EUR-Lex Access to European Union law

Back to EUR-Lex homepage

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Document 32016D0216(01)

Besluit van de Commissie van 10 februari 2016 betreffende de faciliteit voor vluchtelingen in Turkije en tot wijziging van Besluit C(2015) 9500 final van de Commissie van 24 november 2015

C/2016/855

OJ C 60, 16.2.2016, p. 3–6 (BG, ES, CS, DA, DE, ET, EL, EN, FR, HR, IT, LV, LT, HU, MT, NL, PL, PT, RO, SK, SL, FI, SV)

In force

16.2.2016   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

C 60/3


BESLUIT VAN DE COMMISSIE

van 10 februari 2016

betreffende de faciliteit voor vluchtelingen in Turkije en tot wijziging van Besluit C(2015) 9500 final van de Commissie van 24 november 2015

(2016/C 60/03)

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, en met name artikel 210, lid 2, en artikel 214, lid 6,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

In december 2015 en januari 2016 bespraken de vertegenwoordigers van de regeringen van de lidstaten de financiering van het coördinatiemechanisme — de faciliteit voor vluchtelingen in Turkije. Op 3 februari 2016 bereikten zij overeenstemming tussen de EU-lidstaten en de Commissie over het bestuur en de voorwaarden voor deze faciliteit (hierna „de consensus” genoemd).

(2)

De Commissie bevestigt de voornemens van de lidstaten om 2 000 000 000 EUR van de in totaal 3 000 000 000 EUR bij te dragen. De geleidelijke verstrekking van de steun is afhankelijk van de uitvoering van de afspraken tussen de Europese Unie en de Republiek Turkije over de intensivering van de samenwerking ter ondersteuning van Syriërs die onder een regeling voor tijdelijke bescherming vallen, en over migratiebeheer om de crisis gecoördineerd aan te pakken („het gezamenlijk actieplan EU-Turkije”). Besluiten en acties met betrekking tot humanitaire hulp worden uitgevoerd overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1257/96 van de Raad (1) en volgens de beginselen van de Europese consensus betreffende humanitaire hulp (2).

(3)

De individuele financiële bijdragen van de lidstaten worden in de begroting van de Unie opgenomen als externe bestemmingsontvangsten overeenkomstig artikel 21, lid 2, onder b), van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie en tot intrekking van Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002 (3). Aangezien de Commissie krachtens artikel 317 VWEU exclusief verantwoordelijk is voor de uitvoering van de begroting van de Unie, ontvangt zij namens de Unie de bijdragecertificaten van de lidstaten. Door deze bijdragecertificaten kunnen de vastleggingskredieten worden opgevoerd vanaf het moment van kennisgeving, overeenkomstig artikel 7, lid 2, van Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 1268/2012 van de Commissie houdende uitvoeringsvoorschriften voor Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie (4). De individuele certificaten worden gebaseerd op een model dat waar nodig aan specifieke behoeften kan worden aangepast.

(4)

Gezien de consensus en met het oog op meer efficiëntie en coördinatie bij de uitvoering van de faciliteit voor vluchtelingen in Turkije, moet Besluit C(2015) 9500 van de Commissie worden gewijzigd,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Enig artikel

Besluit C(2015) 9500 final van de Commissie wordt als volgt gewijzigd:

1)

De overwegingen worden als volgt gewijzigd:

overweging 9 wordt vervangen door:

„(9)

De overkoepelende doelstelling van de faciliteit voor vluchtelingen in Turkije is om de maatregelen die worden gefinancierd uit de begroting van de Unie en bilaterale bijdragen van de lidstaten, te coördineren en te stroomlijnen om de doeltreffendheid en de complementariteit van de steun voor de vluchtelingen en de gastgemeenschappen in Turkije te bevorderen.”;

overweging 11 wordt vervangen door:

„(11)

