Accept Refuse

EUR-Lex Access to European Union law

Back to EUR-Lex homepage

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Document 32019R0397

Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/397 van de Commissie van 19 december 2018 tot wijziging van Gedelegeerde Verordening (EU) 2016/2251 van de Commissie tot aanvulling van Verordening (EU) nr. 648/2012 van het Europees Parlement en de Raad wat betreft de datum tot wanneer tegenpartijen hun risicobeheerprocedures voor bepaalde niet door een centrale tegenpartij geclearde otc-derivatencontracten mogen blijven toepassen (Voor de EER relevante tekst.)

C/2018/9118

OJ L 71, 13.3.2019, p. 15–17 (BG, ES, CS, DA, DE, ET, EL, EN, FR, HR, IT, LV, LT, HU, MT, NL, PL, PT, RO, SK, SL, FI, SV)

In force

ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2019/397/oj

13.3.2019   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 71/15


GEDELEGEERDE VERORDENING (EU) 2019/397 VAN DE COMMISSIE

van 19 december 2018

tot wijziging van Gedelegeerde Verordening (EU) 2016/2251 van de Commissie tot aanvulling van Verordening (EU) nr. 648/2012 van het Europees Parlement en de Raad wat betreft de datum tot wanneer tegenpartijen hun risicobeheerprocedures voor bepaalde niet door een centrale tegenpartij geclearde otc-derivatencontracten mogen blijven toepassen

(Voor de EER relevante tekst)

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Verordening (EU) nr. 648/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 4 juli 2012 betreffende otc-derivaten, centrale tegenpartijen en transactieregisters (1), en met name artikel 11, lid 15,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Op 29 maart 2017 heeft het Verenigd Koninkrijk kennisgegeven van zijn voornemen om zich uit de Unie terug te trekken krachtens artikel 50 van het Verdrag betreffende de Europese Unie. De Verdragen zijn niet meer van toepassing op het Verenigd Koninkrijk met ingang van de datum van inwerkingtreding van het terugtrekkingsakkoord of, bij gebreke daarvan, na verloop van twee jaar na de kennisgeving, dat wil zeggen vanaf 30 maart 2019, tenzij de Europese Raad met instemming van het Verenigd Koninkrijk met eenparigheid van stemmen tot verlenging van deze termijn besluit.

(2)

Bij het in Verordening (EU) nr. 648/2012 neergelegde vereiste om zekerheden uit te wisselen met betrekking tot over-the-counter („otc”)-derivatencontracten die niet door een centrale tegenpartij („ctp”) zijn gecleard, is geen rekening gehouden met de mogelijkheid dat een lidstaat zich uit de Unie terugtrekt. De problemen waarmee partijen bij een otc-derivatencontract met in het Verenigd Koninkrijk gevestigde tegenpartijen te maken krijgen, vloeien rechtstreeks voort uit een gebeurtenis die buiten hun macht ligt en kunnen hen benadelen in vergelijking met andere tegenpartijen in de Unie.

(3)

In Gedelegeerde Verordening (EU) 2016/2251 van de Commissie (2) zijn naargelang van de categorie van tegenpartijen bij die contracten verschillende data vastgesteld voor de toepassing van de procedures voor de uitwisseling van zekerheden in verband met niet-centraal geclearde otc-derivatencontracten.

(4)

Tegenpartijen kunnen niet voorspellen wat de status van een in het Verenigd Koninkrijk gevestigde tegenpartij wordt of in welke mate deze tegenpartij bepaalde diensten aan in de Unie gevestigde tegenpartijen kan blijven aanbieden. Om die situatie te regelen, is het mogelijk dat tegenpartijen ervoor kiezen het contract te vernieuwen door de in het Verenigd Koninkrijk gevestigde tegenpartij te vervangen door een in een lidstaat gevestigde tegenpartij.

