze verordening ook voorzien in een vrijstelling van de specifieke voorschriften met betrekking tot de aanwijzing en aanmelding van technische diensten van derde landen.

(13)Tegelijkertijd moeten typegoedkeuringsinstanties, die immers de volledige verantwoordelijkheid dragen voor de door hen verleende nieuwe goedkeuringen, de mogelijkheid hebben om de uitvoering van aanvullende tests te verlangen voor elk element van de goedkeuring waarvoor zij dat wenselijk achten.

(14)Voor zover in deze handeling niet anders wordt bepaald, moeten de algemene bepalingen inzake de EU-typegoedkeuring van toepassing blijven.

(15)Er moet rekening mee worden gehouden dat de aan typegoedkeuringsinstanties toebedeelde rol niet eindigt met de productie of het in de handel brengen van een voertuig, systeem, onderdeel of technische eenheid, maar zich tot meerdere jaren na het in de handel brengen van de desbetreffende producten uitstrekt. Dit geldt in het bijzonder met betrekking tot de verplichtingen inzake de conformiteit tijdens het gebruik van voertuigen die vallen onder Richtlijn 2007/46/EG, en de verplichtingen inzake reparatie- en onderhoudsinformatie en eventuele terugroepacties voor voertuigen, systemen, onderdelen en technische eenheden die vallen onder Richtlijn 2007/46/EG, Verordening (EU) nr. 167/2013, Verordening (EU) nr. 168/2013 of Verordening (EU) 2016/1628. Om te garanderen dat er in alle gevallen een verantwoordelijke typegoedkeuringsinstantie is, moet de instantie die overeenkomstig deze verordening de typegoedkeuring verleent, die verplichtingen ook op zich nemen met betrekking tot voertuigen, systemen, onderdelen en technische eenheden die op hetzelfde type gebaseerd zijn en die op basis van een in het Verenigd Koninkrijk verleende typegoedkeuring al in de Unie in de handel zijn gebracht.

(16)Om dezelfde redenen is het ook noodzakelijk dat een typegoedkeuringsinstantie van de Unie bepaalde verplichtingen op zich neemt met betrekking tot voertuigen, systemen, onderdelen en technische eenheden die in de Unie in de handel zijn gebracht op basis van door het Verenigd Koninkrijk verleende typegoedkeuringen die ofwel niet meer geldig zijn in de zin van artikel 17 van Richtlijn 2007/46/EG, artikel 32 van Verordening (EU) nr. 167/2013, artikel 37 van Verordening (EU) nr. 168/2013 of artikel 30 van Verordening (EU) 2016/1628, of waarvoor geen typegoedkeuring uit hoofde van deze verordening wordt aangevraagd. Om ervoor te zorgen dat er een verantwoordelijke goedkeuringsinstantie is, moet van de fabrikanten worden verlangd dat zij de instantie door wie zij de eerder in het Verenigd Koninkrijk goedgekeurde typen laten goedkeuren, verzoeken verplichtingen op zich te nemen ten aanzien van terugroepacties, reparatie- en onderhoudsinformatie en controles van de conformiteit tijdens het gebruik met betrekking tot voertuigen, systemen, onderdelen en technische eenheden die op andere typen gebaseerd zijn en reeds in de Unie in de handel zijn gebracht. Om de omvang van de verplichtingen die door de typegoedkeuringsinstantie van de Unie worden aangegaan te beperken, moeten die verplichtingen alleen betrekking hebben op producten gebaseerd op typegoedkeuringen van het VK die zijn verleend na 1 januari 2008.

(17)Aangezien de doelstelling van deze verordening, namelijk het aanvullen van Richtlijn 2007/46/EG, Verordening (EU) nr. 167/2013, Verordening (EU) nr. 168/2013 en Verordening (EU) 2016/1628 met bijzondere regels in verband met de terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk uit de Unie, niet voldoende door de lidstaten kan worden verwezenlijkt, maar vanwege de omvang en de gevolgen van die regels beter door de Unie kan worden verwezenlijkt, kan de Unie maatregelen vaststellen in overeenstemming met het subsidiariteitsbeginsel zoals uiteengezet in artikel 5 van het Verdrag betreffende de Europese Unie. Overeenkomstig het in hetzelfde artikel neergelegde evenredigheidsbeginsel gaat deze verordening niet verder dan nodig is om deze doelstelling te verwezenlijken.

