EUR-Lex Access to European Union law

Back to EUR-Lex homepage

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Document 52000DC0466

Mededeling van de Commissie over de richtsnoeren voor de evaluatie van chemische, fysische en biologische agentia alsmede van de industriële procédés welke geacht worden een risico te vormen voor de veiligheid of de gezondheid op het werk van de werkneemsters tijdens de zwangerschap, na de bevalling en tijdens de lactatie (Richtlijn 92/85/EEG van de Raad)

/* COM/2000/0466 def. */

52000DC0466

Mededeling van de Commissie over de richtsnoeren voor de evaluatie van chemische, fysische en biologische agentia alsmede van de industriële procédés welke geacht worden een risico te vormen voor de veiligheid of de gezondheid op het werk van de werkneemsters tijdens de zwangerschap, na de bevalling en tijdens de lactatie (Richtlijn 92/85/EEG van de Raad) /* COM/2000/0466 def. */


MEDEDELING VAN DE COMMISSIE over de richtsnoeren voor de evaluatie van chemische, fysische en biologische agentia alsmede van de industriële procédés welke geacht worden een risico te vormen voor de veiligheid of de gezondheid op het werk van de werkneemsters tijdens de zwangerschap, na de bevalling en tijdens de lactatie (Richtlijn 92/85/EEG van de Raad)

MEDEDELING VAN DE COMMISSIE

over de richtsnoeren voor de evaluatie van chemische, fysische en biologische agentia alsmede van de industriële procédés welke geacht worden een risico te vormen voor de veiligheid of de gezondheid op het werk van de werkneemsters tijdens de zwangerschap, na de bevalling en tijdens de lactatie (Richtlijn 92/85/EEG van de Raad)

SAMENVATTING

Lid 1 van artikel 3 van Richtlijn 92/85/EEG van de Raad van 19 oktober 1992 (PB nr.° L 348 van 28 november 1992, blz. 1) inzake de tenuitvoerlegging van maatregelen ter bevordering van de verbetering van de veiligheid en de gezondheid op het werk van werkneemsters tijdens de zwangerschap, na de bevalling en tijdens de lactatie (tiende bijzondere richtlijn in de zin van artikel 16, lid 1, van Richtlijn 89/391/EEG ) bepaalt :

« De Commissie, bijgestaan door het Raadgevend Comité voor de veiligheid, de hygiëne en de gezondheidsbescherming op de arbeidsplaats, stelt in overleg met de Lid-Staten richtsnoeren op voor de evaluatie van de chemische, fysische en biologische agentia alsmede van de industriële procédés welke geacht worden een risico te vormen voor de veiligheid of de gezondheid van de werkneemsters in de zin van artikel 2.

De in de eerste alinea bedoelde richtsnoeren hebben ook betrekking op bewegingen en houdingen, geestelijke en lichamelijke vermoeidheid en de overige lichamelijke en geestelijke belastingen in verband met de werkzaamheden van de werkneemsters in de zin van artikel 2 ».

Overeenkomstig lid 2 van artikel 3 moeten de richtsnoeren een leidraad vormen voor de evaluatie, als bedoeld in lid 1 van artikel 4. Hierin staat: "Voor alle werkzaamheden waarbij zich een specifiek risico kan voordoen van blootstelling aan de agentia, procédés of arbeidsomstandigheden waarvan een niet-limitatieve lijst in bijlage 1 is opgenomen, moeten de aard, de mate en de duur van de blootstelling in de betrokken onderneming en/of inrichting van de werkneemsters in de zin van artikel 2 rechtstreeks door de werkgever of door bemiddeling van de in artikel 7 van Richtlijn 89/391/EEG bedoelde beschermings- en preventiediensten worden geëvalueerd, ten einde:

-ieder risico voor de veiligheid of de gezondheid, alsmede iedere terugslag op de zwangerschap of de lactatie van de werkneemsters in de zin van artikel 2 te kunnen beoordelen;

-te kunnen vaststellen welke maatregelen moeten worden genomen."

De Commissie heeft in overleg met de lidstaten en bijgestaan door het Raadgevend Comité voor de veiligheid, de hygiëne en de gezondheidsbescherming op de arbeidsplaats, de onderstaande richtsnoeren opgesteld.

