Accept Refuse

EUR-Lex Access to European Union law

Back to EUR-Lex homepage

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Document 52003PC0463

Advies van de Commissie krachtens artikel 251, lid 2, derde alinea, onder c), van het EG-Verdrag, over de amendementen van het Europees Parlement op het gemeenschappelijk standpunt van de Raad over het voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van een regeling voor de handel in broeikasgasemissierechten binnen de Gemeenschap en tot wijziging van richtlijn 96/61/EG van de Raad houdende wijziging van het voorstel van de Commissie overeenkomstig artikel 250, lid 2 van het EG-verdrag

/* COM/2003/0463 def. - COD 2001/0245 */

52003PC0463

Advies van de Commissie krachtens artikel 251, lid 2, derde alinea, onder c), van het EG-Verdrag, over de amendementen van het Europees Parlement op het gemeenschappelijk standpunt van de Raad over het voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van een regeling voor de handel in broeikasgasemissierechten binnen de Gemeenschap en tot wijziging van Richtlijn 96/61/EG van de Raad houdende wijziging van het voorstel van de Commissie overeenkomstig artikel 250, lid 2 van het EG-verdrag /* COM/2003/0463 def. - COD 2001/0245 */


ADVIES VAN DE COMMISSIE krachtens artikel 251, lid 2, derde alinea, onder c), van het EG-Verdrag, over de amendementen van het Europees Parlement op het gemeenschappelijk standpunt van de Raad over het voorstel voor een Richtlijn van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van een regeling voor de handel in broeikasgasemissierechten binnen de Gemeenschap en tot wijziging van Richtlijn 96/61/EG van de Raad HOUDENDE WIJZIGING VAN HET VOORSTEL VAN DE COMMISSIE overeenkomstig artikel 250, lid 2 van het EG-verdrag

2001/0245 (COD)

ADVIES VAN DE COMMISSIE krachtens artikel 251, lid 2, derde alinea, onder c), van het EG-Verdrag, over de amendementen van het Europees Parlement op het gemeenschappelijk standpunt van de Raad over het voorstel voor een Richtlijn van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van een regeling voor de handel in broeikasgasemissierechten binnen de Gemeenschap en tot wijziging van Richtlijn 96/61/EG van de Raad

1. Achtergrond

Het voorstel (COM(2001)581 def.) [1] is op 23 oktober 2001 volgens de medebeslissingsprocedure uit hoofde van artikel 175, lid 1, van het EG-Verdrag bij het Europees Parlement en de Raad ingediend.

[1] PB C 75 E van 26.3.2002, blz. 33.

Het Comité van de Regio's heeft op 14 maart 2002 advies uitgebracht [2].

[2] PB C 192 van 12.8.2002, blz. 59.

Het Europees Economisch en Sociaal Comité heeft op 29 mei 2002 advies uitgebracht [3].

[3] PB C 221 van 17.9.2002, blz. 27.

Het Europees Parlement heeft op 10 oktober 2002 in eerste lezing advies uitgebracht.

Naar aanleiding van het advies van het Europees Parlement en overeenkomstig artikel 250, lid 2, van het EG-Verdrag heeft de Commissie op 27 november 2002 een gewijzigd voorstel (COM(2002)680 def.) [4] bij het Europees Parlement en de Raad ingediend.

[4] Nog niet in het Publicatieblad verschenen.

De Raad heeft op 9 december 2002 met algemene stemmen politieke overeenstemming over een gemeenschappelijk standpunt bereikt. De Raad heeft het gemeenschappelijke standpunt op 18 maart 2003 officieel vastgesteld.

Het Europees Parlement heeft op 2 juli 2003 in tweede lezing 17 amendementen op het gemeenschappelijke standpunt van de Raad aangenomen.

In dit advies vermeldt de Commissie krachtens artikel 251, lid 2, derde alinea, onder c), van het EG-Verdrag haar standpunt over de amendementen van het Europees Parlement.