(18)Om de fabrikanten in staat te stellen de nodige maatregelen te treffen om zich wat de wetgeving inzake typegoedkeuring betreft zo tijdig mogelijk op de terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk voor te bereiden, moet deze verordening in werking treden op de derde dag na die van de bekendmaking ervan,

HEBBEN DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1
Voorwerp

Deze verordening strekt tot aanvulling van Richtlijn 2007/46/EG, Verordening (EU) nr. 167/2013, Verordening (EU) nr. 168/2013 en Verordening (EU) 2016/1628 en stelt in dat kader bijzondere bepalingen vast voor de EU-typegoedkeuring en het in de handel brengen van voertuigen, systemen, onderdelen en technische eenheden waarvan de typegoedkeuring is verleend door de goedkeuringsinstantie van het Verenigd Koninkrijk vóór de datum waarop het recht van de Unie niet langer op en in het Verenigd Koninkrijk van toepassing is ("typegoedkeuringsinstantie van het VK").

Artikel 2
Toepassingsgebied

1. Deze verordening is van toepassing op voertuigen, systemen, onderdelen en technische eenheden die vallen binnen het toepassingsgebied van Richtlijn 2007/46/EG, Verordening (EU) nr. 167/2013, Verordening (EU) nr. 168/2013 of Verordening (EU) 2016/1628 en de typen waartoe zij behoren en die door de typegoedkeuringsinstantie van het VK zijn goedgekeurd op basis van die handelingen of enige handeling vermeld in bijlage IV bij Richtlijn 2007/46/EG of een handeling die bij die handelingen is ingetrokken.

2. Verwijzingen naar technische eenheden in het kader van deze verordening worden gelezen als verwijzingen naar motoren in het kader van Verordening (EU) 2016/1628.

Artikel 3

Definities

Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:

1)"typegoedkeuringsinstantie van de Unie": een typegoedkeuringsinstantie van een andere lidstaat dan het Verenigd Koninkrijk;

2)"typegoedkeuring van het VK": een EU- of EG-typegoedkeuring die is verleend door de typegoedkeuringsinstantie van het VK;

3)"typegoedkeuring van de Unie": een EU-typegoedkeuring die in overeenstemming met deze verordening door een typegoedkeuringsinstantie van de Unie is verleend.

Artikel 4

Aanvraag van een typegoedkeuring van de Unie

1. In afwijking van artikel 6, lid 6, van Richtlijn 2007/46/EG, artikel 21, lid 2, van Verordening (EU) nr. 167/2013, artikel 26, lid 2, van Verordening (EU) nr. 168/2013 en artikel 20, lid 1, van Verordening (EU) 2016/1628 kan een fabrikant die houder is van een typegoedkeuring van het VK die niet haar geldigheid niet heeft verloren uit hoofde van artikel 17 van Richtlijn 2007/46/EG, artikel 32 van Verordening (EU) nr. 167/2013, artikel 37 van Verordening (EU) nr. 168/2013 of artikel 30 van Verordening (EU) 2016/1628, vóór de dag waarop het recht van de Unie niet langer op en in het Verenigd Koninkrijk van toepassing is bij een typegoedkeuringsinstantie van de Unie een aanvraag indienen voor een goedkeuring van de Unie voor hetzelfde type.

2. Om te worden goedgekeurd, moet het type ten minste voldoen aan de voorschriften voor het in de handel brengen, de registratie of het in het verkeer brengen van nieuwe voertuigen, systemen, componenten of technische eenheden zoals die van toepassing zijn op het tijdstip waarop de typegoedkeuring van de Unie van kracht wordt.

3. Met de indiening van de aanvraag krachtens lid 1 verplicht de fabrikant zich tot de betaling van een passende vergoeding voor de kosten die voortvloeien uit de uitoefening van de bevoegdheden en het voldoen aan de verplichtingen van de goedkeuringsinstantie van de Unie met betrekking tot de typegoedkeuring van de Unie.

Artikel 5

Voorwaarden voor het verlenen van een typegoedkeuring van de Unie en gevolgen daarvan

1. In afwijking van artikel 8, lid 2, artikel 9, lid 1, onder a), en artikel 10, leden 1 en 2, van Richtlijn 2007/46/EG, artikel 6, lid 2, van Verordening (EU) nr. 167/2013, artikel 7, lid 2, en artikel 18 van Verordening (EU) nr. 168/2013 en artikel 6, lid 2, van Verordening (EU) 2016/1628 kan de typegoedkeuringsinstantie van de Unie die een aanvraag overeenkomstig artikel 4 van deze verordening heeft ontvangen, een typegoedkeuring van de Unie verlenen met betrekking tot een voertuig, systeem, onderdeel of technische eenheid als het desbetreffende type op het moment dat de goedkeuring van kracht wordt ten minste voldoet aan alle voorschriften die gelden voor het in de handel brengen, de registratie of het in het verkeer brengen van nieuwe voertuigen, systemen, onderdelen of technische eenheden.