De Commissie hecht aan alle maatregelen ter bescherming van de veiligheid en gezondheid van de werknemers en vooral van bepaalde groepen bijzonder kwetsbare werknemers zeer veel belang. Daartoe behoren uiteraard ook de werkneemsters tijdens zwangerschap, na de bevalling en tijdens lactatie. Te meer daar de risico's waaraan zij kunnen worden blootgesteld, niet alleen schadelijk kunnen zijn voor hun gezondheid maar ook voor de foetus en pasgeborene omdat moeder en kind fysiologisch en zelfs emotioneel nauw met elkaar verbonden zijn.

Bijgevolg is de Commissie van mening dat deze mededeling een doeltreffende en voornamelijk praktische leidraad is voor de evaluatie van de risico's voor de gezondheid en veiligheid van de werkneemsters tijdens zwangerschap, na de bevalling en tijdens lactatie. Op basis van deze evaluatie kan beter bepaald worden welke maatregelen kunnen worden getroffen.

Om deze redenen zal de Commissie erop toezien dat de richtsnoeren zo veel mogelijk verspreid worden onder de organisaties en personen die zich met de gezondheid en de veiligheid op het werk bezig houden.

INHOUDSOPGAVE

INLEIDING

De aanpak van de risicobeoordeling

Wettelijke achtergrond

Eerdere maatregelen

Specifieke aandachtspunten

ALGEMENE VERPLICHTINGEN VOOR WERKGEVERS BETREFFENDE DE RISICOBEOORDELING

RISICOBEOORDELING VAN GENERIEKE GEVAREN EN BIJBEHORENDE SITUATIES

Geestelijke en lichamelijke vermoeidheid en werktijden

Houdingsproblemen in verband met het werk dat de jonge of a.s. moeder verricht

Werken op hoogte

Alleen werken

Stress door het beroep

Staand werk

Zittend werk

Onvoldoende rust- en andere welzijnsvoorzieningen

Gevaar van infecties of nierziekten als gevolg van ontoereikende sanitaire voorzieningen

Gevaren als gevolg van verkeerde voeding

Gevaren in verband met ontoereikende of ontbrekende voorzieningen

SPECIFIEKE GEVAREN, RISICOBEOORDELING (EN MANIEREN OM DEZE RISICO'S TE VOORKOMEN)

FYSISCHE AGENTIA

Schokken, trilling of beweging

Lawaai

Ioniserende straling

Extreme koude of hitte

Werken onder overdruk, bv. in drukkamers, duiken

BIOLOGISCHE AGENTIA

CHEMISCHE AGENTIA

Stoffen gecodeerd als R 40, R 45, R 46, R 49, R 61, R 63 en R 64

Preparaten gecodeerd op basis van Richtlijn 83/379/EEG of Richtlijn 1999/45/EG

Kwik en kwikderivaten

Antimitotische (cytotoxische) geneesmiddelen

Chemische agentia waarvan bekend is dat zij via de huid kunnen worden geabsorbeerd en zo gevaarlijk zijn. Hiertoe behoren enkele pesticiden.

Koolmonoxide

Dergelijke bronnen van "buitenaf" dienen echter zorgvuldig te worden gedocumenteerd om aansprakelijkheid en processen te vermijden.

Lood en loodderivaten - voor zover deze agentia door het menselijk organisme kunnen worden geabsorbeerd

Chemische agentia en industriële procédés als bedoeld in bijlage 1 van Richtlijn 90/394/EEG

ARBEIDSOMSTANDIGHEDEN

Manueel hanteren van lasten

Bewegingen en houdingen

Verplaatsingen binnen of buiten het bedrijf

Werken in ondergrondse mijnen

Werken met beeldschermapparatuur

Arbeidsmiddelen en persoonlijke beschermingsmiddelen (inclusief kleding)

BIJLAGE

Aspecten van de zwangerschap die aanpassingen aan de organisatie van het werk noodzakelijk kunnen maken

INLEIDING

Zwangerschap is geen ziekte, maar hoort gewoon bij het dagelijks leven. De gezondheid en veiligheid van zwangere vrouwen kan vaak worden beschermd door het toepassen van de bestaande voorschriften en procedures op de desbetreffende gebieden. Veel vrouwen werken tijdens de zwangerschap en veel van hen gaan weer aan het werk terwijl zij nog borstvoeding geven. Sommige risico's op de werkplek kunnen de gezondheid en veiligheid van jonge en aanstaande moeders en hun kinderen schade berokkenen. Een zwangerschap brengt grote fysiologische en psychologische veranderingen met zich mee. Het hormonale evenwicht is zeer gevoelig en blootstellingen die dat kunnen verstoren, kunnen complicaties hebben die bijvoorbeeld een miskraam kunnen veroorzaken.

