Accept Refuse

EUR-Lex Access to European Union law

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Document 32017R0999

Verordening (EU) 2017/999 van de Commissie van 13 juni 2017 tot wijziging van bijlage XIV bij Verordening (EG) nr. 1907/2006 van het Europees Parlement en de Raad inzake de registratie en beoordeling van en de autorisatie en beperkingen ten aanzien van chemische stoffen (REACH) (Voor de EER relevante tekst. )

C/2017/3908

OJ L 150, 14.6.2017, p. 7–13 (BG, ES, CS, DA, DE, ET, EL, EN, FR, HR, IT, LV, LT, HU, MT, NL, PL, PT, RO, SK, SL, FI, SV)

In force

ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2017/999/oj

14.6.2017   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 150/7


VERORDENING (EU) 2017/999 VAN DE COMMISSIE

van 13 juni 2017

tot wijziging van bijlage XIV bij Verordening (EG) nr. 1907/2006 van het Europees Parlement en de Raad inzake de registratie en beoordeling van en de autorisatie en beperkingen ten aanzien van chemische stoffen (REACH)

(Voor de EER relevante tekst)

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Verordening (EG) nr. 1907/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 18 december 2006 inzake de registratie en beoordeling van en de autorisatie en beperkingen ten aanzien van chemische stoffen (REACH), tot oprichting van een Europees Agentschap voor chemische stoffen, houdende wijziging van Richtlijn 1999/45/EG en houdende intrekking van Verordening (EEG) nr. 793/93 van de Raad en Verordening (EG) nr. 1488/94 van de Commissie alsmede Richtlijn 76/769/EEG van de Raad en de Richtlijnen 91/155/EEG, 93/67/EEG, 93/105/EG en 2000/21/EG van de Commissie (1), en met name de artikelen 58 en 131,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

De stof 1-broompropaan (n-propylbromide) voldoet aan de criteria voor indeling als giftig voor de voortplanting (categorie 1B) overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1272/2008 van het Europees Parlement en de Raad (2) en bijgevolg ook aan de criteria voor opname in bijlage XIV bij Verordening (EG) nr. 1907/2006 zoals bepaald in artikel 57, onder c), van die verordening.

(2)

De stof diisopentylftalaat voldoet aan de criteria voor indeling als giftig voor de voortplanting (categorie 1B) overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1272/2008 en bijgevolg ook aan de criteria voor opname in bijlage XIV bij Verordening (EG) nr. 1907/2006 zoals bepaald in artikel 57, onder c), van die verordening.

(3)

De stof 1,2-benzeendicarbonzuur, di-C6-8-vertakte alkylesters, C7-rijk, voldoet aan de criteria voor indeling als giftig voor de voortplanting (categorie 1B) overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1272/2008 en bijgevolg ook aan de criteria voor opname in bijlage XIV bij Verordening (EG) nr. 1907/2006 zoals bepaald in artikel 57, onder c), van die verordening.

(4)

De stof 1,2-benzeendicarbonzuur, di-C7-11-vertakte en niet-vertakte alkylesters voldoet aan de criteria voor indeling als giftig voor de voortplanting (categorie 1B) overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1272/2008 en bijgevolg ook aan de criteria voor opname in bijlage XIV bij Verordening (EG) nr. 1907/2006 zoals bepaald in artikel 57, onder c), van die verordening.

(5)

De stof 1,2-benzeendicarbonzuur, dipentylester, vertakt en niet-vertakt, voldoet aan de criteria voor indeling als giftig voor de voortplanting (categorie 1B) overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1272/2008 en bijgevolg ook aan de criteria voor opname in bijlage XIV bij Verordening (EG) nr. 1907/2006 zoals bepaald in artikel 57, onder c), van die verordening.