EU-instrumenten die momenteel al worden gebruikt in verband met de crisis in Syrië, zoals het Europees nabuurschapsinstrument (ENI) (5), het instrument voor ontwikkelingssamenwerking (DCI) (6), het instrument voor pretoetredingssteun (IPA II) (7), het instrument voor bijdrage aan stabiliteit en vrede (IcSP) (8) en financiering uit hoofde van Verordening (EG) nr. 1257/96 van de Raad betreffende humanitaire hulp (9), kunnen bijdragen aan de faciliteit voor vluchtelingen in Turkije binnen de grenzen die zijn vastgesteld in het meerjarig financieel kader voor 2014-2020. Humanitaire hulp in het kader van de faciliteit voor vluchtelingen in Turkije moet worden beheerd en verstrekt met volledige inachtneming van de humanitaire beginselen en de Europese consensus betreffende humanitaire hulp (10).”;

overweging 13 wordt vervangen door:

„(13)

Overeenkomstig de overeenstemming tussen de EU-lidstaten en de Commissie over het bestuur en de voorwaarden voor de faciliteit (hierna „de consensus” genoemd), die op 3 februari 2016 werd bereikt, bevestigt de Commissie de voornemens van de lidstaten om 2 000 000 000 EUR van de in totaal 3 000 000 000 EUR bij te dragen. De geleidelijke verstrekking van de steun is afhankelijk van de uitvoering door Turkije van het gezamenlijk actieplan EU-Turkije. Besluiten en acties met betrekking tot humanitaire hulp worden uitgevoerd overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1257/96 van de Raad (11) en volgens de beginselen van de Europese consensus betreffende humanitaire hulp (12).”;

overweging 14 wordt geschrapt;

overweging 15 wordt overweging 14 en wordt vervangen door:

„(14)

Zoals overeengekomen in de consensus worden de individuele financiële bijdragen van de lidstaten in de begroting van de Unie opgenomen als externe bestemmingsontvangsten overeenkomstig artikel 21, lid 2, onder b), van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie en tot intrekking van Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002 (13). Aangezien de Commissie krachtens artikel 317 VWEU exclusief verantwoordelijk is voor de uitvoering van de begroting van de Unie, zal zij namens de Unie van elke lidstaat individuele bijdragecertificaten ontvangen overeenkomstig artikel 7, lid 2, van Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 1268/2012 van de Commissie houdende uitvoeringsvoorschriften voor Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie (14). De individuele bijdragecertificaten worden gebaseerd op een model dat waar nodig aan specifieke behoeften kan worden aangepast. Elke lidstaat stuurt een ondertekend bijdragecertificaat met een betalingsschema aan de Commissie ter bevestiging.”.

2)

De artikelen worden als volgt gewijzigd:

de titel van artikel 1 wordt vervangen door:

„Instelling van de faciliteit voor vluchtelingen in Turkije”;

artikel 1 wordt vervangen door:

„Bij dit besluit wordt de faciliteit voor vluchtelingen in Turkije ingesteld (hierna „de faciliteit” genoemd), een coördinatiemechanisme om Turkije te helpen om te voldoen aan de behoeften inzake onmiddellijke humanitaire hulp en ontwikkeling van de vluchtelingen en de gastgemeenschappen, nationale en lokale autoriteiten bij het beheer en de aanpak van de gevolgen van de vluchtelingenstroom.”;

artikel 3, lid 1, wordt als volgt gewijzigd:

„De faciliteit coördineert de maatregelen van de Unie en de lidstaten door prioriteiten te stellen en door de instrumenten aan te wijzen die zullen worden gebruikt om de acties efficiënt uit te voeren, volgens het in artikel 5 beschreven mechanisme.”;

artikel 3, lid 2, wordt vervangen door:

„Via de faciliteit worden maatregelen gecoördineerd met betrekking tot humanitaire hulp, ontwikkelingshulp en andere bijstand aan vluchtelingen en gastgemeenschappen, nationale en lokale autoriteiten bij het beheer en de aanpak van de gevolgen van de vluchtelingenstroom.

