Accept Refuse

EUR-Lex Access to European Union law

Back to EUR-Lex homepage

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Document 32015R1850

Uitvoeringsverordening (EU) 2015/1850 van de Commissie van 13 oktober 2015 houdende uitvoeringsbepalingen van Verordening (EG) nr. 1007/2009 van het Europees Parlement en de Raad betreffende de handel in zeehondenproducten (Voor de EER relevante tekst)

OJ L 271, 16.10.2015, p. 1–11 (BG, ES, CS, DA, DE, ET, EL, EN, FR, HR, IT, LV, LT, HU, MT, NL, PL, PT, RO, SK, SL, FI, SV)

In force

ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_impl/2015/1850/oj

16.10.2015   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 271/1


UITVOERINGSVERORDENING (EU) 2015/1850 VAN DE COMMISSIE

van 13 oktober 2015

houdende uitvoeringsbepalingen van Verordening (EG) nr. 1007/2009 van het Europees Parlement en de Raad betreffende de handel in zeehondenproducten

(Voor de EER relevante tekst)

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Verordening (EG) nr. 1007/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 16 september 2009 betreffende de handel in zeehondenproducten (1), en met name artikel 3, lid 4,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Verordening (EG) nr. 1007/2009 staat onder specifieke voorwaarden het op de markt brengen toe van zeehondenproducten die afkomstig zijn van de jacht door Inuit- en andere inheemse gemeenschappen. Ook staat die verordening het op de markt brengen van zeehondenproducten toe indien de invoer van zeehondenproducten occasioneel gebeurt en uitsluitend goederen voor persoonlijk gebruik van reizigers of hun familieleden betreft.

(2)

Bij Verordening (EU) nr. 737/2010 (2) zijn overeenkomstig artikel 3 van Verordening (EG) nr. 1007/2009 uitvoeringsbepalingen vastgesteld voor het op de markt brengen van zeehondenproducten.

(3)

Bij Verordening (EU) 2015/1775 van het Europees Parlement en de Raad (3) is artikel 3 van Verordening (EG) nr. 1007/2009 gewijzigd en is Verordening (EU) nr. 737/2010 met ingang van de datum van toepassing van deze verordening ingetrokken. Het is daarom noodzakelijk maatregelen vast te stellen ter uitvoering van artikel 3 van Verordening (EG) nr. 1007/2009, zoals gewijzigd.

(4)

Het is passend te bepalen dat instanties die aan bepaalde vereisten voldoen, moeten worden opgenomen in een lijst van erkende instanties die verklaringen afgeven die garanderen dat zeehondenproducten voldoen aan de voorwaarden voor het op de markt brengen ervan.

(5)

Ter vergemakkelijking van het beheer en de verificatie van de verklaringen moeten modellen voor de verklaringen en de afschriften ervan worden vastgesteld.

(6)

Er moeten procedures voor de controle van de verklaringen worden vastgesteld. Deze procedures moeten zo eenvoudig en praktisch zijn als mogelijk is zonder afbreuk te doen aan de geloofwaardigheid en de samenhang van het controlesysteem.

(7)

Ter vergemakkelijking van de uitwisseling van gegevens tussen de bevoegde autoriteiten, de Commissie en de erkende instanties moet het gebruik van elektronische systemen worden toegestaan.

(8)

Voor de toepassing van deze verordening, met name wat de verwerking van persoonsgegevens in de verklaringen betreft, moet de verwerking van persoonsgegevens voldoen aan Richtlijn 95/46/EG van het Europees Parlement en de Raad (4) en aan Verordening (EG) nr. 45/2001 van het Europees Parlement en de Raad (5).

(9)

Aangezien deze verordening bepalingen vaststelt ter uitvoering van artikel 3 van Verordening (EG) nr. 1007/2009 zoals gewijzigd bij Verordening (EU) 2015/14775, dat met ingang van 18 oktober 2015 van toepassing is, moet zij met spoed in werking treden.

(10)

De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het comité dat is opgericht bij artikel 18, lid 1, van Verordening (EG) nr. 338/97 van de Raad (6),

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

Onderwerp

Bij deze verordening worden uitvoeringsbepalingen vastgesteld voor het op de markt brengen van zeehondenproducten en voor de invoer van zeehondenproducten voor persoonlijk gebruik van reizigers of hun familieleden overeenkomstig artikel 3 van Verordening (EG) nr. 1007/2009.