(6)

De stof bis(2-methoxyethyl)ftalaat voldoet aan de criteria voor indeling als giftig voor de voortplanting (categorie 1B) overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1272/2008 en bijgevolg ook aan de criteria voor opname in bijlage XIV bij Verordening (EG) nr. 1907/2006 zoals bepaald in artikel 57, onder c), van die verordening.

(7)

De stof dipentylftalaat voldoet aan de criteria voor indeling als giftig voor de voortplanting (categorie 1B) overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1272/2008 en bijgevolg ook aan de criteria voor opname in bijlage XIV bij Verordening (EG) nr. 1907/2006 zoals bepaald in artikel 57, onder c), van die verordening.

(8)

De stof N-pentyl-isopentylftalaat voldoet aan de criteria voor indeling als giftig voor de voortplanting (categorie 1B) overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1272/2008 en bijgevolg ook aan de criteria voor opname in bijlage XIV bij Verordening (EG) nr. 1907/2006 zoals bepaald in artikel 57, onder c), van die verordening.

(9)

Bij een bepaald gehalte aan benzo[a]pyreen voldoet de stof antraceenolie aan de criteria voor indeling als kankerverwekkend (categorie 1B) overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1272/2008 en bijgevolg ook aan de criteria voor opname in bijlage XIV bij Verordening (EG) nr. 1907/2006 zoals bepaald in artikel 57, onder a), van die verordening. De stof is eveneens persistent, bioaccumulerend en toxisch, en zeer persistent en zeer bioaccumulerend volgens de criteria van bijlage XIII bij Verordening (EG) nr. 1907/2006 en voldoet bijgevolg aan de criteria voor opname in bijlage XIV bij die verordening zoals bepaald in artikel 57, onder d) en e), van die verordening.

(10)

De stof pek, koolteer, hoge temperatuur voldoet aan de criteria voor indeling als kankerverwekkend (categorie 1B) overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1272/2008 en bijgevolg ook aan de criteria voor opname in bijlage XIV bij Verordening (EG) nr. 1907/2006 zoals bepaald in artikel 57, onder a), van die verordening. De stof is eveneens persistent, bioaccumulerend en toxisch, en zeer persistent en zeer bioaccumulerend volgens de criteria van bijlage XIII bij Verordening (EG) nr. 1907/2006 en voldoet bijgevolg aan de criteria voor opname in bijlage XIV bij die verordening zoals bepaald in artikel 57, onder d) en e), van die verordening.

(11)

De stofgroep 4-(1,1,3,3-tetramethylbutyl)fenol, geëthoxyleerd (die duidelijk gedefinieerde stoffen, stoffen van onbekende of wisselende samenstelling, complexe reactieproducten en biologische stoffen („UVCB-stoffen”), polymeren en homologen omvat) bestaat uit stoffen die bij afbraak hormoonontregelende eigenschappen hebben ten aanzien waarvan wetenschappelijke aanwijzingen zijn gevonden voor waarschijnlijke ernstige gevolgen voor het milieu. Zodoende zijn zij even zorgwekkend als andere stoffen die in artikel 57, onder a) tot en met e), van Verordening (EG) nr. 1907/2006 zijn vermeld, en voldoen zij bijgevolg aan de criteria voor opname in bijlage XIV bij die Verordening zoals bepaald in artikel 57, onder f), van die verordening.

(12)

De stofgroep 4-nonylfenol, vertakt en niet-vertakt, geëthoxyleerd (met inbegrip van stoffen met een vertakte en/of niet-vertakte alkylketen met een koolstofgetal van 9, op positie 4 covalent gebonden aan fenol, geëthoxyleerd, waaronder UVCB-stoffen, duidelijk gedefinieerde stoffen, polymeren en homologen vallen, met inbegrip van elk afzonderlijk isomeer en/of combinaties van afzonderlijke isomeren) bestaat uit stoffen die bij afbraak hormoonontregelende eigenschappen hebben ten aanzien waarvan wetenschappelijke aanwijzingen zijn gevonden voor waarschijnlijke ernstige gevolgen voor het milieu. Zodoende zijn zij even zorgwekkend als andere stoffen die in artikel 57, onder a) tot en met e), van Verordening (EG) nr. 1907/2006 zijn vermeld, en voldoen zij bijgevolg aan de criteria voor opname in bijlage XIV bij die verordening zoals bepaald in artikel 57, onder f), van die verordening.

