EUR-Lex Access to European Union law

Back to EUR-Lex homepage

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Document 32021D0592

Besluit (EU) 2021/592 van de Raad van 7 april 2021 betreffende de indiening van een voorstel namens de Europese Unie om chloorpyrifos op te nemen in bijlage A bij het Verdrag van Stockholm inzake persistente organische verontreinigende stoffen

ST/6921/2021/INIT

OJ L 125, 13.4.2021, p. 52–53 (BG, ES, CS, DA, DE, ET, EL, EN, FR, GA, HR, IT, LV, LT, HU, MT, NL, PL, PT, RO, SK, SL, FI, SV)

In force

ELI: http://data.europa.eu/eli/dec/2021/592/oj

13.4.2021   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 125/52


BESLUIT (EU) 2021/592 VAN DE RAAD

van 7 april 2021

betreffende de indiening van een voorstel namens de Europese Unie om chloorpyrifos op te nemen in bijlage A bij het Verdrag van Stockholm inzake persistente organische verontreinigende stoffen

DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, en met name artikel 192, lid 1, in samenhang met artikel 218, lid 9,

Gezien het voorstel van de Europese Commissie,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Op 14 oktober 2004 heeft de Europese Gemeenschap het Verdrag van Stockholm inzake persistente organische verontreinigende stoffen (“het verdrag”) goedgekeurd door middel van Besluit 2006/507/EG van de Raad (1).

(2)

Als partij bij het verdrag kan de Unie voorstellen indienen tot wijziging van de bijlagen bij het verdrag. Bijlage A bij het verdrag bevat een lijst van chemischestoffen die moeten worden uitgebannen.

(3)

Op basis van de beschikbare wetenschappelijke informatie en de onderzoeksverslagen en rekening houdend met de selectiecriteria van bijlage D bij het verdrag vertoont chloorpyrifos kenmerken van een persistente organische verontreinigende stof.

(4)

Chloorpyrifos is niet goedgekeurd als een werkzame stof overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1107/2009 van het Europees Parlement en de Raad (2) en mag daarom niet in de Unie in de handel worden gebracht of gebruikt in gewasbeschermingsmiddelen. Chloorpyrifos is ook niet goedgekeurd als een werkzame stof overeenkomstig Verordening (EU) nr. 528/2012 van het Europees Parlement en de Raad (3) en mag daarom niet in de Unie in de handel worden gebracht of gebruikt in biociden. Bovendien is chloorpyrifos niet voor een ander gebruik geregistreerd overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1907/2006 van het Europees Parlement en de Raad (4) en bijgevolg mag de stof niet voor dergelijk ander gebruik in de Unie worden geproduceerd of in de handel gebracht in hoeveelheden van één ton of meer per jaar per producent of importeur.

(5)

Hoewel chloorpyrifos in de Unie is uitgefaseerd, blijkt dat het buiten de Unie nog steeds als pesticide wordt gebruikt en zich daar in het milieu verspreidt. Omdat chloorpyrifos zich over grote afstanden in het milieu kan verspreiden, volstaan de nationaal of op het niveau van de Unie genomen maatregelen niet om een hoge mate van bescherming van het milieu en de gezondheid van de mens te waarborgen. Er moeten daarom op ruimere internationale schaal maatregelen worden genomen.

(6)

De Unie moet daarom een voorstel bij het Secretariaat van het verdrag indienen met het oog op de opname van chloorpyrifos in bijlage A bij het verdrag,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

De Unie dient een voorstel in om chloorpyrifos (CAS-nr. 2921-88-2, EC-nr. 220-864-4) op te nemen in bijlage A bij het Verdrag van Stockholm inzake persistente organische verontreinigende stoffen.

Namens de Unie deelt de Commissie het in de eerste alinea bedoelde voorstel samen met alle uit hoofde van bijlage D bij het verdrag vereiste informatie aan het Secretariaat van het verdrag mee.

Artikel 2

Dit besluit treedt in werking op de datum waarop het wordt vastgesteld.

Gedaan te Brussel, 7 april 2021.

Voor de Raad

De voorzitter

A.P. ZACARIAS


(1)  Besluit 2006/507/EG van de Raad van 14 oktober 2004 betreffende de sluiting namens de Europese Gemeenschap van het Verdrag van Stockholm inzake persistente organische verontreinigende stoffen (PB L 209 van 31.7.2006, blz. 1).

(2)  Verordening (EG) nr. 1107/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 21 oktober 2009 betreffende het op de markt brengen van gewasbeschermingsmiddelen en tot intrekking van de Richtlijnen 79/117/EEG en 91/414/EEG van de Raad (PB L 309 van 24.11.2009, blz. 1).

(3)  Verordening (EU) nr. 528/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 22 mei 2012 betreffende het op de markt aanbieden en het gebruik van biociden (PB L 167 van 27.6.2012, blz. 1).

(4)  Verordening (EG) nr. 1907/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 18 december 2006 inzake de registratie en beoordeling van en de autorisatie en beperkingen ten aanzien van chemische stoffen (Reach), tot oprichting van een Europees Agentschap voor chemische stoffen, houdende wijziging van Richtlijn 1999/45/EG en houdende intrekking van Verordening (EEG) nr. 793/93 van de Raad en Verordening (EG) nr. 1488/94 van de Commissie alsmede Richtlijn 76/769/EEG van de Raad en de Richtlijnen 91/155/EEG, 93/67/EEG, 93/105/EG en 2000/21/EG van de Commissie (PB L 396 van 30.12.2006, blz. 1).


Top