This document is an excerpt from the EUR-Lex website
Document 32021R0895
Commission Delegated Regulation (EU) 2021/895 of 24 February 2021 supplementing Regulation (EU) 2019/1238 of the European Parliament and of the Council with regard to product intervention (Text with EEA relevance)
Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/895 van de Commissie van 24 februari 2021 tot aanvulling van Verordening (EU) 2019/1238 van het Europees Parlement en de Raad met betrekking tot productinterventie (Voor de EER relevante tekst)
Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/895 van de Commissie van 24 februari 2021 tot aanvulling van Verordening (EU) 2019/1238 van het Europees Parlement en de Raad met betrekking tot productinterventie (Voor de EER relevante tekst)
C/2021/1133
PB L 197 van 4.6.2021, pp. 1–4
(BG, ES, CS, DA, DE, ET, EL, EN, FR, GA, HR, IT, LV, LT, HU, MT, NL, PL, PT, RO, SK, SL, FI, SV)
In force
|
4.6.2021 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 197/1 |
GEDELEGEERDE VERORDENING (EU) 2021/895 VAN DE COMMISSIE
van 24 februari 2021
tot aanvulling van Verordening (EU) 2019/1238 van het Europees Parlement en de Raad met betrekking tot productinterventie
(Voor de EER relevante tekst)
DE EUROPESE COMMISSIE,
Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,
Gezien Verordening (EU) 2019/1238 van het Europees Parlement en de Raad van 20 juni 2019 inzake een pan-Europees persoonlijk pensioenproduct (PEPP) (1), en met name artikel 65, lid 9,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Om te bepalen of er sprake is van een significante reden tot bezorgdheid over de bescherming van beleggers, dan wel van een bedreiging voor het ordelijk functioneren en de integriteit van financiële markten of voor de stabiliteit van het financiële stelsel, of een deel daarvan, in de Unie, moet de Europese Autoriteit voor verzekeringen en bedrijfspensioenen (“Eiopa”) heldere criteria en factoren kunnen toepassen. Deze verordening vult die criteria en factoren verder in, met inbegrip van die welke in artikel 65, lid 9, tweede alinea, onder a), b), c) en d), van Verordening (EU) 2019/1238 worden opgesomd. |
|
(2) |
Het is van essentieel belang om binnen de Unie een coherente benadering te garanderen, terwijl Eiopa toch passende maatregelen moet kunnen nemen wanneer zich onvoorziene gebeurtenissen of ontwikkelingen voordoen die in de lijn liggen van artikel 65, lid 9, van Verordening (EU) 2019/1238. De Commissie heeft Eiopa uitgenodigd om technisch advies te geven op het gebied van het pan-Europees persoonlijk pensioenproduct (“PEPP”). |
|
(3) |
Het bestaan van een “bedreiging”, hetgeen een van de randvoorwaarden is voor interventie door Eiopa met het oog op het ordelijk functioneren en de integriteit van financiële markten of de stabiliteit van het financiële stelsel, vereist een hogere drempel dan het bestaan van een “significante reden tot bezorgdheid”, hetgeen de randvoorwaarde is voor interventie door Eiopa ten behoeve van de bescherming van beleggers. Eiopa moet kunnen optreden wanneer ten minste een van de factoren of criteria in deze verordening reden tot bezorgdheid geeft of een bedreiging vormt. |
|
(4) |
Ook moet rekening worden gehouden met de specifieke situatie en omstandigheden van de PEPP-aanbieder of PEPP-distributie met betrekking tot hun potentiële aandeel in de punten van zorg of de bedreigingen van het type waarop artikel 65, lid 9, van Verordening (EU) 2019/1238 ziet, |
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Artikel 1
Eiopa past, wanneer zij de mate van complexiteit van het PEPP nagaat, de volgende criteria en factoren toe:
|
a) |
het langetermijnpensioenkarakter van het PEPP; |
|
b) |
het soort en de mate van transparantie van de onderliggende activa; |
|
c) |
de mate van transparantie van kosten en vergoedingen verbonden aan het PEPP; |
|
d) |
