EUR-Lex Access to European Union law

Back to EUR-Lex homepage

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Document 32009R0273

Verordening (EG) nr. 273/2009 van de Commissie van 2 april 2009 houdende vaststelling van bepalingen ter uitvoering van Verordening (EEG) nr. 2913/92 van de Raad tot vaststelling van het communautair douanewetboek, die afwijken van enkele bepalingen van Verordening (EEG) nr. 2454/93 van de Commissie

OJ L 91, 3.4.2009, p. 14–15 (BG, ES, CS, DA, DE, ET, EL, EN, FR, IT, LV, LT, HU, MT, NL, PL, PT, RO, SK, SL, FI, SV)

No longer in force, Date of end of validity: 31/12/2010

ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2009/273/oj

3.4.2009   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 91/14


VERORDENING (EG) NR. 273/2009 VAN DE COMMISSIE

van 2 april 2009

houdende vaststelling van bepalingen ter uitvoering van Verordening (EEG) nr. 2913/92 van de Raad tot vaststelling van het communautair douanewetboek, die afwijken van enkele bepalingen van Verordening (EEG) nr. 2454/93 van de Commissie

DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,

Gelet op Verordening (EEG) nr. 2913/92 van de Raad van 12 oktober 1992 tot vaststelling van het communautair douanewetboek (1), en met name op artikel 247,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Bij Verordening (EG) nr. 1875/2006 van de Commissie (2) werd in Verordening (EEG) nr. 2454/93 van de Commissie van 2 juli 1993 houdende vaststelling van enkele bepalingen ter uitvoering van Verordening (EEG) nr. 2913/92 van de Raad tot vaststelling van het communautair douanewetboek (3) de verplichting ingevoerd dat langs elektronische weg summiere aangiften moeten worden ingediend voor goederen die het douanegebied van de Gemeenschap binnenkomen of verlaten, zodat de douane aan de hand daarvan een geautomatiseerde risicoanalyse kan uitvoeren voordat de goederen het douanegebied van de Gemeenschap daadwerkelijk binnenkomen of verlaten. Overeenkomstig artikel 3, lid 3, van Verordening (EG) nr. 1875/2006 moeten deze gegevens vanaf 1 juli 2009 worden verstrekt.

(2)

De complexiteit van de processen voor de elektronische indiening van summiere aangiften bij binnenkomst en bij uitgang heeft tot onvoorziene vertragingen geleid bij de tenuitvoerlegging, waardoor niet alle bedrijven vanaf 1 juli 2009 met behulp van informatietechnologie en computernetwerken aan deze verplichting kunnen voldoen. Ofschoon informatietechnologie en computernetwerken de internationale handel faciliteren, vereisen zij ook investeringen in systemen voor automatische gegevensverzending, hetgeen voor de bedrijven op de korte termijn een probleem kan vormen. Daarmee moet rekening worden gehouden door in een overgangsperiode te voorzien, tijdens welke summiere aangiften bij binnenkomst en bij uitgang elektronisch kunnen, maar niet moeten, worden ingediend, zodat de bedrijven de tijd krijgen hun systemen aan de nieuwe wettelijke verplichtingen aan te passen.

(3)

De invoering van een overgangsperiode voor de elektronische indiening van summiere aangiften bij uitgang rechtvaardigt de handhaving van de faciliteit, gedurende dezelfde periode, die krachtens artikel 285 bis, lid 2, van Verordening (EEG) nr. 2454/93 kan worden toegekend aan toegelaten exporteurs die de domiciliëringsprocedure toepassen, mits het douanekantoor van uitgang in dezelfde lidstaat als het douanekantoor van uitvoer is gelegen en de voor de uitgang van de goederen benodigde gegevens ontvangt.

(4)

Wanneer summiere aangiften bij binnenkomst of bij uitgang niet elektronisch worden ingediend of wanneer krachtens artikel 285 bis, lid 2, van Verordening (EEG) nr. 2454/93 van de domiciliëringsprocedure gebruik wordt gemaakt, kan de douane geen risicoanalyse voor veiligheidsdoeleinden uitvoeren aan de hand van de gegevens die overeenkomstig bijlage 30 bis van Verordening (EEG) nr. 2454/93 met de summiere aangiften bij binnenkomst of bij uitgang moeten worden verstrekt. In die gevallen maakt de douane voor haar risicoanalyse gebruik van de gegevens waarover zij, uiterlijk bij het aanbrengen van de goederen die het douanegebied van de Gemeenschap binnenkomen of verlaten, beschikt.