(5)

Voordat Verordening (EU) nr. 648/2012 en Gedelegeerde Verordening (EU) 2016/2251 van toepassing waren, waren tegenpartijen bij niet-centraal geclearde otc-derivatencontracten niet verplicht zekerheden uit te wisselen, en bilaterale transacties werden daarom niet of op vrijwillige basis door zekerheden gedekt. Indien tegenpartijen verplicht waren zekerheden uit te wisselen als gevolg van de novatie van hun contracten om de terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk uit de Unie op te vangen, zou het kunnen dat de overblijvende tegenpartij niet met de novatie instemt.

(6)

Om de vlotte werking van de markt en een gelijk speelveld tussen in de Unie gevestigde tegenpartijen te verzekeren, moeten tegenpartijen de in het Verenigd Koninkrijk gevestigde tegenpartijen kunnen vervangen door in een lidstaat gevestigde tegenpartijen zonder met betrekking tot die vernieuwde contracten zekerheden te hoeven uitwisselen. De datum vanaf wanneer zij voor de novatie van die contracten moeten worden verplicht zekerheden uit te wisselen, moet twaalf maanden na de datum van toepassing van deze wijzigingsverordening vallen.

(7)

Gedelegeerde Verordening (EU) 2016/2251 moet derhalve dienovereenkomstig worden gewijzigd.

(8)

Deze verordening is gebaseerd op de ontwerpen van technische reguleringsnormen die door de Europese Bankautoriteit, de Europese Autoriteit voor verzekeringen en bedrijfspensioenen en de Europese Autoriteit voor effecten en markten aan de Commissie zijn voorgelegd.

(9)

De uitvoering van efficiënte oplossingen door de marktdeelnemers moet zo snel mogelijk worden gefaciliteerd. Daarom hebben de Europese Bankautoriteit, de Europese Autoriteit voor verzekeringen en bedrijfspensioenen en de Europese Autoriteit voor effecten en markten de potentiële hieraan gerelateerde kosten en baten geanalyseerd, maar hebben zij overeenkomstig artikel 10, lid 1, tweede alinea, van Verordening (EU) nr. 1093/2010 van het Europees Parlement en de Raad (3), artikel 10, lid 1, tweede alinea, van Verordening (EU) nr. 1094/2010 van het Europees Parlement en de Raad (4) en artikel 10, lid 1, tweede alinea, van Verordening (EU) nr. 1095/2010 van het Europees Parlement en de Raad (5) geen openbare raadpleging gehouden. Om dezelfde reden moet deze verordening in werking treden op de dag na die van de bekendmaking ervan.

(10)

Deze verordening moet met spoed in werking treden en pas gelden vanaf de dag na die waarop de Verdragen niet meer van toepassing zijn op en in het Verenigd Koninkrijk, tenzij tegen die datum een met het Verenigd Koninkrijk gesloten terugtrekkingsakkoord in werking is getreden of de termijn van twee jaar als bedoeld in artikel 50, lid 3, van het Verdrag betreffende de Europese Unie is verlengd,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

Wijziging van Gedelegeerde Verordening (EU) 2016/2251

Artikel 35 van Verordening (EU) 2016/2251 wordt vervangen door:

„Artikel 35

Overgangsbepalingen

Tegenpartijen bedoeld in artikel 11, lid 3, van Verordening (EU) nr. 648/2012 kunnen hun op de datum van toepassing van deze verordening toepasselijke risicobeheerprocedures blijven toepassen ten aanzien van niet-centraal geclearde otc-derivatencontracten die tussen 16 augustus 2012 en de relevante toepassingsdatums van deze verordening zijn aangegaan of vernieuwd.

