EUR-Lex Access to European Union law

Back to EUR-Lex homepage

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Document 32018D0618

Uitvoeringsbesluit (EU) 2018/618 van de Commissie van 19 april 2018 tot wijziging van Uitvoeringsbesluit 2012/535/EU van de Commissie wat maatregelen ter preventie van de verspreiding in de Unie van Bursaphelenchus xylophilus (Steiner et Buhrer) Nickle et al. (het dennenaaltje) betreft (Kennisgeving geschied onder nummer C(2018) 2227)

C/2018/2227

OJ L 102, 23.4.2018, p. 17–20 (BG, ES, CS, DA, DE, ET, EL, EN, FR, HR, IT, LV, LT, HU, MT, NL, PL, PT, RO, SK, SL, FI, SV)

In force

ELI: http://data.europa.eu/eli/dec_impl/2018/618/oj

23.4.2018   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 102/17


UITVOERINGSBESLUIT (EU) 2018/618 VAN DE COMMISSIE

van 19 april 2018

tot wijziging van Uitvoeringsbesluit 2012/535/EU van de Commissie wat maatregelen ter preventie van de verspreiding in de Unie van Bursaphelenchus xylophilus (Steiner et Buhrer) Nickle et al. (het dennenaaltje) betreft

(Kennisgeving geschied onder nummer C(2018) 2227)

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Richtlijn 2000/29/EG van de Raad van 8 mei 2000 betreffende de beschermende maatregelen tegen het binnenbrengen en de verspreiding in de Gemeenschap van voor planten en plantaardige producten schadelijke organismen (1), en met name artikel 16, lid 3, vierde zin,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

In 2017 is een buitengewoon groot aantal vatbare planten in de bufferzone van continentaal Portugal door uitgebreide branden getroffen. Daardoor is het aantal afstervende bomen dat gekapt, verwijderd en vernietigd moet worden, plots onverwacht tot 1,5 miljoen bomen gegroeid. Hoewel de Portugese autoriteiten hun capaciteit geleidelijk hebben verhoogd tot 300 000 bomen per jaar en zij die capaciteit naar verwachting zullen blijven verhogen overeenkomstig de toenemende behoefte, is het voor de Portugese autoriteiten onmogelijk om de kap, verwijdering en vernietiging van alle nieuwe afstervende bomen binnen de in Uitvoeringsbesluit 2012/535/EU van de Commissie (2) vastgestelde wettelijke termijnen uit te voeren.

(2)

Daarom en op verzoek van Portugal moet een tijdelijke afwijking van de wettelijke bepalingen in punt 3, onder b), van bijlage II bij dat besluit worden ingevoerd om Portugal de mogelijkheid te bieden de kapactiviteiten in de betrokken bufferzone binnen een langere termijn maar uiterlijk tegen 31 maart 2020 te voltooien. Dit geeft de Portugese autoriteiten de gepaste extra tijd om de nodige kapactiviteiten, waarvan het volume wegens de schaal van de branden aanzienlijk is toegenomen, uit te voeren.

(3)

Om ervoor te zorgen dat de actie goed voorbereid en gecoördineerd is, moet die afwijking gelden op voorwaarde dat Portugal jaarlijks een actieplan indient. Het actieplan moet de vatbare planten vermelden die een groter risico op besmetting met het dennenaaltje lopen en die snellere acties vereisen alsook de toe te wijzen benodigde middelen en andere relevante informatie, zoals de maatregelen die in afwachting van de kap, verwijdering en vernietiging van die planten moeten worden uitgevoerd om het risico op besmetting met het dennenaaltje te beperken, met inbegrip van intensief onderzoek van vatbare planten en de vectoren met het oog op de vroegtijdige opsporing van de aanwezigheid van het dennenaaltje, en de desbetreffende termijnen voor de uitvoering van die maatregelen. Het risiconiveau voor die planten moet jaarlijks worden beoordeeld en het actieplan moet dienovereenkomstig worden bijgewerkt, zodat de planten die het grootste risico op verspreiding van het dennenaaltje vormen, prioritair worden behandeld.

(4)

Uitvoeringsbesluit 2012/535/EU moet daarom dienovereenkomstig worden gewijzigd.

(5)

De in dit besluit vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Permanent Comité voor planten, dieren, levensmiddelen en diervoeders,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

Bijlage II bij Uitvoeringsbesluit 2012/535/EU wordt gewijzigd overeenkomstig de bijlage bij dit besluit.

Artikel 2

Dit besluit is gericht tot de lidstaten.

Gedaan te Brussel, 19 april 2018.

Voor de Commissie

Vytenis ANDRIUKAITIS

Lid van de Commissie


(1)  PB L 169 van 10.7.2000, blz. 1.

(2)  Uitvoeringsbesluit 2012/535/EU van de Commissie van 26 september 2012 betreffende noodmaatregelen ter preventie van de verspreiding in de Unie van Bursaphelenchus xylophilus (Steiner et Buhrer) Nickle et al. (het dennenaaltje) (PB L 266 van 2.10.2012, blz. 42).