De via de faciliteit gefinancierde maatregelen kunnen onder andere betrekking hebben op:

(a)

de verstrekking van humanitaire hulp aan vluchtelingen;

(b)

steun voor integratie in de arbeidsmarkt, toegang tot onderwijs en maatschappelijke integratie van vluchtelingen en gastgemeenschappen, waaronder passende infrastructuur;

(c)

steun voor de nationale en lokale autoriteiten om de gevolgen van de aanwezigheid van vluchtelingen in Turkije aan te pakken, waaronder beheer van de migratiestroom en passende infrastructuur.”;

artikel 4, lid 2, wordt vervangen door:

„Daarvan is 1 000 000 000 EUR afkomstig van de EU-begroting, waarvoor nadien individuele financieringsbesluiten moeten worden vastgesteld overeenkomstig artikel 84, lid 2, van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 en overeenkomstig het Financieel Reglement en de voorschriften van de respectieve basishandeling.”;

artikel 4, lid 3, wordt vervangen door:

„Uitgaande van hun financiële toezeggingen zullen de lidstaten 2 000 000 000 EUR bijdragen, volgens een verdeelsleutel die is gebaseerd op het bruto nationaal inkomen (bni) op basis van de begroting voor 2015.”;

artikel 5, lid 1, wordt vervangen door:

„1.   De stuurgroep van de faciliteit heeft de volgende taken:

i)

strategische leiding geven aan de coördinatie van de te verlenen steun. Deze strategische leiding zal bestaan in het bepalen van de algemene prioriteiten, de soorten acties die zullen worden ondersteund, de instrumenten die zullen worden gebruikt om de acties efficiënt uit te voeren en deze te coördineren, alsmede waar van toepassing, de voorwaarden voor steunverlening met betrekking tot de uitvoering van het gezamenlijk actieplan EU-Turkije;

ii)

voortdurend toezicht houden op en beoordelen van de acties die in het kader van de faciliteit worden gecoördineerd, waaronder de naleving van de voorwaarden, rekening houdend met de evaluaties die worden uitgevoerd door de structuren die worden opgezet om te meten welke vorderingen worden geboekt met de uitvoering van de verbintenissen in het kader van het gezamenlijk actieplan EU-Turkije;

iii)

in de gaten houden van de planning van de door de Commissie voorgestelde uitbetalingen voor de uitvoering van acties en indien nodig de Commissie voorstellen om de oproep uit te stellen tot één of meer latere tranches;

iv)

toezicht houden op de bijdragen van de lidstaten volgens het betalingsschema bij het bijdragecertificaat van elke lidstaat en erop toezien dat het overeengekomen bedrag van 2 000 000 000 EUR wordt bereikt.

De stuurgroep bestaat uit twee vertegenwoordigers van de Commissie en één vertegenwoordiger per lidstaat.

Bij het verstrekken van de strategische leiding streeft de stuurgroep zoveel mogelijk naar consensus. Bij een stemming wordt beslist bij gewone meerderheid.

Turkije is lid van de stuurgroep in een adviserende rol voor de punten i) en ii) van lid 1 om volledige coördinatie van de maatregelen ter plaatse te waarborgen, behalve wanneer de stuurgroep zich buigt over de strategische leiding inzake de voorwaarden voor steunverlening met betrekking tot de uitvoering van het gezamenlijk actieplan EU-Turkije, of wanneer zij de naleving van deze voorwaarden onderzoekt en beoordeelt.

De vertegenwoordigers van de lidstaten en van de Commissie mogen niet in een belangenconflict zoals gedefinieerd in Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 verkeren.”;

artikel 5, lid 2, wordt vervangen door:

„De Commissie treedt op als voorzitter van de stuurgroep en neemt het voortouw bij het coördineren van de werkzaamheden.