2. Voor zover er geen nieuwe voorschriften van toepassing zijn en zonder afbreuk te doen aan lid 3, kan de typegoedkeuring van de Unie worden verleend op basis van dezelfde testrapporten die eerder zijn gebruikt voor het verlenen van de typegoedkeuring van het VK volgens de geldende bepalingen, ongeacht of de technische dienst die het testrapport heeft afgegeven door de lidstaat van de typegoedkeuring van de Unie overeenkomstig Richtlijn 2007/46/EG, Verordening (EU) nr. 167/2013, Verordening (EU) nr. 168/2013 of Verordening (EU) 2016/1628 is aangewezen en aangemeld, zelfs wanneer het Unierecht niet langer op en in het Verenigd Koninkrijk van toepassing is.

3. Alvorens een typegoedkeuring van de Unie te verlenen, kan de typegoedkeuringsinstantie van de Unie verlangen dat specifieke tests worden herhaald. In zo'n geval moet de test worden uitgevoerd door een technische dienst die door de lidstaat van de typegoedkeuringsinstantie van de Unie in overeenstemming met Richtlijn 2007/46/EG, Verordening (EU) nr. 167/2013, Verordening (EU) nr. 168/2013 of Verordening (EU) 2016/1628 is aangewezen en aangemeld.

4. Het type dat in overeenstemming met lid 1 is goedgekeurd, ontvangt een EU-typegoedkeuringscertificaat met een nummer bestaande uit het kengetal van de lidstaat waarvan de goedkeuringsinstantie de typegoedkeuring van de Unie heeft verleend en het nummer van de toepasselijke handeling als bedoeld in artikel 2, lid 1. Op het certificaat wordt ook het nummer vermeld van de laatste wijzigingshandeling die voorschriften voor typegoedkeuring bevatte in overeenstemming waarmee de typegoedkeuring van de Unie wordt verleend. Bij voertuigen bevatten het typegoedkeuringscertificaat en het certificaat van overeenstemming onder "Opmerkingen" de vermelding "Eerdere typegoedkeuring:" met het nummer van het typegoedkeuringscertificaat dat op grond van de typegoedkeuring van het VK is ontvangen. Bij systemen, onderdelen of technische eenheden bevat het typegoedkeuringscertificaat de vermelding "Eerdere typegoedkeuringsmarkering:" met een verwijzing naar de markering die op grond van de typegoedkeuring van het VK is ontvangen.

5. De typegoedkeuring van de Unie wordt van kracht op de dag waarop zij wordt verleend of op een latere datum die erin is vastgesteld. De typegoedkeuring van het VK wordt ongeldig uiterlijk op de dag waarop de typegoedkeuring van de Unie van kracht wordt.

6. Een typegoedkeuring van de Unie wordt beschouwd als een EG- of EU-typegoedkeuring in de zin van Richtlijn 2007/46/EG of van enige handeling zoals genoemd in bijlage IV bij die richtlijn, Verordening (EU) nr. 167/2013, Verordening (EU) nr. 168/2013 of Verordening (EU) 2016/1628. Alle bepalingen in die handelingen waarvan in deze verordening niet wordt afgeweken, blijven van toepassing. De typegoedkeuringsinstantie van de Unie neemt de volledige verantwoordelijkheid op zich voor de verplichtingen die voortvloeien uit de typegoedkeuring van de Unie.

Vanaf de ingangsdatum van de typegoedkeuring van de Unie oefent de typegoedkeuringsinstantie van de Unie eveneens alle bevoegdheden uit en voldoet zij aan alle verplichtingen van de typegoedkeuringsinstantie van het VK met betrekking tot alle voertuigen, systemen, onderdelen of technische eenheden die zijn geproduceerd op basis van de typegoedkeuring van het VK en die reeds in de Unie in de handel zijn gebracht, geregistreerd of in het verkeer zijn gebracht. Dit omvat niet de eventuele aansprakelijkheid voor handelingen of nalatigheden die aan de typegoedkeuringsinstantie van het VK toe te schrijven zijn.