BIJLAGE

Punt 3, onder b), van bijlage II bij Uitvoeringsbesluit 2012/535/EU wordt vervangen door:

„b)

De lidstaten identificeren en kappen in de betrokken bufferzones alle vatbare planten die dood zijn, in een slechte gezondheidstoestand verkeren of door brand of storm zijn getroffen. Zij verwijderen en vernietigen de gekapte planten en kapresten, waarbij zij alle nodige voorzorgsmaatregelen nemen om de verspreiding van het dennenaaltje en zijn vector vóór en tijdens de kap en tot de vernietiging van de gekapte planten en kapresten te vermijden, onder de volgende voorwaarden:

i)

vatbare planten die buiten het vluchtseizoen van de vector zijn geïdentificeerd, worden vóór het volgende vluchtseizoen gekapt en ter plekke vernietigd, onder officieel toezicht naar de besmette zone afgevoerd of verwijderd. In het laatste geval worden het hout en de schors van die planten behandeld overeenkomstig bijlage III, afdeling 1, punt 2, onder a), of verwerkt overeenkomstig bijlage III, afdeling 2, punt 2, onder b);

ii)

vatbare planten die tijdens het vluchtseizoen van de vector zijn geïdentificeerd, worden onmiddellijk gekapt en ter plekke vernietigd, onder officieel toezicht naar de besmette zone afgevoerd of verwijderd. In het laatste geval worden het hout en de schors van die planten behandeld overeenkomstig bijlage III, afdeling 1, punt 2, onder a), of verwerkt overeenkomstig bijlage III, afdeling 2, punt 2, onder b).

Wanneer een lidstaat concludeert dat het kappen, verwijderen en vernietigen van tijdens het vluchtseizoen geïdentificeerde en door brand of storm getroffen vatbare planten onwenselijk is, kan de betrokken lidstaat besluiten die planten vóór het begin van het volgende vluchtseizoen te kappen, te verwijderen en te vernietigen. In dat geval worden de betrokken vatbare planten ter plekke vernietigd of verwijderd en worden het hout en de schors ervan behandeld overeenkomstig bijlage III, afdeling 1, punt 2, onder a), of verwerkt overeenkomstig bijlage III, afdeling 2, punt 2, onder b). De betrokken lidstaat voert — wanneer deze afwijking van toepassing is en onverminderd het bepaalde onder a) — tijdens het vluchtseizoen uitgebreid onderzoek uit in het door brand of storm getroffen gebied door die vectoren te bemonsteren en te testen op de aanwezigheid van het dennenaaltje, en onderwerpt — als die aanwezigheid wordt bevestigd — de vatbare planten in de omgeving aan een intensief onderzoek door de planten die tekenen of symptomen van de aanwezigheid van het dennenaaltje vertonen, te inspecteren, te bemonsteren en te testen.

In afwijking van de punten i) en ii) mag Portugal beslissen de vatbare planten, die door de verantwoordelijke officiële instantie officieel als in 2017 door brand getroffen zijn aangemerkt, binnen een langere termijn en ten laatste tegen 31 maart 2020 te kappen, te verwijderen en te vernietigen. Bij het kappen, verwijderen en vernietigen tijdens die termijn wordt voorrang gegeven aan de vatbare planten die zich in de volgende gebieden bevinden:

gebieden die aan de besmette zone grenzen;

gebieden die sporen van de activiteit van de vectorinsecten vertonen;

gebieden met een toegenomen aantal afstervende bomen dat op de mogelijke aanwezigheid van het dennenaaltje wijst;

alle andere gebieden met het grootste risico op besmetting met het dennenaaltje.

Die vatbare planten worden gekapt en ter plekke vernietigd, onder officieel toezicht naar de besmette zone afgevoerd of verwijderd. In dat geval worden het hout en de schors van die planten behandeld overeenkomstig bijlage III, afdeling 1, punt 2, onder a), of verwerkt overeenkomstig bijlage III, afdeling 2, punt 2, onder b). De vatbare planten die door de vectorinsecten niet voor de voltooiing van hun levenscyclus kunnen worden gebruikt, mogen ter plekke blijven zonder te worden vernietigd.

Portugal dient uiterlijk op 31 mei 2018 bij de Commissie en de lidstaten een jaarlijks actieplan in met daarin de kaarten met de locatie van de door brand getroffen planten in de bufferzone, de locatie van de in de tweede alinea bedoelde gebieden en de rechtvaardiging van die selectie, de maatregelen die in afwachting van de kap, verwijdering en vernietiging van die planten moeten worden uitgevoerd om het risico op besmetting met het dennenaaltje te beperken, met inbegrip van intensief onderzoek van vatbare planten en de vectoren met het oog op de vroegtijdige opsporing van de aanwezigheid van het dennenaaltje, de benodigde middelen, en de desbetreffende termijnen voor het voltooien van die maatregelen. Portugal dient uiterlijk op 31 mei 2019 nog een jaarlijks actieplan met dezelfde inhoud in.

Het risiconiveau voor die planten wordt jaarlijks beoordeeld en het actieplan wordt in voorkomend geval bijgewerkt. Met de in dat actieplan opgenomen activiteiten wordt rekening gehouden bij het opstellen van het in artikel 9 bedoelde algemene actieplan.

Portugal dient uiterlijk op 30 april van het jaar volgend op het betrokken jaar bij de Commissie en de lidstaten een verslag in over de jaarresultaten, met inbegrip van het resultaat van de intensieve onderzoeken van de vectoren, alsook eventuele bijwerkingen van dat actieplan.

Andere gekapte vatbare planten dan planten die volledig door bosbranden zijn vernietigd, worden bemonsterd en op de aanwezigheid van het dennenaaltje getest volgens een bemonsteringsschema dat in staat is met 99 % betrouwbaarheid te bevestigen dat het niveau van de aanwezigheid van het dennenaaltje in die vatbare planten onder 0,02 % ligt.”.


Top