EUR-Lex Access to European Union law

Back to EUR-Lex homepage

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Document 32022D2298

Uitvoeringsbesluit (EU) 2022/2298 van de Commissie van 23 november 2022 tot verlenging van de termijn voor het verstrijken van de goedkeuring van propiconazool voor gebruik in biociden van productsoort 8 overeenkomstig Verordening (EU) nr. 528/2012 van het Europees Parlement en de Raad (Voor de EER relevante tekst)

C/2022/8327

PB L 304 van 24.11.2022, p. 85–86 (BG, ES, CS, DA, DE, ET, EL, EN, FR, GA, HR, IT, LV, LT, HU, MT, NL, PL, PT, RO, SK, SL, FI, SV)

Legal status of the document In force

ELI: http://data.europa.eu/eli/dec_impl/2022/2298/oj

24.11.2022   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 304/85


UITVOERINGSBESLUIT (EU) 2022/2298 VAN DE COMMISSIE

van 23 november 2022

tot verlenging van de termijn voor het verstrijken van de goedkeuring van propiconazool voor gebruik in biociden van productsoort 8 overeenkomstig Verordening (EU) nr. 528/2012 van het Europees Parlement en de Raad

(Voor de EER relevante tekst)

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Verordening (EU) nr. 528/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 22 mei 2012 betreffende het op de markt aanbieden en het gebruik van biociden (1), en met name artikel 14, lid 5,

Na raadpleging van het Permanent Comité voor biociden,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Propiconazool is in bijlage I bij Richtlijn 98/8/EG van het Europees Parlement en de Raad (2) opgenomen als werkzame stof voor gebruik in biociden van productsoort 8. Daarom werd deze stof overeenkomstig artikel 86 van Verordening (EU) nr. 528/2012 geacht op grond van die verordening te zijn goedgekeurd tot en met 31 maart 2020, onder de in bijlage I bij Richtlijn 98/8/EG vastgestelde voorwaarden.

(2)

Op 1 oktober 2018 is overeenkomstig artikel 13, lid 1, van Verordening (EU) nr. 528/2012 een aanvraag ingediend voor de verlenging van propiconazool voor gebruik in biociden van productsoort 8 (“de aanvraag”).

(3)

De beoordelende bevoegde autoriteit van Finland heeft de Commissie op 8 februari 2019 geïnformeerd over haar besluit op grond van artikel 14, lid 1, van Verordening (EU) nr. 528/2012 dat een volledige beoordeling van de aanvraag noodzakelijk was. Overeenkomstig artikel 8, lid 1, van die verordening moet de beoordelende bevoegde autoriteit binnen 365 dagen na de validering van een aanvraag een volledige beoordeling hiervan uitvoeren.

(4)

De termijn voor het verstrijken van de goedkeuring van propiconazool voor gebruik in biociden van productsoort 8 was bij Uitvoeringsbesluit (EU) 2020/27 van de Commissie (3) verlengd tot en met 31 maart 2021, zodat er voldoende tijd was voor de behandeling van de aanvraag.

(5)

Bij Uitvoeringsbesluit (EU) 2021/354 van de Commissie (4) is de termijn voor het verstrijken van de goedkeuring van propiconazool voor gebruik in biociden van productsoort 8 opnieuw verlengd, tot en met 31 december 2022.

(6)

Op 2 juni 2021 heeft de beoordelende bevoegde autoriteit het beoordelingsrapport en de conclusies van haar beoordeling bij het Europees Agentschap voor chemische stoffen (“het agentschap”) ingediend. Overeenkomstig artikel 14, lid 3, van Verordening (EU) nr. 528/2012 stelt het agentschap binnen 270 dagen na ontvangst van een aanbeveling van de beoordelende bevoegde autoriteit een advies op over de verlenging van de goedkeuring van de werkzame stof en zendt dit toe aan de Commissie.

(7)

Op 9 maart 2022 heeft het agentschap overeenkomstig artikel 14, lid 3, van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 528/2012 een advies (5) over de verlenging van de goedkeuring van propiconazool aangenomen.