het gebruik van technieken om de aandacht van PEPP-spaarders te vestigen op niet-essentiële kenmerken in de presentatie van het PEPP; |
|
e) |
de aard en de transparantie van de risico’s; |
|
(f) |
het gebruik van productnamen, terminologie of andere informatie die een hoger niveau van veiligheid of rendement impliceren dan het niveau dat in werkelijkheid mogelijk of waarschijnlijk is, dan wel misleidende productkenmerken; |
|
g) |
de vraag of de informatie over het PEPP aan de hand waarvan marktdeelnemers voor wie dit product bestemd is hun oordeel kunnen vormen, ontoereikend of onvoldoende betrouwbaar is, rekening houdende met de aard en het soort van het PEPP; |
|
h) |
de complexiteit van de berekening van de prestaties, waarbij er met name rekening wordt gehouden met de vraag of het rendement afhankelijk is van de prestaties van een of meer onderliggende activa die op hun beurt door andere factoren worden beïnvloed; |
|
i) |
de aard en de omvang van de risico’s; |
|
j) |
de vraag of het PEPP met andere producten of diensten gebundeld is; |
|
k) |
de complexiteit van voorwaarden van het PEPP; |
|
l) |
het bestaan en de mate van discrepantie tussen het verwachte rendement van het PEPP en het risico op verlies, waarbij met het volgende rekening wordt gehouden:
|
|
m) |
de prijsstelling en bijbehorende kosten van het PEPP, waarbij met het volgende rekening wordt gehouden:
|
|
n) |
het gemak en de kosten waarmee de PEPP-spaarder kan gebruikmaken van de overstap- en meeneembaarheidsdienst, waarbij met het volgende rekening wordt gehouden:
|
Artikel 2
Eiopa past de volgende criteria en factoren toe wanneer zij de verhouding nagaat tussen het PEPP en het soort PEPP-spaarder aan wie het PEPP wordt aangeboden of verkocht:
|
a) |
de kenmerken van de vaardigheden en capaciteiten van de PEPP-spaarder, waaronder het opleidingsniveau, de kennis van en ervaring met andere pensioenproducten, beleggingsproducten voor de lange termijn of verkooppraktijken en de kwetsbaarheid van de PEPP-spaarder; |
|
b) |
de kenmerken van de economische situatie van de PEPP-spaarder, waaronder inkomen, vermogen en de mate van afhankelijkheid van het PEPP voor een afdoende pensioeninkomen; |
|
c) |
de financiële kerndoelstellingen van de PEPP-spaarder, waaronder pensioentegoeden en de behoefte aan risicodekking, met inbegrip van biometrische risico’s; |
|
d) |
de vraag of het PEPP wordt verkocht aan een PEPP-spaarder buiten de beoogde doelmarkt, dan wel of de doelmarkt niet adequaat is afgebakend; |
|
e) |
de vraag of het product voor dekking door een nationaal garantiestelsel in aanmerking komt, voor zover dergelijke stelsels bestaan. |
Artikel 3
Eiopa past de volgende criteria en factoren toe wanneer zij de mate van innovatie van het PEPP of van een activiteit of een praktijk nagaat:
|
a) |
de mate van innovatie wat betreft de structuur en kenmerken van het PEPP, met name de mate van innovatie van de risicolimiteringstechnieken of van de vormen van uitbetaling of van de vormgeving van andere PEPP-uitkeringen; |
|
b) |
de mate van verspreiding van innovatie, met inbegrip van de vraag of het PEPP innovatief is voor bepaalde categorieën PEPP-spaarders; |
|
c) |
de hefboomwerking van de innovatie; |
|
d) |
de vroegere ervaring van de markt met gelijksoortige PEPP’s of verkooppraktijken voor PEPP’s. |
Artikel 4
De EIOPA past de volgende criteria en factoren toe wanneer zij de hefboomratio van een PEPP of praktijk nagaat:
|
a) |
de specifieke kenmerken van onderliggende activa van het PEPP, waarbij met de inherente hefboomwerking van het PEPP rekening wordt gehouden: |
|
b) |
de hefboomwerking ten gevolge van financiering; |
|
c) |
de kenmerken van effectenfinancieringstransacties. |
Artikel 5
Eiopa past de volgende criteria en factoren toe wanneer zij de omvang of het totale bedrag van het opgebouwde kapitaal van het PEPP nagaat:
|
a) |