Artikel 2

Persoonlijk gebruik van reizigers of hun familieleden

1.   Zeehondenproducten voor persoonlijk gebruik van reizigers of hun familieleden mogen slechts worden ingevoerd indien aan een of meer van de volgende voorwaarden is voldaan:

a)

de zeehondenproducten worden door de reizigers als kledingstuk gedragen, dan wel anderszins gedragen of meegevoerd in hun persoonlijke bagage;

b)

de zeehondenproducten maken deel uit van de persoonlijke bezittingen van een natuurlijk persoon die zijn gewone verblijfplaats overbrengt van een derde land naar de Unie;

c)

de zeehondenproducten worden in een derde land ter plaatse door reizigers verkregen en worden op een later tijdstip door deze reizigers ingevoerd, mits deze reizigers bij aankomst op het grondgebied van de Unie de volgende documenten overleggen aan de douaneautoriteiten van de betrokken lidstaat:

i)

een schriftelijke kennisgeving van invoer;

ii)

een bewijsstuk waaruit blijkt dat de producten in het betrokken derde land zijn verkregen.

2.   Voor de toepassing van lid 1, onder c), worden de schriftelijke kennisgeving en het bewijsstuk door de douaneautoriteiten geviseerd en aan de reizigers terugbezorgd. Bij invoer worden de kennisgeving en het bewijsstuk aan de douaneautoriteiten overgelegd, tezamen met de douaneaangifte voor de betrokken producten.

Artikel 3

Erkende instanties

1.   Een instantie wordt in de lijst van erkende instanties opgenomen indien zij aantoont dat zij aan de volgende vereisten voldoet:

a)

zij bezit rechtspersoonlijkheid;

b)

zij is bevoegd te verklaren dat aan de vereisten van artikel 3, lid 1, van Verordening (EG) nr. 1007/2009 is voldaan;

c)

zij is bevoegd de in artikel 4, lid 1, bedoelde verklaringen af te geven en te beheren alsmede de desbetreffende gegevens te verwerken en te archiveren;

d)

zij is in staat haar taken op zodanige wijze te vervullen dat belangenconflicten worden voorkomen;

e)

zij is in staat toe te zien op de naleving van de in artikel 3, lid 1, van Verordening (EG) nr. 1007/2009 vervatte vereisten;

f)

zij is bevoegd om de in artikel 4, lid 1, bedoelde verklaringen in te trekken of de geldigheid ervan op te schorten in geval van niet-naleving van de vereisten van deze verordening en om maatregelen te treffen om de bevoegde autoriteiten en de douaneautoriteiten van de lidstaten daarvan op de hoogte te stellen;

g)

zij is onderworpen aan controles door een onafhankelijke derde;

h)

zij is actief op nationaal of regionaal niveau.

2.   Om te worden opgenomen in de in lid 1 bedoelde lijst, dient een instantie bij de Commissie een verzoek in dat vergezeld gaat van documenten waaruit blijkt dat zij aan de in lid 1 genoemde vereisten voldoet.

3.   Aan het einde van elke rapportagecyclus dient de erkende instantie het controleverslag van de in lid 1, onder g), bedoelde onafhankelijke derde in bij de Commissie.

Artikel 4

Verklaringen

1.   Indien aan de in artikel 3, lid 1, van Verordening (EG) nr. 1007/2009 vastgestelde vereisten voor het op de markt brengen is voldaan, geeft de erkende instantie op verzoek verklaringen af volgens de in de bijlage vastgestelde modellen.

2.   De erkende instantie geeft de verklaring af aan de aanvrager en bewaart voor administratieve doeleinden drie jaar lang een afschrift.

3.   Wanneer een zeehondenproduct op de markt wordt gebracht, gaat het onverminderd artikel 5, lid 2, vergezeld van de originele verklaring. De aanvrager mag een afschrift van de verklaring houden.