(8)

Propiconazool is overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1272/2008 van het Europees Parlement en de Raad (6) als giftig voor de voortplanting categorie 1B ingedeeld, en voldoet daarom aan het uitsluitingscriterium van artikel 5, lid 1, punt c), van Verordening (EU) nr. 528/2012. Propiconazool wordt bovendien geacht hormoonontregelende eigenschappen te hebben die schadelijke gevolgen kunnen hebben voor de mens, en voldoet daarom aan het uitsluitingscriterium van artikel 5, lid 1, punt d), van Verordening (EU) nr. 528/2012. Het onderzoek om te bepalen of aan ten minste een van de voorwaarden van artikel 5, lid 2, eerste alinea, van die verordening is voldaan, en of de goedkeuring van propiconazool dus mag worden verlengd, loopt, maar zal niet zijn afgerond vóór het verstrijken van de huidige goedkeuring.

(9)

De goedkeuring van propiconazool voor gebruik in biociden van productsoort 8 zal dus om redenen buiten de invloed van de aanvrager waarschijnlijk vervallen voordat een besluit over de verlenging ervan is genomen. Daarom moet de termijn voor het verstrijken van de goedkeuring met een zodanige termijn worden verlengd dat er voldoende tijd is om de volledige procedure voor het onderzoek van de aanvraag te voltooien. Rekening houdend met de tijd die nodig is om te beoordelen of aan ten minste een van de voorwaarden van artikel 5, lid 2, eerste alinea, van Verordening (EU) nr. 528/2012 is voldaan, en met de tijd die nodig is om te besluiten of de goedkeuring van propiconazool voor gebruik in biociden van productsoort 8 moet worden verlengd, moet de termijn voor het verstrijken van de goedkeuring worden verlengd tot en met 31 december 2023.

(10)

Na de verlenging van de termijn voor het verstrijken van de goedkeuring blijft de goedkeuring van propiconazool gelden voor gebruik in biociden van productsoort 8, onder voorbehoud van de naleving van de in bijlage I bij Richtlijn 98/8/EG vastgestelde eisen,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

De in Uitvoeringsbesluit (EU) 2021/354 vastgestelde termijn voor het verstrijken van de goedkeuring van propiconazool voor gebruik in biociden van productsoort 8 wordt verlengd tot en met 31 december 2023.

Artikel 2

Dit besluit treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Gedaan te Brussel, 23 november 2022.

Voor de Commissie

De voorzitter

Ursula VON DER LEYEN


(1)  PB L 167 van 27.6.2012, blz. 1.

(2)  Richtlijn 98/8/EG van het Europees Parlement en de Raad van 16 februari 1998 betreffende het op de markt brengen van biociden (PB L 123 van 24.4.1998, blz. 1).

(3)  Uitvoeringsbesluit (EU) 2020/27 van de Commissie van 13 januari 2020 tot verlenging van de termijn voor het verstrijken van de goedkeuring van propiconazool voor gebruik in biociden van productsoort 8 (PB L 8 van 14.1.2020, blz. 39).

(4)  Uitvoeringsbesluit (EU) 2021/354 van de Commissie van 25 februari 2021 tot verlenging van de termijn voor het verstrijken van de goedkeuring van propiconazool voor gebruik in biociden van productsoort 8 (PB L 68 van 26.2.2021, blz. 219).

(5)  Comité voor biociden: Advies over de aanvraag voor de goedkeuring van de werkzame stof propiconazool, productsoort 8, ECHA/BPC/324/2022, aangenomen op 9 maart 2022.

(6)  Verordening (EG) nr. 1272/2008 van het Europees Parlement en de Raad van 16 december 2008 betreffende de indeling, etikettering en verpakking van stoffen en mengsels, tot wijziging en intrekking van de Richtlijnen 67/548/EEG en 1999/45/EG en tot wijziging van Verordening (EG) nr. 1907/2006 (PB L 353 van 31.12.2008, blz. 1).


Top