de omvang van potentieel nadelige gevolgen uit oogpunt van de individuele PEPP-spaarder en, in het geval van een groot aantal actuele en potentiële PEPP-spaarders, de omvang van potentieel nadelige gevolgen voor een cluster van PEPP-spaarders, waarbij meer bepaald met het volgende rekening wordt gehouden: |
|
b) |
de omvang van en het totale bedrag van het opgebouwde kapitaal van het PEPP; |
|
c) |
de notionele waarde van het PEPP; |
|
d) |
de waarschijnlijkheid, de omvang en de aard van nadelige gevolgen, waaronder het bedrag van potentiële verliezen; |
|
e) |
de verwachte duur van de nadelige gevolgen; |
|
f) |
de omvang van de bijdragen; |
|
g) |
het aantal en de deskundigheids- en betrouwbaarheidsvereisten van de betrokken intermediairs; |
|
h) |
de groei van de markt of de verkoop; |
|
i) |
het gemiddelde bedrag dat iedere PEPP-spaarder in het PEPP heeft belegd; |
|
j) |
het dekkingsniveau dat in de nationale wetgeving betreffende verzekeringsgarantiestelsels is vastgelegd, voor zover dergelijke stelsels bestaan; |
|
k) |
de waarde van de technische voorzieningen die op de PEPP’s betrekking hebben; |
|
l) |
de vraag of de onderliggende activa van het PEPP een hoog risico vormen voor het rendement van transacties die door deelnemers of PEPP-spaarders op de betrokken markt worden aangegaan; |
|
m) |
de vraag of de kenmerken van het PEPP dit bijzonder vatbaar maken om voor financiële misdrijven te worden gebruikt, en meer bepaald of die kenmerken het gebruik van het PEPP mogelijk zouden kunnen aanmoedigen voor het volgende:
|
Artikel 6
Eiopa zal ook de volgende factoren in aanmerking nemen die het ordelijk functioneren en de integriteit van de financiële markten in het gedrang kunnen brengen:
|
a) |
de vraag of financiële activiteiten of financiële praktijken van de PEPP-aanbieder of PEPP-distributeur met betrekking tot het PEPP een bijzonder hoog risico inhouden voor de weerbaarheid of het soepele functioneren van markten; |
|
b) |
de vraag of het PEPP of de financiële activiteiten of financiële praktijken van de PEPP-aanbieder of PEPP-distributeur met betrekking tot het PEPP zouden kunnen leiden tot een significante en kunstmatige discrepantie tussen de prijzen van een derivaat en die op de onderliggende markt; |
|
c) |
de vraag of de PEPP of de financiële activiteiten of financiële praktijken van de PEPP-aanbieder of PEPP-distributeur met betrekking tot de PEPP een hoog risico inhouden voor de infrastructuur van markten of betaalsystemen, waaronder handels-, clearing- en afwikkelingssystemen; |
|
d) |
de vraag of de PEPP of de financiële activiteiten of financiële praktijken van de PEPP-aanbieder of PEPP-distributeur met betrekking tot de PEPP een hoog risico kunnen inhouden voor het vertrouwen van de PEPP-spaarders in het financiële stelsel; |
|
e) |
de vraag of de PEPP of de financiële activiteiten of financiële praktijken van de PEPP-aanbieder of PEPP-distributeur met betrekking tot de PEPP een hoog risico inhouden van verstoring van financiële instellingen die voor het financiële stelsel van de Unie van belang worden geacht. |
Artikel 7
Eiopa zal ook de volgende factoren in aanmerking nemen die van toepassing zijn op de specifieke situatie en omstandigheden van de PEPP-aanbieder of PEPP-distributeur, waarbij met het volgende rekening wordt gehouden:
|
a) |
zijn financiële situatie en solvabiliteit; |
|
b) |
zijn financiële activiteiten of financiële praktijken; |
|
c) |
zijn bedrijfsmodel en de duurzaamheid en transparantie ervan; |
|
d) |
de geschiktheid van herverzekerings- en garantieregelingen wat betreft het PEPP; |
|
e) |
het feit dat de PEPP-aanbieder afhankelijk is van derden voor belangrijke aspecten van het PEPP, zoals de dekking van biometrische risico’s, garanties en de meeneembaarheid van het PEPP; |
|
f) |
de verkooppraktijken met betrekking tot het PEPP, waarbij rekening wordt gehouden met:
|
Artikel 8
Deze verordening treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.
Gedaan te Brussel, 24 februari 2021.
Voor de Commissie
De voorzitter
Ursula VON DER LEYEN