(13)

Die stoffen zijn geïdentificeerd en opgenomen in de overeenkomstig artikel 59 van Verordening (EG) nr. 1907/2006 opgestelde lijst van in aanmerking komende stoffen. Bovendien heeft het Europees Agentschap voor chemische stoffen (hierna „het Agentschap”) in zijn aanbevelingen van 6 februari 2014 (3) en 1 juli 2015 (4) geadviseerd om die stoffen met voorrang op te nemen in bijlage XIV bij Verordening (EG) nr. 1907/2006 overeenkomstig artikel 58 van die verordening. Daarnaast heeft de Commissie na ontvangst van de vijfde aanbeveling van het Agentschap, en na een openbare raadpleging die parallel aan de openbare raadpleging van het Agentschap betreffende zijn zesde ontwerpaanbeveling is gehouden, van talrijke belanghebbenden informatie ontvangen over de sociaaleconomische gevolgen van die stoffen. Niettegenstaande de ontvangen informatie is het passend die stoffen in de bijlage op te nemen.

(14)

Het is passend de in artikel 58, lid 1, onder c), ii), van Verordening (EG) nr. 1907/2006 bedoelde data te vermelden volgens de aanbevelingen van het Agentschap van 6 februari 2014 en 1 juli 2015. Die data zijn vastgesteld op basis van de tijd die naar schatting nodig is om een autorisatieaanvraag op te stellen, rekening houdend met de beschikbare informatie over de verschillende stoffen en met de informatie die tijdens de overeenkomstig artikel 58, lid 4, van Verordening (EG) nr. 1907/2006 gehouden openbare raadpleging is ontvangen. Daarbij moet overeenkomstig artikel 58, lid 3, van Verordening (EG) nr. 1907/2006 ook rekening worden gehouden met de capaciteit van het Agentschap om de aanvragen binnen de in die verordening gestelde termijn te behandelen.

(15)

Voor elk van de in de bijlage bij deze verordening opgenomen stoffen bestaan geen redenen om de in artikel 58, lid 1, onder c), i), van Verordening (EG) nr. 1907/2006 bedoelde datum later dan 18 maanden na de in artikel 58, lid 1, onder c), ii), van die verordening bedoelde datum vast te stellen.

(16)

Artikel 58, lid 1, onder e), in samenhang met artikel 58, lid 2, van Verordening (EG) nr. 1907/2006 bepaalt dat vormen van gebruik of categorieën van gebruik van de autorisatieplicht kunnen worden vrijgesteld, mits de risico's naar behoren worden beheerst op grond van de bestaande specifieke wetgeving van de Unie die minimumeisen aan het gebruik van de stof stelt in verband met de bescherming van de gezondheid van de mens of het milieu. In het licht van de momenteel beschikbare informatie is het niet passend vrijstellingen op grond van die bepalingen vast te stellen.

(17)

Op basis van de thans beschikbare informatie is het niet passend vrijstellingen voor onderzoek en ontwikkeling gericht op producten en procedés vast te stellen.

(18)

Op basis van de thans beschikbare informatie is het niet passend herbeoordelingstermijnen voor bepaalde vormen van gebruik vast te stellen. Overeenkomstig artikel 60, lid 8, van Verordening (EG) nr. 1907/2006 worden de herbeoordelingenstermijnen per geval vastgesteld, waarbij onder meer rekening wordt gehouden met de risico's die het gebruik van de stof met zich meebrengt, de sociaaleconomische voordelen van het gebruik en de analyse van de alternatieven of een eventueel voorgelegd vervangingsplan voor vormen van gebruik waarvoor autorisatie wordt aangevraagd. Wanneer er geschikt alternatief beschikbaar is, worden de risico's die het gebruik met zich meebrengt beperkt door geschikte en doeltreffende risicobeheersmaatregelen, en wanneer de verwachte voordelen van het gebruik hoog zijn, zoals het geval kan zijn bij gebruiken in de productie van geneesmiddelen of medische hulpmiddelen, kan een lange herbeoordelingstermijn worden vastgesteld.