2. Doelstelling van het voorstel van de commissie

De voorgestelde richtlijn heeft als algemene doelstelling een regeling voor de handel in emissierechten voor broeikasgassen binnen de Gemeenschap in te stellen door een EU-kader te creëren en te zorgen voor één markt voor emissierechten binnen de EU. Een dergelijk instrument is een hoeksteen van de strategie van de Commissie om de doelstelling van Kyoto op een zo kosteneffectief mogelijke manier te verwezenlijken. Door de handel in emissierechten zullen de kosten van emissiebeperking dalen doordat deze beperking wordt gerealiseerd op de plaats waar de kosten het laagst zijn. Tegelijk is de handel in emissierechten ook goed voor het milieu, doordat er bij de bestreken activiteiten een vooraf bepaalde emissiebeperking wordt geboekt. Het voorstel zorgt ervoor dat de interne markt goed functioneert en dat een onaanvaardbare verstoring van de concurrentie wordt vermeden.

De richtlijn is vooral belangrijk omdat deze ervoor zorgt dat er op een kosteneffectievere wijze wordt voldaan aan de juridische verplichtingen om de emissie van broeikasgassen te beperken krachtens het Protocol van Kyoto, dat op 31 mei 2002 door de Europese Gemeenschap [5] en de lidstaten is bekrachtigd.

[5] Beschikking 2002/358/EG van de Raad van 25 april 2002 betreffende de goedkeuring, namens de Europese Gemeenschap, van het Protocol van Kyoto bij het Raamverdrag van de Verenigde Naties inzake klimaatverandering en de gezamenlijke nakoming van de in dat kader aangegane verplichtingen (PB L 130 van 15.5.2002, blz.1).

3. Advies van de Commissie over de amendementen van het Parlement

3.1. Samenvatting van het standpunt van de Commissie

De Commissie kan de 17 amendementen van het Europees Parlement volledig overnemen. Zij is van oordeel dat de belangrijkste doelstellingen van de EG-regeling voor de handel in emissierechten door de in dit compromis-pakket opgenomen amendementen worden gewaarborgd.

3.2. Amendementen van het Parlement in tweede lezing

3.2.1. Overgenomen amendementen

3.2.1.1. Amendement 28 (nieuwe overweging 7 bis)

Amendement 28 is een verduidelijking van bijlage III, punt 3, van het gemeenschappelijke standpunt en is als zodanig aanvaardbaar voor de Commissie.

3.2.1.2. Amendement 29 (overweging 14)

Amendement 29 verduidelijkt dat andere broeikasgassen en andere installaties met ingang van 2008 door de lidstaten kunnen worden opgenomen en is voor de Commissie aanvaardbaar.

3.2.1.3. Amendementen 30 en 41 (overweging 18 en artikel 30, lid 3)

Deze amendementen zijn voor de Commissie aanvaardbaar. De eerste zin in overweging 18 is afkomstig van het gemeenschappelijke standpunt, terwijl de tweede zin en de toevoeging aan artikel 30, lid 3, direct zijn overgenomen van de Akkoorden van Marrakech en derhalve een bestaande toezegging van de Europese Gemeenschap en al haar lidstaten inhouden (Besluit 15/CP. 7 van het UNFCCC).

3.2.1.4. Amendement 31 (overweging 19 bis)

Dit amendement is voor de Commissie aanvaardbaar, aangezien de richtlijn inzake de handel in emissierechten het gebruik van energie-efficiëntere technologie zal bevorderen, met inbegrip van technologie voor warmtekrachtkoppeling, terwijl Richtlijn 2003/.../EG [van ... inzake de bevordering van warmtekrachtkoppeling] specifiek technologie voor warmtekrachtkoppeling zal bevorderen.

3.2.1.5. Amendement 32 (overweging 23)

Amendement 32 is aanvaardbaar aangezien de Commissie vastbesloten is ervoor te zorgen dat de vervoersector er een substantiële bijdrage toe zal leveren dat de Gemeenschap en haar lidstaten hun verplichtingen inzake klimaatverandering uit hoofde van het Protocol van Kyoto nakomen. Bovendien vormt de verwijzing in deze overweging geen inbreuk op het recht van initiatief van de Commissie.