(5)

Uitgaande van de beschikbare informatie lijkt een overgangsperiode van 18 maanden toereikend om de bedrijven in staat te stellen aan alle verplichtingen van Verordening (EEG) nr. 2454/93 te voldoen. De afwijkende bepalingen waarin deze verordening voorziet, moeten derhalve op 31 december 2010 vervallen. Dienovereenkomstig moet na 31 december 2010 voor goederen die het douanegebied van de Gemeenschap binnenkomen of verlaten, binnen de vastgestelde termijn langs elektronische weg een summiere aangifte bij binnenkomst of bij uitgang worden ingediend die de overeenkomstig bijlage 30 bis van Verordening (EEG) nr. 2454/93 te verstrekken gegevens bevat, en mag na die datum de faciliteit krachtens artikel 285 bis, lid 2, van Verordening (EEG) nr. 2454/93, niet langer van toepassing zijn.

(6)

De bepalingen van deze verordening zijn in overeenstemming met het advies van het Comité douanewetboek,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

Van 1 juli 2009 tot en met 31 december 2010 is de indiening van de in artikel 1, punt 17, en artikel 183 van Verordening (EEG) nr. 2454/93 bedoelde summiere aangifte bij binnenkomst niet verplicht.

Die summiere aangifte bij binnenkomst kan vrijwillig worden ingediend.

Wanneer overeenkomstig de eerste alinea geen summiere aangifte bij binnenkomst is ingediend, verricht de douane de in artikel 184 quinquies van Verordening (EEG) nr. 2454/93 bedoelde risicoanalyse ten laatste wanneer de goederen worden aangebracht bij hun aankomst in het douanegebied van de Gemeenschap, in voorkomend geval op basis van de aangifte voor tijdelijke opslag, de douaneaangifte die op de goederen betrekking heeft, of enige andere informatie die over de goederen beschikbaar is.

Wanneer overeenkomstig de eerste alinea geen summiere aangifte bij binnenkomst is ingediend, zijn de bepalingen betreffende het binnenbrengen van goederen in het douanegebied van de Gemeenschap, die zijn opgenomen in titel III van Verordening (EEG) nr. 2913/92 en in deel I, titel VI, van Verordening (EEG) nr. 2454/93, zoals deze gelden op 30 juni 2009, van toepassing.

Artikel 2

Van 1 juli 2009 tot en met 31 december 2010 is de indiening van de in artikel 592 septies, lid 1, en de artikelen 842 bis en 842 ter van Verordening (EEG) nr. 2454/93 bedoelde summiere aangifte bij uitgang niet verplicht.

Die summiere aangifte bij uitgang kan vrijwillig worden ingediend.

Wanneer overeenkomstig de eerste alinea geen summiere aangifte bij uitgang is ingediend, verricht de douane de in artikel 842 quinquies, lid 2, van Verordening (EEG) nr. 2454/93 bedoelde risicoanalyse ten laatste wanneer de goederen worden aangebracht bij het douanekantoor van uitgang, in voorkomend geval op basis van de informatie die over de goederen beschikbaar is.

Wanneer overeenkomstig de eerste alinea geen summiere aangifte bij uitgang is ingediend, wordt de wederuitvoer ter kennis gebracht van de douane overeenkomstig artikel 182, lid 3, van Verordening (EEG) nr. 2913/92, zoals van toepassing op 30 juni 2009.

Artikel 3

Artikel 285 bis, lid 2, van Verordening (EEG) nr. 2454/93 mag worden toegepast tot en met 31 december 2010 ten aanzien van toegelaten exporteurs die van deze faciliteit gebruikmaken op de datum van inwerkingtreding van deze verordening, mits het douanekantoor van uitgang in dezelfde lidstaat als het douanekantoor van uitvoer is gelegen en de voor de uitgang van de goederen benodigde gegevens ontvangt.

Artikel 4

Deze verordening treedt in werking op de zevende dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Zij is van toepassing van 1 juli 2009 tot en met 31 december 2010.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel, 2 april 2009.

Voor de Commissie

László KOVÁCS

Lid van de Commissie


(1)  PB L 302 van 19.10.1992, blz. 1.

(2)  PB L 360 van 19.12.2006, blz. 64.

(3)  PB L 253 van 11.10.1993, blz. 1.


Top