(19)

Om te vermijden dat voorwerpen die na de in bijlage XIV bij Verordening (EG) nr. 1907/2006 vermelde verbodsdata niet meer worden geproduceerd, vroegtijdig in onbruik raken, moeten sommige van de in die bijlage opgenomen stoffen (afzonderlijk of in mengsels) beschikbaar zijn voor de productie van vervangingsonderdelen voor de reparatie van dergelijke voorwerpen, wanneer die voorwerpen zonder die vervangingsonderdelen niet op de juiste manier kunnen functioneren, en eveneens wanneer sommige van de in bijlage XIV opgenomen stoffen (afzonderlijk of in mengsels) nodig zijn voor de reparatie van dergelijke voorwerpen. Daartoe moeten autorisatieaanvragen voor het gebruik van een in bijlage XIV opgenomen stof voor de productie van dergelijke vervangingsonderdelen en voor de reparatie van dergelijke voorwerpen worden vereenvoudigd. De overgangsregelingen die voor die vormen van gebruik van toepassing zijn op de desbetreffende stoffen moeten worden verlengd zodat uitvoeringsmaatregelen voor dergelijke vereenvoudigde autorisatieaanvragen kunnen worden vastgesteld.

(20)

Verordening (EG) nr. 1907/2006 moet daarom dienovereenkomstig worden gewijzigd.

(21)

N,N-dimethylformamide (DMF) voldoet aan de criteria voor indeling als giftig voor de voortplanting (categorie 1B) overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1272/2008 en bijgevolg ook aan de criteria voor opname in bijlage XIV bij Verordening (EG) nr. 1907/2006 zoals bepaald in artikel 57, onder c), van die verordening. Deze stof is ook geïdentificeerd en opgenomen in de overeenkomstig artikel 59 van Verordening (EG) nr. 1907/2006 opgestelde lijst van in aanmerking komende stoffen en het Agentschap heeft in zijn aanbeveling van 6 februari 2014 geadviseerd om deze stof met voorrang op te nemen in bijlage XIV bij die verordening overeenkomstig artikel 58 van die verordening. DMF heeft soortgelijke intrinsieke eigenschappen als N,N-dimethylaceetamide (DMAC) en N-methyl-2-pyrrolidon (NMP) en de drie stoffen kunnen worden beschouwd als mogelijke alternatieven voor enkele van de belangrijkste toepassingen ervan. Voor NMP loopt er een procedure voor een beperking overeenkomstig artikel 69 van Verordening (EG) nr. 1907/2006. Gezien de overeenkomsten van de drie stoffen zowel wat de intrinsieke eigenschappen als de industriële toepassing ervan betreft, en om te zorgen voor een consistente regelgevingsaanpak, acht de Commissie het passend het besluit over de opname van DMF in bijlage XIV uit te stellen, zoals reeds is gebeurd voor DMAC toen de Commissie de aanbeveling van het Agentschap van 17 januari 2013 beoordeelde.