Omstandigheden die in normale situaties aanvaardbaar zijn, zijn dat tijdens de zwangerschap mogelijk niet meer.

De aanpak van de risicobeoordeling

Een risicobeoordeling is een systematisch onderzoek naar alle aspecten van het werk, teneinde de mogelijke oorzaken van het letsel of de schade vast te stellen en na te gaan, hoe deze oorzaken kunnen worden beheerst, om risico's te elimineren of te verkleinen.

Overeenkomstig de vereisten die Richtlijn 92/85/EEG stelt, moet de evaluatie minstens drie fasen omvatten:

1) identificatie van de gevaren (fysische, chemische en biologische agentia, industriële procédés, bewegingen en houdingen, geestelijke en lichamelijke vermoeidheid en andere lichamelijke en geestelijke belastingen)

2) identificatie van de categorieën werkneemsters (blootgestelde werkneemsters tijdens de zwangerschap, na de bevalling en tijdens de lactatie)

3) risicobeoordeling zowel in kwalitatieve als in kwantitatieve termen.

Gevaar: de intrinsieke eigenschap of het intrinsiek vermogen van iets (bijvoorbeeld bij het werk gebruikte materialen, uitrusting, werkmethoden en -praktijken) die/dat nadelige gevolgen kan veroorzaken.

Risico: de kans dat de nadelige gevolgen zich onder gebruiksomstandigheden en/of door blootstelling kunnen voordoen en de mogelijke omvang van die gevolgen.

Ten aanzien van punt 1 (identificatie van de gevaren) is voor fysische agentia (waaronder ioniserende straling), chemische agentia en biologische agentia al een groot aantal gegevens beschikbaar.

Voor chemische agentia staan in Richtlijn 67/548/EEG van de Raad, laatstelijk gewijzigd bij Richtlijn 2000/33/EG van de Commissie, betreffende de aanpassing van de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen inzake de indeling, de verpakking en het kenmerken van gevaarlijke stoffen, de volgende risicoaanduidingen vermeld voor stoffen en preparaten:

-onherstelbare effecten zijn niet uitgesloten (R 40)

-kan kanker veroorzaken (R 45)

-kan erfelijke genetische schade veroorzaken (R 46)

-kan kanker veroorzaken bij inademing (R 49)

-kan het ongeboren kind schaden (R 61)

-mogelijk gevaar voor beschadiging van het ongeboren kind (R 63)

-kan schadelijk zijn via de borstvoeding (R 64)

In het kader van de evaluatie van bestaande stoffen en de werkzaamheden van het SCOEL (Scientific Committee for Occupational Exposure Limits, wetenschappelijk comité inzake grenswaarden voor beroepsmatige blootstelling), heeft de Commissie een reeks documenten gepubliceerd, die ten dele op dit onderwerp betrekking hebben.

Punt 2 (identificatie van de blootgestelde categorie werkneemsters). Hoewel het niet moeilijk is om de werkneemsters die pas bevallen zijn of nog borstvoeding geven, te identificeren, geldt dat niet voor zwangere werkneemsters. Er is een periode van 30 tot 45 dagen, waarbinnen een werkneemster zich mogelijk niet bewust is van het feit dat zij zwanger is en dus haar werkgever niet kan of niet wil informeren. Er zijn echter enkele agentia, met name fysische en chemische, die het ongeboren kind tijdens de periode onmiddellijk na de conceptie kunnen schaden, hetgeen betekent dat passende preventieve maatregelen van essentieel belang zijn. Dit probleem is niet gemakkelijk op te lossen, omdat men speciale voorzorgsmaatregelen moet treffen voor alle werknemers door hun blootstelling aan deze schadelijke agentia te verminderen.

