Accept Refuse

EUR-Lex Access to European Union law

Back to EUR-Lex homepage

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Document 32015D0016(01)

Besluit (EU) 2015/811 van de Europese Centrale Bank van 27 maart 2015 inzake de toegang van het publiek tot documenten van de Europese Centrale Bank in bezit van de nationale bevoegde autoriteiten (ECB/2015/16)

OJ L 128, 23.5.2015, p. 27–28 (BG, ES, CS, DA, DE, ET, EL, EN, FR, HR, IT, LV, LT, HU, MT, NL, PL, PT, RO, SK, SL, FI, SV)

ELI: http://data.europa.eu/eli/dec/2015/811/oj

23.5.2015   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 128/27


BESLUIT (EU) 2015/811 VAN DE EUROPESE CENTRALE BANK

van 27 maart 2015

inzake de toegang van het publiek tot documenten van de Europese Centrale Bank in bezit van de nationale bevoegde autoriteiten (ECB/2015/16)

DE RAAD VAN BESTUUR VAN DE EUROPESE CENTRALE BANK,

Gezien de statuten van het Europees Stelsel van centrale banken en van de Europese Centrale Bank, met name artikel 34,

Gezien Verordening (EU) nr. 1024/2013 van de Raad van 15 oktober 2013 waarbij aan de Europese Centrale Bank specifieke taken worden opgedragen betreffende het beleid inzake het prudentieel toezicht op kredietinstellingen (1), met name artikel 6, lid 1, in samenhang met artikel 6, lid 7,

Gezien het voorstel van de Raad van toezicht, in overleg met de nationale bevoegde autoriteiten,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

De regeling voor de toegang van het publiek tot documenten van de Europese Centrale Bank (ECB) is vastgelegd in Besluit ECB/2004/3 (2).

(2)

ECB-documenten kunnen in het bezit zijn van nationale bevoegde autoriteiten vanwege hun plicht de ECB bijstand te verlenen, met de ECB te goeder trouw samen te werken en informatie uit te wisselen overeenkomstig Verordening (EU) nr. 1024/2013. De uitvoering van de aan de ECB opgedragen toezichttaken en de doelmatige werking van het gemeenschappelijke toezichtmechanisme kunnen gehinderd worden, indien de ECB niet geraadpleegd wordt over de reikwijdte van de te verlenen toegang tot ECB-documenten die de nationale bevoegde autoriteiten in hun bezit hebben, dan wel, indien verzoeken om toegang tot die documenten niet worden doorgeleid naar de ECB. Derhalve moeten verzoeken om toegang tot die documenten hetzij doorgeleid worden naar de ECB, hetzij moet de ECB voorafgaande aan enig besluit betreffende openbaarmaking geraadpleegd worden,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

Definities

In dit besluit wordt bedoeld met:

1.   „document” en „ECB-document”: elke inhoud ongeacht de drager ervan (op papier, in elektronische vorm, als geluids-, beeld- of audiovisuele opname), opgesteld door of in bezit van de ECB en betreffende beleidsmaatregelen, werkzaamheden of besluiten uit hoofde van Verordening (EU) nr. 1024/2013;

2.   „nationale bevoegde autoriteit”: (NBA) heeft de betekenis zoals bedoeld in artikel 2, punt 2, van Verordening (EU) nr. 1024/2013. Deze betekenis doet geen afbreuk aan nationaalrechtelijke bepalingen waarbij bepaalde toezichthoudende taken zijn toegewezen aan een nationale centrale bank (NCB) die niet is aangemerkt als een NBA. Aangaande die bepalingen, een verwijzing naar een NBA in dit besluit is tevens een verwijzing naar de NCB met betrekking tot de toezichttaken die haar bij nationaal recht zijn opgedragen.

Artikel 2

Documenten in bezit van de NBA's

Indien een NBA een verzoek ontvangt inzake een ECB-document in haar bezit, raadpleegt de NBA de ECB over de reikwijdte van de te verlenen toegang, zulks voorafgaand aan een besluit betreffende openbaarmaking, tenzij duidelijk is dat het document wel of niet openbaar moet worden gemaakt.

De NBA kan het verzoek ook doorgeleiden aan de ECB.

Artikel 3

Inwerkingtreding

Dit besluit treedt op de dag van notificatie aan de geadresseerden in werking.

Artikel 4

Geadresseerden

Dit besluit is gericht tot de NBA's.

Gedaan te Frankfurt am Main, 27 maart 2015.

De president van de ECB

Mario DRAGHI


(1)  PB L 287 van 29.10.2013, blz. 63.

(2)  Besluit ECB/2004/3 van 4 maart 2004 inzake de toegang van het publiek tot documenten van de Europese Centrale Bank (PB L 80 van 18.3.2004, blz. 42).


Top