4.   In elke latere factuur wordt een verwijzing naar het nummer van de verklaring opgenomen.

5.   Een zeehondenproduct dat vergezeld gaat van een in overeenstemming met lid 1 afgegeven verklaring, wordt geacht te voldoen aan artikel 3, lid 1, van Verordening (EG) nr. 1007/2009.

6.   De aanvaarding van een douaneaangifte voor het overeenkomstig artikel 79 van Verordening (EEG) nr. 2913/92 van de Raad (7) in het vrije verkeer brengen van een zeehondenproduct is afhankelijk van de overlegging van een overeenkomstig lid 1 van dit artikel afgegeven verklaring. Onverminderd artikel 77, lid 2, van Verordening (EEG) nr. 2913/92 bewaren de douaneautoriteiten een afschrift van de verklaring in hun administratie.

7.   In geval van twijfel omtrent de authenticiteit of de juistheid van een overeenkomstig lid 1 afgegeven verklaring, alsook wanneer nader advies nodig is, nemen de douaneautoriteiten en andere handhavingsfunctionarissen contact op met een door de betrokken lidstaten overeenkomstig artikel 6 aangewezen bevoegde autoriteit. De gecontacteerde bevoegde autoriteit beslist over de te nemen maatregelen.

Artikel 5

Formaat van de verklaringen

1.   De in artikel 4, lid 1, bedoelde verklaringen worden in gedrukte of elektronische vorm afgegeven.

2.   Bij een elektronische verklaring gaat het zeehondenproduct op het ogenblik van het op de markt brengen ervan vergezeld van een uitdraai van de verklaring.

3.   Het gebruik van de verklaring laat alle eventuele andere formaliteiten met betrekking tot het op de markt brengen onverlet.

4.   Een overeenkomstig artikel 6 aangewezen bevoegde autoriteit kan eisen dat de verklaring wordt vertaald in de officiële taal van de lidstaat waarin het product op de markt wordt gebracht.

Artikel 6

Bevoegde autoriteiten

1.   Elke lidstaat wijst een of meer bevoegde autoriteiten aan die met de volgende taken zijn belast:

a)

het verifiëren van de verklaringen voor ingevoerde zeehondenproducten op verzoek van de douaneautoriteiten overeenkomstig artikel 4, lid 7;

b)

het controleren van de afgifte van de verklaringen door erkende instanties die in die lidstaat gevestigd en actief zijn;

c)

het bewaren van een afschrift van de verklaring die in die lidstaat is afgegeven voor zeehondenproducten die zijn verkregen bij de zeehondenjacht.

2.   De lidstaten stellen de Commissie in kennis van de overeenkomstig lid 1 aangewezen bevoegde autoriteiten.

3.   De Commissie stelt de lijst van overeenkomstig lid 1 aangewezen bevoegde autoriteiten beschikbaar via haar website. De lijst wordt regelmatig bijgewerkt.

Artikel 7

Elektronische systemen voor de uitwisseling en opslag van gegevens

1.   De bevoegde autoriteiten mogen elektronische systemen gebruiken voor de uitwisseling en opslag van de in de verklaringen opgenomen gegevens.

2.   De lidstaten houden rekening met de complementariteit, comptabiliteit en interoperabiliteit van de in lid 1 bedoelde elektronische systemen.

Artikel 8

Bescherming in verband met de verwerking van persoonsgegevens

Deze verordening laat het niveau van de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens krachtens Unie- en nationale wetgeving onverlet, en houdt met name geen wijziging in van de bij Richtlijn 95/46/EG en Verordening (EG) nr. 45/2001 vastgestelde rechten en verplichtingen. De bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens wordt gewaarborgd, met name in verband met het vrijgeven of mededelen van persoonsgegevens in een verklaring.

Artikel 9

Overgangsbepaling

De verklaringen die vóór [18 oktober 2015] overeenkomstig Verordening (EU) nr. 737/2010 door een erkende instantie zijn afgegeven, blijven ook na die datum geldig.

Artikel 10

Inwerkingtreding en toepassing

Deze verordening treedt in werking op de dag van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Zij is van toepassing met ingang van 18 oktober 2015.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel, 13 oktober 2015.

Voor de Commissie

De voorzitter

Jean-Claude JUNCKER


(1)  PB L 286 van 31.10.2009, blz. 36.