Punt 3 (kwalitatieve en kwantitatieve risicobeoordeling) is de moeilijkste fase van het proces, omdat de persoon die de evaluatie verricht, vakbekwaam moet zijn en voldoende rekening moet houden met ter zake dienende informatie, waaronder informatie van de zwangere vrouw zelf of van haar adviseurs, door passende methoden toe te passen om in staat te zijn te concluderen of het geïdentificeerde gevaar al dan niet een risicosituatie oplevert voor de werkneemsters.

Wettelijke achtergrond

In artikel 3, lid 1, van Richtlijn 92/85/EEG van de Raad van 19 oktober 1992 (PB L 348 van 28 november 1992, blz. 1) inzake de tenuitvoerlegging van maatregelen ter bevordering van de verbetering van de veiligheid en de gezondheid op het werk van werkneemsters tijdens de zwangerschap, na de bevalling en tijdens de lactatie (tiende bijzondere richtlijn in de zin van artikel 16, lid 1, van Richtlijn 89/391/EEG), wordt van de Commissie verlangd dat zij, bijgestaan door het Raadgevend Comité voor de veiligheid, de hygiëne en de gezondheidsbescherming op de arbeidsplaats, richtsnoeren voor de risicobeoordeling opstelt.

Deze richtsnoeren zullen als basis dienen voor de evaluatie krachtens artikel 4, lid 1, van genoemde richtlijn - die een integrerend deel is van de beoordeling van de risico's als bedoeld in artikel 9 van Richtlijn 89/391/EEG betreffende de tenuitvoerlegging van maatregelen ter bevordering van de verbetering van de veiligheid en de gezondheid van de werknemers op het werk (de "Kaderrichtlijn") - en waarin wordt bepaald:

"Voor alle werkzaamheden waarbij zich een specifiek risico kan voordoen van blootstelling aan de agentia, procédés of arbeidsomstandigheden waarvan een niet-limitatieve lijst in bijlage I is opgenomen, moeten de aard, de mate en de duur van de blootstelling in de betrokken onderneming en/of inrichting van de werkneemsters in de zin van artikel 2 rechtstreeks door de werkgever of door bemiddeling van de in artikel 7 van Richtlijn 89/391/EEG bedoelde beschermings- en preventiediensten worden geëvalueerd, teneinde:

-ieder risico voor de veiligheid of de gezondheid, alsmede iedere terugslag op de zwangerschap of de lactatie van de werkneemster in de zin van artikel 2 te kunnen beoordelen;

-te kunnen vaststellen welke maatregelen moeten worden genomen."

Er zij op gewezen dat:

-De werkgever verplicht is een risicobeoordeling te verrichten voor alle werkneemsters die voldoen aan de in artikel 2 van de richtlijn genoemde criteria (zie de definities op blz. 7). Hiertoe behoren ook de werkneemsters in de krijgsmacht en bij de politie en werkneemsters die enkele specifieke activiteiten in de diensten voor burgerbescherming verrichten.

-De risicobeoordeling voor zwangere vrouwen is een aanvullende risicobeoordeling, die moet worden verricht volgens de bepalingen van de Kaderrichtlijn. Bij deze risicobeoordeling moet rekening worden gehouden met de preventieve aspecten van de Kaderrichtlijn en dient ook ten minste te worden verwezen naar de potentiële risico's voor zwangere werkneemsters, voor zover deze risico's bekend zijn (bijvoorbeeld risico's in verband met bepaalde chemische stoffen enz.).

Eerdere maatregelen

In 1993-94 heeft de Commissie een document geproduceerd onder de titel "Handleiding voor de risicobeoordeling op het werk" [ISBN 97-727-4278-9]. Het is de bedoeling dat de lidstaten dit stuk gebruiken of aanpassen om richtsnoeren te verschaffen aan werkgevers, werkneemsters en eventuele andere betrokkenen, die te maken krijgen met de praktische aspecten van de regels inzake risicobeoordeling als bedoeld in Richtlijn 89/391/EEG van de Raad betreffende de invoering van maatregelen ter bevordering van de verbetering van de gezondheid en veiligheid van werknemers op het werk, inzonderheid artikel 6, lid 3, onder a en artikel 9, lid 1, onder a.

Dit document, dat in 1996 is verschenen, vormt een ideaal uitgangspunt voor de opstelling van de richtsnoeren als bedoeld in artikel 3, lid 1, van Richtlijn 92/85/EEG.

