Choose the experimental features you want to try

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Document 32009R0386

Verordening (EG) nr. 386/2009 van de Commissie van 12 mei 2009 tot wijziging van Verordening (EG) nr. 1831/2003 van het Europees Parlement en de Raad wat betreft de vaststelling van een nieuwe functionele groep van toevoegingsmiddelen voor diervoeding (Voor de EER relevante tekst)

PB L 118 van 13.5.2009, p. 66–66 (BG, ES, CS, DA, DE, ET, EL, EN, FR, IT, LV, LT, HU, MT, NL, PL, PT, RO, SK, SL, FI, SV)

Dit document is verschenen in een speciale editie. (HR)

Legal status of the document In force

ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2009/386/oj

13.5.2009   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 118/66


VERORDENING (EG) Nr. 386/2009 VAN DE COMMISSIE

van 12 mei 2009

tot wijziging van Verordening (EG) nr. 1831/2003 van het Europees Parlement en de Raad wat betreft de vaststelling van een nieuwe functionele groep van toevoegingsmiddelen voor diervoeding

(Voor de EER relevante tekst)

DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,

Gelet op Verordening (EG) nr. 1831/2003 van het Europees Parlement en de Raad van 22 september 2003 betreffende toevoegingsmiddelen voor diervoeding (1), en met name op artikel 6, lid 3,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Verordening (EG) nr. 1831/2003 voorziet in de indeling van de toevoegingsmiddelen voor diervoeding in categorieën en verder in functionele groepen binnen die categorieën overeenkomstig hun functies en eigenschappen.

(2)

Er zijn nieuwe toevoegingsmiddelen voor diervoeding ontwikkeld die de absorptie van mycotoxinen tegengaan of verminderen, de uitscheiding ervan bevorderen of de werkingswijze ervan wijzigen en daardoor de mogelijke schadelijke effecten van mycotoxinen op de gezondheid van dieren beperken.

(3)

Het gebruik van dergelijke producten mag niet leiden tot een verhoging van de bestaande maximum- of als richtwaarde aanbevolen gehalten, als vastgesteld in de context van Richtlijn 2002/32/EG van het Europees Parlement en de Raad (2), maar moet de kwaliteit van de wettelijk in de handel gebrachte diervoeders verbeteren door het verstrekken van aanvullende garanties voor de bescherming van de dier- en de volksgezondheid.

(4)

Aangezien dergelijke toevoegingsmiddelen voor diervoeding niet kunnen worden ingedeeld in een van de functionele groepen als bedoeld in Verordening (EG) nr. 1831/2003, moet een nieuwe functionele groep worden toegevoegd aan de categorie „technologische toevoegingsmiddelen”.

(5)

Verordening (EG) nr. 1831/2003 moet daarom dienovereenkomstig worden gewijzigd.

(6)

De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Permanent Comité voor de voedselketen en de diergezondheid,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

In punt 1 van bijlage I bij Verordening (EG) nr. 1831/2003 wordt het volgende punt toegevoegd:

„m)

stoffen ter vermindering van de verontreiniging van diervoeders met mycotoxinen: stoffen die de absorptie van mycotoxinen kunnen tegengaan of verminderen, de uitscheiding ervan kunnen bevorderen of de werkingswijze ervan kunnen wijzigen.”.

Artikel 2

Deze verordening treedt in werking op de twintigste dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel, 12 mei 2009.

Voor de Commissie

Androulla VASSILIOU

Lid van de Commissie


(1)   PB L 268 van 18.10.2003, blz. 29.

(2)   PB L 140 van 30.5.2002, blz. 10.


Top