(2)  Verordening (EU) nr. 737/2010 van de Commissie van 10 augustus 2010 houdende uitvoeringsbepalingen van Verordening (EG) nr. 1007/2009 van het Europees Parlement en de Raad betreffende de handel in zeehondenproducten (PB L 216 van 17.8.2010, blz. 1).

(3)  Verordening (EU) 2015/1775 van het Europees Parlement en de Raad van 6 oktober 2015 tot wijziging van Verordening (EG) nr. 1007/2009 betreffende de handel in zeehondenproducten en tot intrekking van Verordening (EU) nr. 737/2010 van de Commissie (PB L 262 van 7.10.2015, blz. 1).

(4)  Richtlijn 95/46/EG van het Europees Parlement en de Raad van 24 oktober 1995 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens (PB L 281 van 23.11.1995, blz. 31).

(5)  Verordening (EG) nr. 45/2001 van het Europees Parlement en de Raad van 18 december 2000 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens door de communautaire instellingen en organen en betreffende het vrije verkeer van die gegevens (PB L 8 van 12.1.2001, blz. 1).

(6)  Verordening (EG) nr. 338/97 van de Raad van 9 december 1996 inzake de bescherming van in het wild levende dier- en plantensoorten door controle op het desbetreffende handelsverkeer (PB L 61 van 3.3.1997, blz. 1).

(7)  Verordening (EEG) nr. 2913/92 van de Raad van 12 oktober 1992 tot vaststelling van het communautair douanewetboek (PB L 302 van 19.10.1992, blz. 1).


BIJLAGE

Image

Image

Image

Image

Image

Toelichting

Algemeen:

Invullen in hoofdletters

Vak 1.

Instantie van afgifte

Vermeld de naam en het adres van de erkende instantie die de verklaring afgeeft.

Vak 2.

Voorbehouden voor het land van afgifte

Ruimte die is voorbehouden voor het land van afgifte.

Vak 3.

Nummer van de verklaring

Vermeld het afgiftenummer van de verklaring.

Vak 4.

Land waar het product op de markt wordt gebracht

Vermeld het land waar het zeehondenproduct naar verwachting voor de eerste keer op de EU-markt wordt gebracht.

Vak 5.

ISO-code

Vermeld de tweelettercode van het in vak 4 ingevulde land.

Vak 6.

Handelsbenaming van het zeehondenproduct

Vermeld de handelsbenaming van het/de zeehondenproduct(en). De benaming moet overeenstemmen met de vermelding in vak 7.

Vak 7.

Wetenschappelijke naam

Vermeld de wetenschappelijke naam van de zeehondensoort(en) die in het product wordt/worden gebruikt. Indien meer dan één soort wordt gebruikt in een samengesteld product, moet iedere soort op een afzonderlijke regel worden vermeld.

Vak 8.

GS-post

Vermeld de vier- of zescijferige code die is bepaald overeenkomstig het geharmoniseerde systeem inzake de omschrijving en de codering van goederen.

Vak 9.

Land van de jacht

Vermeld het land waar is gejaagd op de in het wild levende zeehonden die voor het product zijn gebruikt.

Vak 10.

ISO-code

Vermeld de tweelettercode van het in vak 9 ingevulde land.

Vak 11.

Nettogewicht

Vermeld het totale gewicht in kg. Dit is de nettomassa van de zeehondenproducten zonder containers of verpakkingen, uitgezonderd dwarsdragers, tussenschotten, stickers enz.

Vak 12.

Aantal eenheden

Vermeld het aantal eenheden, indien van toepassing.

Vak 13.

Merktekens

Vermeld eventuele merktekens, indien van toepassing, zoals het partijnummer of het nummer van de vrachtbrief.

Vak 14.

Unieke identificatiecode

Vermeld eventuele identificatiecodes die omwille van de traceerbaarheid op het product zijn aanbracht.

Vak 15.

Handtekening en stempel van de instantie van afgifte

Het document wordt ondertekend door de gemachtigde functionaris, onder vermelding van plaats en datum, en voorzien van het officiële stempel van de erkende instantie van afgifte.

Vak 16.

Visering door de douane

De douaneautoriteit vermeldt het nummer van de douaneaangifte en plaatst haar handtekening en stempel.


Top