(22)

Diazeen-1,2-dicarboxamide (C,C′-azodi(formamide) (ADCA) voldoet aan de criteria voor indeling als inhalatieallergeen (Resp. Sens.1). Rekening houdend met alle beschikbare informatie over de intrinsieke eigenschappen van ADCA en over de nadelige gevolgen ervan heeft het Agentschap geconcludeerd dat die stof kan worden beschouwd als stof ten aanzien waarvan wetenschappelijke aanwijzingen zijn gevonden voor waarschijnlijke ernstige gevolgen voor de gezondheid van de mens, die even zorgwekkend zijn als andere stoffen die in artikel 57, onder a) tot en met e), van Verordening (EG) nr. 1907/2006 zijn vermeld, en bijgevolg voldoet aan de criteria voor opname in bijlage XIV bij die verordening zoals bepaald in artikel 57, onder f), van die verordening. Deze stof is ook geïdentificeerd en opgenomen in de overeenkomstig artikel 59 van Verordening (EG) nr. 1907/2006 opgestelde lijst van in aanmerking komende stoffen en het Agentschap heeft in zijn aanbeveling van 6 februari 2014 geadviseerd om deze stof met voorrang op te nemen in bijlage XIV bij die verordening overeenkomstig artikel 58 van die verordening. De vormen van gebruik van ADCA lopen zeer uiteen en betreffen een breed scala aan verschillende productiesectoren, hetgeen naar verwachting zal leiden tot zeer ingewikkelde autorisatieaanvragen. Aangezien de ervaring met het verwerken van autorisatieaanvragen voor een breed scala aan vormen van gebruik, vooralsnog beperkt is, is het passend om het besluit over de opname van ADCA in bijlage XIV voorlopig uit te stellen.

(23)

Bepaalde aluminiumsilicaat vuurvaste keramische vezels (Al-RCF) en zirkonium-aluminiumsilicaat vuurvaste keramische vezels (Zr-RCF) voldoen aan de criteria voor indeling als kankerverwekkend (categorie 1B) overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1272/2008 en voldoen daarom aan de criteria voor opname in bijlage XIV bij Verordening (EG) nr. 1907/2006 zoals bepaald in artikel 57, onder a), van die verordening. Die stoffen zijn ook geïdentificeerd en opgenomen in de overeenkomstig artikel 59 van Verordening (EG) nr. 1907/2006 opgestelde lijst van in aanmerking komende stoffen en het Agentschap heeft in zijn aanbeveling van 6 februari 2014 geadviseerd om deze stof met voorrang op te nemen in bijlage XIV bij die verordening overeenkomstig artikel 58 van die verordening. De vezels worden geproduceerd op een zeer gering aantal productiefaciliteiten en worden doorgaans in hetzelfde productieproces rechtstreeks verwerkt tot voorwerpen die vervolgens in een uiteenlopende reeks industriële apparatuur voor hitte-isolering worden gebruikt, hetgeen mogelijk kan leiden tot een aanzienlijke blootstelling van werknemers. Het gebruik van voorwerpen die van de vezels worden gemaakt, is echter niet onderworpen aan autorisatie krachtens Verordening (EG) nr. 1907/2006. Om te kunnen beslissen wat de meeste relevante regelgevingsaanpak is, acht de Commissie het passend het besluit over de opname van Al-RCF en Zr-RCF in bijlage XIV bij Verordening (EG) nr. 1907/2006 voorlopig uit te stellen.

(24)

Boorzuur, dinatriumtetraboraat, watervrij, diboortrioxide en tetraboordinatriumheptaoxide, hydraat, voldoen aan de criteria voor indeling als giftig voor de voortplanting (categorie 1B) overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1272/2008 en bijgevolg ook aan de criteria voor opname in bijlage XIV bij Verordening (EG) nr. 1907/2006 zoals bepaald in artikel 57, onder c), van die verordening. Die stoffen zijn ook geïdentificeerd en opgenomen in de overeenkomstig artikel 59 van Verordening (EG) nr. 1907/2006 opgestelde lijst van in aanmerking komende stoffen en het Agentschap heeft in zijn aanbeveling van 1 juli 2015 geadviseerd om deze stof met voorrang op te nemen in bijlage XIV bij die verordening overeenkomstig artikel 58 van die verordening. Bovendien lopen de vormen van gebruik van die stoffen zeer uiteen en betreffen zij een breed scala aan verschillende productiesectoren, hetgeen naar verwachting zal leiden tot zeer ingewikkelde autorisatieaanvragen. Aangezien de ervaring met het verwerken van autorisatieaanvragen voor een breed scala aan vormen van gebruik, vooralsnog beperkt is, is het passend om het besluit over de opname van die stoffen in bijlage XIV voorlopig uit te stellen.