Specifieke aandachtspunten

-Als het werk anders wordt georganiseerd dient, om met het principe van de preventie uit de Kaderrichtlijn rekening te kunnen houden, de risicobeoordeling te worden herzien en dienen de werkneemsters naar behoren te worden geschoold in de nieuwe organisatie.

-Het is duidelijk, dat de in deze richtlijn bedoelde risicobeoordeling een bijzonder karakter heeft, aangezien zij bedoeld is voor een voortdurend veranderende toestand, die individueel verschillend is. Bovendien betreft zij niet alleen de vrouw zelf, maar ook het ongeboren kind en de zuigeling. In sectoren waar gevaren voor de voortplanting en de zwangerschap kunnen worden verwacht, moeten alle werknemers over de mogelijke risico's worden voorgelicht.

-Een eenmalige beoordeling is mogelijk niet voldoende, aangezien een zwangerschap een dynamisch proces is en geen statische toestand. Bovendien kan de vrouw - en haar ongeboren of pas geboren kind - tijdens de zwangerschap, maar ook nog na de bevalling aan verschillende risico's blootstaan. Dat geldt ook wanneer verandering wordt gebracht in de arbeidsomstandigheden, de arbeidsmiddelen of de machines.

-Bij medische adviezen, verslagen en certificaten dient met de arbeidsomstandigheden rekening te worden gehouden. Dat is van bijzonder belang voor de omstandigheden van de betrokkene (bijvoorbeeld misselijkheid, grotere gevoeligheid voor luchtjes, zoals tabaksrook enz.) die strikt vertrouwelijk moet worden behandeld. De geheimhouding van de toestand van een vrouw moet er ook voor zorgen dat een werkgever niet bekend mag maken dat een vrouw zwanger is, als zij niet wil dat dit bekend wordt of als zij het er niet mee eens is. Anders zou dit bijvoorbeeld een aanzienlijke psychologische belasting kunnen betekenen voor een vrouw die al een of meer miskramen heeft gehad.

In bepaalde omstandigheden kan het noodzakelijk zijn stappen te ondernemen (waaronder beperkte openbaarmaking) ter bescherming van de gezondheid, de veiligheid en het welzijn van de vrouw, maar dat mag alleen gebeuren als vooraf met de vrouw overleg is gepleegd en zij haar toestemming geeft.

Bij een risicobeoordeling dient voldoende rekening te worden gehouden met medische adviezen en de zorgen van de vrouw in kwestie.

-Ten aanzien van de chemische gevaren zij erop gewezen dat voor volwassen werknemers in de werkomgeving arbeidshygiënische blootstellingsgrenzen zijn vastgesteld en dat dus vrouwen die met gevaarlijke stoffen werken, op de hoogte moeten worden gesteld van de extra risico's die deze stoffen voor een ongeboren kind of een kind dat borstvoeding krijgt, kunnen betekenen.

-Zowel voor de lidstaten als voor de vrouwen zelf biedt de richtlijn een zekere flexibiliteit ten aanzien van het verlof na de geboorte (zij stelt hiervoor een periode van slechts twee weken verplicht, maar in totaal moet voor en na de bevalling minstens 14 weken verlof worden verleend). De verschillende risico's die zich voor zwangere vrouwen of vrouwen direct na de bevalling zouden kunnen voordoen, dienen te worden vastgelegd en geëvalueerd.

-Aangezien de eerste drie maanden van de zwangerschap wat het veroorzaken van blijvende schade aan het ongeboren kind betreft de meest kwetsbare periode zijn, dient met alle noodzakelijke beschermende maatregelen ten behoeve van de moeder en het ongeboren kind zo vroeg mogelijk een begin te worden gemaakt.

ALGEMENE VERPLICHTINGEN VOOR WERKGEVERS BETREFFENDE DE RISICOBEOORDELING

Krachtens de richtlijnen zijn de werkgevers verplicht de risico's voor alle werknemers, inclusief jonge en a.s. moeders, te beoordelen en deze risico's te voorkomen of te verkleinen. Bij deze risicobeoordeling, dient de werkgever rekening te houden met de bestaande limieten voor de blootstelling tijdens het werk. Deze blootstellingslimieten voor gevaarlijke stoffen en andere agentia worden normaliter vastgesteld op een zodanig niveau, dat een zwangere werkneemster of een werkneemster die borstvoeding geeft of haar kind, geen risico kan lopen. In sommige gevallen zijn er blootstellingslimieten die voor zwangere werkneemsters lager zijn dan voor de rest van het personeel.