Artikel 6

Typegoedkeuringsinstantie van de Unie die verantwoordelijk is voor voertuigen, systemen, onderdelen of technische eenheden waarvan de typen niet uit hoofde van deze verordening zijn goedgekeurd

1. Wanneer een fabrikant een aanvraag voor typegoedkeuring krachtens artikel 4 indient, verzoekt hij de betrokken typegoedkeuringsinstantie van de Unie de verplichtingen van de typegoedkeuringsinstantie van het VK over te nemen voor voertuigen, systemen, onderdelen of technische eenheden die in de Unie op de markt worden gebracht, worden geregistreerd of in het verkeer worden gebracht op basis van typegoedkeuringen van het VK die niet meer geldig zijn op grond van artikel 17 van Richtlijn 2007/46/EG, artikel 32 van Verordening (EU) nr. 167/2013, artikel 37 van Verordening (EU) nr. 168/2013 of artikel 30 van Verordening (EU) 2016/1628, of waarvoor geen typegoedkeuring overeenkomstig artikel 5 van deze verordening van de Unie wordt aangevraagd.

Een dergelijk verzoek heeft betrekking op alle voertuigen, systemen, onderdelen en technische eenheden in verband waarmee de fabrikant beschikt over typegoedkeuringen van het VK die na 1 januari 2008 zijn verleend, tenzij de fabrikant aan de typegoedkeuringsinstantie van de Unie bewijs verstrekt waaruit blijkt dat hij met betrekking tot die voertuigen, systemen, onderdelen en technische eenheden een overeenkomst met een andere typegoedkeuringsinstantie van de Unie heeft.

2. De typegoedkeuringsinstantie van de Unie kan een typegoedkeuring van de Unie overeenkomstig artikel 5 pas verlenen nadat zij het krachtens lid 1 ingediende verzoek heeft aanvaard en nadat de fabrikant ermee heeft ingestemd de kosten te dekken die de typegoedkeuringsinstantie van de Unie eventueel moet maken als gevolg van de uitoefening van haar bevoegdheden en het nakomen van haar verplichtingen ten aanzien van de desbetreffende voertuigen, systemen, onderdelen en technische eenheden.

3. Na de aanvaarding van het in lid 1 bedoelde verzoek en de verlening van de typegoedkeuring van de Unie overeenkomstig artikel 5 oefent de typegoedkeuringsinstantie van de Unie met betrekking tot alle voertuigen, systemen, onderdelen of technische eenheden die zijn geproduceerd op basis van de in lid 1 bedoelde typegoedkeuringen van het VK alle bevoegdheden uit en voldoet zij aan alle verplichtingen van de typegoedkeuringsinstantie van het VK op het gebied van terugroepacties, reparatie- en onderhoudsinformatie en controles van de conformiteit tijdens het gebruik. Dit omvat niet de eventuele aansprakelijkheid voor handelingen of nalatigheden die aan de typegoedkeuringsinstantie van het VK toe te schrijven zijn.

4. De typegoedkeuringsinstantie van de Unie stelt de typegoedkeuringsinstanties van de andere lidstaten en de Commissie in kennis van de typen waarvoor zij overeenkomstig lid 1 ermee heeft ingestemd de verplichtingen van de typegoedkeuringsinstantie van het VK over te nemen.

Artikel 7

Inwerkingtreding en toepassing

Deze verordening treedt in werking op de derde dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie. 

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel,

Voor het Europees Parlement    Voor de Raad

De voorzitter    De voorzitter

(1)    Richtlijn 2007/46/EG van het Europees Parlement en de Raad van 5 september 2007 tot vaststelling van een kader voor de goedkeuring van motorvoertuigen en aanhangwagens daarvan en van systemen, onderdelen en technische eenheden die voor dergelijke voertuigen zijn bestemd (PB L 263 van 9.10.2007, blz. 1).
(2)    Verordening (EU) nr. 167/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 5 februari 2013 inzake de goedkeuring van en het markttoezicht op landbouw- en bosbouwvoertuigen (PB L 60 van 2.3.2013, blz. 1).
(3)    Verordening (EU) nr. 168/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 15 januari 2013 betreffende de goedkeuring van en het markttoezicht op twee- of driewielige voertuigen en vierwielers (PB L 60 van 2.3.2013, blz. 52).
(4)    Verordening (EU) 2016/1628 van het Europees Parlement en de Raad van 14 september 2016 inzake voorschriften met betrekking tot emissiegrenswaarden voor verontreinigende gassen en deeltjes en typegoedkeuring voor in niet voor de weg bestemde mobiele machines gemonteerde interne verbrandingsmotoren, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1024/2012 en (EU) nr. 167/2013, en tot wijziging en intrekking van Richtlijn 97/68/EG (PB L 252 van 16.9.2016, blz. 53).
Top