(25)

De in deze verordening vervatte bepalingen zijn in overeenstemming met het advies van het bij artikel 133 van Verordening (EG) nr. 1907/2006 ingestelde comité,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

Bijlage XIV bij Verordening (EG) nr. 1907/2006 wordt gewijzigd overeenkomstig de bijlage bij deze verordening.

Artikel 2

Deze verordening treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel, 13 juni 2017.

Voor de Commissie

De voorzitter

Jean-Claude JUNCKER


(1)  PB L 396 van 30.12.2006, blz. 1.

(2)  Verordening (EG) nr. 1272/2008 van het Europees Parlement en de Raad van 16 december 2008 betreffende de indeling, etikettering en verpakking van stoffen en mengsels (PB L 353 van 31.12.2008, blz. 1).

(3)  http://echa.europa.eu/documents/10162/13640/5th_a_xiv_recommendation_06feb2014_en.pdf

(4)  http://echa.europa.eu/documents/10162/13640/6th_a_xiv_recommendation_01july2015_en.pdf


BIJLAGE

De tabel in bijlage XIV bij Verordening (EG) nr. 1907/2006 wordt als volgt gewijzigd:

1)

De volgende vermeldingen worden toegevoegd:

 

 

 

Overgangsregelingen

 

 

Vermelding nr.

Stof

Intrinsieke eigenschap(pen) bedoeld in artikel 57

Uiterste aanvraagdatum (1)

Verbodsdatum (2)

Vrijgestelde (categorieën van) vormen van gebruik

Herbeoordelingsperioden

„32.

1-Broompropaan (n-propylbromide)

EG-nr

:

203-445-0

CAS-nr

:

106-94-5

Giftig voor de voortplanting

(categorie 1B)

4 januari 2019

4 juli 2020

33.

Diisopentylftalaat

EG-nr

:

210-088-4

CAS-nr

:

605-50-5

Giftig voor de voortplanting

(categorie 1B)

4 januari 2019

4 juli 2020

34.

1,2-Benzeendicarbonzuur, di-C6-8-vertakte alkylesters, C7-rijk

EG-nr

:

276-158-1

CAS-nr

:

71888-89-6

Giftig voor de voortplanting

(categorie 1B)

4 januari 2019

4 juli 2020

35.

1,2-Benzeendicarbonzuur, di-C7-11-vertakte en niet-vertakte alkylesters

EG-nr

:

271-084-6

CAS-nr

:

68515-42-4

Giftig voor de voortplanting

(categorie 1B)

4 januari 2019

4 juli 2020

36.

1,2-Benzeendicarbonzuur, dipentylester, vertakt en niet-vertakt

EG-nr

:

284-032-2

CAS-nr

:

84777-06-0

Giftig voor de voortplanting

(categorie 1B)

4 januari 2019

4 juli 2020

37.

Bis(2-methoxyethyl)ftalaat

EG-nr

:

204-212-6

CAS-nr

:

117-82-8

Giftig voor de voortplanting

(categorie 1B)

4 januari 2019

4 juli 2020

38.

Dipentylftalaat

EG-nr

:

205-017-9

CAS-nr

:

131-18-0

Giftig voor de voortplanting

(categorie 1B)

4 januari 2019

4 juli 2020

39.

N-Pentyl-isopentylftalaat

EG-nr

:

CAS-nr

:

776297-69-9

Giftig voor de voortplanting

(categorie 1B)

4 januari 2019

4 juli 2020

40.