Richtlijn 92/85/EEG verplicht de werkgevers specifiek bij het beoordelen van risico's op het werk vooral rekening te houden met de risico's voor jonge, borstvoeding gevende en a.s. moeders. Als het risico niet op andere manieren kan worden voorkomen, zullen de arbeidsomstandigheden of de werktijden moeten worden veranderd of zal geschikt ander werk moeten worden aangeboden. Als dat niet mogelijk is, dient de werkneemster zo lang vrijgesteld worden van arbeid, als noodzakelijk is om haar gezondheid of veiligheid of die van haar kind, te beschermen.

Wat moet een werkgever doen-

Naast het uitvoeren van de algemene risicobeoordeling krachtens de Kaderrichtlijn en Richtlijn 92/85/EEG moet de werkgever wanneer hij te horen krijgt dat een werkneemster zwanger is, de specifieke risico's ten aanzien van die werkneemster beoordelen en maatregelen nemen om ervoor te zorgen dat zij niet blootgesteld wordt aan iets wat haar gezondheid of die van de foetus kan schaden.

De werkgever dient:

-het risico te beoordelen

Dat wil zeggen, vaststellen:

(a) aan welke risico's de zwangere vrouw, of de jonge moeder na de bevalling of tijdens de lactatie is blootgesteld

(b) de aard, de intensiteit en duur van de blootstelling

[In bijlage 1 worden enkele aspecten van de zwangerschap opgesomd die een aanpassing van het werk of de organisatie noodzakelijk kunnen maken].

-het gevaar weg te nemen en het risico te vermijden of te beperken;

-ervoor te zorgen dat de gezondheid geen schade wordt berokkend.

Dat wil zeggen, een risico van persoonlijk letsel, waaronder in dit verband wordt verstaan elke ziekte of schade aan iemands lichamelijke of geestelijke gesteldheid of enig mogelijk effect op de zwangerschap of het ongeboren of pasgeboren kind of de vrouw na de bevalling.

Als uit deze beoordeling blijkt dat er een risico bestaat, moet de werkgever de vrouw informeren over dat risico en over de manier waarop ervoor zal worden gezorgd dat de gezondheid en de veiligheid van de vrouw of van het ongeboren kind geen schade ondervinden.

Definities

Voor de toepassing van Richtlijn 92/85/EEG:

(a) wordt onder zwangere werkneemster verstaan, de werkneemster die de werkgever in kennis stelt van haar toestand, overeenkomstig de nationale wetten en praktijken;

(b) wordt onder werkneemster na de bevalling verstaan, de werkneemster die is bevallen in de zin van de nationale wetten en/of praktijken, en die de werkgever in kennis stelt van haar toestand, overeenkomstig deze wetten en/of praktijken;

(c) wordt onder werkneemster tijdens de lactatie verstaan de werkneemster tijdens de lactatie in de zin van de nationale wetten en/of praktijken die de werkgever in kennis stelt van haar toestand, overeenkomstig deze wetten en praktijken.

Identificeren van de gevaren

Fysische, biologische agentia, procédés en arbeidsomstandigheden die van nadelige invloed kunnen zijn op de gezondheid en de veiligheid van jonge of a.s. moeders, staan vermeld in het hoofdstuk over specifieke gevaren. Hiertoe behoren de mogelijke gevaren die zijn opgesomd in de bijlagen van de richtlijn betreffende de gezondheid en de veiligheid van zwangere werkneemsters.

Veel van de in de tabel opgenomen gevaren vallen al onder specifieke Europese gezondheids- en veiligheidswetgeving, bijvoorbeeld Richtlijn 90/394/EEG van de Raad - en de wijzigingen daarop - betreffende carcinogene stoffen, Richtlijn 90/679/EEG van de Raad - en de wijzigingen daarop - betreffende biologische agentia, Richtlijn 80/1107/EEG van de Raad betreffende chemische, fysische en biologische agentia, die wordt ingetrokken wanneer de lidstaten Richtlijn 98/24/EG hebben omgezet (vóór 5 mei 2001), Richtlijn 82/605/EEG van de Raad betreffende lood en Richtlijn 97/43/Euratom van de Raad betreffende ioniserende straling, Richtlijn 90/269/EEG van de Raad betreffende het manueel hanteren van lasten en Richtlijn 90/270/EEG van de Raad betreffende het werken met beeldschermapparatuur. Als een of meer van deze gevaren op de werkplek aanwezig zijn, dienen de werkgevers de desbetreffende wetgeving erop na te slaan om te zien wat hun te doen staat. Gevaren kunnen multifactorieel zijn in hun uitwerking.