3.2.1.6. Amendementen 33 en 35 (nieuwe overweging 26 bis en artikel 22)

Deze amendementen zijn voor de Commissie aanvaardbaar, aangezien ze behelzen dat essentiële criteria voor de nationale toewijzingsplannen alleen via de medebeslissingsprocedure kunnen worden gewijzigd, terwijl er voldoende flexibiliteit overblijft om andere criteria via de comitéprocedure te wijzigen.

3.2.1.7. Amendement 34 (artikel 10)

Dit amendement is voor de Commissie aanvaardbaar omdat het een kernpunt vormt van de overeenkomst tussen het Europees Parlement en de Raad, waardoor er in tweede lezing overeenstemming is bereikt en een snelle invoering van de regeling voor de handel in emissierechten mogelijk is. De hoeveelheid emissierechten die in de periode 2005-2007 mag worden geveild, is de helft van de hoeveelheid die de lidstaten in de periode 2008-2012 hiervoor mogen gebruiken.

3.2.1.8. Amendementen 36 en 37 (artikel 27, leden 1 en 2)

Deze amendementen zijn voor de Commissie aanvaardbaar, aangezien haar opvatting van artikel 27 niet verandert door de schrapping van de woorden "sommige" en "en activiteiten". Wanneer een groep installaties onder dit artikel valt, gebeurt dit alleen mits aan de voorwaarden van lid 2 wordt voldaan en in dat geval zal de Commissie ervoor zorgen dat deze installaties tijdelijk van de communautaire regeling worden uitgesloten.

3.2.1.9. Amendement 17 (artikel 29, alinea 1 bis)

De Commissie kan dit amendement overnemen, maar wijst daarbij wel op de problemen die verbonden zijn aan het vooraf specificeren van mogelijke gevallen van overmacht.

3.2.1.10. Amendement 38 (artikel 30, lid 2, onder a))

Dit amendement is voor de Commissie aanvaardbaar aangezien de verwijzing in de herzieningsclausule geen inbreuk vormt op het recht van initiatief van de Commissie.

3.2.1.11. Amendement 39 (artikel 30, lid 2, onder c))

Dit amendement is voor de Commissie aanvaardbaar aangezien de tekst in de herzieningsclausule geen afbreuk doet aan toekomstige voorstellen van de Commissie.

3.2.1.12. Amendement 40 (artikel 30, lid 2, onder j) bis)

De handel in emissierechten is een instrument waarvoor geen technologienormen nodig zijn, maar dat de exploitant zelf laat kiezen welke technologie deze wil gebruiken. Het is voor de Commissie echter aanvaardbaar te onderzoeken of het haalbaar is als grondslag voor toewijzing benchmarks voor de hele EU op basis van BBT te ontwikkelen.

3.2.1.13. Amendement 42 (bijlage III, punt 1)

Dit amendement is voor de Commissie aanvaardbaar. Het bevat een kwalitatieve tekst die de totale hoeveelheid toe te wijzen emissierechten beperkt tot niet meer dan wat nodig is voor een strikte toepassing van de criteria van bijlage III. Daarnaast wordt tevens gesteld dat de totale hoeveelheid voor de periode 2005-2007 verenigbaar moet zijn met de verwezenlijking van de verplichting van de lidstaat uit hoofde van het Protocol van Kyoto in de periode 2008-2012. Deze wijzigingen zijn voor de Commissie aanvaardbaar, aangezien ze de bestaande criteria van bijlage III verder verduidelijken.

3.2.1.14. Amendement 43 (bijlage III, punt 7)

De Commissie kan dit amendement overnemen, aangezien het de bestaande criteria in bijlage III verduidelijkt en geen aanvullende verplichtingen voor de lidstaten inhoudt. Dit amendement verduidelijkt de mogelijke koppeling tussen benchmarking en vroegtijdige maatregelen, die voor het Parlement een belangrijk punt was.

4. Conclusie

Overeenkomstig artikel 250, lid 2, van het EG-Verdrag wijzigt de Commissie haar voorstel zoals in het voorgaande is vermeld.

Top