Tegenpartijen bedoeld in artikel 11, lid 3, van Verordening (EU) nr. 648/2012 kunnen hun op 14 maart 2019 toepasselijke risicobeheerprocedures tevens blijven toepassen ten aanzien van niet-centraal geclearde otc-derivatencontracten die voldoen aan alle volgende voorwaarden:

a)

de niet-centraal geclearde otc-derivatencontracten zijn aangegaan of vernieuwd vóór hetzij de datum van toepassing van deze verordening, zoals vastgesteld in de artikelen 36, 37 en 38 van deze verordening hetzij 14 maart 2019, indien dit vroeger is;

b)

de niet-centraal geclearde otc-derivatencontracten worden vernieuwd met als enig doel de in het Verenigd Koninkrijk gevestigde tegenpartij te vervangen door een in een lidstaat gevestigde tegenpartij;

c)

de niet-centraal geclearde otc-derivatencontracten worden vernieuwd tussen de datum na die waarop het recht van de Unie op grond van artikel 50, lid 3, van het Verdrag betreffende de Europese Unie niet meer van toepassing is op en in het Verenigd Koninkrijk, en een van de volgende data, naargelang welke datum de laatste is:

i)

de in de artikelen 36, 37 en 38 van deze verordening vastgestelde data van toepassing, hetzij

ii)

twaalf maanden na de datum na die waarop het recht van de Unie op grond van artikel 50, lid 3, van het Verdrag betreffende de Europese Unie niet meer van toepassing is op en in het Verenigd Koninkrijk.”.

Artikel 2

Inwerkingtreding en toepassing

Deze verordening treedt in werking op de dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Zij is van toepassing vanaf de datum na die waarop de Verdragen op grond van artikel 50, lid 3, van het Verdrag betreffende de Europese Unie niet meer van toepassing zijn op en in het Verenigd Koninkrijk.

Deze verordening is evenwel niet van toepassing in de volgende gevallen:

a)

tegen die datum is een met het Verenigd Koninkrijk gesloten terugtrekkingsakkoord overeenkomstig artikel 50, lid 2, van het Verdrag betreffende de Europese Unie in werking getreden;

b)

er is een besluit genomen tot verlenging van de periode van twee jaar als bedoeld in artikel 50, lid 3, van het Verdrag betreffende de Europese Unie.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel, 19 december 2018.

Voor de Commissie

De voorzitter

Jean-Claude JUNCKER


(1)  PB L 201 van 27.7.2012, blz. 1.

(2)  Gedelegeerde Verordening (EU) 2016/2251 van de Commissie van 4 oktober 2016 tot aanvulling van Verordening (EU) nr. 648/2012 van het Europees Parlement en de Raad betreffende otc-derivaten, centrale tegenpartijen en transactieregisters ten aanzien van technische reguleringsnormen met betrekking tot risicolimiteringstechnieken voor niet door een centrale tegenpartij geclearde otc-derivatencontracten (PB L 340 van 15.12.2016, blz. 9).

(3)  Verordening (EU) nr. 1093/2010 van het Europees Parlement en de Raad van 24 november 2010 tot oprichting van een Europese toezichthoudende autoriteit (Europese Bankautoriteit), tot wijziging van Besluit nr. 716/2009/EG en tot intrekking van Besluit 2009/78/EG van de Commissie (PB L 331 van 15.12.2010, blz. 12).

(4)  Verordening (EU) nr. 1094/2010 van het Europees Parlement en de Raad van 24 november 2010 tot oprichting van een Europese toezichthoudende autoriteit (Europese Autoriteit voor verzekeringen en bedrijfspensioenen), tot wijziging van Besluit nr. 716/2009/EG en tot intrekking van Besluit 2009/79/EG van de Commissie (PB L 331 van 15.12.2010, blz. 48).

(5)  Verordening (EU) nr. 1095/2010 van het Europees Parlement en de Raad van 24 november 2010 tot oprichting van een Europese toezichthoudende autoriteit (Europese Autoriteit voor effecten en markten), tot wijziging van Besluit nr. 716/2009/EG en tot intrekking van Besluit 2009/77/EG van de Commissie (PB L 331 van 15.12.2010, blz. 84).


Top