Bepalen wie schade kan lijden op welke wijze

Uit de risicobeoordeling kan blijken, dat op de werkplek sprake is van een stof, een agens of een procédé waar de gezondheid of de veiligheid van de jonge of a.s. moeder of hun kinderen schade van kunnen ondervinden. Men moet hierbij in gedachte houden dat er verschillende risico's zijn, afhankelijk van de omstandigheid of het gaat om zwangere vrouwen, vrouwen na de bevalling of vrouwen tijdens de lactatie. Tot de werkneemsters wordt bijvoorbeeld ook het onderhouds- en schoonmaakpersoneel gerekend en er moet tussen de werkgevers worden samengewerkt, wanneer de werkneemsters van de ene werkgever, bijvoorbeeld op contractbasis, op het terrein van een andere werkgever werken.

Het personeel op de hoogte stellen van het risico

Als bij de risicobeoordeling blijkt dat er een risico aanwezig is, dienen de werkgevers alle betrokken werknemers op de hoogte te stellen van de potentiële risico's. Tevens dienen zij uit te leggen wat zij zullen doen om ervoor te zorgen dat de jonge en a.s. moeders niet blootgesteld worden aan de risico's die hun schade kunnen berokkenen. Deze informatie dient ook aan de vertegenwoordigers van het personeel te worden verstrekt.

Als er een risico bestaat, dienen de werkgevers de werknemers te informeren over het belang van het vroegtijdig onderkennen van zwangerschap.

Het vermijden van risico's

Als een aanzienlijk risico voor de gezondheid of de veiligheid van een jonge of a.s. moeder wordt vastgesteld, dient te worden besloten welke actie moet worden ondernomen om het risico te verkleinen.

De risico's in het oog houden

De werkgever dient de risicobeoordeling voor jonge en a.s. moeders te herzien, als hij zich bewust wordt van een verandering. Hoewel de gevaren waarschijnlijk constant blijven, is in verschillende stadia van de zwangerschap de mogelijkheid voor schade aan het ongeboren kind als gevolg van een gevaar, niet dezelfde. Voor werkneemsters na de bevalling en tijdens de lactatie dient men andere risico's rekening te houden.

De werkgevers moeten ervoor zorgen dat de werkneemsters tijdens de lactatie niet worden blootgesteld aan risico's die schade aan de gezondheid of de veiligheid kunnen berokkenen zo lang zij borstvoeding blijven geven. De richtlijn betreffende minimumvoorschriften inzake veiligheid en gezondheid op de arbeidsplaats (89/654/EEG) verlangt dat voor zwangere vrouwen en zogende moeders faciliteiten om te rusten worden geboden.

Voor werkneemsters die een aantal maanden lang borstvoeding blijven geven, dienen de werkgevers de risico's regelmatig te beoordelen. Wanneer zij risico's vaststellen, moeten zij de drie stappen blijven nemen om blootstelling aan het risico te voorkomen zolang het risico de gezondheid en de veiligheid van een werkneemster tijdens de borstvoeding of haar kind bedreigt, te weten: aanpassing van de arbeidstijden/-omstandigheden, ander werk of vrijstelling van arbeid. Het gaat er voornamelijk om de blootstelling aan stoffen als lood, organische oplosmiddelen, pesticiden en antimitotica, aangezien sommige van deze stoffen via de melk worden uitgescheiden en het kind daarvoor bijzonder gevoelig voor wordt geacht. Het belangrijkste aspect is het "vermijden" of beperken van blootstelling In bijzondere gevallen kan het noodzakelijk zijn specialisten op het gebied van de arbeidshygiëne een professioneel advies te laten uitbrengen.

RISICOBEOORDELING VAN GENERIEKE GEVAREN EN BIJBEHORENDE SITUATIES

Hieronder wordt een opsomming gegeven van de generieke gevaren en bijbehorende situaties waarmee de meeste zwangere vrouwen, jonge of aanstaande moeders te maken kunnen krijgen.