De Commissie heeft vetorecht met betrekking tot de door de stuurgroep verstrekte strategische leiding, uitsluitend om de wettigheid van elk besluit te waarborgen, waaronder de verenigbaarheid met haar verantwoordelijkheden met betrekking tot de uitvoering van de begroting van de Unie. Wanneer de Commissie van dit recht gebruik wil maken, motiveert zij op verzoek waarom een ontwerpbesluit niet in overeenstemming zou zijn met de genoemde vereisten.”;

artikel 5, lid 3, wordt vervangen door:

„Binnen drie maanden na de datum van vaststelling van dit besluit stelt de stuurgroep op voorstel van de Commissie zijn reglement van orde op en keurt hij dit reglement goed.”;

in artikel 6 worden de kopjes „EU-begroting” en „Bijdragen van de lidstaten” geschrapt;

artikel 6, lid 3, wordt vervangen door:

„De acties en maatregelen die worden gecoördineerd in het kader van de faciliteit, worden uitgevoerd overeenkomstig het Financieel Reglement en de voorschriften van de respectieve basishandeling.”;

aan artikel 6, lid 4, wordt het volgende toegevoegd:

„Bij het beheer van de bedragen die worden gecoördineerd in het kader van de faciliteit, wordt ten volle rekening gehouden met de door de bij artikel 5 bedoelde stuurgroep verstrekte strategische leiding, met name wat betreft de voorwaarden voor de verstrekking van de steun.”;

artikel 9, lid 1, wordt vervangen door:

„De faciliteit wordt ingesteld met ingang van 1 januari 2016 voor financiële bijdragen voor de begrotingsjaren 2016 en 2017. De faciliteit wordt beheerd op basis van de bijdragen van de lidstaten en het betalingsschema daarvoor, dat moet worden meegedeeld aan en goedgekeurd door de Commissie.”.

3)

De bijlage wordt geschrapt.

Gedaan te Brussel, 10 februari 2016.

Voor de Commissie

Johannes HAHN

Lid van de Commissie


(1)  PB L 163 van 2.7.1996, blz. 1.

(2)  Gezamenlijke verklaring van de Raad en de vertegenwoordigers van de regeringen van de lidstaten, in het kader van de Raad bijeen, het Europees Parlement en de Commissie: „De Europese consensus betreffende humanitaire hulp” (PB C 25 van 30.1.2008, blz. 1).

(3)  PB L 298 van 26.10.2012, blz. 1.

(4)  PB L 362 van 31.12.2012, blz. 1.

(5)  Verordening (EU) nr. 232/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 11 maart 2014 tot vaststelling van een Europees nabuurschapsinstrument (PB L 77 van 15.3.2014, blz. 27).

(6)  Verordening (EU) nr. 233/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 11 maart 2014 tot invoering van een financieringsinstrument voor ontwikkelingssamenwerking (PB L 77 van 15.3.2014, blz. 44).

(7)  Verordening (EU) nr. 231/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 11 maart 2014 tot vaststelling van het instrument voor pretoetredingssteun (PB L 77 van 15.3.2014, blz. 11).

(8)  Verordening (EU) nr. 230/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 11 maart 2014 tot vaststelling van een instrument voor bijdrage aan stabiliteit en vrede (PB L 77 van 15.3.2014, blz. 1).

(9)  PB L 163 van 2.7.1996, blz. 1.

(10)  Gezamenlijke verklaring van de Raad en de vertegenwoordigers van de regeringen van de lidstaten, in het kader van de Raad bijeen, het Europees Parlement en de Commissie: „De Europese consensus betreffende humanitaire hulp” (PB C 25 van 30.1.2008, blz. 1).

(11)  PB L 163 van 2.7.1996, blz. 1.

(12)  Gezamenlijke verklaring van de Raad en de vertegenwoordigers van de regeringen van de lidstaten, in het kader van de Raad bijeen, het Europees Parlement en de Commissie: „De Europese consensus betreffende humanitaire hulp” (PB C 25 van 30.1.2008, blz. 1).

(13)  PB L 298 van 26.10.2012, blz. 1.

(14)  PB L 362 van 31.12.2012, blz. 1.


Top