Antraceenolie

EG-nr

:

292-602-7

CAS-nr

:

90640-80-5

Kankerverwekkend

(categorie 1B)***, PBT, zPzB

4 april 2019

4 oktober 2020

41.

Pek, koolteer, hoge temperatuur

EG-nr

:

266-028-2

CAS-nr

:

65996-93-2

Kankerverwekkend

(categorie 1B), PBT, zPzB

4 april 2019

4 oktober 2020

42.

4-(1,1,3,3-Tetramethylbutyl)fenol, geëthoxyleerd

[die duidelijk gedefinieerde stoffen en UVCB-stoffen, polymeren en homologen omvat]

EG-nr

:

CAS-nr.

:

Hormoonontregelende eigenschappen (artikel 57, onder f) — milieu)

4 juli 2019

4 januari 2021

43.

4-Nonylfenol, vertakt en niet-vertakt, geëthoxyleerd

[stoffen met een vertakte en/of niet-vertakte alkylketen met een koolstofgetal van 9, op positie 4 covalent gebonden aan fenol, geëthoxyleerd, waaronder UVCB-stoffen, duidelijk gedefinieerde stoffen, polymeren en homologen vallen, met inbegrip van elk afzonderljik isomeer en/of combinaties van afzonderlijke isomeren]

EG-nr

:

CAS-nr

:

Hormoonontregelende eigenschappen (artikel 57, onder f) — milieu)

4 juli 2019

4 januari 2021

—”

2)

Het teken „(*)” wordt ingevoegd na de datum die is vermeld in de kolom „uiterste aanvraagdatum” voor de volgende vermeldingen: 4, 5, 6, 7, 10, 11, 12, 14, 15, 16, 17, 18, 19, 20, 21, 22, 23, 25, 27, 28, 29, 30 en 31.

3)

Het teken „(**)” wordt ingevoegd na de datum die is vermeld in de kolom „verbodsdatum” voor de volgende vermeldingen: 4, 5, 6, 7, 10, 11, 12, 14, 15, 16, 17, 18, 19, 20, 21, 22, 23, 25, 27, 28, 29, 30 en 31.

4)

Na de tabel worden de volgende voetnoten ingevoegd:

„(*)

1 september 2019 voor het gebruik van de stof bij de productie van vervangingsonderdelen voor de reparatie van voorwerpen waarvan de productie vóór de in de vermelding voor die stof aangegeven verbodsdatum is stopgezet of zal worden stopgezet, wanneer die stof werd gebruikt voor de productie van die voorwerpen en de voorwerpen niet op de juiste manier kunnen functioneren zonder dat vervangingsonderdeel, en voor het gebruik van de stof (afzonderlijk of in een mengsel) voor de reparatie van dergelijke voorwerpen wanneer die stof afzonderlijk of in een mengsel bij de productie van die voorwerpen werd gebruikt en de voorwerpen zonder die stof niet kunnen worden gerepareerd.

(**)

1 maart 2021 voor het gebruik van de stof bij de productie van vervangingsonderdelen voor de reparatie van voorwerpen waarvan de productie vóór de in de vermelding voor die stof aangegeven verbodsdatum is stopgezet of zal worden stopgezet, wanneer die stof werd gebruikt voor de productie van die voorwerpen en de voorwerpen niet op de juiste manier kunnen functioneren zonder dat vervangingsonderdeel, en voor het gebruik van de stof (afzonderlijk of in een mengsel) voor de reparatie van dergelijke voorwerpen wanneer die stof bij de productie van die voorwerpen werd gebruikt en de voorwerpen zonder die stof niet kunnen worden gerepareerd.

(***)

Voldoet niet aan de criteria voor identificatie als kankerverwekkend indien de stof < 0,005 % (m/m) benzo[a]pyreen (Einecs-nr. 200-028-5) bevat.”.


(1)  Datum bedoeld in artikel 58, lid 1, onder c), ii).

(2)  Datum bedoeld in artikel 58, lid 1, onder c), i).


Top