>RUIMTE VOOR DE TABEL>

>RUIMTE VOOR DE TABEL>

>RUIMTE VOOR DE TABEL>

>RUIMTE VOOR DE TABEL>

>RUIMTE VOOR DE TABEL>

>RUIMTE VOOR DE TABEL>

SPECIFIEKE GEVAREN, RISICOBEOORDELING (EN MANIEREN OM DEZE RISICO'S TE VOORKOMEN)

(inclusief fysische, chemische en biologische agentia en arbeidsomstandigheden, genoemd in de bijlagen 1 en 2 van Richtlijn 92/85/EEG)

De arbeidsomstandigheden kunnen een belangrijke uitwerking hebben op de gezondheid, de veiligheid en het welzijn van jonge en a.s. moeders. Soms is het de relatie tussen de verschillende factoren die het soort risico bepaalt, in plaats van een enkele factor.

Aangezien de zwangerschap een dynamische toestand is met voortdurende veranderingen en ontwikkelingen, kunnen dezelfde arbeidsomstandigheden verschillende gezondheids- en veiligheidsproblemen veroorzaken bij verschillende vrouwen in verschillende stadia van de zwangerschap en opnieuw bij de terugkeer naar het werk na de bevalling of tijdens de lactatie. Sommige van deze problemen zijn voorspelbaar en algemeen van toepassing (zoals de hieronder vermelde). Andere zijn afhankelijk van individuele omstandigheden en de persoonlijke anamnese.

>RUIMTE VOOR DE TABEL>

>RUIMTE VOOR DE TABEL>

>RUIMTE VOOR DE TABEL>

>RUIMTE VOOR DE TABEL>

>RUIMTE VOOR DE TABEL>

>RUIMTE VOOR DE TABEL>

>RUIMTE VOOR DE TABEL>

>RUIMTE VOOR DE TABEL>

>RUIMTE VOOR DE TABEL>

>RUIMTE VOOR DE TABEL>

>RUIMTE VOOR DE TABEL>

>RUIMTE VOOR DE TABEL>

>RUIMTE VOOR DE TABEL>

>RUIMTE VOOR DE TABEL>

>RUIMTE VOOR DE TABEL>

>RUIMTE VOOR DE TABEL>

>RUIMTE VOOR DE TABEL>

BIJLAGE

Aspecten van de zwangerschap die aanpassingen aan de organisatie van het werk noodzakelijk kunnen maken

Afgezien van de in de tabel opgesomde gevaren zijn er nog meer aspecten van de zwangerschap die van invloed kunnen zijn op het werk. De impact varieert tijdens de zwangerschap en de gevolgen moeten in het oog worden gehouden; de houding van a.s. moeders verandert bv. als gevolg van haar toenemende omvang.

Aspecten van de zwangerschap // Factoren bij het werk

Ochtendmisselijkheid // Vroege ploegendienst

// Blootstelling aan sterke of misselijkmakende geuren/slechte ventilatie Verplaatsingen/vervoer

Rugpijn // Staan /manueel hanteren van lasten/belastende houding

Spataderen/andere problemen met bloedsomloop/aambeien // Langdurig staan/zitten

Rust en welzijn

Frequente/dringende bezoeken aan toilet // Regelmatige voeding

Nabijheid/aanwezigheid van voorzieningen om te rusten/te wassen/te eten en te drinken

Hygiëne

// Moeilijkheid om werk/werkplek te verlaten

Comfort //

Toenemende omvang // Gebruik beschermende kleding/arbeidsmiddelen

// Werken in nauwe ruimten/op hoogten

Behendigheid, beweeglijkheid, snelheid van beweging, reikwijdte, kunnen worden belemmerd door toenemende omvang // Eisen aan houding, bijvoorbeeld bukken, reiken

// Manueel verplaatsen van lasten

// Problemen met werken op zeer nauwe werkplekken

Vermoeidheid/moeheid/stress // Overwerk

// Avond-/nachtarbeid

// Te weinig pauzes

// Te lange uren

// Tempo/intensiteit van het werk

Evenwicht (geldt ook voor moeders tijdens de lactatie) // Problemen met werken op gladde, natte oppervlakken

Top